CConstaterende datLoon op Zand
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-4 - Totaaloverzicht technische vragen en antwoorden raadsfracties - raadsvergadering 7 juli.pdf

Raadsvergadering 7 juli 2022, gemeente Loon op Zand4.556 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Cyclus: 4-2022

Beeldvormende ronde: 23-06-2022

Opiniërende ronde:

Technische vragen raadsvergadering: 07-07-2022

Agendapunt 7: Meerjaren Perspectief Grondexploitaties 2021 (MPG 2021) Partij VL

VL

Blz. verwijzing Bijlage 1 Meerjaren Perspectief Grondexploitatie, pagina 8

Bijlage 1 Meerjaren Perspectief Grondexploitatie, pagina 9

Vraag Uitgangspunten uitgiftetempo. Hierin staat dat qua doelstelling financieel gestuurd wordt. Wat betekent deze tekst voor het mogelijk kunnen versnellen van de uitgifte van gronden en vloeien hieruit risico’s voort indien het uitgifte tempo lager ligt?

Antwoord In een markt met hoge woningprijzen en daarmee gepaard gaande hoge grondprijzen kan het gunstig zijn om het uitgiftetempo te versnellen, mits dit mogelijk is in de planning van de voorbereidingswerkzaamheden. Door deze versnelling benutten we de gunstige marktomstandigheden en kunnen we hogere grondopbrengsten realiseren. Daarnaast spelen we door versnelling in op de grote woningbehoefte uit de markt.

In de tekst staat: “De gemeente zal scherp aan de wind moeten zeilen om haar ambities waar te kunnen blijven maken”. Welke acties dienen ondernomen te worden op basis hiervan en zijn de financiële risico’s verwerkt in het meerjaren perspectief grondexploitatie?

Binnen Westwaard fase 1 en 2 gelden enkele algemene risico’s voor de verdere planuitwerking. Denk hierbij aan het opstellen van een definitief ontwerp voor de inrichting van het plangebied, diverse onderzoeken en de staat van het rioleringsstelsel. Deze risico’s kunnen leiden tot meerkosten of vertraging binnen het project. De risico’s zijn geïdentificeerd en gekwantificeerd op pagina 10. Het is onze taak om een proactieve houding aan te nemen en deze risico’s tijdig te identificeren en te monitoren.

Wanneer het uitgiftetempo lager ligt, bestaat het risico dat de marktomstandigheden minder gunstig worden. Denk hierbij aan stabiliserende of dalende woningprijzen en stijgende bouwkosten. Beide ontwikkelingen hebben (op termijn) een drukkend effect op de grondwaarde, waardoor het mogelijk is dat we bij een lager uitgiftetempo minder grondopbrengsten ontvangen. Momenteel zien we in de markt de eerste signalen van stabiliserende woning-prijzen, mede door de toegenomen hypotheekrente. Daarnaast stegen de bouwkosten door de oorlog in Oekraïne hard. Er is nu veel onzekerheid in de bouwsector. Door deze grote onzekerheden binnen de markt is het maar de vraag of versnellen gunstig is en of dit überhaupt kan.

Voor fase 3 en 4 moeten we inderdaad ‘scherp aan de wind zeilen’ om de gestelde ambities waar te kunnen maken. Er is nog geen vastgestelde grondexploitatie voor dit deelgebied. Deze is in voorbereiding. Wel zien we daar aan de voorkant al enkele uitdagingen om te komen tot een haalbaar resultaat. We verwachten dit najaar uw raad een grondexploitatie met bijbehorende risico’s aan te kunnen bieden. CDA

Bij besluitpunt 3 staat instemmen met tussentijdse winstneming ter hoogte van € 84.000,-. Uit het accountantsverslag van de jaarrekening op pag. 12 blijkt dit bedrag gecorrigeerd. Hoe gaan wij hier in het voorliggend besluit mee om?

Het bedrag aan winstneming van € 84.000,- is niet gecorrigeerd. Dit bedrag was echter nog niet administratief doorgevoerd tijdens de accountantscontrole. De correctie gaat over het boeken van de winstneming, niet over een eventuele correctie van dit bedrag. De genoemde bedragen in de MPG en jaarrekening zijn dus correct.

1

Cyclus: 4-2022

Beeldvormende ronde: 23-06-2022

Opiniërende ronde:

Technische vragen raadsvergadering: 07-07-2022

Agendapunt 7: Meerjaren Perspectief Grondexploitaties 2021 (MPG 2021) Partij CDA

Blz. verwijzing

Vraag Bij besluitpunt 4 wordt gesproken over het afsluiten van het project Chalet Fontaine/Rooi Dorp terwijl dit nog loopt. Hoe moeten wij dit zien?

Antwoord Het project Chalet Fontaine / ’t Rooi Dorp is verliesgevend. Dit komt door plankosten uit het verleden, die we niet meer kunnen verhalen op de initiatiefnemer. Het complex is afgesloten en we namen dit verlies. Dit project gaat verder onder de naam Park Wijtenburg (projectnummer 1551 op pagina 20).

Agendapunt 8: Jaarstukken 2021 Partij GB

Blz. verwijzing 52 Jaarrekening

Vraag Sportvrijstelling BTW, inmiddels al enkele jaren (pre corona tijd) aanwezig als risico. Wanneer wordt uitslag verwacht op de aanwezigheid van het risico?

Antwoord We zijn nog steeds in overleg met de belastingdienst. We verwachten dat we dit overleg dit kalenderjaar afronden.

GB

53 jaarrekening

Inflatie: wordt door het Rijk middels inflatiecorrecties en volumecorrectie meegenomen in de circulaires. Daarnaast bij bepaalde risico's expliciet opgenomen (zie bouw Wetering). In het benoemde risico is deze nuancering niet benoemd / meegewogen. Dit risico is te extreem en wij stellen een aanpassing op het risico voor, meenemende het eerder genoemde.

In de algemene uitkering zit een correctie voor inflatie. We zien echter dat het percentage voor inflatiecorrectie achterblijft bij de huidige werkelijke inflatie op contracten binnen de exploitatiebudgetten. Binnen het project ‘De Wetering’ is een risicoprofiel opgesteld, waarbij inflatie binnen het project (onder andere door prijsontwikkelingen en het tijdsverloop) is ingeschat. Afhankelijk van de mate waarin dit risico zich voordoet, beïnvloedt de optredende inflatie het investeringsbudget. Daarmee bestaan deze risico’s naast elkaar en hebben zij betrekking op verschillende typen budgetten.

GB

Waar heeft de gemeente de ontvangen Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK) gelaten, ontvangen in december bij decembercirculaire? Hoe is dit vertaald in de Jaarrekening, waar komt dit per actielijn terug? Risico is 0,5 mln.

Deze POK-middelen zijn voor 2021 t/m 2025 toegezegd. Een deel ervan ontvingen we daarom al. De overige middelen ontvangen we nog in de betreffende jaren. In februari dit jaar besloot uw raad € 15.000,- (een deel van de reeds ontvangen middelen die zijn toegevoegd aan de algemene uitkering) in te zetten voor de uitvoering van de ‘Waarstaat-je-gemeente burgerpeiling’. We werken zowel organisatie breed als specifiek in het sociaal domein aan plannen om onze dienstverlening te verbeteren. De resultaten van de POK en de adviezen daaruit zijn belangrijke input hierin. Nadere uitwerking hiervan volgt.

GB

Enkel kredieten zijn ouder dan 3 jaar, in hoeverre is er een houdbaarheids-termijn op de kredieten, dient college na inbrengen van krediet het niet binnen 48 maanden verbruikt

In de financiële verordening staat dat we een gevoteerd krediet na 2 jaar afsluiten en dat we bij projecten met een langere looptijd hiervan kunnen afwijken. Het gaat hier vooral om de situatie, dat er in die periode geen activiteit was op het krediet. Als dat aan de orde is, moeten we het krediet afsluiten en kunnen we dat dan op een later moment

2

Cyclus: 4-2022

Beeldvormende ronde: 23-06-2022

Opiniërende ronde:

Technische vragen raadsvergadering: 07-07-2022

Agendapunt 8: Jaarstukken 2021 Partij

Blz. verwijzing

Vraag te hebben evt. met eenmalige verlenging van 1 jaar en daarna opnieuw een krediet aanvragen?

Antwoord opnieuw aanvragen. Het kan dus zijn dat er projecten zijn waarvan het krediet langer openstaat dan die 2 jaar door de verwachte looptijd van het project.

CDA

6

In het stuk staan de I (incidenteel) en de S (structureel) weergegeven, echter niet in de tabel op pag. 6. Is het mogelijk om dat alsnog te doen?

Zie het overzicht in de bijlage.

CDA

6

Hoe kan het dat het netto rendement van de omgevingswet in werkelijkheid lager is dan het verwachte bedrag, maar dat de status wel op groen staat.

Voor de Omgevingswet behaalden we de voorgenomen resultaten. Het project verloopt volgens de overeengekomen planning, waarbij we continu vooruitlopen op het uitstel van de Omgevingswet door het Rijk. Daarom staat de status op groen. We hebben wel meer kosten gemaakt omdat de langere voorbereidingstijd kostbare tijd is.

CDA

52

Er is weer een parameter uit de weerstandsratio verdwenen: € 100.000,- structureel wordt niet meer meegenomen. Wat gebeurt er met de weerstandsratio als deze parameter wel wordt meegenomen?

De systematiek voor het bepalen van de risico’s is niet gewijzigd ten opzichte van de begroting.

3

Cyclus: 4-2022

Beeldvormende ronde: 23-06-2022

Opiniërende ronde:

Technische vragen raadsvergadering: 07-07-2022

Agendapunt 9: Bestuursrapportage 2022-1 Partij GB

Blz. verwijzing Besluit 3 in Berap en blz. 100 in jaarrekening

Vraag Gevraagd besluit de Start 60 te onttrekken? Dit was in 2021 begroot op 43K (zie jaarrekening p100). Waardoor is het bedrag met 40-50% gestegen??

Antwoord Het gaat hier over 2 verschillende zaken. Het aangehaalde bedrag uit de Jaarrekening is de jaarlijkse bijdrage aan De Start voor de instandhouding. Dit was in 2021 € 43.000,-. In de bestuursrapportage 2022-1 zit een onttrekking aan de reserve onderwijshuisvesting van € 60.000,- voor De Start. Dit is de benodigde investering om er een ‘frisse school’ van te maken.

GB

Voorstel blz. 3

Gevraagd besluit 4; wat is de overweging om te kiezen voor levensduur verlengend onderhoud in plaats van vervangen? In de Jaarrekening blz. 103 staat nog € 66.000,- open aan kredieten hiervoor. Waarom vragen we dan nieuwe kredieten aan? Hierop is in 2021 bijna niets uitgegeven.

In de levenscyclus van een weg vervangen we die na 45 jaar. Dit is een complete vervanging van de weg. Afhankelijk van het gebruik is echter tussentijds ook nog groot onderhoud nodig, zoals het opnieuw aanbrengen van de bovenste laag asfalt (deklaag). Dit noemen we levensduurverlengend onderhoud. Hiermee hoeven we dus niet de hele weg al na 20 jaar te vervangen wat een veel grotere investering is. Jaarlijks voeren we inspecties uit op basis waarvan het levensduurverlengend onderhoud plannen. In 2021 ontvingen we deze inspecties pas laat, waardoor we de werkzaamheden niet meer in 2021 konden uitvoeren. Dit haalden we begin 2022 in. Het krediet is nu dus volledig op.

VL

In de 1e Berap wordt aangegeven dat een deel van de verwerkte posten, die mogelijk een negatief effect hebben, geheel of gedeeltelijk worden gecompenseerd door de meicirculaire, die omstreeks 31 mei is ontvangen. Gaarne ontvangen we een overzicht op hoofdlijnen van deze effecten na verwerking van de cijfers uit de meicirculaire.

Parallel aan de beantwoording van de technische vragen stelden we de raadsinformatiebrief over de effecten van de meicirculaire op. In die brief ziet u -voor zover deze inderdaad in de meicirculaire zijn verwerkt- deze effecten terug.

CDA

Wij zien dat de kosten voor het opvangen van Oekraïense vluchtelingen groot zijn. Is er een nadere specificatie van de drie genoemde bedragen?

Zie de bijlage voor de specificatie.

Is er al duidelijkheid over de plaats van de ondergrondse RA en GFT containers?

Ja, de plaats van de ondergrondse voorziening is bekend. Het gaat hier over een vervangingsinvestering van ondergrondse voorzieningen bij hoogbouw. De huidige voorzieningen vervangen we hier. Indien we deze verplaatsen, stemmen we dit af met de Vereniging van Eigenaren (VVE).

CDA

13

4

Cyclus: 4-2022

Beeldvormende ronde: 23-06-2022

Opiniërende ronde:

Technische vragen raadsvergadering: 07-07-2022

Agendapunt 10: Kadernota 2023 Partij GB

Blz. verwijzing Blz. 14

Vraag Tekst: Om dit te bewerkstellingen wordt aan alle drie de aandeelhouders een bijdrage gevraagd. In totaal is 21 miljoen euro benodigd voor zowel de energiehubs als het daaraan gekoppelde klimaatfonds. Gewerkt (gerekend) wordt nu met een gemeentelijke bijdrage van € 27,- per inwoner, wat voor onze gemeente neerkomt op € 634.500,-. Dit deelnamebedrag vertegenwoordigt ons aandeel binnen het Publiek Ontwikkelbedrijf. Echter, dit bedrag komt niet op de exploitatiebegroting terecht. Enkel de rentelast à 1,5% kan hiervoor worden gerekend. Vraag: Wat gebeurt er nu met die € 634.500,-?

Antwoord De gemeentelijke bijdrage is de deelname aan het Publiek Ontwikkelbedrijf in de vorm van aandelen. Alle aandeelhouders kopen een aandeel. De individuele gemeenten doen dat op basis van het aantal inwoners. Het totaalbedrag van aandelen komt neer op € 21 miljoen. € 17 miljoen daarvan wordt gebruikt voor het ontwikkelen van energiehubs in de regio (wind, zon en/of een combinatie), en € 4 miljoen voor ontwikkelingen over klimaatadaptatie in de regio. Als gemeente profiteren we hiervan omdat wij zelfstandig géén ruimte hebben voor een energiehub, maar wél profijt hebben van dividend uit deze hubs. Daarnaast kunnen we projecten aandragen voor klimaatadaptatie (waar dit normaliter enkel geld kost). Het is naar alle waarschijnlijkheid niet nodig om de totale € 634.500,- in één keer over te boeken. Dit gebeurt gefaseerd.

VL

In de 1e Berap wordt aangegeven dat het effect van de meicirculaire nog niet weergegeven kan worden. Gaarne ontvangen we een overzicht op hoofdlijnen van dit effect op de kadernota.

Parallel aan de beantwoording van de technische vragen, stelden we de raadsinformatiebrief over de effecten van de meicirculaire op. Hierin staan de effecten voor de kadernota.

CDA

Graag zou het CDA zien dat voor 7 juli de PM-posten en het coalitieakkoord toegevoegd en ingevuld gaan worden. Is dat mogelijk?

In het voorbereidingsproces op de begroting concretiseren we deze PM-posten gedurende de zomer. Nu ontbreekt een deel van de informatie nog, die nodig is om de volledige doorrekeningen te kunnen maken. De kadernota is aangeboden vanuit het demissionair college en is een eigenstandig document met een vooruitblik naar primair het eerstvolgende jaar. Het coalitieakkoord is ook een eigenstandig document met daarin bovendien de ambitie voor de nieuwe collegeperiode. Het college moet hierin nog een prioritering aanbrengen voor de speerpunten van het eerstvolgende jaar. Om dit allemaal voor 7 juli te doen is niet mogelijk en doorkruist bovendien het proces om tot een gedegen voorbereiding van de begroting te komen.

5

Cyclus: 4-2022

Beeldvormende ronde: 23-06-2022

Opiniërende ronde:

Technische vragen raadsvergadering: 07-07-2022

Agendapunt 13: Vaststellen van de Bodemkwaliteitskaart Loon op Zand, de bodemkwaliteitskaart PFAS van Noord-Brabant en de regionale Nota bodembeheer Partij CDA

Blz. verwijzing

Vraag Als 4e bijlage is de zienswijze van ATM b.v. toegevoegd. Kan het college toch reageren op deze vragen en opmerkingen?

Antwoord Zienswijzen hoeven niet behandeld te worden als ze te laat zijn ingekomen. Omdat in andere gemeenten de zienswijze wel tijdig is ingediend, stelde de Omgevingsdienst een reactie op. De zienswijzen zijn aanleiding om de nota aan te passen. De zienswijzen die gegrond zijn, zijn aanleiding om de Nota bodembeheer aan te passen. Deze zijn ook verwerkt in de Nota bodembeheer van Loon op Zand. De tekst van de reactie van de OMWB van staat hieronder. Het eerste deel van de tekst (cursief weergegeven) staat ook in de nota zienswijze/ambtshalve aanpassing, maar om het geheel leesbaar te houden is het hele stuk hier ingevoegd. De kern van de zienswijze is: 1. De beleidsregels zijn niet overeenkomstig met de wet. De eisen dat toepassing alleen is toegestaan in een grootschalige bodemtoepassing (GBT) en in sommige gemeenten zelfs helemaal niet is toegestaan, gaan verder dan de regelgeving. 2. Het is niet mogelijk dat de gemeente vooraf toestemming verleent bij melding van toepassing TGG. De gemeente kan uitsluitend aanvullende informatie vorderen en achteraf handhavend optreden. 3. De beleidsregels zijn onvoldoende onderbouwd, met name waar het gaat om een algemeen verbod. 4. Het is onduidelijk op basis van welke bevoegdheid en welke zorgplicht de beleidsregels gelden.

Reactie: Naar aanleiding van de zienswijze vroeg de OMWB advies aan de kennispartners bij Rijkswaterstaat Leefomgeving/Bodem+). Zij geven het volgende aan: 1. Zij zijn het eens dat de huidige regelgeving (Besluit bodemkwaliteit, Bbk) onvoldoende basis geeft om de toepassing van TGG voor te behouden aan GBT’s of zelfs te verbieden. Het Bbk biedt hiervoor namelijk geen grondslag. Bovendien ontbreekt de motivatie of is deze onvoldoende. 2. Het is niet mogelijk om met beleidsregels toepassingen te verbieden of hier voorwaarden aan te stellen. Beleidsregels zijn niet dwingend voor de initiatiefnemer, maar richten zich tot een bestuursorgaan. Gemeenten kunnen in beleidsregels hoogstens aangeven onder welke omstandigheden het bevoegd gezag een toepassing wel/niet in strijd vindt met de zorgplicht. 3. Terecht dat de regio kritisch is op de toepassing van TGG. Ook terecht dat wordt verwezen naar het rapport van het RIVM als onderbouwing van de zorgplicht. Hieronder geven we per onderdeel/opmerking een reactie op de zienswijze. Hierbij houden we de volgorde uit de brief van de reclamant aan. 2.1: Tekst H11 aangepast. De eis dat toepassing van TGG alleen is toegestaan in een grootschalige bodemtoepassing (GBT) en in sommige gemeenten helemaal niet is toegestaan, is beperkt tot gemeente-eigen werken. Dit is een privaatrechtelijke aangelegenheid.

Daarom legt de gemeente dit bij deze gemeente-eigen werken aanvullend contractueel vast (2021-061617).

6

Cyclus: 4-2022

Beeldvormende ronde: 23-06-2022

Opiniërende ronde:

Technische vragen raadsvergadering: 07-07-2022

2.2: Tekst H11 aangepast. De gemeente heeft daarbij altijd de mogelijkheid om handhavend op te treden als aantoonbaar niet aan de zorgplicht wordt voldaan. Daarbij zijn maatregelen bij toepassing van TGG opgesomd -waaronder een plan van aanpak- waarbij, als ze in acht worden genomen, de gemeente of de daartoe aangewezen instantie, veronderstelt dat in beginsel in overeenstemming met de zorgplicht bodem (art. 13 Wbb) en de zorgplicht oppervlaktewater (art. 7 Bbk) wordt gehandeld. 2.3: a) Tekst H11 aangepast. Zie onze reactie onder 2.1. b) Tekst H11 aangepast. Zie onze reactie onder 2.2. c) Tekst H11 aangepast. Zie onze reactie onder 2.1. 3.2 en 3.3: Tekst H11 aangepast. Zie onze reactie onder 2.1. 3.4: Tekst H11 is verduidelijkt op het punt van motivatie/onderbouwing. De maatregelen zijn nodig nu in de Kamerbrief en het rapport van het RIVM staat dat het bestaande normeringskader voor TGG niet voldoet en dat aanpassingen in het toepassingskader en kwaliteitsverbetering van het product noodzakelijk zijn (Kamerbrief 411-2021 [IenW/BSK-2021/287238] en Rapport RIVM (2021): Toepassing van thermisch gereinigde grond. Een evaluatie en opties voor een toepassingskader). Hiermee valt de toepassing van TGG onder de zorgplicht. Hoofdstuk 11 geeft hier invulling aan.

3.5: Wij zien geen reden om onderscheid te maken tussen TGG, die in het verleden is geproduceerd, en TGG die op dit moment wordt geproduceerd. Dit baseren wij op informatie van de OMWB over de van ATM ontvangen partijkeuringen van deze nieuwe TGG (geproduceerd zand ook wel FORZ®Sand-T genaamd). Bij deze partijkeuringen is de onderzoeksopzet en het uitgebreidere stoffenpakket gehanteerd uit de ‘Algemene onderzoek richtlijn thermisch gereinigde grond in het kader van de zorgplicht’ die is opgesteld door de DCMR milieudienst Rijnmond. Het verplicht bepalen van de maximale emissie -zoals vermeld in de Kamerbrief van 4-11-2021- maakt onderdeel uit van deze richtlijn. Uit de keuringen blijkt dat het aangepaste productieproces over het algemeen een betere milieu hygiënische kwaliteit TGG laat zien. Maar tevens blijkt dat de maximale emissiewaarden voor in ieder geval antimoon en molybdeen in de meeste partijen niet voldoen aan de DCMR-richtlijn. Hiermee valt ook toepassing van deze nieuwe productie onder de zorgplicht. 4.2: Tekst H11 is aangepast, zie onze reactie onder 2.2. Beleidsregels richten zich inderdaad tot een bestuursorgaan. Verduidelijkt is onder welke omstandigheden het bevoegd gezag een toepassing wel/niet in strijd vindt met de zorgplicht. 4.3: Zie onze reactie onder 4.2. 4.4: Tekst H11 is verduidelijkt.

Naast de RIVM-richtlijn wordt verwezen naar de Kamerbrief van 4-11-2021 (IenW/BSK-2021/287238) waarin het verplicht bepalen van de maximale emissie staat en naar de ‘Algemene onderzoek richtlijn thermisch gereinigde grond in het kader van de zorgplicht’ van DCMR milieudienst Rijnmond. 4.5: Tekst H11 is verduidelijkt. Verwezen wordt naar de zorgplicht bodem (art. 13 Wbb) en de zorgplicht oppervlaktewater (art. 7 Bbk). Wat betreft de richtlijnen van het RIVM zie onze reactie onder 4.4. 5.1: Tekst H11 aangepast. Zie onze reactie onder 2.1. 7

Cyclus: 4-2022

Beeldvormende ronde: 23-06-2022

Opiniërende ronde:

Technische vragen raadsvergadering: 07-07-2022

Agendapunt 14: Parkeerproblematiek de Roestelberg Partij GB

Blz. verwijzing

Vraag Blijven de parkeerterreinen openbaar terrein? Zo ja, in hoeverre is het terrein meegenomen in het onderhoudsplan van de gemeente?

Antwoord In recente gesprekken gaf De Roestelberg aan dat zij geen reden zien om het parkeerterrein -dat op hun gronden ligt- af te sluiten. Deze blijven dus vooralsnog openbaar toegankelijk. Omdat de parkeerterreinen aan de zij- en achterzijde van De Roestelberg wel eigendom van De Roestelberg zijn, hebben we weinig invloed op de toekomst. Dit is anders voor de 37 parkeerplaatsen, die we op dit terrein aanleggen. Deze parkeerplaatsen leggen we namelijk aan met het doel om de bezoekers van Nationaal Park de Loonse en Drunense Duinen een parkeermogelijkheid te bieden. Op dit moment werken we daarom aan een overeenkomst waarin staat dat deze parkeerplaatsen altijd openbaar toegankelijk moeten blijven. Daarnaast regelen we in deze overeenkomst de zaken voor het onderhoud. De overige parkeerplaatsen, die aan de Roestelbergseweg (voorzijde) behouden blijven, liggen op gemeentegrond en zijn en blijven dus openbaar toegankelijk. Deze parkeerplaatsen nemen we nu al in ons onderhoud mee.

GB

Wat zijn de structurele kapitaalslasten?

De structurele kapitaalslasten zijn gemiddeld € 8.000,- per jaar.

CDA

Wanneer is het beschikbare gestelde krediet afgesloten en waar vinden wij dit terug in de Jaarrekening of Berap.

Dit krediet is nog niet afgesloten. Dit gebeurt pas wanneer uw raad hierover besluit.

CDA

In het parkeerbeleid 2016 wordt gesproken over 350 parkeerplaatsen plus een overloopcapaciteit van 200 plaatsen. In het totaal 550 parkeerplaatsen. In het voorliggend stuk spreken wij over een totaal van 238 + 207 = 445 parkeerplaatsen. Dit zijn er ruim 100 minder dan de normen uit het parkeerbeleid. Graag uitleg over het verschil.

In het parkeerbeleid staan inderdaad deze aantallen. Echter zijn deze niet opgenomen als parkeernorm. Ze staan in hoofdstuk 6 Parkeergedrag en handhaving. In 2016 waren we als gemeente al in gesprek met zowel De Roestelberg als met Het Genieten. Het aantal in het parkeerbeleid namen we op omdat op dat moment een inrichtingstekening voorlag waarin deze aantallen stonden. Daarbij merken we op dat dit aantal gesplitst is in vaste parkeerplaatsen (350) en parkeerplaatsen voor de overloop (200, die we kunnen inzetten om de parkeerdruk op incidenteel extreem drukke dagen op te vangen). Omdat deze overloopparkeerplaatsen zeer waarschijnlijk nauwelijks gebruikt worden, verharden we deze niet. In het raadsvoorstel spreken we enkel over de structurele, te verharden parkeerplaatsen. Dit aantal komt in het totaal uit op 445. Dit is bijna 100 meer dan de destijds opgenomen 350 parkeerplaatsen. Naast deze vaste parkeerplaatsen is zowel bij Het Genieten als bij De Roestelberg nog ruimte voor een overloop. In totaal is er op dat terrein dan nog ruimte voor circa 196 parkeerplaatsen. Hierdoor komt, wanneer we dezelfde wijze van berekenen toepassen als in het parkeerbeleid, het totaal uit op 641.

8

Cyclus: 4-2022

Beeldvormende ronde: 23-06-2022

Opiniërende ronde:

Technische vragen raadsvergadering: 07-07-2022

Agendapunt 14: Parkeerproblematiek de Roestelberg Partij CDA

Blz. verwijzing

Vraag Wat zijn de afspraken met ‘De Roestelberg’ over het gebruik van de grond waarop de gemeente de parkeerplaatsen aanlegt? Wordt daar een recht van opstal gevestigd? Zo ja hoeveel is de canon? Zo nee, is er dan geen sprake van staatssteun?

Antwoord Zoals we op de 1e vraag van GB al antwoorden, werken we op dit moment aan een overeenkomst met De Roestelberg. Hierin maken we afspraken over zowel de openbare toegankelijkheid van de parkeerplaatsen, die wij op hun grond aanleggen, als over eventuele huur en onderhoud ervan. Hierbij houden wij rekening met het aspect van staatsteun. Mochten we er onverhoopt juridisch niet uit komen, dan kunnen we de 37 parkeerplaatsen op het terrein achter De Roestelberg niet aanleggen.

CDA

Waarom zijn er toentertijd geen parkeerplaatsen bij ‘Het Genieten’ gecompenseerd voor het bezoek van de Loonse en Drunense duinen?

In het verleden maakten we afspraken met beide ondernemers over het gezamenlijk probleem rond het parkeren in dit gebied. We spraken toen af dat de eigenaren op hun grondgebied parkeerplaatsen zouden aanleggen. De gemeente zou zorgen voor de parkeerplaatsen op gemeentegrond. De eigenaar van De Roestelberg heeft de parkeerplaatsen in het verleden niet aangelegd. De belangrijkste reden hiervoor was dat hij dacht dat zijn klanten geen of nauwelijks gebruik zouden maken van het parkeerterrein achter De Roestelberg. Door de parkeerdruk van De Roestelberg inzichtelijk te maken, werd duidelijk dat zijn klanten ook wel aan de achterzijde moeten parkeren. Echter daarmee werd ook inzichtelijk dat er meer parkeerplaatsen gepland waren dan hij voor zijn bedrijfsvoering nodig had. Om het dossier vlot te trekken kozen we ervoor dat De Roestelberg enkel de parkeerplaatsen hoeft aan te leggen, die op basis van de parkeernormen aan hem toe te wijzen zijn. Om wel te zorgen voor voldoende parkeergelegenheid in het gebied en onze wens om de voorzijde -waar nu ook geparkeerd wordt- autovrij te maken, stelden we voor de overige parkeerplaatsen op zijn terrein aan te leggen.

CDA

Onbekend is hoe het voorterrein ingericht gaat worden, maar toch is daar € 50.000,- voor begroot. Hoe is dit bedrag bepaald?

Het bedrag is een inschatting, gemaakt op basis van de in 2016 geschatte kosten voor de inrichting van het gebied als Natuurpoort. Voor deze invulling raamden we destijds € 80.000,-. Echter het gebied dat ingericht zou worden als Natuurpoort was toen groter en bevatte ook gronden van De Roestelberg. Daarbij was daar het idee om met een architectonisch ontworpen bank het gebied in te vullen. Dit zorgde toen voor de inschatting van € 80.000,-. Ondanks dat de precieze invulling voor het gebied nog niet bekend is, is wel duidelijk dat we het in 2016 geopperde ambitieniveau niet meer willen nastreven. Het idee is dat er nu een veel meer ingetogen entree komt. Hierbij moet u denken aan een ruimte voor enkele fietsparkeerplaatsen en informele zitmogelijkheden. De ondergrond passen we aan. De verharding vervangen we door een meer bosachtige ondergrond, die bij dit gebied past. Door deze meer sobere invulling van het gebied schatten we in dat het budget daarmee kleiner is dan we in 2016 raamden.

9

Cyclus: 4-2022

Beeldvormende ronde: 23-06-2022

Opiniërende ronde:

Technische vragen raadsvergadering: 07-07-2022

Jaarrekening 2021 - pagina 6 Vraag: In het stuk staan de I (incidenteel) en de S(structureel) weergegeven, echter niet in de tabel op pag. 6. Is het mogelijk om dat alsnog te doen? Antwoord: Omschrijving (x €1.000) Saldo primitieve begroting 2021 Begrotingswijzigingen 2021 voorafgaand aan berap 2021-1 Berap 2021-1 Berap 2021-2 Saldo gewijzigde begroting (na berap 2021-2) Effecten in jaarrekening: I Algemene uitkering gemeentefonds I Doorbetaling WSW (ontvangen via algemene uitkering) I Wethouderspensioenen I Doorbelasting overhead aan projecten S CAO gemeenten I Stelpost indexeringen I Verliesvoorzieningen I Toeristenbelasting I Sportaccommodaties S ZIN immaterieel Wmo S Hulp bij huishouden I PGB Wmo I PGB Jeugd (lokaal) I Jeugdzorg regional I Schuldhulpverlening I Dwangsommen I Legesopbrengsten omgevingsvergunningen I/S Overige afwijkingen Saldo jaarrekening 2021

Mutatie

Saldo 108 V

-57 60 1.054

N V V

1.316 -149 92 257 -204 291 424 65 130 -148 -142 182 209 -193 142 152 89 310

V N V V N V V V V N N V V N V V V V

1.057 1.165

V V

2.823 3.988

V V

10

Cyclus: 4-2022

Beeldvormende ronde: 23-06-2022

Opiniërende ronde:

Technische vragen raadsvergadering: 07-07-2022

Bestuursrapportage Vraag: Wij zien dat de kosten voor het opvangen van Oekraïense vluchtelingen groot zijn. Is er een nadere specificatie van de drie genoemde bedragen? Antwoord: Projectbegroting opvang vluchtelingen Oekraïne (mei 2022) Opstartfase / inrichting locatie Fysieke aanpassingen locatie Inventaris en uitbreiding bedden Eventuele uitbreiding extra bedden Ambtelijke inzet Onvoorzien

€ 100.000 € 30.000 pm € 80.000 € 5.000 Raming kosten opstartfase

€ 215.000

Operationele fase (indicatie tot 31-12-2022) Locatie (o.a. energiekosten) (Extern) personeel/diensten en vrijwilligers (o.a. beheer en beveiliging) Ambtelijke inzet april Inschatting ambtelijke inzet tot einde van het jaar Onvoorzien

€ 50.000 € 220.000 € 50.000 € 300.000 € 40.000

Raming kosten operationele fase

€ 660.000

Kosten en vergoedingen vluchtelingen Leefgeld vluchtelingen Beroep op voorzieningen gemeente Loon op Zand

€ 150.000 pm

Raming kosten en vergoedingen vluchtelingen

€ 150.000

Totaal kosteninschatting t/m 31 december 2021 (excl. zorgkosten en evt. uitbreiding)

€ 1.025.000

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=LoonOpZand&id=edff2d82-5832-4ba5-91fd-dda35281e4e9