CConstaterende datLoon op Zand
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Ter kennisname- Bestuurlijke reactie op het rekenkamerrapport Cultuur Telt

Raadsvergadering 11 december 2025, gemeente Loon op ZandBij agendapunt: Raadsvoorstel Rekenkamerrapport Cultuur telt Rekenkamer Midden-Brabant2.743 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Loon op Zand Gemeenteraad Postbus 7 5171 CV KAATSHEUVEL

*2025.15335* 2025.15335

Datum 28-okt-2025

Verzenddatum 28-okt-2025

Zaaknummer zk25.01220

uw kenmerk

uw brief / registratienr /

Onderwerp : Bestuurlijke reactie op het rekenkamerrapport “Cultuur Telt?”

Geachte gemeenteraadsleden en fractieondersteuners, Graag reageren wij op het Rekenkamerrapport en de bijbehorende aanbevelingen. Wanneer we kijken naar zowel de inhoud van het rapport als het proces daaromheen, vallen ons drie punten op. Ten eerste doet de selectie van de bevraagde partijen geen recht aan de breedte van het culturele veld, waardoor een representatief beeld van de sector ontbreekt. Daarnaast willen wij onderstrepen dat de strekking van de cultuurnota juist uitgaat van het principe dat het initiatief bij het veld ligt, met de gemeente in een faciliterende en verbindende rol. Tot slot constateren wij dat het onderzoek wellicht op een vroeg moment is uitgevoerd, aangezien het nieuwe cultuurbeleid pas op 6 februari 2025 is vastgesteld en het bijbehorende subsidiebeleid momenteel nog in ontwikkeling is. In dit document worden onze bevindingen per aanbeveling toegelicht. Voorafgaand willen wij opmerken dat wij in algemene zin een aantal kanttekeningen plaatsen bij het rapport en de daaruit voortvloeiende aanbevelingen. Het rapport is gebaseerd op gesprekken met slechts drie instellingen: een interne collega inzake het Klavier, de bibliotheek en Koninklijke Sophia’s Vereeniging. De bibliotheek zit in de portefeuille bij de wethouder die ook verantwoordelijk is voor onderwijs en volwasseneneducatie.

Kunst en cultuur maakt deel uit van het takenpakket van een andere portefeuillehouder. Zoals wij ook in onze reactie aan de Rekenkamer hebben aangegeven, vinden wij deze beperkte selectie geen recht doen aan de breedte en diversiteit van het culturele veld binnen onze gemeente. Deze selectie is gedaan op basis van de hoogste subsidiebedragen, respectievelijk € 599.237,40 en € 19.000,-, wat naar onze mening een te smalle invalshoek is. Bovendien geven deze instellingen aan dat er behoefte is aan betere en frequentere communicatie, alsook aan meer zichtbaarheid en betrokkenheid vanuit de gemeente. Daarbij wordt gesproken over een top-down benadering. Dit beeld herkennen wij echter niet. Met name met de bibliotheek is er juist intensief en frequent contact geweest. Ook met andere culturele instellingen is er regelmatig overleg geweest, en zij zijn uiteraard betrokken geweest bij het cultuurbeleid.

Anton Pieckplein 1 5171 CV Kaatsheuvel Postbus 7

5170 AA

Kaatsheuvel

telefoon

0416-289111

IBAN NL95 BNGH 028.50.05.111

E-mail: info@loonopzand.nl

Het nieuwe cultuurbeleid is namelijk in co-creatie tot stand gekomen, en dat blijft ook de lijn die wij willen volgen en die is vastgesteld door de raad met vaststellen van dit cultuurbeleid: voor en door de sector. De verdere uitwerking ligt nadrukkelijk bij het veld zelf, en zal vorm krijgen in samenwerking met de nog op te richten cultuurraad. De wens om een cultuurraad, bestaande uit een kerngroep van vrijwilligers, op te richten, is door meerdere geraadpleegde instellingen uitgesproken. Ook de behoefte aan een cultuurcoach werd regelmatig genoemd. Naar aanleiding van het vastgestelde cultuurbeleid is de werving van een cultuurcoach gestart, en per 1 september is zij aangesteld. Zij wordt ingezet vanuit het KunstPodium en heeft ruime ervaring in de culturele sector. Wij verwachten dat met haar inzet reeds een deel van de aanbevelingen in de praktijk zal worden opgepakt. Daarnaast zien we dat er aanbevelingen worden gedaan over onderwerpen die al in ontwikkeling zijn. Dit is zowel ambtelijk als bestuurlijk nadrukkelijk onder de aandacht gebracht. Denk aan duidelijkheid over accommodaties en de aanbevelingen onder de basis op orde. Waarvan er twee aanbevelingen zijn die betrekking hebben op het subsidiebeleid. Het subsidiebeleid is in ontwikkeling en staat in zekere zin los van het cultuurbeleid.

Tegelijkertijd is input uit het culturele veld, waaronder ook de genoemde instellingen, nadrukkelijk meegenomen in dit traject. Zij zijn ook actief uitgenodigd om bij te dragen aan het nieuwe subsidiebeleid. Wij nemen de aanbevelingen uit het rapport serieus. We erkennen de intentie achter de voorgestelde verbeterpunten en hebben daarom per aanbeveling zorgvuldig bekeken in hoeverre deze aansluiten bij onze ambities en lopende ontwikkelingen. Hieronder lichten wij per punt toe op welke wijze wij hier opvolging aan (kunnen) geven. Aanbeveling 1: B&W te verzoeken om op korte termijn de basis op orde te brengen. Toelichting: Uit het onderzoek blijken verbetermogelijkheden die op korte termijn ingevoerd kunnen worden: 1.1 Koppelen van subsidies aan beleidsdoelen: Er wordt nog geen duidelijke koppeling gemaakt tussen verleende subsidies en de specifieke doelen uit het nieuwe cultuurbeleid. Een transparanter subsidiebeleid met een overkoepelend document dat alle cultuursubsidies samenvat is gewenst. Dit is in ontwikkeling, in het concept subsidiebeleid is dit meegenomen. Waarbij subsidie aanvragen moeten bijdragen aan doelstellingen voortvloeiend uit het cultuurbeleid. Echter is dat een apart proces, wordt eind dit jaar of begin volgend jaar aangeboden aan de raad.

1.2 Ontwikkelen van een concreet monitoringssysteem: De huidige cultuurnota bevat geen specifiek monitoringssysteem met meetbare doelstellingen. Er is behoefte aan duidelijke KPI's om de effectiviteit van het cultuurbeleid te kunnen beoordelen. Verdere invulling van het cultuurbeleid wordt gedaan met het veld en de nog op te richten cultuurraad. Hier zal komend jaar aandacht aan besteed worden, samen met aanbeveling 5. 1.3 Verbeteren van de continuïteit in personeelsbezetting: De vele wisselingen van medewerkers worden door de sector als problematisch ervaren. Culturele instellingen moeten telkens opnieuw hun verhaal uitleggen. Wij begrijpen dat dit als vervelend wordt ervaren gezien de wisselingen van zowel wethouder als ambtenaren. Tegelijkertijd gaat het hier niet om een aanbeveling die zich eenvoudig laat vertalen naar directe en concrete acties, vertrek van personeel is immers niet tegen te houden. Zoals ook toegelicht in de bestuurlijke reactie, wordt hier op dit moment al aan gewerkt. Het beleidsteam is inmiddels volledig bezet en er zijn nieuwe afspraken en werkwijzen geïmplementeerd, die bijdragen aan een beter overzicht van de ontwikkelingen op andere beleidsterreinen. Niettemin blijft dit een onvoorspelbare factor, en kan niet worden gegarandeerd dat 2

culturele instellingen hun verhaal in de toekomst niet meer zullen hoeven toelichten. Ook is de cultuurcoach gestart, wat eveneens bijdraagt aan de continuïteit op het gebied van kunst en cultuur, aangezien er nu twee medewerkers actief zijn op dit terrein.

1.4 Terugkeer naar meerjarige subsidie-afspraken: De recente verandering van een 3-jarige naar een 1-jarige subsidiecyclus heeft geleid tot onzekerheid en extra administratie bij culturele instellingen. Zij hebben behoefte aan financiële zekerheid, inclusief indexering voor inflatie. Tot en met 2024 werd gewerkt met meerjarige subsidies. In aanloop naar het nieuwe subsidiebeleid is ervoor gekozen om vanaf 2025 over te gaan op eenjarige subsidies. De mogelijkheid van meerjarige subsidiëring wordt meegenomen in de ontwikkeling van het nieuwe subsidiebeleid. Aanbeveling 2: Verzoek B&W de verantwoording aan de gemeenteraad te verbeteren door jaarlijks een raadsinformatiebrief (RIB) over de subsidieverlening aan culturele instellingen te sturen. Toelichting: De cultuurnota kondigt evaluaties aan in 2030 en 2035. De RMB wijst op het bestuurlijke belang, dat de gemeenteraad in de periode 2025-2030 goed moet worden aangehaakt door B&W. De RMB beveelt concreet aan dat B&W jaarlijks een RIB aan de gemeenteraad stuurt, na afronding van de jaarlijkse cyclus (vaststelling tot en met verslag) bij de subsidieverlening: langs deze weg houdt de gemeenteraad zicht op de subsidiekaders en de toepassing ervan. Dan wordt ook expliciet verantwoording afgelegd over de ‘waarde van cultuur’ voor de gemeenschap.

De RMB geeft in overweging om deze RIB niet slechts ‘ter kennisname’ op de agenda van de gemeenteraad te plaatsen, maar te benutten om de voortgang bij de geconstateerde verbetermogelijkheden (zie de aanbeveling 3) te bespreken. De culturele instellingen die subsidie aanvragen vormen maar een beperkt deel van het gehele veld. Als het gaat om de impact van cultuur zichtbaar maken is dat iets wat ons inziens via de cultuurraad gepresenteerd kan worden, breder dan alleen de inzet van de instellingen die subsidie aanvragen. Als het gaat om zicht houden op de subsidiekaders is dat ons inziens een bredere vraag die meegenomen zou moeten worden in het traject rondom de nieuwe subsidieregeling en niet beperkt tot de culturele instellingen. Aanbeveling 3: Ga - als gemeenteraad – bij de raadsinformatiebrief (zie aanbeveling 2) met B&W in gesprek over de realisatie van de verbetermogelijkheden. Toelichting: Het onderzoek laat zien dat er verbeteringen mogelijk zijn. De RMB stelt voor om bij deze aanbeveling de volgende gespreksthema’s mee te nemen: Bij onderstaande aangedragen verbetermogelijkheden plaatsen wij een aantal kanttekeningen of het zijn onderwerpen waarvoor reeds zaken in gang gezet zijn. 3.1 Verbeteren van culturele accommodaties: Er is dringende behoefte aan betere culturele accommodaties.

De trage voortgang rond het Dorpshuis Loon op Zand en onduidelijkheid over de toekomstige exploitatie van Het Klavier belemmeren culturele activiteiten en zorgen voor scepsis. De meeste accommodaties zijn op orde. Er ligt nu een Raadsvoorstel voor een variantkeuze wijkgericht maatschappelijk accommodatiebeleid, waarna een nieuw accommodatiebeleid opgesteld wordt (medio 2026). Er is ook zicht op een goed onderkomen voor de culturele instellingen in Loon op Zand wanneer het Dorpshuis Loon op Zand gereed is. De culturele instellingen zijn via verschillende overlegstructuren actief betrokken bij deze ontwikkeling. Vanuit de gemeente is bovendien meegedacht over een passend tijdelijk onderkomen, waaraan ook financieel is bijgedragen. Hierdoor kunnen de geplande activiteiten in de tussenliggende periode gewoon doorgang vinden. 3

Wij begrijpen dat de voortgang in voorgaande jaren rondom het Dorpshuis soms als onvoldoende wordt ervaren. Dit is echter mede het gevolg van de geldende procedures, natuurwetgeving en het besluitvormingsproces. Dat er ruimte is om de communicatie over ontwikkelingen te optimaliseren zullen wij meenemen, zoals ook benadrukt wordt in de aanbeveling: verbeteren communicatie. 3.2 Gelijkwaardig partnerschap: Culturele instellingen willen erkend worden als gelijkwaardige partners met hun bewezen maatschappelijke toegevoegde waarde, in plaats van de ervaren top-down benadering waarbij zij worden ingepast in gemeentelijk beleid. Op basis van de gesprekken met twee grote culturele instellingen wordt er gesproken over een topdown benadering en er wordt aangegeven dat het doorlopen participatietraject niet als zodanig ervaren is. Wij zijn van mening dat wij voldoende ruimte hebben geboden in het participatietraject voorafgaand aan de nota. Er zijn participatiebijeenkomsten geweest bij het opstellen van het cultuurbeleid, daarnaast ook inspraakmomenten voor vaststelling van het nieuwe beleid. Alle culturele instellingen zijn dan ook op diverse momenten in de gelegenheid gesteld en geattendeerd om te participeren. Dit is ook de kern van het nieuwe beleid, de culturele instellingen worden in hun kracht gezet en zij zijn aan zet.

Zij krijgen de ruimte om verdere invulling te geven, waarbij het de rol van de gemeente is om te stimuleren, verbinden en aanmoedigen. Vandaar ook de inzet van een cultuurcoach en de oprichting van een cultuurraad, beide wensen vanuit het veld. Wij hebben er vertrouwen in dat dit bij gaat dragen aan het gevoel van partnerschap, maar zullen ook in gesprek gaan met de betreffende partijen. 3.3 Mandaat en werkwijze van de cultuurraad: Volgens de cultuurnota is de rol van de cultuurraad: De cultuurraad kan advisering uitbrengen aan de voorkant van het evaluatieproces en aan de cultuurraad wordt advies gevraagd over "de te evalueren doelen en indicatoren én de te bespreken onderwerpen tijdens de evaluatiegesprekken". Dit moet worden uitgewerkt, waarbij de gemeenteraad de vinger aan de pols kan houden. Het mandaat en de werkwijze van de cultuurraad wordt nog uitgewerkt. Door de cultuurcoach en adviseur sociaal domein wordt momenteel gekeken naar succesvolle werkwijzen bij andere gemeenten in het land en vervolgens zullen de wensen en ideeën vanuit het veld opgehaald worden. 3.4 Verbeteren van communicatie: Betere en frequentere communicatie over ontwikkelingen en besluiten wordt gezien als cruciaal. Momenteel is er te weinig informatie over de voortgang van belangrijke projecten, wat leidt tot cynisme en wantrouwen. Dit onderwerp wordt ook opgepakt door de cultuurcoach.

Een van haar taken is het verbeteren van de informatievoorziening richting de culturele instellingen. De precieze vorm van de informatievoorziening wordt nog uitgewerkt. Daarnaast fungeert zij als laagdrempelig aanspreekpunt voor de instellingen en vervult zij een verbindende rol richting andere afdelingen binnen de organisatie. Hier ontstaat de vraag of de communicatie in de beschreven en besproken trajecten onvoldoende is geweest, of dat het ook betrekking heeft op de duur van het vervolgtraject en daadwerkelijke realisatie. 3.5 Actievere betrokkenheid bij culturele verenigingen: Culturele instellingen hebben behoefte aan meer zichtbaarheid en betrokkenheid van de gemeente bij hun activiteiten. Dit zou helpen om scepsis weg te nemen en zou tonen dat de gemeente oprecht geïnteresseerd is in de cultuurpartijen. Wij herkennen ons niet in de bevinding of ervaring dat de gemeente geen oprechte interesse zou tonen in de culturele instellingen. Ook dit jaar zijn op meerdere momenten bestuurders aanwezig geweest bij culturele activiteiten en bijeenkomsten. Desondanks zal de cultuurcoach hierin een aanvullende rol vervullen. Zij draagt bij aan de zichtbaarheid en betrokkenheid van de gemeente, en ondersteunt daarnaast culturele instellingen om zelf ook beter zichtbaar te zijn. 4

Aanbeveling 4: Verbeter de zichtbaarheid van de culturele instellingen voor de gemeenteraad. Toelichting: De instellingen hebben de wens om hun culturele waarde en hun resultaten aan de gemeenteraad te tonen. Zij geven aan het belangrijk te vinden om samen trots op Loon op Zand te zijn. Zij vernieuwen zich en willen hun visies en activiteiten bekendmaken bij het gemeentebestuur (college en raad). Tegelijkertijd hebben de instellingen het gevoel te leven in onzekere tijden, waarvan de oorzaken overigens niet altijd aan Loon op Zand te wijten zijn. De RMB beveelt de gemeenteraad aan om in te gaan op deze behoefte en vervolgens wegen te vinden om de (ervaren) afstand tussen gemeenteraad en culturele instellingen te verkleinen (zoals werkbezoek, zichtbare aanwezigheid en deelname aan activiteiten). Wij onderschrijven volledig het belang van het vergroten van de zichtbaarheid van culturele instellingen, dit is dan ook een aanbeveling waarmee wij aan de slag gaan. Tegelijkertijd willen wij hier op zorgvuldige wijze verdere invulling aan geven. Deze wens is kenbaar gemaakt door twee culturele instellingen. Wij hechten er echter waarde aan om hierover breder input op te halen, van een representatieve afspiegeling van het culturele veld. Daarbij zijn wij benieuwd waar instellingen concreet behoefte aan hebben en in welke vorm dit voor hen het meest waardevol is.

Deze aanbeveling willen wij dan ook samen oppakken met de Cultuurraad. Wij horen graag welke rol de Cultuurraad hierin voor zichzelf ziet, en op welke manier zij de zichtbaarheid willen vormgeven. Als vertegenwoordiging van het culturele veld kunnen zij, mede op basis van input uit het veld, een voorstel uitwerken. Aanbeveling 5: B&W te verzoeken om het thema ‘maatschappelijke impact van cultuur’ te definiëren en meetbaar te maken, en wel juist in samenwerking met de culturele instellingen. Toelichting: De stakeholders (gemeente en culturele instellingen) zien dat zij ‘impact’ hebben in de gemeente. Zij bereiken veel burgers en dragen bij aan een levendige cultuur in Loon op Zand. Tegelijkertijd hebben de gemeente Loon op Zand en de culturele instellingen gezamenlijk (nog) geen gedragen visie op deze ‘impact’. Op dit thema zou de nieuwe cultuurraad wellicht een advies kunnen uitbrengen. Gemeente en culturele instellingen kunnen immers – als partners – hierbij van elkaar leren. Binnen de audits voor bibliotheek is er al aandacht voor culturele impact, in het kader van de certificering. Deze resultaten kunnen op onderdelen ook voor de gemeente interessant zijn. De RMB denkt dan vooral aan cultuurparticipatie (in kwantitatieve zin) en de bijdrage aan sociale cohesie (in kwalitatieve zin, met een koppeling aan het sociaal domein).

Dit is zeker een thema dat met de nieuwe cultuurraad opgepakt kan worden. Zie ook aanbeveling 1.2 over het ontwikkelen van een monitoringssysteem. Met het culturele veld zal gekeken worden hoe wij dit thema kunnen definiëren. Samenvattend kunnen we stellen dat enkele aanbevelingen goed aansluiten bij ontwikkelingen die al in gang zijn gezet. De zorgvuldige uitvoering daarvan vraagt echter tijd, waarbij bepaalde stappen logischerwijs in samenhang en volgorde worden opgepakt. Zo wordt momenteel gewerkt aan de verdere uitwerking van de cultuurraad, waarna samen met deze cultuurraad de inhoudelijke invulling zal volgen. Ook de overige punten worden, zoals hierboven beschreven, opgepakt, met als belangrijk uitgangspunt dat het culturele veld aan zet is, zoals vastgelegd in het cultuurbeleid. Tot slot merken wij op dat de wijze waarop sommige punten in het rapport zijn geformuleerd geen recht doet aan de inspanningen die reeds zijn geleverd. Zeker gezien de timing van het onderzoek, en het feit dat deze conclusies grotendeels zijn gebaseerd op input van slechts twee culturele instellingen.

5

Wij hopen dat deze toelichting bijdraagt aan een goed begrip van het proces en kijken uit naar een constructieve voortzetting. Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders; de secretaris,

de burgemeester,

drs. C.A. de Haas, MBA

mr. D.S.C. Jansen

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=LoonOpZand&id=96a249aa-4ba8-466f-9be9-276fdb803703