CConstaterende datLoon op Zand
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Duurzaamheidsprogramma V4

Beeldvormende ronde 21 september 2023, gemeente Loon op ZandBij agendapunt: Duurzaamheidsprogramma Loon op Zand (22:15 - 23:10 uur). Locatie: Raadzaal7.859 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Duurzaamheidsprogramma Loon op Zand 2023-2033

Voorwoord

Voorwoord De aarde warmt op en het klimaat verandert. Hierdoor nemen de extremen in het weer toe. De belangrijkste effecten van klimaatverandering zijn hitte, droogte en meer neerslag. De energietransitie heeft als doel om deze klimaatverandering zoveel mogelijk af te remmen. De overstap naar duurzame en hernieuwbare energie beperkt het verbruik van fossiele brandstoffen en daarmee de uitstoot van broeikasgassen. Daarmee is het een van de kerndoelen van de energietransitie. Een zekere mate van klimaatverandering is nu al onvermijdelijk en daar moeten we nu dus al op inspelen. Voorbereiden op de effecten van klimaatverandering en de omgeving daarop aanpassen doen we door klimaatadaptatie. Hiermee bereiden we ons voor op de effecten die klimaatverandering met zich meebrengt, zoals de extreme weersomstandigheden. Om daarnaast duurzaam en toekomstbestendig om te gaan met onze aarde, zetten wij in op circulaire economie. Daarmee verminderen we afval, hergebruiken we waar mogelijk onze grondstoffen en dragen we bij aan een schoner milieu. Er wacht een enorme opgave op het gebied van duurzaamheid. Voor u ligt het Duurzaamheidsprogramma Loon op Zand 2023 – 2033. De komende 10 jaar moet onze gemeente grote stappen zetten om de doelstellingen van duurzaamheid te behalen.

Aangezien de energietransitie, klimaatadaptatie en de circulaire economie in alle beleidsterreinen terugkomen, benaderen we duurzaamheid op een integrale manier. Het is dan ook belangrijk dat de verschillende organisatieonderdelen duurzaamheid integraal oppakken. In dit programma staat de visie die we in het komende decennium aanhouden en gebruiken als leidraad bij de stimulering, investering en uitvoering van projecten, activiteiten en initiatieven. Met dit programma realiseren we samenhang zodat duurzaamheid een centrale plek krijgt in onze manier van werken! We kijken met de stakeholders in de regio, de provincie en het Rijk hoe we zo goed mogelijk invulling kunnen geven aan de doelen die we onszelf stellen. We moeten stappen gaan zetten en dat gaan we ook doen. Voor de toekomst van onze kinderen en jongeren, voor een beter leven in onze kernen en vanuit onze eigen kracht dragen we bij aan een duurzame toekomst.

2

Inleiding We bevinden ons in een tijd waarin veel van onze natuur onder druk staat en biodiversiteit afneemt. De oorzaken hiervan zien we onder andere in niet-duurzame landbouw en bosbouw, stedelijke wildgroei en vervuiling. Ook lucht-, water- en bodemverontreiniging en klimaatverandering spelen daarbij een grote rol.1 Op steeds meer vlakken merken we dat klimaatverandering optreedt. De afgelopen 5 jaar waren de warmste jaren ooit gemeten op aarde. Hittegolven zoals in 2018 en 2019, overstromingen en extreme onweersbuien vinden steeds vaker plaats. Volgens het WMO (World Meteorological Organization) was juni 2023 de heetst gemeten juni tot nu toe en juli 2023 -over de hele wereld gemetende heetste maand ooit2 . De leefbaarheid wordt steeds vaker op de proef gesteld door het veranderende klimaat en de extreme weersomstandigheden. Naar verwachting verandert het klimaat alleen maar sneller en intenser en worden de gevolgen alleen maar groter. Volgens de KNMI-klimaatscenario’s moeten we er in Nederland bedacht op zijn dat we in de toekomst te maken krijgen met hogere temperaturen, een snellere zeespiegelstijging, nattere winters, zwaardere buien en een grotere kans op drogere zomers. Het is tijd voor actie. We zijn aan zet om positieve verandering te realiseren. De laatste decennia zijn er al veel afspraken gemaakt om verandering te laten plaatsvinden.

In 2010 werden er op Europees niveau afspraken gemaakt over de energietransitie. In 2013 werkte Nederland het energieakkoord uit. Het streven is dat er in 2020 20% hernieuwbare energie en 20% energiebesparing is bereikt. In 2020 trad het Klimaatakkoord in Nederland, de landelijke vertaling van het Klimaatakkoord van Parijs (2015), in werking. In Parijs spraken bijna 200 landen af zich in te spannen om de opwarming van de aarde te beperken tot een maximum van 2 graden, met een streven van 1,5 graad, ten opzichte van vóór de industrialisatie. In 2018 werden verdere afspraken gemaakt over de monitoring en uitvoering van de afspraken in het Klimaatakkoord. Tevens nam de Tweede Kamer in 2018 de Klimaatwet aan. Hierin staat dat de uitstoot van broeikasgassen in Nederland teruggedrongen moet worden tot een niveau dat 95% lager ligt in 2050 ten opzichte van 1990. In 2030 moet er al een afname te zijn van 49%. Hoe verhouden deze afspraken zich tot de term duurzaamheid? Een goede en algemeen erkende definitie voor de term ‘duurzaamheid’ luidt als volgt: “Duurzame ontwikkeling is ontwikkeling die tegemoetkomt aan de noden van het heden zonder de behoeftevoorziening van de toekomstige generaties in het gedrang te brengen.”3 Onder duurzaamheid wordt er vaak onderscheid gemaakt tussen energietransitie, klimaatadaptatie met biodiversiteit en circulaire economie als verschillende pijlers.

Deze pijlers horen in al onze beleidsterreinen terug te komen. We benaderen duurzaamheid daarom integraal. We zoeken naar verbindingen en koppelkansen tussen opgaven over de energietransitie, klimaat, wonen, mobiliteit, recreatie, werkgelegenheid, het sociaal domein en veiligheid. We integreren een klimaatadaptieve aanpak bij projecten, initiatieven en activiteiten. Energietransitie Kijkend naar de energietransitie zet onze gemeente zich op verschillende manieren in voor de transitie naar een aardgasvrije gemeente. Denk hierbij aan energiebesparende maatregelen, acties voor inwoners voor energiebesparend witgoed en isolatiematerialen. Energie die niet gebruikt wordt, hoeven we namelijk niet op te wekken. Energie besparen is altijd de eerste stap. Ook richten we ons op duurzame energieopwekking. Naast het situeren van zonne- en windenergie, onderzoeken we alternatieve vormen van duurzame energieopwekking. Regionaal hebben alle gemeenten in Regio Hart van Brabant de doelstelling om in 2030 gezamenlijk 1 Terawattuur (TWh) aan duurzame energie op te wekken, onder andere door het ontwikkelen van energiehubs van wind en zon. Daarom stimuleren we inwoners, bedrijven, ondernemers en maatschappelijke organisaties om energie te besparen om zo aardgasvrij te worden. “Europese natuur staat onder druk”, ecer.minbuza.nl/-/europese-natuur-staat-onder-druk.

“July 2023 is set to be the hottest month on record”, https://public.wmo.int/en/media/press-release/july-2023-set-be-hottestmonth-record. 3 Brundtland (1987), ‘Our Common Future’. 1 2

3

Klimaatadaptatie en biodiversiteit We bereiden ons voor op het veranderende klimaat. Door het treffen van klimaatadaptieve maatregelen gaan we de effecten van hittestress, droogte, wateroverlast en afname van biodiversiteit tegen en zijn we hier beter tegen bestand. In onze ‘Omgevingsvisie op Hoofdlijnen’ staat dat we toekomstige projecten, activiteiten en programma’s klimaatadaptief en toekomstbestendig moeten inrichten. Daarnaast zoeken we naar koppelkansen met andere domeinen, zoals bij de wadi’s in de Vossenbergselaan. Circulaire economie We werken aan een circulaire samenleving in 2050. We maken circulariteit gemakkelijker en concreter door zelf het goede voorbeeld te geven en door initiatieven van inwoners, ondernemers, bedrijven en maatschappelijke organisaties te stimuleren en te ondersteunen. We verkennen de kansen die circulaire economie ons biedt. Initiatieven die we al initieerden zijn onder andere repair cafés, de spullenbank en stichting Gered gereedschap. We onderzoeken de ontwikkelingen op het gebied van circulair bouwen en voeren deze waar mogelijk door. Daarnaast willen we grondstoffen hergebruiken en sluiten we ons aan bij de landelijke doelstelling om in 2050 100% circulair te zijn. Gemeente als voorbeeld Dit Duurzaamheidsprogramma vormt de visie. Deze visie, die we voor 10 jaar vaststellen (2023-2033), werken we uit in een actieplan.

Dit doen we op basis van kennis, prioriteiten en mogelijkheden. Hierin nemen we de concrete plannen op voor de komende jaren. Vervolgens ontwikkelen we initiatieven, activiteiten, projecten en programma’s en voeren deze door. Hiermee werken we toe naar een duurzame gemeente, die bijdraagt aan kansen voor iedereen en die economisch sterker is. Een gemeente die is ingesteld op de toekomst en waar het nog prettiger en gezonder is om te leven. Als gemeente willen we een voorbeeld zijn voor onze gemeenschap. Er zijn verschillende manieren waarop we zowel onze inwoners als onze ondernemers, bedrijven en maatschappelijke organisaties stimuleren om stappen te zetten. We werken daarom lokaal en regionaal samen met andere overheden, maatschappelijke organisaties, inwoners en bedrijven. Denk hierbij aan het faciliteren en ondersteunen met subsidies en leningen of het opzetten van projecten, initiatieven en activiteiten. Werken aan duurzaamheid doen we niet alleen! Alleen met elkaar kunnen we deze opgave succesvol uitvoeren. Samen gaan we de uitdaging aan om de doelstellingen rondom duurzaamheid te behalen en werken we gezamenlijk aan een duurzame en toekomstbestendige gemeente Loon op Zand!

4

Leeswijzer In hoofdstuk 1 staat aan welke internationale, Europese en nationale afspraken we werken, samen met de doelen en ambities we willen verwezenlijken. In hoofdstuk 2 bespreken we de pijlers waar we ons als gemeente op gaan inzetten, namelijk de energietransitie, klimaatadaptatie en biodiversiteit en een circulaire economie. In hoofdstuk 3 geven we inzicht in welke rollen we als gemeente kunnen innemen, hoe we bijdragen aan deze opgaven en welke doelen we hiermee willen bereiken. Ook bespreken we de partijen waarmee we samenwerken. In hoofdstuk 4 staat welke data we bij gaan houden, wat we gaan meten en hoe we dit in verbinding brengen met de ambities die we stellen. In hoofdstuk 5 geven we inzicht in wat de vervolgstappen gaan zijn na het vaststellen van het Duurzaamheidsprogramma. In hoofdstuk 6 geven we een toelichting op de financiële stromen van het Rijk.

5

Inhoud 1) Werken aan gezamenlijke doelen .......................................................................................................7 2) Onze pijlers .........................................................................................................................................8 2.1 Energietransitie ..............................................................................................................................8 2.2 Klimaatadaptatie en biodiversiteit ..................................................................................................9 2.3 Circulaire economie .....................................................................................................................10 3) Rol van de gemeente ........................................................................................................................12 3.1 Gemeente als voorbeeld..............................................................................................................13 3.2 Gemeentebreed participeren .......................................................................................................13 3.3 Samenwerking .............................................................................................................................14 4) Meten is weten

..................................................................................................................................16 5) Vervolg ..............................................................................................................................................17 6) Financiën...........................................................................................................................................18 Bijlage 1: Meetpunten - Meten is weten ................................................................................................19

6

1) Werken aan gezamenlijke doelen Duurzaamheid is op alle schaalniveaus een spoedeisend thema. Dit is hét moment om door te pakken. De ambitie van later begint met de uitvoering van vandaag en morgen. Ook op Europees en internationaal niveau zijn afspraken gemaakt.

Klimaatdoelstellingen van Parijs We onderstrepen en committeren ons aan de klimaatdoelstellingen van Parijs4. Er is afgesproken dat de gemiddelde temperatuurstijging op aarde wordt beperkt tot aanzienlijk minder dan 2°C en dat lidstaten zich inspannen voor een beperking tot 1,5°C. EU-lidstaten spraken daarnaast af om in 2030 minimaal 55% minder CO2 uit te stoten en om in 2050 klimaatneutraal te zijn. We dragen hieraan bij door samen te werken met inwoners, ondernemers, bedrijven en maatschappelijke organisaties.

Natuurherstelwet in Europa5 In Europa is inmiddels veel natuur en biodiversiteit aangetast. In 2030 moeten bij 20% van de natuurgebieden herstelmaatregelen zijn genomen. In 2050 moet er voor 90% van de natuurgebieden een herstelplan zijn. Het gaat hierbij om beschermde Natura 2000-gebieden, maar ook om bossen en veengebieden. Voor Nationaal Park de Loonse en Drunense Duinen zijn in 2017 al herstelmaatregelen vastgelegd6 voor het behouden of uitbreiden van aanwezige type gronden en verschillende soorten flora en fauna.

Regionale Energie en Klimaat Strategie (REKS) Energie besparen, duurzame energie opwekken en maatregelen voor klimaatadaptatie. Dit zijn de grootschalige opgaven die we samen met de regio oppakken binnen de REKS. In 2030 moet 20% energiebesparing gerealiseerd zijn ten opzichte van 1990. Ontzettend belangrijk, omdat energie die we niet verbruiken ook niet hoeven opwekken. De doelstelling voor opwekken van energie is dat we binnen de regio 1 TWh elektriciteit duurzaam opwekken via zon en wind. Daarnaast moet in 2030 25% van het totale dakoppervlak met zonnepanelen bedekt zijn. Door onder andere het aanleggen van nieuwe bossen en duurzame landbouw wordt gewerkt aan klimaatadaptatie.

Aardgasvrij In het Klimaatakkoord7 is afgesproken dat we onze woningen en gebouwen in 2050 op duurzame wijze verwarmen. Dat houdt bijvoorbeeld in dat we aardgasvrij verwarmen en zoeken naar alternatieve methoden. In de Transitievisie Warmte Loon op Zand staat dat we de landelijke ambitie volgen om in 2030 ten minste 20% van de bestaande woningvoorraad aardgasvrij gereed te maken. Besparen en isoleren zijn van groot belang. Onze doelstelling is om in 2030 20% minder aardgasgebruik te realiseren, met het einddoel aardgasvrij te worden.

Sustainable Development Goals8 We hechten veel waarde aan de lokale organisaties die ons als gemeente en onze gemeenschap verder brengen. Niet voor niets zijn we een ‘Global Goals gemeente’ waarmee we erkennen te willen bijdragen aan een duurzame en leefbare wereld. Stichting Wereldgemeente Loon op Zand geeft actief vorm en inhoud aan de Global Goals die de gemeenteraad in oktober 2017 vaststelde. Hier kunnen we trots op zijn!

Klimaatovereenkomst van Parijs, www.consilium.europa.eu/nl/policies/climate-change/. De natuurherstelwet. 6 131 Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen gebiedsanalyse (2017). 7 Klimaatakkoord, www.klimaatakkoord.nl/. 8 De 17 SDG’s, www.sdgnederland.nl/de-17-sdgs/. 4 5

7

2) Onze pijlers Dit duurzaamheidsprogramma geeft een doorkijk in onze ambities tot 2033. We hanteren hierin 3 pijlers die we hieronder toelichten. Deze pijlers vormen de kapstok voor de activiteiten in het ‘Actieplan Duurzaamheid Loon op Zand’. Deze pijlers zijn: 1. energietransitie; 2. klimaatadaptatie en biodiversiteit; 3. circulaire economie.

2.1 Energietransitie De energietransitie vindt in een razend tempo plaats en hierop bereiden we ons goed voor. De meest duurzame energie is nog altijd de energie die we niet gebruiken. Energie besparen en zelf energie opwekken zijn dus van groot belang. Dat doen we door onze inwoners, bedrijven, ondernemers en maatschappelijke organisaties te stimuleren en te ondersteunen. Daarnaast werken we in de Regio Hart van Brabant aan een samenwerkingsverband waarvan alle gemeenten, haar inwoners, ondernemers, bedrijven en maatschappelijke organisaties kunnen profiteren. De verbranding van aardgas als fossiele brandstof draagt bij aan klimaatverandering. Daarnaast willen we als land minder afhankelijk zijn van geïmporteerde energiebronnen. Afgesproken is dat Nederland in 2050 aardgasvrij is. In december 2021 is de Transitievisie Warmte Loon op Zand vastgesteld. Voor 2030 zijn wijken niet verplicht om aardgasvrij te zijn. De eerste stap naar aardgasvrij is altijd isoleren en energie besparen. De ambitie is dat in 2030 20% van de bestaande woningvoorraad aardgasvrij gereed is.

Wat willen we bereiken? •

Aardgasvrij in 2050 Onze hele gemeente wordt op termijn aardgasvrij. Dat is echter een langdurige opgave. We gaan met pilotwijken aan de slag, zoals dat in de Transitievisie Warmte in 2021 staat. Dit jaar starten we in Kaatsheuvel in de wijk Pannenhoef. In 2024 gaan we van start in Molenwijk in Loon op Zand. Met de bedrijventerreinen gaan we in 2025 aan de slag. Van belang is dat we leren van eerdere processen en mogelijk leidt dit tot versnelling.

•

Duurzame en regionale opwek van duurzame energie met zon en wind De opwek van zonne-en windenergie kent een enorme versnelling. Het Rijk en de netbeheerders hebben onvoldoende geanticipeerd op de snelle ontwikkelingen. Dit zorgt voor een onbalans voor het energiesysteem, met name door grote bedrijfsdaken die vol liggen met zonnepanelen9. Regionaal wordt nu slechts 20% energie opgewekt met windenergie. Daarom zetten we hier in de regio fors op in. Regionaal hebben alle gemeenten in Regio Hart van Brabant de doelstelling om in 2030 1 Terawattuur (TWh) aan duurzame energie op te wekken. Loon op Zand is een van de aandeelhouders binnen het Regionaal Publiek Ontwikkelbedrijf (POB)10. We ontwikkelen energiehubs van wind en zon, samen met de andere gemeenten. Van de opgave om 1 TWh duurzame energie te gaan opwekken, is ongeveer 55% al in beeld. De regio zoekt nog naar hoe de resterende 45% opgewekt gaat worden. Voor zonneenergie (tot 2 ha) moeten gemeenten zelf richtlijnen opstellen. We bekijken of de zonnevisie Loon op Zand 2021-202311 geactualiseerd moet worden.

REKS Voortgangsrapportage (2023). POB:https://www.regio-hartvanbrabant.nl/nieuws/publiek-ontwikkelbedrijf-gaat-voor-lokaal-eigenaarschap-en-lokaleopbrengsten-bij-wind-en-zonneparken/. 11 Zonnevisie loon op zand. 9

10

8

•

Alternatieve warmtebronnen Om aardgasvrij te zijn in 2050 moeten we ons nu voorbereiden op alternatieve warmtebronnen. De komende jaren werken we per wijk uit welke strategieën mogelijk en wenselijk zijn. Dit is maatwerk. Regionaal sluiten we aan bij onderzoek naar regionale warmtebronnen, zoals het Amernet, waterstof of aquathermie. Daarnaast onderzoeken we de haalbaarheid voor geothermie of groen gas de haalbaarheid. Dit sluit tevens aan bij de Transitievisie Warmte.

•

Laadinfrastructuur voor duurzame mobiliteit Openbare oplaadpunten worden steeds drukker bezet. Steeds meer mensen gaan elektrisch rijden en dus ook opladen12. We onderzoeken hoe we elektrisch rijden en opladen kunnen stimuleren en ondersteunen.

• Duurzame openbare verlichting Bij de aanleg van nieuwe openbare verlichting of het vervangen daarvan, passen we standaard energiezuinige (LED-)verlichting toe en bekijken we of slimme verlichting een veilige mogelijkheid is.

2.2 Klimaatadaptatie en biodiversiteit De laatste jaren wordt het alsmaar duidelijker: Het klimaat verandert. De effecten van klimaatverandering worden dan ook steeds aanzienlijker. Door klimaatverandering neemt het aantal zomerse dagen met hoge temperaturen toe. De problemen die kunnen voortkomen uit de hitte die hiermee gepaard gaat, zijn onder andere vermindering van de leefbaarheid, toenemende energievraag en verslechtering van biodiversiteit. Ook ontstaat er de laatste jaren neerslagtekort en is er veel verdamping. Dit zorgt op zijn beurt voor schade aan het stedelijk groen en de ecologie, funderingsproblemen, afname van (zwem)waterkwaliteit, bodemdaling en mogelijk ook voor verzakkingen en beschadigingen aan leidingen en netwerkkabels. Naast droogte ontstaan er ook steeds vaker extreme buien. Niet overal kan het water plaatselijk vastgehouden worden, infiltreren of afvloeien. Hierdoor ontstaan er bij extreme buien ondergelopen straten met schade aan verharding of bezittingen van inwoners, het afsterven van bomen en aanplantingen in gemeentelijke gronden, afname van kwaliteit van het oppervlaktewater, schade aan kelders en gebouwen, of zelfs uitval van vitale functies zoals stroomvoorzieningen en verslechterde bereikbaarheid, zo ook voor nood- en hulpdiensten. We bereiden ons voor op het veranderende klimaat.

Door klimaatadaptieve maatregelen te treffen gaan we de effecten van hittestress, droogte, wateroverlast en afname van biodiversiteit tegen en zijn we hier beter tegen bestand. Daarnaast moeten we klimaatadaptatie meenemen bij toekomstige ontwikkelingen, zoals beschreven staat in de Omgevingsvisie Op Hoofdlijnen van gemeente Loon op Zand. In de praktijk betekent dit dat projecten, activiteiten en initiatieven klimaatadaptief ingericht moeten worden. Om klimaatverandering in onze gemeente tegen te gaan werken we aan een groene leefomgeving. Dit is van belang voor de gezondheid van onze inwoners, voor het verhogen van de biodiversiteit en het versterken van onze positie als leisure gemeente. Met groen voorkomen we hittestress, waar met name ouderen, baby’s en mensen met chronische aandoeningen de negatieve gevolgen van ervaren13 (KNAW, 2023). We moeten steeds meer regenwater afvangen, want door verdroging en extreme regenval kan de grond dit water niet langer opnemen. Daarnaast voorkomen we met meer groen extreme weersituaties.

RVO (2021), ‘Nationaal Laadonderzoek 2021’. Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen (2023). Planetary health. An emerging field to be developed, Amsterdam. 12 13

9

Wat willen we bereiken? •

Voorkomen van wateroverlast en hittestress Openbare en particuliere ruimtes zoals tuinen vormen we om tot oases van flora en fauna. Samen met Wereldgemeente Loon op Zand, inwoners, ondernemers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en woningcorporaties zetten we in op meer ‘groen’ bij de woning en de werkomgeving, inclusief biodiversiteit. Daarmee voorkomen we wateroverlast en hittestress. Daarnaast zetten we in op het vergroenen van onze dorpscentra, pleinen en toeristische locaties voor inwoners en bezoekers.

•

Vergroten biodiversiteit De biodiversiteit loopt hard achteruit. Bijvoorbeeld van de 360 soorten bijen in Nederland dreigt meer dan de helft te verdwijnen, waarbij het verdwijnen van bestuivende insecten grote gevolgen kan hebben voor bijvoorbeeld de voedselproductie. Er zijn veel maatregelen mogelijk voor het verbeteren van de biodiversiteit. Die zijn er in de openbare ruimten in onder meer groenstroken, begraafplaatsen en boomspiegels. Daarnaast zijn er mogelijkheden in bijvoorbeeld tuinen en bedrijventerreinen door onder andere het aanplanten van meer groen van met name inheemse planten, het aanleggen van wadi’s, het vergroenen van daken, het natuur inclusief bouwen van woningen en duurzaam onderhoud. Zoals in het coalitieakkoord ‘Met lef, gefocust op u’ staat, sluiten we ons aan bij het deltaplan biodiversiteit.

• Duurzaam onderhoud openbare ruimte Duurzaam onderhoud kan bijvoorbeeld door geen chemische bestrijdingsmiddelen te gebruiken, hernieuwbare en recyclebare materialen te gebruiken in objecten, snoei- en bladafval als grondstof voor bemesting te gebruiken en sinusmaaien toe te passen voor het vergroten van de biodiversiteit. Vroegtijdig en continu onderhoud in de openbare ruimte vergroot de levensduur van materialen en objecten. •

CO2 en stikstofreductie (Schone lucht) We zetten in op betere luchtkwaliteit en een afname van gezondheidsschade en onderzoeken deelname aan het Schone Lucht Akkoord. Binnen onze gemeente zijn er diverse mogelijkheden om hieraan te werken, zoals binnen mobiliteit en landbouw. We stimuleren het gebruik van openbaar vervoer of de fiets richting onze diverse mooie toeristische attracties.

•

Betrokkenheid en initiatief Initiatieven van inwoners, ondernemers, bedrijven en maatschappelijke organisaties brengen we onder de aandacht en ondersteunen we zoveel als mogelijk. Zij hebben vaak goede ideeën die we als gemeente ondersteunen. Braakliggende gronden kunnen we bijvoorbeeld tijdelijk omzetten tot biologische tuinen of bijentuinen. Groene daken zorgen voor verkoeling, waterhuishouding en biodiversiteit14.

2.3 Circulaire economie Daarnaast werken we aan een circulaire samenleving in 2050. We maken circulariteit gemakkelijker en concreter door initiatieven van inwoners, ondernemers, bedrijven en maatschappelijke organisaties te stimuleren en te ondersteunen en natuurlijk door zelf het goede voorbeeld te geven. Waar mogelijk leggen we verbindingen met de Regionale Energie en Klimaat Strategie (REKS) en zoeken we naar koppelkansen met andere beleidsterreinen.

14

STOWA & Stichting RIONED (2015), Groene daken nader beschouwd.

10

Wat willen we bereiken? •

Bouwen met positieve impact De bouw is, door de benodigde grondstoffen en daadwerkelijke productie, verantwoordelijk voor 38% van de globale CO2-emissies15. Woningen, bedrijfspanden en maatschappelijk vastgoed worden steeds duurzamer. Door strengere wetgeving en innovaties wordt de impact op het milieu steeds lager. Ook binnen onze gemeente bekijken we hoe we circulariteit, natuur- en klimaatadaptatie in woningbouw kunnen toepassen. Dit doen we bijvoorbeeld door te zorgen dat op, aan of in gebouwen en in de openbare omgeving meer diversiteit aan planten en diersoorten kan leven. Het toepassen van klimaatadaptieve maatregelen zorgt dat gebouwen en straten afkoelen. Ontwikkelingen op het gebied van circulair bouwen omvatten bijvoorbeeld het hergebruik van materialen als beton, staal, hout en biobased materialen.

•

Afvalscheiding, hergebruik. reductie restafval, zwerfafval en voedselverspilling, VANG Afval voor de een is een grondstof voor de ander. We werken aan een zo optimaal mogelijke afvalscheiding. Kringlopen en milieustraten zijn fysieke punten waar duurzaamheid heel concreet wordt door het opnieuw kunnen gebruiken van bestaande materialen. We onderzoeken hoe we inwoners, ondernemers, bedrijven en maatschappelijke organisaties meer kunnen laten recyclen en gebruik kunnen laten maken van materialen die nog goed zijn voor gebruik. We willen meer mensen gebruik laten maken van al bestaande initiatieven, zoals de repair cafés, de spullenbank, de klussen- en dienstencentrale (KDC), de boekenbank en stichting Gered gereedschap. Dit soort initiatieven geven nu al vorm aan circulariteit. We stimuleren nieuwe initiatieven om restafval te verminderen. Op grotere schaal kijken we naar regionale samenwerking voor scheiding en hergebruik van afval en het verminderen van restafval per inwoner. We proberen continu de gescheiden inzameling van GFT, PMD, Textiel, OPK en glas te verbeteren, onder andere door goed samen te werken met en aan te sluiten op de wensen van inwoners, ondernemers, bedrijven en maatschappelijke organisaties. We committeren ons aan de gestelde doelen van het VANG-programma16.

We sluiten ons aan bij de landelijke doelstelling om in 2050 100% circulair te zijn, dus geen restafval in 2050.

•

Duurzame voedselvoorziening De productie van voedsel heeft wereldwijd veel invloed en in 2050 moeten tien miljard mensen worden gevoed. Duurzame voedselproductie, consumptie en voedselverspilling zijn daarom belangrijke thema’s. Initiatieven zoals ‘Herenboeren’ worden steeds populairder. Lokaal, vers en biologisch leiden tot veel minder uitstoot en tot gezonder voedsel. Het is goed mogelijk om restproducten en organisch afval te composteren en om groenten en fruit uit de buurt te halen in plaats van uit Zuid-Amerika. Dit soort initiatieven brengen onze gemeente naar een meer natuurinclusieve en circulaire samenleving.

15 16

Transitieteam Circulaire Bouweconomie en CITYFÖRSTER (2021), CARBON BASED DESIGN. Van Afval Naar Grondstof - VANG, https://vang-hha.n.

11

3) Rol van de gemeente Dit Duurzaamheidsprogramma is onze visie. Deze visie, die we voor 10 jaar vaststellen (2023-2033), werken we uit op basis van kennis, prioriteiten en mogelijkheden in een actieplan. Hierin nemen we de concrete plannen op voor de komende jaren. Vervolgens stimuleren we aan de hand van deze plannen initiatieven, activiteiten, projecten, en programma’s en voeren deze door. Afhankelijk van de mogelijkheden bepalen we welke rol past voor de specifieke situatie. Dit kan zijn: - een ondersteunende rol waarbij we ideeën ondersteunen en medewerking verlenen, - een kaderstellende rol waarin we kaders stellen voor sturen van de gewenste resultaten te bereiken, - een stimulerende rol waarin we aansporen tot het nemen van actie, - een initiërende rol, waarbij we zelf het goede voorbeeld geven door zelf initiatief te nemen, - een samenwerkende rol waarbij we samenwerken met inwoners, ondernemers, bedrijven of maatschappelijke organisaties of - een regierol waarbij inwoners, bedrijven, ondernemers en maatschappelijke organisaties zelf de stappen zetten om energie te besparen, te isoleren en aardgasvrij te worden. We hebben als gemeente de regie om de gewenste beweging op gang te krijgen.

Hiermee werken we toe naar de kern van het Duurzaamheidsprogramma, namelijk: Een duurzame gemeente die bijdraagt aan kansen voor iedereen We willen allemaal een betaalbare energierekening, zowel thuis als op kantoor en bij de sportvereniging. Verduurzamen is daarom van belang voor de gehele gemeenschap. Een duurzame gemeente zorgt er daarom voor dat iedereen kan deelnemen aan de energie- en warmtetransitie. Een duurzame gemeente die is ingesteld op de toekomst. Door de toenemende bevolkingsgroei stijgt het gebruik van nieuwe grondstoffenhard. Dat gaat gepaard met een stijging van fossiele brandstoffen, broeikasgassen en landgebruik17. De stijging in broeikasgassen, in combinatie met intensivering van landbouw, zorgt ervoor dat sommige gewassen minder goed kunnen groeien of opleveren18. Daarnaast neemt de levering van aardgas af en het gebruik van aardgas voor verwarming verdwijnt uiteindelijk overal in Nederland. Een gemeente die werkt naar een duurzame en circulaire economie zet in op schone, hernieuwbare energie, biodiversiteit en aanpassingen aan het veranderende klimaat. Een duurzame gemeente welke prettiger en gezonder is om in te leven. Een groene omgeving heeft een positief effect op de fysieke en mentale gezondheid19. Gezondheidsschade door luchtverontreiniging en hitte wordt verminderd. Een groene en schone omgeving nodigt uit tot bewegen en sociale interactie.

Een gemeente die duurzaam handelt, zorgt voor een betere leef- en werkkwaliteit voor inwoners, ondernemers, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Een duurzame gemeente die economisch sterker is. Duurzame bedrijven besparen op energie- en afvalkosten, werken aan hergebruik van grondstoffen en zijn daarmee beter voorbereid op de toekomst. Onderzoek toont aan dat een groene omgeving economische en toeristische waarde heeft20. Natuurgebieden, bossen en wateren bieden recreatiemogelijkheden.

Circle Economy & Deloitte, ‘Circularity Gap Report 2023’. “Voedsel”, www.rivm.nl/klimaat-en-gezondheid. 19 RIVM (2022), “Kennisbundeling Groen en Gezondheid”. 20 Jókövi, E.M., Luttik, J. (2003), ‘Rood en groen. Het combineren van verstedelijking en natuur in de praktijk’. 17 18

12

3.1 Gemeente als voorbeeld Het creëren van een beter milieu begint bij onszelf. We geven als gemeente het goede voorbeeld door onze eigen daadkracht te tonen en te laten zien dat duurzaamheid voor ons van groot belang is. We moedigen bewoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties aan om initiatief te tonen en waar mogelijk ondersteunen we hierin.

Wat willen we bereiken? • Duurzaam maatschappelijk vastgoed Met quickscans duurzaamheid zijn duurzame meerjaren onderhoudsprogramma’s (DMJOP’s) vastgesteld en kunnen we als gemeente onze vastgoedportefeuille verduurzamen. De kosten van vandaag zijn belangrijk, net als het rendementsdenken (total cost of ownership). Hierdoor kunnen we investeren in energiebesparing en duurzame energiesystemen, zoals zonnepanelen en WKOinstallaties. De oorspronkelijke investering wordt daarmee minder leidend. Ons kantoorpand, het Klavier, heeft al energielabel A, zoals in het energieakkoord van 2013 als streven staat. Daarnaast nemen wij de maatschappelijke gebouwen, die van de gemeente zijn mee in de doelstellingen die gesteld zijn binnen de energietransitie. • Duurzame scholen Samen met de schoolbesturen verduurzamen we de scholen tot duurzame ‘Frisse Scholen’, waarin een gezond binnenklimaat en laag energieverbruik centraal staan. We streven naar de BENG norm21, waarbij we eisen stellen aan de maximale energiebehoefte, het fossiele energieverbruik en aan de opwek van hernieuwbare energie. • Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI)22 Het Rijk formuleert 6 thema’s voor MVOI: Milieu en biodiversiteit, Klimaat, Circulair, Ketenverantwoordelijkheid, Diversiteit en inclusie, en Social return.

Door deze thema’s in het inkoopen aanbestedingsproces te gebruiken werken we tegelijkertijd aan de Sustainable Development Goals. • Duurzame mobiliteit Duurzame mobiliteit verminderd de uitstoot van CO2, fijnstof en stikstof vanuit vervoer. We stimuleren daarom zoveel mogelijk het gebruik van de fiets, het Openbaar vervoer en Zero-Emissie-vervoer. Voorbeelden zijn de snelfietsroutes en het gebruik van deelauto’s en/of scooters. Toekomstig verkeer richting de Efteling proberen we duurzamer te maken. We onderzoeken en stimuleren ook initiatieven voor het vervangen van fossiele brandstoffen door schone en hernieuwbare brandstoffen. Ook voor onze medewerkers stimuleren we duurzame mobiliteit. Zo kunnen ze elektrische fietsen gebruiken wanneer men een afspraak in de omgeving heeft. We zetten hierbij in op een verbreding van duurzame mogelijkheden van vervoer in de toekomst.

3.2 Gemeentebreed participeren De enorm gestegen gasprijzen hebben grote gevolgen voor onze inwoners. Huishoudens met een lager inkomen of een slecht geïsoleerde woning merken hiervan de gevolgen het meest, hoewel de kosten voor alle inkomensgroepen en type woningen stijgen23. Bedrijven, maatschappelijke organisaties, ondernemers en inwoners; iedereen heeft te maken met kostenstijgingen. De energie- en warmtetransitie zijn voor iedereen grote, maar belangrijke opgaven. We moeten dus zorgen dat iedereen begrijpt wat er moet gebeuren en hieraan mee kan doen, ieder op zijn of haar manier. Bijna Energieneutrale Gebouwen - Energieprestatie indicatoren, www.rvo.nl/onderwerpen/wetten-en-regelsgebouwen/beng/indicatoren. 22 Rijksoverheid, Manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen. 23 DNB (2023), Isoleren en compenseren: reactie van huishoudens op de energiecrisis, Amsterdam. 21

13

Wat willen we bereiken? •

Geïnformeerde inwoners en bedrijven Om de beweging naar een aardgasvrije toekomst, een groene leefomgeving en een circulaire economie in Loon op Zand verder te brengen is structurele communicatie nodig om inwoners te informeren over de opgaven en hoe deze te realiseren. In het gehouden inwonerpanel van de transitievisie warmte gaven we de inwoners aan goede informatie van de gemeente nodig te hebben om stappen te kunnen zetten. Uitdaging is om te zorgen voor een toegankelijke vorm van communicatie voor inwoners, ondernemers, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Hier kunnen zij bijvoorbeeld terecht voor vragen en informatie. Dit kan zijn over onder andere de mogelijkheden tot verduurzaming van woning of bedrijfspand, tot klimaatadaptatie en een circulaire samenleving, de mogelijkheden tot financiering en subsidiemaatregelen.

•

Ondersteuning van inwoners, bedrijven en organisaties in de verduurzamingsopgave De energie- en warmtetransitie rusten op al onze schouders. Een woning verduurzamen is een grote opgave en niet iets wat met een standaard checklist mogelijk is. Financieel hebben de te treffen maatregelen grote consequenties die niet voor iedereen te behappen zijn. Huishoudens, die omwille van de energierekening, niet kunnen rondkomen ontzorgen we waar mogelijk. Daarnaast helpen we hen om te verduurzamen door financiële Rijksregelingen, maar ook door bijvoorbeeld samenwerking met woningcorporatie Casade, het sociaal domein en lokale partijen als de Klussen- en Dienstencentrale. Bedrijven zijn verplicht te verduurzamen met de Wet Milieubeheer als duidelijke ondergrens. Ook zijn er in Loon op Zand een aantal verenigingen, buurthuizen, culturele instellingen en maatschappelijke organisaties, waarbij de energie- en warmtetransitie nog moet plaatsvinden. We onderzoeken hoe we inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties kunnen informeren en ondersteunen in de noodzaak om te verduurzamen.

•

Een gemeenschap die initiatieven ontplooit We ondersteunen onze inwoners, ondernemers, bedrijven en maatschappelijke organisaties op het moment dat zij initiatief tonen voor verduurzaming. Dit kan bijvoorbeeld gaan over klimaatadaptatie, isoleren van een woning, verduurzamen van bedrijfspanden of besparen en opwekken van energie. Waar mogelijk stimuleren we initiatieven die aansluiten bij onze doelstellingen.

•

Een goede relatie met belangrijke samenwerkingspartners Voor het behalen van de duurzaamheidsdoelstellingen is het van belang om samen te werken met andere partijen. Dat betekent met andere gemeenten, bedrijven en maatschappelijke organisaties. We hebben elkaar nodig om deze opgave succesvol af te ronden. Zo ondersteunen we elkaar in de opgaven die voor ons liggen wat betreft de energietransitie, klimaatadaptatie en biodiversiteit en circulaire economie.

• Scala aan nog te ontdekken mogelijkheden Ondanks dat er al veel gebeurt en we in samenwerking met veel partijen al een schat aan mogelijkheden hebben weten te verzamelen om de uitdagingen over energietransitie, klimaatadaptatie en circulaire economie aan te gaan, is er nog een wereld aan mogelijkheden te ontdekken. We blijven vernieuwen en zoeken naar nieuwe paden om te bewandelen, op weg naar een duurzame en toekomstbestendige gemeente!

3.3 Samenwerking We zijn enorm dankbaar dat verschillende partijen onze gemeente vooruit helpen op allerlei vlakken. Deze partijen en inwoners van onze gemeente pakken de spreekwoordelijke koe bij de hoorns en gaan gewoon aan de slag. Met elkaar, voor elkaar. Dit is enorm waardevol en daarom moeten we deze samenwerkingsverbanden verbreden en versterken. 14

•

ECLoZ Energie collectief Loon op Zand (ECLoZ) heeft als doel te werken aan een CO2- en klimaatneutrale gemeente in 2045. Zij werkt aan een betaalbare en duurzame energievoorziening. Het zijn pioniers op het gebied van de energietransitie, die als vrijwilligers al vele jaren duurzame en lokale energie produceren met KwatrijnZon, WerftZon, Spinderwind en BurgerZonnepark Loon op Zand. Tevens bemensen zij wekelijks het energieloket waar vele inwoners langskomen voor advies over het verduurzamen van hun woning.

•

Stichting Wereldgemeente Loon op Zand & partners Stichting Wereldgemeente Loon op Zand werkt op diverse manieren aan duurzaamheid, circulariteit en biodiversiteit. Kleinschalige projecten met grote impact, zoals het tegengaan van voedselverspilling, het openen van verschillende plukfruitlocaties en openbare watertappunten. De stichting ondersteunt ons in onze opgaven om meer groen en biodiversiteit te realiseren en denkt actief met ons mee als het gaat om nieuw beleid op het gebied van duurzaamheid. Daarnaast werken zij goed samen met lokale organisaties, zoals Gered Gereedschap, De Boekenbank, repair cafés en de spullenbank.

• Casade Op verschillende vlakken is Casade een belangrijke partner in de verduurzamingsopgave, zoals realisatie van duurzame en gasloze nieuwbouw, isolatie van bestaande woningen en aanbrengen van meer groen en het zorgen voor opwek van zonne-energie op de daken. Zij hebben veel kennis en ervaring met het verduurzamen van de woningvoorraad. Veel woningen in bezit van Casade zijn al duurzamer gemaakt, waarin Casade jaarlijks vele miljoenen investeert. Een energiezuinige woning is voor al onze inwoners van belang, en hierin moeten snelle en goede stappen worden gezet. We onderzoeken hoe we als gemeente kunnen bijdragen aan een versnelling en verduurzaming van gespikkeld bezit. •

Contour de Twern & LoonOpZand Voor Elkaar Samen met vrijwilligers en medewerkers bouwt Contour de Twern en LoonOpZand Voor Elkaar aan een socialere samenleving. Vrijwilligers helpen bij taalbarrières, het uitlaten van honden of zijn maatjes om mee te kletsen of te wandelen. Contour de Twern heeft meegedacht in de Transitievisie Warmte Loon op Zand. Contour de Twern kent de buurten goed en kan bewoners vanuit sociale projecten en activiteiten bij de uitvoeringsplannen voor de warmtetransitie betrekken.

•

Regio Hart van Brabant gemeenten Binnen Regio Hart van Brabant werken we op grote schaal al samen aan de REKS, ofwel de Regionale Energie en Klimaat Strategie. Als kleine gemeente profiteren we van grootschalige projecten en gebundelde kennis en kunde, die voor ons anders niet toegankelijk waren. De samenwerking op het gebied van onderzoek naar warmtebronnen, energiearmoede en klimaatadaptatie levert ons veel op. Daarnaast werken we binnen de regio veel samen met Midpoint Brabant, bijvoorbeeld op het gebied van de energietransitie, circulariteit en klimaatadaptatie.

•

Klussen & Diensten Centrale De Klussen- en Diensten Centrale (KDC) is opgericht om gepensioneerden de gelegenheid te geven om hun onbenutte vakmanschap en/of specifieke vaardigheden als vrijwilliger in te zetten voor hulpbehoevenden in onze gemeente. Bij verschillende acties op het gebied van duurzaamheid ondersteunt de KDC al. Daar waar mogelijk willen we meer inwoners kennis laten maken met de verschillende initiateven van de KDC.

15

4) Meten is weten Doelstellingen en bijbehorende acties zetten we uit, door wettelijke verplichtingen, regionale afspraken en noodzaak. Het is hard nodig om onze gemeente duurzamer te maken. We gaan daarom ook bijhouden of we onze doelstellingen behalen. Bij de uitwerking van het ‘Actieplan Duurzaamheid Loon op Zand’ beschrijven we per project, activiteit of programma de meetpunten waarmee we gaan toetsen. Echter geven we alvast een indicatie van de meetmogelijkheden per pijler om de ambities, die hiermee verbonden zijn, meetbaar te maken. Energietransitie: Dat doen we met de Regionale Klimaatmonitor24 van de Rijksoverheid. Deze klimaatmonitor is ontwikkeld voor decentrale overheden. Informatie wordt gehaald uit CBS-statistieken, subsidieregelingen, sectorrapportages en gegevens van individuele instellingen en bedrijven. Daarmee kunnen we jaarlijks ons gemeentelijk energieverbruik, CO2 uitstoot en hernieuwbare energie monitoren. Belangrijke opgaven zijn daarbij de verduurzaming van de elektriciteitsproductie, verduurzaming van de warmtevoorziening in de gebouwde omgeving, energiebesparing bij woningen, bedrijven en instellingen en verduurzamen van de mobiliteit. De belangrijkste energiedragers zijn hierbij elektriciteit, aardgas, (stads)warmte en voertuigbrandstoffen. Deze worden uitgedrukt in TJ (Tera-Joule).

Daarmee kunnen we op dezelfde wijze de diverse vormen energie tegen elkaar afzetten. In Bijlage 1: Meten is Weten staan de indicatoren die we jaarlijks bij gaan houden om de stand van zaken te monitoren. Klimaatadaptatie en biodiversiteit: Per activiteit, project of programma bekijken we wat de meest passende wijze is om ambities te meten en te monitoren. Zo kan er gekeken worden bij bijvoorbeeld extreme regenbuien of de wateroverlast afneemt of dat deze gelijk is gebleven, vergeleken met een voorgaande vergelijkbare extreme regenbui. Dit geldt ook voor bijvoorbeeld schaduwplekken in relatie tot de temperatuurafname in de kernen. Indien er geen metingen hiervoor beschikbaar zijn of meetinstrumenten ontwikkeld kunnen worden, is dit enkel indicatief. Ook kunnen we gebruik maken van enquêtes na extreme weersomstandigheden, om te meten of inwoners enige verschillen ervaren na de invoeren van diverse klimaatadaptieve maatregelen. Ook zijn er verschillende mogelijkheden om biodiversiteit te meten beschikbaar op de markt. We kijken per project, activiteit en programma naar welke data mogelijk inzicht kunnen bieden in het behalen van de ambities. Dit werken we verder uit in het ‘Actieplan Duurzaamheid Loon op Zand’.

Circulaire economie: We moeten per activiteit, project of programma kijken naar bestaande of nog te ontwikkelen meetinstrumenten die inzicht kunnen geven in hoe de ontwikkelingen invloed hebben op onze ambities voor circulaire economie. Voorbeelden hiervan kunnen zijn de hoeveelheid restafval in de milieustraat, ten opzichte van het aantal inwoners. Dit zodat we een berekening kunnen maken of we de doelstellingen behaald hebben om restafval per inwoner te laten afnemen. Zo zijn er nog andere mogelijkheden waarin data een indicatie kan geven of ambities behaald worden of dat we tijdig moeten bijsturen.

24

https://klimaatmonitor.databank.nl/home.

16

5) Vervolg Dit duurzaamheidsprogramma is een doorkijk naar 2033, ofwel een programma voor de komende 10 jaar, waarin we in de breedte aangeven waar onze focus ligt. Daarnaast is dit programma de basis voor het ‘Actieplan Duurzaamheid Loon op Zand’, waarin we voor alle 3 de pijlers en gemeentelijke doelstellingen concrete acties opzetten. Het actieplan maakt voor de komende 4 jaar inzichtelijk welke acties we gaan ondernemen om de doelstellingen te behalen. Daarnaast staat hierin welke financiële middelen hiervoor nodig zijn, waar deze vandaan komen en wanneer een actie wordt gestart en is afgerond. Direct na vaststelling van het duurzaamheids-programma werken we samen met onze partners het actieplan voor de komende jaren uit. Het actieplan, waarin concrete acties, bijbehorende middelen en de planning beschreven staan, starten we in het 4e kwartaal dit jaar op. Het college stelt het actieplan in het 1e kwartaal van 2024 vast, waarna de uitvoering direct start.

17

6) Financiën Het thema duurzaamheid krijgt steeds meer een prominentere rol binnen de Nederlandse samenleving. Als gemeente nemen we daarom verantwoordelijkheid voor onze inwoners. We scheppen de kaders, bieden ondersteuning en dragen zorg voor de verbinding. Daarbij is onze ambitie om te streven naar een duurzame samenleving. In dit hoofdstuk lichten we onze uitgangspunten met financiële consequenties toe. Het duurzaamheidsprogramma biedt houvast en zet veel in bewegingen Onze ambities zijn hoog en we weten wat we willen bereiken tot 2033. Met dit Duurzaamheidsprogramma zetten en houden we veel in beweging, realiseren we concrete projecten en onderzoeken we nieuwe mogelijkheden. Dit programma is een totaalpakket van ambities, gewenste resultaten en maatregelen, die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Prominente en een structurele plek in de begroting Om onze ambities te verwezenlijken en de gewenste resultaten te behalen moeten we kosten maken op de korte- en (middel)lange termijn. Het is daarom belangrijk dat we deze kosten structureel opnemen in de begroting. De komende jaren nemen de kapitaallasten van investeringen toe, net als overigens ook de maatschappelijke baten, die we daarmee op termijn willen bereiken. Denk daarbij aan kwalitatieve verbetering van de leefomgeving, gezondheid, natuur en sociale cohesie.

Het gaat hierbij deels om programmakosten, maar ook om reguliere investeringen zoals onderhoud aan straten, waar extra kosten aan zitten door nieuwe klimaatomstandigheden. Gebruikmaken van landelijke- en regionale subsidieregelingen De overheid kent verschillende stimuleringsregelingen om gemaakte kosten op het gebied van duurzaamheid te dekken. Denk bijvoorbeeld aan de CDOKE-gelden25. Ons uitgangspunt hierbij is om waar mogelijk gebruik te maken van landelijke- en regionale subsidieregelingen, zodat we meer slagkracht krijgen om onze korte en middellange termijn ambities te verwezenlijken en de gewenste resultaten te behalen. Inzetten op kostenefficiënt werken Een duurzame samenleving vraagt om een integrale aanpak. Om te verduurzamen willen we ook gebruikmaken van samenwerkingsverbanden met gemeenten en verbonden partijen uit te buurt. Daarom is het uitgangspunt om de samenwerkingsverbanden met buurtgemeenten aan te houden en waar mogelijk te versterken. Denk bijvoorbeeld aan de samenwerkingsverband met de Regio Hart van Brabant gemeenten. Hierdoor kunnen we de kosten zo laag mogelijk houden en van elkaars kennis leren.

25

Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid.

18

Bijlage 1: Meetpunten - Meten is weten In deze bijlage staan de indicatoren die we jaarlijks bijhouden om de stand van zaken te monitoren. Per soort meting vermelden we of zij een meetinstrument zijn voor een van de gezamenlijke doelen op internationaal en Europees niveau, of voor de ambities onder de 3 pijlers. De grafieken zijn gebaseerd op gegevens van onze gemeente uit de Regionale klimaatmonitor van de Rijksoverheid. CO2 uitstoot gebouwde omgeving, door gebruik van aardgas, elektriciteit en stadswarmte. Door de bestaande data vanaf 2010 te extrapoleren stellen we ons als doel om de huidige trend door te trekken naar 2033. Daarbij komen we uit op 37,38 kiloton CO2 uitstoot in 2033 voor de gebouwde omgeving.

kton CO2 uitstoot Gebouwde omgeving 90,00

82,50 58,30

70,00 50,00

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033

30,00

37,38

CO2 uitstoot verkeer en vervoer, door verbruik van fossiele brandstoffen. Door de bestaande data vanaf 2010 te extrapoleren stellen we ons als doel om de huidige trend door te trekken naar 2033. Daarbij komen we uit op 30,68 kiloton CO2 uitstoot in 2033 voor verkeer en vervoer.

kton CO2 uitstoot Verkeer en Vervoer

37,90 38,00 36,00

32,00 30,00

33,24 30,68

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033

34,00

19

CO2 uitstoot industrie, Energie, Afval en Water, door gebruik van aardgas en elektriciteit Door de bestaande data vanaf 2010 te extrapoleren stellen we ons als doel om de huidige trend door te trekken naar 2033. Daarbij komen we uit op 0,84 kiloton CO2 uitstoot in 2033.

kton CO2 uitstoot Industrie, Energie, Afval en Water 8,00 6,00

6,10

4,00

3,18 0,84

0,00

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033

2,00

CO2 uitstoot landbouw, bosbouw en visserij, door gebruik van aardgas en elektriciteit Door de bestaande data vanaf 2010 te extrapoleren stellen we ons als doel om de huidige trend door te trekken naar 2033. Daarbij komen we uit op 1,39 kiloton CO2 uitstoot in 2033 voor landbouw, bosbouw en visserij. Door een grotere ambitie zetten we de doelstelling op 1 kiloton CO2.uitstoot.

kton CO2 uitstoot Landbouw, bosbouw en visserij 2,00 1,80 1,60 1,40

1,40

1,42

1,39

1,00

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033

1,20

Bovenstaande punten geven inzicht in de te behalen doelen uit de Klimaatdoelstellingen van Parijs en de Sustainable Development Goals. Daarnaast geven ze tevens inzicht in een van de ambities van CO2 en stikstofreductie (Schone lucht) binnen de pijler Klimaatadaptatie.

20

Aardgasverbruik woningen Door te extrapoleren zouden we uitkomen op 10,6 miljoen m3. In de Transitievisie Warmte is echter de doelstelling gezet op 20% aardgasreductie. We zetten daarom in om maximaal 10 miljoen m3 aardgas te verbruiken bij woningen.

miljoen m3 aardgas woningen 20,0 18,0 16,0

15,8

14,0

12,6 10,6

10,0

2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031

12,0

Bovenstaand punt geeft inzicht in de te behalen doelen uit Aardgasvrij, Klimaatdoelstellingen van Parijs en Sustainable Development Goals. Daarnaast geeft het tevens inzicht in de ambities Aardgasvrij in 2050 binnen de pijler Energietransitie.

Elektriciteitsverbruik woningen Door te extrapoleren zouden we uitkomen op 30,9 miljoen kWh aan elektriciteit in onze woningen. Echter, in de REKS is de doelstelling gezet op een reductie van 20%. Om de afname van 20% in 2033 te realiseren, zou dit uitkomen op 25,6 miljoen kWh elektriciteit.

miljoen kWh elektriciteit woningen 35,0 34,0

32,0 31,0 30,0

33,0

32,1 30,9

2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033

33,0

Bovenstaand punt geeft inzicht in de te behalen doelen uit de Regionale Energie en Klimaat Strategie, Klimaatdoelstellingen van Parijs en Sustainable Development Goals.

21

Percentage hernieuwbare energie, opgewekt via zonne- en windenergie Door te extrapoleren komen we uit op een doelstelling van 95,4 Tj aan opgewekte hernieuwbare elektriciteit. Daarmee volgen we de trendlijn. Het is echter goed mogelijk dat deze trend exponentieel sneller groeit, zoals in 2022 ook het geval is geweest. Indien nodig stellen we deze doelstelling later bij.

Hernieuwbare elektriciteit in TJ 120,0 100,0

95,4

80,0

67,0

60,0

46,8

40,0 20,0 ..

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

..

2.

2.

2.

..

0,0

Bovenstaand punt geeft inzicht in de te behalen doelen uit het Regionale Energie en Klimaat Strategie, Klimaatdoelstellingen van Parijs en Aardgasvrij. Daarnaast geeft het tevens inzicht in de ambities alternatieve warmtebronnen, regionale opwek van duurzame energie en duurzame opwek van met zon en wind binnen de pijler Energietransitie.

(semi) publieke laadpunten voor elektrische auto’s Wanneer we de trendlijn volgen komen we uit op 1.100 laadpunten in 2033. Gezien de snelheid van elektrificatie is de vraag of dit aantal kan worden behaald, rekening houdend met de ruimte op het elektriciteitsnet. Tevens moet het aanbod aansluiten op de behoefte. We blijven de behoefte daarom goed monitoren en sturen op tijd bij.

Aantal laadpunten 1200 1000

1105

800 600 400 200 0

108

387

2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033

Bovenstaand punt geeft inzicht in de te behalen doelen uit de Sustainable Development Goals. Daarnaast geeft het tevens inzicht in de ambities Laadinfrastructuur voor duurzame mobiliteit binnen de pijler Energietransitie.

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=LoonOpZand&id=0bfdbd1c-47ca-4f7e-8f04-9fed9e14cdbe