Bijlage 2: Actualisatie begroting 2024
Tekst van het document
Actualisatie begroting 2024 (incl. 1e en 2e begrotingswijziging 2024)
3 januari 2024 dagelijks bestuur 19 januari 2024 algemeen bestuur 29 januari 2024
2
Hoofdstuk: Voorwoord
2024
Actualisatie begroting 2024
3
Hoofdstuk: Voorwoord
Inhoud 1. 2.
VOORWOORD ACTUELE EN GEWIJZIGDE BEGROTING 2024 2.1 Aanpassingen van de begroting 2024 op hoofdlijnen 2.2 Toelichting op de aanpassingen in de begroting 2024 2.3 Begrotingswijzigingen 2024 2.4 (Nieuwe) investeringen 2.5 Gemeentelijke bijdragen 2.6 Mutaties reserves en voorzieningen 2.7 Formatie & bezetting
4 5 5 7 9 11 13 14 15
Hoofdstuk: Voorwoord
1. VOORWOORD Ons algemeen bestuur stelde de begroting voor 2024 vast op 10 juli 2023. Deze begroting ging uit van de bestaande bedrijfsvoering en is gebaseerd op de financiële informatie zoals die bekend was in het voorjaar van 2023. Aan het begin van elk boekjaar vindt een integrale bijstelling plaats. Op die manier kunnen we het jaar starten met actuele budgetten. De bijgestelde begroting wordt beïnvloed door ontwikkelingen en gebeurtenissen, zowel intern als extern, die vaak niet voorspelbaar zijn. Helaas zien wij dat ondanks de krapte op de arbeidsmarkt het aantal mensen dat een beroep doet op een bijstandsuitkering ook bij ons langzaam toeneemt. Ook zien we dat gedetacheerde medewerkers eerder terugkomen bij onze organisatie omdat de opdrachtgevers niet altijd voldoende werk hebben. Het lijkt er derhalve op dat de diverse ontwikkelingen in de wereld (waaronder oorlogen en daaraan gekoppeld omvangrijke volksverhuizingen) ook invloed hebben op onze landelijke en lokale economie. Daarnaast zijn recent over zowel de cao SGO, die wordt gevolgd voor het reguliere personeel, als de cao’s Aan de slag en WSW nieuwe akkoorden bereikt tussen de VNG en de vakbonden. Het is goed te constateren dat hierdoor ook voor onze doelgroepmedewerkers compensatie plaatsvindt voor de hogere kosten van levensonderhoud.
Ook het wettelijk minimumloon (en het daaraan gekoppelde bedrag voor een bijstandsuitkering) is verhoogd. Dit alles betekent dat onze kosten fors toenemen. Voor deze kosten worden de gemeenten deels gecompenseerd via de indexatie (accres) van het gemeentefonds. Dat geldt echter vooralsnog niet voor alle kosten. Zo wordt er nog volop overleg gepleegd en discussie gevoerd tussen het ministerie van SZW, de VNG en onze branchevereniging Cedris over de structurele gevolgen en de daarmee gepaard gaande kosten van de aangepaste cao’s Aan de slag en WSW. Ook zal pas in de loop van 2024 duidelijk worden in hoeverre de BUIG-inkomsten worden verhoogd om de ingeschatte verhoogde BUIG-uitgaven te compenseren. Helaas ervaren wij als organisatie de krapte op de arbeidsmarkt nog steeds. Het blijft een uitdaging om vacatures tijdig en goed in te vullen. Ook is ons ziekteverzuimpercentage relatief hoog. Om onze dienstverlening op peil te houden is het noodzakelijk deskundigheid in te huren. Het blijven, ook financieel dus voorlopig onzekere tijden. Het is wel goed te constateren dat het rentevoordeel dat we behalen vanwege het aangaan van een vroege financiering voor onze herhuisvesting voor het jaar 2024, en dus incidenteel, een substantieel voordeel oplevert dat wij inzetten binnen onze exploitatie.
Met gepaste trots kan ik melden dat we in 2023 meer mensen naar werk hebben begeleid dan begroot. Iets waar we ook in 2024 weer voor gaan. Feit is wel dat de mensen die wij naar werk begeleiden vaker en intensiever begeleiding nodig hebben. Uiteraard bieden wij dat maatwerk ook in 2024. Ad van Oudheusden directeur
Actualisatie begroting 2024
4
5
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2024
2. ACTUELE EN GEWIJZIGDE BEGROTING 2024 2.1 Aanpassingen van de begroting 2024 op hoofdlijnen De bijgestelde begroting 2024 leidt tot een nadelig resultaat van afgerond € 2.327.000. De mutaties die hieraan ten grondslag liggen, zijn op de volgende pagina’s gespecificeerd en toegelicht. In paragraaf 2.5 is gespecificeerd wat dit resultaat betekent voor de gemeentelijke bijdragen. Zoals uit het overzicht blijkt, is een groot deel van de kostenstijgingen autonoom van aard. Dit betreft voornamelijk een toename van personeelslasten, een toename van uitkeringslasten en een afboeking van vorderingen op uitkeringsdebiteuren en wordt onderstaand nader toegelicht. De stijging van de personeelslasten (€ 708.000) is het gevolg van Cao-stijgingen en verhogingen van het wettelijk minimumloon. De stijging betreft voor een groot deel de toename van nietgesubsidieerde personeelskosten als gevolg van cao-stijgingen (€ 447.000). De verhoging van de personeelskosten van gesubsidieerd personeel Sw (€ 553.000) en personeelskosten Fidant (€ 522.000), door cao-stijgingen en verhoging van het wettelijk minimumloon, wordt voor een deel gedekt door hogere bijdragen van € 814.000 (Wsw-Rijksvergoeding € 721.000, Participatiebudget € 30.000, loonkostensubsidie Fidant intern € 63.000).
De verwachte toename van het aantal uitkeringen, ondersteund door cijfers uit de Macro Economische Verkenning (MEV), leidt tot hogere uitkeringslasten in 2024 (€ 1.571.000). Dit wordt vooralsnog slechts ten dele gecompenseerd door hogere BUIG-inkomsten (€ 562.000) en verwachte hogere invordering op uitkeringsdebiteuren (€ 50.000). Per saldo ontstaat een hogere last van € 959.000. Een verwachte afboeking van vorderingen op uitkeringsdebiteuren leidt in 2024 tot extra lasten (€ 300.000). Toepassing van de ‘menselijke maat’ in wetgeving en het aflopen van termijnen uit de Wet schuldsanering zijn de belangrijkste redenen voor deze verwachte afboekingen. In 2023 zijn reeds additionele lasten genomen en dit zal ook in 2024 de situatie zijn. Tot slot Voor de toename van de salariskosten niet gesubsidieerd personeel worden de gemeenten gecompenseerd via het accres in de algemene uitkering van het rijk. Voor de netto BUIG-lasten is het van belang op te merken dat de lastenstijging als gevolg van de toename van het aantal uitkeringen is gebaseerd op de kennis per ultimo 2023. De stijging van de corresponderende BUIG-inkomsten is conform de publicatie van de voorlopige budgetten naar de inzichten van de septembercirculaire 2023 (incl. nagekomen correctie dd. 27/12/2023). Er volgen in de loop van het jaar voor beide componenten nog aanpassingen.
De nieuwe raming voor de BUIGinkomsten, die hopelijk gaat aansluiten bij de hogere lasten, zal in de meicirculaire 2024 bekend worden gemaakt.
6
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2024
Specificatie aanpassing begroting 2024 aard mutaties:
Bedragen x €1.000
Voordeel/ Structureel/ Autonoom/ Nadeel Incidenteel Beïnvloedbaar
Mutaties: 1a. Niet-gesubsidieerd personeel, hogere kosten bij gelijkblijvende formatie a.g.v. CAO-stijgingen in 2023 en 2024 1b. Niet-gesubsidieerd personeel, lagere doorbelasting naar trajecten 2. Gesubsidieerd personeel, hogere kosten a.g.v. CAO-stijgingen en stijging minimumloon 3. Fidant personeel (Banenafspraak en Beschut Werk), hogere kosten a.g.v. CAO-stijgingen en stijging minimumloon, en toename 8 FTE Banenafspraak
447 489 553 522
N N N N
S S S S
A B A A
4. Wsw-Rijksvergoeding o.b.v. circulaire sept. 2023 5. Participatiebudget o.b.v. circulaire sept. 2023 6. Loonkostensubsidie Fidant intern
-721 -30 -63
V V V
I I I
A A A
7. Hogere kosten inhuur derden a.g.v. ziekteverzuim
325
N
I
B
1.571
N
S
A
9. BUIG LKS Banenafspraak en Beschut Werk, groei in 2024 conform gerealiseerde groei in 2023
233
N
S
A
10. BUIG-inkomsten o.b.v. circulaire sept.2023 11. BUIG-invordering
-562 -50
V V
I I
A A
12. Afboeking op uitkeringsdebiteuren a.g.v. verlopen termijnen Wet schuldsanering
300
N
I
A
13. Hogere omzet Twiddus
-101
V
S
B
14. Overige lasten en baten: - Rentebaten - Energie, lagere kosten a.g.v. lagere contracttarieven - Verbetering leesbaarheid brieven - Inhuur t.b.v. afwikkelen achterstand in proces bestuurlijke boetes (o.b.v. Participatiewet) - Digitalisering - Bedrijfsgeneeskundige dienst - Afschrijvingen - Kosten o.b.v. bestedingsplan herpositionerings reserve
-500 -346 150 65 50 30 -35 556
V V N N N N V N
I I I I S S I
A A B B B A B
Via herpositioneringsreserve
-556
V
TOTAAL mutaties
2.327
8. BUIG-uitkeringen, toename aantal uitkeringen met 20 t.o.v. aantal in ontwerpbegroting (1440 gem.) stijging t.o.v. aantal uitkeringen per eind nov.2023 betreft 2,5% (2,98% o.b.v. MEV sept.2023) impact toename aantal uitkeringen is EUR 350k; restant stijging als gevolg van min.loon stijgingen 1/7/23 en 1/1/24
Samengevat naar aard van de mutaties:
Actualisatie begroting 2024
7
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2024
2.2 Toelichting op de aanpassingen in de begroting 2024 1. Niet-gesubsidieerd personeel Bij het opstellen van de begroting 2024 was er nog geen cao-akkoord 2023. Initieel is rekening gehouden met 5,2% over 2023. Het daadwerkelijke cao-akkoord 2023 was hoger en leidt daarom tot een aanvullende last in 2024 in de aangepaste begroting. In de aangepaste begroting is voor 2024 het cao-akkoord toegepast van 4,75% per 1 januari 2024 en 1,25% per 1 oktober 2024. Dit leidt tot een aanvullende last ten opzichte van de oorspronkelijke begroting waar op basis van de Kaderbrief 4,2% is gehanteerd. Tevens is de interne doorbelasting van loonkosten naar trajecten in de oorspronkelijke begroting te hoog opgenomen. Dit wordt nu gecorrigeerd en leidt tot een last van € 489.000. Dit is geen uitgave die plaatsvindt, maar een correctie van een te hoog berekende bate. De begrote doorbelasting in 2024 is daarmee in lijn met de realisaties in 2022 en 2023. 2. Gesubsidieerd personeel In de oorspronkelijke begroting 2024 is op basis van de Kaderbrief een verhoging van 4,2% toegepast. Het akkoord CAO SW met verhogingen per 1 oktober 2023 (medewerkers boven minimumloon 3,8% verhoging) en 1 januari 2024 (medewerkers boven minimumloon tabel verhoging € 50) é n de verhogingen van het wettelijk minimumloon per 1 juli 2023 en 1 januari 2024 leiden tot hogere loonkosten in 2024. 3.
Fidant personeel (Banenafspraak en Beschut werk) In de initiële begroting 2024 is op basis van de Kaderbrief een verhoging van 4,2% toegepast. Het akkoord CAO Aan de Slag met een verhoging per 1 januari (tabel verhoging voor medewerkers boven minimumloon) en de verhogingen van het wettelijk minimumloon per 1 juli 2023 en 1 januari 2024 leiden tot hogere loonkosten in 2024. Tevens leidt een toename van het aantal medewerkers Banenafspraak t.o.v. de oorspronkelijke begroting (+8 FTE) tot een additionele last van circa € 275.000. 7. Inhuur derden Als gevolg van een hoog ziekteverzuim is een hogere inhuur derden noodzakelijk. Ziekteverzuim heeft de aandacht van leidinggevenden (o.a. nauw contact met bedrijfsarts, casemanager en aansluiting in SMT’s). Ondanks deze aandacht hebben we niet de verwachting dat het ziekteverzuim in 2024 substantieel lager zal zijn, o.a. omdat een groot deel van het verzuim lang verzuim betreft. Hogere inhuur derden is daarom noodzakelijk. In de begrotingsmethodiek van 2023 waren de reguliere loonkosten begroot tegen max schaal. Hierdoor kon in 2023 extra inhuur worden opgevangen. In begroting 2024 worden reguliere loonkosten begroot tegen de huidige periodiek +1. Een verhoging van het inhuurbudget is daarom nodig. 8. BUIG-uitkeringen Het uitgangspunt in de begroting was gemiddeld 1.440 uitkeringen voor 2024.
Op basis van het gemiddeld aantal uitkeringen 2023 (1.421) en rekening houdend met de raming Macro Economisch Verkenning 2024 (september 2023) van 2,98%, is het gemiddeld aantal uitkeringen voor 2024 nu aangepast naar 1.463. In 2023 is het aantal uitkeringen gestegen van 1.394 per 1 januari naar 1.451 per 31 december. Naast de verwachte toename in het aantal uitkeringen leidt de minimumloon stijging (uitkeringen zijn hieraan gekoppeld) per 1 juli 2023 en 1 januari 2024 tot additionele lasten ten opzichte van de begroting 2024. 9. BUIG LKS Banenafspraak en Beschut Werk De loonkostensubsidie lasten voor 2024 zijn bijgesteld op basis van de gerealiseerde groei in 2023.
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2024
12. Afboeking op vorderingen uitkeringsdebiteuren Toepassing van de ‘menselijke maat’ in wetgeving en het aflopen van termijnen uit de Wet schuldsanering zijn de belangrijkste redenen voor de verwachte afboekingen op vorderingen uitkeringsdebiteuren. In 2023 zijn reeds additionele lasten genomen (€ 275.000 aanpassing begroting in 2e Berap). De opgenomen last voor 2024 van € 300.000 betreft een stelpost en zal op basis van de ontwikkelingen in 2024 worden bijgesteld. De vordering op uitkeringsdebiteuren per eind november 2023 bedraagt € 7,2 miljoen. 13. Omzet Op basis van de omzet ontwikkeling in 2023 wordt voor 2024 een hogere omzet Twiddus verwacht ten opzichte van de oorspronkelijke begroting. Overige lasten en baten Onder overige lasten en baten zijn enkele kostenverhogingen en -verlagingen ten opzichte van de ontwerpbegroting 2024 opgenomen. Onderstaand een nadere toelichting op de belangrijkste posten. -Rentebaat € 500.000 Op 18 oktober 2021 heeft het Algemeen Bestuur besloten over te gaan tot vernieuwbouw. Voor de financiering hiervan zijn eind 2021 en begin 2022 twee langlopende leningen met een looptijd van 50 jaar afgesloten. Voor de lening van € 20 miljoen betalen wij jaarlijks 0,71% rente en voor de tweede lening (€ 5 miljoen) betalen we 1,368 % rente per jaar. De (structurele) rentelasten van deze leningen zijn in de begrotingen 2024 en volgende jaren opgenomen.
De opgenomen leningen zijn tot op heden slechts ten dele aangewend voor financiering van de nieuwbouw. De overtollige liquide middelen staan geparkeerd in de Schatkist. Vanaf eind 2022 vergoedt het Rijk hierover weer rente. Per medio december bedraagt het rentepercentage 3,9%. Voor 2024 wordt op basis van het verwachte verloop van de liquide positie ingeschat dat de (incidentele) extra rentenbaten ongeveer € 500.000 gaan bedragen. -Verbetering leesbaarheid brieven € 150.000 Naar aanleiding van eerder gemaakte afspraken met bestuur en participatieraad dient de leesbaarheid van brieven te worden verbeterd. Het is niet gelukt dit te realiseren met behulp van de inzet van stagiaires. De te maken kosten bedragen € 150.000 hetgeen niet was opgenomen in de begroting 2024. -Inhuur t.b.v. wegwerken achterstand bestuurlijke boetes € 65.000 Vanaf augustus 2023 is gestart met het wegwerken van achterstanden in het opleggen van bestuurlijke boetes vanaf 1 januari 2023. Op grond van de Participatiewet dient een dergelijke boete te worden opgelegd bij schending van de informatieplicht. De achterstand wordt weggewerkt door de inzet van ingehuurd personeel. In het eerste kwartaal van 2024 wordt deze opdracht afgerond. De kosten in 2024 (€ 65.000) betreffen geen extra kosten, maar een verschuiving van kosten van 2023 naar 2024 a.g.v. een latere start dan gepland.
Digitalisering € 50.000 De komende jaren zullen de processen binnen onze organisatie verder gedigitaliseerd dienen te worden om onze dienstverlening op het vereiste niveau te kunnen houden en om als organisatie effectief en efficiënt te blijven opereren, rekening houdend met de externe ontwikkelingen die plaatsvinden op het gebied van digitalisering. In 2024 zullen wij hier verdere stappen in zetten. -Bedrijfsgeneeskundige dienst € 30.000 Vanwege een tariefstijging van 5% van de arbodienst en een verwachte toename van de begeleiding van zieke medewerkers is deze post verhoogd met € 30.000.
Actualisatie begroting 2024
8
9
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2024
2.3 Begrotingswijzigingen 2024 1e begrotingswijziging 2024: Investering Track & trace-systeem De investering voor het track & trace-systeem (zie paragraaf 2.4) is verwerkt in onderstaande 1e begrotingswijziging, welke aan het algemeen bestuur wordt voorgelegd ter vaststelling op 29 januari 2024. Bedragen x € 1
Beschikbaar voor wijziging 2024
Aanpassing c.q. nieuw krediet 2024
Beschikbaar na wijziging 2024
Nieuwe investeringen 2024 Track & trace-systemen
-
25.000
25.000
Totaal
-
25.000
25.000
Vastgesteld door het algemeen bestuur van Baanbrekers in de openbare vergadering van 29 januari 2024. Het bestuur voornoemd,
A. van Oudheusden Secretaris
T. Blankers Voorzitter
10
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2024
2e begrotingswijziging; bijstelling baten en lasten 2024 De bijstelling van de lasten en baten per deelprogramma is in onderstaande 2e begrotingswijziging 2024 verwerkt. De bijstelling van de begroting leidt tot een verhoging van de gemeentelijke bijdragen van € 2.327.000. Dat betekent dat ingevolge de gemeenschappelijke regeling op deze begrotingswijziging de zienswijzeprocedure van 12 weken van toepassing is. De vaststelling van de begrotingswijziging kan hierdoor pas plaatsvinden in de vergadering van het algemeen bestuur van 6 mei 2024.
Baanbrekers Bedragen x € 1.000 Lasten DP1: Re-integratie, Participatie & Inkomen DP2: Leren & Werken DP3: Gemeentelijke bijdragen & .........overige lasten en baten Totaal lasten deelprogramma's Overhead Totaal lasten
....Begroting 2023.... ....Begroting 2024.... ....Begroting 2024.... 2e na 3ᵉ wijziging voor wijziging Begrotingswijziging na 2e wijziging 43.723 14.310
36.584 14.971
3.415 1.658
39.999 16.629
40 58.073 6.680 64.753
35 51.590 8.356 59.946
0 5.073 -123 4.950
35 56.663 8.233 64.896
39.214 13.958
32.852 13.530
1.172 895
34.024 14.425
12.689 65.861
14.037 60.419
2.327 4.394
16.364 64.813
Geraamd saldo van lasten en baten
1.108
473
-556
-83
Af: stortingen reserves Bij: onttrekkingen reserves
-1.046 159
-473 0
0 556
-473 556
220
0
0
0
Baten DP1: Re-integratie, Participatie & Inkomen DP2: Leren & Werken DP3: Gemeentelijke bijdragen & .........overige lasten en baten Totaal baten
Geraamd resultaat
Vastgesteld door het algemeen bestuur van Baanbrekers in de openbare vergadering van 6 mei 2024. Het bestuur voornoemd, A. van Oudheusden
T. Blankers
Secretaris
Voorzitter
Actualisatie begroting 2024
11
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2024
2.4 (Nieuwe) investeringen A. Overlopende goedgekeurde investeringskredieten Niet afgeronde investeringskredieten vanuit 2023 en eerdere jaren lopen door naar 2024. De jaarlijkse afschrijvingskosten daarvan zijn in de oorspronkelijke begroting 2024 opgenomen. In de jaarrekening 2023 zal duidelijk worden vastgelegd welke lopende, reeds geaccordeerde, investeringen (zoals vernieuwbouw) doorlopen naar het boekjaar 2024. B. Aanvraag nieuwe investeringen Bij de primaire begroting 2024 waren voor het boekjaar geen nieuwe investeringskredieten opgevoerd. Nieuwe investeringen worden overeenkomstig de financiële verordening steeds in de tussentijdse (bestuurs)rapportages opgenomen. Track & trace-systemen ad € 25.000 Het is noodzakelijk het gehele wagenpark van Baanbrekers uit te rusten met track & trace-systemen. Daarmee wordt een sluitende en geautomatiseerde rittenregistratie afgedwongen wat van belang is voor fiscale doeleinden. Tevens verlaagt het de foutgevoeligheid en de administratieve lasten voor chauffeurs. De informatie over het voertuiggebruik wordt ook als input gebruikt bij besluitvorming over de vervanging van het huidige, verouderde wagenpark. Deze investering is opgenomen in de eerste begrotingswijziging 2024. C.
Voorgenomen indicatieve investeringen In de oorspronkelijke begroting 2024 was rekening gehouden met een aantal voorgenomen indicatieve investeringen met bijbehorende afschrijvingslasten. In de opiniërende vergadering van het algemeen bestuur van 19 juni 2023 is de meerjareninvesteringsbegroting besproken. De voorgenomen investeringen (jaarschijf 2024) worden nu aangepast naar de inzichten zoals opgenomen in deze voorlopige meerjareninvesteringsbegroting. Een en ander resulteert in de volgende voorgenomen investeringen voor de bijgestelde begroting 2024 Jaar van investering 2024
Investeringsbedrag € 440.000
2024 2024 2024 2024
€ 80.000 € 195.000 € 60.000 € 10.000
Omschrijving Wagenpark, investeringen jaarschijf 2024 ICT-optimalisering Moderniseren verpakken & magazijn Vervangen schaftketen Inventaris bedrijfsrestaurant
Afschrijvingslast* € 88.000
1e Afschrijvingsjaar 2025
€ 16.000 € 9.750 € 12.000 € 1.000
2025 2025 2025 2025
*afschrijvingslasten berekend op basis van geldende nota investeren, waarderen en afschrijven.
Nadere toelichting: Wagenpark, vervangingen 1e fase (€ 200.000) en 2e fase (€ 175.000) Er wordt een integraal meerjarig vervangingsplan opgesteld voor het wagenpark. Dit plan is nog niet gereed, maar in de oorspronkelijke begroting was i.v.m. de continuïteit van de bedrijfsvoering voor noodzakelijke vervangingen € 375.000 opgenomen. Het project toekomstig wagenpark is nog onderhanden. Vooralsnog is het uitgangspunt dat eigendom de voorkeur heeft boven lease. Op basis van de voorlopige meerjareninvesteringsbegroting wordt nu voor het jaar 2024 een voorgenomen investering opgenomen van € 440.000. Zodra het integrale plan gereed is, zullen de aanvullende vervangingsinvesteringen voor de jaren 2025 en later in de begrotingen worden opgenomen.
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2024
ICT-investeringen € 551.000 De nieuwe ICT-investeringen zullen voor een groot deel gaan samenvallen met de oplevering van de vernieuwbouw. Hierdoor schuift het grootste deel van de ICT-investeringen door naar 2025. In 2024 zal voor ICT-optimalisering een bedrag noodzakelijk zijn van € 80.000. Modernisering Verpakken & magazijn € 195.000 Voor de automatisering van het magazijn staat op de meerjareninvesteringsbegroting voor 2024 een bedrag van € 40.000 opgenomen. Voor vervanging machines (Cip Cab, krimp Sealmachine etc) is een investering van € 155.000 begroot. Vervangen schaftketen € 60.000 Voor vervanging van 4 schaftketen is een investeringsbedrag voorzien van € 60.000. De investering is overigens afhankelijk van een mogelijke toekomstige samenwerkingspartner. Inventaris bedrijfsrestaurant € 10.000 Met de aanschaf van nieuwe inventaris voor het bedrijfsrestaurant is een investering van € 10.000 gemoeid.
Actualisatie begroting 2024
12
13
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2024
2.5 Gemeentelijke bijdragen De bijstelling van de ramingen van de baten en lasten resulteert in een aanpassing van de gemeentelijke bijdragen. In onderstaande tabel is voor de verschillende budgetten het te betalen bedrag per gemeente gespecificeerd.
Vaste budgetten Gemeentelijke bijdragen Gebundelde uitkering (BUIG)* Participatiebudget Wsw rijksvergoeding Totaal
1
Heusden Loon op Zand
Waalwijk
Baanbrekers
6.129.457
3.197.860
6.638.710
15.966.027
10.433.950 205.399 3.270.600 20.039.406
4.129.240 89.067 2.814.450 10.230.617
14.915.497 225.394 5.308.188 27.087.789
29.478.687 519.860 11.393.238 57.357.812
990.000
450.000
1.370.000
2.810.000
Indicatieve budgetten ↓ Bijzondere bijstand 1
* = Conform voorlopig budget BUIG 2024
Het aandeel van de gemeentelijke bijdragen dat conform de gemeenschappelijke regeling wordt berekend op basis van de inwoneraantallen ontwikkelt zich als volgt:
Heusden Loon op Zand Waalwijk Totaal
Oorspronkelijke begroting 2024 5.236.107 2.731.782 5.671.138 13.639.027
Bijstelling 893.350 466.078 967.572 2.327.000
Gewijzigde Begroting 2024 6.129.457 3.197.860 6.638.710 15.966.027
Bovenstaande gewijzigde verdeling is tot stand gekomen op basis van de inwoneraantallen per 1 januari 2023, volgens onderstaande tabel.
Heusden Loon op Zand Waalwijk Totaal
Aantal inwoners per 1-1-2023* 45.557 23.768 49.342 118.667
Procentuele verdeling 38,39% 20,03% 41,58% 100 %
* Bij de eindafrekening over 2024 zullen de werkelijke aantallen inwoners per 1 januari 2024 worden gehanteerd. Deze waren op het moment van actualisatie van de begroting 2024 nog niet bekend.
14
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2024
2.6 Mutaties reserves en voorzieningen Reserve vernieuwbouw De reserve vernieuwbouw is ingesteld om de mutaties, die direct het gevolg zijn van de uitvoering van de vernieuwbouw, bij elkaar te houden om eind 2025 of begin 2026 het totaal van de posten af te kunnen boeken van de investering in de nieuwbouw. Indien geen reserve was ingesteld, dan zouden deze posten op meerdere boekjaren komen en zorgen voor fluctuaties in de jaarlijkse exploitatielasten. Het gaat daarbij om de volgende kosten/ baten: • 2021: eenmalige vrijval van de opgebouwde onderhoudsvoorziening gebouwen; • 2021: eenmalig te nemen verlies als gevolg van afwaardering boekwaarde gebouw 1; • 2022 t/m 2025: voordelen als gevolg van besparingen op afschrijvingskosten gebouw 1; • 2022 t/m 2025: voordelen als gevolg besparing stortingen in onderhoudsvoorziening; • 2025: boekwinst verkoop gebouwen 2,3,4. Deze mutaties leiden in 2025 tot een reserve van afgerond € 3,9 miljoen die eind 2025 zal worden ingezet ter dekking van een deel van de bruto investering. In dit bedrag zit één post die nog onzeker is. Dit is de opbrengst van de verkoop van de gebouwen 2, 3 en 4. Voor 2024 betekent dit: De mutaties in 2021 t/m 2023 resulteren in een stand per 1-1-2024 van: In 2024 vindt geen storting meer plaats in de onderhoudsvoorziening gebouwen.
Dit bedrag wordt gestort in de reserve vernieuwbouw: In 2024 wordt bespaard op de afschrijvingskosten van gebouw 1. Dit bedrag wordt ook gestort in de reserve vernieuwbouw: Geraamde stand van de reserve per 31-12-2024
€ 1.212.175
€ 342.500 € 130.204 € 1.684.879
Reserve herpositionering In de oorspronkelijke begroting 2024 is geen mutatie geraamd in deze reserve. In de vergadering van het algemeen bestuur van 18 december 2023 is behandeld het “Bestedingsplan Herpositionering 2023-2025”. Daarin is een raming opgenomen van de navolgende bestedingen voor de jaren 2024 en 2025: 2024: € 556.000 2025: € 21.000 De kosten 2024 ad € 556.000 zijn in de gewijzigde begroting 2024 verwerkt, en worden door de geraamde onttrekking uit de reserve afgedekt. Voorziening gebouwen vanaf 2026 Met het instellen van de reserve vernieuwbouw is de onderhoudsvoorziening, en dus ook de jaarlijkse storting, komen te vervallen. Na ingebruikname van het nieuwe pand zal uiteraard een nieuwe voorziening worden gevormd. Deze komt voor het eerst in beeld in de begroting 2026. Voorziening exploitatietekorten Ruelong BV In de primaire begroting 2024 is een storting in deze voorziening geraamd van € 781.000, zijnde het geraamd bedrijfsresultaat. Deze wijzigt niet.
Actualisatie begroting 2024
15
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2024
2.7 Formatie & bezetting De formatie is ongewijzigd ten opzichte van de ontwerpbegroting 2024.