ASD advies Schuldhulpverlening
Tekst van het document
Adviesraad sociaal domein GEMEENTE LOON OP ZAND
Aan: Het college van B&W van de Gemeente Loon op Zand Loon op Zand, 4-9-2024 Betreft: Schuldhulpverlening Geacht College, De Adviesraad Sociaal Domein (ASD) heeft met interesse kennis genomen van uw Beleidsplan Schuldhulpverlening 2025-2028. De omvang van de problematiek en het belang van het tijdig signaleren en oplossen van schulden, onderschrijft de ASD. De ASD kan zich vinden in de gedachtegang die leidraad is geweest voor dit plan. Niettemin heeft de ASD een paar aanvullende kanttekeningen en opmerkingen. Het voorgestelde beleid zet, naar het oordeel van de ASD terecht sterk in op preventie. Inhoudelijk komt het concreet oplossen van ontstane problematische schulden echter nauwelijks aan bod. Daardoor wordt schuldhulpverlening in enge zin gedefinieerd, meent de ASD. Het belang van schuldbemiddeling en schuldsanering, toch de belangrijkste peilers van schuldhulpverlening, vind je niet terug in het beleidsplan. Gaat de gemeente als basisprincipe voornamelijk alleen maar uit van schuldbemiddeling? Als dat zo is, dan is dat jammer. Immers, uit onderzoek blijkt dat schuldsanering vaak beter is dan schuldbemiddeling. Bij schuldsanering (met hulp op maat) is de schuldenaar in één keer van al zijn schuldeisers af en heeft hij nog maar één schuldeiser, de kredietbank. Dat neemt heel veel stress weg.
En als de schuldenaar (meer) gaat werken, merkt hij dat direct in zijn portemonnee. Voor de schuldeiser is sanering prettig, omdat hij direct de boeken kan sluiten. Schuldsanering bespaart schuldhulpverlener én gemeente enorme administratieve lasten bij het verwerken van mutaties gedurende de aflosperiode. Schuldbemiddeling is, naar het oordeel van de ASD, alleen zinvol als er zicht is op een substantiële inkomensverbetering in de komende drie jaar. In de praktijk blijkt die inkomensverbetering echter vaak flink te worden overschat. De ASD adviseert dan ook om niet voornamelijk bemiddeling, maar ook sanering gericht aan te bieden aan inwoners met problematische schulden. Terecht wordt in de beleidsnota opgemerkt, dat schulden vaak een complex en ingrijpend probleem vormen. Wie langdurig in armoede of net boven de armoedegrens leeft en geen buffers heeft, bouwt al snel betalingsachterstanden en schulden op. Voor wie ziek of arbeidsongeschikt wordt, vermenigvuldigt de kans op het oplopen van problematische schulden zich met een factor drie. Mensen in armoede kampen vrijwel per definitie met multiproblemen, terwijl de ondersteuning voornamelijk ingericht is op enkelvoudige problemen. Voor elk probleem een eigen loketje. 1
Adviesraad sociaal domein GEMEENTE LOON OP ZAND
Exemplarisch voor het gebrek aan denken in oorzaken is misschien wel dat in het voorwoord en in de visie gesproken wordt over student, zzp’ er of ondernemer als doelgroepen terwijl werknemers, arbeidsongeschikten, AOW’ers en werklozen veel grotere risicogroepen zijn. Schulden zijn vaak het gevolg van multi problemen: onverwacht ontslag, verslaving (alcohol, tabak, gokken etc), ziekte/handicap, licht verstandelijke beperking, functioneel analfabetisme, digibeet zijn. Als het kan moet je iets aan die oorzaken doen in combinatie met schuldsanering. Dat is wat de ASD verstaat onder integrale hulpverlening. Ook zijn degenen die het probleem denken te kunnen oplossen, bijna nooit degenen die het probleem ondergaan. Naar het oordeel van de ASD is er geen enkel domein waar het adagium ‘niet over mensen, zonder mensen’ zo afwezig is als in het armoededomein. Jammer! De ASD zou graag willen weten hoe mensen, voor wie de schuldhulpverlening bedoeld is, de praktijk van schuldhulpverlening ervaren. Is er sprake van symptoombestrijding of kijkt men ook en primair naar eventueel onderliggende problemen? Louter symptoombestrijding is naar de smaak van de ASD een dure aangelegenheid. Want zolang de oorzaken die hebben geleid tot problematische schulden onaangeroerd blijven, zullen eventuele andere kosten in het sociaal domein voor betrokkene, niet dalen.
Schuldhulpverlening is meestal slechts een deel van de oplossing. Er moeten ook andere begeleidingsinstrumenten uit de kast worden gehaald om te voorkomen dat het dweilen met de kraan open wordt. Hierbij valt naar de mening van de ASD te denken aan het gebruik van de Toegang. Bij elke intake zou de financiële situatie onderwerp van gesprek kunnen/moeten zijn. De medewerkers van de Toegang dienen hiertoe uiteraard wel geschoold te worden. Het duurzaam verbeteren van iemands financiële situatie vergt een multi-instrumentele aanpak. Dat hebben een aantal gemeenten goed begrepen, door o.a. de schulden kwijt te schelden en de schuldenaren te begeleiden naar een duurzamer en gezonder bestaan. Bijvoorbeeld: Arnhem, Den Haag, Groningen, Zoetermeer. Bij al die initiatieven staat de kwetsbaarheid van mensen voorop. De eerste vraag is dan: ‘Wat heeft men nodig?’ En niet: ‘Waar heeft men recht op?’ Het is dan rechtvaardigheid boven rechtmatigheid, vertrouwen boven wantrouwen, en rentabiliteit (lange termijn) boven efficiency (korte termijn). Als inwoners om hulp bij de gemeente aankloppen, is dat een signaal van beginnende of misschien zelfs van vergevorderde armoede. Op grond van onze grondwet (‘de bestaanszekerheid der bevolking en spreiding van welvaart zijn voorwerp van zorg der overheid’) doen we daar dan ook wat aan, maar niet altijd even efficiënt en doelmatig.
Bestaanszekerheid begint bij een betrouwbare overheid. Bij het verlenen van hulp wordt echter vaak teveel uitgegaan van zelfredzaamheid en eigen verantwoordelijkheid. Terwijl het veel logischer zou zijn om gedeelde verantwoordelijkheid tussen burger en overheid te bewerkstelligen.
2
Adviesraad sociaal domein GEMEENTE LOON OP ZAND
De ASD betreurt het dat schuldhulpverlening als beleidsinstrument (nog) niet is of wordt ingebed in een breder en geïntegreerd armoedebestrijdingbeleid. Wat de ASD betreft, een gemiste kans. De directeur van de Wiardi Beckmanstichting schreef in zijn boek “Armoede uitgelegd aan mensen met geld” het volgende over een alleenstaande moeder in de bijstand. ‘Die heeft recht op 27! verschillende inkomensondersteunende maatregelen. Heb je recht op die ondersteunende maatregelen dan kom je verschillende definities van inkomen tegen. Daardoor heeft een wijziging in de ene maatregel al snel gevolgen op je recht op de andere maatregelen. Maak je een foutje of vergeet je iets aan te geven zoals een inkomenswijziging, dan volgt er al snel een boete of stopzetting van een toeslag. Arm zijn wordt zo verheven tot boekhoudkundige kunst’. Als in Loon op Zand ook sprake is van 27 verschillende inkomensondersteunende maatregelen (en waarom zou dat niet het geval zijn?), dan is dat wat de ASD betreft, alle reden voor een geïntegreerd armoedebestrijding-beleid. Het instrument schuldhulpverlening vormt daar uiteraard een onderdeel van. Bij schuldhulpverlening behoort dan ook het eenvoudig toegankelijk maken van alle inkomensondersteunende maatregelen voor alle inwoners.
En als een pilot met gehele of gedeeltelijke kwijtschelding plus begeleiding op maat daar onderdeel van uit zou maken, zou de ASD daar heel gelukkig van worden. In dit verband wil de ASD het college herinneren aan het ASD- advies van 27 november 2022 over het minimabeleid. De gemeenteraad heeft toen unaniem een motie van PRO 3 aangenomen om het minimabeleid tegen het licht te houden om te bezien of verbeteringen en/of verruimingen mogelijk zijn bij knelpunten die onze inwoners ervaren. De ASD heeft daar verder niets meer over mogen vernemen. Is het toenmalige minimabeleid tegen het licht gehouden? En zo ja, wat is daar dan uitgekomen? Kan dat mede van belang zijn voor de problematiek die hier aan de orde is? Verder valt het de ASD op dat bij de nota, zoals die thans voorligt, geen financiële paragraaf is opgenomen. Daar gaat de ASD weliswaar in directe zin niet over, maar dan toch! Wel lijkt het de ASD dienstig om in de nota te vermelden dat het Rijk jaarlijks 40 miljoen beschikbaar stelt voor het versterken van de dienstverlening op het gebied van schulden en armoede. Daar zou dan het actieplan, dat door het Kabinet, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, de branchevereniging voor financiële hulpverlening en de vereniging van directeuren in het sociaal domein ontwikkeld is, onderdeel van moeten vormen.
Tenslotte: na alle zinvolle en terechte opmerkingen over de gevolgen van schulden en de motivatie om als gemeente sterk in te zetten op preventie, missen wij toch nog een opmerking over kinderen (tot 16 jaar) die opgroeien in een gezin met schulden: die kinderen kunnen er helemaal niets aan
3
Adviesraad sociaal domein GEMEENTE LOON OP ZAND
doen en ondervinden vaak levenslang de gevolgen van slecht eten en sociaal isolement. Moeten wij voor hen niet iets meer doen dan de mooie woorden in deze nota? CONCLUSIE 1. De ASD onderschrijft het belang van preventie: vroegsignalering en andere maatregelen om problematische schulden te voorkomen. ECHTER 2. Het Beleidsplan Schuldhulpverlening 2025 – 2028 biedt geen oplossing voor bestaande schuldenproblematiek, want • het plan is geen onderdeel van integraal beleid armoedebestrijding of bestrijding van bestaansonzekerheid; • in het plan zelf worden geen dwarsverbanden gelegd met andere beleidsthema’s, partners, etc. (althans niet concreet, lijkt op een eigenstandig en ad hoc-verhaal ); • schuldhulpverlening is slechts één instrument om de bestaande problematiek aan te pakken; • het plan geeft geen oplossingsrichting voor het aanpakken van de oorzaken van problematische schulden; • de inzet van schuldbemiddeling en schuldsanering is onvoldoende concreet gemaakt; • kinderen die opgroeien in gezinnen met schulden verdienen extra steun, maar worden niet genoemd. 3. Het plan heeft geen financiële onderbouwing: wat kost schuldhulpverlening, wat kost preventie, wat zou schuldsanering kosten? Met vriendelijke groet De Adviesraad Sociaal Domein
Jacques Mulders, Voorzitter
Paula Camps Secretaris
4