15-12-2022 Bijlage 2. Was-wordt overzicht.docx
Tekst van het document
Overzicht was-wordt Verordening auditcomité Huidige tekst
Nieuwe tekst
Toelichting
Artikel 2. Instelling 1. Er is een werkgroep ten behoeve van de raad, genaamd het audit comité; 2. Het audit comité is onder meer belast met de voorbereiding van uitoefening van de taken van de raad als bedoeld in de controleverordening ex artikel 213 van de Gemeentewet
Artikel 2. Instelling 1. Er is een werkgroep ten behoeve van de raad, genaamd het auditcomité; 2. Het auditcomité is onder meer belast met de voorbereiding van de uitoefening van de taken van de raad als bedoeld in de controleverordening ex artikel 213 van de Gemeentewet
Grammaticale en spellingsaanpassingen.
Artikel 3 Samenstelling
Artikel 3 Samenstelling
Lid 1 en 7: spellingsaanpassing
1. Het audit comité bestaat uit maximaal één lid per fractie in de gemeenteraad. 2. Raadsleden en fractieondersteuners kunnen benoemd worden als lid. 3. De leden van het audit comité worden aan het begin van een nieuwe zittingsperiode van de raad door de raad benoemd. 4. Indien een lid verhinderd is een vergadering bij te wonen, kan hij zich laten vervangen door een raadslid of fractieondersteuner uit dezelfde fractie. 5. De fractievoorzitters dragen kandidaten aan en doen daarvan opgave aan de griffier.
1. Het auditcomité bestaat uit maximaal één lid per fractie in de gemeenteraad. 2. Raadsleden en fractieondersteuners kunnen benoemd worden als lid. 3. De leden van het auditcomité worden aan het begin van een nieuwe zittingsperiode van de raad door de raad benoemd. 4. Indien een lid verhinderd is een vergadering bij te wonen, kan hij zich laten vervangen door een raadslid of fractieondersteuner uit dezelfde fractie. 5. De fractievoorzitters dragen kandidaten aan en doen daarvan opgave aan de griffier.
Lid 10: aangepaste formulering, daar de gemeentewet expliciet aangeeft dat collegeleden en ambtenaren geen lid kunnen zijn van raadscommissies. Zij kunnen wel adviseur zijn. Voorheen was het zodat de portefeuillehouder financiën en het afdelingshoofd standaard werden uitgenodigd voor vergaderingen. Het auditcomité adviseert alle verschillende typen adviseurs gelijk te behandelen en op basis van de agenda/noodzaak wel of niet uit te nodigen. Lid 11: spreekt voor zich.
6. De zittingsperiode eindigt in ieder geval aan het einde van de zittingsperiode van de raad. 7. Hij/zij die ophoudt raadslid of fractieondersteuner te zijn kan geen lid meer van het audit comité zijn. In dat geval kan de betreffende fractie een nieuw lid voordragen voor het audit comité, ter benoeming door de raad. 8. De raad is bevoegd, al dan niet op voorstel van de fractie op wiens voordracht het lid is benoemd, een lid te ontslaan. 9. Een lid, de voorzitter en hun plaatsvervangers kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de voorzitter van de raad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als hun opvolger is benoemd. 10. De portefeuillehouder financiën en het afdelingshoofd financiën zijn adviserend lid van het audit comité. 11. De accountant, de voorzitter of lid van de Rekenkamercommissie, de gemeentesecretaris of, in overleg met de gemeentesecretaris, andere ambtenaren kunnen als adviseur bij het audit comité worden uitgenodigd.
6. De zittingsperiode eindigt in ieder geval aan het einde van de zittingsperiode van de raad. 7. Hij/zij die ophoudt raadslid of fractieondersteuner te zijn kan geen lid meer van het auditcomité zijn. In dat geval kan de betreffende fractie een nieuw lid voordragen voor het auditcomité, ter benoeming door de raad. 8. De raad is bevoegd, al dan niet op voorstel van de fractie op wiens voordracht het lid is benoemd, een lid te ontslaan. 9. Een lid, de voorzitter en hun plaatsvervangers kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de voorzitter van de raad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als hun opvolger is benoemd. 10. De portefeuillehouder financiën, het afdelingshoofd financiën, de accountant, de voorzitter of lid van de Rekenkamercommissie, de gemeentesecretaris of, in overleg met de gemeentesecretaris, andere ambtenaren kunnen als adviseur bij het auditcomité worden uitgenodigd. 11. Het auditcomité kan ook andere gasten uitnodigen.
Lid 12: het auditcomité vergadert in principe in de beslotenheid. In dit lid wordt geregeld dat andere raadsleden of fractieondersteuners eventueel aan kunnen sluiten als toehoorder. Bijvoorbeeld als er een wens is om te verdiepen in de materie die aan de orde komt in het comité. Om regie te houden op het aantal aanwezigen, wordt geadviseerd aanmelding noodzakelijk te maken. De voorzitter beslist over dergelijke aanmeldingen.
12. Raadsleden en fractieondersteuners kunnen, na aanmelding vooraf bij de griffier, als toehoorder aanwezig zijn bij een vergadering van het auditcomité. De voorzitter bepaalt of aan het verzoek kan worden voldaan. Artikel 4. Voorzitter Het auditcomité wijst uit zijn midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter aan.
Artikel 4. Voorzitter Het auditcomité wijst uit zijn midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter aan. Zowel voorzitter als plaatsvervangend voorzitter zijn raadslid.
Artikel 7. Oproepen/vaststellen van de agenda/openbaarheid vergaderingen 1. De vergaderingen zijn niet openbaar, maar als geagendeerde onderwerpen daarom vragen, kan de voorzitter bepalen dat een vergadering openbaar is. 2. Het auditcomité vergadert zo dikwijls als de voorzitter het nodig oordeelt of het door ten minste twee leden schriftelijk met opgaaf van redenen wordt gevraagd. 3. De voorzitter bepaalt in overleg met de griffier de voorlopige agenda van de vergadering. Deze agenda wordt voor de vergadering toegezonden aan de leden van het audit comité.
Artikel 7. Oproepen/vaststellen van de agenda/openbaarheid vergaderingen 1. De vergaderingen zijn niet openbaar, maar als geagendeerde onderwerpen daarom vragen, kan de voorzitter het comité bepalen dat een vergadering openbaar is. 2. Het auditcomité vergadert zo dikwijls als de voorzitter het comité nodig oordeelt of het door ten minste twee leden schriftelijk met opgaaf van redenen wordt gevraagd. 3. De voorzitter bepaalt in overleg met de griffier de voorlopige agenda van de vergadering. Deze agenda wordt voor de vergadering toegezonden aan de leden van het auditcomité.
De gemeentewet stelt dat de voorzitter van een raadscommissie een raadslid zou moeten zijn (waaruit afgeleid kan worden dat fractieondersteuners geen voorzitter kunnen zijn). Bijkomend ‘probleem’ dat hiermee ook voorkomen wordt is dat fractieondersteuners niet het woord kunnen voeren tijdens raadsvergaderingen. Lid en 2: het auditcomité oordeelt over deze zaken liever in gezamenlijkheid dan dit over te laten aan alleen de voorzitter.
4. Het auditcomité stelt bij aanvang van de vergadering de definitieve agenda vast.
4. Het auditcomité stelt bij aanvang van de vergadering de definitieve agenda vast.
Artikel 9. Advisering 1. Het auditcomité stelt een voorstel op waarin adviezen genoemd in artikel 6 zijn opgenomen. 2. Het auditcomité streeft naar advisering bij algemene stemmen, waar sprake is van minderheidsstandpunten worden deze gemotiveerd toegelicht. 3. Het college wordt daarbij de gelegenheid geboden om binnen twee weken schriftelijk te reageren op de bevindingen en de adviezen van het auditcomité. Deze reactie wordt bij het advies gevoegd, waarna het naar de raad wordt verzonden.
Artikel 9. Advisering 1. Het auditcomité adviseert over de onderwerpen zoals genoemd in artikel 6. 2. Het auditcomité streeft naar advisering bij algemene stemmen, waar sprake is van minderheidsstandpunten worden deze gemotiveerd toegelicht. 3. Het college wordt bij schriftelijke adviezen daarbij de gelegenheid geboden om binnen twee weken schriftelijk te reageren op de bevindingen en de adviezen van het auditcomité. Deze reactie wordt bij het advies gevoegd, waarna het naar de raad wordt verzonden. 4. Het auditcomité kan de raad ook mondeling adviseren tijdens raadsvergaderingen, indien het daartoe aanleiding ziet.
Artikel 10. Uitleg regeling Bij twijfel over de betekenis of de toepassing van deze regeling en in gevallen waarin deze regeling niet is voorzien, beslist de voorzitter van het audit comité.
Artikel 10. Uitleg regeling Bij twijfel over de betekenis of de toepassing van deze regeling en in gevallen waarin deze regeling niet is voorzien, beslist het auditcomité.
Lid 1: In de praktijk stelt het auditcomité geen voorstellen op, de formulering in dit artikellid is daarop aangepast. Lid 3: In de nieuwe formulering wordt rekening gehouden met de toevoeging van lid 4, waaruit blijkt dat het auditcomité ook mondeling kan adviseren. Alleen als het gaat om schriftelijke advisering, is het logisch om het college de gelegenheid te geven daarop schriftelijk te reageren. Bij mondelinge advisering kan het college doorgaans in het debat ook mondeling reageren. Lid 4: vastlegging van de praktijk, waarin dit al zo gebeurt.
Ook hier wordt voorgesteld in gezamenlijkheid te besluiten in plaats van deze verantwoordelijkheid exclusief bij de voorzitter neer te leggen.