Bijlage 3. Was-wordt overzicht bij de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Loon op Zand 2025
Tekst van het document
Hoofdstuk Algemeen
pagina
Hoofdstuk 2
3
Hoofdstuk 2
3 en 4
Opmerking Jaartal 2025 toegevoegd Inhoudelijke aanpassing
Inhoudelijke aanpassing
Was
Wordt
In hoofdstuk 2 van de verordening is vastgelegd hoe de procedure rondom de toegang is geregeld. Wanneer een inwoner behoefte heeft aan ondersteuning kan hij of zij bij het Servicepunt WWZ of het wijkteam zijn vraag stellen. Dit is de melding. Een melding kan telefonisch, digitaal, schriftelijk, persoonlijk worden gedaan. Hiermee wordt (nog) geen aanvraag ingediend voor een maatwerkvoorziening. Door middel van een korte vraagverheldering wordt door het Servicepunt WWZ bepaald of de vraag doorgeleid wordt naar het wijkteam of naar (de consulenten van) het Servicepunt WWZ. Stap 3: Vervolgens moet inzicht worden verkregen in de aard en omvang van de door het college te organiseren noodzakelijke maatschappelijke ondersteuning. Stap 4: Daarna moet in kaart gebracht worden of er sprake is van – en zo ja: in welke mate – eigen kracht, gebruikelijke hulp en/of voorzieningen, mantelzorg, hulp uit het sociale netwerk en algemene voorzieningen. Stap 5: Vervolgens dient vastgesteld te worden of er voor het college iets te compenseren overblijft. Stap 6: Voor zover dit in het individuele geval noodzakelijk wordt geacht, kan specifieke deskundigheid worden ingeschakeld. Zoals bijvoorbeeld het aanvragen van een medisch advies. In artikel 2.3. van de verordening is geregeld dat het onderzoeksproces wordt vastgelegd in een verslag
In hoofdstuk 2 van de verordening is vastgelegd hoe de procedure rondom de toegang is geregeld. Wanneer een inwoner behoefte heeft aan ondersteuning kan hij of zij bij het Zorgloket of het lokale team zijn vraag stellen. Dit is de melding. Een melding kan telefonisch, digitaal, schriftelijk, persoonlijk worden gedaan. Hiermee wordt (nog) geen aanvraag ingediend voor een maatwerkvoorziening. Door middel van een korte vraagverheldering wordt door het Zorgloket bepaald of de vraag doorverwezen wordt naar een voorliggende of algemeen gebruikelijke voorziening, er gewezen wordt op voorliggende wetgeving of doorgeleid wordt naar het lokale team of naar de Wmo-consulenten.
Stap 3: Daarna moet in kaart gebracht worden of er sprake is van – en zo ja: in welke mate – eigen kracht, gebruikelijke hulp en/of voorzieningen, mantelzorg, hulp uit het sociale netwerk en algemene voorzieningen, of andere wetgeving als bijvoorbeeld de Wet langdurige zorg. Stap 4: Vervolgens dient vastgesteld te worden of er voor het college iets te compenseren overblijft. Stap 5: Voor zover dit in het individuele geval noodzakelijk wordt geacht, kan specifieke deskundigheid worden ingeschakeld. Zoals bijvoorbeeld het aanvragen van een medisch advies. In artikel 2.3. van de verordening is geregeld dat het onderzoeksproces wordt vastgelegd in een ondersteuningsplan.
Hoofdstuk 3
6
Inhoudelijke aanpassing
Maatwerk wordt hier geboden. Rekening wordt gehouden met de ontwikkelingsfase van kinderen.
Hoofdstuk 3
8
Inhoudelijke aanpassing
Hoofdstuk 3
8
Inhoudelijke aanpassing
Hoofdstuk 3
14
Verbetering leesbaarheid
Hoofdstuk 3
14
Inhoudelijke aanpassing
ouderlijk toezicht is zeer nabij nodig; zijn in toenemende mate zelfstandig in bewegen en verplaatsen hebben begeleiding en stimulans nodig bij hun psychomotorische ontwikkeling; hebben begeleiding en stimulans nodig bij de ontwikkeling naar zelfstandigheid en zelfredzaamheid; kunnen zelf zitten, en op gelijkvloerse plaatsen zelf staan en lopen; hebben hulp, toezicht, stimulans, zindelijkheidstraining en controle nodig bij de toiletgang; Veilig Thuis: dit is het meldpunt waar iedereen (zowel inwoners als professionals) 24 uur per dag, 7 dagen per week, terecht kan voor het melden van zorgen om kinderen en/of hun ouders bij vermoedens van kindermishandeling of andere vormen van huiselijk geweld. Inwoners kunnen hier ook terecht voor het inwinnen van advies. Veilig Thuis zal bij een vermoeden van relevante problematiek een vervolgonderzoek starten en contact opnemen met de betreffende hulpverlenende instanties in de gemeente om actie te ondernemen. Daarnaast is bij Veilig Thuis een vertrouwensarts aangesteld die via de telefoondienst van Veilig Thuis te benaderen is. Sensoor
Hoofdstuk 4
18
Inhoudelijke aanpassing
Het uitgangspunt is dat het college volstaat met een voorziening waarmee een cliënt tot 1500 kilometer per jaar kan reizen.
Maatwerk wordt hier geboden. Het huishouden kan aantonen dat zij zich tussentijds inzetten om overbelasting te verminderen. Rekening wordt gehouden met de ontwikkelingsfase van kinderen. ouderlijk toezicht is zeer nabij nodig; hebben begeleiding en stimulans nodig bij hun psychomotorische ontwikkeling;
hebben begeleiding en stimulans nodig bij de ontwikkeling naar zelfstandigheid en zelfredzaamheid; hebben hulp, toezicht, stimulans, zindelijkheidstraining en controle nodig bij de toiletgang;
Veilig Thuis
de Luisterlijn Het uitgangspunt is dat het college volstaat met een voorziening waarmee een cliënt tot 1500 kilometer per kalenderjaar kan reizen tegen het gereduceerde Wmo tarief. Het is aan cliënt om gedurende het jaar in de gaten te houden
hoeveel kilometer cliënt gebruikt en hierin te doseren en bij te sturen.
Hoofdstuk 4
18
Inhoudelijke aanpassing
Begeleiding groep en individueel
Dagopvang, ontwikkelingsgerichte en arbeidsmatige dagbesteding.
Hoofdstuk 4
20
Inhoudelijke aanpassing
Als er geen mogelijkheden zijn via de Wlz, de zorgverzekeraar of het eigen netwerk, kan de mantelzorger respijtzorg vragen bij de gemeente op grond van de Wmo 2015.
Hoofdstuk 4
21
Inhoudelijke aanpassing
Hoofdstuk 4
21
Inhoudelijke aanpassing
Als er geen mogelijkheden zijn via de Wlz, de zorgverzekeraar, voorliggende voorzieningen of het eigen netwerk, kan de mantelzorger respijtzorg vragen bij de gemeente op grond van de Wmo 2015. Meedoen kan hierin veel betekenen: dagbesteding, vrijwilligerswerk, of een betaalde baan; al dan niet gecombineerd met begeleiding of andere ondersteuning. Meedoen via een reguliere baan gaat dan even niet.
Hoofdstuk 4
23
Inhoudelijke aanpassing
Hoofdstuk 4
24
Inhoudelijke aanpassing
Uitgangspunt is dat iedere cliënt zelf verantwoordelijk is voor het vinden van een (geschikte) woning. Daarbij gaan we er van uit dat eenieder rekening houdt met de hem bekende beperkingen, ook met betrekking tot de toekomst. Inzet van particuliere hulp wordt gezien als een gerealiseerde eigen oplossing. Wanneer een cliënt al geruime tijd gebruik maakt van particuliere hulp en de cliënt meldt zich bij het Servicepunt Welzijn Wonen en Zorg met de vraag om een maatwerkvoorziening in de vorm van een pgb voor de financiering van de hulp, dan zal uit de beoordeling in de indicatiestelling blijken dat er geen belemmering aanwezig is omdat de cliënt een eigen oplossing heeft gerealiseerd. Anders is het wanneer een persoon jarenlang gebruik maakt van een particuliere hulp en nu merkt dat er om medische redenen extra hulp nodig is.
Meedoen kan hierin veel betekenen: dagbesteding, vrijwilligerswerk, activiteiten in het voorliggende veld of een betaalde baan; al dan niet gecombineerd met begeleiding of andere ondersteuning. Meedoen via een reguliere baan, vrijwilligerswerk of door middel van activiteiten in het voorliggende veld gaat dan even niet. Uitgangspunt is dat iedere cliënt zelf verantwoordelijk is voor het vinden van een (geschikte) woning. Daarbij gaan we er van uit dat eenieder rekening houdt met de hem bekende beperkingen, ook met betrekking tot de toekomst. Tijdig inschrijven bij de woningbouwvereniging (als cliënt binnen de inkomenscategorie valt) is hierin een vereiste. Inzet van particuliere hulp wordt gezien als een gerealiseerde eigen oplossing. Wanneer een cliënt al geruime tijd gebruik maakt van particuliere hulp en de cliënt meldt zich bij het Zorgloket met de vraag om een maatwerkvoorziening in de vorm van een pgb voor de financiering van de hulp, dan zal uit de beoordeling in de indicatiestelling blijken dat er geen belemmering aanwezig is omdat de cliënt een eigen oplossing heeft gerealiseerd.
Hoofdstuk 5
26
Inhoudelijke aanpassing
Hoofdstuk 5
28
Inhoudelijke aanpassing
Hoofdstuk 5
28
Inhoudelijke aanpassing
Hoofdstuk 6
32
Inhoudelijke aanpassing
Bijlage 2
42-43
Inhoudelijke aanpassing
pgb-vaardigheden: Het is de taak van het college om te beoordelen of de budgethouder in staat is het budget te beheren, met andere woorden: we toetsen of de budgethouder voldoende vaardigheden bezit om de (administratieve) taken die verplicht zijn rondom het persoonsgebonden budget uit te voeren. We toetsen dit conform de vragen die zijn toegevoegd aan het pgb-plan. Een feestdagenuitkering mag niet uit een PGB worden bekostigd. Een feestdagenuitkering is bijvoorbeeld een eenmalige extra uitkering, vergelijkbaar met vakantiegeld/ eindejaarsuitkering. Reiskosten mogen niet uit een PGB worden bekostigd, tenzij er specifiek een PGB is toegekend voor vervoer. Reiskosten zijn bijvoorbeeld kosten in verband met de vervoersbeweging die een aanbieder maakt van en naar de inwoner, dan wel de vervoersbeweging die de inwoner maakt van en naar de aanbieder.; Voor alle maatwerkvoorzieningen vanuit de Wmo wordt een vaste eigen bijdrage in de kosten opgelegd. De bijdrage wordt opgelegd zolang gebruik gemaakt wordt van de voorziening of gedurende de periode waarvoor het pgb is verstrekt. De bijdrage is ten hoogste € 19,00 per maand en mag de kostprijs niet overstijgen. Voetnoot 4: Richtlijn is zeven etmalen. Jurisprudentie is genuanceerder en gaat niet per definitie uit van de zeven etmalen.
De CRvB noemt dat hierdoor ten onrechte wordt voorbij gegaan aan de vraag of de huisgenoot feitelijk kan voorzien in het verlenen van deze zorg. Hierbij dient altijd de individuele situatie nauwkeurig onderzocht te worden. In de periode van afwezigheid is de huisgenoot niet in staat gebruikelijke hulp te leveren. In de berekening
pgb-vaardigheden: Het is de taak van het college om te beoordelen of de budgethouder in staat is het budget te beheren, met andere woorden: we toetsen of de budgethouder voldoende vaardigheden bezit om de (administratieve) taken die verplicht zijn rondom het persoonsgebonden budget uit te voeren. We toetsen dit conform de vragen die zijn toegevoegd aan het pgb-plan en het afnemen van de zogenaamde pgb vaardigheidstest. Een feestdagenuitkering mag niet uit een pgb worden bekostigd.
Reiskosten mogen niet uit een pgb worden bekostigd, tenzij er specifiek een pgb is toegekend voor vervoer.
Voor alle maatwerkvoorzieningen vanuit de Wmo wordt een vaste eigen bijdrage in de kosten opgelegd. De bijdrage wordt opgelegd zolang gebruik wordt gemaakt van de voorziening of gedurende de periode waarvoor het pgb is verstrekt. De eigen bijdrage (abonnementstarief) is het landelijk vastgestelde bedrag en overstijgt de kostprijs niet. Verwijderd
van de omvang van de hulp dient deze huisgenoot niet te worden meegerekend.
Algemene opmerkingen:
Er zijn hiernaast kleine tekstuele aanpassingen gedaan. Hierbij moet gedacht worden zaken als het eenduidig schrijven van afkortingen (overal pgb, in plaats van PGB en pgb door elkaar). Ook zijn correcte opsommingen, foutief hoofdlettergebruik en soortgelijke aanpassingen gedaan. Dit vergroot de leesbaarheid.