Bijlage 1. Toelichting vastgesteld bestemmingsplan
Tekst van het document
TOELICHTING Bestemmingsplan “Wielstraat 16 Kaatsheuvel”
-Wak
NL.IMRO.0809.BPWielstraat16-VA01 juni 2024
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
1 Status: Vastgesteld
Inhoud PLANTOELICHTING 1. 1.1 1.2 1.3 1.4
INLEIDING Aanleiding Ligging plangebied Vigerend bestemmingsplan Leeswijzer
4 4 4 5 6
2. 2.1 2.2
BESCHRIJVING PLANGEBIED Gebiedsanalyse Planinitiatief 2.2.1 Bestaande situatie 2.2.2 Nieuwe situatie
7 7 8 8 9
3. 3.1
BELEIDSKADER Rijksbeleid 3.1.1 Nationale Omgevingsvisie 3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) 3.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking Provinciaal beleid 3.2.1 Omgevingsvisie ‘De kwaliteit van Brabant’, Visie op de Brabantse leefomgeving 3.2.2 Structuurvisie Noord-Brabant 3.2.3 Interim omgevingsverordening Noord-Brabant Gemeentelijk beleid 3.3.1 Structuurvisie Loon op Zand 2030 3.3.2 Bestemmingsplan Buitengebied Geconsolideerd
13 13 13 13 14 15 15 15 16 21 21 22
4.10 4.11 4.12
OMGEVINGSASPECTEN Bodem Geluid Externe veiligheid Besluit milieueffectrapportage Hoogspanningsleidingen Luchtkwaliteit Bedrijven en milieuzonering Kabels en leidingen Water Verkeer 4.8.1 Verkeer 4.8.2 Parkeren Flora en fauna Archeologie en cultuurhistorie Gezondheid
24 24 26 27 28 29 30 32 34 35 37 37 37 37 39 42
5. 5.1
JURIDISCHE BESCHRIJVING Verantwoording planvorm
44 44
3.2
3.3
4. 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.6 4.7 4.8 4.9
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
2 Status: Vastgesteld
5.2 5.3
Systematiek bestemmingen Artikelsgewijze toelichting
44 44
6. 6.1 6.2
MAATSCHAPPELIJKE EN ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID Maatschappelijke uitvoerbaarheid Economische uitvoerbaarheid
47 47 47
BIJLAGEN 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
Bodem- en asbestonderzoek Akoestisch onderzoek Quickscan flora en fauna Stikstofonderzoek (AERIUS-berekening) Archeologisch onderzoek Omgevingsdialoog Nota vooroverleg Nota zienswijze
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
3 Status: Vastgesteld
1.
INLEIDING 1.1
Aanleiding
Door de eigenaar van het perceel Wielstraat 16, gelegen aan de westzijde van de Wielstraat en zuiden van de Zandberg te Kaatsheuvel (hierna te noemen: initiatiefnemer), is een plan ontwikkeld, dat voorziet in het saneren van de agrarische bedrijfsbebouwing en het realiseren van een (vervangende) vrijstaande grondgebonden woning, meer specifiek op de percelen, kadastraal bekend als gemeente Loon op Zand, sectie O, nummers 651 en 45. Het voorgenomen initiatief past niet binnen het vigerende bestemmingsplan. Daarom wordt een nieuw bestemmingsplan opgesteld, waarmee een planologisch-juridische basis wordt gevormd voor het initiatief. 1.2
Ligging plangebied
Het plangebied aan de Wielstraat ligt in het buitengebied van de gemeente Loon op Zand langs de verbindingsroute tussen Kaatsheuvel en Waalwijk.
Oosteiñď
Loons Hoekje
V 'Van
.HąeŞ«ect
Sprángsevaart i 3
T Luchtfoto: ligging
plangebied
in het buitengebied
tussen Kaatsheuvel en Waalwijk.
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
4 Status: Vastgesteld
Duiding planlocatie nieuwbouw
īonődonk \ 'ììssSt rig-Capelle Sprang
^OeKeis
WOOŴfiřUVf/
Ķaottneũve/ Kaatsheuvel
Kaatshi •IZutćffň mmm 1.3
Doel en vigerend bestemmingsplan
Het doel van dit nieuwe bestemmingsplan is het tot stand brengen van een regeling om op het perceel Wielstraat 16 in Kaatsheuvel een vervangende nieuwe vrijstaande woning te kunnen realiseren. Ter plaatse van het plangebied geldt het bestemmingsplan "Buitengebied Geconsolideerd". Hierin zijn alle eerder plaatsgevonden wijzigingen, herzieningen e.d. verwerkt. Op onderstaande uitsnede van de verbeelding van het bestemmingsplan “Buitengebied Geconsolideerd ” is het plangebied aangegeven.
Locatie Wielstraat 16 te Kaatsheuvel
Uitsnede
van de vigerende
verbeelding
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
5 Status: Vastgesteld
" Bestemming Ter plaatse van het plangebied aan de Wielstraat geldt de bestemming “Agrarisch met waarden Natuur- en landschapswaarden ”, de dubbelbestemming “Waarde - Archeologie 2” met de aanduiding “bouwvlak”. Tevens gelden ter plaatse van het plangebied de functieaanduiding “Specifieke vorm van agrarisch met waarden - natuurontwikkelingsgebied ” en de gebiedsaanduidingen: “milieuzone grondwaterbeschermingsgebied ”, “overige zone - bebouwingsconcentratie” (deels) en “overige zone beperkingen veehouderij ”. " Toets Z strijdigheid met bestemmingsplan Het voorliggende initiatief voorziet in het saneren van de agrarische bedrijfsbebouwing en het realiseren van een vrijstaande (burger)woning, die gerealiseerd wordt binnen de bestemming “Agrarisch met waarden - Natuur- en landschapswaarden ” voorzien van de aanduiding ‘natuurontwikkelingsgebied ’. Dit is op het betreffende perceelsdeel niet mogelijk omdat ter plaatse geen bestemmingsvlak ligt ten behoeve van een woning en een woning zich niet voegt binnen voornoemde agrarische bestemming. Daardoor dient ter plaatse van de beoogde nieuwbouwwoning een bestemmingsvlak “Wonen - 1” te worden opgenomen. De voor het perceel aan de Wielstraat 16 geldende bestemming bevat een wijzigingsbevoegdheid op grond waarvan het mogelijk de geldende bestemming te wijzigen ten behoeve van wonen en tuin.
Van deze bevoegdheid kan geen gebruik worden gemaakt, omdat de beoogde inhoud ruimer is dan waarin deze bepaling voorziet. Voor een toetsing aan de voor toepassing van de wijzigingsbevoegdheid geldende voorwaarden wordt verwezen naar paragraaf 3.3.2. Om voormelde redenen wordt tot een nieuw, op het initiatief afgestemd bestemmingsplan gekomen. 1.4
Leeswijzer
Voorliggend bestemmingsplan bevat een toelichting, regels en een verbeelding. De regels en de verbeelding vormen de juridisch bindende elementen van dit plan. De toelichting, zoals bedoeld in het Besluit ruimtelijke ordening, bestaat uit zes hoofdstukken. Hoofdstuk 1 bevat een korte omschrijving van de aanleiding van dit bestemmingsplan, een beschrijving van de ligging van het plangebied en van het vigerende bestemmingsplan, alsmede een weergave van de opbouw van het bestemmingsplan. In hoofdstuk 2 worden de ruimtelijke en functionele structuur van het plangebied geschetst. Hoofdstuk 3 bevat het beleidskader, waarin een samenvatting van het relevante beleid van rijk, provincie en gemeente wordt gegeven. In hoofdstuk 4 wordt de toelaatbaarheid van het initiatief vanuit milieu- en omgevingsaspecten beoordeeld en onderbouwd. In hoofdstuk 5 wordt de toelichting op de regels weergegeven, terwijl tot slot in hoofdstuk 6 de uitvoerbaarheid van de voorgestane ontwikkeling wordt beschreven in zowel maatschappelijk als economisch opzicht.
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
6 Status: Vastgesteld
2
BESCHRIJVING PLANGEBIED 2.1
Gebiedsanalyse
Het plangebied is gelegen ten westen van de Wielstraat en ten zuiden van de Zandberg en is gelegen aan de verbindingsroute tussen Kaatsheuvel en Waalwijk. WAALWIJK Oosteiñd"
Hoekje Zandberg
Sportcomplex Eikendijk
Bossen Plantloon
Loons Hoekje
Plangebied
KAATSHEUVEL
,-~van
Spîáŗļgsevaart
Het plangebied maakt deel uit van het buurtschap Loons Hoekje. De belangrijkste ontsluitingsweg voor dit buurtschap is de Wielstraat-Van Haestrechtstraat, die van de zuidrand van Waalwijk naar Kaatsheuvel loopt. Het Loons Hoekje ligt ingeklemd tussen de kernen Waalwijk aan de noordzijde en Kaatsheuvel en Sprang-Capelle aan de westkant. Aan de oost- en zuidzijde liggen de Loonse en Drunense Duinen bestaande uit grote stuifzandgebieden en bospartijen. Direct ten oosten liggen de bossen van het landgoed Plantloon. Het meer open gebied waar het Loons Hoekje zich bevindt betreft de Waalwijkse binnenpolder; een kleinschalig landschap met lanen, bomenrijen, houtsingels en kleine boscomplexen en een grootschalige blokverkaveling. In dit gebied bevinden zich naast wonen en (agrarische) bedrijvigheid tevens functies als sportcomplex Eikendijk en twee campings (niet afgebeeld). Er is daarmee sprake van een gemengd gebied. Het plangebied met de agrarische woning met agrarische bedrijfsbebouwing grenst aan de Wielstraat. De oorspronkelijke woning met bijbehorende bebouwing dateert uit de 19e eeuw en bestaat uit één bouwlaag met kap en is voorzien van een zadeldak. De kortgevel is daarbij georiënteerd op de Wielstraat. De woning met bedrijfsbebouwing staat op minimaal 7m van de openbare weg. Het perceel kent langs de Wielstraat een frontbreedte van circa 60m.
De kadastrale percelen (sectie O, nummers 651 en 45) zijn respectievelijk 7990m2 en 9680m2 groot en zijn gelegen in de oksel van de Wielstraat en de Zandberg. In de omgeving is sprake van voornamelijk vrijstaande woningen. Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
7 Status: Vastgesteld
Het voorgestane initiatief voorziet in het saneren van de agrarische bedrijfsbebouwing en het realiseren van een (vervangende) vrijstaande grondgebonden woning. Het plangebied zal rechtstreeks worden ontsloten op de Wielstraat. Onderstaande afbeelding geeft het plangebied en de directe omgeving weer.
Ontsluiting
Bestaande bebouwing
Beoogde woning
Het plangebied maakt deel uit van een ensemble woningen. In de directe omgeving, zowel langs het Hoekje en de Wielstraat zelf, zijn de voorbije periode diverse woningen vervangen door nieuwbouw. 2.2
Planinitiatief
Het plangebied is dusdanig groot dat er voldoende ruimte is voor een nieuwe (vervangende) vrijstaande woning op een meer centrale locatie op het perceel. Dit bestemmingsplan voorziet in een regeling op basis waarvan de bouw van een vervangende woning mogelijk wordt gemaakt, dit mede gebaseerd op het toevoegen van een forse landschappelijke kwaliteitsverbetering. 2.2.1
Bestaande situatie
De bestaande situatie betreft een ensemble van agrarische bedrijfsbebouwing op een perceel met een agrarische bestemming. De bebouwing wordt gekenmerkt door een kortgevelboerderij waarbij de stallen/schuren in dezelfde bouwvorm achter het hoofdgebouw zijn gerealiseerd. Het betreft vier ‘grotere ’ stallen en een enkel kleiner (bij)gebouw. Deze bebouwing is weergegeven op de navolgende afbeelding.
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
8 Status: Vastgesteld
■fr';
-
''
m m ■HM De gronden en bebouwing hebben geen agrarische functie meer. De bestaande bebouwing is gedateerd en op onderdelen in verval. 2.2.2
Nieuwe situatie
> Stedenbouwkundige opzet Met de realisatie van dit plan wordt de bestaande agrarische bebouwing gesloopt. Het plan bestaat uit de nieuwbouw van een royale villa. De nieuwe woning wordt georiënteerd aan de openbare weg. De bijgebouwen daarentegen worden georiënteerd op de tuin. De woning wordt op afstand van de openbare weg en meer centraal op het kavel gepositioneerd. Het plan wordt als een hoeve vormgegeven, waarbij de zichtlijnen vanuit de woning gericht zijn op de achterliggende tuin. Hiermee krijgt het plan een landelijk en open karakter in het landschap. Dit sluit aan op de historie, waaruit blijkt dat de bebouwing voorheen langs de Zandberg heeft gestaan en medio 1940 richting de Wielstraat is verplaatst. 'SV'
1900
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
Status: Vastgesteld
De initiatiefnemer heeft het agrarische perceel I pand met alle aanbehoren in eigendom verworven met als doel alle bebouwing te saneren en te komen tot de realisatie van een landgoedachtige woning. Met het initiatief wordt niet enkel gekomen tot een verhoging van het woongenot, maar gelijktijdig tot opwaardering en uitbreiding van de natuur- en landschappelijke potenties van het grotere gebied. De wens van de initiatiefnemer is in de massa en vorm afgestemd op een landelijke boerderij met bijgebouwen. Een dergelijke boerderij werd in de onderste laag bewoond en hier werden ook de dieren gehouden. Onder de kap bevond zich voor de voorraad of opslag van goederen zoals het voer voor de dieren. De basisvorm is afgestemd op dit traditionele concept en wordt geflankeerd door schuren die lager zijn dan de hoofdwoning en daarmee ondergeschikt daaraan zijn. Bij een landelijke boerderij is de begane grond het grootst, zo ook bij deze woning. Onder de kap is de ruimte beperkter, omdat de goot laag begint. Het idee is om de vorm zo passend mogelijk te laten opgaan in het huidige landelijke beeld, zodat het opgaat in zijn omgeving. Dit sluit aan bij de typologie van een boerderij wat inhoudt dat de kap domineert in de massa, Vz is kap en V is wand. De rieten kap versterkt dit beeld samen met de lage goot.
Kort samengevat wordt met het initiatief de massa van een traditionele Hollandse boerderij terug in het landschap geplaatst met een woonfunctie. Door een invulling te geven in de vorm van een landelijke boerderij met bijgebouwen en de daarmee gemoeide footprint is sprake van een inhoudsmaat van circa 3500m 3. Met het eerste ontwerp -met een overigens nog indicatief karakter- is qua massa en uitgangspunten ingespeeld op locatie- (landschappelijke vormgeving en inrichting) en omgevingskenmerken (bebouwing in omgeving). Zo is sprake van één bouwlaag met kap, waarbij de kaprichting van de woning parallel aan de weg en daarmee haaks op de weg is vormgegeven. Richting de openbare weg betreft het een gesloten gevel, in de richting van de tuin is die daarentegen weer open. Het plan voorziet niet enkel in bebouwing, maar gelijktijdig en (ook) op perceelsniveau in het nodige groen. In het kader van het ontwerp wordt veelvuldig gebruik gemaakt van natuurlijke materialen.
o o ūū
Voorgevel
Achtergevel
Zijgevels
10
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
Status: Vastgesteld
Bovenstaande inzichten leiden tot de volgende impressie van de gewenste bouw.
Ş I |\4
-- I
> Situering ten opzichte van omliggende bestaande bebouwing In de omgeving van het perceel is de afstand van de woonbebouwing tot aan de openbare weg variabel. Tevens is in veel gevallen sprake van een wolfseind en een zadeldak. De dakafwerking varieert van riet, dakpannen of dakplaten. Veelal zijn de gevels in metselwerk uitgevoerd, doch ook stucwerk en hout komt voor. Tevens zijn daken in riet uitgevoerd. Er is rekening gehouden met een goede situering van de nieuwbouw ten opzichte van de bestaande bebouwing. De afstand tot de dichtstbij gelegen woning bedraagt op zijn minst 30 meter. Deze afstand tot het bouwplan, dat een hoogte krijgt van maximaal 11 meter, wordt als voldoende ruim beschouwd. > Groen Zoals eerder opgemerkt blijft het op en om de projectlocatie aanwezige groen zoveel als mogelijk gehandhaafd. Vanuit de landschappelijke inpassing zal ook op perceelsniveau sprake zijn van het toevoegen van bomen. Voor een nadere uitwerking hiervoor wordt verwezen naar paragraaf 3.2.3. > Parkeren Voor het bouwplan dient te worden uitgegaan van 2,4 parkeerplaatsen per woning. Er is voldoende ruimte om te voorzien in de benodigde parkeerplaatsen (zie verder paragraaf 4.8.2). > Positionering nieuwe woning Het bestaande bouwvlak is over de volle breedte van het perceel gepositioneerd. Dit komt vanwege de oorspronkelijke functie van de bebouwing als agrarisch bedrijf Z boerderij.
Hierbij werd de bebouwing zo veel mogelijk aan de voorzijde geplaatst zodat er een groot achterterrein overbleef voor het vee. Onderstaand is het huidige en het nieuw beoogde bestemmingsvlak weergegeven.
11
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
Status: Vastgesteld
+++++Ť++
TTTTT"
+ + +I
Voor de nieuwe woning is thans nog geen definitief architectonisch ontwerp gemaakt. Op de verbeelding van dit bestemmingsplan is een bestemmingsvlak opgenomen van 1500m 2 waarbinnen de vrijstaande woning gebouwd mag worden. Het plangebied zal via de Wielstraat worden ontsloten. De situering van de inrit wijzigt niet of nauwelijks ten opzichte van de huidige. Uitgangspunten voor de positionering op het kavel zijn de volgende: ^ de woning wordt georiënteerd op de openbare weg; ^ gezien de omvang van de bebouwing wordt deze op afstand van de weg en centraal op het kavel gepositioneerd; ^ het assemblee krijgt de uitstraling van een hoeve; ^ de bijgebouwen komen in de tuinzone en worden georiënteerd op de tuin; • het landelijk en open karakter in en van het landschap blijft geborgd; ^ zichtlijnen vanuit de woning zijn gericht op de tuin. Om tot een aanvaardbare planologische inpassing te komen, is verder gekeken of het plan ook verantwoord is vanuit het perspectief van de bestaande bebouwing c.q. omwonenden. De afstand van de nieuwbouw ten opzichte van de meest nabijgelegen woning bedraagt tenminste 30 meter. Met de hoogte van de bebouwing (11 meter) in combinatie met de dakvorm worden vanuit de bebouwing in de omgeving acceptabele zichtlijnen geborgd en wordt het effect van belastende massawerking voorkomen.
Overigens wijkt de bouwhoogte ietwat af van de voor de bestemming Wonen geldende bouwhoogte van 10 meter. De afstand van het parkeerterrein tot de bestaande woningen bedraagt tenminste circa 13 meter. Deze afstand wordt als voldoende ruim beschouwd. Bovendien kan hier worden opgemerkt dat in de bestaande situatie reeds sprake was van parkeerplaatsen (op hetzelfde perceel). Met het saneren van agrarische activiteiten en -bedrijfsbebouwing en de bouw van een nieuwe woning is in kwalitatief opzicht sprake van een aanmerkelijke verbetering. Bovendien zal deze ontwikkeling op grond van de Interim omgevingsverordening van de provincie gepaard moeten gaan met landschappelijke kwaliteitswinst. Hiervoor wordt verwezen naar paragraaf 3.2.3.
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
12 Status: Vastgesteld
3
RUIMTELIJK BELEIDSKADER
De gemeente Loon op Zand wil zoveel als mogelijk een actueel kader hebben voor het huidige en toekomstige gebruik. Dat betekent dat het plan moet voldoen aan alle relevante wet- en regelgeving. In dit hoofdstuk wordt het beleidskader beschreven. 3.1
Rijksbeleid 3.1.1
Nationale Omgevingsvisie
Met de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De NOVI is per 11 september 2020 in werking getreden. De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) is hiermee geheel vervallen, behalve paragraaf 4.9 Caribisch Nederland en Caribische Exclusieve Economische Zone. De NOVI komt voort uit de Omgevingswet, die naar verwachting op 1 juli 2023 in werking treedt. Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Zo kan men in gebieden komen tot betere, meer geïntegreerde keuzes. In de NOVI geeft het Rijk een langetermijnvisie aan voor de toekomstige ontwikkelingen van de leefomgeving in Nederland. In Nederland staan we voor urgente maatschappelijke opgaven die zowel lokaal als regionaal, nationaal en internationaal gelden, zoals klimaatverandering, de energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw. De NOVI biedt een perspectief om voort te bouwen op bestaande landschappen en historische steden. In de NOVI zijn vier prioriteiten opgesteld: " ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; " duurzaam economisch groeipotentieel; " sterke en gezonde steden en regio's; " toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.
Conclusie Dit bestemmingsplan is niet in strijd met de uitgangspunten uit het NOVI. 3.1.2
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)
Ter bescherming van de nationale belangen is door het Rijk het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) opgesteld. De regels van het Barro moeten in acht worden genomen bij het opstellen van provinciale ruimtelijke verordeningen en bestemmingsplannen. In het Barro zijn regels opgenomen voor de volgende nationale belangen: " Rijksvaarwegen; " Mainportontwikkeling Rotterdam; " Kustfundament; " Grote rivieren; " Waddenzee en waddengebied; " Defensie; " Hoofdwegen en landelijke spoorwegen; " Elektriciteitsvoorziening; " Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen; " Natuur Netwerk Nederland; " Primaire waterkeringen buiten het kustfundament; " IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte); Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
13 Status: Vastgesteld
Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde. Met dit initiatief zijn geen kaders noodzakelijk ten behoeve van nieuwe ontwikkelingen waarbij Nationale belangen gemoeid zijn. Het Barro heeft dan ook geen invloed op dit initiatief. Conclusie Geconcludeerd wordt dat met dit initiatief geen kaders noodzakelijk zijn ten behoeve van nieuwe ontwikkelingen waarbij nationale belangen gemoeid zijn. 3.1.3
Ladder voor duurzame verstedelijking (art. 3.1.6 lid 2 Bro), 2012
De ‘ladder voor duurzame verstedelijking ’ is in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) geïntroduceerd en vastgelegd als procesvereiste in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Het Bro bepaalt dat voor onder meer bestemmingsplannen die nieuwe woningen mogelijk maken, de treden van deze ladder doorlopen moeten worden. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Artikel 3.1.6, lid 2 van het Bro gaat in op duurzame verstedelijking en luidt als volgt: De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Het Rijk heeft er voor gekozen om, gedeeltelijk gebaseerd op de al langer geldende SER-ladder uit 1999,het procesvereiste vorm te geven als een determinerend-cumulatief werkende motiveringsverplichting. De motiveringsverplichting voor ruimtelijke besluiten, welke geldt voor de maximale planologische mogelijkheden inclusief flexibiliteitsinstrumenten (waarbij planologische saldering niet per definitie is toegestaan), bestaat uit twee eisen (treden): a.
er wordt beschreven dat de voorgenomen stedelijke ontwikkeling voorziet in een behoefte; b. een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Dit bestemmingsplan maakt het mogelijk een vervangende woning te realiseren. Ten aanzien van de eerste trede dient allereerst te worden beoordeeld of het planvoornemen een stedelijke ontwikkeling betreft. Een stedelijke ontwikkeling wordt in artikel 1.1.1, lid 1, onder i van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) als volgt gedefinieerd: ‘ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke ’. Het onderhavige planvoornemen betreft de realisatie van een vervangende woning, voorzieningen hetgeen op grond van jurisprudentie niet als stedelijke ontwikkeling behoeft te worden gezien. In dit kader is onder meer de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 22 11-2015 ECLI:NL:RVS:2015:3542 van belang. Daarin wordt uitgesproken dat een woningbouwplan van 11 woningen geen nieuwe stedelijke ontwikkeling is. Toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking is derhalve niet vereist.
Volgens jurisprudentie is de planologische vervanging van een woning niet te beschouwen als een “stedelijke ontwikkeling” zoals op grond van artikel 1.1.1, eerste lid, aanhef onder i, van het Bro wordt verstaan. Toetsing aan de ladder zoals dat in lid 2 is bepaald is daarom niet aan de orde.
14
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
Status: Vastgesteld
Conclusie Het planinitiatief, dat voorziet in sanering van een agrarische bedrijfswoning en bedrijfsbebouwing en in het realiseren van een vervangende woning, is geen nieuwe stedelijke ontwikkeling en daarmee is de ladder voor duurzame verstedelijking niet van toepassing. 3.2
Provinciaal beleid 3.2.1
Omgevingsvisie ‘De kwaliteit van Brabant’, Visie op de Brabantse leefomgeving
Vooruitlopend op de Omgevingswet heeft de Provincie Noord-Brabant reeds haar Omgevingsvisie opgesteld. De Omgevingswet heeft onder andere tot doel om de overzichtelijkheid en het gebruiksgemak van het Omgevingsrecht te verbeteren. Ook beoogt de wet meer bestuurlijke afwegingsruimte en een meer samenhangende benadering van de fysieke leefomgeving in beleid, besluitvorming en regelgeving. In de Brabantse Omgevingsvisie staat de fysieke wereld centraal. Deze fysieke wereld manifesteert zich in vier elementen: water, aarde, lucht en vuur (energie). De basis is dat deze elementen in balans zijn en blijven bij ruimtelijke transities. Draagvlak en draagkracht zijn hierbij belangrijke aspecten. De Brabantse Omgevingsvisie bestaat uit zeven hoofdstukken. In hoofdstuk 5 staat beschreven wat de kernwaarden zijn voor het handelen van de provincie. Hierin wordt onder andere verwoord dat de provincie gaat voor meerwaardecreatie. Dit betekent dat uitdrukkelijk gekeken wordt naar de effecten van ontwikkelingen op sociale inclusiviteit, veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit. De beoogde ontwikkeling betreft een goede bijdrage aan de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit doordat de woning op een passende wijze stedenbouwkundig wordt gesitueerd en ingepast. De beoogde ontwikkeling past binnen de kernwaarden voor het handelen van de provincie.
Conclusie De uitwerking van de ambitie in programma’s heeft nog niet plaatsgevonden. Het is derhalve niet mogelijk initiatieven te toetsen aan de Omgevingsvisie. Totdat de programma’s nader zijn uitgewerkt, worden de initiatieven voorlopig nog getoetst aan de ‘Structuurvisie 2010 - partiele herziening 2014 ’. 3.2.2
Structuurvisie Noord-Brabant
De structuurvisie ruimtelijke ordening Noord-Brabant (Svro) is vastgesteld door Provinciale Staten op 1 oktober 2010 en geeft de hoofdlijnen van het provinciaal ruimtelijk beleid tot 2025 (met een doorkijk naar 2040). De provincie kiest voor een duurzame ontwikkeling waarin de kwaliteiten sturend zijn. Nieuwe ontwikkelingen moeten bijdragen aan de kracht en identiteit van Noord-Brabant. In de structurenkaart (zie onderstaande afbeelding) van de Svro is het plangebied gelegen in het Landelijk gebied in de subzone ‘Gemengd landelijk gebied ’. De ontwikkeling waarin dit bestemmingsplan voorziet, het vervangen van een (agrarische bedrijfs)woning, doet geen afbreuk aan deze structuur.
15
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
Status: Vastgesteld
'jy* ^cļendc^ Groenblauwe structuur
Kerngebied groenblauw Groenblauwe mantel Waterbergingsgebied
Landelijk gebied
Gemengd landelijk gebied Accentgebied agrarische ontwikkeling
Stedelifke structuur
Steddi|k concentratiegebied
m
Hoogstedelijke zone
bestaand Stedelijk knooppunt Goederen knooppunt Zoekgebied verstedelijking Kernen in het landelijk gebied
Plangebied
Agrofood-cluster West-Brabant
O
Logistiek Park Moerdijk Regionaal bedrijventerrein
X
Conclusie De ontwikkeling voldoet aan de uitgangspunten, die zijn genoemd in de Svro. 3.2.3
Interim omgevingsverordening Noord-Brabant
De Interim omgevingsverordening betreft een samenvoeging van verschillende regelingen op provinciaal niveau met betrekking tot de fysieke leefomgeving. Dit betekent dat de regels betrekking hebben op milieu, natuur, ruimtelijke ordening, water, bodem en wegen. De Interim omgevingsverordening is daarbij een eerste stap op weg naar een definitieve omgevingsverordening, die op grond van de Omgevingswet wordt vastgesteld en die verplicht is voor provincies. Naar verwachting treedt de Omgevingswet op 1 juli 2023 in werking. De provincie wil met haar regels aansluiten op de werkwijze in de Omgevingsvisie en de Omgevingswet. Daarom is ervoor gekozen om de verschillende provinciale verordeningen voor de fysieke leefomgeving samen te voegen tot een Interim omgevingsverordening. De Interim omgevingsverordening is beleidsneutraal van karakter. Dat betekent dat er geen nieuwe beleidswijzigingen zijn doorgevoerd, behalve als deze voortvloeien uit vastgesteld beleid zoals de Omgevingsvisie. Er heeft voor de Interim Omgevingsverordening geen expliciete afweging plaatsgevonden of de inzet van de verordening voor een bepaald onderwerp gecontinueerd moeten worden. In beginsel zijn de huidige regels met het huidige beschermingsniveau gehandhaafd.
In het algemeen geldt daarbij dat de inzet van de verordening in de provincie Noord-Brabant is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor het vanuit provinciale belangen nodig is om regels in te zetten of waarvoor het vanuit de wet verplicht is om regels te stellen in de verordening. De Interim omgevingsverordening is digitaal. Dit betekent dat alle regels gekoppeld zijn aan een op een digitale kaart weergegeven werkingsgebied. Door op een willekeurig punt in de kaart te klikken, kan iemand zien welke regels op die plek gelden. In hoofdstuk 3 zijn de instructieregels opgenomen die gemeenten moeten toepassen bij de uitvoering van hun bevoegdheden in het kader van de Wet ruimtelijke ordening. Instructieregels voor het plangebied Het plangebied is gelegen in het “Landelijk gebied ”.
16
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
Status: Vastgesteld
Een plan dat de ontwikkeling van activiteiten mogelijk maakt in Landelijk gebied bepaalt dat die ontwikkeling gepaard gaat met een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit van het gebied of de omgeving.
Plangebied
Daarbij moet worden voldaan aan de verplichting zoals bedoeld in artikel 3.9 van de verordening (kwaliteitsverbetering landschap). In dit artikel is bepaald dat een ruimtelijke ontwikkeling gepaard gaat met een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit van het gebied of de omgeving. Een verbetering van de landschappelijke kwaliteit kan mede de volgende aspecten omvatten: a. de op grond van deze verordening verplichte landschappelijke inpassing; b. het toevoegen, versterken of herstellen van landschapselementen die een bijdrage leveren aan de versterking van de landschapsstructuur of de relatie stad-land; c. het behoud of herstel van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing of terreinen; d. het wegnemen van verharding; e. het slopen van bebouwing; f. de realisering van het Natuur Netwerk Brabant en ecologische verbindingszones; g. het aanleggen van extensieve recreatieve mogelijkheden. De eisen waaraan de bovengenoemde verbetering van de landschappelijke kwaliteit moeten voldoen, zijn door de gemeente Loon op Zand, in samenwerking met een aantal andere gemeenten in de regio Midden Brabant en de provincie, verwerkt in de “Werkafspraken kwaliteitsverbetering landschap Hart van Brabant".
De notitie betreft een afsprakenkader, waarin wordt geschetst op welke manieren met de eisen omtrent kwaliteitsverbetering kan worden omgegaan en wat het verwachtingsniveau is ten aanzien van de verwachte inspanning. Via drie categorieën van ruimtelijke ontwikkelingen met invloed op de omgeving is bepaald hoe invulling wordt gegeven aan de provinciale verordening: Z Categorie 1: Ruimtelijke ontwikkelingen waarop de regels inzake kwaliteitsverbetering niet van toepassing zijn of worden geacht te zijn (geen landschappelijke inpassing en evenmin ruimtelijke kwaliteitsverbetering vereist). Z Categorie 2: Ruimtelijke ontwikkelingen waarop de regels inzake kwaliteitsverbetering van toepassing zijn, maar waarbij het gaat om ontwikkelingen die een (zeer) beperkte invloed op het landschap hebben (alleen landschappelijke inpassing vereist). Z Categorie 3: Ruimtelijke ontwikkelingen waarop de regels inzake kwaliteitsverbetering van toepassing zijn en waarbij sprake is van een (substantiële) invloed op het landschap (zowel landschappelijke inpassing als ruimtelijke kwaliteitsverbetering vereist).
17
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
Status: Vastgesteld
De bouw van de nieuwe woning wordt volgens de werkafspraken aangemerkt als een ontwikkeling in categorie 3. Binnen deze categorie vallen ontwikkelingen met een (substantiële) invloed op het landschap waarbij zowel landschappelijke inpassing als ruimtelijke kwaliteitsverbetering is vereist. Op basis van de regionale afspraken en de hieruit voortvloeiende gemeentelijke grondwaardenmethodiek is het verschil in grondwaardevermeerdering tussen de bestaande en beoogde situatie berekend. 200Zo van de waardevermeerdering dient hierbij te worden gecompenseerd. Aangezien het in dit geval een categorie 3 ontwikkeling betreft is landschappelijke inpassing en kwaliteitsverbetering van het landschap noodzakelijk. Indien de benodigde investering niet volledig op of direct aansluitend aan het plangebied kan worden voldaan, wordt het bedrag in het gemeentelijke groenfonds gestort. Rekening houdend met ruimtelijke, natuurlijke en cultuurhistorische landschapskwaliteiten ligt de nadruk op een goede landschappelijke inpassing en de borging hiervan. De landschappelijke inpassing vindt deels plaats binnen het plangebied aan de Wielstraat. Ten behoeve van het initiatief is door Plangroen te Achtmaal d.d. 4 maart 2024 een landschapsplan opgesteld. Dit landschapsplan, dat als bijlage is bijgevoegd, specificeert de realisatie van de waarden en is inmiddels akkoord bevonden.
Onderstaand is dit gevisualiseerd.
Landschappelijke inpassing
Waterbergingvoorziening
De bestaande bossingel van 420 m2 2 meter breed uitbreiden naar nog e« 420M 2
: Ņ
ijįBļ
5 landschapsbomen
Nieuwe Struweelhaag 120M' 8 landschapsbomen
18
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
Status: Vastgesteld
Op basis van dit landschappelijk inpassingsplan bedraagt de waardevermeerdering C 205.238,00. 20o7o van dit bedrag, oftewel C 41.047,60 dient te worden gecompenseerd. Van dit bedrag wordt C 20.734,91geïnvesteerd in landschappelijke compensatie. Het overige bedrag van C 20.312,69 wordt gestort in het gemeentelijke groenfonds. In de aangepaste versie van het landschappelijk inpassingsplan is aansluiting gezocht op de Gebiedsgerichte Aanpak (GGA) zoals verwoord in de Omgevingsvisie 2040 Loon op Zand. In deze visie is onder andere een beknopte visie voor het Loons Hoekje opgenomen waarbij onderscheid wordt gemaakt in een visie op de openbare ruimte, percelen en bebouwing. Bij het nieuwe landschappelijke inpassingsplan is er o.a. voor gekozen om de bestaande bossingel achter de nieuwe woning te versterken. Bevordering ruimtelijke kwaliteit Voor het plangebied gelden ook de instructieregels aan gemeenten die overeenkomen met de zorgplicht voor ruimtelijke kwaliteit: zorgvuldig ruimtegebruik, toepassing van de lagenbenadering en meerwaardecreatie. In artikel 3.5 uit de Interim omgevingsverordening is beschreven dat voor een goede omgevingskwaliteit en een veilige, gezonde leefomgeving rekening moet worden gehouden met: a. Zorgvuldig ruimtegebruik; b. De waarden in een gebied met toepassing van de lagenbenadering; c. Meerwaardecreatie.
Zoals beschreven is in de nieuw beoogde situatie is sprake van een bestemmingsvlak Wonen van 1500m 2. De situering van bestemmings- I bouwvlak is zodanig dat het kenmerkende cluster aan woningen intact blijft en de openheid van het van het buitengebied nagenoeg volledig in stand blijft. Met het verschuiven van het bestemmingsvlak Wonen wordt voor een deel inbreuk gemaakt op de gronden met de aanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch - natuurontwikkelingsgebied ’. De gronden waarvoor deze aanduiding geldt worden op dit moment gekenmerkt als grasland. Met het treffen van de beschreven landschappelijke maatregelen wordt de leefomgeving voor planten en dieren verrijkt ten opzichte van het huidige, feitelijke gebruik en worden de landschappelijke kwaliteiten versterkt. Grondwaterbeschermingsgebied Het plangebied is gelegen in “Grondwaterbeschermingsgebied ”.
Plangebied
19
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
Status: Vastgesteld
De hiervoor aangewezen gronden zijn mede bestemd voor de bescherming van de grondwaterkwaliteit ten behoeve van de openbare drinkwatervoorziening. Dit wordt de ’25-jaarszone ’ genoemd en in geval van zeer kwetsbare gebieden zonder beschermende kleilagen worden deze omgeven door een ’100-jaarszone’. Het plangebied ligt binnen de ’25-jaarszone ’. Drinkwatermaatschappij Brabant Water hanteert in haar beleid de Provinciale milieuverordening (PMV). In artikel 5.1.3 van deze milieuverordening over grondwaterbeschermingsgebieden geeft de PMV verbodsbepalingen betreffende de categorieën inrichtingen die niet in een grondwaterbeschermingsgebied mogen worden opgericht of in werking mogen zijn. In bijlage 3 van de PMV staat een lijst met niet toegestane activiteiten. Een woning is hierin niet opgenomen. Woningen zijn binnen dit gebied derhalve toegestaan, maar er gelden wel wettelijke regels om vervuiling van het grondwater te voorkomen. Verantwoord moet worden dat de risico’s voor de kwaliteit van het grondwater geheel of nagenoeg geheel gelijk blijven. Het plan betreft het saneren van de agrarische bedrijfsbebouwing en het realiseren van een (vervangende) vrijstaande grondgebonden woning. Er vinden geen bodembedreigende activiteiten plaats. Er zijn geen voor het grondwater schadelijke stoffen aanwezig. Ook wordt geen grondwater onttrokken.
Hiermee is aangetoond dat de risico’s voor de kwaliteit van het grondwater gelijk blijven. Beperking veehouderij Het plangebied is gelegen in een gebied “Beperking veehouderij ”.
Plangebied
Op grond van de IOV geldt binnen “Beperking veehouderij ” dat uitbreiding van, vestiging van en omschakeling naar een veehouderij zijn uitgesloten. Op grond van de regels van dit bestemmingsplan is dit niet mogelijk. Gemengd landelijk gebied Het plangebied is eveneens gelegen binnen het Gemengd landelijk gebied.
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
20 Status: Vastgesteld
Plangebied
Een woonbestemming (niet-agrarische functie) binnen het gemengd landelijk gebied behoort tot de mogelijkheden mits sprake van een kwaliteitsverbetering landschap. Zoals bovenstaand uiteengezet wordt hieraan voldaan. Toetsing aan artikel 3.69 van de Interimverordening geeft het beeld dat én sprake is van een bestaande woning én overtollige bebouwing wordt gesloopt. Voor het overige wordt verwezen naar het gestelde onder 2.2. Conclusie Het initiatief voldoet aan de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant. 3.3 Gemeentelijk beleid 3.3.1
Structuurvisie Loon op Zand 2030
Op 5 maart 2015 heeft de gemeenteraad van Loon op Zand de Structuurvisie Loon op Zand 2030 vastgesteld. Op 8 maart 2018 is de 1e herziening vastgesteld. De Structuurvisie bevat de ruimtelijke ambities van de gemeente en vormt het toetsingskader voor toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen. Aangegeven is wat belangrijk is om te behouden en wat nodig is om te versterken op het gebied van bijvoorbeeld woningbouw, recreatieve ontwikkelingen en de leefbaarheid in de kernen. De visie bestaat uit twee delen: Deel A bevat de visie en ambities voor de middellange termijn (Loon op Zand in 2030) en deel B bestaat uit een uitvoeringsprogramma, een projectenplan inclusief prioriteiten, dat flexibel van aard is en indien gewenst of noodzakelijk periodiek aangepast kan worden. In deel A is tevens een visiekaart opgenomen, die hoort bij de kerngedachte ‘Loon op Zand, de recreatieve kamer in het hart van Brabant’. Het betreft een samenvoeging van de visie op de deelgebieden en de verschillende ontwikkelingen die bijdragen aan de versterking van de identiteit van die deelgebieden. Het plangebied is op de visiekaart behorende bij de structuurvisie aangeduid als ‘Half open cultuurlandschap ’. In onderstaande figuur is de uitsnede van de visiekaart ter plaatse van het Hoekje en het plangebied te zien.
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
21 Status: Vastgesteld
-
'rV9'L-:i
yftiļsėŘ
l-
;sg n ®* -
Plangebied
OKC
Uitsnede
van kaart structuurvisie Loon
op Zand
De beoogde ontwikkeling betreft het saneren van voormalige agrarische bedrijfsbebouwing en het realiseren van een nieuwe (vervangende) woning op een perceel binnen een bestaande bebouwingsconcentratie. Met verwijzing naar het gestelde onder 3.2.3 kan worden geconcludeerd dat zorgvuldig met de ruimte wordt omgegaan en dat de woningvoorraad niet onnodig met nog meer ontwikkelingen aan de buitenranden van de dorpskernen en in het buitengebied wordt aangevuld. In de combinatie van de uitwerking van het (bouw)plan en de realisatie c.q. aanleg van kwaliteitsverbeteringen in het landschap kan gesteld worden dat de ontwikkeling goed aansluit op de (beoogde) kwaliteit voor het gebied. Op grond van de Structuurvisie namelijk zijn ingrepen mogelijk met aandacht voor kwaliteitsverbetering van datzelfde landschap. De beoogde ontwikkeling ter plaatse past daarmee binnen de uitgangspunten van de Structuurvisie. Conclusie Dit initiatief past binnen de kaders van de Structuurvisie. Nu het specifiek gaat om een vervangende woning is het afstemmen van de woningvoorraad op toekomstige behoefte niet aan de orde. 3.3.2
Bestemmingsplan Buitengebied Geconsolideerd
In algemene zin wordt hiervoor verwezen naar paragraaf 1.3. Zoals onder 1.3 aangegeven bevat de voor het perceel aan de Wielstraat 16 geldende bestemming een wijzigingsbevoegdheid op grond waarvan het mogelijk de geldende bestemming te wijzigen ten behoeve van wonen en tuin. Van deze bevoegdheid kan geen gebruik worden gemaakt, omdat de beoogde inhoud ruimer is dan waarin deze bepaling voorziet. Toetsing aan de voorwaarden van de wijzigingsbevoegdheid geeft het volgende beeld. a. Wijziging is uitsluitend toegestaan ter plaatse van het bouwvlak. De nieuw beoogde woning wordt gerealiseerd binnen het in het geldende bestemmingsplan opgenomen bouwvlak.
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
22 Status: Vastgesteld
b.
Het agrarisch bedrijf ter plaatse is beëindigd en agrarisch hergebruik mogelijk is. Het agrarisch bedrijf is al gedurende een termijn van jaren beëindigd.
redelijkerwijs
niet langer
c.
Het bouwvlak wordt verwijderd en het bestemmingsvlak ‘Wonen -1 ’ of 'Wonen -1' en 'Tuin' bestaat uit de voormalige bedrijfswoning met bijhorende tuinen, erven en verhardingen, waarbij het bestemmingsvlak voor 'Wonen -1 ' maximaal 1.500 m2 mag bedragen. Het agrarische bouwvlak komt met dit plan te vervallen. Daarvoor in de plaats voorziet het plan in een bestemmingsvlak voor ‘Wonen - 1 ’ van 1.500 m2. Zoals onder 2.2.2 beschreven en beargumenteerd komt het bestemmingsvlak op een andere plek op het perceel dan waar de huidige voormalige bedrijfswoning staat.
d.
De voormalige bedrijfsbebouwing wordt gesloopt, waarbij geldt dat ofwel 10% van de oppervlakte van de te slopen voormalige bedrijfsgebouwen mag worden toegevoegd aan de inhoud van de woning tot een maximum van 850 m3, ofwel 10% van de oppervlakte van de te slopen voormalige bedrijfsgebouwen mag worden toegevoegd aan de oppervlakte aan bijgebouwen en tot een maximum van 200 m2. overkappingen De voormalige bedrijfsbebouwing, de bedrijfswoning daarbij inbegrepen, wordt volledig gesloopt. Zoals onder 2.2 beschreven en beargumenteerd komt het bestemmingsvlak op een andere plek op het perceel dan waar de huidige voormalige bedrijfswoning staat. Bovendien wordt niet voldaan aan de maximaal toelaatbare inhoudsmaat als gevolg waarvan sowieso geen toepassing kan worden gegeven aan onderhavige wijzigingsbevoegdheid. e.
Bij sloop van overtollige bebouwing dienen ‘karakteristiek ’ gehandhaafd te blijven. Deze zijn er niet.
monumentale
gebouwen
f.
ter plaatse van de aanduiding
De woning levert geen onevenredige beperking op van de bedrijfsvoering ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende (agrarische) bedrijven. Verwezen wordt naar hoofdstuk 4. De woning is aanvaardbaar uit oogpunt leefklimaat. Verwezen wordt naar hoofdstuk 4. g.
van een
milieuhygiënisch
en
verantwoord
woon- en
h. De in de bestemmingsomschrijving aangegeven waarden worden niet onevenredig aangetast. In het kader van de bestemmingswijziging is een archeologisch onderzoek uitgevoerd. Ten aanzien hiervan wordt verwezen naar hoofdstuk 4. Voor het overige zie het gestelde onder i. i.
De wijziging gaat gepaard met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap en/of cultuurhistorie en/of van extensieve recreatieve mogelijkheden van het plangebied. Ten behoeve van deze ontwikkeling is een landschappelijk inpassingsplan opgesteld. De fysieke verbetering komt daarin tot uiting. Overigens blijven de bestaande waarden in het plan voor wat betreft de bestemmingen volledig in stand.
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
23 Status: Vastgesteld
4
PLANOLOGISCHE ASPECTEN 4.1
Bodem
Door Bodem- en Milieuadvies Brabant te Waalwijk is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op het plangebied (rapportage, versie 2, d.d. november 2023, projectnr. BM/2518-2019/2023). Dit verkennende bodemonderzoek, dat als bijlage is bijgevoegd, is uitgevoerd ten behoeve van de bepaling van de huidige milieuhygiënische bodemkwaliteit voor zowel grond als grondwater. Het onderzoek is specifiek uitgevoerd in het kader van de geplande ontwikkeling van het terrein ten behoeve van vervangende woningbouw. Op basis van het hierboven beschreven bodemonderzoek kan voor de onderzoekslocatie het volgende worden geconcludeerd: Grasland (ca 1.6 ha) " De bovengrond op het westelijke graslandperceel (perceel O 45) is geheel schoon voor alle NEN5740-parameters " De bovengrond op het zuidelijke graslanddeel van perceel O 651 bevat een licht verhoogd loodgehalte " In de lemige ondergrond zijn alle parameters uit het NEN 5740-pakket in gehalten beneden de AW 2000 aangetroffen. Bebouwd terreingedeelte (ca 4000 m2) " In de bovengrond op het oostelijke deel van het bebouwde terrein zijn de gehalten aan koper, zink, PAK en PCB licht verhoogd aangetroffen. De bovengrond op het westelijke deel bevat alleen een minimale PCB-verhoging. Deze lichte verhogingen vormen geen belemmering voor de bestemming wonen.
Op dit terreindeel diende monster 19 opnieuw op alleen PAK te worden onderzocht en daarbij is geen verhoogd PAK-gehalte aangetroffen " In de ondergrond zijn alle parameters uit het NEN 5740-pakket beneden de AW 2000 aangetroffen " Op de grens van de 2 kadastrale percelen ligt een gedempte greppel. De dempingsgrond is licht verontreinigd met kwik, lood, zink en PCB " De grondfactie in de puinlaag op de oprit en het erf is licht verontreinigd met zink, kobalt, PAK en PCB. Het puin is vrij van asbest " Het grondwater bevat een licht verhoogd gehalte aan barium, hetgeen geen relevante verhoging is. Resultaten asbestonderzoek " Zoals hierboven vermeld bevat het puin in de oprit en het erf voor de grote loods geen asbest " Ter plaatse van de gootlijnen langs de varkensstal is de toplaag zeer sterk verontreinigd met asbest (1400 mg/kgds). Dit betreft 2 * 18 meter aan gootlengte. Hier is geen onderscheid gemaakt tussen de zuidelijke en noordelijke gootlijn. Recent is aan de zuidzijde de asbestverontreiniging in de diepte afgeperkt rond 50 cm diepte. De bodemlaag van 20-50 cm had een asbestgehalte van precies 100 mg/kgds. De bodemlaag daaronder is schoon. Dat de verontreiniging dieper dan 20 cm is aangetroffen was niet echt verwacht op basis van diverse soortgelijke onderzoeken en saneringen elders.
Gezien het toch altijd relatief geringe aantal m3 bij een gootlijnsanering is geen herkeuring overwogen. De sterk met asbest verontreinigde grond bij deze varkensstal is niet sterk verontreinigd met PCB (slechts minimale verhogingen). Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
24 Status: Vastgesteld
"
"
"
" "
Het totale sterk verontreinigde volume aan beide zijden van de varkensstal is berekend op 30 a 35 m3 (2 * 20 m * 2 m * gemiddeld 40 cm) Ter plaatse van de zuidelijk gootlijn van de westelijke lood (gootlijn zuidwest genaamd) is de toplaag van 20 cm sterk verontreinigd met asbest. Dit betreft circa 15 meter aan gootlengte. Deze asbestverontreiniging is in de diepte afgeperkt op 20 cm-mv. Echter hier is ook sprake van een duidelijke PCB-verontreiniging en PCB is tot 50 cm diepte sterk verhoogd aangetroffen. Het volume sterk verontreinigde grond is hier berekend op 15 m3. De gootlijn ter plaatse van het kleine schuurtje (schuur west) tegen de achtergevel van de bovenbeschreven loods/schuur bevat een asbestgehalte van slechts 3 mg/kgds. Deze gootlijn bevat een licht verhoogd PCB-gehalte. Hier is dus geen sprake van een sterke verontreiniging Noordzijde schuur: hier is in 2019 onderscheid gemaakt in de westelijke gootlijn (noordwest) en oostelijke gootlijn (noordoost). Bij gootlijn noordwest is in 2019 een asbestgehalte van 39 mg/kgds aangetroffen en bij gootlijn noordoost slechts 11 mg/kgds. Nu (2023) is echter aangetoond dat bij de gootlijn noord-west sprake is van een sterke verontreiniging met PCB. Pas op 4 meter vanaf deze gootlijn is PCB beneden de Interventiewaarde aangetroffen. De sterke PCB-verontreiniging is 20 cm dik maar zekerheidshalve wordt 30 cm gehanteerd.
Deze sterke verontreiniging wordt geschat op 25 m3 Ter plaatse van de gootlijn noord-oost is PCB slechts licht verhoogd. Bij deze gootlijn is dus qua asbest en PCB slechts sprake van een lichte verontreiniging Alle bovenbeschreven verontreinigingen zullen van ruim voor 1993zijn. Immers is het gebruik van PCB in 1980 verboden dus de PCB-houdende asbestdaken zijn dan vanzelfsprekend ook van voor 1980. Evenzo is de productie van asbestplaten midden jaren '80 zo goed als geheel gestaakt. Hiermee is er geen sprake van een zogenoemd nieuw geval van verontreiniging. Anderzijds is het een kleine moeite om de niet sterk verontreinigde gootlijnen (kleine schuur west en gootlijn noord-oost) tijdens een sanering mee te nemen in het ontgravingsplan.
Aanbevelingen. Voor de herontwikkeling dient men (wat betreft de bodem) qua kosten rekening te houden met de sanering van de hierboven beschreven 4 separate sterke verontreinigingen. Hiervoor dient een BUS melding opgesteld te worden die voor accoord aan de OMWB dient te worden voorgelegd. De sanering en begeleiding daarvan dienen uiteraard door daarvoor erkende bedrijven uitgevoerd te worden. Indien grond wordt afgegraven (bijvoorbeeld bij het bouwrijp maken en/of bouwwerkzaamheden) en van de locatie wordt afgevoerd, dient er rekening mee te worden gehouden dat deze grond elders niet zonder meer toepasbaar is. Met betrekking tot het elders hergebruiken van grond zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing, die doorgaans een grotere onderzoeksinspanning vereisen. Conclusie Op grond van het uitgevoerde onderzoeken vormt de bodemkwaliteit een belemmering voor het afgeven van een omgevingsvergunning voor een bestemmingswijziging. Alvorens gestart wordt met de sanering dient een saneringsmelding verricht te worden bij het bevoegd gezag. De sanering van de verontreinigingen dient uitgevoerd te worden door een BRL 7000 gecertificeerd bedrijf, onder toezicht van een BRL 6000 gecertificeerde milieukundig begeleider. Geadviseerd wordt om ook de locaties te ontgraven waar asbest is aangetoond in een gehalte kleiner dan de interventiewaarde.
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
25 Status: Vastgesteld
In het bestemmingsplan is met een voorwaardelijke verplichting opgenomen dat de locatie voorafgaande aan de ontwikkeling zodanig wordt gesaneerd dat de bodemkwaliteit voldoet aan de voorgenomen functie. Hiermee is geborgd dat de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem voldoet aan het beoogde gebruik vóórdat de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen wordt verleend. 4.2
Geluid
Bij een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling waarbij sprake is van de realisatie van een geluidgevoelig object, maar ook van een wijziging van bouwmogelijkheden nabij geluidbronnen, moet worden getoetst aan de Wet geluidhinder. In de Wet geluidhinder (Wgh) is bepaald hoe voor een gebied waar een ruimtelijke ontwikkeling plaatsvindt dient te worden omgegaan met geluidhinder als gevolg van wegverkeer, vliegtuigverkeer, industrie en spoorwegen. In de Wgh is geregeld dat bepaalde wegen, spoorwegen en bedrijven(terreinen) een zone hebben. Bij een ruimtelijke ontwikkeling waarbij sprake is van de ontwikkeling van geluidgevoelige objecten binnen een geluidszone, dient een onderzoek te worden uitgevoerd naar de geluidsbelasting op deze gebouwen of terreinen. De Wet geluidhinder beschermt de volgende objecten: " Woningen; " Andere geluidsgevoelige gebouwen; " Geluidsgevoelige terreinen. Omdat door met de beoogde ontwikkeling een nieuw geluidsgevoelig object wordt gerealiseerd is aandacht nodig voor het aspect geluid. Wegverkeerslawaai Normen met betrekking tot verkeerslawaai worden thans in Nederland gebaseerd op de “regels op het gebied van het voorkomen of beperken van geluidhinder ” (Wet geluidhinder). Krachtens deze wet worden zones aangegeven aan weerszijden van wegen.
Binnen de zones wordt geëist, dat de geluidsbelasting ten gevolge van het verkeer op de betreffende weg ter plaatse van de gevels van woningen of andere geluidsgevoelige bestemmingen een zekere maximale waarde niet overschrijdt. Buiten de zones worden geen geluidseisen gesteld met betrekking tot wegverkeerslawaai. De planlocatie bevindt zich volgens de Wet geluidhinder binnen de geluidzone van de Wielstraat, het Hoekje en de Van Haestrechtstraat. Om die redenen is voor de planlocatie een onderzoek noodzakelijk in het kader van de Wet geluidhinder. Ten behoeve van dit geluidonderzoek is gebruik gemaakt van de Wet geluidhinder, zoals deze geldt per 1 mei 2017. De geluidbelastingen vanwege wegverkeer zijn berekend conform de Standaard Rekenmethode II uit bijlage III van het ‘Reken- en meetvoorschrift geluid 2012’. De berekende geluidbelastingen zijn getoetst aan de grenswaarden uit de Wet geluidhinder: - Buitenstedelijke wegen (Wielstraat, Hoekje en Van Haestrechtstraat): voorkeursgrenswaarde 48 dB maximale ontheffingswaarde 53 dB. Door Kragten te Den Bosch is een akoestisch onderzoek uitgevoerd ten behoeve van de voorgenomen bouw van de woning op het perceel ter plaatse van Wielstraat 16 te Kaatsheuvel (rapportage d.d. 14 november 2022, referentie DJA009-00001).
Het akoestisch onderzoek, dat als bijlage is bijgevoegd, heeft tot doel de geluidsbelasting op de gevels van de te projecteren woningen te bepalen en te toetsen aan de grenswaarden, die in Wet Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
26 Status: Vastgesteld
geluidhinder zijn gesteld. Indien niet aan de grenswaarden wordt voldaan, moet worden bezien of geluidsbeperkende maatregelen doelmatig zijn. Uit het onderzoek is gebleken, dat: de etmaalintensiteit op het Hoekje lager is dan 100 motorvoertuigen als gevolg waarvan deze buiten beschouwing kan blijven; vaststaat dat de voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt gerespecteerd; gezien de afstand van de woning vanwege de Wielstraat en de van Haestrechtstraat de voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt gerespecteerd. Gezien het vorenstaande worden er door de Wet geluidhinder ten aanzien van het aspect wegverkeerslawaai geen restricties opgelegd bij de realisering van deze woning. Maatregelen ter reductie van de geluidbelasting hoeven niet onderzocht te worden en een hogere waarde hoeft niet aangevraagd te worden. Op grond van de resultaten van het akoestisch onderzoek kan de conclusie worden getrokken dat deze omgeving geschikt is voor de woonfunctie en daarmee dus gelijktijdig sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Voor de bouw van een woning is daarmee een goed woon- en leefklimaat ten aanzien van wegverkeerslawaai gegarandeerd. Spoorweglawaai Dit aspect is niet aan de orde. Vliegtuiglawaai Dit aspect is niet aan de orde. Industrielawaai Dit aspect is niet aan de orde. Conclusie Het aspect “Geluid ” is geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling. 4.3
Externe veiligheid
Externe veiligheid heeft betrekking op de risico's die mensen lopen als gevolg van mogelijke ongelukken met gevaarlijke stoffen bij bedrijven, transportroutes (wegen, spoorwegen en waterwegen) en buisleidingen. Omdat de gevolgen van een ongeluk met gevaarlijke stoffen groot kunnen zijn, zijn de aanvaardbare risico's vastgelegd in diverse besluiten. De belangrijkste zijn: " Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi); " Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt); " Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb). Verantwoordingsplicht groepsrisico Het groepsrisico wijzigt niet aangezien een woning wordt gesloopt en vervangen door een andere woning. Om die reden is een verantwoording op dit onderdeel niet aan de orde.
Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
27 Status: Vastgesteld
Beschouwing
risicobronnen
Meerdijk
Loons Hoekje
:htstraai v«mw»
Uitsnede risicokaart
Het plan bevat in zichzelf geen nieuwe kwetsbare objecten. Er is slechts sprake van de vervanging van de bestaande woning op hetzelfde perceel, maar dan enkele meters verderop. Met behulp van de risicokaart is beschouwd of risicobronnen in de omgeving van het plangebied een risico vormen voor de voorgenomen ontwikkeling. Uit de risicokaart blijkt, dat er geen risicobronnen met externe veiligheidsrisico ’s in de omgeving van het plangebied zijn gelegen. Een verder beoordeling van de plaatsgebonden risico, respectievelijk groepsgebonden risico is derhalve niet aan de orde. Conclusie Het aspect externe veiligheid vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan. 4.4
Besluit milieueffectrapportage
Per 7 juli 2017 is het gewijzigde Besluit milieueffectrapportage in werking getreden. Deze wijziging geldt voor alle aanvragen na 16 mei 2017, omdat er een directe werking van het Europese recht geldt. Een milieueffectrapportage (MER) en de bijbehorende procedure (m.e.r.) is een hulpmiddel om de belangen van het milieu volwaardig te betrekken bij de besluitvorming over projecten. Het gaat hierbij wel enkel om plannen en projecten die kunnen leiden tot initiatieven waarmee het milieu nadelig wordt beïnvloed. Als uitgangspunt geldt voor plannen onderstaande criteria om te beoordelen of een MER noodzakelijk is: " plannen die kaderstellend zijn voor toekomstige m.e.r.-(beoordelings)plichtige besluiten; " plannen waarvoor een passende beoordeling nodig is in verband met een mogelijk significant negatief effect op de Natura 2000-gebieden. Een plan is kaderstellend voor een toekomstig m.e.r.-(beoordelings)plichtige besluit indien er sprake is van een overschrijding van de grenswaarden uit de C- of D-lijst van het Besluit m.e.r. Onder de grenzen uit de C- en D-lijst van het Besluit m.e.r. geldt nog wel de plicht om een ‘vormvrije’ m.e.r.beoordeling uit te voeren. Dit houdt in dat er bekeken moet worden of bij het initiatief sprake is van dusdanig bijzondere omstandigheden of milieueffecten dat er toch een MER moet worden opgesteld.
In artikel 7.16, tweede tot en met vierde lid van de Wet milieubeheer staat welke informatie over de voorgenomen activiteit in de mededeling van de initiatiefnemer moet zijn opgenomen. Bij het opstellen Gemeente Loon op Zand Toelichting
bestemmingsplan
Wielstraat 16 Kaatsheuvel
28 Status: Vastgesteld
van deze informatie moet ook rekening worden gehouden met de relevante criteria van bijlage III bij de Europese mer-richtlijn. Van belang is de vraag of sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject. Uit het Besluit m.e.r. volgt dat een m.e.r.-beoordeling verplicht is voor de vaststelling van een bestemmingsplan voor de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met een oppervlakte van 100 ha of meer en/of een aaneengesloten gebied van 2.000 woningen of meer en/of een bedrijfsvloeroppervlak van 200.000 m2 of meer (Besluit m.e.r., onderdeel D, categorie 11.2). Omdat de beoogde ontwikkeling bestaat uit het saneren van de agrarische bedrijfsbebouwing en het realiseren van een (vervangende) vrijstaande grondgebonden woning is op basis hiervan géén m.e.r.beoordeling nodig. Wanneer de drempelwaarden niet worden overschreden geldt in principe dat een zogenaamde vormvrije m.e.r.-beoordelingsplicht volstaat. De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de afdeling) heeft meermaals geoordeeld (ECLI:NL:RVS:2020:100) dat het antwoord op de vraag of er sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject in de zin van het Besluit m.e.r., afhangt van de specifieke ontwikkeling. Aspecten als de aard en de omvang van de ontwikkeling zijn daarbij leidend.