Kadernota 2025
Tekst van het document
Kadernota 2025
Inhoudsopgave
Inleiding .........................................................................................................................................................................3 Kaders en uitgangspunten voor begroting 2025 ...........................................................................................................5 Venster 1. Bestuur en dienstverlening ..........................................................................................................................6 Venster 2. Gemeenschappen .......................................................................................................................................8 Venster 3. Omgeving en economische ontwikkeling ..................................................................................................13
2
Inleiding Evenwicht tussen ambities en geld Tijdens het opstellen van deze Kadernota voor 2025 kwamen vier partijen in Den Haag tot een nieuw hoofdlijnenakkoord. De uitkomst is bekend, maar de gevolgen voor gemeenten nog niet. Dat maakt het lastig om nu een duidelijk beeld te schetsen van de financiële situatie van de gemeente voor 2025 en daarna. Wel heeft het demissionaire kabinet in april de Voorjaarsnota gepresenteerd, waarin de financiële positie van gemeenten wordt besproken. Hoewel de financiële vooruitzichten voor 2026 minder zorgwekkend lijken dan eerder werd gedacht, blijft er reden tot bezorgdheid voor de komende jaren. Dit komt doordat de uitdagingen waar gemeenten voor staan blijven groeien, terwijl de financiële ontwikkelingen niet gelijk opgaan met de maatschappelijke ontwikkelingen. We hopen meer duidelijkheid te hebben over het financiële perspectief bij het opstellen van de begroting voor 2025. In juni delen wij via een RIB de gevolgen van de meicirculaire met de gemeenteraad. De meicirculaire wordt verwerkt in de 1e bestuursrapportage 2024. Deze vormen samen met deze kadernota het uitgangspunt voor de begroting 2025. Opgaven stevig verankerd in het coalitieakkoord In het coalitieakkoord voor de periode 2022-2026 is opgenomen dat we jaarlijks een gezonde begroting opstellen door een behoudende koers te volgen.
Dit betekent dat we realistische financiële plannen maken met een duurzaam en volhoudbaar meerjarenperspectief. We blijven vasthouden aan dit financiële uitgangspunt en richten ons niet alleen op het begrotingsjaar 2025, maar ook op het meerjarenperspectief. Het college kiest voor een duurzame ontwikkeling van de gemeentelijke financiën om te voorkomen dat korte termijn problemen de lange termijn belemmeren. We blijven ook vasthouden aan de ambities zoals beschreven in het coalitieakkoord, maar erkennen dat we sommige ambities moeten uitstellen of meer prioriteit moeten geven. Dit vereist zorgvuldige afwegingen waarbij we zowel de inhoudelijke als financiële aspecten toetsen. In 2022 bracht de commissie Remkes een rapport uit over de aanpak van stikstof in Nederland, met als treffende titel: Niet alles kan en niet alles kan tegelijkertijd. Deze titel lijkt een voorspellende waarde te hebben en is niet alleen van toepassing op het Rijk, maar ook op gemeenten. De uitdagingen waar gemeenten voor staan zijn groot en divers, waaronder het sociale domein, maar bijvoorbeeld ook de woningmarkt en duurzaamheid. Dit alles vraagt om een beleid waarbij ambities en financiële middelen met elkaar in overeenstemming zijn. Maatschappelijke vitaliteit maximaal benutten Wat betreft het sociale domein is een verschuiving in denken nodig. Het huidige stelsel staat onder druk.
Daarom kiezen we in Loon op Zand voor een aanpak waarbij we sterke gemeenschappen stimuleren en tegelijkertijd de toegang tot dure maatschappelijke voorzieningen geleidelijk verminderen. We willen dit realiseren door het zogenoemde voorliggend veld in het sociaal domein te verbeteren en te versterken. Dit vereist investeringen om uiteindelijk structurele uitgaven te verminderen. Het is een majeure opgave waar alle gemeenten voor staan. Het college zal in 2024 en 2025 concrete voorstellen aan de gemeenteraad doen op basis van ervaringen uit pilots en in samenspraak met maatschappelijke partijen. In deze Kadernota werken we bovengenoemde punten verder uit en focussen we op stabiliteit en continuïteit voor de komende jaren. We blijven ook werken aan onze eigen ambities. Zo versterken we natuur en toerisme met een actievere bijdrage aan landschapspark Pauwels en investeren we met de uitvoering van het nieuwe beleidsplan voor de openbare ruimte (IBOR) in de kwaliteit en duurzaamheid van onze openbare ruimte. Zoals het coalitieakkoord benadrukt: Loon op Zand is een sterke, zelfstandige gemeente waarbij de inwoner centraal staat. Leeswijzer Op het moment van het schrijven van deze Kadernota zijn nog niet alle benodigde gegevens beschikbaar om een volledig actueel meerjarenperspectief te presenteren. Deze Kadernota bevat daarom geen financieel perspectief.
In deze periode van het jaar ontvangt u verschillende documenten over de gemeentefinanciën: - De jaarrekening 2023 geeft inzicht in het financieel resultaat over 2023. De jaarrekening leert ons op een aantal activiteiten dat wij onze budgetten structureel moeten bijstellen. Deze bijstellingen verwerken wij in de eerste bestuursrapportage over 2024 (Berap 2024). Het resultaat over 2023 heeft een incidenteel karakter. Bij de jaarrekening zit een voorstel voor de inzet van dat resultaat (resultaatbestemming). - De Berap 2024 geeft inzicht in de ontwikkelingen in 2024, afgezet tegen de afspraken die we in de begroting hebben gemaakt. We verwerken hierin de inzichten vanuit de jaarrekening. We verwerken besluiten die genomen zijn door de gemeenteraad en het college die leiden tot bijstellingen in de budgetten. Tot slot verwerken we een zo actueel mogelijk inzicht rondom bijvoorbeeld de prognose van budgetten. Denk
3
-
-
bijvoorbeeld aan gewijzigde tarieven in het sociaal domein. De Berap 2024 is het vertrekpunt voor het opstellen van de programmabegroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028. De Kadernota 2025 geeft aan welke activiteiten en prioriteiten in 2025 aandacht moeten krijgen om te kunnen voldoen aan onze wettelijke verplichtingen en de realisatie van het coalitieakkoord. Met dit document bepaalt de raad de kaders en spelregels waarbinnen het college een voorstel voor de programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 zal opstellen. De RIB meicirculaire en meerjarenperspectief ontvangt u medio juni. Een belangrijk ingrediënt voor het opstellen van het meerjarenperspectief is de meicirculaire. Deze wordt rond 31 mei gepubliceerd door het Rijk. Op basis hiervan kunnen we berekenen hoe de algemene uitkering uit het gemeentefonds zich gaat ontwikkelen en van welke concrete indexeringspercentages we uitgaan. In de RIB meicirculaire en meerjarenperspectief geven we u een zo actueel mogelijk beeld van de financiële basis waarop we de programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 gaan voorbereiden. Bij de behandeling van de kadernota 2025 in de gemeenteraad is deze RIB voor de raad beschikbaar.
De kadernota is opgebouwd aan de hand van de vensters zoals deze in de begroting 2024 zijn bepaald. Deze volgen de structuur van de Toekomstagenda. Gestart wordt met de bevestiging van de financiële kaders en uitgangspunten die van toepassing zijn voor de berekeningen in de programmabegroting. Vervolgens leest u de vensters waarin de belangrijke onderwerpen voor 2025 worden toegelicht.
4
Kaders en uitgangspunten voor begroting 2025 Jaarlijks stelt de raad in de kadernota de financiële kaders en spelregels vast. Ze zijn het kader waarbinnen we het streven naar financiële rust en stabiliteit verder vormgeven. Bij het opstellen van de programmabegroting 2025 hanteren wij de volgende uitgangspunten: 1. De berekening Algemene Uitkering maken we op basis van de meicirculaire 2024 en tegen lopende prijzen; 2. Voor de meerjarenraming gaan we uit van een indexering op baten en lasten. Ten opzichte van de begroting 2024 (op basis van berap 2024-1) passen we een indexering toe, die gelijk is aan de ontwikkeling CPI1 meicirculaire 2024, met de volgende opmerkingen: a. We volgen de contracten waarbinnen we specifieke afspraken maakten over indexering; b. Conform het coalitieakkoord indexeren we de OZB2-opbrengst met maximaal de CPI uit de meicirculaire 2024; c. Met het raadsbesluit van 9 oktober 2023 is het tarief voor de toeristenbelasting in 2025 al vastgesteld. Voor de tarieven van 2026 indexeren we de toeristenbelasting met de CPI en worden de vakantiewoningen en hotels samengevoegd tot één categorie waarvoor het tarief van de hotels gaat gelden; d. We handhaven de berekeningsmethodiek vermakelijkhedenretributie. Dit betekent dat we de ingeschatte kosten voor 2025 omslaan naar de betalende bezoekers in 2023 (jaar t-2); e.
De reclamebelasting volgt de opgave van de Stichting Ondernemers Loon op Zand (SOL); f. De hondenbelasting volgt de lijn van de OZB; g. Voor bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen sluiten we aan bij de afspraken die we hierover met de regiogemeenten maakten; h. We hanteren voor opbrengsten afvalstoffenheffing, rioolheffing en leges een kostendekkend tarief; 3. Voor loon- en salarisontwikkelingen sluiten we aan bij de meest actuele inzichten per 1 juni 2024. We berekenen de totale loonsom op basis van het maximum van de functieschaal. We indexeren de loonkosten conform de Cao-afspraken voor de jaren waarvoor die afspraken gelden. Voor de overige jaren passen we de algemene indexeringsgrondslag toe (loonvoet overheid); 4. Het integraal rentepercentage stellen we voorlopig vast op 1,5% en voor grondexploitaties op 2,0%; 5. Het bedrag voor onvoorziene uitgaven begroting 2025 en volgende jaren is € 25.000 per jaar; 6. Op investeringen groter dan € 25.000 schrijven we lineair af, tenzij door de raad hierover anders is besloten. Met het oog op de meest actuele prijsontwikkelingen is er met name zorg voor de doorwerking van uitgangspunt 2.a. Zolang de onzekerheid over de inflatieontwikkeling aanhoudt, blijft dit een punt van zorg. Komende periode stijgende de kosten voor Baanbrekers, afvalverwerking en schoonmaak.
Het college behoudt de begrotingsbehandeling ruimte om gemotiveerd af te wijken van genoemde uitgangspunten als de doorrekeningen, in aanloop naar de, hier aanleiding toe geven.
1 CPI = Consumenten Prijs Index. 2 OZB = Onroerendezaakbelasting
5
Venster 1. Bestuur en dienstverlening Onze visie op bestuur en organisatie Loon op Zand is een sterke, zelfstandige gemeente, waarin de inwoner centraal staat. Hierbij past een krachtige organisatie die vooruitkijkt. We blijven investeren in onze organisatie als noodzakelijke randvoorwaarde om de ambities in een veranderende samenleving mogelijk te maken. Onze dienstverlening sluit aan bij de behoeften van onze inwoners. Als bestuur handelen we zoals in het dagelijks leven: op basis van gelijkwaardigheid, behulpzaam en met respect voor ieders rol en taak. Het organiseren van een open dialoog met de raad en de samenleving draagt bij aan een krachtig bestuur. Dit kan soms schuren, maar zonder wrijving geen glans.
Onze ambitie hierbij De organisatie werkt in een nieuwe domeinstructuur waarin we integraliteit stimuleren en zorgen voor een goede aansluiting bij de vereiste wendbaarheid en veranderende wereld. Waar we 2024 nog gebruiken om de organisatie te bouwen en te stabiliseren sluiten we in 2025 nog beter aan op onze omgeving. We blijven hierin kritisch en zullen doen wat nodig is voor onze inwoners, bedrijven en betrokkenen. Vernieuwde energie In 2025 zetten we in op het realiseren van de beoogde resultaten van de nieuwe organisatiestructuur en plukken we de vruchten van de veranderingen. We werken aan uniformiteit in onze dienstverlening naar inwoners en ondernemers. Het takenpakket van de gemeente zal ook in 2025 in ontwikkeling blijven. We hechten veel waarde aan goede dienstverlening naar onze inwoners en ondernemers. We blijven er zorg voor dragen dat onze organisatie voldoende is toegerust om het werk te kunnen voortzetten. Dit doen we in 2025 door investeringen in ICT en het verder ontwikkelen en op orde brengen van de bedrijfsvoering. Veilige samenleving Een sterke gemeente vraagt ook om een veilige samenleving. We zijn actief in het bestrijden van ondermijnende criminaliteit. Daarnaast zetten we in op preventie om onze jeugd weerbaar te maken tegen ondermijnende criminaliteit.
Naast extra inzet van jongerenwerk investeren we in de aanpak zevenstappenmodel om vroegtijdig jeugd uit de verleiding te houden van het snelle geld en criminele pad. We kijken met de jongeren naar wat zij nodig hebben en passen daar onze interventies op aan. Binnen het veiligheidsdomein investeren we op de gestelde prioriteiten door interventies en campagnes te voeren die passen bij de tijd. Digitale veiligheid is bijvoorbeeld een gebied waar snelle veranderingen in plaatsvinden. We ontwikkelen het veiligheidsbeleid door en richten ons komend jaar ook op opgaven op het gebied van polarisatie en radicalisering. Regionale samenwerking We realiseren ons dat in diverse vraagstukken de schaal van de regio beter passend is. In regionale samenwerking pakken we steeds vaker ook nieuwe vraagstukken op. Regionale samenwerking vraagt steeds meer inspanning en waar mogelijk vangen we dit op binnen bestaande capaciteit. Informatiemanagement, -veiligheid, -beheer De wereld om ons heen verandert. Technologische ontwikkelingen gaan snel en zowel applicaties als hele organisaties werken steeds vaker in de cloud. De keuzes die we maken met onze organisatie en de technologische ontwikkelingen om ons heen krijgen plaats in het Informatiebeleidsplan (IBP).
Met het IBP richten we ons op de (voor ons) best passende ICT-oplossingen die de ontwikkeling van de organisatie ondersteunen, waarbij we aansluiten in het samenwerkingsverband Equalit. Voor de continuïteit in de dienstverlening en bedrijfsvoering is een solide niveau van informatieveiligheid nodig. Inwoners moeten er vanuit kunnen gaan dat hun persoonsgegevens veilig zijn bij de gemeente. We streven naar een situatie waarin alle beheersmaatregelen op het vlak van informatieveiligheid a) gedocumenteerd zijn, b) op gestructureerde wijze worden uitgevoerd en c) dat de uitvoering van de maatregelen aantoonbaar is en wordt getoetst. Dit doen we nu en in de toekomst, waarbij we blijvend aandacht houden voor de Woo, WMEBV en WEP3.
3
Respectievelijk de Wet Open Overheid (WOO), Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (WMEBV) en de Wet elektronische publicaties (WEP)
6
Wat willen we gaan doen Vanuit de zorg voor een gedegen, veilige en professionele organisatie vragen we geld voor Informatiemanagement, -veiligheid en -beheer Op het gebied van automatisering gaat veel wijzigen, zowel op informatiebeheer als in ICT-architectuur. We willen onze inwoners helpen en ondersteunen bij de vragen die wij hebben, onze medewerkers een veilige, gebruiksvriendelijke ICT omgeving bieden, daarom investeren we komende jaren meer in informatiemanagement, -beveiliging en -beheer. De veranderingen zijn groot en de effecten op de bezetting van informatiebeheerders is nog niet te overzien. We weten dat komende jaren de werkzaamheden toenemen en willen in 2025 en 2026 met trainees gaan werken.
Financiële consequenties Categorieën en maatregelen Gedegen, veilige en professionele organisatie Formatie trainees (project 2 jaar)
2025
2026
2027
2028
98
130
0
0
7
Venster 2. Gemeenschappen Ontwikkeling die op ons afkomen Gemeenten dragen sinds de invoering van de decentralisaties in 2015 een nog grotere verantwoordelijkheid voor de ondersteuning van inwoners die het (tijdelijk of voor langere tijd) niet meer alleen af kunnen. De transitie, ofwel de overgang van de taken naar gemeenten is afgerond, de transformatie (de verbetering) vraagt nog veel aandacht. Belangrijke argumenten om gemeenten verantwoordelijk te maken voor de nieuwe taken in het sociaal domein waren de mogelijkheid tot leveren van maatwerk, de nabijheid van de zorg en een gezinsgerichte aanpak. Tevens was de gedachte dat inwoners in de participatiemaatschappij meer gebruik zouden maken van ondersteuning uit het eigen netwerk. De gemeenten zorgen, als er toch professionele hulp nodig is, voor onderlinge afstemming tussen de professionele zorgverleners, zodat de kosten lager en de effectiviteit van de ondersteuning groter worden. Anders dan verwacht doen steeds meer jongeren een beroep op (professionele) jeugdhulp. De vrijheid van gemeenten om eigen beleid te voeren, staat niet alleen voortdurend ter discussie, maar is ook ingeperkt door gerechtelijke uitspraken en nieuwe regelgeving. Het recht van huisartsen om jongeren rechtstreeks door te verwijzen naar een hulpverleningstraject, drijft de kosten verder op. Het beroep op individuele ondersteuning neemt toe.
Ouderen blijven langer thuis wonen en doen daardoor een groter beroep op voorzieningen. Ten slotte heeft de invoering van het abonnementstarief binnen de Wmo geleid tot een nog grotere ondersteuningsvraag. Voor de oplossing van deze problemen is de inzet van veel partijen nodig. Een individuele gemeente heeft te weinig grip op deze ontwikkelingen en wordt meer en meer in de rol van zorgverstrekker gedwongen in plaats van in de rol van verbinder en facilitator. Om het tij te kunnen keren en de transformatie een gezicht te geven, zullen gemeenten meer regie moeten (kunnen) voeren op het totale proces van zorg en ondersteuning. De oplossing ligt niet primair in nieuwe regelgeving, maar in de samenwerking tussen alle partijen in de keten: gemeente, onderwijs, huisartsen, zorgverzekeraars, zorgaanbieders, werkgevers, verenigingen, partijen uit het voorliggend veld, en inwoners. Uiteindelijk moeten we ‘horizontaal’ en regionaal afspraken maken die de nieuwe basis leggen voor een beter stelsel. In dat stelsel krijgen onze inwoners de ondersteuning die ze nodig hebben, is veel aandacht voor preventie en vroege signalering en zijn de financiën beter -beheersbaar. Daarnaast kijken we naar normaliseren.
Hobbels in het leven van kinderen, jongeren en ouders zijn soms te veel geproblematiseerd, gemedicaliseerd en geïndividualiseerd, zonder aandacht voor de gezinssituatie en de maatschappelijke context. De ontwikkelingen zoals de hervormingsagenda Jeugd, het toekomstscenario Kind en Gezinsbescherming, IZA/GALA4 en Omgevingswet, helpen ons om vorm te geven aan deze samenwerking en ontwikkeling en om de doelen te bereiken. Het coalitieakkoord en de visie op het Sociaal Domein: “In de buurt/ aan de buurt” sluiten aan op deze landelijke doelen. Hierop gebaseerd is een toekomstbeeld ontwikkeld op de Sterke Gemeenschap in samenhang met de Toegang tot zorg en ondersteuning. Versterken van de samenleving (Sterke Gemeenschap) Een sterke samenleving is als geheel veerkrachtig. De focus ligt op gezondheid en leefbaarheid. Niet vanuit een ziektebeeld, maar vanuit een positieve insteek op hetgeen wel goed gaat. In een sterke samenleving kunnen inwoners de uitdagingen die het leven biedt zelf opvangen. Er zijn collectieveen preventieve voorzieningen, laagdrempelig, vrij toegankelijk en passend bij de behoeften van de inwoners. Binnen een sterke samenleving bestaan netwerken waarin inwoners, verenigingen en organisaties initiatieven nemen en uitvoeren, keuzes maken en meedoen.
Inwoners vinden een vraagbaak of steuntje in de rug wanneer ze dat nodig hebben, zo mogelijk binnen hun eigen buurt en/of eigen netwerk. Inwoners voelen zich onderdeel van een samenleving die er voor hen is en naar hen omziet. Inwoners binnen deze sterke samenleving hebben regie over hun eigen leven. Ze ervaren een hoge kwaliteit van leven. En ze doen mee in een samenleving waarin zo min mogelijk geproblematiseerd wordt. Toegang tot zorg en ondersteuning Binnen de sterke samenleving hebben inwoners die extra steun nodig hebben toegang tot zorg en ondersteuning. Het aantal inwoners dat hiervan gebruik maakt is beperkt. De meeste uitdagingen worden immers binnen de sterke samenleving of binnen de eigen netwerken opgevangen. Heeft iemand dat extra steuntje in de rug toch nodig, dan: reist niet de inwoner maar zijn/haar vraag naar de juiste plek; sluiten we aan op de vraag van de inwoner; 4 IZA = Integraal Zorgakkoord en GALA = Gezond en Actief Leven Akkoord
8
zorgen we snel en dichtbij huis voor ondersteuning die gericht is op het versterken van de eigen kracht (individueel, gezin, omgeving) en regie; plakken we geen pleisters, maar zorgen ervoor dat mensen snel weer zelf met hun uitdagingen om kunnen gaan; leveren we maatwerk. Dat wil niet zeggen dat er altijd zorg geboden wordt, het eigen netwerk kan bijvoorbeeld ook gefaciliteerd worden; nemen we het niet over van de inwoner of zijn/haar omgeving, we laten de regie daar.
De toegang staat via de lokale teams als een schil om de sterke samenleving heen. Wanneer de veiligheid in het geding is beschermen we onze inwoners en nemen we de regie wel (tijdelijk) over. Aanpak Vanuit de blik op positieve gezondheid die door onze aanpak heenloopt, werken we aan het ontwikkelen en uitdragen van het toekomstbeeld sterke gemeenschappen en toegang. Hiervoor organiseren we meerdere bijeenkomsten en communicatiemomenten, om onze partners en inwoners mee te nemen in dit beeld, maar ook om de verantwoordelijkheden voor de realisatie ervan samen met de hele keten te kunnen dragen. We geven hiermee vorm aan het bouwen aan een community die gezamenlijk de beweging in gang zet richting een sterkere gemeenschap, Op basis van het gedragen toekomstbeeld Sterke Gemeenschap en Toegang wordt een langjarig implementatieplan ontwikkeld dat de basis vormt voor de opgaven in de komende jaren. Ook het maken van een visie voor wijkgericht werken, voor normaliseren en voor lokale teams, incl. het herinrichten van het subsidieproces, vindt dit jaar plaats. Het implementatieplan geeft inzicht in de benodigde investeringen voor de hervorming, met als doel om samen het tij te keren.
Hierbij passend volgen adviezen over mogelijke beheersmaatregelen en ideeën die het weglekken van geld kunnen verminderen of voorkomen en die bijdragen aan het beperken van instroom in dure vormen van zorg. In 2025 gaan we verder met de beweging en implementatie en zetten we in op de doorontwikkeling en borging. Dit is niet alleen om financiële redenen noodzakelijk, ook de beschikbaarheid en kwaliteit van de gevraagde zorg en ondersteuning staan onder druk. Er zijn pilotmiddelen beschikbaar voor pilots die de samenleving versterken. Deze pilotmiddelen zijn beschikbaar voor de jaren 2024 / 2026. Voor de jaren 2025 en later is het nodig om deze beweging naar een sterke samenleving en hervorming van de toegang verder in gang te zetten en te onderhouden.
Vooruitblik op de toegang Vanuit een visieleertraject Toegang komen we in 2024 tot een overeenkomst met daarin de uitgangspunten en leidende principes voor de hervorming van de wijkteams naar lokale teams. Deze overeenkomst vormt de basis voor de strategie tot hervorming. In 2024/ 2025 wordt deze strategie verder uitwerkt en zal zo mogelijk een eerste start gemaakt worden met de hervorming. De hervormingen zullen aansluiten op het richtinggevend kader (het wat) dat is uitgegeven door de VNG, op basis van de hervormingsagenda Jeugd. De basiskenmerken en -competenties van lokale teams zijn; laagdrempelig in de buurt aanwezig, brede blik en analyse, direct kunnen handelen, spil in netwerk van verschillende expertises, handelend met mandaat tussen gemeentelijke afdelingen, oog voor chroniciteit aan behoeften en daarnaar handelen, werken aan soepele overgangen in iemands levensloop en goede contacten met de sociale en pedagogische basis. Wij voorzien het herijken van de opdracht aan uitvoerders om andere functionaliteiten te borgen, financiering te herijken of verschuiving van middelen (van specialistische zorg naar het wijkteam). Daarnaast vraagt het ook om een herwaardering van met name het opbouwwerk. Opbouwwerkers kunnen helpen in de omslag naar meer collectieve en voorliggende ondersteuning waardoor de druk op lokale teams en geïndiceerde zorg vermindert.
Deze herijking vraagt in 2025 en verder een forse financiële investering van de gemeente welke rendeert door het afnemen van individuele beschikkingen. Daar staat tegenover dat (de reikwijdte van) de Jeugdwet wordt gewijzigd, waardoor er minder uitgaven zullen zijn aan individuele voorzieningen die nu nog onder de Jeugdwet vallen, maar straks niet meer. Om met een brede blik samenhangende, passende hulp te bieden is een veelheid aan relaties nodig. Die gelden voor de gemeentelijke domeinen als Wmo, Jeugdwet, Werk en Inkomen en schuldhulpverlening, maar ook welzijnswerk, onderwijs, leerplicht, kinderopvang en het medisch domein van huisartsen, jeugdartsen, jeugdgezondheidszorg, wijkverpleging, ggz en andere zorgpartijen, en partijen met veiligheidsexpertise. Een voorbeeld van een nieuwe samenwerking is de samenwerking met SIEM die is gestart per 1-1-2024. Dit vraagt veel (regionale en lokale) afspraken over randvoorwaarden, verantwoordelijkheden en uitvoering passend bij de lokale visie. Vanaf 2025 voorzien we een samenwerking met meer partijen vanuit zowel het voorliggende veld als de partijen die geïndiceerde zorg leveren. Voor het kunnen afschalen naar het voorliggend veld zal 9
uitvoerig samenwerking gezocht worden met zowel professionele partners als met verenigingen en initiatieven binnen de sterke samenleving. Daarnaast wordt ook de samenwerking met jeugdzorgaanbieder Crossroads aangegaan voor het opschalen van jeugd gerelateerde zaken.
Wat willen we gaan doen Vanuit de twee veranderopgaven komen de volgende acties. Versterken samenwerking medisch en sociaal domein Door de POH GGZ Jeugd buiten het bieden van hulp op de huisartsenpraktijk ook aan te laten sluiten bij de wijkteams wordt de samenwerking tussen het medisch en sociaal domein versterkt. Er kan samen gekeken worden naar een passende vrij toegankelijke voorziening voor de jeugdige. Dit vraagt om het goede gesprek en investering in de relatie tussen POH- gemeente en wijkteams. Daarbij is het goed om een jeugdconsulent bij een huisartsenpraktijk en bij de Zorg Advies Teams (ZAT) op scholen te laten aansluiten om lichte ondersteuning te bieden en te verwijzen naar voorliggende voorzieningen. Op die manier krijgt de jeugdige snel passende en laagdrempelige hulp. We koppelen dit aan Welzijn op recept en financieren dit vanuit de landelijke GALAmiddelen. Beheersmaatregelen vanuit de opgaven Al jaren zien we een stijging van de kosten in het sociaal domein. Investeringen en ingrepen die we doen, leiden tot besparingen die vaak niet financieel zichtbaar zijn, maar wel degelijk zorgen voor een afvlakking van de almaar stijgende lijn. Het staat vast dat kosten alleen maar verder blijven stijgen de komende jaren en daarnaast staat de zorg onder druk.
Daarom investeren we als gemeente samen met onze partners en inwoners in sterkte gemeenschappen en een goede toegang. In Q4 2024 komt een integraal implementatieplan waar beheersmaatregelen, waarvoor we de middelen bij de begroting vragen, onderdeel van uitmaken. Want financiële investeringen zijn noodzakelijk om rendement te kunnen behalen.
Vanuit een Wettelijke verplichting is er een onderwerp waarvoor geld gereserveerd moet worden. Huisvesting Onderwijs en Kindvoorzieningen In 2024 wordt het Integraal Huisvestingsplan - Kindvoorzieningen Loon op Zand opgesteld. De kaders zijn geschetst in samenwerking met de besturen van onderwijs- en kinderopvangorganisaties in de startnotitie. Een opname van de bouwkundige staat en (toekomstige) ruimtebehoefte van de schoolgebouwen wordt in 2024 door een externe partij uitgevoerd. De huidige cijfers van Pronexus laten zien dat er vanaf schooljaar 2025/26 een tekort zal zijn aan klaslokalen, op meerdere basisscholen in de kern Kaatsheuvel. En meer huizen voor jonge gezinnen, staan op de planning om gebouwd te worden. Tot de Vaert is herbouwd (met extra lokalen) en misschien ook daarna, zijn er (tijdelijk) extra klaslokalen nodig, bv. in de vorm van units, of – in samenspraak met Casade- in de vorm van schoolwoningen (klaslokalen die omgebouwd kunnen worden tot appartementen of woningen, wanneer zij niet meer nodig zijn).
Op basis van het Coalitieakkoord is er een onderwerp dat komend jaar moeten worden opgepakt en uitgevoerd, nadat in 2024 de voorbereidingen zijn getroffen. Nieuwe huisvesting De Vaert en het Van Haestrecht In het najaar van 2023 is besloten om de beide haalbaarheidsonderzoeken samen te voegen voor een haalbaarheidsonderzoek van een gezamenlijke locatie en sportvoorzieningen voor de Vaert, het Van Haestrecht en kinderopvang 0 - 12 jaar. Dit onderzoek wordt in 2024 afgerond, zodat de toekomstplannen kunnen worden uitgewerkt richting de begroting 2025.
De afgelopen jaren is er beleid ontwikkeld en in gang gezet, in sommige gevallen aan de hand van een pilot. Om deze pilots of reeds bestaande beleid voort te zetten zijn structurele middelen nodig. Maatjesproject In 2024 startten we met een maatjespagina op Loonopzandvoorelkaar: aanbod en vraag maatjes(organisaties) staan daar overzichtelijk bij elkaar. Het team haalt actief informatie op en matcht vraag en aanbod. In 2025 investeren we in samenwerking en het samen optrekken van de aanbieders en andere partijen in de gemeenschap. ‘Maatjes’ is een verzamelbegrip voor vrijwilligers die een-op-een iemand op bepaalde punten in
10
het leven even helpt als coach, mentor of maatje. Zo worden het zelfvertrouwen, de sociale competenties en/of de prestaties op school verbeterd, aansluiten bij collectieve activiteiten gestimuleerd en de verbondenheid in de samenleving versterkt. We financieren dit vanuit de landelijke GALA-middelen. Dementievriendelijke gemeenschap De verwachting is dat er in de gemeente Loon op Zand in 2025 ruim 510 inwoners met dementie leven waarvan 342 mensen thuis wonen (bron: Alzheimer Nederland). Dat is een toename van 13% ten opzichte van 2020. Een ontwikkeling die zich komende jaren voortzet. Deze mensen hebben gemiddeld 2 mantelzorgers, wat betekent dat er een opgave ligt om de mensen met dementie, hun mantelzorgers en naasten te ondersteunen en te zorgen dat de gemeenschap hiervoor versterkt wordt: dementievriendelijke gemeenschap (DVG). Via werkgroepen wordt met diverse acties het onderwerp onder de aandacht van inwoners, bedrijven en organisaties gehouden. Deze werkgroepen DVG draaien al enkele jaren, maar hebben geen apart budget. In 2023 en 2024 werd het betaald uit budget mantelzorg. Gezien de toename in de gemeenschap van aantal inwoners met dementie dat thuis woont én de toename van mantelzorgers sociaal domein breed, zijn extra middelen nodig om de gemeenschap te versterken. We financieren dit vanuit de landelijke GALA-middelen.
Overige ontwikkelingen en risico’s Accommodatiebeleid In de ontwikkeling van het voorliggend veld is een hoger maatschappelijk rendement van maatschappelijke accommodaties gewenst. In de evaluatie van het Integraal Maatschappelijk Accommodatiebeleid 2018 blijkt dat dit rendement verbonden is aan ‘exploitatie en beheer’ en de ‘bouwkundige staat’ (toegankelijkheid, verduurzaming) van accommodaties en dat een grotere regie-rol vanuit de gemeente noodzakelijk en gewenst is voor de ontwikkeling van het maatschappelijk rendement. In de startnotitie voor een nieuw, meer sturend accommodatiebeleid stellen we een SWOT- analyse per accommodatie en per wijk voor, om scenario's, pilots en te ontwikkelen instrumenten te benoemen in het Wijkgericht Maatschappelijk Accommodatiebeleid (WMA) 20252030. Aan de Raad is in Q2 van 2024 een budget gevraagd voor deze deels externe analyse. Het WMA zal eind 2024/ begin 2025 worden opgesteld. De financiële gevolgen van scenario's, pilots en instrumenten zullen helder zijn voor de begroting van 2026. De volgende zaken worden in 2024/2025 al opgestart/ getest: -
Koppeling Subsidiebeleid Accommodaties aan Subsidiebeleid Sterke Gemeenschappen; Accommodatiegebonden jeugdwerker Crossroads en de Kuip (extra inzet jeugd- en jongerenwerk); Accommodatiegebonden sociaal werker Gildenbond en Pannehoef (ontwikkeling Huis van de Wijk-functie en intensieve samenwerking buurthuis Pannehoef en buurtcentrum Rode Loper); Vrijwilligerspool via Loonopzandvoorelkaar; Activiteitenaanbod / Makelpunt op Loonopzandvoorelkaar.
Cultuurbeleid Het cultuurbeleid levert een bijdrage aan de opgave ‘sterke gemeenschappen’. Kunst & cultuur zijn een cruciaal onderdeel van de sterke, sociale basis die beoogd wordt. Het versterken van het culturele klimaat versterkt namelijk de sociale cohesie van onze gemeenschap. Kunst en cultuur bieden mogelijkheden op deze opgave in te spelen en hieraan bij te dragen. Daarnaast biedt het cultuurbeleid andere beleidsvelden binnen de gemeente mogelijkheden tot aanhaken, samen optrekken, versterken en bundelen van initiatieven en budget om doelen te realiseren. Dit creëert draagvlak en bevordert afstemming tussen verschillende beleidsvelden binnen de gemeente en tussen de gemeente en kunst- en cultuuraanbieders. Wij gunnen onze inwoners een leven vol kunst en cultuur. Collectief aanbod Huis van de Wijk functie voor en door inwoners We willen dat inwoners en hun sociaal netwerk, waaronder huisartsen, makkelijk de weg kunnen vinden naar een collectief aanbod van voorzieningen waar zij snel en eenvoudig gebruik van kunnen en willen maken. Denk hierbij aan activiteiten in maatschappelijke accommodaties, van sportverenigingen en van de wijkteam- partners (samenwerkenaandewijk). We willen dat dit overzicht actueel en uitnodigend is om deel te nemen èn om in eigen regie activiteiten te organiseren en aan te kondigen.
Er zal in de loop van 2025 voor dat doel een Makelpunt (beschikbaarheid van ruimtes in accommodaties) worden opgezet en een budget waar materialen en activiteiten uit betaald kunnen worden om de Huis van de Wijk- functie uit te bouwen. We financieren dit vanuit de landelijke GALA-middelen. Project SKIP die trip We zijn drugs steeds normaler gaan vinden en t het gebruik neemt toe. Net als de problematiek die hiermee samenhangt, zoals criminaliteit, (verkeers)veiligheid, ondermijning en een toenemende zorgvraag. De doelstelling op korte termijn: maatschappelijk draagvlak verkrijgen om met elkaar het gesprek aan te gaan over de de-normalisering van drugs. Doelstelling op lange termijn: het tegengaan van de normalisering van 11
drugsgebruik onder de inwoners in de hele regio Midden-Brabant door het stellen en versterken van de norm, dat het gebruik van drugs niet normaal is. Het project SKIP die trip kan lokaal per gemeente inzetten wat passend is: monitoring, organiseren van netwerkbijeenkomsten, aanwezigheid op evenementen en interventies richting ouders en onderwijs. We financieren dit vanuit de landelijke GALA-middelen.
Financiële consequenties Categorieën en maatregelen Opgaven vanuit Visie sociaal domein Versterken samenwerking medisch en sociaal domein (GALA) Beheersmaatregelen vanuit de opgaven Wettelijke verplichting Tijdelijke huisvesting klaslokalen Kaatsheuvel Coalitieakkoord Nieuwe huisvesting De Vaert en het Van Haestrecht Voortzetting bestaand beleid en pilots Maatjesproject (GALA) Dementievriendelijke gemeenschap (GALA)
2025
2026
2027
2028
30 PM
30 PM
PM
PM
150
200
200
200
PM
PM
PM
PM
PM PM
PM PM
200
200
25 25
25
PM PM 30
PM PM 30
20
20
Dekking vanuit GALA-middelen Dekking specifieke uitkering GALA
-130
-105
Totaal (excl. PM)
150
200
Accommodatiebeleid Cultuurbeleid Collectief aanbod Huis van de Wijk functie voor en door inwoners (GALA) Project SKIP die trip (GALA)
12
Venster 3. Omgeving en economische ontwikkeling Onze visie op het fysiek domein In 2024 hebben we de Omgevingsvisie vastgesteld. In de Omgevingsvisie staan de hoofddoelen en ambities die we als gemeente tot 2040 in de fysieke leefomgeving nastreven. Daarnaast vindt u de hoofdlijnen van het beleid waarmee we de ambities willen halen. Met deze visie zetten we dus de koers uit voor de lange(re) termijn. Een koers waarmee we antwoord geven op de dynamiek in onze samenleving en de trends die op ons afkomen. Maar ook een koers die de kwaliteiten en kenmerken binnen onze gemeente beschermt. Hoe gaan onze woonwijken, dorpskernen, bedrijventerreinen en buitengebieden eruitzien in 2040? Waar komen woningen voor starters of senioren? Hoe zorgen we voor mooi groen in de wijk? Voor gezellige winkelstraten? Hoe behouden we de dorpse sfeer? Hoe behouden we ons prachtige buitengebied? In de Omgevingsvisie zijn 6 speerpunten benoemd: Speerpunt 1: In 2040 hebben we duurzame groene dorpen Speerpunt 2: Recreatief profiel verbreden: harmonie en plezier Speerpunt 3: Iedereen doet op eigen kracht mee Speerpunt 4: Slim bereikbaar Speerpunt 5: Toekomstbestendige centra Speerpunt 6: All-inclusive landschap Al deze speerpunten krijgen hun uitwerking de komende jaren zoals hieronder wordt aangegeven.
Eerder hebben de Toekomstmakers, inwoners van de gemeente, in groepen nagedacht over hoe de gemeente er anno 2030 uit zou moeten zien. Zij hebben samen de Toekomstagenda opgesteld waarin veel onderwerpen aan bod komen die ook binnen de omgevingsvisie passen. Belangrijke opgaven uit de Toekomstagenda die op het fysieke domein gaan onder andere over de natuur, duurzaamheid en de economie. Onze ambitie hierbij en ontwikkeling komende jaren De vastgestelde Omgevingsvisie vormt de koers voor de komende jaren. Of het nu om wonen, werken, ondernemen of recreëren gaat: in Loon op Zand is het goed toeven. De komende jaren willen we al deze thema’s van onze gemeente duurzaam en volhoudbaar versterken. Duurzaamheid is een van onze belangrijke speerpunten. We streven naar veel groen van een hoge kwaliteit. Bovendien willen we dat in 2040 een groot deel van onze wijken energieneutraal en klimaatadaptief zijn. Om deze doelstellingen te halen werken we nauw samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Hiervoor vormt het op te stellen Actieprogramma Duurzaamheid de basis. We blijven een levendige economische gemeente. Toeristen en inwoners weten onze gemeente te vinden voor vermaak, natuur en onze vitale kernen. Onze ambitie is om het recreatief aanbod te versterken en te verbreden.
Zo dragen wij bij aan de provinciale en regionale doelstelling om met de regio Midden-Brabant koploper te worden in recreatie voor families. We kiezen voor groei als we dit op een duurzame manier en in balans met onze natuurlijke leefomgeving kunnen doen. De concrete acties hiervoor hebben we uitgewerkt in ons Actieprogramma Economische en toeristisch-recreatieve visie. De huidige situatie op de woningmarkt vraagt om creativiteit en ambitie. We willen deze periode blijven bouwen en zo op termijn uitgroeien tot een gemeente met 25.000 inwoners. We willen het soms gelijksoortige woningaanbod flexibeler maken, zodat de grotere mix aan doelgroepen ook op lange termijn een goede woning kan vinden op een plek waar de sociale netwerken het grootst zijn. Daarbij kiezen we in de eerste plaats voor herstructurering binnen de bebouwde kom waar dat kan en daarna voor uitbreiding wanneer dat nodig is. We streven ernaar dat iedereen in onze lokale samenleving mee kan doen. Dit betekent ook dat in de fysieke omgeving er ruimte moet zijn voor iedereen en het goed toeven is. Dit is een van de uitwerkingspunten in het op te stellen Beleidsplan Spelen en Bewegen. We willen in 2040 beter bereikbaar zijn en minder verkeersdruk ervaren. Door vol in te zetten op slimme oplossingen voor mobiliteit laten we zien dat groei ook kan zonder nieuwe belasting voor de woonomgeving en de natuur.
Hoe we dit vorm gaan geven werken we uit in de Mobiliteitsvisie 2040. We streven ernaar om onze centra een sterkere rol te geven in de samenleving en de centra te verbinden met de sterke recreatiesector van onze gemeente. De traditionele rol als winkelgebied wordt minder sterk. We zien hierin een kans om de centra op termijn een ander profiel te geven en tegelijk het blijvende aanbod aan winkels sterk te houden. Daar hangt mee samen dat we de centra aantrekkelijker willen maken. Om deze reden gaan we aan de
13
slag met het vergroenen van de centra en onderzoeken we de mogelijkheden voor de ontwikkelingen van de centra. Ook onder de vermindering van restafval zetten we samen met alle inwoners de schouders eronder. Met de invoering van gedifferentieerde tarieven zetten we hierin een volgende stap. Met de koers die is uitgezet in de Omgevingsvisie moeten we aan de slag. We gaan bij de uitwerking in beleidsstukken en programma’s concreet aan de slag met de kansen en uitdagingen die voor ons liggen. Ook gaan we aan de slag met de verdere uitwerking van de Omgevingsplannen. Een integrale benadering waarbij wordt gekeken naar de verschillende aspecten in het fysieke domein kan zorgen voor het realiseren van onze doelen waarmee we de kwaliteit van wonen, werken en recreëren binnen onze kernen in stand houden en waar mogelijk verbeteren. Wat willen we gaan doen Voor de vier werkvelden vertalen de verwachte ontwikkelingen zich voor het komende jaar in de onderstaande speerpunten. Omgeving Mobiliteitsvisie 2040 Nu de projecten van het uitvoeringsplan behorend bij de Verkeersvisie nagenoeg zijn uitgevoerd en de Verkeersvisie afloopt eind 2025 zijn we gestart met de nieuwe Mobiliteitsvisie 2040. Hierin nemen we nieuwe landelijke ontwikkelingen op het gebied van mobiliteit mee. Beleidsplan Spelen en Bewegen Het huidige speelruimteplan is verouderd en loopt af in 2025.
Een nieuwe beleidsplan is nodig, welke beter aansluit bij een vitale leefomgeving en nieuwe vormen van spelen waarin thema’s zoals duurzaamheid, circulair en klimaat adaptief in worden verwerkt. Aanbesteding abri’s en 2m² panelen In 2025 moeten de Abri’s en 2 m² panelen opnieuw worden aanbesteed. Voor de aanbesteding wordt incidenteel budget gevraagd. Hier staan inkomsten tegenover. Bussluis Bergstraat Sinds de realisatie van de bussluis in de Bergstraat zijn er klachten van omwonenden over overlast. Met het verdwijnen van de bedrijvigheid uit de Bergstraat is de bussluis niet meer nodig voor vrachtverkeer. Hierdoor kan de sluis worden vervangen door een slagboom voor het openbaar vervoer en hulpdiensten. Vergroten veiligheid fietspaden Ter bevordering van de veiligheid voor fietsers is een inventarisatie gemaakt van obstakels (paaltjes) die overbodig zijn of die vervangen moeten worden door een ander type, zodat aanrijdingen door fietsers afnemen. Dit sluit aan bij de risicoanalyse die is uitgevoerd in het kader van verkeersveiligheid binnen onze gemeente. Duurzaamheid Actieplan duurzaamheid Op basis van het vastgestelde Duurzaamheidsprogramma 2023-2033 zal in de loop van 2024 een Actieplan Duurzaamheid Loon op Zand opgesteld worden.
Dit Actieplan Duurzaamheid Loon op Zand heeft tot doel om op basis van beschikbare mensen en middelen concreet richting te geven aan de uitvoering van het Duurzaamheidsprogramma 2023-2033 voor de periode van 2025 tot 2029. Voor de uitvoering van het Actieplan Duurzaamheid Loon op Zand zoeken we actief de verbinding met onze maatschappelijke partners, waaronder de energiecoöperatie ECLoZ en stichting Wereldgemeente. Deze partners spelen nu al een belangrijke rol bij het creëren van breder maatschappelijk draagvlak voor duurzaamheidsvraagstukken. Bovendien zijn ze in staat om deze vraagstukken te vertalen naar concrete ideeën en maatregelen die inwoners kunnen helpen om te verduurzamen. Wij gaan in 2024 onderzoeken hoe we deze samenwerking verder kunnen verstevigen, uitbouwen en professionaliseren door o.a. het afsluiten van dienstverleningsovereenkomsten. Transitievisie warmte Een belangrijk onderdeel van het Duurzaamheidsprogramma 2023-2033 is de in 2021 vastgestelde ‘Transitievisie Warmte’. In 2023 zijn we gestart met het opstellen van een wijkuitvoeringsplan voor Pannenhoef, waarbij we gelijktijdig verschillende inwoneractiviteiten hebben georganiseerd. Hiermee willen we de inwoners stimuleren om hun woningen energiezuiniger te maken als eerste stap richting een ‘gasloze’ toekomst.
We werken samen in een projectteam met adviesbureaus en ECLoZ, en een breder stakeholdersoverleg, waarin ook maatschappelijke partners als Casade, stichting Wereldgemeente Loon op Zand, Contour de Twern en Enexis zijn vertegenwoordigd. Met de ervaringen en lessen uit deze eerste wijk kijken we hoe we de omslag naar 'klaar voor aardgasvrij' en op termijn 'aardgasvrije wijken' gaan uitvoeren in andere delen van onze gemeente. Dit zal resulteren in een plan van aanpak dat in 2025 en de jaren daarna verder uitgevoerd gaat worden. Hierover wordt u apart geïnformeerd. Daarnaast zullen we – samen met onze partners in de regio – verder moeten zoeken naar potentiële warmtebronnen en naar manieren om die warmte 14
ook bij onze inwoners te krijgen. Hoewel we hierin voor een deel ook afhankelijk zijn van ontwikkelingen op landelijk niveau, streven we ernaar om in 2025 toch de eerste contouren te kunnen schetsen van haalbare alternatieve warmtebronnen voor onze gemeente. Herinrichting Hilsestraat De inrichting van de Hilsestraat voldoet niet meer en moet worden vervangen. Hierbij kan de keuze gemaakt worden om over te gaan tot 1 op 1 vervanging, dit kost € 1.500.000. Of er kan gekozen worden voor herinrichting conform de vastgestelde kaders vanuit verkeer en duurzaamheid. Dit vraagt wel om een totale investering van € 3.000.000. Voor de afweging wordt een apart raadsvoorstel voorbereid. Applicatie Restafval Om het inwoners mogelijk te maken de frequentie van hun restafvalaanbod in te zien, voeren we momenteel een marktverkenning uit voor de aanschaf van een applicatie. Onderzoek verbetering dienstverlening Grondstoffencentrum door afsprakensysteem Vanwege een effectiever gebruik van de openingsuren en o.a. het tegengaan van afvaltoerisme onderzoeken we op dit moment de invoer van tijdsloten voor ons Grondstoffencentrum (voorheen Milieustraat). Hiermee is het doel de dienstverlening van het Grondstoffencentrum te verbeteren.
Vergroenen particuliere eigendommen Met het vaststellen van het Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte zetten we in op het vergroenen van de openbare ruimte ter bevordering van de biodiversiteit en het tegengaan van hittestress. We zouden ook graag (voor)tuinen willen vergroenen zodat ook door particulieren hieraan ook een bijdrage wordt geleverd. Dit zou kunnen door middel van het inzetten van een stimuleringsregeling. Deze zou financieel gevoed kunnen worden vanuit de aanwezige reserves groen en bomen. Dit moet nog verder worden uitgewerkt. Wonen Nota Grondbeleid/Nota Kostenverhaal Het Grondbeleid en de Nota Kostenverhaal wordt in 2024 opgesteld en in 2025 vastgesteld. Afhankelijk van gemaakte keuzes bij vaststelling zijn er financiële consequenties aan verbonden. Flexwoningen In het coalitieakkoord is aangegeven dat wij zorgen dat het goed wonen is en blijft in onze gemeente. Ook is er een regionale woondeal gesloten waarin we de woningbouwopgave hebben vastgelegd voor de komende jaren. Vanuit de behoefte aan woningbouw zijn we aan het onderzoeken wat de mogelijkheden zijn voor het realiseren van flexwoningen. Afhankelijk van besluitvorming hierover zal dit een financieel effect hebben in de komende jaren. Het Witte Kasteel De evaluatie voor de instandhoudingssubsidie voor Het Witte Kasteel is afgerond.
Op basis daarvan willen we de bijdrage aan de instandhouding (onderhoud) van Het Witte Kasteel continueren. Economische ontwikkeling (inclusief toerisme en recreatie) Actieprogramma Economische en toeristisch-recreatieve visie In samenwerking met onze partners hebben we voor 2025 een groot aantal acties geformuleerd. Hiervoor zijn in de vastgestelde begroting al middelen opgenomen. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om: - Verhogen van de aantrekkelijkheid van de centra in de kernen Loon op Zand en Kaatsheuvel. - Ontwikkelen van nieuwe recreatieve routes - Realisatie van ruiterknooppuntennetwerk regionaal - Versterken van de verbinding tussen de Efteling en het centrum van Kaatsheuvel - Uitvoeren van een nulmeting van de huidige verblijfsaccommodaties/toeristische sector - Onderzoeken van de mogelijkheden voor duurzame vormen van vervoer voor toeristen en inwoners in onze gemeente. - Bevorderen van de samenwerking tussen ondernemerscollectieven. In 2022 is besloten dat we voor 2023 en 2024 een incidenteel werkbudget van 50.000 euro hebben. Voorgesteld wordt om dit budget structureel op te nemen in de begroting. Hiermee kunnen we de ingezette koers voortzetten om onze toeristische positie verder te versterken. Landschapspark Pauwels Vanuit de raad is middels een motie bijzondere aandacht gevraagd voor de inzet in Landschapspark Pauwels.
Hierin is een opgave in het ontwikkelen van structuren en recreatief aanbod. We willen onze positie in Landschapspark Pauwels versterken en meer grip hebben op beleid en besluitvorming. Er liggen ambities om het Landschapspark Pauwels verder te ontwikkelen zoals, een zoneringsplan voor de recreatieve bereikbaarheid. Het sturen van bezoekersstromen speelt daarbij een belangrijke rol, zodat de druk op de Loonse en Drunense Duinen afgenomen kan worden. Door het versterken van de recreatieve mogelijkheden in het gebied in combinatie met groene dooradering willen we deze opgave vorm gaan geven.
15
Landschapspark Pauwels heeft een aantal grote doelstellingen die te lezen zijn in het Masterplan, de inspanning van Loon op Zand zal zich met name richten op toerisme en recreatie.
Toeristische aankleding centra In het economisch, toeristisch-recreatieve actieprogramma is de actie ‘het vergroten van de toeristische aantrekkingskracht van onze drie kernen door te zoeken naar een verbinding tussen recreatie & toerisme en Koop lokaal’ opgenomen. Er is daarnaast mede vanuit de ondernemers een initiatief gekomen om de centra van Kaatsheuvel en van Loon op Zand toeristisch aantrekkelijker te maken. Ook willen we als gemeente aan de slag met klimaatadaptatie. Hierdoor is het idee gekomen om te kijken naar de mogelijkheden om met een impuls investering de centra te vergroenen. Hiermee hopen we beide doelen te bereiken.
Vanuit een Wettelijke verplichting is er een onderwerp waarvoor geld gereserveerd moet worden. Europese Kaderrichtlijn Afvalstoffen/Landelijk Afvalbeleidsplan Een nieuwe Europese kaderrichtlijn afvalstoffen (KRA) gaat dwingende voorschriften rond levensduur, wijze van productie en recht op reparatie voor de consument inhouden. Deze KRA wordt vertaald in de opvolger van het landelijk afvalbeleidsplan (LAP). Toenemende verplichtingen als gevolg van het nieuwe beleid kunnen leiden tot een aanpassing van onze dienstverlening. Op basis van het Coalitieakkoord zijn er onderwerpen die komend jaar moeten worden opgepakt en uitgevoerd. Opstellen gemeentelijk erfgoed/monumentenbeleid Erfgoed en monumenten zijn van groot belang voor het karakter en de identiteit van de dorpen in onze gemeente. We willen een beleidsdocument voor erfgoed/monumenten waarin we aangeven wat onze visie op erfgoed is voor de komende tien/vijftien jaar, waarin we duidelijkheid scheppen over de manier waarop we ons erfgoed behouden en hierbij kaders ontwikkelen die aansluiten in het gedachtegoed van onze Omgevingsvisie 2040 Loon op Zand. De uitvoering van het vastgestelde beleid vraagt mogelijk ook om extra middelen en inzet. Dit wordt in het voorstel bij de vaststelling van het beleid voorgelegd aan de raad.
Centrumontwikkeling Kaatsheuvel en Loon op Zand In 2023 is een onderzoek uitgevoerd naar oorzaken van leegstand in het centrum van Kaatsheuvel en is een aanzet gemaakt voor aanpak van deze problematiek. Dit gaan we in 2024 ook doen in de kern Loon op Zand. Voor Kaatsheuvel werken we aan een plan van aanpak. Om dit een goed vervolg te geven is inzet nodig, zowel interne inzet als in te huren specialistische kennis. Dit is een meerjarig proces, waarvoor een langdurige investering noodzakelijk is. We komen hier in de begroting verder op terug. Vanuit het vastgestelde beleid, autonome ontwikkeling en de bedrijfsvoering worden een aantal ontwikkelingen en risico’s voorzien in 2025. Deze zijn allemaal direct of indirect terug te leiden naar de vier werkvelden. Deze bedragen zullen worden opgenomen in de begroting. Areaaluitbreidingen over te dragen openbare ruimte vanuit projecten In 2025 zullen er een aantal woningbouw projecten worden opgeleverd waarin openbare ruimte wordt gerealiseerd. Het gaat hierbij o.a. Prins Hendrikstraat 6, De Els (deels) en Westwaard - fase 2noord. Voor het onderhoud moeten middelen worden toegevoegd aan de begroting. VisitBrabant Om de kwaliteit van het beheer en onderhoud door VisitBrabant te kunnen garanderen wordt de bijdrage van € 0,14 per inwoner naar alle waarschijnlijkheid verhoogd.
Indexering schoonmaak contract Er komt een nieuwe CAO voor schoonmaakpersoneel. De verwachting is een loonsverhoging van 14% over een periode van twee jaar. Concreet betekent dit dat de lonen per 1 januari 2025 met 7 procent omhoog gaan en op 1 januari 2026 nog eens met 7 procent. Dit komt nog bovenop de stijging van de kosten van €125.000 in 2024. Aanbestedingen afval Voor enkele nieuw af te sluiten contracten in 2025 voor inzameling en verwerking van papier en luiers moeten we rekening houden met een kostenstijging vanwege hogere verwerkingskosten, loonkosten etc. Stijgende kosten afvalverwerking De kosten voor afvalverwerking zullen naar verwachting stijgen door onder meer hogere verwerkingskosten, lagere vergoedingen van PMD, de doorberekening van de CO2 heffing aan bedrijven, en een hogere verbrandingsbelasting op restafval. Actualisatie wegenlegger en bebouwde kom grenzen
16
Onze kernen zijn afgelopen jaren flink ontwikkeld met inbreidingen en uitbreidingen. Om die reden moeten de bebouwde kom grenzen worden geactualiseerd. Hiermee is ook een aanpassing van de wegenlegger noodzakelijk. MidPoint De kostenverdeling is onderdeel van gesprek in de regio. Dit kan tot gevolg hebben dat de bijdrage vanuit ons aan MidPoint verhoogt moet worden. Dit is nog onderdeel van gesprek. Financiële consequenties Categorieën en maatregelen Omgeving Aanbesteding abri’s en 2m2 panelen Duurzaamheid Applicatie Restafval Wonen Nota grondbeleid en Kostenverhaal Instandhouding Witte Kasteel Economische ontwikkeling (inclusief toerisme en recreatie) Actieprogramma Economische en toeristisch-recreatieve visie Landschapspark Pauwels Wettelijke verplichting Europese Kaderrichtlijn Afvalstoffen/Landelijk Afvalbeleidsplan Coalitieakkoord Gemeentelijk erfgoed/monumentenbeleid Centrumontwikkeling Kaatsheuvel en Loon op Zand Totaal (excl. PM)
2025
2026
2027
2028
PM 30
30
30
30
50 30
50 30
50 30
50 30
110
110
110
14 10
PM PM PM 134
Investeringen Omschrijving Bussluis Bergstraat Vergroten veiligheid fietspaden Herinrichting Hilsestraat Flexwoningen Onderzoek tijdsloten Grondstoffencentrum Aankleding centra Loon op Zand en Kaatsheuvel Totaal
2025 100 75 PM PM PM 100 275
17