30-03-2023 Geactualiseerde begroting Baanbrekers.pdf
Tekst van het document
Actualisatie begroting 2023 (incl. 1e begrotingswijziging 2023)
13 januari 2023 dagelijks bestuur 20 januari 2023 algemeen bestuur 30 januari 2023
2
Hoofdstuk: Voorwoord
2023
Actualisatie begroting 2023
3
Hoofdstuk: Voorwoord
Inhoud 1. 2.
VOORWOORD ACTUELE EN GEWIJZIGDE BEGROTING 2023 2.1 Aanpassingen in de begroting 2023 op hoofdlijnen 2.2 Toelichting op de aanpassingen in de begroting 2023 2.3 Eerste begrotingswijziging 2023 2.4 (Nieuwe) investeringen 2.5 Gemeentelijke bijdragen 2.6 Mutaties reserves en voorzieningen 2.7 Formatie & bezetting
4 5 5 7 11 12 13 14 16
Hoofdstuk: Voorwoord
1. VOORWOORD Ons algemeen bestuur stelde onze begroting voor 2023 vast op 4 juli 2022. Deze begroting ging uit van de bestaande bedrijfsvoering en is gebaseerd op de financiële informatie zoals die bekend was in het voorjaar van 2022. Aan het begin van elk boekjaar vindt een integrale bijstelling plaats. Op die manier kunnen we het jaar starten met actuele budgetten. De bijgestelde begroting wordt beïnvloed door ontwikkelingen en gebeurtenissen, zowel intern als extern, die vaak niet voorspelbaar zijn. Momenteel leven we in een onrustige tijd. We hebben te maken met allerlei crises. Denk hierbij aan de bouwcrisis, de energiecrisis, de personeelscrisis, de vluchtelingencrisis, de geldontwaardingscrisis en de coronacrisis die zo maar weer de kop op kan steken. Deze crises lopen nu samen, waardoor het uiteraard ook effect heeft op onze organisatie. Gelukkig staat ons huidige tarief voor gas nog een jaar vast. Onze elektriciteit wordt echter opnieuw aanbesteed. Dus hiervan gaan de kosten fors omhoog. Vanwege de krapte op de arbeidsmarkt moeten we vaker (en duurder) mensen inhuren en worden we geconfronteerd met de stijging van de kosten van alles wat we inkopen, maar ook met collectieve loonsverhogingen en verhoging van het wettelijk minimumloon. Dit alles heeft uiteraard effecten op onze begroting.
Ondanks – of misschien wel dankzij – de crises blijft Baanbrekers volop in beweging. Datzelfde geldt voor onze Participatiewetkandidaten en SW-medewerkers. We zoeken en vinden kansen en mogelijkheden. Ondanks een arbeidsmarkt die fors onder druk staat, is er nog steeds flink wat werk voor nodig om onze mensen een goed en passend plekje op die arbeidsmarkt te bezorgen. Soms is een reguliere of duurzame plaatsing niet of nog niet mogelijk. Dan is er extra ondersteuning en begeleiding nodig. Wat betreft onze bedrijfsmatige activiteiten (onze zogenoemde productmarktcombinaties) hebben we te maken met een omzet die onder druk staat. Dit is deels een gevolg van onze transformatie naar een mensontwikkelbedrijf. Voor een ander deel heeft het te maken met het feit dat het nu wat lastiger is opdrachten aan te trekken. En dat houdt weer verband met de crisis waarover ik het eerder had. Ook opdrachtgevers letten op de kleintjes. Ook Baanbrekers blijft scherp op de kosten letten.
Ad van Oudheusden directeur
Actualisatie begroting 2023
4
5
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2023
2. ACTUELE EN GEWIJZIGDE BEGROTING 2023 2.1 Aanpassingen in de begroting 2023 op hoofdlijnen De bijgestelde begroting 2023 leidt tot een nadelig resultaat van afgerond € 2.478.000. De mutaties die hieraan ten grondslag liggen, zijn in paragraaf 2.2 nader toegelicht. Tevens zijn er kostenneutrale wijzigingen doorgevoerd. Dat geldt voor de bijzondere bijstand (incl. energietoeslag) waarvan de kosten op regiebasis bij de gemeenten in rekening worden gebracht, kosten in het kader van de herpositionering waarvoor de bestemmingsreserve wordt aangesproken en projectkosten en – inkomsten voor de uitvoering van plus-taken. Zoals uit het overzicht op de volgende pagina blijkt, is een groot deel van de aanpassingen niet beïnvloedbaar. Cao-stijgingen, verhoging van het wettelijk minimumloon, periodieke salarisverhogingen van zittend personeel, hogere energiekosten en de nadelen op de rijksvergoedingen zoals het Participatiebudget en het resultaat op BUIG zijn pas bekend geworden nadat de primitieve begroting is vastgesteld. In december 2018 heeft het bestuur een nieuwe koers van Baanbrekers vastgesteld waarbij de nadruk ligt op mensontwikkeling en het zoveel als mogelijk mensen buiten de beschutte werkomgeving plaatsen.
Er heeft daarna geen directe vertaling plaatsgevonden wat dit betekent voor de organisatie, in termen van bijvoorbeeld meest efficiënte en effectieve structuur en gewenste competenties en aantallen van begeleidend personeel. In 2020 is in samenspraak met het dagelijks bestuur van Baanbrekers begonnen met het onderzoek naar een optimale hoofdstructuur van Baanbrekers, waarna als vervolg daarop de fijnstructuur (de structuur binnen de afdelingen) opnieuw is vastgesteld. Begin 2022 zijn de afdelingen Re-integratie, Participatie en Inkomen (RPI) en Bedrijfsvoering & Control (B&C) ingericht en vastgesteld, eind 2022 is het advies inzake de inrichting van de laatste afdeling, Leren & Werken (L&W) gereed gekomen. Uit het onderzoek rondom de fijnstructuur voor de afdeling L&W is gebleken dat de transformatie naar mensontwikkelbedrijf niet alleen andere kwaliteiten maar op onderdelen ook meer begeleidend personeel voor de doelgroep vraagt. Hiervoor is in de voorliggende jaren onvoldoende aandacht geweest waardoor we nu extra moeten inzetten op het verbeteren van de kwaliteit en het verzorgen van voldoende ondersteunend personeel voor deze kwetsbare doelgroep. Om onze koers succesvol te vervolgen en onze infrastructuur overeind te houden, achten wij deze bijstelling nu noodzakelijk.
Een gevolg van de invoering van de Participatiewet is dat we steeds nadrukkelijker worden geconfronteerd met het vertrek van de kwalitatief betere SW-medewerkers als gevolg van natuurlijk verloop die werkzaam zijn op sleutelposities binnen onze organisatie. Deze medewerkers kunnen niet meer worden vervangen door mensen vanuit de doelgroep, waardoor zij vervangen worden door ‘duurdere’ reguliere medewerkers. Als mensontwikkelorganisatie zullen we bovendien toekomstbestendig moeten zijn. Vanwege het economische tij hebben we in 2022 minder instroom van cliënten gehad waarbij het nog maar de vraag is of de economische voorspoed zich blijft continueren. Het blijven investeren in onze infrastructuur als mensontwikkelbedrijf blijft daarom noodzakelijk om als springplank voor cliënten te kunnen blijven functioneren naar de reguliere markt, maar ook als vangnet voor diegenen waarvoor een plek op de reguliere markt (nog) niet haalbaar is. Opgemerkt wordt dat in de gemeentelijke bijdragen 2023 ook is begrepen de éénmalige (dus incidentele) storting in de algemene reserve ad € 555.000. Deze storting is conform eerdere besluitvorming en is bedoeld om de algemene reserve weer op het gewenste peil te brengen.
6
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2023
AUTONOME INVLOEDEN MET STRUCTUREEL KARAKTER TITEL Resultaat op BUIG Personele lasten - gesubsidieerd Algemene lasten Resultaat op BUIG Resultaat op BUIG Overige inkomensregelingen Algemene lasten Afschrijving, rente en onderhoud Resultaat op BUIG Personele lasten - regulier Participatiebudget Personele lasten - regulier Algemene lasten Algemene lasten Afschrijving, rente en onderhoud Personele lasten - gesubsidieerd Algemene lasten Personele lasten - gesubsidieerd Personele lasten - overige Algemene lasten
COMPONENT BUIG - Inkomsten Wsw rijksvergoeding DVO Baanbrekers <> Ruelong B.V. BUIG - Invordering BUIG - LKS: Beschut Werk Bbz bedrijfskrediet - lasten Schoonmaakkosten Vervallen investeringen 2022 BUIG - Uitkeringen Effect loonindex | periodieke verhoging | hiaat Participatiebudget (P-budget) Inhuur derden Energiekosten - elektra Automatisering - softwarelicenties Rente - aanvullende lening vernieuwbouw Effect loonindex | effect verhoging WML Verzekeringspremies Lage Inkomensvoordeel Collectief vervoer SW Accountantsdienstverlening
TOTAAL
VOORDEEL 1.505.000 409.560 100.000 100.000 50.000 25.000 23.000 5.000
NADEEL
2.100.000 735.000 436.304 266.000 225.000 123.000 67.315 55.583 40.000 35.000 34.000 23.000 2.217.560 4.140.202
AUTONOME INVLOEDEN MET INCIDENTEEL KARAKTER TITEL Afschrijving, rente en onderhoud Afschrijving, rente en onderhoud
COMPONENT Rentevergoeding - overtollige liquide middelen Doorgeschoven investeringen 2022
TOTAAL
VOORDEEL 300.000 20.000
NADEEL
320.000
0
VOORDEEL
NADEEL 573.251 148.723 139.460 60.000
GEMAAKTE KEUZES MET STRUCTUREEL KARAKTER TITEL Personele lasten - regulier Personele lasten - regulier Resultaat deelneming Ruelong B.V. Algemene lasten Algemene lasten
COMPONENT Formatiewijzigingen - uitkomsten fijnstructruur Begrotingssystematiek (vacatures op max. schaal) Diversen Kwaliteitszorg - uitbesteden CISO OR (interne ambtelijk secretaris > voorheen externe)
TOTAAL
20.000 20.000
921.434
VOORDEEL 26.000
NADEEL
26.000
0
GEMAAKTE KEUZES MET INCIDENTEEL KARAKTER TITEL Afschrijving, rente en onderhoud
COMPONENT Onderhoud - beperkt door nieuwbouwplannen
TOTAAL
SAMENGEVAT structureel autonoom
-€ 1.922.642 € 320.000
-€ 901.434 € 26.000 incidenteel
Actualisatie begroting 2023
gemaakte keuzes
7
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2023
2.2 Toelichting op de aanpassingen in de begroting 2023 Personele lasten: loonkosten en subsidies (nadeel € 1.438.000) Loonkosten niet gesubsidieerd personeel | Inhuur derden |Loonkosten gesubsidieerd personeel | Wsw rijksvergoeding | Lage Inkomensvoordeel (LIV) | Overige personeelslasten
Niet gesubsidieerd personeel (nadeel 1.723.000) Effect loonindex, periodieke salarisverhoging zittend personeel en ten onrechte ingeboekte vacatureruimte, totaal een bedrag van € 735.000 (autonoom | structureel) Ten tijde van het opstellen van de begroting 2023 zijn de salarislasten conform de financiële uitgangspunten uit de Kaderbrief 2023 met 2,3% geïndexeerd. In lijn met voorgaande jaren worden de salarislasten nu bijgesteld op basis van de meest actuele inzichten. Op basis van de laatste informatie uit het cao-overleg tussen vakbonden en gemeentelijke werkgevers (+ 5% per 1 februari 2023) blijkt een voorlopige indexering van 5,2% ten opzichte van het loonniveau 2022. Op de totale loonsom leidt dit verschil tot een surplus van € 356.000 die structureel van aard en niet beïnvloedbaar is. Daarnaast is bij het opstellen van de begroting een hiaat ontstaan tussen het loon wat als uitgangspunt is genomen voor de berekening (loonpeil 2022) en het daadwerkelijke loon bij aanvang van 2023. Met de jaarlijkse periodieke verhoging is, voor zover medewerkers nog niet aan het einde van hun schaal zitten, niet eerder rekening gehouden. De periodieke salarisverhogingen die gedurende 2022 hebben plaatsgevonden leiden tot een extra last van € 204.000. Ook deze kosten zijn structureel en autonoom.
Ten slotte is bij het opstellen van de begroting 2023, mede ook door een groot verloop van personeel en de enorme inzet van externen op dat moment, een deel van de formatie (2,4 fte) abusievelijk niet meegenomen in de primitieve begroting. Met deze correctie is € 175.000 gemoeid. Formatie wijzigingen – uitkomsten project fijnstructuur ad € 573.000 (beïnvloedbaar | structureel) Deze bijstelling op de begroting 2023 is in de DB-vergadering uitgebreid besproken. Gezien de impact en het belang van deze post is besloten het onderwerp in een afzonderlijke bijlage nader toe te lichten. Zie hiervoor de betreffende bijlage bij de geactualiseerde begroting. Aangepaste (toekomstbestendige) begrotingssystematiek ad € 149.000 (beïnvloedbaar | structureel) Parallel aan de formele bekrachtiging van het formatieplaatsenplan is gekozen om ook de begrotingssystematiek van de loonkosten met ingang van 2023 te wijzigen en toekomstbestendig te maken. Tot op heden was de begroting van de personele lasten gebaseerd op de feitelijke salarislast van medewerkers op moment van begroten en niet ingevulde vacatureruimte werd grotendeels buiten beschouwing gelaten. Dit maakte de personele begroting erg veranderlijk en onbeheersbaar. Een goed vergelijk tussen verschillende jaren was nagenoeg onmogelijk.
Met ingang van 2023 zal voor begrotingsdoeleinden volledig gewerkt worden aan de hand van het vastgestelde formatieplan. De financiële doorvertaling vindt plaats op basis van een vaste systematiek. Bezette formatieplaatsen worden doorgerekend op basis van werkelijke inschaling (afhankelijk van periodiek - % van max. schaal) en vacatureruimte op basis van max. schaal. Door volledige inbedding van het formatieplan in de begroting (zowel in fte’s als euro’s) kan beter gestuurd en gemonitord worden. Door een groot aantal vacatures per ultimo 2022 heeft toepassing van deze nieuwe methodiek een nadelig effect van € 149.000. Inhuur derden ad € 266.000 (autonoom | structureel) Op diverse plekken in onze organisatie worden we al enige tijd geconfronteerd met een combinatie van langdurig arbeidsongeschikte medewerkers en de gevolgen van een groot verloop van personeel in voorgaande jaren. Onder andere door krapte op de arbeidsmarkt in combinatie met ons
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2023
loongebouw is het nog steeds een uitdaging om (goed gekwalificeerd) personeel te werven op vacante formatieplaatsen. Daarnaast zorgt de instroom van relatief onervaren medewerkers tot tijdelijke dubbele bezetting op een functie. Net zoals de afgelopen paar jaar zal de inhuur van derden daardoor ook in 2023 hoog zijn. Het budget is noodzakelijk om de continuïteit en kwaliteit van de dienstverlening te kunnen blijven garanderen, tevens is het niet de verwachting dat we op korte termijn van deze uitdagingen zijn verlost. Gesubsidieerd personeel (voordeel € 319.000) – autonoom| structureel De loonkosten van de SW-medewerkers zijn, ondanks een kleinere doelgroep (zie paragraaf 2.6), toch hoger (+ € 56.000) dan tot op heden begroot. Enerzijds wordt dit veroorzaakt door een verschil in de begrote en werkelijke indexering (2,3% versus 3,74%), anderzijds leidt ook de verhoging van het wettelijk minimumloon tot hogere loonkosten. Tegenover de hogere salarislasten staat ook een hogere Wsw rijksvergoeding. In de septembercirculaire 2022 is de Wsw rijksvergoeding 2023 vastgesteld op € 11.068.035. In de begroting 2023 was, conform publicatie van de septembercirculaire 2021, tot op heden uitgegaan van € 10.630.272. Het voordeel van € 437.763 is nu in de begroting verwerkt. Omdat een deel van deze gelden wordt doorbetaald aan Ruelong B.V.
betreft het voor de begroting van Baanbrekers een nettovoordeel van € 410.000. Ook het Lage Inkomensvoordeel (LIV), een jaarlijkse tegemoetkoming voor werkgevers die werknemers in dienst hebben met een laag loon, neemt af (- € 35.000). Dit wordt veroorzaakt door krimp van de Wsw-doelgroep aan de ene kant en een beperkte instroom van medewerkers met een indicatie Beschut Werk aan de andere kant. Per 2025 wordt het LIV zelfs volledig afgeschaft. Overige personeelslasten (nadeel 34.000) – autonoom | structureel Mede door de fors gestegen brandstofprijzen is het eerder opgenomen budget voor collectief vervoer van de Wsw-doelgroep niet meer toereikend.
Resultaat op BUIG (nadeel € 445.000) – autonoom | structureel BUIG - Inkomsten | BUIG - Invordering | BUIG - Uitkeringen | BUIG - LKS: Banenafspraak | BUIG - LKS: Beschut Werk
In de begroting 2023 werd uitgegaan van een voordeel op BUIG van € 4,0 miljoen. Na bijstelling resteert een voordeel van € 3,5 miljoen. Het resultaat op BUIG wordt gevormd door de BUIG – inkomsten conform het voorlopig budget 2023 van het Ministerie van Sociale Zaken & Werkgelegenheid, aangevuld met de verwachte opbrengsten vanuit invordering. Daarop worden de uitkeringen in het kader van de Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2004 (levensonderhoud startende ondernemers) en voor de inzet van loonkostensubsidie in mindering gebracht. BUIG – uitkeringen (nadeel € 495.000) De BUIG-inkomsten (+ € 1.505.000) zijn autonoom van aard, daarvoor geldt immers de beschikking van het Rijk. Conform de berichtgeving in Berap II 2022 gaat de bijgestelde begroting 2023 uit van de voorlopige beschikking met inachtneming van de verhoging van het wettelijk minimumloon (WML). De verwachte inkomsten uit BUIG-invordering zijn verhoogd (+€ 100.000) tot het niveau van de begroting 2022. Voor de prognose van de uitkeringslasten wordt uitgegaan van de ontwikkelingen in het eigen uitkeringsbestand. Voor wat betreft de BUIG-uitkeringslast gaat de bijgestelde begroting 2023 uit van gemiddeld 1.400 uitkeringsgerechtigden in 2023, dit was tot dusver gebaseerd op 1.435 uitkeringen.
Door de verhoging van het wettelijk minimumloon met 10,15% leidt het lagere aantal desondanks toch tot een hogere BUIG-uitkeringslast (+€ 2.100.000). Voor wat betreft de prijs van een uitkering in 2023 zijn er meer wijzigingen met impact. Per 1 januari 2023 wordt namelijk de kostendelersnorm jongeren versoepeld. Als iemand een bijstandsuitkering ontvangt en een of meer volwassen kinderen in huis heeft, wordt die bijstandsuitkering verlaagd. Tot
Actualisatie begroting 2023
8
9
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2023
dusver was dat zo als die kinderen 21 jaar of ouder zijn. Maar die leeftijd gaat nu omhoog naar 27 jaar of ouder. Daardoor behouden mensen met oudere thuiswonende kinderen dus langer hun volledige bijstandsuitkering. Aanvullend is ook het beleid rondom de inkomstenvrijlating bij parttimewerk recent gewijzigd. Door verhoging van het drempelbedrag voor inkomsten uit parttime werk worden uitkeringsgerechtigden minder snel op hun uitkering gekort. In de bijstelling is hierop geanticipeerd, maar de komende periode moet blijken in hoeverre de bijgestelde uitkeringslast hier daadwerkelijk bij aansluit. BUIG – LKS: Beschut Werk (voordeel € 50.000) Op basis van het werkelijk aantal medewerkers met een indicatie Beschut per ultimo 2022 is de verwachte uitgavenpost loonkostensubsidies met € 50.000 naar beneden bijgesteld. Het aantal ligt per ultimo 2022 namelijk lager dan de eerdere prognoses.
Participatiebudget: budgetneutraal voor de gemeenten (in begroting Baanbrekers nadeel € 436.000) autonoom | structureel In de septembercirculaire 2022 is het Participatiebudget 2023 vastgesteld op € 449.615. In de begroting 2023 was, conform publicatie van de septembercirculaire 2021, uitgegaan van € 885.919. De oorzaak van deze forse neerwaartse bijstelling ad € 436.000 is gelegen in de aanpassing van het gemeentefonds met als gevolg de overheveling van de budgetten voor Nieuw Wajong en Nieuw begeleiding (excl. beschut werk) naar de algemene uitkering per 1 januari 2023. Voor de gemeenten is dit per saldo neutraal, echter heeft het wel effect op de geldstromen richting Baanbrekers.
Algemene lasten (nadeel € 328.000) waarvan € 288.000 autonoom | structureel en € 40.000 beïnvloedbaar | structureel Energie | (specifieke) ICT | Kwaliteitszorg | Verzekeringen | Accountant | Facilitaire kosten | DVO Baanbrekers – Ruelong B.V.
Vanwege de onrustige tijd en krapte in de economie nemen de kosten op diverse posten toe. De elektriciteit is in 2022 opnieuw aanbesteed, het nieuwe contract leidt voorlopig tot een toename van € 225.000 aan energiekosten. In 2023 staat de aanbesteding van het gas op de planning. De aanbesteding van de externe accountantsdienstverlening is in het voorjaar 2022, kort na het opstellen van de begroting afgerond. Het nieuwe contract leidt tot een toename van € 23.000 per jaar ten opzichte van het oude contract. Voor de uitvoering van onze taken zijn steeds meer softwarelicenties nodig. Daarnaast worden we geconfronteerd met autonome prijsstijgingen. In 2023 hebben we daardoor € 123.000 meer nodig voor ICT dan tot dusver was meegenomen, een deel daarvan wordt verantwoord onder Specifieke ICT bij deelprogramma 1. Ook nemen de verzekeringspremies met € 40.000 toe en wordt met ingang van 2023 gebruik gemaakt van de dienstverlening ‘CISO as a service’. Door de krapte op de arbeidsmarkt is besloten deze functie structureel extern te beleggen. De kosten ad € 60.000 per jaar worden onder kwaliteitszorg toegevoegd. Parallel hieraan is de CISO-functie in het formatieplaatsenplan vervallen. Op de totale begroting is e.e.a. dus budgettair neutraal.
Naast deze extra kosten is ook sprake van een aantal financiële meevallers binnen de algemene lasten, deze zijn wat kleiner van omvang maar tellen op tot een bedrag van € 43.000. Ten slotte neemt als gevolg van de toenemende prijzen ook de dienstverleningsovereenkomst met Ruelong B.V. met € 100.000 toe. Dit levert een voordeel op voor de overhead, maar werkt als nadeel door in het resultaat deelneming Ruelong BV.
Resultaat deelneming Ruelong B.V. (nadeel € 139.000) – beïnvloedbaar | structureel Het bedrijfsresultaat van dochteronderneming Ruelong BV staat al langer onder druk. Om buitenproportionele inzet van uitzendkrachten en daarmee kosten te voorkomen zijn we vanwege
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2023
onderstaande reden genoodzaakt om in 2023 een deel van onze projectenportefeuille op te zeggen. Dit is een uitvloeisel van onze koers. Door de cao Wsw die in 2021 van kracht is geworden, maakt een aantal SW-ers inmiddels gebruik van de mogelijkheid om minder te werken of om vervroegd met pensioen te gaan. Tegelijkertijd constateren we dat de instroom vanuit Beschut Werk achterblijft op de landelijke inschattingen en dat Banenafspraak-kandidaten vaak direct doorstromen naar reguliere werkgevers. Daarnaast leidt de introductie van uniforme functies en beloningen van de indirecte medewerkers binnen L&W tot hogere personele lasten (+ € 75.000). Van een zevental indirecte medewerkers zal het contract bij Ruelong B.V. (cao hoveniersbedrijf / schoonmaak) vanaf 2023 omgezet worden naar stichting SBW1 (cao SGO). Eigenlijk had het resultaat nog veel lager kunnen zijn. Er is lange tijd geen actueel investeringsprogramma geweest en hierbij behorende afschrijvingen zijn in het verleden derhalve ook nooit in de begroting opgenomen geweest (denk aan rijdend materiaal binnen vooral Ruelong). Om een extra toename van kosten te voorkomen is nu besloten om vanwege de krimp in orderportefeuille, te proberen het huidige machinepark nog drie jaar operationeel te houden middels onderhoud.
Afschrijving, rente & onderhoud (voordeel € 284.000) Afschrijving (voordeel € 25.000 autonoom) waarvan € 20.000 incidenteel en € 5.000 structureel Eén geplande investering is gedurende het boekjaar 2022 ten laste van de exploitatie gebracht omdat niet aan de criteria van een investering werd voldaan. Daarnaast is de aanvullende ruimte voor vervangingsinvesteringen in 2022 niet benut. Hierdoor valt de afschrijvingsbasis lager uit. Rente (voordeel € 233.000 autonoom) waarvan + € 300.000 incidenteel en - € 67.000 structureel Conform besluitvorming door het AB op 18 oktober 2021 om over te gaan tot vernieuwbouw, is begin 2022 voor de financiering een aanvullende lening van € 5 miljoen aangetrokken. In de businesscase vernieuwbouw is rekening gehouden met rentelasten vanaf het moment van investeren. Conform eerdere besluitvorming is de bijbehorende (structurele) rentelast ad € 67.000 nu in 2023 verwerkt. De opgenomen leningen zijn tot op heden slechts voor een klein deel aangewend voor financiering van de nieuwbouw. De overtollige liquide middelen staan geparkeerd in de Schatkist. Vanaf eind 2022 vergoedt het Rijk hierover weer rente. Voor 2023 wordt ingeschat dat de (incidentele) rentevergoeding ongeveer € 300.000 zal gaan bedragen. Hiermee wordt in 2023 de volledige rentelast (afgerond € 210.000) van de twee leningen voor de nieuwbouw ruimschoots gecompenseerd.
Onderhoud (voordeel € 26.000) beïnvloedbaar | incidenteel Het besluit tot vernieuwbouw leidt ertoe dat onderhoud van de bedrijfsgebouwen tot alleen het noodzakelijke wordt beperkt. Het eerder opgenomen budget kan daardoor worden verlaagd.
Overige inkomensregelingen (voordeel € 25.000) – autonoom | structureel Bbz bedrijfskrediet
Gelet op de gerealiseerde last in 2021 en de prognose 2022 is de verwachte last Bbz bedrijfskrediet nu ook in de bijgestelde begroting 2023 verlaagd.
1
Stichting Bevordering Werkgelegenheid Midden-Langstraat: deze stichting heeft als doel het ter beschikking stellen van arbeidsplaatsen voor Baanbrekers of aan Baanbrekers gelieerde partijen.
Actualisatie begroting 2023
10
11
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2023
2.3 Eerste begrotingswijziging 2023 De bijstelling van de lasten en baten per deelprogramma is in onderstaande 1e begrotingswijziging 2023 verwerkt. De bijstelling van de begroting leidt tot een verhoging van de gemeentelijke bijdragen ad € 2.478.076. Dat betekent dat ingevolge de gemeenschappelijke regeling op deze begrotingswijziging de zienswijzeprocedure van 12 weken van toepassing is. De vaststelling van de begrotingswijziging kan hierdoor pas plaatsvinden in de vergadering van het algemeen bestuur van 8 mei 2023.
Baanbrekers Bedragen x € 1.000 Lasten DP1: Re-integratie, Participatie & Inkomen DP2: Leren & Werken DP3: Gemeentelijke bijdragen & .........overige lasten en baten Totaal lasten deelprogramma's Overhead Totaal lasten
....Begroting 2022.... ....Begroting 2023.... ....Begroting 2023.... 1e na 4ᵉ wijziging voor wijziging Begrotingswijziging na 1e wijziging 40.270 13.192
32.344 12.989
10.116 1.133
42.460 14.122
35 53.497 7.425 60.922
35 45.368 7.032 52.400
0 11.249 338 11.587
35 56.617 7.371 63.987
36.227 13.727
30.309 13.162
8.614 397
38.923 13.559
10.913 60.868
9.975 53.446
2.516 11.527
12.491 64.973
Geraamd saldo van lasten en baten
-55
1.046
-60
986
Af: stortingen reserves Bij: onttrekkingen reserves
-492 755
-1.046 0
0 60
-1.046 60
Geraamd resultaat
208
0
0
0
Baten DP1: Re-integratie, Participatie & Inkomen DP2: Leren & Werken DP3: Gemeentelijke bijdragen & .........overige lasten en baten Totaal baten
Vastgesteld door het algemeen bestuur van Baanbrekers in de openbare vergadering van 8 mei 2023. Het bestuur voornoemd, A. van Oudheusden
T. Blankers
Secretaris
Voorzitter
12
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2023
2.4 (Nieuwe) investeringen Overlopende investeringen vanuit vorige boekjaren Niet afgeronde investeringen vanuit 2022 en eerdere jaren lopen door naar 2023. De jaarlijkse afschrijvingskosten daarvan waren in de primitieve begroting 2023 al opgenomen. Nieuwe investeringen 2023 Bij de primaire begroting 2023 zijn voor het boekjaar geen nieuwe investeringen opgevoerd. Nieuwe investeringen zullen in de bestuursrapportages 2023 worden opgenomen. Wel is in de begroting 2023 al rekening gehouden met de afschrijvingslasten van onderstaande investeringen: Jaar van investering 2022 2023 2024 2025
Investeringsbedrag € 100.000 € 100.000 € 150.000 € 23.928.000
Omschrijving Diversen Diversen Diversen Netto krediet herhuisvesting
1e Afschrijvingslast Afschrijvingsjaar € 20.000 2023 € 20.000 2024 € 30.000 2025 € 371.000 2026
De eerste drie investeringsbedragen zijn indicatieve bedragen ten behoeve van een nog op te stellen integraal plan voor vervanging van machines, installaties, vervoermiddelen en overig rijdend materieel. Dit plan is nog niet gereed. Het investeringsbedrag voor 2022 schuift door naar 2023. Het gewijzigde overzicht wordt als volgt: Jaar van investering 2023 2024 2022/2025
Investeringsbedrag € 200.000 € 150.000 € 23.928.000
Omschrijving Diversen Diversen Netto krediet herhuisvesting
1e Afschrijvingslast Afschrijvingsjaar € 40.000 2024 € 30.000 2025 € 371.000 2026
Vernieuwbouw Baanbrekers Op 18 oktober 2021 heeft het algemeen bestuur van Baanbrekers besloten tot herhuisvesting op de hoek Bachlaan-Zanddonkweg en daarvoor een bruto krediet beschikbaar te stellen. Voor de opbrengst van de verkoop van gebouwen en voor de inbreng van vrijgevallen eigen middelen is ook een bedrag geraamd, waardoor een netto-investering resteert van € 23.928.000. In dezelfde vergadering is besloten het benodigde krediet op te nemen in een begrotingswijziging 2022. Er moet nog een nadere bijstelling van het krediet plaatsvinden. Dit zal waarschijnlijk plaatsvinden bij de 1e Berap 2023.
Actualisatie begroting 2023
13
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2023
2.5 Gemeentelijke bijdragen De bijstelling van de ramingen van de baten en lasten resulteren in een bijstelling van diverse begrotingsposten. In onderstaande tabel is voor de verschillende budgetten het te betalen bedrag per gemeente gespecificeerd. Gemeente Budget........................................... Vaste budgetten Gemeentelijke bijdragen Gebundelde uitkering (BUIG)* Participatiebudget Wsw rijksvergoeding Totaal
1
Indicatieve budgetten ↓ Bijzondere bijstand - regulier - energietoeslag Plus-taken (Wet Inburgering)*2 Plus-taken (HIT/BIT)
Heusden
Loon op Zand
Waalwijk
Baanbrekers
4.641.665
2.421.650
5.027.307
12.090.622
9.498.000 177.645 3.106.864 17.424.174
3.919.000 77.032 2.786.925 9.204.607
14.241.000 194.938 5.174.246 24.637.491
27.658.000 449.615 11.068.035 51.266.272
3.545.700 910.000 2.635.700
1.734.700 425.000 1.309.700
4.334.600 1.260.000 3.074.600
9.615.000 2.595.000 7.020.000 847.718 1.000
* afhankelijk van de gevraagde ureninzet
*1 = Conform voorlopig budget BUIG 2023 (incl. WML verhoging) *2 = conform Uitvoeringsplan & offerte 2023 Wet Inburgering Heusden en Waalwijk
Het aandeel van de gemeentelijke bijdragen dat conform de gemeenschappelijke regeling wordt berekend op basis van de inwoneraantallen ontwikkelt zich als volgt:
Heusden Loon op Zand Waalwijk Totaal
Oorspronkelijke begroting 2023 3.690.392 1.925.214 3.996.940 9.612.546
Bijstelling 951.273 496.436 1.030.367 2.478.076
Gewijzigde Begroting 2023 4.641.665 2.421.650 5.027.307 12.090.622
Bovenstaande gewijzigde verdeling is tot stand gekomen op basis van de inwoneraantallen per 1 januari 2022, volgens onderstaande tabel.
Heusden Loon op Zand Waalwijk Totaal
Aantal inwoners per 1-1-2022* 45.557 23.768 49.342 118.667
Procentuele verdeling 38,39% 20,03% 41,58% 100 %
* Bij de eindafrekening over 2023 zullen de werkelijke aantallen inwoners per 1 januari 2023 worden gehanteerd. Deze waren op het moment van actualisatie van de begroting 2023 nog niet bekend.
14
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2023
2.6 Mutaties reserves en voorzieningen Reserve vernieuwbouw (nieuwe reserve) Deze reserve vernieuwbouw is bedoeld om de mutaties, die direct het gevolg zijn van het voornemen tot vernieuwbouw, bij elkaar te houden om eind 2025 of begin 2026 het totaal van de posten af te kunnen boeken van de investering in de nieuwbouw. Indien geen reserve was ingesteld, dan zouden deze posten op meerdere boekjaren komen en zorgen voor fluctuaties in de jaarlijkse exploitatielasten. Het gaat daarbij om de volgende kosten / baten: • 2021: eenmalige vrijval van de opgebouwde onderhoudsvoorziening gebouwen; • 2021: eenmalig te nemen verlies als gevolg van afwaardering boekwaarde gebouw 1; • 2022 t/m 2025: voordelen als gevolg van besparingen op afschrijvingskosten gebouw 1; • 2022 t/m 2025: voordelen als gevolg besparing stortingen in onderhoudsvoorziening; • 2025: boekwinst verkoop gebouwen 2,3,4. Deze mutaties leiden in 2025 tot een reserve van afgerond € 3,9 miljoen die eind 2025 zal worden ingezet ter dekking van een deel van de bruto investering. In dit bedrag zit één post die nog onzeker is. Dit is de opbrengst van de verkoop van de gebouwen 2, 3 en 4. Voor 2023 betekent dit: De mutaties in 2021 en 2022 resulteren in een stand per 1-1-2023 van: In 2023 vindt geen storting meer plaats in de onderhoudsvoorziening gebouwen.
Dit bedrag wordt gestort in de reserve vernieuwbouw: In 2023 wordt bespaard op de afschrijvingskosten van gebouw 1. Dit bedrag wordt ook gestort in de reserve vernieuwbouw: Geraamde stand van de reserve per 31-12-2023
€ 721.113 € 342.500 € 148.562 € 1.212.175
Reserve herpositionering In de oorspronkelijke begroting 2023 is geen mutatie geraamd in deze reserve. Op basis van reeds aangegane verplichtingen zal in 2023 in ieder geval voor € 60.000 aan kosten gemaakt worden. Deze post bestaat voor € 20.000 uit kosten van functiewaarderingstrajecten (verantwoord onder de algemene lasten) en voor € 40.000 uit kosten van boventalligen als gevolg van de uitvoering van het sociaal plan (verantwoord onder de loonkosten niet gesubsidieerd personeel). Conform de begrote lasten is ook de geraamde onttrekking bijgesteld. Per saldo zijn deze posten neutraal voor de begroting. Onze organisatie is in transitie. Dit betekent dat de volgende kosten nog te verwachten zijn: • functiewaarderingstrajecten • om- en bijscholingskosten • kosten van boventalligen en bijkomende kosten van uitvoering sociaal plan - waaronder vaststellingsovereenkomsten De verwachting is dat de kosten die met dergelijke trajecten gemoeid zijn, ervoor zorgen dat deze reserve noodzakelijk is. Na formele besluitvorming over de fijnstructuur van L&W, zullen de onttrekkingen nader worden geconcretiseerd. Voorziening gebouwen vanaf 2026 Met het instellen van de reserve vernieuwbouw is de onderhoudsvoorziening, en dus ook de jaarlijkse storting, komen te vervallen. Na ingebruikname van het nieuwe pand zal uiteraard een nieuwe voorziening worden gevormd.
Deze komt voor het eerst tot uiting in de begroting 2026.
Actualisatie begroting 2023
15
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2023
Voorziening exploitatietekorten Ruelong BV In de primaire begroting 2023 is een storting in deze voorziening geraamd van € 448.000, zijnde het geraamd bedrijfsresultaat. Conform de garantstelling van Baanbrekers aan Ruelong BV dient deze storting na bijstelling van het bedrijfsresultaat 2023 Ruelong BV te worden verhoogd met € 139.000 tot een bedrag van € 587.000.
Hoofdstuk: Actuele en gewijzigde begroting 2023
2.7 Formatie & bezetting Formatie Niet gesubsidieerd (fte's) Organisatieonderdeel Re-integratie, Participatie & Inkomen ↓ Leren & Werken ● Ruelong B.V. - omzetti ng dienstverband BV → GR Directie | Bedrijfsvoering & Control Totaal
Begroting Bijgestelde 2023 begroting 2023 88,0 88,2 34,6 40,3 4,2 10,5 -7,0 50,9 49,9 173,5 178,4
De formatie niet gesubsidieerd personeel wordt gevormd door de reguliere medewerkers die in dienst zijn van Baanbrekers of via SBW bij Baanbrekers gedetacheerd zijn. De personele begroting ‘niet gesubsidieerd personeel’ gaat uit van de hierboven genoemde fte’s met bijbehorende loonschalen. Het formatieplan, met daarin de uitkomsten van de fijnstructuur, leidt tot een stijging van 4,9 fte ten opzichte van de begroting 2023 zoals die in het voorjaar 2022 is opgesteld. Zoals uit de tabel hierboven blijkt, zit de toename bijna volledig bij Leren & Werken. In de toelichting op de begrotingsbijstelling is de aanleiding hiervoor reeds gemotiveerd. Daarnaast lijkt de formatie bij Ruelong B.V. fors te stijgen. De introductie van uniforme functies en beloningen van de indirecte medewerkers binnen Leren & Werken leidt ertoe dat het dienstverband van een zevental indirecte medewerkers vanaf 2023 wordt omgezet naar SBW. Voorheen waren zijn rechtstreeks in dienst bij Ruelong B.V. en vielen daardoor buiten de scope van de formatie.
Geraamde bezetting Gesubsidieerd - Wsw (fte's) Geraamde bezetting op peildatum Organisatieonderdeel Begroting Bijgestelde Raming Raming Raming Raming 2023 begroting 2023 31-12-2022 30-4-2023 31-8-2023 31-12-2023 Re-integratie, Participatie & Inkomen 2,4 1,0 1,0 1,0 1,0 1,0 Leren & Werken 325,3 316,8 319,9 319,1 316,4 312,3 Directie | Bedrijfsvoering & Control 13,9 13,5 14,0 14,0 13,0 13,0 Totaal 341,6 331,3 334,9 334,1 330,4 326,3
Het gesubsidieerd personeel bestaat uit de medewerkers van Baanbrekers met een Wsw-indicatie. Op basis van het huidige personeelsbestand met de bijbehorende pensioenleeftijden is de geraamde bezetting (op peildatum) 2023 bepaald.
Actualisatie begroting 2023
16