CConstaterende datLochem
Koppel je AI →
Document · PDF

RV Bijlage 6 Toetsing Plussenbeleid 20241104 2171907

Raadsvergadering 7 april 2025, gemeente LochemBij agendapunt: Ontwerp verklaring van geen bedenkingen aanvraag omgevingsvergunning pluimveestallen te Barchem2.591 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Toelichting Plussenbeleid

Hietland 4 te Barchem

Toetsing Plussenbeleid

aanvrager

Initiatiefnemer Hietland 4 7244 NW Barchem

locatie

Hietland 4 7244 NW Barchem

Agra-Matic B.V. K. van den Berg Postbus 396 6710 BJ Ede

Datum: 4 november 2024 Status: Definitief

INHOUD Inleiding ..................................................................................................................................... 0

Huidige bedrijfssituatie .............................................................................................................. 2

Beoogde bedrijfssituatie ............................................................................................................ 3

Plussenbeleid ............................................................................................................................ 5

Bijlage I: Omgevingsdialoog ................................................................................................................ 8

INLEIDING Naar aanleiding van het Plussenbeleid van de gemeente Lochem, lichten wij het initiatief aan de Hietland 4 te Barchem nader aan u toe. Daarnaast wordt aan het beleid getoetst. Initiatiefnemer exploiteert een vleeskuikenhouderij aan de Hietland 4 te Barchem. Conform de vigerende omgevingsvergunning milieu van d.d. 25 april 2018 kunnen 101.500 vleeskuikens binnen de vier bestaande pluimveestallen worden gehouden. Het voornemen is om de twee bestaande stallen, in onderstaande figuur aangeduid met 1 en 2, te slopen, en hiervoor in de plaats twee nieuwe en up-to-date stallen te realiseren.

4 3 2 1

Figuur 1 Bestaande bedrijfssituatie Hietland 4 te Barchem

Daarnaast worden aan stallen 3 en 4 overdekte uitlopen gerealiseerd ten behoeve van het dierwelzijn. De beoogde bedrijfssituatie is weergegeven in figuur 2. Het aantal dieren binnen de inrichting zal gelijk blijven aan de vigerende vergunningen, echter zal er geïnvesteerd worden in een verbetering voor het dierwelzijn door de dieren meer ruimte te bieden.

0

Figuur 2 beoogde bedrijfssituatie

1

HUIDIGE BEDRIJFSSITUATIE Momenteel houdt het bedrijf 101.500 traditionele vleeskuikens volgens de Europese richtlijnen, zoals vastgelegd in de Europese wet- en regelgeving. Dit houdt in dat de dieren op een oppervlak van 4.900 m² worden gehuisvest, wat neerkomt op een bezettingsgraad van 21 dieren per vierkante meter. Deze bezettingsdichtheid maakt het mogelijk om te produceren voor de Europese markt binnen de daarvoor geldende normen. Hierdoor moeten initiatiefnemers het op dit moment opnemen tegen de Europese markt. Het bedrijf mag conform paragraaf 6.1.2. van het Besluit houders van Dieren een maximale bezettingsdichtheid van 42 kg per vierkante meter hanteren. Om dit doel te bereiken, groeien de kuikens in een periode van 42 dagen onder optimale omstandigheden tot een gemiddeld gewicht van circa 2.500 gram. Om ervoor te zorgen dat de bezettingsdichtheid niet wordt overschreden, wordt een deel van de kuikens, ongeveer 30%, al op een leeftijd van circa 35 dagen uitgeladen. Daardoor krijgen de resterende kuikens meer ruimte om hun groeipotentieel te bereiken, terwijl ze onder de grens van 42 kilogram per vierkante meter blijven. Voor bedrijven die volgens dit traditionele systeem werken, worden geen aanvullende eisen gesteld op het gebied van daglichttoetreding of verrijkingsmateriaal.

De allerbelangrijkste controle op dierenwelzijn betreft het scoren van voetzoollaesies per productieronde, een belangrijke indicator van de strooiselkwaliteit en het welzijn van de dieren. De voetzoollaesies geven inzicht in de leefomstandigheden van de kuikens en worden gebruikt om de gezondheid te scoren. Wanneer een ondernemer voldoende scoort op deze onderdelen mag hij blijven produceren met de 42 kilo per vierkante meter, zoals gesteld in het Besluit houders van Dieren.

2

BEOOGDE BEDRIJFSSITUATIE Initiatiefnemer is voornemens om verdergaande stappen te ondernemen op het gebied van dierwelzijn, zonder hierbij uit te breiden in het aantal dieren. Daarvoor kiezen zij om over te schakelen naar het Beter leven 1-ster keurmerk van de Dierenbescherming. In dit keurmerk wordt zo goed mogelijk tegemoet gekomen aan de behoeftes van vleeskuikens, en om zoveel als mogelijk diereigen gedrag te kunnen vertonen. Dit zijn eisen die verder gaan dan de wettelijke normen voorschrijven. In onderstaande figuur wordt de vergelijking gemaakt ten opzichte van de gangbare vleeskuikenhouderij en het Beter leven 1-ster keurmerk.

Figuur 3 Vergelijking concepten

Naast dat er eisen worden gesteld aan daglicht, afleidingsmateriaal en dat een trager groeiend ras moet worden gebruikt, worden er ook verder gaande eisen gesteld aan het aantal dieren, de dierbezetting en extra leefruimte. Dit betekent dat ten opzichte van de traditionele norm van 42 kilo per vierkante meter er een norm geldt van 25 kilo. Het aantal dieren wordt hierop aangepast, met een max van 12 dieren per vierkante meter. Een overdekte uitloop is noodzakelijk, deze wordt in de dagperiode aan de dieren beschikbaar gesteld door het oplieren van de schuiven bij de openingen die in de tussenwand zijn aangebracht. Richting de avondschemering gaan de dieren naar binnen en daarna sluiten de schuiven de openingen weer af. Zo wordt voorkomen dat de dieren het tijdens de nachtrust koud krijgen. Hier kunnen de dieren optimaal kunnen genieten van het buitenklimaat, waarbij zij toch worden beschermd tegen gevaren zoals ziekten en ongedierte. Een voorbeeld hiervan is weergegeven in figuur 4.

3

Figuur 4 Voorbeeld overdekte uitloop

Daarnaast groeien de dieren langzamer en wordt er een ander ras gebruikt dan in de traditionele houderij. De dieren krijgen acht weken de tijd om het gewenste gewicht te bereiken, wat ten minste twee weken langer is dan in de gangbare vleeskuikenhouderij. Doordat een robuuster en beter bevederd dier wordt gebruikt, met een lagere dierbezetting, is er sprake van een lagere ziektedruk en minder gezondheidsproblemen. Het is belangrijk te beseffen dat het houden van dieren volgens het Beter Leven 1-ster keurmerk niet verplicht is volgens de huidige wet- en regelgeving; dit keurmerk vormt een waardevolle aanvulling op de bestaande normen. Deze manier van dierhouderij leidt echter tot hogere kosten per dier en vereist aanzienlijke investeringen. De stallen moeten worden uitgerust met daglicht, een overdekte uitloop en verplicht verrijkingsmateriaal—voorzieningen die niet noodzakelijk zijn in een traditionele vleeskuikenhouderij. Bovendien is er fors meer ruimte nodig om hetzelfde aantal dieren op het bedrijf te kunnen huisvesten. Daarmee gaat initiatiefnemer verder dan dat de wet van hem verlangt, wat gezien moet worden als een echte plus.

4

PLUSSENBELEID Omdat het oppervlak van de intensieve veehouderij met dan 500 m2 toeneemt, moet aan het Plussenbeleid van de gemeente Lochem worden getoetst. Hieronder worden de diverse onderdelen toegelicht. Landschappelijke kwaliteit Het bedrijf zal landschappelijk worden ingepast in de omgeving. Hiertoe wordt gebruik gemaakt van streekeigen beplanting. Conform het document “Plussenbeleid niet-grondgebonden veehouderij Lochem” is de inrichting gelegen in het gebied Kleinschalig Kampenlandschap.

Figuur 5 Ligging bedrijfslocatie

Kenmerken van het landschap in deze gebieden zijn onder andere kleinschalig landschap, houtwallen en hakhoutbosjes, grillige wegenstructuur met beplanting. Binnen de inrichting zal een houtwal worden gecreëerd om de nieuwe pluimveestallen landschappelijk in te richten en het effect van de nieuwe stallen te minimaliseren. De groenstrook zal zo’n 150 meter lang worden en aan de achterzijde van het bedrijf worden gecreëerd. De kosten worden ingeschat op €100,- per vierkante meter. De strook is 150 meter lang bij 3 meter breed. Een totale investering van €45.000 euro.

5

Figuur 6 Landschappelijke inpassing

Milieu Bij het realiseren van onderhavig initiatief is het milieu een belangrijke parameter. Zo wordt er gebruik gemaakt van warmteterugwinning middels warmtewisselaars, welke inpandig zullen worden geïnstalleerd. Hierdoor worden niet alleen de ammoniak en fijnstofemissies gereduceerd, maar wordt ook de geluidsbelasting naar de omgeving beperkt. Dierwelzijn Dierwelzijn staat voor initiatiefnemers hoog in het vaandel, daarom kiezen zij ervoor om te gaan produceren conform het Beter Leven 1-ster keurmerk van de Dierenbescherming zoals eerder in dit document nader toegelicht. Daarnaast zullen de stallen voldoen aan het MDV-certificaat. Een MDVstal is een veestal met een lagere milieubelasting, met maatregelen voor diergezondheid en dierwelzijn en draagt daardoor bij aan verduurzaming van de veehouderij. Belangrijke thema’s zijn ammoniakemissie, bedrijf & omgeving, brandveiligheid, diergezondheid, dierwelzijn, fijnstof en klimaat. Hieraan zal in de aanvraag worden getoetst. Om bij warme zomerdagen hittestress bij de dieren te voorkomen zal een hogedruk nevelkoeling worden geïnstalleerd. Deze wordt boven de luchtinlaatventielen geïnstalleerd en zal ervoor zorgen dat de binnenkomende lucht wordt afgekoeld. Dit is een effectieve en veel gebruikte manier in pluimveestallen om hittestress bij dieren te voorkomen. Het KWIN hanteert voor het installeren

6

hiervan een prijs van €9,- per vierkante meter stalvloeroppervlak, voor onderhavig initiatief een investering van €43.520,-.

Figuur 7 Voorbeeld nevelkoeling

Dialoog Een belangrijk onderdeel van het Plussenbeleid is dat de omgeving bij het plan wordt betrokken. Een plan kan namelijk gevolgen hebben voor de omgeving. Door in gesprek te gaan met omwonende kan dit tot een beter plan leiden. In de gemeente Lochem noemt men dit ‘Samen buurt maken’. Voor onderhavig initiatief is op 11 december 2023 een omgevingsdialoog georganiseerd. Het volledige verslag hiervan is opgenomen in de bijlage. Conclusie Geconcludeerd kan worden dat met onderhavig initiatief wordt geïnvesteerd in de landschappelijke kwaliteit, bebouwing, het milieu en het dierwelzijn. Daarnaast heeft er participatie met de buurt plaatsgevonden en is het plan besproken. Daarmee kan worden geconcludeerd dat aan alle onderdelen van het Plussenbeleid voldaan wordt en dat de aanvraag Omgevingsvergunning onderdelen bouw en ruimtelijke ordening op dit onderdeel verleend kunnen worden. Vertrouwende u hiermee voor nu voldoende te hebben geïnformeerd. Mocht u naar aanleiding van dit schrijven nadere informatie wensen vernemen wij het graag.

Met vriendelijke groet,

Koen van den Berg Adviseur Bedrijfsontwikkeling AGRA-MATIC B.V.

7

BIJLAGE I: OMGEVINGSDIALOOG

8

Omgevingsdialoog 11 december 2023 Locatie: Hietland 4 Barchem Tijdstip: 19:45 uur Aanwezig: Familie initiatiefnemer Specialist de Heus Voeders Adviseur Agaat Advies Adviseur Agra-Matic Omwonenden; een overzicht is beschikbaar Initiatiefnemer jr. heet iedereen welkom en vertelt waarom omwonenden vanavond zijn uitgenodigd. Hij geeft aan dat de familie voornemens is om over te schakelen naar een duurzamere vorm van het houden van vleeskuikens. Adviseur Agaat Advies heet iedereen nogmaals welkom. Hij geeft aan dat het van belang is de omgeving te betrekken bij ontwikkelingsplannen. Vanaf volgend jaar, onder de omgevingswet, zal dit een belangrijke rol gaan spelen. Daarom is het goed dat we vanavond bijeen zijn gekomen om de plannen van de familie te bespreken. Hij geeft verder aan dat op deze manier de mening van de buurt gehoord wordt en dat er vanavond ruimte is voor hun inbreng. Het programma van de avond wordt doorgenomen. Dank namens familie Loskamp voor aanwezigheid van de buurt vanavond wordt uitgesproken. Er wordt uitgenodigd om contact op te nemen wanneer mensen nadere informatie nodig hebben, dit kan met zowel de aanwezige adviseurs als met de familie. Specialist vleeskuikens van de Heus Voeders, spreekt over de ommekeer die in de landbouw gaande is. De pluimveesector staat voor een grote uitdaging.

In de vleespluimveesector was tot 2007 reguliere kip de standaard, In 2010 kwam de ‘Kip van Morgen’. Hij vertelt over verschillende concepten in de vleeskuikenhouderij en de bijbehorende criteria. Het Beter Leven 1-ster concept van de dierenbescherming wordt uitgelegd, het beeld ten opzichte van traditionele vleeskuikens en dit concept wordt in kaart gebracht. De familie volgt de ontwikkelingen die spelen in de sector en zijn geïnteresseerd in het Beter Leven concept, hierop willen ze nu graag anticiperen. Om hieraan mee te kunnen doen zullen aanpassingen aan het bedrijf gedaan moeten worden. Denk hierbij aan daglicht, een overdekte uitloop en er moeten luzerne, hooi- of strobalen worden geplaatst. Minder dieren per vierkante meter, geen 21, maar 10 dieren. Aan de hand van beelden vertelt de specialist over het houderijsysteem van het Beter Leven. Dieren gaan de uitloop in vanaf een leeftijd van 3 weken. In Nederland zijn circa 600 vleeskuikenbedrijven, daarvan hebben 200 pluimveehouders het concept inmiddels gerealiseerd, 200 bedrijven zijn bezig met een vergelijkbaar traject als de initiatiefnemer en proberen over te schakelen. De andere 200 pluimveehouders produceren nog traditioneel. Deze bedrijven zijn met name gericht op export. Een vraag vanuit de zaal komt: “dit kan toch lang niet overal?”. De specialist geeft aan dat dit inderdaad het geval is.

Brandveiligheid is een belangrijk aspect, maar ook het bouwvlak, enzovoort. Een volgende vraag: is er nog keuze? Ja, geeft de specialist aan, maar de Nederlandse retail vraagt om Beter Leven vleeskuikens, daar gaan we nu voor. Vleeskuikenhouders die zijn overgeschakeld beleven een groter werkplezier.

9

Adviseur Agaat Advies: welke kant gaan we op? Vanaf 1 januari 2024 is alle verse kip in de Nederlandse supermarkt geproduceerd volgens het Beter Leven concept. Je mag instappen in het concept, en je moet dan aantonen bezig te zijn met het vergunningentraject. Je krijgt dan als ondernemer 2 jaar de tijd om het project te realiseren.

Het plan: Zijn er grote wijzigingen voor de omgeving? Dat is beperkt, maar er wordt wel 1 ronde dieren minder per jaar gehouden. De fijnstofemissie daalt wat door toepassing van nieuwe techniek en de ammoniakemissie van het bedrijf wordt fors lager. De geuremissie zal nagenoeg gelijk blijven, maar het effect voor omwonenden wordt pakweg 10% naar gunstiger. De 2 oudere bestaande stallen zullen worden gesloopt, daarnaast wordt aan de bestaande stallen aan beide zijden een uitloop gerealiseerd. De oudere stallen zijn te oud om te renoveren, in de nieuw te realiseren stallen is het mogelijk om de uitlopen inpandig te realiseren. Wat is er in de afgelopen tijd gebeurd? Eerst komt de vraag, wil ik mee doen? Dan komt de vraag, wat moet er gebeuren? Een MER-procedure is doorlopen, alle milieueffecten moeten in beeld gebracht worden, de startnotitie is inmiddels goedgekeurd. Stikstofemissie, een belangrijk onderdeel in Nederland, daalt fors in het nieuwe plan. Vermindering van dieren en vermindering van grote hoeveelheden stikstof. De adviseur legt uit welke onderdelen benodigd zijn tijdens een vergunningsprocedure. MER-procedure, water, landschappelijke inpassing, alles wordt meegenomen. Ook geur en fijnstof wordt geïnventariseerd.

De adviseur geeft de tip om op de website van Stichting Beter Leven van de Dierenbescherming te kijken, daar is een duidelijk beeld geschetst van de diverse concepten. “Waarom moet een uitloop altijd overdekt zijn”, vraagt iemand?. De adviseur legt uit dat kippen niet van natte poten houden en ze beschermd moeten zijn tegen regen, zon en wind. De overdekte uitloop past eigenlijk heel goed bij hun gedrag. De adviseur gaat verder in op de diverse concepten, waarom kiest een ondernemer niet voor meer dan 1 ster? Op dit moment is er een heel kleine markt voor deze concepten. Verder is voor het overkappen van de uitloop het risico op vogelgriep een belangrijk issue. Adviseur Agaat Advies rondt zijn verhaal af, geeft ruimte om vragen te stellen en nodigt uit om te blijven na te praten. De bouwtekening voor de nieuwbouw wordt aan de groep getoond. Zo komen de nieuwe stallen eruit te zien. Deze stallen komen qua uitstraling overeen met de bestaande stallen. De volgende vragen worden gesteld: Hoe gaat het ’s nachts? Het is vanuit het concept verplicht om de dieren 8 uur lang een donkerperiode te bieden. Hoe gaat het met de temperatuur in de stal wanneer de uitloop open is? Continue wordt gemonitord wat de temperatuur en luchtvochtigheid in de stal is, daar wordt op gestuurd. Indien nodig wordt erbij verwarmd.

Een warmtewisselaar scheelt veel, hierdoor komt minder koude lucht de stallen in. Deze staat bij de bestaande stallen al aan de achterzijde. Aan initiatiefnemer jr. wordt de vraag gesteld, jij wil het bedrijf overnemen?

10 

-

Hij geeft aan dat hij het bedrijf over wil nemen, en dat hij kansen ziet om door te gaan met dit concept. De specialist gaat verder: het is mooi dat er jonge ondernemers zijn die, ondanks de druk in de maatschappij, door willen gaan in de sector. Een volgende vraag is: “Is dit een realistisch verdienmodel? Er is ook een grote investering. ”Op dit moment wordt door de retail zekerheid geboden met dit initiatief. Bestaande stallen die omschakelen, daar moet in geïnvesteerd worden. De vraag naar het concept Het Beter Leven 1-ster is er, daar wordt zekerheid voor geboden om dit rendabel te maken. De retail heeft gekozen voor dit concept en gaan hier niet meer van terug komen.

21:00 Initiatiefnemer sr. sluit de avond af en start de borrel. Met een omwonende is een afspraak gemaakt om het plan nader te bespreken. Dit verslag is opgesteld door adviseur Agra-Matic.

 11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15201512/1