Bijlage 2. Memo begroting 2026 erratum lokale heffingen
Tekst van het document
Memo Onderwerp: Correctie (Erratum) Begroting 2026–2029 – Paragraaf Lokale Heffingen Datum: 7 oktober 2025 Van: Domein Bedrijfsvoering, Wethouder Meulensteen Aan: College van Burgemeester en Wethouders en Gemeenteraad 1. Aanleiding In de Begroting 2026–2029, die momenteel in de bestuurlijke route is gebracht, is geconstateerd dat in de paragraaf Lokale Heffingen twee onderdelen niet correct zijn weergegeven. Om te voorkomen dat de behandeling van de begroting plaatsvindt op basis van onjuiste informatie, is dit memo opgesteld ter correctie (erratum). 2. Correcties 2.1 Uitgangspunt, pullet 5 Was: • Ook de rioolheffing wordt volledig kostendekkend berekend. Voor 2026 stijgt het vastrecht naar € 230 per perceel. Dit leidt tot een onttrekking aan de voorziening riolering. Word: • Ook de rioolheffing wordt volledig kostendekkend berekend. Voor 2026 blijft het vastrecht € 230 per perceel. We onttrekken middelen uit de voorziening riolering om dit te realiseren. 2.2 Tabel inwonerslasten Met uitzondering van de rioolheffing voor gezin, zijn alle waarden in de tabel gewijzigd. •
Was
•
Word
Gemeentelijke belastingcapaciteit (bedragen x € 1) OZB-lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde Rioolheffing voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde Afvalstoffenheffing voor een gezin Eventuele heffingskorting voor een gezin Totale woonlasten voor gezin bij gemiddelde WOZwaarde
Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2025 2026 2027 2028 2029 550 574 587 600 614 230 230 230 230 230 346 336 344 351 359 1.126
1.140
1.161
1.181
3. Gevolgen De correcties betreffen uitsluitend tekstuele en cijfermatige aanpassingen binnen de paragraaf Lokale heffingen, pagina 45. Er zijn geen gevolgen voor de totale financiële koers van de begroting, maar de correcties zijn noodzakelijk voor een juiste weergave van de uitgangspunten en de lasten voor onze inwoners. 4. Vervolg De aangepaste tekst en tabel worden verwerkt in de begroting 2026-2029, zodat deze correct wordt meegenomen in de raadsbehandeling. Bijlage: pagina 45 paragraaf Lokale heffingen waarin erratum is verwerkt
1.202
Paragraaf 1. Lokale heffingen De paragraaf lokale heffingen bevat zowel de beleidsvoornemens voor de gemeentelijke lasten als een overzicht op hoofdlijnen van de verschillende belastingen en heffingen. Deze inkomstenbronnen zijn goed voor circa 25% van de totale gemeentelijke opbrengsten en vormen daarmee een belangrijk financieel fundament. De in deze paragraaf opgenomen tarieven en percentages zijn voorlopig en indicatief. Zoals gebruikelijk worden de definitieve voorstellen voor de tarieven in december gepresenteerd. Sinds 1 januari 2023 is de uitvoering van onze belastingtaken ondergebracht bij de Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB). Binnen dit samenwerkingsverband stemmen de deelnemende partijen af hoe de BWB haar werkzaamheden uitvoert. Dit leidt tot een hogere efficiëntie in de praktijk. Beleidsuitgangspunten Uitgangspunten tariefbeleid • Na de stijging in 2025 van de OZB tarieven is er nu alleen een CPI verhoging toegepast. • Het uitgangspunt bij de hondenbelasting is dat deze kostendekkend is. De kosten voor het innen van de belasting via de BWB en de kosten verbonden aan de hondenuitlaatplaatsen, zoals poepzakjes, het plaatsen van borden en het onderhoud en schoonmaken van de hondenuitlaatplaatsen worden gedekt uit de geïnde hondenbelasting.
• Voor 2026 wordt de toeristenbelasting verhoogd tot het landelijk gemiddelde inclusief de consumentenprijsindex voor hotelovernachtingen & vakantiewoningen en voor Bed & Breakfast. In 2027 wordt het tarief bepaald op basis van het landelijk gemiddelde T-2 plus CPI. • Het tarief voor de afvalstoffenheffing wordt volledig kostendekkend vastgesteld. Sinds 1 januari 2024 bestaat deze heffing uit een vast en een variabel deel. Het vaste bedrag is voor elk huishouden gelijk en wordt jaarlijks in het eerste kwartaal geïnd door de Belastingsamenwerking West-Brabant. Het variabele deel verschilt per huishouden en hangt af van het aantal keren dat restafval wordt aangeboden. Deze kosten worden achteraf, op basis van de werkelijke ledigingen, in rekening gebracht. Concreet betekent dit dat de ledigingen uit 2026 in 2027 worden gefactureerd. • Ook de rioolheffing wordt volledig kostendekkend berekend. Voor 2026 blijft het vastrecht € 230 per perceel. We onttrekken middelen uit de voorziening riolering om dit te realiseren. • De Omgevingswet is ingevoerd en met het uitvoeren van de processen komen de processen en de gemaakte kosten hiervoor concreter in beeld. De leges worden jaarlijks opnieuw beoordeeld en herberekend, met als uitgangspunt een kostendekkende opzet. • Voor de overige leges en heffingen wordt het indexeringspercentage uit de meicirculaire 2025 toegepast: 2,6%.
Uitzondering hierop vormen de tarieven die door het Rijk worden vastgesteld. Kwijtschelding Kwijtschelding is vastgelegd in een gemeentelijke regeling. Particuliere belastingplichtigen kunnen een aanvraag indien voor de volgende belastingen: • Afvalstoffenheffing tot maximaal 100%. • Rioolheffing tot maximaal 100%. • Hondenbelasting tot maximaal 100% van de eerste hond. Totale woonlasten voor een gezin bij gemiddelde WOZ-waarde Hieronder is een tabel opgenomen met de totale gemiddelde woonlasten voor een gezin van 20252029. De OZB, riool- en afvalstoffenheffing wordt hierin meegenomen. Gemeentelijke belastingcapaciteit (bedragen x € 1) OZB-lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde Rioolheffing voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde Afvalstoffenheffing voor een gezin Eventuele heffingskorting voor een gezin Totale woonlasten voor gezin bij gemiddelde WOZwaarde
Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2025 2026 2027 2028 2029 550 574 587 600 614 230 230 230 230 230 346 336 344 351 359 1.126
1.140
1.161
1.181
1.202