8.8.a. Bijlage 1. Terugblik 2025 en Plan van Aanpak 2026 REKS
Tekst van het document
Memo Aan:
Projectgroep en Stuurgroep REKS
Van:
Kernteam REKS
Betreffende:
Plan van Aanpak 2026
Datum:
November 2025
I.
Terugblik op 2025
Op 1 juli 2021 is de REKS 1.0 vastgesteld. Vanaf dat moment werken we met jaarlijkse plannen van aanpak om de thema’s uit de REKS 1.0 verder uit te werken en uit te voeren. In deze memo kijken we eerst kort terug op het Plan van Aanpak 2025: welke resultaten hebben we bereikt, wat is niet uitgevoerd? Daarna wordt ingegaan op de plannen voor 2026. In 2025 zijn de volgende resultaten bereikt.
Voortgang duurzame opwek In Waalwijk wordt gewerkt aan twee energiehubs. De energiehub bij Haven 8 Oost/Ecopark loopt voorlopig nog gelijk op met de gebiedsontwikkeling Haven 8 Oost afronding. Het gaat om vernieuwing van de windturbines en uitbreiding van het zonnepark in het Ecopark. Realisatie van de energiehub is voorzien uiterlijk 2030. Afhankelijk van de voortgang van de gebiedsontwikkeling, wordt de optie achter de hand gehouden om de energiehub apart te ontwikkelen, om de gemeentelijke en de doelstellingen van de REKS te halen. De tweede energiehub betreft Windpark Buitenpolders. Er is voor de realisatie ervan een selectieleidraad ontwikkeld en ontwikkelaars zijn in de gelegenheid een voorstel voor realisatie te doen. De verwachting is dat het college in februari 2026 een gunningsbesluit neemt. De verwachting is dat de vergunningen nog in 2026 kunnen worden verleend waarna de realisatie kan starten. In 2025 heeft het Publiek Ontwikkelbedrijf (POB) hard gewerkt aan stappen om te komen tot vergunningen in de andere hubs. Medio 2025 is met Defensie overeenstemming bereikt over de mogelijkheden van het plaatsen van windturbines in de diverse hubs. Dat heeft ertoe geleid dat er focus is aangebracht bij het POB.
Maar ook is geconstateerd dat we binnen de huidige energiehubs voldoende ruimte lijken te hebben om windturbines te plaatsen zodat we onze doelstellingen uit REKS 1.0 kunnen halen. Er is daarom besloten om geen herijking van het REKS-bod te doen en pas in de loop van 2026 te bezien of er een herijking nodig is mede ook gericht op nieuwe opwek na 2030. De stand van zaken bij de overige hubs is als volgt.
Memo / pagina 1 van 18
In Heusden is toegewerkt naar een vrijwillig programma voor windenergie met daarin voorkeurslocaties met daarbij een toetsingskader voor windenergie. Er wordt toegewerkt naar de start van een plan-MER en een participatieptraject. In de Kattenberg geldt een beperking van hoogte voor windturbines vanwege aanvliegroute naar vliegveld Eindhoven. Verkend wordt of in combinatie met bestaande initiatieven in het gebied er toch nog tot een haalbare businesscase gekomen kan worden. In de Baars is de NRD vastgesteld waarna er in 2026 gestart kan worden met het MER-proces. In de energiehubs ten noorden van Tilburg (Spinder, Vossenberg-Kraaiven, de Wildert) worden geschikte locaties gezocht voor het plaatsen van windturbines en wordt een proces uitgelijnd om tot vergunningverlening hiervan te komen.
Netcongestie De aanwezigheid van netcongestie wordt in onze regio steeds sterker voelbaar met name bij de bedrijven. Aanvragen voor grootverbruikersaansluitingen (of vergroting van bestaande) komen in een wachtrij. De groei van zon op bedrijfsdak is (nagenoeg) tot stilstand gekomen. In samenwerking met netbeheerders en in provinciaal verband worden maatregelen besproken om de gevolgen te verzachten waarbij er veel nadruk is op het versneld aanleggen van nieuwe infrastructuur. Vanuit de REKS wordt dit intensief gevolgd en waar nodig ondersteund. Daarbij is het belangrijk dat er tijdig voldoende capaciteit beschikbaar is voor aansluiting van de nieuw te realiseren windturbines in de hubs.
Warmte en energiebesparing De activiteiten rond warmte en energiebesparing zijn ingekaderd in het Programmaplan regionale warmtetransitie 2023 – 2026.
In 2025 is in dat kader onder andere gewerkt aan de volgende projecten en activiteiten: • Na uitgebreid overleg is in samenwerking tussen de regio, de gemeente Dongen en de bedrijven Ardagh Glass en Coca-Cola opdracht verstrekt aan een adviesbureau om onderzoek te doen naar de concrete mogelijkheden om restwarmte van Ardagh Glass uit te koppelen ten behoeve van de naastgelegen Coca Cola locatie en zo mogelijk ook naar een warmtenet buiten het bedrijventerrein de Wildert. • In samenwerking met de regio West-Brabant is gestart met een onderzoek naar de mogelijkheden voor de gemeenten in de regio om op enig moment in de toekomst aan te sluiten op een uitbreiding van het bestaande regionale warmtenet. Als eerste stap daarin is een inventarisatie en samenvatting opgesteld van de in het verleden reeds uitgevoerde onderzoeken daarnaar. Deze inventarisatie vormt het startpunt voor een uit te voeren vervolg-onderzoek. • In het kader van het ontzorgen van individuele woningeigenaren (collectiviteit van individuele oplossingen) is gekeken naar de mogelijkheden voor gemeenten uit onze regio om aan te sluiten bij het initiatief van ‘Verbouwstromen’ en de regio West-Brabant voor het organiseren van Pagina 2 van 18
meerjarige collectieve ontzorging. Uiteindelijk is gekozen voor een samenwerking met een adviserende rol voor Verbouwstromen, waarbij gemeenten uit onze regio kunnen aansluiten. Een aantal gemeenten heeft hier inmiddels serieuze belangstelling voor kenbaar gemeenten. • De regelgeving rond natuurvriendelijk isoleren en de toepassing van Soorten Management Plannen is complex en soms moeilijk uit te leggen aan inwoners en andere betrokkenen. We hebben daarom een opdracht verstrekt aan een communicatiebureau om een ‘toolbox’ te
ontwikkelen met instrumenten die door gemeenten ingezet kunnen worden bij de externe en interne communicatie over dit onderwerp.
• De ontwikkeling van de ‘One Stop Shop’ voor inwoners heeft in 2025 een versnelling gekregen,
onder andere met middelen vanuit de regio. Met de gemeente Tilburg als voortrekker is inmiddels een kwartiermaker aan de slag gegaan met de voorbereiding van het ‘Energiehuis Hart van Brabant’ (werktitel).
• Eind 2024 is door een groot aantal regionale installatiebedrijven en andere partijen de Green Deal Installatiebranche afgesloten. In 2025 hebben we besloten om aan de uitvoering van deze Green Deal financiële ondersteuning te geven en om opdracht te verstrekken voor een onderzoek naar de mogelijkheden om (onderdelen van) CV-ketels die beschikbaar komen in het kader van het aardgasvrij maken van woningen, te kunnen hergebruiken in woningen die op een later moment in de transitie aan de beurt komen. Zo kunnen wellicht onnodige dubbele kosten voor bewoners worden voorkomen. • In samenwerking met de ‘onderkoepelende’ organisatie van de lokale energiecoöperaties is gewerkt aan de mogelijkheden voor professionalisering van de werkzaamheden van de LEC’s. Door de LEC’s is een werkplan opgesteld dat momenteel verder uitgewerkt wordt.
– Ter ondersteuning van de gemeenten bij het opstellen van hun gemeentelijke
warmteprogramma’s is opdracht gegeven aan een adviesbureau om de gegevens over potentiële warmtebronnen in de gemeenten te actualiseren en uit te breiden. Dit onderzoek wordt in december 2025 afgerond. Tegelijkertijd kijken we naar de mogelijkheden om deze gegevens, samen met gegevens over bebouwing, infrastructuur en kosten op te nemen in een rekenmodel. Met zo’n rekenmodel kunnen de varianten van alternatieven voor aardgas worden doorgerekend en onderling vergeleken op onder andere totaal maatschappelijke kosten en kosten voor de eindgebruiker.
– In het eerste kwartaal van 2025 is een tussentijdse voortgangsnotitie van het Programmaplan opgesteld die in mei 2025 in de stuurgroep REKS is vastgesteld. Deze voortgangsnotitie is ook de basis geweest voor de aanvraag van de 3e tranche aan middelen uit de SpUk NPLW, die inmiddels is toegekend. Naar aanleiding van de bespreking van de voortgangsrapportage in de stuurgroep is in oktober 2025 een bestuurlijke ‘intervisie-sessie’ georganiseerd waarbij de bestuurders in
gesprek zijn gegaan met voormalig Utrechts wethouder Lot van Hooijdonk.
– In november 2025 is tevens de aanvraag ingediend voor een nieuwe Specifieke Uitkering voor de regio die zich met name richt op de ondersteuning van de isolatie-opgave van de gemeenten. Regionale Klimaatagenda Een aantal projecten uit de Regionale Klimaatagenda is afgerond:
Pagina 3 van 18
–
Regionale klimaatscoretool. In 2023 is de Landelijke Maatlat voor een groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving uitgebracht, met doelen en richtlijnen voor klimaatbestendige nieuwbouw. In aansluiting hierop hebben gemeenten en waterschappen een regionale klimaatscoretool ontwikkeld. Met deze tool is de landelijke maatlat vertaald naar regionale waarden en wordt een voorzet gegeven om het klimaatadaptief bouwen in het regionale en lokale overheidsbeleid te borgen. Dat maakt het voor gemeenten gemakkelijker om klimaatadaptatie bij ruimtelijke ontwikkelingen op dezelfde manier mee te nemen.
•
De pilots klimaatadaptatie op bedrijventerreinen. De gemeenten Hilvarenbeek en Gilze en Rijen werken aan klimaatbestendige bedrijventerreinen. Op één bedrijventerrein per gemeente worden maatregelen genomen om wateroverlast, droogte en hittestress te verminderen. Denk aan meer ruimte voor groen, regenwater en biodiversiteit. Dit gebeurt zowel in de openbare ruimte als bij de bedrijven zelf. Tegelijkertijd is een praktisch wegwijzer ontwikkeld die andere gemeenten en bedrijventerreinen helpt om ook aan de slag te gaan. De combinatie van praktijkervaring en kennisontwikkeling leidt tot een breed toepasbare blauwdruk voor de regio Hart van Brabant, waar publieke en private partijen samen investeren in klimaatbestendige werklandschappen.
•
Klimaatadaptief sportpark De Gaard. Het doel van het project is het ontwikkelen van een klimaatadaptief sportpark. Er zijn klimaatadaptieve maatregelen getroffen, enerzijds ter voorkoming van wateroverlast op het (laag gelegen) sportpark de Gaard, anderzijds is er waterberging gecreëerd voor gebruik in droge perioden. Hierdoor zullen de velden beter en langer bespeelbaar blijven. Dit wordt gerealiseerd door onder twee kunstvelden bergingsruimtes te realiseren waarin water wordt opgevangen afkomstig uit de directe omgeving. Hiermee wordt Sportpark de Gaard omgevormd tot een blauw waterneutraal sportpark.
•
EVZ Stapsteen Houtsestraat/Moleneind nabij Pauwelshoeve (onderdeel Water- en klimaatlandschap Pauwels fase 1). Het water- en klimaatlandschap is gelegen in deelgebied ‘Woeste Gronden’, ten noordoosten van Tilburg (landschapspark Pauwels). Het omvat een
integrale gebiedsontwikkeling met als doel de realisatie van een robuust watersysteem dat voldoende water van goede kwaliteit biedt voor landbouw en natuur en waar ruimte is voor recreatie en energietransitie. De uitvoering vindt tot en met 2033 plaats. In 2024 is een van de stapstenen gerealiseerd binnen de natte ecologische verbindingszone Huis ter Heide en De Brand. •
Waterberging in project Zuidrand Goirle. De Zuidrand is gelegen in deelgebied ‘De Leije/Voorste Stroom’ en omvat het beekdal Nieuwe en Oude Leij ten zuiden van Goirle. Het doel van het
project is het ontwikkelen van een klimaatbestendig beekdal, bestaande uit een groenblauwe
zone met daaraan grenzend duurzame, natuurinclusieve woningbouw. Het project bestaat uit meerdere fases. De eerste aanvragen voor een bijdrage van het Regionale Klimaatfonds zijn gehonoreerd. Het gaat om de pilots klimaatadaptatie op bedrijventerreinen en de regionale klimaatscoretool. De Regionale Klimaatagenda is geactualiseerd en in september 2025 door de stuurgroep vastgesteld.
Pagina 4 van 18
Communicatie
Het afgelopen jaar heeft de werkgroep Communicatie zich gericht op het versterken van de verbinding, betrokkenheid en kennisdeling binnen de REKS-organisatie en met onze partners. Hiervoor zijn verschillende activiteiten georganiseerd, zoals het ‘CongREKS 2025’ in de Efteling
en de ‘REKS up date’. In aanvulling daarop organiseerden we inhoudelijke themabijeenkomsten voor beleidsmedewerkers en communicatieadviseurs, samen met de werkgroepen
Warmte&Energiebesparing en Klimaatadaptatie. Verder verstuurden we REKS-nieuwsbrieven, redigeerden we de Voortgangsrapportage en ondersteunden we diverse werkgroepen en partners, bijvoorbeeld met de innovatievideo en de excursie met de LEC’s naar Rivierenland. Regionaal Energieperspectief
In 2025 zijn we gestart met het opstellen van een regionaal energieperspectief als vervolg op de in 2024 uitgevoerde energiesysteemverkenning. We brengen in beeld hoe het energiesysteem voor de regio er in 2050 uit zou moeten zien en verkennen dat aan de hand van verschillende scenario’s. Daarbij komt in beeld wat dit betekent voor de benodigde duurzame opwek, voor de warmte-
infrastructuur, voor (groene) waterstof en groen gas. Dat kan leiden tot bestuurlijke keuzes die we daarna moeten maken. Dit krijgt een vervolg in 2026. Dit regionaal energieperspectief wordt ook ingebracht binnen de SRBT waarin de REKS samen met West Brabant opereert. Het heeft immers gevolgen voor alle ontwikkelingen in het ruimtelijk domein.
Overige zaken -
In 2025 is een verkenning uitgevoerd naar de mogelijkheden van wind boven nieuw bos in het zuiden van de regio (hoge zandgronden). Er blijken hiervoor goede mogelijkheden te zijn. De uitkomsten van dit onderzoek worden meegenomen bij de eventuele herijking in 2026.
-
In mei 2025 is een succesvol CongREKS gehouden in de Efteling waarbij nader is ingegaan op innovaties.
-
In 2025 is een strateeg binnen de REKS aangesteld. Zij zal met name participeren in SRBT en NPRES verbanden en adviseren over de aanpak binnen de REKS.
-
De REKS participeert actief in het ambtelijk Coördinatieoverleg Energie (COE) van de provincie en in het Brabant breed Bestuurlijk Overleg Energie (BBOE). Hieraan doen ook mee de netbeheerders en het ministerie van KGG. Verschillende onderwerpen komen hier aan de orde zoals het Brabants Energieperspectief, de p-MIEK, de versnelling in energieinfrastructuur, de netcongestie etc.
-
De regio heeft vanuit het Rijk een geldbedrag ontvangen voor ‘natuurinclusieve energietransitie’. De eerste lijnen zijn uitgezet om met projecten aan de slag te gaan. In 2026 zal dit verder worden opgepakt.
-
De REKS heeft opdracht gegeven voor het opstellen van een SWiM-subsidieaanvraag voor het realiseren van 1-2 waterstoftankstations in de regio. Verkend wordt waar doe stations moeten komen.
Pagina 5 van 18
-
In samenwerking met NPRES zijn verder stappen gezet in het ontwikkelen van een regionaal monitoringssysteem waarbij wordt aangesloten bij de methodiek die ook PBL hanteert.
-
In 2025 is het experiment met een Centre of Expertise (CoE) opgestart. Deze is gelieerd aan de REKS maar is er geen onderdeel van. Doel is om gemeenten te ondersteunen in de energietransitie waarbij niet elke gemeente op elk terrein expertise in huis hoeft te halen. Die expertise delen we dan als regio. De eerste mensen worden binnen het CoE aangetrokken.
Organisatie In 2025 is de samenstelling van de stuurgroep ongewijzigd gebleven. De Regiegroep heeft zich verder ontwikkeld tot een groep die adviseert aan het programmateam, die belangrijke onderwerpen voor bespreekt en als een platform waarin zaken die op gemeentelijk niveau spelen uitgewisseld kunnen worden. Binnen het programmateam hebben enkele wisselingen plaats gevonden. Er is een strateeg aangetrokken. De programmaondersteuner is vetrokken en de NPLW-coördinator heeft aangekondigd eind 2025 te stoppen. Een nieuwe programmaondersteuner start per 1 januari 2026. De werving van een nieuwe NPLW-coördinator vindt plaats. Het programmateam wordt geadviseerd vanuit vier werkgroepen: warmte en energiebesparing, innovatie, klimaatadaptatie en communicatie. In de werkgroepen vindt de inhoudelijke uitdieping van de REKS-thema’s plaats.
Pagina 6 van 18
II.
Activiteiten 2026
De activiteiten die door de REKS in 2026 zullen worden uitgevoerd staan in het teken van de realisatie van de doelen die we met de REKS hebben. Wat betreft duurzame opwek hebben we ons verbonden aan 1 TWh opwek in 2030. Naast de inspanningen die gemeenten op dit onderwerp doen (bijvoorbeeld gemeente Waalwijk) is deze opdracht in principe uitbesteed aan het door de REKS opgerichte Publiek Ontwikkelbedrijf. Binnen de REKS kijken we vooral welke randvoorwaarden er nodig zijn om de doelstellingen te behalen (bijvoorbeeld oplossingen voor netcongestie). Ook is het belangrijk om in 2026 een eerste blik te slaan op de opwek na 2030. Daarvoor wordt onder meer gewerkt aan een regionaal energieperspectief dat een doorkijk geeft richting 2050. Wat betreft de warmtetransitie en de energiebesparing zijn er niet zulke harde doelen. Vanuit NPLW is het noodzakelijk om te werken aan de ondersteuning van gemeenten op deze onderwerpen en met name regionale onderwerpen op te pakken (bijvoorbeeld mogelijkheden regionaal warmtenet). Ook voor klimaatadaptatie zijn er geen kwantitatieve doelen voor 2030 geformuleerd. De activiteiten zijn gericht op het operationeel maken van regionale projecten die bijdragen aan het tegengaan van overstromingen, wateroverlast, hittestress en verdroging. De activiteiten zijn onder te verdelen in: •
Landelijke activiteiten via NPRES en NPLW,
•
Activiteiten vanuit de provincie,
•
Activiteiten vanuit het Programmateam, en
•
Activiteiten in de werkgroepen.
Landelijke activiteiten We zijn als REKS betrokken op zowel NPRES als het NPLW. In beide samenwerkingsverbanden zijn we actief en hopen die activiteiten in 2026 verder uit te bouwen. Via het zogeheten ISA-traject (interbestuurlijke Samenwerkingsagenda Energiesysteem) worden de beide landelijke programma’s in elkaar geschoven, de verwachting is dat dat begin 2027 operationeel is. In de REKS hebben we de beide programma’s al volledig geïntegreerd.
De bedoeling van ons landelijke samenwerking is vooral gericht om kennis en ervaringen opgedaan in de REKS te delen met andere regio’s maar ook om te leren van andere regio’s. Via de landelijke koepels kan ook invloed uitgeoefend worden op bijvoorbeeld het Rijk als het gaat om
randvoowaarden voor het functioneren van de REKS (bijvoorbeeld voldoende financiële middelen en goede wetgeving; denk aan bijvoorbeeld afstandsnormen voor windturbines. Onze monitoring is ook onderdeel van het landelijk systeem en daar vindt dus ook voortdurend afstemming plaats. Via het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW) worden middelen ter beschikking gesteld voor het (verder) organiseren van een regionale ondersteunings- en samenwerkingsstructuur gericht op de lokale uitvoering van de warmtetransitie. De regiocoördinator NPLW zorgt voor de eerdergenoemde verbinding met het landelijk programma.
Pagina 7 van 18
Provinciale en bovenregionale activiteiten Als REKS-programma zijn we één van de vier Brabantse energieregio’s en participeren we in het Coördinerend Overleg Energie (COE) en in het Brabant breed Bestuurlijk Overleg Energie (BBOE). Onderwerpen die provincie breed spelen worden daar besproken. Het gaat dan bijvoorbeeld over de voortgang van de investeringen in het energienetwerk, de pMIEK, het energieperspectief en de ruimtelijke puzzel. We brengen in beeld wat er binnen de provincie speelt op het gebied van energietransitie en klimaatadaptatie en vertalen dit naar de bruikbaarheid voor ons REKS-programma. We worden steeds actiever binnen het SRBT-proces en werken daarin nauw samen met de RES West-Brabant. Zo wordt informatie uitgewisseld over de wijze waarop we werken aan het energiesysteem van de toekomst.
Activiteiten Regiegroep In de regiegroep worden zaken die in de individuele gemeenten spelen met elkaar gedeeld om zo van elkaar te leren en ook te bepalen wat daarvan regionaal opgepakt moet worden. Daarmee wordt mee sturing gegeven aan het REKS-programma. Het kan ook zijn dat slechts een deel van de regiogemeenten met zaken aan de slag gaan. Dan hoeft dat niet via de REKS. In de Regiegroep worden ook belangrijke onderwerpen die spelen voor besproken om zoals gemeenten op één lijn te komen. De Regiegroep komt maandelijks bijeen.
Activiteiten Projectgroep en Stuurgroep Alle zaken die spelen op het gebied van de energietransitie en klimaatadaptatie en die de hele regio Hart van Brabant raken, worden besproken in de projectgroep en de stuurgroep. In de laatste vindt waar nodig ook besluitvorming plaats. De projectgroep bespreekt de besluitvorming voor en kan ook aanpassingen doen in de agenda van de stuurgroep. Vanuit de projectgroep en de stuurgroep kunnen ook nieuwe agendapunten aangedragen worden. Besluitvorming over financiële onderwerpen vindt plaats in het PoHo Fysiek nadat de stuurgroep hierover eerst een besluit heeft genomen.
Activiteiten Programmateam Het Programmateam zorgt voor de dagelijkse aansturing van het REKS-programma. Het gaat dan o.a. om: •
Programmamanagement en -ondersteuning;
•
Kwaliteitsbewaking van de door de werkgroepen opgeleverde producten en notities ter besluitvorming van de Stuurgroep;
•
Voorbereiden en begeleiden Regiegroep, Projectgroep en Stuurgroep en PoHo Fysiek;
•
Begeleiden en verder brengen van het regionaal structurerend energieperspectief samen met die hiervoor ingestelde begeleidingsgroep;
•
Opzetten van een REKS-programma waterstof;
Pagina 8 van 18
•
Invulling projecten ‘natuurinclusieve energietransitie’.
•
Voorbereiding en begeleiden van het proces van herijking van de REKS (wanneer daar toe besloten wordt) waarbij ook gekeken wordt naar duurzame opwek na 2030;
•
Het verder uitbouwen van een monitoringssysteem waarbij met name aandacht is voor verbetering van inzicht in zon op gebouwen en inzicht in de voortgang van de warmtetransitie;
•
In overleg met Midpoint concretiseren van plannen voor verduurzaming bedrijventerrein voor zover dat regionaal aan de orde is;
•
Verbinding onderhouden met de deelnemende partijen in de REKS;
•
Verbinding houden met het POB;
•
Contacten onderhouden met de onderkoepelende coöperatie van LEC’s
•
Ambtelijk vertegenwoordigen van de REKS landelijk en provinciaal;
•
Begeleiden van de verschillende werkgroepen en waar nodig leveren van inhoudelijke ondersteuning;
•
Waar nodig participeren in landelijke en provinciale onderzoeken en werkgroepen.
Activiteiten werkgroepen Vanuit de verschillende werkgroepen worden in 2026 diverse activiteiten uitgevoerd. Er zijn in 2026 vier vaste werkgroepen (Warmte & Energiebesparing, Klimaatadaptatie, Ondersteuningsteam Communicatie en Innovatie). Ad hoc kunnen ook werkgroepen (of begeleidingsgroepen) worden gevormd, bijvoorbeeld voor de herijking van de REKS en het waterstofprogramma. Hieronder zijn de plannen van de verschillende werkgroepen beschreven:
Werkgroep Warmte en Energiebesparing In 2026 wordt verder gewerkt aan de activiteiten zoals omschreven in het Programmaplan regionale warmtetransitie. Nadruk ligt daarbij enerzijds op de projecten die gemeenten ondersteunen bij het opstellen van hun gemeentelijke warmteprogramma’s en anderzijds op de uitvoering van de werkzaamheden in het kader energiebesparing en isolatie. Highlights daarbij zijn: •
•
Concretisering model/software voor doorrekening, vergelijking en onderbouwing van varianten van aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving van de gemeenten o
Speciale aandacht daarbij voor de mogelijkheden van kleinschalige warmtenetten op lage of zeer lage temperatuur
o
Vervolgonderzoek kansen voor regionaal warmtenet in vergelijking met andere oplossingen
Verdere uitwerking van de mogelijkheden om de bebouwing in de regiogemeenten geschikt te maken voor aardgasvrije verwarming, met ook aandacht voor de onderlinge samenhang tussen bijvoorbeeld:
Pagina 9 van 18
•
o
Het Energiehuis Hart van Brabant
o
De activiteiten van de lokale energiecoöperaties
o
Een meerjarige collectieve ontzorgingsaanpak (eventueel in samenwerking met de regio West-Brabant)
Verder uitbouwen samenwerking met Installatiebranche (Green Deal).
Werkgroep Klimaatadaptatie Komend jaar zetten we in op het aanjagen van de kansrijke projecten en waar nodig te helpen om tot uitvoering te komen. Het aanvragen van een bijdrage bij het regionaal klimaatfonds als sluitstuk van de financiering hoort hier ook bij. Verder is gekozen voor een themagerichte benadering. Dit biedt inzicht welke rol en acties de werkgroep klimaat kan nemen in het ondersteunen om te komen tot uitvoering en tot nieuwe projecten. Per thema wordt geïnventariseerd welke initiatieven er zijn, wat de impact en effectiviteit van eventuele maatregelen is en welke rol de werkgroep klimaat hierin kan spelen. Zo vindt binnen het thema Veerkrachtige natuur afstemming plaats met het regionale Natuurbod om te kijken of er overlap is en we mekaar kunnen versterken. Op die manier brengen we nog meer focus aan en krijgen we zicht op projecten die uitgevoerd kunnen worden en waar eventueel een bijdrage uit het regionaal klimaatfonds gewenst is. De thema’s sluiten aan op de landelijke thema’s van de Nationale Adaptatiestrategie (NAS), die medio 2026 wordt vastgesteld. De thema’s waar we aan werken zijn: • • • • • •
Klimaatbewustwording en gedrag Toekomstbestendige werklandschappen Klimaatbestendige steden en dorpen Hittebestendige steden en dorpen Klimaatrobuuste landbouw Veerkrachtige natuur
We zetten in op verspreiding van kennis over succesvolle lokale projecten onder de diverse interne afdelingen van de gemeenten in de regio en andere stakeholders, met korte lijnen en betere onderlinge samenwerking. Met als doel te komen tot uitvoering van vergelijkbare projecten op andere locaties. Uitvoering ligt uiteindelijk bij gemeenten zelf. Een voorbeeld is het project ‘Klimaatadaptieve sportpark De Gaard’, in Waalwijk uitgevoerd in 2024/2025. Vergelijkbare maatregelen kunnen andere gemeenten ook toepassen op hun sportparken. Of de pilot klimaatadaptatie op bedrijventerreinen. Via een brede bijeenkomst worden de ervaringen uit de pilots gedeeld en kijken we of er nieuwe gemeenten zijn die met klimaatadaptatie op bedrijventerreinen aan de slag gaan
Werkgroep/ondersteuningsteam Communicatie
Op basis van de evaluaties van de bijeenkomsten en uit gesprekken met REKS-collega’s blijkt de
wens voor een praktische insteek en de behoefte aan samenzijn. De werkgroep blijft zich richten op kennisuitwisseling, inspiratie en netwerken, zowel binnen als buiten onze eigen organisatie. De volgende activiteiten staan gepland voor 2026:
Pagina 10 van 18
•
• •
• • • •
•
Versterking werkgroep: door personele wisselingen is onze werkgroep in de loop van 2025 flink uitgedund. Het begin van 2026 zal daarom in het teken staan van het versterken van de werkgroep. Periodieke content: het schrijven van artikelen, afnemen van interviews, de REKSnieuwsbrieven en interne updates. Bijeenkomsten voor communicatieadviseurs: organisatie van periodieke updates en verdiepende themasessies voor de Versterkende werkgroep Communicatie, bij voorkeur in samenwerking met de overige werkgroepen. Programma-brede activiteiten: organisatie jaarlijkse CongREKS in mei/juni, de jaarlijkse bestuurlijke en ambtelijke REKS-bijeenkomst en de REKS Up date in december. Ondersteuning op verzoek voor de werkgroepen Klimaatadaptatie, Innovatie en Warmte & Energiebesparing bij het organiseren van hun activiteiten. Content op verzoek: ontwikkeling (thematische) content of campagnes voor de REKSorganisatie of partners.. Ondersteuning gemeenten na de verkiezingen: ondersteuning van de gemeenten om hun nieuwe raadsleden en bestuurders te informeren over de REKS, bijvoorbeeld met een informatiepakket, informatiemarkt of een 'radenroadshow'. Updaten communicatiemiddelen: actualisatie website.
Wat leveren we op? De concrete resultaten van de werkgroep zijn: • • •
Communicatiemateriaal dat deelnemende partijen zelf kunnen gebruiken. (Thematische) campagnes, waar dat nodig is. De organisatie van bijeenkomsten, zoals de het ‘CongREKS’ en de ‘REKS Up date’.
Werkgroep Innovatie De werkgroep innovatie signaleert ontwikkelingen, knelpunten en kansen op het gebied van innovatie en adviseert de stuurgroep. Dit betreft met name systeeminnovaties die marktrijp zijn, maar door organisatorische, bestuurlijke of implementatieproblemen niet breed worden toegepast. De werkgroep is nadrukkelijk geen ‘projectenbureau’. Haar meerwaarde ligt in procesinnovatie, kennisdeling, procesbegeleiding en het scherpstellen van bestuurlijke randvoorwaarden. Waar nodig fungeert ze als verbinder, maar ze jaagt geen losse projecten aan. Het komend jaar richt de werkgroep zich op: Kennis delen & opschaling: de lessen en inzichten uit innovatieve casussen (zoals Vidar en Leystromen) breder delen binnen de REKS en naar buiten, en te adviseren over opschaling en bredere toepassing van bewezen tools of werkwijzen, zoals het scenariomodel van Enexis.
Pagina 11 van 18
Casussen ophalen & structureren: Nieuwe innovatieve casussen ophalen bij deelnemende partijen, structureel vastleggen en analyseren, en gestructureerd terugkoppelen aan de stuurgroep met adviezen en benodigde randvoorwaarden. Beleidsadvisering: De werkgroep wil concrete beleidsadviezen formuleren over het aanpassen of opnemen van innovatienormen (zoals 3kW standaarden) in omgevingsplannen of gebiedsgerichte plannen. Samenwerking en netwerk verbreden : de werkgroep wordt uitgebreid met nieuwe leden (vertegenwoordigers uit onderwijs, bedrijfsleven, netbeheerder en landelijke programma’s) en wil de samenwerking met de andere werkgroepen versterken. Studenten en kennisinstellingen betrekken: structureel inzetten van studenten en experts van universiteiten/hogescholen voor analyses, uitwerken van casussen en innovatieve projecten.
Pagina 12 van 18
III.
Organisatie
In onderstaand figuur is de programmaorganisatie weergegeven.
Pagina 13 van 18
De Stuurgroep REKS stuurt het programma REKS aan. De voorzitter van de stuurgroep is bestuurlijk opdrachtgever voor het programma. In de stuurgroep zijn de volgende partijen vertegenwoordigd: -
9 gemeenten in Hart van Brabant
-
Provincie
-
Waterschappen (1 vertegenwoordiger namens)
-
Woningcorporaties (1 vertegenwoordiger namens)
-
Enexis
-
Natuur- en terrein beherende organisaties (1 vertegenwoordiger namens)
-
ZLTO
-
LEC’s (1 vertegenwoordiger namens).
De stuurgroep heeft enkele portefeuillehouders voor de inhoudelijke onderwerpen binnen de REKS (warmte & energiebesparing, klimaatadaptatie, innovatie en communicatie). De stuurgroep kent een ambtelijke evenknie, de projectgroep REKS, waarin onderwerpen voor besproken worden en waar nieuwe onderwerpen geagendeerd kunnen worden. Er is een ambtelijk opdrachtgever die stuurt op het programmateam. Het Programmateam kent de volgende functies: -
Programmamanager (voorzitter) en plaatsvervanger
-
Strategisch adviseur Energietransitie
-
Programmaondersteuner
-
Vertegenwoordiger van het energieteam van de gemeente Tilburg
-
Coördinator warmtetransitie (NPLW)
Er is een Regiegroep waarin vertegenwoordigers van de 9 gemeenten zitting hebben. Zij geven mee koers aan het programma REKS. Tevens fungeert het als platform voor afstemming tussen de gemeenten. Tenslotte zijn er de inhoudelijke werkgroepen die adviseren aan het Programmateam over de aanpak van die onderwerpen maar ook uitvoering geven aan het reeds vastgesteld beleid. Waar nodig zijn (externe) adviseurs toegevoegd om de werkzaamheden in de werkgroepen mogelijk te maken.
Pagina 14 van 18
IV.
Begroting en dekking
De volgende begroting wordt voorgesteld: Activiteit
Kosten (Euro)
Opmerkingen
Programmateam Programmamanagement/strateeg energietransitie
400.000
Programmaondersteuning
30.000
Diverse onderzoeken
150.000
Onvoorzien
40.000
Werkgroep Warmte en Energiebesparing Regiocoördinator (0,7 fte)
130.912
Uit SPUK NPLW
Ondersteuner
30.000
Uit SPUK NPLW
Uitvoering projecten conform programmaplan
307.000
Uit SPUK NPLW
Projecten isolatieopgave regionaal
220.557
Werkgroep Klimaatadaptatie Projectleider (0.6 fte)
140.000
Voorbereiding stresstest
20.000
Werkgroep Innovatie Ondersteuning werkgroep
6.000
Innovatie bijeenkomst + ondersteunende communicatie 6.500 Inzet werkstudent
4.000
Pagina 15 van 18
Werkgroep Communicatie Inzet communicatieadviseurs
60.000
CongREKS
10.000
Aanvullend projecten
30.000
TOTAAL
1.584.969
De volgende dekking wordt voorgesteld: Partij
Bedrag (Euro)
Rijk, NPRES-gelden
345.000
Rijk, SPUK NPLW
467.912
Rijk, SPUK Isolatieopgave
220.557
Provincie, reguliere bijdrage
100.000
Waterschappen
65.000
Regio Hart van Brabant
100.000
Uit reserve REKS
250.000
TOTAAL
1.584.469
Pagina 16 van 18
Bijlage: Begrippenlijst BBOE: Brabant breed Bestuurlijk Overleg Energie Doelstelling van dit overleg is afstemming tussen de vier Brabantse regio’s en samen met de provincie en de netbeheerders waar mogelijk en nodig gezamenlijk beleid te maken (bijvoorbeeld provinciale Energiestructuur en de pMIEK)
COE: Coördinatieoverleg Energie Doelstelling van dit ambtelijk overleg is afstemming tussen de vier Brabantse regio’s en samen met de provincie en de netbeheerders waar mogelijk en nodig gezamenlijk beleid te maken (bijvoorbeeld provinciale Energiestructuur en de pMIEK)
CoE: Center of Expertise Twee jaar lang wordt er op initiatief van de Kring Gemeentesecretarissen (KGS) een experiment uitgevoerd om als regio gezamenlijk collega’s aan te trekken die op verschillende plaatsen in de regio hun expertise kunnen inzetten. CongREKS: Jaarlijks netwerk/ informatief evenement wat georganiseerd wordt voor ambtelijke en bestuurlijke collega’s in de Regio Hart van Brabant. LEC’s: Lokale Energie Coöperaties In elke gemeente zijn energie coöperaties acties die o.a. activiteiten ontplooien op het gebied van energiebesparing en duurzame opwek.
MIEK: Landelijk wordt er gewerkt aan een Meerjarenplan Infrastructuur Energie en Klimaat (MIEK) waarin de prioritering voor de investeringen in het energienet zijn opgenomen.
NPLW: Nationaal Programma Lokale Warmte Programma waarbij regionaal kennis en ondersteuning wordt aangeboden ten behoeve van de lokale warmtetransitie.
NPRES: Nationaal Programma Regionale Energie Strategie In dit Programma werken 30 regio's onder andere aan het opwekken van grootschalige duurzame energie op land en het zoeken naar duurzame warmtebronnen. Het Nationaal Programma ondersteunt de regio's bij het maken en uitvoeren van de RES.
Pagina 17 van 18
PMIEK Het pMIEK geeft richting aan de prioritering van de investeringen op provinciaal niveau in het energienetwerk.
POB REKS B.V.: Publiek Ontwikkelbedrijf REKS B.V. Publiekbedrijf opgericht door 8 gemeenten en het Energiefonds Brabant (EFB) voor het ontwikkelen van grootschalige opwek in de regio Hart van Brabant.
PoHo Fysiek: Portefeuillehouders-overleg van wethouders waarin financiële besluiten worden genomen over de REKS.
REKS: Regionale Energie- en Klimaat Strategie van de Regio Hart van Brabant.
Smart Energy Hubs: Locaties waar (duurzame) energiebronnen, opslag en opwek samen komen en waar geprobeerd wordt de belasting van het energienetwerk te verminderen
SRBT: Stedelijke Regio Breda & Tilburg Een samenwerkingsverband van negentien gemeenten, vier waterschappen, de provincie NoordBrabant en het Rijk dat samen werkt aan de ontwikkeling van de regio.
Pagina 18 van 18