Bijlage 1 IBOR 2024-2034
Tekst van het document
INTEGRAAL BEHEERPROGRAMMA OPEN BARE RUIMTE 2024-2034 Tri aĩkv -, /-ŕ Eff' i'. ; V
.'V ' *
ţŭu-
sa F- ’JĮİ.-.
sŗm,
.
*/ r,- » .
1 f ♦ V. *
gemeente
Loon op Zand
Inhoud 1.
Inleiding ........................................................................................................... 3
2.
Visie op ontwikkelend beheer .........................................................................5
3.
Trends en ontwikkelingen...............................................................................7
4.
Uitwerking visie en doelstellingen ...................................................................8
5.
Onderhouds- en vervangingsbehoefte ..........................................................14
6.
Financien....................................................................................................... 17
Bijlage 1 Scenario's................................................................................................21 Bijlage 2 technische eisen.....................................................................................25 Bijlage 3 Communicatie.........................................................................................26 Bijlage 4 Global Goals............................................................................................28
Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
w
I.Inleiding Algemeen Beheer en onderhoud van de openbare ruimte is een kerntaak van de ge meente. Het draagt bij aan het welzijn en de veiligheid van onze inwoners. In het kort wil dit zeggen dat het beheer tot doel heeft om aan de gel dende normen te voldoen. Hierbij wordende functie en de levensduur geoptimaliseerd tegen aanvaardbare maatschappelijke kosten en ri sico’s. Doel Met dit Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte (IBOR) wordt duide lijk hoe en wanneer de gemeente Loon op Zand haar middelen inzet om haar kapitaalgoederen in stand te houden en hoe de beleidsdoelstellingen met betrekking tot de leefomgeving worden gerealiseerd. BBV Middels het IBOR wordt ook invulling gegeven aan de verplichting van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Vanuit het BBV dient te worden aangegeven om welke kapitaalgoederen het gaat, wat het ambitieniveau daarbij is en hoe het beheer, zowel operationeel als financieel, wordt uitgevoerd. Aanleiding In de afgelopen jaren volgen de ontwikkelingen zich in een snel tempo op. Ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid (klimaatadaptatie, circu laire economie enzovoort), mobiliteit, op sociaal maatschappelijk vlak en wo nen zorgen er voor dat de kijk op de openbare ruimte rap verandert.
Op deze ontwikkelingen moet worden gereageerd zodat we onze kapitaalgoederen op de juiste wijze inzetten en in stand houden.
Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
Doelstelling Met het IBOR wordt inzicht gegeven in de kwantiteit en kwaliteit van het gemeentelijk openbaar gebied en op de wijze waarop het beheer en onder houd wordt uitgevoerd. Het opstellen van het IBOR geeft antwoord op de volgende vragen: ^ Wat heeft de gemeente Loon op Zand in beheer? ^ Wat is de kwaliteit hiervan? ^ Welke ontwikkelingen spelen er? ^ Wat gaan we doen om het doel te bereiken? ^ Welke knelpunten en risico’s zijn er? ^ Wat is het benodigde budget om te voldoen aan de beoogde kwali teit en de doelen te bereiken? Vertrekpunt De uitgangspunten van de Omgevingsvisie 2040 geldt als vertrekpunt van het IBOR. Met de Omgevingsvisie 2040 stellen we vast hoe onze woonwij ken, dorpskernen, bedrijventerreinen en buitengebieden eruit moeten zien in 2040. De daarin opgenomen uitgangspunten vormen de basis voor de verdere uitwerking in dit beleidsplan. Hieronder zijn enkele speerpunten uit de omgevingsvisie genoemd die raakvlak hebben met dit beleidsplan: 1. Duurzame groene dorpen: Onder dit speerpunt laten we zien dat we de kwaliteiten van ons buitengebied in onze wijken terug willen zien. Een hoge kwaliteit van het groen hoort daarbij. 2. Recreatief profiel “harmonie en plezier ” verbreden: Harmoniezoekers zijn recreanten die willen genieten van de rust en natuur. Plezierzoekers maken gebruik van attracties en zijn op zoek naar span ning en plezier.
Onder dit speerpunt laten we zien, dat alleen kiezen voor groei als we dit op een duurzame manier en in balans met onze natuurlijke leefomgeving kunnen doen. 3. Iedereen doet op eigen kracht mee: Sociale cohesie speelt een be langrijke rol. Die is van oudsher bijzonder sterk, de betrokkenheid van inwoners is groot. Ontmoeten in de openbare ruimte draagt hieraan bij.
4. -F*
5.
6.
Toekomstbestendige centra: Daar hangt mee samen dat we de inrichting van de centra aantrekkelijker willen maken. Het moet inwoners en recreanten aantrekken en ook een prettige verblijfsplek zijn als in de toekomst het klimaat verder is opgewarmd. Slim bereikbaar: De druk op onze wegen en het landschap is groot, door in te zetten op slimme oplossingen voor mobiliteit laten we zien dat groei ook kan zonder nieuwe belasting voor de woonomgeving en de natuur. All-inclusive landschap: We willen het landschap in de gemeente versterken en daarmee ruimte creëren voor allerlei (nieuwe en be staande) functies. Ook willen we in dat landschap allerlei doelen combineren. Van waterbeheer, het verhogen van de biodiversiteit tot het zichtbaar en beleefbaar maken van cultuurhistorie.
Statusenreikwijdte Het IBOR is een beleidsplan die kaders en doelstelling bevat voor het be heer en onderhoud van de openbare ruimte. Daarnaast is er een aantal be staande plannen die in meer of mindere mate raakvlak hebben met dit IBP zoals: ^ Programma Water en Riolering 2021 -2024; ^ Beleidsplan Openbare Verlichting en verkeersregelinstallaties 2021-2031; ^ Beleidsplan Bijzondere objecten 2021-2031; ^ Verkeersvisie 2017-2025; ^ Groenstructuurplan 2019-2029; • Bomenbeleidsplan 2020-2030; ^ Speelruimteplan 2015-2025. Deze plannen blijven van kracht totdat ze worden geactualiseerd. Het IBOR is vooral gericht op het beheer van de fysieke leefomgeving met inachtne ming van de kaders die in deze beleidsplannen zijn vastgesteld. Looptijd Dit integraal beheerprogramma is een dynamisch plan dat een theoretische looptijd heeft van 10 jaar (van 2024 t/m 2033). Kleine wijzigingen op beleids matig of financieel gebied worden in principe in real-time doorgevoerd, zodat het plan altijd actueel is. Een wijziging met financiële of beleidsmatige ge volgen wordt via de algemene beleidscyclus opgenomen. De vastgestelde
Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
kaders en uitgangspunten worden in de verschillende beheerplannen uitgewerkt.
en
2.Visie op ontwikkelend beheer We werken toekomstgericht, waarbij we de verschillende doelen die zijn vastgesteld proberen te realiseren. We hebben risico’s en maatschappelijke behoeftes in beeld. We werken gestructureerd en de organisatie is op orde. In het kader van groot onderhoud 1 is veel mogelijk als er slimme combinaties van beheer en ontwikkeling worden gezocht. Als een weg helemaal op de schop gaat om het riool te vervangen, dan kunnen ook meteen maatregelen worden genomen om bijvoorbeeld wateroverlast tegen te gaan of een oversteekknelpunt aan te pakken. Toekomstgericht beheer betekent dus dat objecten in de openbare ruimte niet alleen worden vervangen, maar ook direct worden verbeterd. Zo creeren we een fysieke leefomgeving die de gebruikers stimuleert om te spor ten, te spelen en elkaar te ontmoeten in een aantrekkelijke, groene open bare ruimte, waarbij mensen zo weinig mogelijk last hebben van hittestress en wateroverlast. Kortom, een openbare ruimte die bestand is tegen klimaatontwikkelingen en bijdraagt aan gezond leven voor iedereen. Dit geldt niet alleen voor gebieden waar grootschalig wordt vervangen. Ook in het dagelijks onderhoud liggen er veel kansen om bij te dragen aan een gezonde, veilige en inclusieve gemeente.
Door bijvoorbeeld op een andere manier te maaien, waardoor we biodiversiteit kunnen stimuleren en door an dere materiaalkeuzes te maken waarmee we bijdragen aan circulaire ambi ties. We werken Doelmatig , Dienstverlenend en Duurzaam. Voor een uitwerking van deze begrippen wordt verwezen naar Hoofdstuk 4.
DIIENSTVEIRD OELMATI G
i
LENEND
ţl
..fñr
r
DUURZAAM i
;WN
1 Groot onderhoud richt zich voornamelijk op het in stand van de voorzieningen houden op de langere termijn. Bij groot onderhoud wordt de openbare ruimte opnieuw aangelegd, waarbij oud of versleten materiaal wordt vervangen en eventuele schade wordt hersteld.
'.'Llì1.11.1.',1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
Oì
Om de visie te kunnen realiseren is een drietal scenario’s uitge werkt. Deze zijn opgenomen in bijlage 1. We hebben een afweging gemaakt van de scenario’s. Hierbij is de instandhouding van de openbare ruimte ons primaire doel. Tevens willen we ook onze am bitie en opgave op het gebied van duurzaamheid komende jaren extra aandacht geven. Om deze reden streven we de komende 10 jaar naar een toekomstbestendige openbare ruimte met een groene impuls (scenario 2, zoals opgenomen in de bijlage). Concreet houdt dit het volgende in:
Toekomstbestendig met groene impuls Kwaliteitsniveaus op volgende niveaus: Gebiedstype
Niveau
Centrumgebieden
A
Hoofdwegen
B
Woongebieden
C
Bedrijventerreinen
C
Buitengebied
C
O
500 m2 verharding vervangen per jaar door groen en 500 m2 verharding ver vangen door waterdoorlatende verharding
Dit geldt voor het onderhoud van het groen, reiniging en onkruidbestrijding van de wegen, legen van de afvalbakken, onderhoud van de banken etc. Het onderhoud waar veiligheidsnormen van toepassing zijn zoals bij het snoeien van bomen en onderhoud van de speelvoorzieningen is geen sprake van de beeldkwaliteitsniveaus. Tevens investeren we in vervangingen, waarbij in cycli wordt gewerkt en de resultaten van uitgevoerde inspecties bepalend zijn voor de maatrege len die worden ingezet. Met dit scenario zetten we de huidige beleidslijn voort. Tevens werken we de achterstanden weg en zorgen we dat de vervangingen op tijd worden gedaan. Hiermee is er continuïteit voor de inwoner en de organisatie. Met de groene impuls richten we ons op duurzaamheid: voorkomen van hittestress in de bebouwde omgeving en het opvangen van regenwater. Tevens zorgt meer groen in de bebouwde omgeving voor een gezondere leefomgeving.
'.'Llì1.11.1.',1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
VI
3.Trends en ontwikkelingen Allerlei verschillende externe ontwikkelingen zorgen momenteel voor een verschuiving van rationeel beheer naar meer ontwikkelend beheer. De ko mende jaren staat de gemeente voor de grote opgave om de mobiliteits-, klimaat-, woon-, sociale- en duurzaamheidsdoelstellingen te realiseren. Het gaat dan onder meer om de volgende ontwikkelingen: Klimaatactief enduurzaam beheer vandeopenbare ruimte De klimaatverandering heeft ef fect op de openbare ruimte. Hittestress en droogte nemen toe in warme perioden en het aantal zware buien neemt toe. Dit vraagt om aanpassing van de openbare ruimte en een ander beheer. Bij het beheer van de openbare ruimte kan worden in gespeeld door te zorgen voor voldoende afvoer- en buffercapaciteit voor regenwater. Ook kan het beheer worden ingezet op de ontwikkeling en het behoud van bomen in de kernen. De bomen leveren belangrijke ecosysteemdiensten voor de kernen, zoals het temperen van hitte op warme dagen. Het omvormen van verharding naar groen kan hierin ook een rol spelen. Het bevorderen van de biodiversiteit is tevens een onderdeel van duurzaam beheer. De grootste natuurwaarden van Nederland vinden we in natuurge bieden, maar steeds duidelijker wordt ook dat de openbare ruimte binnen kernen op een eigen wijze kunnen bijdragen aan het stoppen van de terug gang van de biodiversiteit.
Biodiversiteit zorgt voor een verhoging van de soortenrijkdom en kan ook bijdragen aan verspreiding van ziekten, plagen en invasieve soorten zoals de eikenprocessierups.
Uil i r ai
opladen van elektrische voertui gen. Hiermee wijzigt het gebruik van parkeervoorzieningen en het beeld door het toevoegen van laadpalen.
Eengroeiende vraagnaarruimte voor participatievan bewoners enbedrijven Participatie van bewoners en be drijven in het beheer van de openbare ruimte is niet nieuw. We zien dat de wens om zelf meer vorm te geven aan de directe leefomgeving groeit. We stimuleren initiatieven van buitenaf omdat het de sociale samenhang en de betrokkenheid van bewoners bij de eigen woonomgeving vergroot. Ook kan participatie in het beheer van de openbare ruimte extra kwaliteit toevoegen die we als gemeente met onze financiële middelen niet kunnen bieden. Als gemeente omarmen we het uitdaagrecht (Right to Challenge). De kern van de aanpak is dat een groep (georganiseerde) bewoners of bedrijven taken van de gemeente overneemt. Bijvoorbeeld als zij denken dat het anders, beter, slimmer en/of goedkoper kan. Deze vorm ga at nog een stap verder op het gebied van participatie. In de openbare ruimte kan dit uitdaagrecht ook een plek krijgen onder be paalde voorwaarden.
Intensiever gebruikvandeopenbare ruimte Een intensiever gebruikvan de openbare ruimte vraagt om een ander be heer. De woningbouwopgave voor de komende jaren is groot. De kernen veranderen door in- en uitbreidingen en de druk op de bestaande openbare ruimte neemt toe. Ook neemt het elektrisch rijden toe en daarmee het
VLi!1,11!1.1,1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
00
4. Uitwerking visie en doelstellin gen Op gebied van beheer en onderhoud in de gemeente Loon op Zand wordt gewerkt vanuit de principes doelmatig, dienstverlenend en duurzaam . DOELMATIG
Integraal Door een integraal beheerplan op te stellen worden de volgende doelen ver wezenlijkt: 1. Vergroten efficiëntie; 2. Kostenbesparend werken;
van werkzaamheden aan nutsvoorzieningen. Het is zonde als we een weg aanleggen en een jaar later wordt de waterleiding vervangen. Ook hebben stedenbouwkundige projecten effect op de openbare ruimte. Ze kunnen zor gen voor meer verkeer (zowel in de bouwfase als na de realisatie) of vragen om nieuwe of andere aansluitingen. Het vervangen van een straat net voor dat een bouwproject start is kapitaalvernietiging. In periodieke overleggen met interne en externe partijen worden de verschillende planningen met el kaar besproken en zoveel mogelijk op elkaar afgestemd. Takenenbevoegdheden Om het proces met betrekking tot de uitvoering van het IBOR goed te laten verlopen is het noodzakelijk de verantwoordelijkheden, taken en bevoegd heden inzichtelijk te maken. Hierdoor verloopt het proces van beheer effici ent en effectief. In onderstaand schema zijn de belangrijkste partijen in dit kader weergegeven met de bijbehorende taken en bevoegdheden in relatie tot dit plan.
strategisch
tactisch
Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte
Beheerplannen MJOP
Maatregelplannen Contract
college
MT
3. Beperken overlast inwoners; 4. Tegengaan versnippering van beleid en beheer; 5. Bereiken duurzaamheids- en klimaatdoelstellingen. Er wordt gewerkt vanuit het principe “integraal, tenzij”. Dit vindt zijn toepas sing vooral bij projecten, waarbij de (ondergrondse) infrastructuur moet wor den vervangen. Dan is het tijdstip rijp om alle onderdelen, indien mogelijk en indien nodig, mee te nemen zodat de bovenste doelen worden gereali seerd. Daarnaast wordt ook gekeken of het zinvol is om bepaalde onderhoudsmaatregelen te combineren zonder daarbij de praktische haalbaar heid uit het oog te verliezen. Voorbeelden zijn het tegelijkertijd opknappen van een trottoir en het vervangen of verwijderen van bomen (wortels). Ook het combineren van diverse maatregelen die te maken hebben met het schoonhouden van de leefomgeving zoals onkruidbeheersing, het vegen van goten en het reinigen van kolken is hiervan een goed voorbeeld.
raad
operationeel
Planning Å controlcyclus De basis van de gemeentelijke organisatie wordt grotendeels bepaald door de planning & control cyclus. Het is voor zowel het bestuur als de ambtelijke organisatie het proces waarin het beleid en de financiële gevolgen vorm worden gegeven. In de beleidscyclus zien we de volgende onderdelen, pas send bij de beleidscyclus:
Integraal werken gaat echter verder dan alleen tussen de disciplines in de openbare ruimte. Er zijn ook externe factoren waarmee afgestemd moet worden. Hierbij moet gedacht worden aan het op elkaar afgestemd uitvoeren
'.'Llì1.11.1.',1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
VO Kadernota
(Plan)
In de kadernota worden door de gemeenteraad de grove kaders voor het komende begrotingsjaar uitgezet.
Begroting (Uitvoering) In de begroting worden de beleidsuitgangspunten en doelstellingen geformuleerd met de daarbij horende financiële gevolgen.
Bestuursrapportage (Controle) Dit is een tussentijdse evaluatie om te kíjken of de beoogde doelstellingen worden gehaald.
Jaarrekening
(Evaluatie)
Dit is de eindevaluatie waarin wordt gekeken ín hoeverre de beoogde resultaten zijn behaald.
RelatieIBOR encyclus Het IBOR kan gevolgen hebben voor de gemeentelijke begroting. Hierbij moet gedacht worden aan keuzes door de gemeenteraad, risico’s voortko mend uit inspecties of andere onvoorziene zaken. Het is daarom altijd van belang om tijdig te worden opgenomen in de beleidscyclus. Het beheer en onderhoud maakt onderdeel uit van de begroting en de jaarrekening. Hier naast vormt ook de uitwerking in de beheerplannen een belangrijk onderdeel van de cyclus.
©HAMM
~
’ -ľ.
-'V.
VLi!1,11.1. Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
Procesoperationeel beheer Er wordt beheerd volgens een bepaald proces dat hieronder globaal is weer gegeven __________________________________________ Fase Inspectie Planning
Plan
Contract Uitvoering Toezicht Evaluatie Nazorg
Omschrijving Periodieke kwaliteitscontrole van ob jecten in de openbare ruimte Op basis van de gegevens uit de in spectie wordt een meerjarenplanning opgesteld Op basis van de gegevens uit de in spectie wordt een (onderhouds)plan opgesteld Het plan wordt omgezet in een con tract Het betreffende onderhoud of project wordt uitgevoerd Bij de uitvoering wordt gekeken of het contract goed wordt nageleefd Actualiseren van gegevens Nieuwe situatie opnemen in be staande onderhoudsplannen
Onderhoud Er zijn verschillende soorten onderhoud te onderscheiden in het beheer van de openbare ruimte. Op hoofdlijnen wordt onderscheid gemaakt tussen schoon, heel en veilig. Hieronder zijn de verschillende onderhoudswerk zaamheden gedefinieerd met enkele voorbeelden ter verduidelijking. Schoon Onder schoon valt het onderhoud die de verzorging en het aanzien van een areaal of object ten goede komen. Hoofdzakelijk gaat het daarbij om zwerfafvalbeheersing, onkruidbeheersing en het schoonhouden van diverse ob jecten zoals tunnels, banken en speeltoestellen. De tech nische constructie of functie blijft ongewijzigd.
Heel Onder heel vallen de maatregelen die moeten zorgen voor het instandhouden van een gebied of object. Het onderhoud heeft als belangrijkste doel het verbeteren van de huidige conditie of het zodanig verlengen van de levensduur dat het areaal of object blijft functione ren waarvoor het is bedoeld. Soms is het onderhoud eenvoudig, zoals het herstraten van een stoep. We spreken dan van klein onderhoud. Soms is het onderhoud ingrijpend en wordt een deel van de constructie vervangen. We spreken dan van groot onderhoud. Bij het compleet vervangen van een object, zoals een speeltoestel of een weg, spreken we van een vervanging. Veilig Veilig kan in dit kader worden gezien als een resul tante van schoon en heel. Indien iets voldoende schoon en heel is, is het in principe ook veilig. Hier voor dienen er wel regelmatig kwaliteitsinspecties plaats te vinden. Voorbeelden zijn het controleren van wegen en de riolering. Maar ook lichtmasten, speeltoestellen en bomen moeten regelmatig wor den nagekeken of ze nog voldoen aan de geldende veiligheidsei sen. Als een object niet veilig is moet er onderhoud plaatsvinden om het weer in een veilige staat te brengen. Er zijn ook specifieke onderhoudsmaatregelen, zoals gladheidsbestrijding, die sec worden uitgevoerd om de (verkeers-)veiligheid te vergroten.
Naast gladheidsbestrijding moet hierbij ook worden ge dacht aan calamiteitenonderhoud bij onvoorziene omstandigheden (extreem weer, ongelukken, vandalisme). Dit is maatwerk, waarbij het belangrijkste uitgangspunt is dat de situatie zo snel mogelijk weer veilig is.
'.'Llì1.11.1.',1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
Kwaliteit Het begrip kwaliteit is een containerbegrip dat een nadere toelichting be hoeft. In het kader van het IBOR moet kwaliteit vooral worden gezien in het licht van het voldoen aan een bepaalde criteria, die vaak zijn vastgelegd in bepaalde normeringen. In bijlage 2 is weergegeven voor welke afzonderlijke discipline welke normering wordt gehanteerd. Prestatieindicatoren Tegenwoordig is het steeds beter mogelijk dat bepaalde resultaten inzichte lijk kunnen worden gemaakt en onderling kunnen worden vergeleken. We vinden deze resultaten vaak terug in de vorm van prestatie indicatoren in bijvoorbeeld een begroting of jaarrekening om te kijken of is voldaan aan de doelstelling. Hieronder zijn enkele prestatie indicatoren genoemd die een rol spelen in dit IBOR.
biedt inzicht in welke meldingen zich waar en wanneer voordoen. We kunnen hiermee de inzet van de aannemer verhogen bij bijvoor beeld afvalbakken die veel worden gebruikt maar ook overlast van dumpingen gericht aanpakken. Ook kan de analyse van de data lei den tot bijvoorbeeld verplaatsen van afvalbakken van een plek waar deze weinig wordt gebruikt naar een plek waar veel meldingen over zwerfafval aanwezig is.
au-z
Controle beeldkwaliteit We voeren periodiek controles uit of de beeldkwaliteit in de open bare ruimte voldoet aan het vastgestelde beleidskader. Dit vormt een onderdeel van het contract dat is opgesteld met de aannemer voor het uitvoeren van het onderhoud aan de openbare ruimte. Met deze prestatiemeting wordt beoordeeld of de aannemer voldoet aan de gestelde kwaliteiten. Data uit inspecties Diverse onderdelen in de openbare ruimte worden frequent gecon troleerd op kwaliteit of conditie. Deze data is enerzijds een belangrijk hulpmiddel om het benodigde onderhoud te plannen en uit te voe ren. Daarnaast kan de data ook worden gebruikt om te kijken hoe het areaal er voor staat. Het verwerken van de data in het beheer systeem en het combineren van de gegevens van verschillende dis ciplines is een onderdeel van het op orde krijgen van de basis van het beheer en onderhoud.
'
C.
Data uit meldingen en metingen We ontvangen jaarlijks vele meldingen over de openbare ruimte. Tevens worden er periodiek metingen gedaan voor de kwaliteit van de openbare ruimte (hoeveelheid zwerfafval, aanwezigheid onkruid, vulgraad afvalbakken). Deze gegevens zijn door middel van data analyse te gebruiken bij het beheer van de openbare ruimte. Dit
VLil1,11.1. Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
DIENSTVERLENEND
Participatieencommunicatie Het juist en tijdig communiceren over het uit te voeren onderhoud vormt een belangrijk onderdeel in de gemeentelijke organisatie. Dit geldt voor zowel voor de interne communicatie als de externe communicatie naar onze inwo ners, bedrijven en instellingen. In bijlage 3 is opgenomen hoe we invulling geven aan communicatie. In de participatiesamenleving krijgt de inwoner meer ruimte om zelf initiatie ven te nemen. Dit geldt ook voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte en gebouwen. Inwonersparticipatie kent in de gemeente Loon op Zand diverse vormen. Dit hangt grotendeels af van het soort onderhoud (schoon, heel, veilig) en de betreffende discipline (groen, infrastructuur, rio lering etc.). Als we kijken naar het onderdeel veilig dan is hierin geen ruimte voor parti cipatie. De gemeente is altijd verantwoordelijk dat alles veilig is. Hier zullen we dus alleen informatie brengen over wat er gaat gebeuren en waarom. Over schoon en heel kunnen we het wel hebben met de inwoner. Dit kan in verschillende vormen. Eenvoudige maatregelen, zoals het verwijderen van onkruid, zwerfafval, lichte maai- en snoeiwerkzaamheden kunnen uitste kend samen met bewoners worden opgepakt. Hierbij is er dus ook echt sprake van meedoen. Bij gespecialiseerde en zware werkzaamheden is dit minder eenvoudig.
Bij vervanging (bijvoorbeeld van een riool, een brug of een complete weg) is het uitgangspunt dat juist informatie bij de belanghebbenden wordt ge haald zodat een plan ontstaat met voldoende draagvlak. Lokale informatie en wensen van de inwoners zijn daarbij onontbeerlijk. Hierbij is er sprake van meedenken. Uitdaagrecht Bij het uitdaagrecht, ook wel Right to Challenge genoemd, nemen bewoners of bedrijven taken van overheden over als zij denken het slimmer, beter, goedkoper of anders te kunnen doen. Het uitdaagrecht past binnen een dy namische samenleving, waarin de gemeente samen met inwoners en on dernemers goed bespreekt en samen uitzoekt hoe onze gemeente nog be ter kan worden. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan het beter maken van
Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
de wijken en straten waarin mensen en ondernemers wonen en werken. Initiatieven voor het Uitdaagrecht worden dan ook omarmd. Meldingen Openbare Ruimte Als een inwoner of gebruiker van de openbare ruimte iets signaleert wat in zijn ogen niet schoon, heel of veilig is, kan dit worden gemeld bij de ge meente. Dit kan via verschillende kanalen waarna de melding bij het verant woordelijke team wordt geplaatst voor afhandeling. Hieronder is een overzicht gegeven van het aantal meldingen van de afge lopen jaren per onderdeel van het IBOR plan. Aantal meldingen per onderdeel 4500 4000
,|ll
3500
M riolering
3000 2500
■ ■I
2000 1500
1000 500
M speelvoorzieningen
■iin
■ verkeer H openbare verlichting M reiniging
I I III
■ wegen □ groen
0 2014
2015
2016
2017
2018
2019 2020
2021
2022
NB Meldingen over bomen en hondenvoorzieningen zijn onderdeel groen.
van
Duidelijk is te zien dat er een toename is van het aantal meldingen over het beheer en onderhoud van de openbare ruimte in afgelopen jaren. De mel dingsbereidheid van de inwoner is afgelopen jaren duidelijk groter gewor den. Dit komt mede door de invoering van laagdrempelige middelen om te melden zoals melden via de website en de applicatie op de mobiele telefoon.
DUURZAAM
We omarmen de global goals, zie bijlage 4. De Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (SDGs - Sustainable Development Goals) zijn door de Verenigde Naties vastgesteld als nieuwe mondiale duurzame ontwikkelingsagenda voor 2030. Ze worden gepromoot als de wereldwijde doelstellingen voor duurzame ontwikkeling. De global goals zorgen ervoor dat de gemeente bij het beheer van de open bare ruimte veel verder kijkt dan schoon, heel en veilig. Integraal werkende teams beoordelen alle projecten op de bijdrage aan de Global Goals. Hier door kijkt de beheerafdeling breder dan instandhouding, en worden win-winsituaties gecreëerd met het sociaal domein en met bewoners en organisa ties in de wijk.
projecten. Vanuit deze kringloopgedachte onderzoeken wij samen met gemeenten de mogelijkheden om in de nabije toekomst de openbare leefruimte verder te verduurzamen. Beperken van een negatieve milieu-impact op water, bodem en lucht. In de GWW (grond-, weg- en waterbouw), de bouw en de groenvoorziening is de relatie met water en bodem vaak heel direct. Bij het aanbesteden van wegen proberen we bijvoorbeeld de emis sies van schadelijke stoffen naar water, bodem en lucht te minima liseren en de grondwaterstand zo weinig mogelijk beïnvloeden. Ook kijken we naar de producten die we inkopen bijvoorbeeld producten met een beperkte 'water voetprint' of producten met een positieve impact op de bodemkwaliteit.
We onderkennen hierbij verschillende invalshoeken voor duurzaamheid die bijdragen aan de realisatie van de global goals in onze gemeente: ^ Fysieke duurzaamheid: keuze van materialen die herbruikbaar zijn, lang meegaan en niet vervuilend of energieverslindend zijn in hun productie. Wij gaan werken met een duurzaamheidsscan en bij aan bestedingen en inkoop houden we rekening met de duurzaamheid van het product. ^ Duurzaamheid ten aanzien van het gebruik of de functie: dat wil zeggen de juiste voorziening op de juiste plek. Bijvoorbeeld een bankje van duurzaam materiaal op een plek waar hij door niemand gebruikt wordt, is uiteindelijk nog geen duurzaam product. ^ Klimaatadaptatie en biodiversiteit: Bij het vervangen van het open baar groen speelt bij de keuze van plantmateriaal duurzaamheid een belangrijke rol. We kiezen voor soorten die lokaal voorkomen waardoor deze goed groeien in de grondsoort waarin we leven. Ook kijken we naar biodiversiteit: er worden verschillende soorten en ty pen groen aangeplant om de biodiversiteit binnen onze gemeente te vergroten. ^ Circulariteit: De openbare leefruimte is leverancier van grondstof fen. Boomhout dat vrijkomt bij werkzaamheden wordt hergebruikt of ingezet voor het maken van stroom in een biomassacentrale. Her gebruik van verharding wordt zoveel mogelijk toegepast in
'.'Llì1.11.1.',1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
5.Onderhouds- en vervangingsbehoefte Huidigareaal In onderstaand overzicht is het areaal weergegeven (stand van areaal op 1 juni 2023). Onderstaande hoeveelheden zijn indicatief, maar geven een re delijk beeld van de werkelijkheid. Voorziening Wegen
Openbare verlichting
Civiele kunstwerken
Voorziening Inzameling Afvoer (vrij verval)
Afvoer (mechanisch)
Asfaltverharding Elementverharding Betonverharding Halfverharding Masten Armaturen LED-lampen Gewone lampen Bruggen Tunnels Muren Kolken hemelwater en gemengde riolering Gemengde riolering Vuilwaterriolering Hemelwaterriolering Overstortputten (verbeterd) gemengde riolering Hemelwateruitlaten (verbeterd) gescheiden riolering Persleidingen Drukriolering Drukriool-pompunits Rioolgemalen Bergbezinkbassins Voorzieningen Infiltratievoorzieningen
Hoeveelheden 529.600 m2 991.200 m2 35.900 m2 119.100 m2 5.700 stuks 5.800 stuks 2.400 stuks 3.900 stuks 4 stuks 4 stuks 4 stuks Hoeveelheden 10.000 stuks 78,4 28,8 31,4 16
km km km stuks
18
stuks
15,9 68,1 230 31 3 5 11
km km stuks stuks stuks stuks stuks
Meetpunten
Voorziening Groen
Meubilair Speelvoorzieningen Afvalvoorzieningen
Bijzondere (hemelwater) voorzie ningen Grondwater Afvalwater Oppervlaktewater Gazons, beplanting, etc. Bloembakken Bomen Banken en afvalbakken Hekwerken Toestellen Ondergrondse containers
26 stuks 3 stuks 0 stuks Hoeveelheden 1.460.664 m 2 8 stuks 13.942 stuks 593 stuks 2.114 m 307 stuks 85 Stuks
Wijkvoorzieningen
37
Loca ties
r-
5
- - - t
'T&jŗh v-./. r: . . ' 'ri
VLi!1,11.1. Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
^ Huidige kwaliteit Ln isis van de laatst bekende inspectiegegevens is in de onderstaande tabel een indicatie gegeven van de kwaliteit per discipline. Uitgangspunt voor de niveaus zijn de door de CROW opgestelde kwaliteitsniveaus die horen bij de volgende gebiedsindeling: Gebiedsindeling Centrumgebied Woongebied Bedrijventerrein Hoofdweg Buitengebied
Kwaliteitsniveau A C C B C
In de volgende tabel wordt aangegeven of de kwaliteit op of boven het vast gestelde niveau is. Een straat kan bijvoorbeeld boven het vastgestelde ni veau zijn omdat er een herstrating of overlaging heeft plaats gevonden en het wegdek dus weer in het hoogste kwaliteitsniveau is gekomen. Voor de beschrijving van de term achterstand is de BBV het uitgangspunt. Deze zegt het volgende: Er kan sprake zijn van achterstand of achterstallig onderhoud als onderhoud niet tijdig volgens de planning wordt uitgevoerd. Bij ach terstand is de kwaliteit van het betreffende object (nog) niet aange tast. Bij achterstallig onderhoud is dat wel het geval: er wordt niet (meer) voldaan aan het door de raad vastgestelde minimale kwali teitsniveau of de wettelijke norm. Achterstallig onderhoud kan ook ontstaan door een onvoldoende financiële vertaling in de begroting van het door de raad vastgestelde kwaliteitsniveau. Als kapitaalver nietiging en/of onveilige situaties aan de orde zijn, is er sprake van achterstallig onderhoud. Op basis van CROW advies is het uit gangspunt voor financieel toezicht (conform gehanteerd beleid arti kel 12 Financiële verhoudingswet) dat er sprake is van kapitaalver nietiging als de staat van het onderhoud niet meer voldoet aan mi nimaal kwaliteitsniveau C (bij onderhoud wegen), of een vergelijk baar niveau als er een andere systematiek wordt toegepast.
We kiezen ervoor om de achterstanden te verhelpen door het gehele kapi taalgoed versneld te vervangen. Dit vertaald zich in een vervangingsopgave die navolgend wordt omschreven.
Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
In de beheerplannen wordt het wegwerken van de achterstanden verder uit gewerkt binnen de kaders uit dit plan. Onderdeel Op of boven niveau Riolering 100oZo Wegen-asfalt 880Zo Wegen-elementen 74 0Zo (klinkers, tegels etc.) Openbare verlichting 96 0Zo Civiele kunstwerken 1000Zo tunnels en bruggen Civiele kunstwerken - 950Zo duikers Groen - beplanting en 85Z gazons Groen - bomen 95Z Spelen en straatmeu 100Z bilair
Achterstand 12Z 26Z 4Z 0Z 5Z 15Z 5Z 0Z
Toelichting ^ Als we kijken naar onze wegen dan is een achterstand in met name de straten en stoepen met klinkers en tegels zichtbaar. Veel straten hebben dezelfde leeftijd en moeten aangepakt worden. ^ De geconstateerde achterstand in het beleidsplan Openbare ver lichting van 2019 is grotendeels weggewerkt. Er is nog een kleine achterstand die conform het beleidsplan wordt opgelost. • De civiele kunstwerken in onze gemeente zijn nog relatief jong, hierin is geen achterstand aanwezig. ^ Ten opzichte van het beheerplan 2019 is ongeveer de helft van de achterstanden in het groen weggewerkt. ^ Uit de inspecties is naar voren gekomen dat er achterstand is in het snoeien en opkronen van de bomen, deze achterstand wordt op korte termijn aangepakt. ^ Alle speeltoestellen voldoen aan de veiligheidsnormeringen. Bij het straatmeubilair heeft een optimalisatie plaats gevonden, waarbij achterstanden zijn weggewerkt.
Oì
Vervangingsopgave Op basis van de hiervoor beschreven hoeveelheden van onze kapitaalsgoederen. Element Wegen
Groen
Meubilair
Speelvoorzieningen Openbare verlich ting Civiele ken
kunstwer
en de technische levensduur kan een globale indicatie worden gegeven van de totale vervangingsopgave
Afschrijving
Gemiddelde areaal
Asfaltverharding Elementverharding Betonverharding Halfverharding Gazons, beplanting, etc.
45 jaar 45 jaar 45 jaar 45 jaar 25 jaar
30-40 jaar 35-45 jaar 30-40 jaar 20-30 jaar 15-25 jaar
Bloembakken Bomen Banken en afvalbakken
25 jaar 10-15 jaar Afhankelijk van omstandigheden 25 jaar 10-20 jaar
Hekwerken Toestellen
25 jaar 15 jaar
onbekend 10-15 jaar
Masten
40 jaar
15-20 jaar
Armaturen Bruggen, tunnels, mu ren etc
15 jaar 40 jaar
5-10 jaar 15-20 jaar
leeftijd huidig
Er is sprake van een piek in het vervangen van wegen, groen en bomen: een deel van de openbare ruimte heeft het eind van de technische levensduur bereikt en zal moeten worden vervangen. Dit zijn forse ingrepen in de openbare ruimte die hoge investeringen zullen vragen, maar die tevens de mogelijkheid bieden om belangrijke ontwikkelingen in te openbare ruimte mee te nemen. Daarbij wordt werk met werk gemaakt en worden subsidies benut om een plus te realiseren. Een verschuiving naar beheren met een ontwikkelende bril op is dan ook noodzakelijk en vraagt om een ander beheer van de openbare ruimte.
'.'Llì1.11.1.',1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
6.Financiën
,v
' ■,
.
Onderhoudsbudgetten Voor het realiseren van de vastgelegde visie en doelstellingen zijn onderhoudsbud getten noodzakelijk. Dit zijn de middelen in de exploitatie voor het uitvoeren van dagelijkse werkzaamheden. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het maaien van het gras, het schoffelen van onkruid, het vegen van de wegen etc.. Dit noemen we de uitvoeringskosten. In de begroting zijn meer middelen beschikbaar, dit zijn ook niet beïnvloedbare kosten zoals de salariskosten van medewerkers, energiekosten, kapitaallasten etc. In onderstaande tabel wordt dit inzichtelijk gemaakt, als basis is de begroting 2023 gebruikt.
āä®? •» ' v'
IBM •ŵ «*s ‘ïÿį^*iïä C -'*W-. -V
Exploitatie
Per jaar
Uitvoeringskosten Kapitaallasten Formatie Totaal
C 3.500.000 C 700.000 C 650.000 e 4.850.000
Beïnvloedbaar Niet-beïnvloedbaar Niet-beïnvloedbaar
v rH;
KV*
ŕífer J . -
Ajÿt
'.'Llì1.11.1.',1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
18
Exploitatie Toekomstbestendig met groene impuls " Verhoging onderhoudsbudget groen: " Inzetten op duurzame instandhouding bomen: C 150.000 per jaar erbij, dit zijn de maatregelen afkomstig uit de Visual Tree Assessment (VTA). " Verhogen exploitatie in verband met extremere weersom standigheden (o.a. water geven en vervanging dode beplan ting): C 75.000 per jaar erbij " Hogere kosten voor het nieuwe groen dat wordt gerealiseerd in plaats van verharding: + C2.500 De belangrijkste conclusie is dat door de huidige kwaliteit en veel gelijke leef tijd van de buurten ook in het 0-scenario (voortzetting van het huidig beleid) geld bij zal moeten. Bij het onderhoud van het groen zijn meer middelen nodig voor de duurzame instandhouding van de bomen en door de extremere weers omstandigheden een verhoging van het exploitatiebudget plaats vinden. Het onderhoud van groen kost meer dan het onderhoud van verharding. Dit betekent dat het onderhoudsbudget opgehoogd moet worden om het nieuwe groen te onderhouden. Met de overige onderhoudsbudgetten veaus realiseren.
kunnen we de gestelde kwaliteitsni
'.'Llì1.11.1.',1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
Investeringen Investeringsbudgetten zijn primair bedoeld voor vervanging van bepaalde kapitaalgoederen. In het voorgaande hoofdstuk is de vervangingsopgave opgenomen. Deze is meerjarig te vertalen in een vervangingsbudget dat komende jaren noodzakelijk is om de vervangingsopgave te kunnen oppakken. Dit is in onderstaande tabel opgenomen. De huidige beschikbare middelen zijn tevens opgenomen. Vervangings investeringen
Huidige vervangings investeringen per jaar
Groen - beplanting
e 315.000
Toekomstbestendig met groene im puls (scenario 2 in bijlage 1) e 370.000
Groen - bomen
0
e 300.000
Speelvoorzieningen
e 138.000
e 238.000
15 jaar
Wegen
e 862.000
e 1.402.000
Levensduurverlengend (afschrijving 20 jaar)
e 2.000.000
e 2.000.000
Reconstructies (afschrij ving 45 jaar)
e 25.000 e 25.000 e 95.332
e 25.000 e 25.000 e 95.332
15 jaar 50 jaar Armaturen 15 jaar Verlichtingspalen 40 jaar
Straatmeubilair Duikers Openbare verlichting
Afschrijvingstermijn
Opmerking
e 35.000 extra nodig voor slijtage van het groen, biodi versiteit en participatie. e 20.000 voor vervanging grijs voor groen Middelen nodig voor duurzame groeiplaatsverbetering
Verkeersregelinstallaties
De levensduur van de speelvoorzieningen kan niet ver der opgerekt worden, er zal dus meer vervangen moe ten worden. e 500.000 nodig voor wegwerken achterstand in ele mentenverharding. e 40.000 voor vervanging gesloten verharding naar waterdoorlatende verharding
Conform eerdere besluitvorming wordt dit e 295.000 per jaar. Nog niet in deze beleidsperiode van toepassing: installaties lantaarns masten kasten
Civiele kunstwerken
Totaal
40jaar
e 3.460.332
2033
e
462.000
2038
e
105.000
2046
e
447.000
en
e 1.014.000 Nog niet in deze beleidsperiode van toepassing, vervan ging op basis van inspecties
e 4.455.332
In de voorgaande tabel is de gemiddelde vervanging voor de komende jaren opgenomen. Er zijn echter schommelingen in de jaren bij vervangingen. Het ene jaar moet bijvoorbeeld een grote speelvoorziening worden vervangen en het andere jaar een kleine. Deze verschillen ook in kosten. De financiën opgenomen
'.'Llì1.11.1.',1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
N)
in dit plan zijn voor de komende beheerplannen kaderstellend. Factoren die van invloed zijn op de financiën zijn aspecten, zoals indexeringen. Dit plan wordt verder uitgewerkt in beheerplannen. Hierin worden de vervangingsinvesteringen meerjarig uitgewerkt op basis van de inspecties, zodat de begroting voor komende jaren goed kan worden ingericht. De financiële kaders waarbinnen geprogrammeerd moet worden staan met dit plan voor de komende 4 jaar vast. Uitzondering hierop zijn risico’s zoals calami teiten, veranderde wet- en regelgeving en indexeringen. Jaarlijks wordt op basis van de uitgevoerde inspectie een Meerjarenuitvoeringsprogramma (MUP) opgesteld. In dit MUP is het eerstvolgende jaar de planning en financiën kaderstellend vastgesteld. Dit wordt dan ook opgenomen in de begroting. De hierop volgende jaren zijn indicatief en input voor afstemming met ontwikkelaars en andere beherende partijen zoals Enexis en Casade om afstemming te zoeken. Reserves en voorzieningen Het onderdeel reserves en voorzieningen wordt conform de BBV in de beheerplannen uitgewerkt.
Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
įî Bijlage
1 Scenario's
1. Toekomstbestendig Kwaliteitsniveaus op volgende niveaus: Gebiedstype
Niveau
Centrumgebieden
A
Hoofdwegen
B
Woongebieden
C
Bedrijventerreinen
C
Buitengebied
C
Dit geldt voor het onderhoud van het groen, reiniging en onkruidbestrijding van de wegen, legen van de afvalbakken, onderhoud van de banken etc. Het onderhoud waar veilig heidsnormen van toepassing zijn zoals bij het snoeien van bomen en onderhoud van de speelvoorzieningen is geen sprake van de beeldkwaliteitsniveaus. Tevens investeren we in vervangingen, waarbij in cycli wordt gewerkt en de resultaten van uitgevoerde inspecties bepalend zijn voor de maatregelen die worden ingezet. Met dit scenario zetten we de huidige beleidslijn voort waar bij we vanuit beheer oogpunt toekomstbestendig werken. Tevens werken we de achterstanden weg en zorgen we dat de vervangingen op tijd worden gedaan. Hiermee is er con tinuïteit voor de inwoner en de organisatie.
2. Toekomstbestendig met groene impuls
3. B-niveau is standaard voor wo nen en werken
Dit is scenario 1 Toekomstbestendig + 500 m2 verharding vervangen per jaar door groen en 500m2 verharding vervangen door waterdoorlatende verharding Hiermee richten we ons op duurzaamheid: voorkomen van hittestress in de bebouwde omgeving en het opvangen van regenwater. Tevens zorgt meer groen in de bebouwde omgeving voor een gezondere leefomge ving. Dit vraagt investeringskosten voor grondwerkzaamheden, beplanting, uren en afvoeren. Tevens nemen de beheerkosten toe. Dit is dus toekomstbestendigheid vanuit een breed blikveld,
’ !3mSÊtòľV
Kwaliteitsniveaus op volgende niveaus: Gebiedstype
Niveau
Centrumgebieden
A
Hoofdwegen
B
Woongebieden
B
Bedrijventerreinen
B
Buitengebied
C
Dit geldt voor het onderhoud van het groen, reiniging en onkruidbestrijding van de wegen, legen van de afvalbak ken, onderhoud van de banken etc. Het onderhoud waar veiligheidsnormen van toepassing zijn zoals bij het snoeien van bomen en onderhoud van de speelvoorzie ningen is geen sprake van de beeldkwaliteitsniveaus. Tevens investeren we in vervangingen, waarbij in cycli wordt gewerkt en de resultaten van uitgevoerde inspec ties bepalend zijn voor de maatregelen die worden inge zet. Hiermee brengen we in de veel gebruikte gebieden het kwaliteitsniveau omhoog.
'.'Llì1.11.1.1,1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
N) N)
Onderstaand een vergelijking op kaart van scenario 1 en 3. Scenario 1
Scenario 3
VLi!1,11.1. Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
23
Het eerste scenario “Toekomstbestendig ” is een voortzetting van het beheer zoals dat in de vorige nota is vastgesteld. Financieel ziet dat er als volgt uit voor de exploitatie: 1. Toekomstbestendig " Verhoging onderhoudsbudget groen: " Inzetten op duurzame instandhouding bomen: C 150.000 per jaar erbij, dit zijn de maatregelen afkomstig uit de VTA. " Verhogen exploitatie in verband met extremere weersom standigheden (o.a. water geven en vervanging dode beplan ting): C 75.000 per jaar erbij De belangrijkste conclusie is dat door de huidige kwaliteit en veel gelijke leef tijd van de buurten ook in het 0-scenario geld bij zal moeten. Bij groen zijn er extra middelen nodig voor de duurzame instandhouding van de bomen en door de extremere weersomstandigheden een verhoging van het exploitatiebudget plaats vinden. Met de overige onderhoudsbudgetten kunnen we de gestelde kwaliteitsniveaus realiseren.
2. Toekomstbestendig + Groene impuls " Verhoging onderhoudsbudget groen: " Inzetten op duurzame instandhouding bomen: C 150.000 per jaar erbij, dit zijn de maatregelen afkomstig uit de VTA. " Verhogen exploitatie in verband met extremere weersom standigheden (o.a. water geven en vervanging dode beplan ting): C 75.000 per jaar erbij " Hogere kosten voor het nieuwe groen dat wordt gerealiseerd in plaats van verharding: + C2.500 " Overige onderhoudsbudgetten gelijk. Het onderhoud van groen kost meer dan het onderhoud van verharding. Dit betekent dat het onderhoudsbudget opgehoogd moet worden om het nieuwe groen te onderhouden.
Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
3. Toekomstbestendig, waarbij het B-niveau standaard is voor wonen en werken " Verhoging onderhoudsbudget groen: " Inzetten op duurzame instandhouding bomen: C 150.000 per jaar erbij, dit zijn de maatregelen afkomstig uit de VTA. " Verhogen exploitatie in verband met extremere weersom standigheden (o.a. water geven en vervanging dode beplan ting): C 75.000 per jaar erbij " Verhoging onderhoudsbudgetten, waarbij sprake is van kwaliteitsni veaus: + C 650.000 Een ophoging van het beeldkwaliteitsniveau van C naar B voor de woongebie den en bedrijventerreinen betekent dat 60% van het areaal op niveau B wordt onderhouden ten opzichte van 20% bij scenario 0. Met name voor rei niging en onkruidbestrijding betekent dit een grote toename van het beno digde onderhoudsbudget. Bij een aantal elementen is geen onderscheid in kwaliteitsniveaus zoals bij het snoeien van de bomen en het onderhoud van de speelvoorzieningen. Hier zijn de technische eisen leidend dus heeft het aanpassen van het beeldkwaliteitsniveau geen effect po de budgetten.
N) -F*
Investeringen Investeringsbudgetten zijn primair bedoeld voor vervanging van bepaalde kapitaalgoederen. Deze is meerjarig te vertalen in een vervangingsbudget dat ko mende jaren noodzakelijk is. Dit is in onderstaande tabel opgenomen voor de verschillende scenario’s. De huidige beschikbare middelen zijn tevens opgenomen. Vervangings investeringen
Huidige vervangings investeringen per jaar
Scenario 1
Scenario 2
Scenario 3
Groen - beplanting
e 315.000
e 340.000
e 370.000
e 450.000
Groen - bomen
0
e 300.000
e 300.000
e 300.000
Speelvoorzieningen
e 138.000
e 238.000
e 238.000
e 238.000
15 jaar
Wegen
e 862.000
e 1.362.000
e 1.402.000
e 1.700.000
Levensduurverlengend (afschrijving 20 jaar)
e 2.000.000
e 2.000.000
e 2.000.000
e 2.500.000
Reconstructies (afschrij ving 45 jaar)
e 25.000 e 25.000 e 95.332
e 25.000 e 25.000 e 100.000
e 25.000 e 25.000 e 100.000
e 25.000 e 25.000 e 100.000
15 jaar 50 jaar Armaturen 15 jaar Verlichtingspalen 40 jaar
Straatmeubilair Duikers Openbare verlichting
Afschrijvingstermijn
e 35.000 extra nodig voor slijtage van het groen, biodi versiteit en participatie. e 20.000 voor vervanging grijs voor groen Middelen nodig voor duurzame groeiplaatsverbetering
Verkeersregelinstallaties
De levensduur van de speelvoorzieningen kan niet ver der opgerekt worden, er zal dus meer vervangen moe ten worden. e 500.000 nodig voor wegwerken achterstand in ele mentenverharding. e 40.000 voor vervanging gesloten verharding naar waterdoorlatende verharding
Nog niet in deze beleidsperiode van toepassing:
Civiele kunstwerken
Totaal
Opmerking
40 jaar
e 3.460.332
e
4.065.000
installaties
2033
e
462.000
lantaarns masten kasten
2038
e
105.000
2046
e
447.000
en
e 1.014.000 Nog niet in deze beleidsperiode van toepassing, vervan ging op basis van inspecties
e 4.460.000
'.'Llì1.11.1.',1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
Bijlage 2 technische Onderdeel Riolering
Infrastructuur Openbare lichting
ver
Schoon NEN1-EN 135082+A1 (vrij verval) NEN 3140 (elek tra) BRL2 K14020 (kwaliteit mecha nische riolering) CROW Beeld kwaliteit CROW Beeld kwaliteit
Civiele kunstwer ken/bruggen
CROW kwaliteit
Beeld
Groen - heesters en gras Groen - bomen
CROW kwaliteit
Beeld
Hondenvoorzie ningen (on Reiniging kruid en zwerfaf val) Speeltoestellen
CROW kwaliteit CROW kwaliteit
Beeld
CROW kwaliteit
Beeld
Straatmeubilair
CROW Beeld kwaliteit Keur waterschap
Water
eisen
Heel NEN-EN 135082+A1 (vrij verval) NEN 3140 (elek tra) BRL K14020 (kwaliteit mecha nische riolering) CROW 146 (weginspectie) NEN 3140 (elek tra) en 1010 (elektra installa ties) NEN 2767 (via ducten en tun nels) en 3140 (elektra) CROW Beeld kwaliteit Handboek bomen (Norminstituut bomen)
Veilig NEN-EN 135082+A1 (vrij verval) NEN 3140 (elek tra) BRL K14020 (kwaliteit mecha nische riolering) CROW 146 (weginspectie) NEN 3140 (elek tra) en 1010 (elektra installa ties) NEN 2767 (via ducten en tun nels) en 3140 (elektra)
NEN-EN 1176 (speeltoestellen) en 1177 (speelondergronden) CROW Beeld kwaliteit Keur waterschap
NEN-EN 1176 (speeltoestellen) en 1177 (speelondergronden)
internationale normen (ISO en IEC) en de normen uit België (NBN), Duits land (DIN), Frankrijk (NF), Nederland (NEN en NPR) en het Verenigd Ko ninkrijk (BS). 2: BRL s Beoordelingsrichtlijn. In de BRL wordt beschreven aan welke tech nische en organisatorische eisen een organisatie I product moet voldoen om in aanmerking te komen voor een certificaat. Het nummer verwijst naar de branchelproductlijn. 3: CROW s De naam CROW is oorspronkelijk een afkorting van Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek. Die naam dekte de lading niet meer toen de organisa tie steeds meer een kennisplatform werd. Daarom is CROW niet langer een afkorting, maar een eigennaam.
Handboek bomen (Norminstituut bomen)
Beeld
Keur waterschap
1: NEN s Nederlands Normalisatie-instituut. Het NEN kan normen opstellen die binnen Nederland geldigheid hebben. Daarnaast verzorgt het NEN de Nederlandse vertegenwoordiging binnen het ISO. Voor inzage zijn beschikbaar alle Europese normen (NEN-EN),
'.'Llì1.11.1.',1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
Bijlage 3 Communicatie CT
voeren. Resultaat zal moeten zijn dat de kwaliteit van de planvorming en uitvoering groter wordt omdat de ervaringskennis van de inwoners is ver werkt.
Doelstellingen
Communicatie richt zich op het informeren, meedenken en meedoen van inwoners. Daarbij speelt ook de corporate communicatie van de gemeente een rol. Informeren Communicatie over het uitvoeren van maatregelen in de openbare ruimte richt zich voor een belangrijk deel op het pro actief informeren van de inwo ners en ondernemers die in het betreffende gebied zijn gevestigd. Actief en tijdig informeren over de plannen, de fasering, de bouwactiviteiten, moge lijke overlast, de voortgang, tegenvallers, vertraging, de mijlpalen. Resultaat zal moeten zijn dat ze antwoorden krijgen voordat ze vragen hebben gesteld en dat ze geen aanleiding hebben om meldingen in te dienen. Mochten er toch vragen of meldingen zijn, dan moet het bij inwoners voorafgaand aan de werkzaamheden duidelijk zijn tot wie men zich kan richten. Een persoon lijke benadering, toegankelijkheid en een goede bereikbaarheid zijn dan van belang. We informeren voorafgaand aan, tijdens en bij afronding van de werkzaamheden. Intern richt de communicatie zich op het informeren van de medewerkers van de organisatie opdat zij op de hoogte zijn of kunnen zijn van de maatre gelen en daar waar mogelijk kunnen aanhaken in hun eigen werk. Meedenken Daar waar mogelijk en wenselijk consulteren we de inwoners. Het kan gaan om het zoeken van oplossingen voor bepaalde problemen of om het nader detailleren van uitwerkingen.
Uitgangspunt hierbij is dat we beleid/projecten afstemmen op de wensen en het gedrag van inwoners. Het resultaat is draagvlak voor de plannen en voor de toekomstige inrichting. De ervarings kennis die inwoners meebrengen zal zo veel mogelijk worden ingezet. Steeds zal teruggekoppeld worden hoe met de reacties is omgegaan. Re sultaat moet zijn dat de betrokken doelgroepen zich gehoord voelen. Meedoen We luisteren naar onze inwoners en staan open voor hun ideeën en reac ties. We nodigen inwoners dan ook graag uit om zelf met ideeën te komen, waarbij zij de gemeente betrekken of nodig hebben om die plannen uit te
Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
Concerncommunicatie De gemeente laat zien dat ze waarde hecht aan een aantrekkelijke leefom geving en dat ze zich daarvoor inzet. Als het goed gaat, dragen werkzaam heden in de openbare ruimte bij aan een positief imago van de gemeente. Een positief beeld versterkt het vertrouwen van de inwoner in de gemeente. Als het niet goed gaat is dat positieve beeld ook weer heel snel afgebroken. Daarom zijn het informeren, meedenken en meedoen van groot belang. Be stuurlijk is de portefeuillehouder het gezicht van Infra naar buiten.
Onderdelen
Vanuit de afdeling Infra zijn er verschillende onderdelen van ons werk waarin communicatie een belangrijke rol speelt. Deze onderdelen worden hieronder kort toegelicht. -
Standaard onderwerpen: Er zijn jaarlijks terugkerende onderwerpen die aandacht vragen, denk hierbij aan de gladheidsbestrijding, eikenprocessierups, bladcampagne etc..
-
Realisatie projecten: Projecten vragen op verschillende manieren communicatie. Afhan kelijk van de omvang en de impact wordt voor een communicatie strategie gekozen. Hierbij kan het gaan om: o Projectpagina op gemeentelijke website o Bewonersbrieven o Bewonersbijeenkomsten o Gesprekken met individuele inwoners en/of ondernemers in het betreffende gebied o Enquêtes (eventueel ondersteund door een social media campagne) o Polls op social media o Persberichten en/of -gesprekken o Publicatie op Duinkoerier / social media o Informatie van de aannemer
N) vj
o Informatiebord bij project Per project worden keuzes gemaakt in de communicatie. Per project zal dit worden uitgewerkt.
Beleidsprojecten Periodiek worden beleidsplannen geactualiseerd, zoals het Afvalbeleidsplan, de IBOR nota en het bomenbeleidsplan. Bij deze actu alisatie kan in het voortraject gekozen worden voor een participatietraject met bijhorende communicatie. Na vaststelling moet het vast gestelde kader worden gecommuniceerd. Dit kan door uitsluitend een publicatie maar soms vraagt nieuw beleid ook om een gedrags verandering waarvoor communicatie een middel is om dit te berei ken. Gedurende het jaar zal er dan op verschillende momenten en op verschillende manieren moeten worden gecommuniceerd. Het maken van keuzes hierin over de wijze van communiceren wordt per traject vastgelegd.
Het merendeel van de werkzaamheden in de openbare ruimte en de afval inzameling zijn uitbesteed. Deze partijen verzorgen dan ook deels de bijho rende communicatie. Deze communicatie bestaat o.a. uit: Wekelijkse publicatie in de Duinkoerier over de geplande onder houdswerkzaamheden Communicatie over uitvoering van projectwerkzaamheden (asfalte ren, herstraten, planten groen etc.) Periodieke communicatie bij geplande activiteiten voor de bewoners en bedrijven (tegel-ruil-dag, schoonmaakdag etc.)
Calamiteiten Gedurende het jaar kan het zijn dat er bijzondere omstandigheden zijn die om directe inzet van communicatiemiddelen vraagt. Hierbij kan het gaan om extreme weersomstandigheden (gladheid, water overlast) of bijvoorbeeld wijzigingen in de afvalinzameling door weersomstandigheden of piekmomenten . Hierbij wordt een directe lijn gelegd tussen de verantwoordelijke persoon van de afdeling In fra, afdeling communicatie en de portefeuillehouder. Over calami teiten vindt de communicatie grotendeels via de website en social media plaats. Wettelijk verplichte communicatie Vanuit de wetgeving is het verplicht om bepaalde besluiten te publi ceren. Het merendeel van de vergunningen worden aangevraagd via het Omgevingsloket en wordt dan ook gepubliceerd. Verkeersbesluiten worden bijvoorbeeld niet aangevraagd via het Omgevingsloket maar moeten wel worden gepubliceerd. Dit wordt in de Staatscourant gedaan en als service op de gemeentelijke pagina in de Duinkoerier.
'.'Llì1.11.1.',1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
28
Bijlage 4 Global Goals De Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (SDGs - Sustainable Develop ment Goals) zijn door de Verenigde Naties vastgesteld als nieuwe mondiale duurzame ontwikkelingsagenda voor 2030. Ze worden gepromoot als de wereldwijde doelstellingen voor duurzame ontwikkeling. Er zijn 17 doelstel lingen en 169 onderliggende targets om deze doelen te realiseren. GEZONDHEID cnncLiijn EN WELZIJN
V-
LEVENIN HET WATER
II!
GELIJKHEID —
f
ONGELIJKHEID VERMINDEREN
EERLIJK WERK EN ECONOMISCHE
KLIMAATACTIE
KWALIĨEIĨS ONDERWIJS
LEVEN OP HET
VREDE. VEILIGHEIDEN STERKE PUBLIEKE DIENSTEN
SCHOON WATER EN SANITAIR
f VERANĨWOORDE CONSUMPTIE EN PRODUCTIE
PARTNERSCHAP OM DOELSTELLINGEN TE BEREIKEN
W THE GLOBALGOALS For Susumabie Dovrlopmtrt
Met het beheer van de openbare ruimte kunnen we aan verschillende doe len een bijdrage leveren. Hierbij gaat het o.a. om:
GOEDE GEZONDHEID EN WELZIJN
Bewegen en een groene omgeving dragen bij aan een goede gezondheid en het welzijn van de bevolking. Met het aanwezige groen dragen we een steentje bij in de zuivering van de lucht. Onze speelvoorzieningen zorgen ervoor dat kinderen worden uitgedaagd om te bewegen in de buitenlucht. Met de aanpak van kruisingen proberen we de kans op verkeersslachtoffers te verminderen.
Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034
SCHOON WATER FN SANITAIR
Met de inrichting van de openbare ruimte pro beren we zoveel mogelijk water vast te houden zodat verdroging wordt tegengegaan. Hierbij koppelen we bijvoorbeeld riolering af of we leg gen wadi ’s aan. Deze laatste zorgen tevens voor een eerste zuiveringsstap van het water.
Wereldwijd worden grondstoffen schaarser of raken zelfs helemaal uitgeput. Dit betekent on der meer dat de Nederlandse energiehuishou ding duurzamer en minder afhankelijk van ein dige fossiele brandstoffen moet worden. De hui dige investeringsagenda van de kabinetsforma tie is gericht op 1000Zo energieneutraal en klimaatbestendig maatschappelijk vastgoed in 2040 en 10007o hernieuwbare energie in 2050. Dit heeft effect op de openbare ruimte doordat bijvoorbeeld de energietransitie een plek moet krijgen in de ondergrond. Maar ook dragen we zelf een steentje bij door middel van verLEDding van de openbare verlichting en gebruik van elektrische apparatuur in het onderhoud. Bij het vervangen van wegen wordt gekeken naar kwaliteit, betrouwbaarheid, duurzaamheid en toekomstbestendigheid. Hiermee bevorde ren we de bereikbaarheid van onze kernen en zijn we een aantrekkelijke vestigingsplaats voor bedrijven.
'.'Lil1.11.1.',1,
DUUR2AML STEDEN ÍN GEMEENSCHAPPEN
ïLRANľiïJUHĽt
CONSUMPTIE EN PRODUCTIE
KLIMA.ATACTIE
Bewuste keuzes in materiaalgebruik, vervan gen van verharding door groen, hergebruik van materialen zorgen voor verduurzaming van onze kernen.
We kiezen voor materialen die herbruikbaar zijn, lang meegaan en niet vervuilend of ener gieverslindend zijn in hun productie. Tevens zien we de openbare ruimte als leveran cier van grondstoffen. Boomhout dat vrijkomt bij werkzaamheden wordt hergebruikt of ingezet voor het maken van stroom in een biomassacentrale. Hergebruik van verharding wordt zo veel mogelijk toegepast in projecten. Vanuit deze kringloopgedachte onderzoeken wij sa men met gemeenten de mogelijkheden om in de nabije toekomst de openbare leefruimte ver der te verduurzamen.
ĮfVEHŪPHET
Bij het vervangen van het openbaar groen speelt bij de keuze van plantmateriaal duur zaamheid een belangrijke rol. We kiezen voor soorten die lokaal voorkomen waardoor deze goed groeien in de grondsoort waarin we leven. Ook kijken we naar biodiversiteit: er worden ver schillende soorten en typen groen aangeplant om de biodiversiteit binnen onze gemeente te vergroten.
We weten de plaatsen in onze gemeente waar sprake is van hittestress of verdroging. Bij herinrichtingsprojecten in deze gebieden besteden we hier specifiek aandacht aan om de proble matiek te verminderen.
'.'Llì1.11.1.1,1, Integraal Beheerprogramma Openbare Ruimte 2024-2034