15-12-2022 Bijlage 3. Bijlagen bij de toelichting vast te stellen bestemmingsplan ‘Van Lier Park’ te Loon op Zand-gecomprimeerd.pdf
Tekst van het document
Landschappelijke inpassing
Van Lierpark Loon op Zand augustus 2021
Inleiding Opgave
Om de dorpen in de gemeente Loon op Zand vitaal en leefbaar te houden, is een evenwichtige bevolkingsopbouw van groot belang. Nieuwe woningbouwontwikkelingen zijn een belangrijk middel om dit te bereiken. De gemeente streeft naar een gevarieerde woningvoorraad waar ruimte is voor diverse leeftijds-, huishoudens- en inkomensgroepen. Het accent ligt hierbij op vernieuwing van binnenuit, op ‘inbreiding’ (in bestaand bebouwd gebied) in plaats van op uitbreiding. Om de huidige grote woonbehoefte binnen de kern Loon op Zand op te vangen en de bestaande minder passende bedrijfsactiviteiten aan de zuidzijde van de kern te beëindigen, wordt de voormalige (leder)fabriekslocatie van Van Lier - aan de zuidwestzijde van de kern getransformeerd tot een nieuw en aantrekkelijk woongebied. Tevens wordt de agrarische bedrijfslocatie (paardenhouderij Van den Bijgaart) aan de Klokkenlaan 30-32 toegevoegd aan het woongebied en gesaneerd. Dit laatste is noodzakelijk omdat daarmee de bijbehorende geurcontour, die anders een belemmering zou zijn voor de nieuwe woningen, komt te vervallen.
Huidig bestemmingsplan Oorspronkelijk plangebied Van Lierpark Gronden Van den Bijgaart (percelen 2073, 4722, 4723 en 4200) Bedrijfsbestemming Agrarische bestemming - paardenhouderij
2
Inleiding
Om te komen tot een passende stedenbouwkundige invulling is het noodzakelijk om deels ook gronden mee te nemen die binnen de provinciale ‘groenblauwe mantel’, buiten het ‘bestaand stedelijk gebied’, gelegen zijn. Op navolgende afbeelding is te zien welk deel van het plangebied dit betreft. Het transformeren van (voormalige) bedrijfslocaties binnen de bebouwde kom naar nieuwe woonlocaties is een trend die al langer bezig is. Zeker ook ten zuiden van het historische lint Bergstraat - Oranjeplein - Kloosterstraat. Anno 2021 resteren in Loon op Zand, buiten het plangebied, eigenlijk alleen nog de lederfabriek Gebr. Van Esch aan de Bergstraat en een transportbedrijf aan de Klokkenlaan 9. Het ligt in de lijn der verwachting dat binnen het komende decennium ook deze laatste Lederfabriek, direct ten westen van het plangebied, zijn activiteiten zal beëindigen en woningbouw nog verder in westelijke richting uitgebreid kan plaatsvinden. De huidige contour van het bestaand stedelijk gebied uit de Interim Omgevingsverordening van de provincie is niet gerelateerd aan bestaande kadastrale eigendomsgrenzen en lijkt daarmee redelijk willekeurig begrensd. Door nu in deze zuidwestelijke kernrandzone te kiezen voor een duidelijk nieuwe grens voor het stedelijk gebied aan de zuidwestzijde van de kern wordt de kern aan deze zijde op duurzame wijze afgerond.
De locatie waarop het meest zuidwestelijke deel van het nieuwe woongebied wordt gerealiseerd, maakt onderdeel uit van de zuidwestelijke kernrandzone van Loon op Zand. Dit deel van het plangebied was grotendeels in gebruik als paardenwei c.q. paardenbak bij de voormalige paardenhouderij en betreft een overgangszone tussen het stedelijk gebied en het landelijk gebied; deze uitbreiding van de kern Loon op Zand ligt ingeklemd tussen: • •
de bedrijfsbebouwing van de bestaande lederfabriek Gebr. Van Esch aan de Bergstraat die ook deels buiten het ‘bestaand stedelijk gebied’ is gelegen en dus verder de ‘groenblauwe mantel’ in steekt; de twee bestaande voormalige bedrijfswoningen aan de Klokkenlaan 30 en 32, met direct ten westen daarvan de beoogde nieuwe kleinschalige paardenstal.
Met de beoogde landschappelijke inpassing rondom de twee voormalige bedrijfswoningen en de nieuwe, kleinschalige paardenstal, worden de achterkanten van de nieuwe woonpercelen aan de westzijde het plangebied afgeschermd. Een stevig groen kader vormt de buffer tussen de woningbouwlocatie en het meer landelijke gebied ten zuiden.
Provinciale groenblauwe mantel en het plangebied
Om de landschappelijke inpassing te borgen, wordt het volgende voorgesteld: Aan artikel 6 ‘Algemene gebruiksregels’ wordt in lid 6.1 ‘Strijdig gebruik’ de volgende bepaling toegevoegd: f. tot een met het plan strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruiken van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken overeenkomstig de aan de gronden toegekende bestemming zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in bijlage 1 opgenomen Landschappelijk Inpassingsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing; Tevens wordt een afwijkingsbevoegdheid opgenomen in de ‘Algemene gebruiksregels’ danwel de ‘Algemene afwijkingsregels’: Afwijken van de gebruiksregels landschapsmaatregelen Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van de in lid 6.1 opgenomen verplichting tot de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in bijlage 1 opgenomen Landschappelijk Inpassingsplan indien een gelijkwaardige maatregel wordt getroffen om te komen tot een goede landschappelijke inpassing. In onderhavige document is de visie op de landschappelijke inpassing die benodigd is in het kader van de Interim Omgevingsverordening nader uitgewerkt.
3
Inleiding Historische context
Loon op Zand is duidelijk herkenbaar als lintdorp. De kavels ten zuiden van de Bergstraat lopen door tot aan het Vrijerslaantje en de watergang ten westen van het kasteel. (1930) In geel de locatie van het plangebied tussen Bergstraat en watergang.
4
k k
Inleiding k !
kk !
kk
kk
!
!
kk !
Maaskant
Land vank Heusden en Altena k !
kk !
kk !
kk !
kk !
kk
kk
!
!
k Gebiedspaspoort provincie Noord-Brabant
Langstraat
77
7 77 77
kk
kk !
7 7 7 7 77 7
77
kk !
kk
kk
!
7
kk
kk
!
!
!
kk
Zeekleigebied
!
Langstraat
!
!
!
kk !
!
kk !
kk
Baronie
T ¾
T ¾
kk
T ¾
!
T ¾
¾ West-Brabantse Venen T ¾
7
kk !
kk !
7
!
kk !
Grens gebiedspaspoort
Oppervlaktewater
HSL
Breuklijn
Boomteelt
Oude zandontginning
Snelweg
Peelraam linie
Bebouwd gebied Heide
Jong bos
Jonge zandontginning Komgrond
Maasterrasrug
Maasterrasvlakte Oeverwal
Oud bos
Peelkernontginning
Dijken
West-Brabantse veenontginning Zeekleipolder
Kreken
Rivieren
Wetering
Schootsveld
Wetering
Beken
Uiterwaarden
Overlaat of voormalige inundatievlakte
Turfvaart
Weg
Rivierdal
Zandverstuiving
Steilrand
Spoorlijn
Peelrandontginning Veenrestant
Maasheggen
Kanaal
kk !
T ¾
o
Langstraatontginning
Meierij
Het gebied valt binnen het Gebiedspaspoort Meierij. Relevante ambities uit Gebiedspaspoorten - hfst. 10.2 Ambitie Meierij (paginaKempen 60) voor het plangebied zijn:
Brabantse Wal
Legenda
!
Peelrand
T ¾
kk
kk
Loon op Zand ligt op de flank van oude bosgebieden (voormalige Peelkern woeste gronden) aan de noordkant en het kleinschalige landschap van oude ontginningen aan de zuidkant.
!
7
7 7 7 7
!
kkMeierij
!
T ¾
!
kk
!
kk
T ¾
!
kk
Maasvallei
k
kk
kk
kk
!
kk
kk
!
o
ie
k
7
Fort
Turfhaven
±
Vliegveld
Windturbine
Bron: Provincie Noord-Brabant. Tek. nr. 26.038, juli 2010. Opmaak: Bureau ISP, Provincie Noord-Brabant
0
schaal 1:360.000 5
10 km
1. Het karakter van de Meierij als groen hart van Brabant versterken. Dit kan door: a. mogelijkheden te bieden voor menging van functies in buitengebied en verbreding van de landbouw. De ontwikkeling van dorpen, steden en de intensieve landbouw (o.a. boomteelt en intensieve veehouderij) vindt plaats in samenhang met het versterken van landschapselementen die bijdragen aan de biodiversiteit en het groene, kleinschalige karakter van de Meierij: zoals poelen, houtwallen, open graslanden, bomenlanen en onverharde wegen; 3. In te zetten op behoud van de fijnmazigheid van de oude ontginningen door meer aandacht voor groen ondernemerschap bij agrariërs gericht op recreatie, zorg, educatie en natuurontwikkeling en door mogelijkheden te bieden voor de ontwikkeling van nieuwe landgoederen en andere vormen van wonen, groene dorpsranden.
o
7. Het versterken van de ecologische waarden van het landschap door te sturen op te behouden of te ontwikkelen kenmerken van het landschap, waarbij kenmerkende plant- en diersoorten van poelen en kleine wateren, waterlopen, kleinschalig besloten landschap, open weide- en akkergebieden en het halfopen landschap met bomenrijen goede indicatoren zijn.
5
voormalige w
bo
be oud
gs uwin
oeste
lint
kasteel
kle
6
ins
cha
lig
oud
ontg
inning
slandsch
ap
gron
den
Visie
Relatie bebouwing en landschap De noordrand van Loon op Zand grenst overwegend aan bosgebieden. De bebouwingsrand aan de zuidkant is fijnmaziger; landbouwgrond en bosgebied wisselen elkaar af. Ten noorden en westen van het kasteel ontstaat door doorlopende groenstroken en bosschages een koppeling tussen bebouwing en buitengebied. In het plangebied ontbreekt deze relatie tussen opgaande beplanting en (lint)bebouwing. Door de voorgestelde ontwikkeling ontstaat een kans om een verbinding tussen (lint)bebouwing en buitengebied te maken. Daarnaast zorgt beplanting aan de west- en zuidzijde voor minder zicht op de bebouwing vanuit het buitengebied.
7
Visie
Landschappelijke inpassing Basis voor de visie is een doorgaande, groene ruimte tussen de lintbebouwing (Bergstraat) en het landschap (Vrijerslaantje) als ruimtelijke en functionele verbinding. Vanuit de centrale ruimte binnen het plangebied worden meerdere groene verbindingen met de omgeving gemaakt. Daarnaast wordt opgaande beplanting toegevoegd om de nieuwe bebouwing landschappelijk in te passen. Een stevig groen kader vormt de buffer tussen de woningbouwlocatie en het meer landelijke gebied ten zuiden. Naar het noordwesten kan de landschappelijke inpassing minder stevig zijn, omdat daar deels op de aangrenzende lintbebouwing wordt aangesloten. Door beplanting langs de Klokkenlaan toe te voegen ontstaat een directe koppeling tussen (lint)bebouwing en het landschap. Bijkomend positief effect is dat de bestaande bedrijfsbebouwing aan de Bergstraat vanaf de Klokkenlaan minder zichtbaar is.
8
Visie raat
t Bergs
Ruimtelijke en functionele verbinding tussen lint en landschap
ntje'
rslaa 'Vrije
an
a nl
Toevoegen beplanting zorgt voor minder zicht op de (nieuwe) bebouwing
Kl
ke k o
Verkavelings- en inrichtingsschets
profiel C profiel B
paardenstal Gewone es
Zomereik
profiel A
Inrichtingsplan Landschappelijke inpassing randzone De zuidwestelijke rand van het plangebied grenst overwegend aan open landschap, daarom is hier een goede inpassing van de randen belangrijk.
Toelichting
Aan de zuidkant worden enkele solitaire bomen toegevoegd. Deze bomen zorgen voor een groen beeld vanaf de weg en een landschappelijke inpassing van de nieuwe bebouwing. Langs de Klokkenlaan wordt de aanwezige beplanting aangevuld met een bomenrij van zomereik. Ten zuiden van de nieuw te bouwen paardenstal worden een aantal solitaire bomen toegevoegd (Gewone es). Profiel A
De langzaamverkeersroute verbindt het plangebied met de Klokkenlaan/ Vrijerslaantje. Langs de route wordt een groenstrook met bomenrij vanuit de wijk doorgetrokken (soorten n.t.b.). Om het perceel Klokkenlaan 30/32 heen (met gewijzigde begrenzing) wordt een beplantingsstrook van 3 m breed met een struweelhaag geplant. Voor de beschrijving van de struweelhaag, zie pagina 13.
11
Profiel B
Aan de noordzijde van het perceel Klokkenlaan 30/32 wordt de struweelhaag doorgetrokken. De struweelhaag ligt hier tussen de openbare weg en de nieuw te bouwen paardenstal. Voor de landschappelijke inpassing van de stal en een groen beeld vanuit de nieuw te bouwen woningen worden hier ook boomvormers in de struweelhaag geplant. Langs de openbare weg is de beplantingsstrook 3 m breed. In de zuidwestelijke hoek is de beplantingsstrook 10,5 m breed. Boomvormers: Soorten: Zomereik, Gewone Es, Zoete kers. Aan te planten maat: 10-12 cm Voor de beschrijving van de struweelhaag, zie pagina 13.
Profiel C
Aan de westzijde grenst het plangebied aan een bestaand bedrijf en een agrarisch perceel. Omdat het zicht vanaf het openbaar gebied hier minimaal is wordt volstaan met een struweelhaag van 5 m breed langs de achtergrens van de particuliere percelen. Voor de struweelhaag wordt een instandhoudingsverplichting opgenomen. Voor de beschrijving van de struweelhaag, zie pagina 13.
12
Struweelhaag
De struweelhaag heeft een beoogde uiteindelijke groeihoogte van 3 m bestaand uit struikvormers. De toe te passen beplanting bestaat uit gebiedseigen soorten, waaronder ook groenblijvende soorten. Voorbeeldsoorten: Hazelaar, Hulst, Lijsterbes, Meidoorn, Sleedoorn, Vlier, Gelderse Roos. Aan te planten maat: • 80 % beplanting: 50 - 80 cm • 20 % beplanting: 150 - 175 cm Onderlinge plantafstand: 1 m in driehoeksverband Het beheer zal er op zijn gericht om een uiteindelijke groeihoogte van minimaal 3 meter in stand te houden.
Meidoorn
Hazelaar
Hulst
Lijsterbes
Sleedoorn
Vlier
Gelderse Roos
13
Van LierPark Loon op Zand - beeldkwaliteitplan
Inhoud 3 Locatie & achtergrond 6 Ruimtelijk concept 7 Stedenbouwkundig plan 8 Woningtypen 9 Beeldkwaliteitplan 10 Deelgebieden
11 13 15 17
Stoer - dorps Vitaal - landelijk Bebouwingslint Bergstraat - Kerkstraat Bebouwingslint Klokkenlaan
19 Kapvormen en daken
Colofon Kenmerk: W-17053 Datum: 01/02/2022 Status: definitief BKP
22 Openbaar - prive 24 Erfafscheidingen
buro Waalbrug Schoenaker 10, Beuningen Telefoonnummer: 024-6752356 Emailadres: info@burowaalbrug.nl
26 Openbare ruimte
RUIMTELIJKE ORDENING
STEDENBOUW
LANDSCHAPSARCHITECTUUR
Locatie & achtergrond Van LierPark - Loon op Zand De familie Van Lier vestigde haar werkplaats in 1815 in De Langstraat in het Brabantse Loon op Zand. Op deze plek - in het centrum van de toenmalige Nederlandse schoenindustrie - begon de familie Van Lier met het maken van schoenen. De werkplaats groeide in de loop der jaren uit tot een flinke schoenfabriek, die uiteindelijk in 2000 leeg kwam te staan omdat de productie naar het buitenland verhuisde. In 2015 - 200 jaar nadat de schoenfabriek werd opgericht - zijn de fabrieksgebouwen gesloopt. De voormalige directiewoning en het zogenaamde stamhuis zijn behouden gebleven. Deze twee panden vormen samen de zogenaamde ‘Poort van Lier’. Het terrein ligt al enige jaren braak, in afwachting op de voorgenomen transformatie naar woningbouw.
Kerkstraat
B e r gs t r a a
t
k K lo
Beoogde planlocatie woningbouw 3
ke
a a l n
n
Het plangebied is gelegen aan de zuidwestzijde van Loon op Zand, direct achter de lintbebouwing langs de Bergstraat, de Kerkstraat en de Klokkenlaan en heeft een oppervlakte van ca. 26.000 m². Het betreft een samenvoeging van de gronden van de voormalige fabriekslocaties van Van Lier en Van Esch en een deel van de gronden van de paardenhouderij Van den Bijgaart.
‘STAMHUIS VAN LIER’
tra ks Ke r 4
at tra Be
r gs
DIRECTIEWONING
at
K lo
kke
nla
an
VOORMALIG FABRIEKSTERREIN VAN LIER, VAN ESCH + LOCATIE ‘VAN DEN BIJGAART’
‘STAMHUIS VAN LIER’ 1935
VOORMALIG STAMHUIS, DIRECTIEWONING EN POORT VAN LIER VORMEN TOEKOMSTIGE ENTREE WOONGEBIED 5
DIRECTIEWONING 1935
Ruimtelijk concept Op de scheidslijn van dorp en landschap Om de (toekomstige) woonbehoefte binnen de kern Loon op Zand op te vangen, worden de voormalige fabriekslocaties en de locatie van de voormalige paardenhouderij, ontwikkeld tot nieuw woongebied: het ‘Van LierPark’. De toekomstige invulling van het woongebied is in de eerste plaats geïnspireerd op het voormalige fabrieksterrein en wordt op zorgvuldige wijze ingepast binnen de bestaande stedenbouwkundige structuur. Nagenoeg alle woningen zijn (direct of indirect) georiënteerd op de centrale ruimte in het plan. Vanuit deze ruimte wordt optimaal gebruik gemaakt van de mogelijke verbindingen naar het dorpse lint langs de Bergstraat, de Kerkstraat en het landelijke lint aan de Klokkenlaan. De belangrijkste entree van het plangebied bevindt zich - net als in de huidige situatie - aan de Bergstraat en wordt tussen de voormalige directiewoning en het stamhuis gesitueerd. Een tweede ontsluitingsweg bevindt zich aan de zuidoostzijde van het plangebied en takt aan op de Klokkenlaan. Aan de zuidzijde is een aansluiting voor langzaamverkeer voorzien, waardoor een directe verbinding ontstaat met het buitengebied en de nabijgelegen sportvoorzieningen. Daarmee wordt tevens een verbinding gemaakt met het Vrijerslaantje richting het ‘Witte Kasteel’.
VISIE LANDSCHAPPELIJKE INPASSING & INRICHTING str Berg
aa t
tra Kerks
Lin t nge e n n i B
bie d
Ce
L and
e l ijk
a ntr
le
m r ui
te
Ruimtelijke en functionele verbindingen tussen lint en landschap
Kl
ok
ke n
la
an
Toevoegen beplanting zorgt voor minder zicht op de (nieuwe) bebouwing
6
at
rslaa ' Vrije
ntje'
Stedenbouwkundig plan 2021/07/16
7
Woningtypen str Kerk
Divers woningaanbod De stedenbouwkundige verkaveling voorziet vooralsnog in de bouw van 5 vrijstaande woningen, 17 twee-ondereen kap/patiowoningen, 31 (levensloopbestendige) rijwoningen en 39 appartementen (92 woningen in totaal). De stedenbouwkundige uitwerking van het gebied vormt nadrukkelijk geen blauwdruk. De verkaveling en differentiatie in het woningbouwprogramma is indicatief en kan op onderdelen nog wijzigen.
str Berg
8
aa t
5,4 m 6,6 m
De bebouwing langs de Bergstraat beperkt zich tot enkele rijwoningen en een vrijstaande woning aan de Kerkstraat, aansluitend bij het bestaande karakter van het historische lint. Langs de Bergstraat is gekozen voor een kort blok met rijwoningen, wat qua maat en schaal passend is binnen de bestaande lintbebouwing. In het ‘binnengebied’ is ruimte voor gestapelde-, twee-onder-een kap/patio- en rijwoningen. De bebouwing in dit oostelijke deel wordt rond een centraal gelegen ruimte gepositioneerd, waardoor een besloten woonbuurt ontstaat. Het (zuid)westelijk deel van het plangebied bestaat uit een carré-vormige structuur met een vrijstaande-, en twee-onder-een kap/patiowoningen. Aan de noordzijde zijn rijwoningen voorzien. Aan de zuidzijde voegen vrijstaande woningen zich in de landelijkheid van de Klokkenlaan. De bebouwing heeft een gevarieerd karakter, wat tot uitdrukking komt in maat, schaal en architectuur van de woningen. De grondgebonden woningen bestaan in de basis uit twee bouwlagen en een derde bouwlaag onder de kap. Daarnaast zijn ook woningtypes opgenomen met een lagere bouw- en goothoogte. De twee appartementengebouwen in het plan bestaan uit drie bouwlagen. Het centraal gelegen appartementengebouw krijgt deels een vierde bouwlaag.
aa t
15 app.
24 app.
5,4 m 6,6 m
9,6 m 6m
5,4 m Woningtypen
6m
Kl
o
en k k
l
n aa
Appartementen - 39x Rijwoningen - 22x Rijwoningen levensloopbestendig - 9x Patiowoningen - 5x Twee-onder-een kap - 12x Vrijstaande woning - 5x Totaal: 92 woningen
Voorbeelduitwerking woningtypen
Beeldkwaliteitplan Het doel van het beeldkwaliteitplan
Hardheidsclausule
Het beeldkwaliteitplan geeft in woord en beeld de uitgangspunten weer voor de te realiseren bebouwing op het Van LierPark. Het is in die zin een verfijning van het stedenbouwkundig plan, dat juridisch-planologisch verankerd wordt in een bestemmingsplanregeling. Het schept een kader voor de ontwikkeling van het gebied, garandeert samenhang in het uiteindelijke beeld en vormt een aanzet tot het realiseren van een woonbuurt met een hoogwaardige uitstraling. Bij het opstellen van dit kader is het advies van de Comissie Ruimtelijke Kwaliteit van 05 december 2017 waar van toepassing meegenomen.
Als een bouwplan uitzonderlijke architectonische kwaliteiten bezit, maar niet voldoet aan de beeldkwaliteitcriteria in dit beeldkwaliteitplan, is de welstandscommissie bevoegd om in haar advies gemotiveerd af te wijken. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij een bijzonder vormgegeven woning of naar aanleiding van een omstandigheid die tijdens het opstellen van dit voorliggende beeldkwaliteitplan niet was voorzien.
Het beeldkwaliteitplan is een communicatiemiddel, dat met behulp van beelden en tekst aangeeft wat de ‘doelstellingen’ zijn ten aanzien van de stedenbouwkundige en architectonische kwaliteit en samenhang, en waar eventueel ruimte ligt voor eigen invullingen. Binnen dit kader is het de uitdaging voor de architect om tot creatieve oplossingen te komen. In dit beeldkwaliteitplan wordt niet alleen een inspirerend kader geschetst, maar zijn tevens beeldkwaliteitcriteria benoemd. Het gaat daarbij om concrete toetsingscriteria, die als zodanig kunnen worden toegepast bij de beoordeling van de (toekomstige) bouwplannen door de welstandscommissie. Door het beeldkwaliteitplan, gelijktijdig bij vaststelling van het bestemmingsplan, ook als onderdeel van de welstandsnota vast te stellen, kunnen de beeldkwaliteitrichtlijnen ook daadwerkelijk als toetsingscriteria worden gehanteerd bij de aanvraag van een omgevingsvergunning.
str Kerk str Berg
Geen blauwdruk Het stedenbouwkundig plan vormt nadrukkelijk geen blauwdruk, maar geeft slechts richting aan de toekomstige ontwikkeling van het Van LierPark. De hoofdopzet bevat voldoende ruimte om binnen de verschillende bouwvelden te schuiven met woningtypen, zodat optimaal kan worden ingespeeld op de toekomstige woningbehoefte in Loon op Zand. Voor dit beeldkwaliteitplan heeft de meest recente stedenbouwkundige onderlegger als uitgangspunt gediend. Het is niet uitgesloten dat deze op (ondergeschikte) onderdelen nog zal wijzigen. Dit doet echter geen afbreuk aan de ontwerpprincipes zoals gepresenteerd in dit document.
Kl
Plangebied
9
aa t
ke k o
a nl
an
aa t
Deelgebieden str Kerk
Eén woongebied, vier sferen Het nieuwe woongebied Van LierPark krijgt een herkenbare, eigen identiteit. Enerzijds als een samenhangende, ruimtelijke eenheid op basis van de voormalige identiteit van de schoenfabriek. Anderzijds komt dit voort uit de gekozen stedenbouwkundige opzet met woningen rond een centrale ruimte en directe verbindingen met de omliggende linten.
str Berg
aa t
aa t
De herkenbaarheid van het woongebied als zelfstandige eenheid wordt vertaald in de inrichting van het openbaar gebied, de vormgeving van de woningen en de samenhang hiertussen. Op hoofdlijnen wordt gekozen voor gelijkheid en afstemming. Binnen deze samenhang hebben de verschillende deelgebieden een eigen, interne samenhang en kunnen op onderdelen variëren in de uitwerking. Vier deelgebieden worden onderscheiden: 1. Stoer - dorps 2. Vitaal - landelijk 3. Lint Bergstraat - Kerkstraat 4. Lint Klokkenlaan
Kl
o
en k k
a la
n Deelgebieden Stoer - dorps Vitaal - landelijk Lint Bergstraat - Kerkstraat Lint Klokkenlaan
De vier deelgebieden met betrekking tot de beeldkwaliteit
10
Sfeer stoer - dorps Op het perceel van de voormalige Van Lier schoenfabriek blijft het industriële verleden van de plek voelbaar, door een zorgvuldig ontworpen, stoere en dorpse bebouwing, in harmonie met de inrichting van de openbare ruimte. De onderstaande kenmerken zijn typerend voor de beeldkwaliteit binnen het deelgebied ‘stoer – dorps’. Deze kernmerken zijn richtinggevend voor het ontwerp van de nieuwe woningen. Het is niet per se noodzakelijk dat alle kenmerken één-op-één zichtbaar zijn in het uiteindelijke woningontwerp.
Belangrijkste kernmerken Stijl, bouwmassa en kap ▶ Expressieve baksteenarchitectuur; ▶ Eenvoudige, robuuste hoofdvorm; ▶ Eenvoudige kapvorm: zadeldak of plat dak met daklijst/dakopstand; ▶ Dakvorm zonder overstek; ▶ Toepassen van een verholen goot. Gevelbeeld ▶ De woningen binnen een bouwblok vormen een geheel. Gevelbeeld niet opdelen in individuele woningen. Samenhang aanbrengen; ▶ Eventuele dakuitbouwen/-kapellen liggen in de lijn van de voorgevel; ▶ Een massieve gevel met ‘gaten’; ▶ Staande raamopeningen met terugliggende kozijnen; ▶ De appartementengebouwen hebben een alzijdige uitstraling; ▶ De begane grond appartementen hebben een loggia en geen buitenruimte buiten het volume; ▶ De ontsluiting/galerij en bergingen zijn geïntegreerd in het ontwerp. De entree van het appartementengebouw is duidelijk herkenbaar en zorgvuldig vormgegeven; ▶ Eventuele balkons zijn ondergeschikt/ingetogen vormgegeven, en geïntegreerd in het gevelvlak.
Kleur en materialisatie ▶ In principe één soort (gemêleerde) gevelsteen toepassen, passend bij de gewenste industriële uitstraling; ▶ Het metselwerk kent een zorgvuldige detaillering en heeft een industriële uitstraling; ▶ Metselwerk gevels in rood-paars; ▶ Versterken eenheid gevelbeeld door terugliggende voeg; ▶ Op ondergeschikte delen is metalen gevelbekleding mogelijk, bijvoorbeeld bij terugliggende bovenlaag appartementengebouw; ▶ Antraciet of leizwarte keramische dakpannen, vlak en ongeglazuurd.
11
VOORMALIG FABRIEKSGEBOUW VAN LIER
De woningen binnen een bouwblok vormen een geheel
Deelgebied Stoer-Dorps
Eenvoudige kapvorm: zadel- of plat dak met daklijst/dakopstand. Eenvoudige, robuuste hoofdvorm
Eventuele dakuitbouwen/-kapellen liggen in de lijn van de voorgevel
12
Gevelstenen in rood - paars
Dakvorm zonder overstek, met verholen goot
Eventuele balkons zijn ondergeschikt/ingetogen vormgegeven, en geïntegreerd in het gevelvlak
Galerij valt binnen volume
Op ondergeschikte delen is metalen gevelbekleding mogelijk, bijvoorbeeld bij een terugliggende bovenlaag appartementengebouw
Staande raamopeningen met terugliggende kozijnen
H et metselwerk kent een zorgvuldige detaillering en heeft een industriële uitstraling
Sfeer vitaal - landelijk In de zuidwesthoek van het plangebied (gronden paardenhouderij) wordt een meer vitaal en landelijk beeld beoogd. Dit deelgebied onderscheidt zich op onderdelen van het stoere, dorpse deelgebied, maar is hier niet mee in contrast. De onderstaande kenmerken zijn typerend voor de beeldkwaliteit binnen het deelgebied ‘vitaal – landelijk’. Deze kenmerken zijn richtinggevend voor het ontwerp van de nieuwe woningen. Het is niet per se noodzakelijk dat alle kenmerken één-op-één zichtbaar zijn in het uiteindelijke woningontwerp.
Belangrijkste kenmerken Stijl, bouwmassa en kap ▶ Baksteenarchitectuur als basis; ▶ Eenvoudige hoofdvorm met toevoegingen zoals bijvoorbeeld een veranda, erker, dakkapel en het accentueren van de entree, waarmee het beoogde landelijke karakter wordt benadrukt; ▶ Kapvorm: zadeldak met een geringe overstek; ▶ Toepassing van een eenvoudige (bak)goot. Gevelbeeld ▶ Binnen de eenheid van een bouwblok zijn enkele woningen verbijzonderd; ▶ Door middel van de geleding van het gevelbeeld wordt een overgang gemaakt naar de straat en een te grote eenvormigheid vermeden; ▶ Met het onderbreken van de goot, door middel van bijvoorbeeld een afwijkende kapvorm of een dakkapel, wordt de herkenbaarheid van de afzonderlijke woning vergroot. Kleur en materialisatie ▶ In principe één soort (gemêleerde) gevelsteen toepassen; ▶ Het metselwerk wordt bij voorkeur voorzien van verbijzonderingen, zoals een plint, rollagen en andere (kleur)accenten; ▶ Metselwerk gevels bruin; ▶ Op ondergeschikte delen is houten detaillering/gevelbekleding mogelijk; ▶ Antraciet of leizwarte keramische dakpannen, ongeglazuurd.
13
ZICHT OP DEELGBIED VITAAL-LANDELIJK
Door middel van geleding in het gevelbeeld wordt eenvormigheid vermeden
Deelgebied Vitaal - landelijk
Eenvoudige hoofdvorm met toevoegingen, zoals bijvoorbeeld een veranda, erker, dakkapel en het accentueren van de entree, waarmee het beoogde landelijke karakter wordt benadrukt
14
Gevelstenen in bruine tint
B aksteenarchitectuur als basis. Zadeldak met een geringe overstek
Het metselwerk wordt bij voorkeur voorzien van verbijzonderingen, zoals een plint, rollagen en andere (kleur)accenten
Sfeer bebouwingslint Bergstraat Kerkstraat Langs de Bergstraat en Kerkstraat worden de woningen ingepast binnen de bestaande bebouwingslinten. De woningen voegen zich in maat, schaal en architectuur bij de bestaande, historische bebouwing en stedenbouwkundige structuur. De onderstaande kenmerken zijn typerend voor de beeldkwaliteit binnen het deelgebied ‘bebouwingslint Bergstraat-Kerkstraat’. Deze kenmerken zijn richtinggevend voor het ontwerp van de nieuwe woningen. Het is niet per se noodzakelijk dat alle kenmerken één-opéén zichtbaar zijn in het uiteindelijke woningontwerp.
Belangrijkste kenmerken Stijl, bouwmassa en kap ▶ Ingetogen baksteenarchitectuur; ▶ Bij meer dan twee woningen aaneen: geleding toepassen in de bouwmassa, bijvoorbeeld door een andere kapvorm, een verspringende dakgoot en/of een andere gevelindeling; ▶ Eenvoudige kapvorm, afgeleid van bestaande lintbebouwing: zadeldak of mansardedak; ▶ Dakvorm zonder overstek. Gevelbeeld ▶ Traditioneel gevelbeeld, afgeleid van bestaande lintbebouwing; ▶ Positie voorgevel afstemmen op belendende woningen; ▶ Verbijzondering entree, voordeur aan de straat; ▶ Verbijzondering metselwerk rondom kozijnen; ▶ De grotere ramen hebben een verdeling. Kleur en materialisatie ▶ In principe één soort gevelsteen toepassen; ▶ Kleur- en materiaalgebruik is afgeleid van bestaande lintbebouwing; ▶ Rode, antraciet of leizwarte keramische dakpannen, gemêleerd en ongeglazuurd; ▶ Het houtwerk krijgt een lichte kleur.
15
HET OUDE LINT LANGS DE BERGSTRAAT
Deelgebied bebouwingslint Bergstraat-Kerkstraat
Verbijzondering entree, voordeur in nis, aan de straat
16
Positie voorgevel afstemmen op belendende woningen. Eventueel toepassen stoepje en/of geveltuintje
Ingetogen baksteenarchitectuur
Bij meer dan twee woningen aaneen: geleding toepassen in de bouwmassa. Verbijzondering metselwerk rondom kozijnen
Geen overstek. (beeld van woningen aan Bergstraat)
Sfeer bebouwingslint Klokkenlaan Langs de Klokkenlaan worden de woningen ingepast binnen het bestaande bebouwingslint. De woningen voegen zich in maat, schaal en architectuur bij de bestaande, bebouwing en stedenbouwkundige structuur. De onderstaande kenmerken zijn typerend voor de beeldkwaliteit binnen het deelgebied ‘bebouwingslint Klokkenlaan’. Deze kenmerken zijn richtinggevend voor het ontwerp van de nieuwe woningen. Het is niet per se noodzakelijk dat alle kenmerken één-op-één zichtbaar zijn in het uiteindelijke woningontwerp.
Belangrijkste kenmerken Stijl, bouwmassa en kap ▶ Ingetogen baksteenarchitectuur; ▶ Langgerekt volume, haaks op de Klokkenlaan; ▶ De woningen zijn qua volume, kleurstelling en materialisatie in overeenstemming met elkaar; ▶ Op onderdelen zijn ze echter onderscheidend, door bijvoorbeeld het toepassen van een erker, een uitbouw of andere toevoegingen; ▶ Eenvoudige kapvorm, afgeleid van bestaande lintbebouwing: zadeldak of mansardedak, al dan niet met wolfseind. Aanbouwen en/of bijgebouwen zijn eveneens voorzien van een kap; ▶ Dakvorm met overstek. Gevelbeeld ▶ Voorgevelrooilijn verspringt onderling; ▶ De goothoogte is overwegend maximaal 4 meter. Kleur en materialisatie ▶ In principe één soort (gemêleerde) gevelsteen toepassen; ▶ Het metselwerk wordt bij voorkeur voorzien van verbijzonderingen, zoals een plint, rollagen en andere (kleur)accenten; ▶ Metselwerk gevels bruin; ▶ Op ondergeschikte delen is houten detaillering/gevelbekleding mogelijk; ▶ Antraciet of zwarte keramische dakpannen, gemêleerd en ongeglazuurd.
17
LANDELIJKHEID LANGS DE KLOKKENLAAN
Ingetogen baksteenarchitectuur; De gootlijn ligt overwegend op maximaal 4 meter; Langgerekt volume;
Deelgebied bebouwingslint Klokkenlaan
D akvorm met overstek.
18
Gevelstenen in bruine tint
Verbijzondering entree.
H et metselwerk wordt bij voorkeur voorzien van verbijzonderingen, zoals een plint, rollagen en andere (kleur)accenten.
Op ondergeschikte delen is houten detaillering/gevelbekleding mogelijk.
Kapvormen en daken *De voorbeelduitwerking geeft een mogelijke invulling weer van de kapvorm, binnen de drie subcategorieën: combinatie plat en kap zonder overstek, kap zonder overstek en kap met overstek. Van de voorbeelduitwerking kan afgeweken worden.
str Kerk
Stoer - dorps Appartementen plat dak, met markante dakrand/ dakopstand. De rijwoningen hebben een zadeldak zonder overstek. Een deel van de rijwoningen heeft op de hoeken een plat dak, waardoor in de vormgeving wordt aangesloten op de appartementengebouwen.
str Berg
aa t
aa t
Vitaal - landelijk Zadeldak met een geringe overstek. Garages vrijstaande woningen aan de Klokkenlaan hebben een zadeldak.
Bebouwingslint Bergstraat - Kerkstraat Zadeldak of mansardedak (dwars- en/of langskap). De kapvorm van de nieuwe woningen is passend bij het afwisselende beeld aan kapvormen in het historisch lint. Dakvorm zonder overstek.
Bebouwingslint Klokkenlaan Zadeldak of mansardedak, al dan niet met wolfseind (dwarsskap). Aanbouwen en/of bijgebouwen zijn eveneens voorzien van een kap. Dakvorm met overstek.
o Kl
en k k
l
n aa
Kapvormen Plat met dakrand Combinatie plat en kap, zonder overstek Kap, zonder overstek Kap, met overstek Voorbeelduitwerking
Kapvormen met voorbeelduitwerking
19
Plat dak met markante dakrand
Combinatie plat en zadeldak
Kap zonder overstek
Kap met overstek
20
Daklandschap In algemene zin geldt dat een rustig en overtuigend dakvlak gewenst is. Waarbij de verstorende werking van zonnepanelen/-collectoren, dakdoorvoeren, etc. op het openbaar gebied tot een minimum beperkt wordt. Hierbij rekening houdend met: ▶ Zonnepanelen/-collectoren worden vlak of verdiept in het dakvlak gedetailleerd. Dit wil zeggen verzonken in het dakvlak, mee-ontworpen in de architectuur; ▶ Zonnepanelen/-collectoren worden als vlak of in lijn aangebracht, evenwijdig aan de nok; ▶ Kleurstelling in overeenstemming met kleur dakbekleding; ▶ Installaties en zonnepanelen/-collectoren op plat dak zijn niet waarneembaar vanaf maaiveld, eventueel verscholen achter opstaande dakrand; ▶ Eventuele dakdoorvoeren, warmtepompen, schoorstenen en of andere installaties zijn onderdeel van de architectuur en zo min mogelijk waarneembaar vanaf openbaar gebied; ▶ Natuurinclusieve maatreglen worden meegenomen in de architectuur.
21
Panelen in een niet onderbroken vlak of rij
Panelen in een niet onderbroken vlak of rij
Kleur afstemmen op kleur pannen
Systeem afstemmen op type dakbedekking
Op plat dak niet zichtbaar vanaf maaiveld
Op plat dak te combineren met groendak
Openbaar - privé str Kerk
De aansluiting van de woning op de straat is van grote invloed op de beleving van de openbare ruimte. Deze overgang dient zorgvuldig te worden gedetailleerd.
str Berg
Stoer - dorps
aa t
aa t
De voorruimte bij de rijwoningen wordt ingericht als een (privé) stoepje van maximaal 1,5 meter, eventueel gecombineerd met een geveltuin en/of zitelement. De appartementen hebben, behalve een balkon, geen privé buitenruimte. Voor hoekwoningen grenzend aan openbaar gebied geldt een tweezijdige oriëntatie. Dit betekent dat de zijgevel grenzend aan openbaar gebied een verbijzondering krijgt in de vorm van een uitbouw, bijzondere raamopeningen en/of het aanbrengen van variatie of plasticiteit in het gevelsteenverband.
Vitaal - landelijk De voortuinen zijn tenminste 2 meter diep en hebben een groen karakter, waarbij de toepassing van gebiedseigen beplanting de voorkeur geniet.
Bebouwingslint Bergstraat - Kerkstraat De woningen grenzen direct aan de openbare ruimte of hebben een (privé) stoepje, gecombineerd met een terugliggende entree of een verspringing in de rooilijn.
Bebouwingslint Klokkenlaan
Kl
De voortuinen zijn tenminste 4 meter diep en hebben een groen karakter, waarbij de toepassing van gebiedseigen beplanting de voorkeur geniet.
o
en k k
a la
n
Overgang privé - openbaar Stoepje, max. 1.5m Tuin, minimaal 2m Tuin, minimaal 4m
Overgang openbaar - privé
22
Privé stoepje, eventueel met geveltuin en/of zitelement
23
Voortuin, integraal meeontworpen. Uniform beeld.
Erfafscheidingen De erfafscheidingen zijn zeer bepalend voor de ruimtelijke kwaliteit van het gehele plan.
*De voorbeelduitwerking geeft een mogelijke invulling weer van de erfafscheidingen. In de uitwerking kan op ondergeschikte onderdelen afgeweken worden.
Stoer - dorps
str Kerk ur
aa t
Ge
te tu we n s
str Berg
aa t
i nmu
De hoekwoning aan de Klokkenlaan is voorzien van een tuinmuur, om de entree van het gebied te markeren. De hoekwoning krijgt een gemetselde stenen berging in combinatie met de tuinmuur. De tuinmuur maakt deel uit van de architectuur van de woning en heeft een hoogte van ca. 1,8 meter. De overige tuinen van de rijwoningen die niet direct grenzen aan het openbaar gebied zijn voorzien van een begroeid hekwerk, met een hoogte van ca. 1,8 meter. De rijwoningen hebben aan de voorzijde een stoepje en geen erfafscheiding.
Vitaal - landelijk In aansluiting op het landelijk beeld zijn de tuinen van de woningen voorzien van een integraal ontworpen, groene voortuin. Aan de zij- en achterkanten zijn begroeide hekwerken voorzien, met een hoogte van ca. 1,8 meter. Langs de achtertuinen van de woningen aan de westzijde van het plan, grenzend aan het buitengebied, wordt een struweelhaag aangeplant gevolgd door een gaashekwerk.
Bebouwingslint Bergstraat - Kerkstraat De entree vanaf de Bergstraat wordt begeleidt door een gemetselde tuinmuur en geeft de poort van van Lier extra cachet en zorgt tevens voor de gewenste industriële uitstraling. De achtertuinen van de woningen zijn voorzien van een hekwerk met klimplanten. De tuinmuur maakt deel uit van de architectuur van de woningen. De hoogte van de tuinmuur en het hekwerk bedraagt ca. 1,8 meter.
Kl
Bebouwingslint Klokkenlaan Aan de zijde van de Klokkenlaan is een lage haag van 0,8m voorzien, welke de hoek om loopt tot de voorgevel. Waar overige perceelsgrenzen raken aan openbaar gebied is de erfafschieding een hoge haag van 1,8m. 24
Erfafscheidingen
o
en k k
a la
n Erfafscheidingen Tuinmuur, bestaand Tuinmuur, mee ontworpen in architectuur Hekwerk (met klimplanten) Haag, 1,8 m Haag, 0,8 m Landschappelijke inpassing Vaste planten en/of heesters
Lage haag
Hekwerk met klimplanten
25
Stoepje met geveltuintje
Tuinmuur, mee ontworpen in architectuur
Voortuin integraal mee ontworpen
Landschappelijke inpassing
Hoge haag
Openbare ruimte str Kerk
De openbare ruimte en de woningen worden zorgvuldig ontworpen en op elkaar afgestemd. Na het opstellen van het definitieve stedenbouwkundig plan met de woningontwerpen wordt, in overleg met de gemeente, een inrichtingsplan voor de openbare ruimte opgesteld. Hierin worden o.a. keuzes gemaakt voor de detaillering en de toe te passen materialen en beplanting. Dan zal ook worden bepaald welke voorzieningen nodig zijn voor de opvang van het hemelwater.
str Berg
aa t
aa t
Vooruitlopend hierop zijn ter inspiratie enkele referentiebeelden opgenomen die richtinggevend kunnen zijn voor de opzet van het inrichtingsplan.
Kl
o
en k k
a la
n
Openbare ruimte Weg & voetpad Haaksparkeervakken Langsparkeervakken Landschappelijke inpassing Groenvakken Centrale plek, met ruimte voor groen en wateropvang
Openbare ruimte
26
‘Vloer’ van gebakken klinkers
Haaksparkeervakken van stelconplaten
Langsparkeervakken in groene verharding
Struweelhaag met boomvormers langs groen-blauwe mantel
Losse groenvakken met beplanting en heesters
Centrale, dorpse ruimte met strakke, industriële look en ruimte voor wateropvang
27
Vestigingsadres: Schoenaker 10, 6641 SZ Beuningen Telefoonnummer: 024 - 675 23 56 Emailadres: info@burowaalbrug.nl Website: www.burowaalbrug.nl Rekeningnr.: IBAN NL98 RABO 0302 2351 59 KvK Nummer: 58365524 BTW Nummer: NL8530.06.453.B01
Kwaliteitsverbetering van het landschap Waardevermeerdering Prijs/m2 Oppervlakte m2 Waarde € 7,5 4055,7 € 30.417,8
Huidige waarde Nieuwe waarde
Uitgeefbaar wonen Uitgeefbaar landschappelijke inpassing Uitgeefbaar specifieke vorm van wonen - hobbymatige dieren
€ 300,0 € 100,0 € 200,0
1912,8 332,6 824,6
€ 573.840,0 € 33.260,0 € 164.920,0
Openbaar gebied verkeer Openbaar gebied landschappelijke inpassing
€ 50,0 € 50,0
567,1 418,6
€ 28.355,0 € 20.930,0
€ 821.305,0 Waardevermeerdering
€ 790.887,3
Kwaliteitsverbetering op basis van 1% waardevermeerdering
€ 7.908,9
Kosten aanleg (landschappelijke inpassing uitgeefbaar + openbaar gebied) Grondbewerking (egaliseren, frezen, etc.) Levering en aanplant boom groot (aankoop, plantgat, beluchting boompalen, etc.) Levering en aanplant boom klein (aankoop, plantgat, beluchting boompalen, etc.) Levering en aanplant struweel Beheerkosten niet berekend aangezien er al meer word geinvesteerd dan de 1% eis.
eenheid 751,2 m2 4 st 5 m2 751,2 m2
Prijs /eenheid Waarde € 2,00 € 1.502,40 € 600,00 € 2.400,00 € 400,00 € 2.000,00 € 3,50 € 2.629,20 € 0,00
Kosten aanleg
€ 8.531,60
Verschil kosten aanleg - kwaliteitsverbeteringseis
€ 622,73
567.1 m2 verharding openbaar 1912.8 m2 uitgeefbaar 332.6 m2 uitgeefbaar/ landschappelijke inpassing
418.6 m2 landschappelijke inpassing
824.6 m2 uitgeefbaar v.d Bijgaart
begrenzing groenblauwe mantel
RAPPORT Verkennend bodem- en asbestonderzoek en nader asbestonderzoek Bergstraat 2, 4, 5, Kerkstraat 10a, Klokkenlaan 16 te Loon op Zand
Opdrachtgever
:
Jansen Bouwontwikkeling B.V. Postbus 278 6600 AG WIJCHEN
Projectnummer
:
18KL233
Datum
:
19 juni 2018
Auteur
:
A. Reit
Paraaf
:
Klijn Bodemonderzoek B.V. Oudlandseweg 1, 9682 XT Oostwold Telefoon 0597 – 55 12 12 Email info@klijnbodemonderzoek.nl Internet www.klijnbodemonderzoek.nl
2 INHOUD
Rapport 18KL233 BLAD
1.
INLEIDING 1.1. Algemeen 1.2. Opbouw
3 3 3
2.
VOORONDERZOEK 2.1. Algemeen 2.2. Ligging onderzoekslocatie 2.3. Historisch en huidig gebruik 2.4. Belendende percelen en omgeving onderzoekslocatie 2.5. Bodemonderzoek 2.6. Bodemkwaliteitskaart 2.7. Toekomstig gebruik van het terrein 2.8. Financieel/juridisch 2.9. Regionale opbouw en geohydrologie 2.10. Onderzoekshypothese
4 4 4 5 6 6 7 7 7 7 8
3.
ONDERZOEKSPROGRAMMA
9
4.
BODEMGEGEVENS 4.1. Bodemgesteldheid en zintuiglijke waarnemingen 4.2. Samenstelling grondmengmonsters 4.3. Concentratieberekening plaatmateriaal
11 11 13 15
5.
RESULTATEN METINGEN EN CHEMISCHE ANALYSES 5.1. Meetgegevens grondwater 5.2. Toetsingskader 5.3. Analyseresultaten NEN 5707 en NEN 5897 (asbest) 5.4. Analyseresultaten 5.5. Uitsplitsing mengmonster MM11 5.6. Toelichting analyseresultaten
16 16 17 18 19 22 23
6.
SAMENVATTING EN CONCLUSIES 6.1. Samenvatting 6.2. Conclusies en aanbevelingen 6.3. Slotopmerking
26 26 27 28
BIJLAGEN 1
Ligging van de locatie en kadastrale kaart
2
Boorprofielen en legenda
3
Analyserapporten
4
Toetsingstabellen
5
Overzicht posities monsternamepunten
6
Foto's
7
Concentratie berekeningen asbest
3
Rapport 18KL233
1.
INLEIDING
1.1.
Algemeen In opdracht van Jansen Bouwontwikkeling B.V. is door Klijn Bodemonderzoek B.V. een verkennend bodem- en asbestonderzoek en een nader asbest onderzoek uitgevoerd op de locatie Bergstraat 2, 4, 5, Kerkstraat 10a, Klokkenlaan 16 te Loon op Zand. De aanleiding tot het verkennend bodem- en asbestonderzoek en een nader asbest onderzoek vormt de aanvraag van een omgevingsvergunning in verband met de geplande bouwaanvraag op het perceel. Het doel van het verkennend bodem- en asbestonderzoek en een nader asbest onderzoek is het verkrijgen van een indicatie van de kwaliteit van de grond en het ondiepe grondwater ter plaatse van de onderzoekslocatie. Klijn Bodemonderzoek B.V. is gecertificeerd volgens “NEN-EN-ISO 9001:2015”, voor het uitvoeren van milieukundig bodemonderzoek, inclusief partijkeuringen conform het Besluit Bodemkwaliteit en tevens volgens de “Beoordelingsrichtlijn voor het procescertificaat Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek SIKB 2000, protocollen 2001, 2002, 2003 en 2018”. Met betrekking tot onderhavig onderzoek verklaart Klijn Bodemonderzoek B.V. op geen enkele wijze in organisatorische, financiële of personele zin, betrokkenheid te hebben met de activiteiten van de opdrachtgever. De achterliggende gedachte hierbij is dat er geen “eigen” grond wordt onderzocht.
1.2.
Opbouw In het voorliggende rapport komen de volgende aspecten aan de orde: vooronderzoek onderzoeksprogramma bodemgegevens metingen en chemische analyses samenvatting, toetsing van de gekozen onderzoekshypothese, conclusies en aanbevelingen
(hoofdstuk 2); (hoofdstuk 3); (hoofdstuk 4); (hoofdstuk 5); (hoofdstuk 6).
4
Rapport 18KL233
2.
VOORONDERZOEK
2.1.
Algemeen Ten behoeve van het bodemonderzoek is een standaard vooronderzoek uitgevoerd (NEN 5725). In het vooronderzoek wordt informatie verzameld over het vroegere en huidige gebruik van het terrein. Het onderzoek is gericht op het vinden van mogelijke bronnen van bodembelasting. Evenals het verzamelen van informatie over het toekomstige gebruik, bodemopbouw, geohydrologie en financieel/juridische aspecten. Op basis van de verzamelde gegevens kan een totaalbeeld worden gevormd en conclusies worden getrokken over de afbakening van het geografische besluitvormingsgebied, de afbakening van de onderzoekslocatie voor het bodemonderzoek, de onderverdeling van de onderzoekslocatie voor het bodemonderzoek in deellocaties en de te hanteren onderzoekshypothese per deellocatie. De verzamelde informatie is opgesplitst in de volgende categorieën: o ligging onderzoekslocatie (paragraaf 2.2) o historisch en huidig gebruik (paragraaf 2.3) o belendende percelen en omgeving onderzoekslocatie (2.4) o bodemonderzoek (2.5) o bodemkwaliteitskaart (2.6) o toekomstig gebruik (2.7) o financieel/juridisch (2.8) o bodemopbouw en geohydrologie (2.9) o onderzoekshypothese (2.10) Ter verkrijging van de benodigde informatie zijn onderstaande bronnen geraadpleegd: locatie-inspectie (d.d.
4 juni 2018); informatie opdrachtgever; gemeente Loon op Zand; internetsite bodeminformatie (www.bodemloket.nl); Luchtfoto Google Earth; Grondwaterkaart van Nederland; Topografische Atlas van Nederland (2002); www.topotijdreis.nl (historisch kaartmateriaal van ca. 1815 tot heden); kadastralekaart. Voorafgaand aan de veldwerkzaamheden zijn bovenstaande bronnen geraadpleegd en is door Klijn Bodemonderzoek een locatie-inspectie uitgevoerd. Tijdens de locatie-inspectie is onder andere gelet op verdachte plekken (zoals verkleuringen, brandplekken, olieopslag etc.), asbest op of in de bodem, asbestbeschoeiingen, verzakkingen en ophogingen.
2.2.
Ligging onderzoekslocatie Het perceel ligt aan de Bergstraat 2, 4, 5, Kerkstraat 10a, Klokkenlaan 16 te Loon op Zand en zijn kadastraal bekend als Gemeente Loon op Zand, sectie E, nrs. 4462, 5009, 5010, 5306 en 5313. De onderzoekslocatie betreft alle kadastrale percelen en heeft een gezamenlijke oppervlakte van 13.500 m2. De locatie bevindt zich aan de westzijde van de dorpskern binnen de bebouwde kom van Loon op Zand. In figuur 1 is een luchtfoto te zien van de onderzoekslocatie en directe omgeving.
5
Rapport 18KL233
Figuur 1: Luchtfoto onderzoekslocatie en omgeving
Onderzoekslocatie
In de omgeving van de onderzoekslocatie bevinden zich voornamelijk woningen (bebouwd gebied). Voor een topografisch overzicht van de locatie en omgeving verwijzen wij naar de tekening in bijlage 1, een tekening van de locatie is weergegeven in bijlage 5. 2.3.
Historisch en huidig gebruik De gehele locatie, tevens onderzoekslocatie, aan de Bergstraat 2, 4, 5, Kerkstraat 10a, Klokkenlaan 16 te Loon op Zand heeft een gezamenlijke oppervlakte van circa 13.500 m². De locaties zijn ook bekend als het Van Lier terrein en Van Esch terrein. De gehele locatie, op Kerkstraat 10a na, is onbebouwd. Het onbebouwde terreindeel is deels braakliggend en deels verhard met klinkers, tegels, beton- en een puinverharding. Op het perceel van de Kerkstraat 10a staat een vervallen en leegstaande loods. Ter plaatse van het perceel Bergstraat 4 en Kerkstraat 10a was van 1924 sprake van een schoenenfabriek (lederindustrie). Wanneer het pand aan de Bergstraat 4 is gesloopt is echter onbekend. De panden aan de Bergstraat 2 en 6 en Kerkstraat 10a zijn omstreeks 1935 gerealiseerd. Uit de verkregen informatie is gebleken dat over de aanwezigheid van bovengrondse opslagtanks of in het verleden uitgevoerde dempingen geen gegevens bekend zijn. Wel is gebleken dat ter plaatse bovengrondse opslag plaats vond van lijm en van chroom (gelooid leer). Tevens is er informatie bekend over een ondergrondse brandstoftank aan de voorzijde van het voormalige pand aan de Bergstraat 4 en drie ondergrondse tanks achter het pand van de Kerkstraat 10a.
Op de onderzoekslocatie zijn meerdere bodemonderzoek uitgevoerd en er heeft ter plaatse van de drie ondergrondse tanks een sanering plaatsgevonden. Tevens is er door Milieukundig Adviesbureau Flamant, met rapportnummer AS95907, een volledige asbestinventarisatie uitgevoerd op de Kerkstraat 8-10. Uit de samenvatting van de rapportage is gebleken dat ter plaatse asbesthoudende materialen in het pand zijn verwerkt. De asbesthoudende materialen betreffen muurdoorvoeringen, dubbele kanalen en inregenkap, een dakrandafwerking en golfplaten. Op de locatie is, behalve bovenstaande activiteiten, geen sprake van (voormalige) puntbronnen en zijn er geen gegevens bekend over eventuele uitgevoerde verdachte (bodembedreigende) activiteiten op het perceel die de milieuhygiënische kwaliteit van grond en grondwater nadelig kunnen hebben beïnvloed. Tijdens het uitvoeren van het locatiebezoek welke is uitgevoerd op 4 juni is gebleken dat ter plaatse van het gebied achter Kerkstraat 10a asbest verdachte plaatmaterialen zijn aangetroffen. Dit gebied zal onderworpen op een asbest onderzoek waarbij de strategie zal worden opgeschaald waarbij de strategie voor een nader asbest onderzoek zal worden gehanteerd.
6 2.4.
Rapport 18KL233
Belendende percelen en omgeving onderzoekslocatie De directe omgeving van de onderzoekslocatie bestaat uit: - Noordzijde: openbare weg en woningen - Oostzijde: woningen en bedrijfspanden - Zuidzijde: woningen - Westzijde: woningen Tabel 1:
Activiteiten die plaatsvinden / plaats hebben gevonden op de belendende percelen
Adres
Historische activiteit
Periode
Kerkstraat 5 en 14
Ondergrondse brandstoftank
onbekend
Kerkstraat 6
Schildersbedrijf en verf- en verfwarendetailhandel
1944-1976
Hoge Steenweg 1
Bovengrondse brandstoftank schoenenfabriek
onbekend 1925-onbekend
Klokkenlaan 9
Transportbedrijf
onbekend
Vooralsnog wordt niet verwacht dat de activiteiten van de belendende percelen een nadelige invloed hebben gehad op de bodemkwaliteit van onderhavige onderzoekslocatie. 2.5.
Bodemonderzoek Ter plaatse van de onderzoekslocatie en/of directe omgeving is informatie bekend met betrekking tot eerder uitgevoerde bodemonderzoeken. Op de locatie Bergstraat 4 is in december 1991 door Oranjewoud een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd met kenmerk 5623-41997. Het onderzoek had betrekking op de opslag van lijmen en olie, opslag van chroom, gelooid leer, opslag van lijmen en lakken in de bedrijfshal en ter plaatse van de ondergrondse brandstoftank en het overige onverdachte terrein. In de grond en het grondwater zijn maximaal licht verhoogde gehalten aangetroffen. De resultaten hebben niet geleid tot een belemmering voor het gebruik van het perceel. Op de locatie Kerkstraat 10a is in mei 2014 door Bakker Milieuadviezen een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd met kenmerk BM/2050-14. Uit de rapportage van het bodemonderzoek is gebleken dat 1992 door Geosurvey een verkennend bodemonderzoek (nul situatie onderzoek) is uitgevoerd. In de bovengrond, nabij de vulpunten van de ondergrondse tanks, is een licht verontreiniging met minerale olie geconstateerd. Uit de analyses van de overige bodemmonsters zijn geen verhoogde gehalten met de onderzochte componenten waargenomen. Verder is gebleken dat enkel in het grondwater een licht verhoogd gehalte met koper is geconstateerd. Daarnaast is gebleken dat in 2007 door MDZ B.V.
een bodemonderzoek is uitgevoerd op het perceel aan de Kerkstraat 10a. Uit de samenvatting van deze rapportage blijkt dat enkel in de bovengrond licht verhoogde gehalten aan lood, zink en PAK zijn aangetoond. Tevens is uit de rapportage van Bakker Milieuadviezen B.V. gebleken dat ter plaatse van Kerkstraat 10a drie ondergrondse tanks hebben gelegen. Deze tanks zijn in 1997 onder Kiwa certificaat inwendig gereinigd en gesaneerd. Tijdens de sanering is geconstateerd dat de bodem ter plaatse van de tanks verontreinigd was en in totaal is er ruim 12 ton met olie verontreinigde grond afgegraven en afgevoerd. Gebleken is dat er een restverontreiniging is achtergebleven welke met een folie is afgeschermd. Deze verontreiniging zal waarschijnlijk onder of nabij de gevel van het pand zijn geweest. Uit het door Bakker Milieuadviezen, in mei 2014, uitgevoerde verkennend bodemonderzoek, met kenmerk BM/2050-14, is gebleken dat ter plaatse in de bovengrond licht verhoogde gehalten aan metalen PAK, PCB en minerale olie zijn aangetroffen. In zowel de ondergrond als het grondwater zijn geen verhoogde gehalten met de onderzochte componenten geconstateerd.
7
Rapport 18KL233
2.6.
Bodemkwaliteitskaart Uit gemeentelijke informatie is gebleken dat de bovengenoemde locatie binnen zone 9 van de gemeentelijke bodemkwaliteitskaart ligt. Op basis van de ontgravingskaart blijkt dat zowel de bovengrond als de ondergrond is uitgesloten van de bodemkwaliteitskaart.
2.7.
Toekomstig gebruik van het terrein De bestemming van de onderzoekslocatie zal worden gewijzigd. Het voornemen is om ter plaatse nieuwbouw woningen te realiseren.
2.8.
Financieel/juridisch Op het perceel hebben, voor zover bekend, geen calamiteiten plaatsgevonden waarbij de bodem verontreinigd is geraakt. De kadastrale kaart is opgenomen in bijlage 1.
2.9.
Regionale opbouw en geohydrologie De regionale bodemopbouw ter plaatse van de onderzoekslocatie is weergegeven in tabel 2. Tabel 2: regionale bodemopbouw diepte m-mv
textuur
doorlatendheid
formatie
0–2 2 – 41 41 - 53
ZAND (matig fijn t/m matig grof met leemlagen) ZAND (matig fijn t/m matig grof met leemlagen) KLEI
goed goed slecht
formatie van Boxtel formatie van Sterksel formatie van Stamproy
Het maaiveld ter plaatse van de onderzoekslocatie ligt op ca. 10,6 m+ NAP. De regionale stromingsrichting van het diepe grondwater is vermoedelijk in noordoostelijke richting. De stromingsrichting van het freatisch grondwater wordt voornamelijk beïnvloed door de aanwezigheid van sloten en watergangen. De stromingsrichting van het freatisch grondwater ter plaatse van de onderzoekslocatie is vermoedelijk in noordoostelijke richting.
8 2.10.
Rapport 18KL233
Onderzoekshypothese Verkennend asbestonderzoek (NEN 5707) Het verkennend asbestonderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 5707. Op basis van de verkregen informatie met betrekking tot de historie en het huidige gebruik van de onderzoekslocatie, wordt de onderzoekslocatie beschouwd als “onverdacht” ten aanzien van bodemverontreiniging met asbest. Bij onverdachte locaties luidt de onderzoekshypothese dat de bodem niet verontreinigd is met asbest in concentraties boven de grenswaarde of het geldende achtergrondgehalte. Voor het toetsen van bovenstaande hypothese is de onderzoeksstrategie “asbest onverdacht” uitgevoerd. Deze strategie is verder uitgewerkt in hoofdstuk 3. Nader asbestonderzoek (NEN 5707 en NEN 5897) Het asbestonderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 5707 “Bodem- Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem” en de NEN 5897 “Monsterneming en analyse van asbest in onbewerkte bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat”. Deze strategieën hebben alleen betrekking op het terrein achter Kerkstraat 10a (plaats waar asbestverdacht materiaal op het maaiveld is aangetroffen). Op basis van de gestelde informatie met betrekking tot de historie, het huidige gebruik van de onderzoekslocatie en de beschikbare gegevens, wordt de onderzoekslocatie beschouwd als “verdacht” ten aanzien van bodemverontreiniging met asbest.
Bij verdachte locaties luidt de onderzoekshypothese dat de bodem verontreinigd is met asbest in concentraties boven de grenswaarde of de geldende interventiewaarde. Waarbij geldt dat nader onderzoek dient plaats te vinden bij concentraties boven de 0,5 maal de interventiewaarde (0,5 x 100 mg/kgds= 50 mg/kgds). Voor het toetsen van bovenstaande hypothese is de onderzoeksstrategie “asbest verdacht” uitgevoerd. Deze strategie is verder uitgewerkt in hoofdstuk 3. Verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) Conform de aanpak van de NEN 5740 dient, voorafgaand aan de uitvoering van het veld- en laboratoriumonderzoek, op basis van de verkregen informatie een hypothese te worden opgesteld. Het betreft hierbij een aanname met betrekking tot het al dan niet aanwezig zijn van bodemverontreiniging op de te onderzoeken locatie. Op basis van de gestelde informatie met betrekking tot de historie en het huidige gebruik van de onderzoekslocatie, wordt de onderzoekslocatie beschouwd als “verdacht” ten aanzien van bodemverontreiniging. Voor het toetsen van bovenstaande hypothese is de onderzoeksstrategie “verdacht” uitgevoerd. Deze strategie is verder uitgewerkt in hoofdstuk 3. Op basis van het vooronderzoek wordt de onderzoekslocatie onderverdeeld in zes deellocaties: 1. Lijmopslag 1 (ca. 100 m²), 2. Lijmopslag 2 (ca. 100 m²), 3. Opslag chroom gelooid leer (ca. 100 m²), 4.
Voormalige ondergrondse tank voorzijde Bergstraat 4 (ca. 100 m²), 5. Voormalige ondergrondse tanks achter pand Kerkstraat 10a (ca. 100 m²), 6. Overig terreindeel (ca. 13.500 m²) 7. Gebied achter Kerkstraat 10a (nader asbest onderzoek, 1.550 m²), 8. Rest van het terreindeel (verkennend asbestonderzoek, 11.950 m²).
9 3.
Rapport 18KL233
ONDERZOEKSPROGRAMMA Ten behoeve van dit onderzoek is een programma voor veld- en laboratoriumwerk opgesteld. Verkennend asbestonderzoek (NEN 5707) De onderzoeksopzet ten behoeve van het verkennend asbest onderzoek is gebaseerd op de Nederlandse Eindnorm voor verkennend asbestonderzoek in grond (NEN 5707, paragraaf 6.4.2) voor kleinschalige onverdachte locaties. Volgens de NEN 5707, het verkennend asbest onderzoek, wordt de eerdergenoemde hypothese aanvaard indien ter plaatse in de grond concentraties van onderzochte parameters worden aangetroffen onder de interventiewaarden. Volgens de NEN 5707 (versie augustus 2015, inclusief correctieblad c1 van augustus 2016), het verkennend asbest onderzoek, wordt de eerdergenoemde hypothese aanvaard indien ter plaatse in de grond concentraties aan asbest worden aangetroffen onder 0,5 maal de interventiewaarde. Nader asbestonderzoek (NEN 5707 en NEN 5897) De onderzoeksopzet ten behoeve van het nader asbestonderzoek in grond is gebaseerd op de Nederlandse Eindnorm voor nader asbestonderzoek in grond (NEN 5707, hoofdstuk 7). De onderzoeksopzet ten behoeve van het nader asbestonderzoek in puin is gebaseerd op de Nederlandse Eindnorm voor nader asbestonderzoek in grond (NEN 5897 “Monsterneming en analyse van asbest in onbewerkte bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat”.
Volgens de NEN 5707 en de NEN 5897, het verkennend en nader asbest onderzoek, wordt de eerdergenoemde hypothese aanvaard indien ter plaatse in de grond concentraties van onderzochte parameters worden aangetroffen onder de interventiewaarden. Volgens de NEN 5707 (versie augustus 2015, inclusief correctieblad c1 van augustus 2016), het verkennend asbest onderzoek, wordt de eerdergenoemde hypothese aanvaard indien ter plaatse in de grond concentraties aan asbest worden aangetroffen onder 0,5 maal de interventiewaarde. Verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) 1. Voormalige ondergrondse tanks De onderzoeksopzet is gebaseerd op de Nederlandse Eindnorm voor verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) waarbij de onderzoeksstrategie voor verdachte locaties met een plaatselijke bodembelasting met een duidelijke verontreinigingskern (VEP) is gehanteerd. Dit, omdat de bodem ter plaatse van de voormalige tank(s) mogelijk verontreinigd is met oliehoudende producten. Volgens de NEN5740 wordt de eerdergenoemde hypothese aanvaard indien in de grond en/of het freatisch grondwater concentraties van één of meerdere onderzochte parameters worden aangetroffen boven de achtergrond- of streefwaarden. 2.
Lijmopslag 1 en 2, opslag chroom en gelooid leer en overige terreindeel De onderzoeksopzet is gebaseerd op de Nederlandse Eindnorm voor verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) waarbij de onderzoeksstrategie voor verdachte locaties met diffuse bodembelasting (VED-HE) is gehanteerd. Volgens de NEN5740 wordt de eerdergenoemde hypothese aanvaard indien in de grond en/of het freatisch grondwater concentraties van één of meerdere onderzochte parameters worden aangetroffen boven de achtergrond- of streefwaarden. Hierbij dient rekening te worden gehouden met enige spreiding in de analyseresultaten evenals de ruimtelijke verdeling van de verontreinigde stof(fen) binnen de onderzoekslocatie. Het veldonderzoek is uitgevoerd volgens de SIKB Beoordelingsrichtlijn voor Veldwerk bij Milieuhygiënisch Bodemonderzoek (BRL SIKB 2000) en de Nederlandse Normen en Praktijk Richtlijnen (NEN en NPR) van het Nederlands Normalisatie-Instituut. De verrichte veldwerkzaamheden en chemische analyses zijn weergegeven in tabel 3.
10 Tabel 3: Verrichte veldwerkzaamheden en chemische analyses (deel-)locatie
oppervlakte m2
Verkennend bodemonderzoek Overig terreindeel, 13.500 (nrs. 21 t/m 49)
monsternamepunten1)
Rapport 18KL233
Chemische analyses grond2) grondwater3)
19 boringen tot 0,50 m-mv 1 boring tot 0,65 m-mv 1 boring tot 0,70 m-mv 1 boring tot 0,80 m-mv 5 boringen tot 2,00 m-mv 2 boringen met peilbuis
4 x NEN-bovengrond 3 x NEN-ondergrond
2 x NEN-grondwater