CConstaterende datLochem
Koppel je AI →
Document · PDF

Raad_Treasurystatuut 2018

Raadsvergadering 2 maart 2026, gemeente LochemBij agendapunt: Garantie geldlening Stichting Accommodatie Armenkamp-Reigerskamp4.928 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Treasurystatuut gemeente Lochem 2018

1

Inhoud 1 Inleiding ….............................................................................................

3

2 Treasurystatuut ....................................................................................

4

3 Memorie van toelichting ……………………………………………………

11

2

1 Inleiding Dit treasurystatuut is opgesteld op basis van de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) en de Handreiking Treasury 2015 van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. In de Wet fido zijn de kaders gesteld voor een verantwoorde, prudente en professionele inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie van decentrale overheden. Per 15 december 2013 zijn er wijzigingen in de Wet fido van kracht geworden. In de Wet fido is het verplicht schatkistbankieren opgenomen voor decentrale overheden. De wet Schatkistbankieren verplicht decentrale overheden hun overtollige middelen aan te houden bij het ministerie van Financien. De belangrijkste uitzonderingen hierop zijn het drempelbedrag dat mag worden aangehouden op de eigen bankrekeningen en het onderling lenen tussen decentrale overheden indien er tussen beide partijen geen toezichtrelatie bestaat. Voor gemeenten met een begrotingstotaal kleiner of gelijk aan € 500 miljoen is het drempelbedrag gelijk aan 0,75% van het begrotingstotaal, waarbij het drempelbedrag minimaal € 250.000 bedraagt. Voor onze gemeente is een bedrag van circa € 500.000 van toepassing. Door deze ontwikkelingen is een nieuw Treasurystatuut 2018 opgesteld, die in de plaats komt van het huidige Treasurystatuut 2011. Het vaststellen of wijzigen van het treasurystatuut is een bevoegdheid van het college.

Dit is bepaald in artikel 14 “Financieringsfunctie” van de Financiële verordening gemeente Lochem 2017. Het treasurystatuut moet wel ter kennisgeving aan de raad worden gezonden. In het treasurystatuut worden het begrippenkader en de doelstellingen van de treasuryfunctie van de gemeente geformuleerd. Deze worden geconcretiseerd voor de verschillende deelgebieden van treasury, te weten: risicobeheer, gemeentefinanciering en kasbeheer. Daarna komen de administratieve organisatie en de interne controle van de treasuryfunctie aan de orde. Daarbij ligt het accent op de eenduidigheid omtrent de verdeling en scheiding van de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden. Tot slot worden de uitgangspunten vastgelegd voor de informatie die noodzakelijk is om het gehele proces beheersbaar en meetbaar te maken en te houden. In de memorie van toelichting worden waar nodig de in het treasurystatuut opgenomen artikelen toegelicht. Naast het treasurystatuut neemt de gemeente jaarlijks een paragraaf Financiering op in zowel de begroting als in de jaarstukken. Hierin worden de specifieke beleidsvoornemens respectievelijk de uitvoering van het beleid op het gebied van treasury besproken.

3

2 Treasurystatuut Burgemeester en wethouders van de gemeente Lochem, Gelet op artikel 14 van de Financiële verordening gemeente Lochem 2017, artikel 212 van de Gemeentewet en de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido); besluiten: Het navolgende “Treasurystatuut gemeente Lochem 2018” vast te stellen.

Hoofdstuk I Algemene bepalingen Artikel 1 Begrippenkader In dit statuut wordt verstaan onder: - Derivaten

Financiële instrumenten die hun bestaan ontlenen aan een bepaalde onderliggende waarde. De onderliggende waarden kunnen financiële producten, zoals leningen of obligaties zijn. Derivaten worden onder andere gebruikt om renterisico’s te sturen en financieringskosten te minimaliseren.

- Financiering

Het aantrekken van benodigde financiële middelen voor een periode van minimaal één jaar. Deze middelen kunnen bestaan uit zowel eigen vermogen als vreemd vermogen.

- Geldstromenbeheer

Al die activiteiten die nodig zijn om liquiditeiten te transfereren zowel binnen de organisatie zelf als tussen de organisatie en derden (betalingsverkeer).

- Intern liquiditeitsrisico

De risico’s van mogelijke wijzigingen in de liquiditeitenplanning en meerjaren investeringsplanning waardoor financiële resultaten kunnen afwijken van de verwachtingen.

- Kasgeldlimiet

Een bedrag op basis van de Wet fido ter grootte van een percentage van het totaal van de jaarbegroting (totaal van de lasten) van de gemeente bij aanvang van het jaar.

- Koersrisico

Het risico dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen door negatieve koersontwikkelingen.

- Kredietrisico

De risico’s op een waardedaling van een vordering ten gevolge van het niet (tijdig) na kunnen komen van de verplichtingen door de tegenpartij als gevolg van insolventie of deficit.

- Liquiditeitenbeheer

Het aantrekken en uitzetten van middelen voor een periode tot één jaar.

- Liquiditeitenplanning

Een gestructureerd overzicht van de toekomstige inkomsten en uitgaven ingedeeld naar aard en tijdseenheid.

- Rating

De inschatting van de kans op eventuele wanbetalingen bij toekomstige rente- en aflossingsbetalingen op schuldpapier.

- Renterisico

Het gevaar van ongewenste veranderingen van de (financiële) resultaten van de gemeente door rentewijzigingen.

4

- Renterisiconorm

Een bij de aanvang van enig jaar op basis van de Wet fido gefixeerd percentage van het begrotingstotaal van de gemeente dat bij de realisatie niet mag worden overschreden.

- Rentetypische looptijd

Het tijdsinterval gedurende de looptijd van een geldlening, waarin op basis van de voorwaarden van de geldlening sprake is van een door de verstrekker van de geldlening niet beïnvloedbare, constante rentevergoeding.

- Saldobeheer

Het beheer van de dagelijkse saldi op de rekeningen.

- Schatkistbankieren

Het door decentrale overheden aanhouden van overtollige middelen in de schatkist bij het ministerie van Financien.

- Rentevisie

Toekomstverwachting over de renteontwikkeling.

- Solvabiliteitsratio van 0%

Status die door een bancaire toezichthouder in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte (lidstaten van de Europese Unie uitgebreid met Noorwegen, IJsland en Liechtenstein) aan het schuldpapier van een onderneming kan worden toegekend.

- Treasuryfunctie

De treasuryfunctie omvat alle activiteiten die zich richten op het besturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële stromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. De treasuryfunctie bestaat uit vier deelfuncties: risicobeheer, gemeentefinanciering, kasbeheer en debiteuren- en crediteurenbeheer.

- Treasurer

De medewerker van het team financieel beleid en beheer die is belast met de dagelijkse uitvoering van het treasurybeleid. Hij/zij is daartoe aangewezen door het afdelingshoofd Financiën.

- Uitzetting

Het tijdelijk toevertrouwen van liquiditeiten aan derden tegen vooraf overeengekomen condities en bedingen. Kortlopende uitzettingen hebben betrekking op een periode tot één jaar en langlopende uitzettingen hebben betrekking op een periode van één jaar of langer.

Artikel 2 Doelstellingen van de treasuryfunctie De treasuryfunctie van de gemeente Lochem dient tot: 1. het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities; 2. het beschermen van gemeentelijke vermogens- en (rente-)resultaten tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, koersrisico’s, kredietrisico’s en liquiditeitsrisico’s; 3. het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities; 4. het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet fido respectievelijk de limieten en richtlijnen van het treasurystatuut. Artikel 3 Uitgangspunten risicobeheer Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten: 1. de gemeente mag leningen of garanties uit hoofde van de “publieke taak” uitsluitend verstrekken aan door de Gemeenteraad goedgekeurde derde partijen; 2. de gemeente kan middelen uitzetten uit hoofde van de treasuryfunctie indien deze uitzettingen een prudent karakter hebben en niet zijn gericht op het genereren van inkomen door het lopen van overmatig risico. Het prudente karakter van deze uitzettingen wordt gewaarborgd middels de richtlijnen en limieten van dit treasurystatuut; 3. het gebruik van derivaten is niet toegestaan.

5

Artikel 4 Renterisicobeheer 1. Voor de kasgeldlimiet zijn de voorschriften van de Wet fido van toepassing. 2. De renterisiconorm als bedoeld in de Wet fido wordt niet overschreden. 3. Nieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning. 4. De rentetypische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening/uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie. Artikel 5 Koersrisicobeheer De gemeente beperkt de koersrisico’s op eventuele uitzettingen door uitsluitend gelden uit te zetten in vastrentende waarden. Artikel 6 Tijdelijke Uitzettingen Voor tijdelijke uitzettingen uit hoofde van de treasuryfunctie gelden de volgende specifieke uitgangspunten en richtlijnen: 1. uitzettingen worden gedaan conform de wet van 11 december 2013 tot wijziging van de Wet financiering decentrale overheden in verband met het rentedragend aanhouden van liquide middelen in ’s Rijks schatkist (verplicht schatkistbankieren) en de Regeling schatkistbankieren decentrale overheden. Gelden kunnen worden aangehouden op een rekening-courant of een deposito. De keuze van het uitzetten op een rekening-courant of een deposito wordt bepaald op basis van de liquiditeitenplanning en de rentevisie van de gemeente Lochem; 2.

in afwijking van onderdeel 1 kan worden besloten de liquide middelen uit te zetten bij andere decentrale overheden, met dien verstande dat deze openbare lichamen geen financiële toezichtrelatie hebben met de gemeente Lochem; 3. indien gekozen wordt voor het uitzetten van gelden bij een openbaar lichaam wordt dit eerst ter goedkeuring voorgelegd aan het college.

Artikel 7 Liquiditeits- en valutarisicobeheer. 1. De gemeente Lochem beperkt haar interne liquiditeitsrisico’s door haar treasuryactiviteiten te baseren op een liquiditeitenplanning. 2. Valutarisico’s worden in de gemeente Lochem uitgesloten door uitsluitend leningen aan te gaan, te verstrekken of te garanderen in euro’s.

Artikel 8 Financiering (aangaan van leningen met een looptijd van langer dan één jaar)) Bij het aantrekken van financieringen voor een periode van één jaar en langer gelden de volgende uitgangspunten: 1. financieringen worden enkel aangetrokken ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak; 2. financiering met externe financieringsmiddelen wordt zoveel mogelijk beperkt door primair de beschikbare interne financieringsmiddelen te gebruiken om het renteresultaat te optimaliseren; 3. toegestane instrumenten bij het aantrekken van financieringen zijn alleen onderhandse leningen; 4. het voornemen tot aantrekken van lang vermogen met een looptijd van maximaal 18 maanden moet door het hoofd afdeling Financiën ter goedkeuring worden voorgelegd aan de portefeuillehouder Financiën; 5. voor het aantrekken van leningen met een looptijd langer dan 18 maanden is een besluit van het college van burgemeester en wethouders nodig. 6. Alvorens een langlopende geldlening wordt aangetrokken, worden minimaal twee offertes gevraagd, waarvan één bij de huisbankier. De in de regel telefonisch ontvangen offertes worden intern schriftelijk vastgelegd door de beleidsmedewerker financieel beleid en beheer en geaccordeerd door het hoofd Financiën. 7. Afwijkingen van bovenstaande punten moeten door het college van burgemeester en wethouders worden besloten.

6

Artikel 9 Langlopende uitzettingen. Bij het uitzetten van middelen uit hoofde van de treasuryfunctie voor een periode langer dan een jaar gelden de volgende uitgangspunten: 1. uitzettingen worden uitsluitend gedaan onder de in de artikelen 4, 5, 6 en 7 genoemde voorwaarden; 2. het voornemen tot het uitzetten van middelen voor een periode van minimaal 1 jaar en maximaal 2 jaar moet door het hoofd afdeling Financiën ter goedkeuring worden voorgelegd aan de portefeuillehouder Financiën; 3. voor uitzettingen langer dan 2 jaar is een besluit van het college van burgemeester en wethouders nodig; Artikel 10 Leningen en garanties De gemeente mag leningen of garanties uitsluitend verstrekken uit hoofde van de publieke taak. De gemeenteraad bepaalt de publieke taak. Bij het verstrekken van leningen uit hoofde van de publieke taak worden indien mogelijk zekerheden of garanties geëist. Artikel 11 Geldstromenbeheer. Teneinde de kosten van het geldstromenbeheer te minimaliseren wordt: 1. het liquiditeitsgebruik beperkt door de geldstromen op gemeenteniveau op elkaar en op de liquiditeitenplanning af te stemmen. Hierbij wordt erop toegezien dat de liquiditeitspositie voldoende is om te garanderen dat de verplichtingen tijdig kunnen worden nagekomen; 2. het betalingsverkeer zoveel mogelijk elektronisch uitgevoerd door één bank.

Artikel 12 Saldo- en liquiditeitenbeheer Voor het saldobeheer en het liquiditeitenbeheer (middelen met een looptijd van maximaal een jaar) gelden de volgende specifieke richtlijnen: 1. de gemeente streeft naar concentratie van de liquiditeiten binnen één rentecompensatiecircuit bij één bankonderneming; 2. indien er een liquiditeitsbehoefte ontstaat worden kortlopende middelen aangetrokken (met inachtneming van artikel 4 lid 1); 3. toegestane instrumenten bij het aantrekken van kortlopende middelen zijn daggeld, kasgeldleningen en rekening courant-kredieten; 4. toegestane instrumenten bij het uitzetten van gelden zijn schatkistbankieren, rekeningcourant, daggeld en deposito’s; Artikel 13 Uitgangspunten administratieve organisatie en interne beheersing In het kader van de treasuryfunctie gelden de volgende algemene uitgangspunten op het gebied van administratieve organisatie en interne controle: 1. de verantwoordelijkheden en bevoegdheden van treasuryactiviteiten zijn op eenduidige wijze schriftelijk vastgelegd; 2. bevoegdheden zijn via delegatie en mandaat nader schriftelijk vastgelegd; 3. bij de uit te voeren treasury-activiteiten is functiescheiding doorgevoerd met als belangrijkste voorwaarden: a. iedere transactie wordt door minimaal twee functionarissen geautoriseerd (het vierogenprincipe); b. de uitvoering en de controle geschieden door afzonderlijke functionarissen; c.

de uitvoering en de registratie in de financiële administratie geschiedt door afzonderlijke functionarissen. 4. tegenpartijen wordt opdracht gegeven de bevestigingen van iedere transactie te versturen naar de financiële administratie zonder tussenkomst van de personen die bevoegd zijn tot het sluiten van de transacties; 5. een transactie wordt geregistreerd in de financiële administratie door de functionaris die voor de administratieve verwerking verantwoordelijk is;

7

Artikel 14 Verantwoordelijkheden. De verantwoordelijkheden met betrekking tot de treasuryfunctie van de gemeente staan in onderstaande tabel gedefinieerd. Functie De Gemeenteraad

Het college van B&W

De portefeuillehouder Financiën

Hoofd afdeling Financiën

Beleidsmedewerker financieel beleid en beheer

Verantwoordelijkheden  Het vaststellen van treasurydoelstellingen, het treasurybeleid, beleidskaders en limieten.  Het vaststellen van de paragraaf financiering in de begroting en het jaarverslag.  Het houden van toezicht op het treasurybeleid en de uitvoering hiervan.  Het evalueren en als gevolg daarvan (eventueel) bijstellen van het treasurybeleid.  Het uitvoeren van de niet aan het college van B&W overgedragen treasury-activiteiten.  Het vaststellen van het treasurystatuut.  Het uitvoeren van het treasurybeleid (formele verantwoordelijkheid).  Het uitzetten van middelen voor een periode van minimaal 2 jaar.  Het aangaan van langlopende leningen voor een periode langer dan 18 maanden.  Het rapporteren aan de Gemeenteraad over de uitvoering van het treasurybeleid.  Het uitvoeren van het treasurybeleid (politieke verantwoordelijkheid).  Toestemming geven voor het aantrekken van lang vermogen en het uitzetten van middelen voor een periode van minimaal 1 jaar en maximaal 2 jaar.  Het aangaan van langlopende leningen lager dan € 20.000.000 en voor een periode van maximaal 18 maanden.  Het uitvoeren van de aan/hem gemandateerde treasuryactiviteiten conform het treasurystatuut en de paragraaf Financiering.  Het zorgdragen voor juiste verantwoording van de uitvoering van de door hem/haar gemandateerde treasuryactiviteiten.

 Het rapporteren aan B&W over de uitvoering van het treasurybeheer.  Het afleggen van verantwoording aan het college van B&W.  Het uitvoeren van de activiteiten met betrekking tot de volgende deelfuncties: het risicobeheer, gemeentefinanciering (financiering, uitzetting en relatiebeheer) en kasbeheer. Deze activiteiten moeten conform dit treasurystatuut en de paragraaf financiering worden uitgevoerd en de transacties dienen geautoriseerd te zijn door het hoofd van de afdeling Financiën.  Het opstellen van de rentevisie.  Het aantrekken en uitzetten van gelden in het kader van het saldo- en liquiditeitenbeheer.  Het beheren van de geldstromen.  Het onderhouden van contacten met banken, geldmakelaars en overige financiële ondernemingen.  Het afsluiten van financiële contracten voortvloeiend uit bovenstaande deelfuncties.

8

  

Financiële administratie

  

Beleidsmedewerker P&C

Externe accountant

Het schriftelijk vastleggen van de treasurytransacties. Het opstellen van de paragraaf Financiering in de begroting en de jaarrekening. Het afleggen van verantwoording aan het hoofd afdeling Financiën over de uitvoering van de aan hem/haar gemandateerde activiteiten. Het overboeken van saldi tussen de bankrekeningen. Het afhandelen van het contante en girale betalingsverkeer. Het juist en volledig administreren van de bezittingen, schulden, rechten, verplichtingen, inkomsten, uitgaven, ontvangsten en betalingen in de verplichtingen- en financiële administratie. Het voeren van de interne controle op de uitgevoerde treasurytransacties. Het in het kader van haar reguliere controletaak adviseren en controleren over de feitelijke naleving van het treasurystatuut.

Artikel 15 Bevoegdheden In onderstaande tabel staan bevoegdheden met betrekking tot treasury-activiteiten weergegeven alsmede de daarbij benodigde fiattering.

Saldo-, liquiditeiten- geldstromenbeheer 1. Het uitzetten van middelen via callgeld, deposito en spaarrekeningen voor een periode van maximaal één jaar 2. Het aantrekken van middelen via callgeld of kasgeld voor een periode van maximaal één jaar en een bedrag van maximaal € 10.000.000. Bankrelatiebeheer 3. Bankrekeningen openen/sluiten/wijzigen.

4. Bankcondities en tarieven afspreken.

Financiering, uitzetting en Garantieverstrekkingen 5. Het vaststellen van kredietfaciliteiten.

6. Het aantrekken van middelen via onderhandse leningen tot € 20.000.000 en een looptijd van maximaal 18 maanden. 7. Het aantrekken van middelen via onderhandse leningen met een looptijd van langer dan 18 maanden. 8. Het uitzetten van middelen voor een periode van minimaal 1 jaar en maximaal 2 jaar 9. Het uitzetten van middelen langer dan 2 jaar. 10. Het verstrekken van leningen aan

Bevoegd functionaris (eerste handtekening)

Autorisatie door (tweede handtekening)

Beleidsmedewerker financieel beleid en beheer Beleidsmedewerker financieel beleid en beheer

Hoofd afdeling Financiën

Beleidsmedewerker financieel beleid en beheer Beleidsmedewerker financieel beleid en beheer

Hoofd afdeling Financiën

Beleidsmedewerker financieel beleid en beheer Hoofd afdeling Financiën

Hoofd afdeling Financiën

Hoofd afdeling Financiën

College van B&W

Hoofd afdeling Financiën

Portefeuillehouder Financiën

Hoofd afdeling Financiën

College van B&W

College van B&W

Gemeenteraad

Hoofd afdeling Financiën

Hoofd afdeling Financiën

Portefeuillehouder Financiën

9

derden uit hoofde van de publieke taak. 11. Het garanderen van middelen uit hoofde van de publieke taak.

College van B&W

Gemeenteraad

Artikel 16 Informatievoorziening Met betrekking tot de treasury-activiteiten dient tenminste de in de onderstaande tabel opgenomen informatie te worden verstrekt door de betreffende functionarissen: Omschrijving informatievoorziening Jaarlijkse liquiditeitenplanning.

Beleidsplannen treasury in paragraaf Financiering van begroting. Verantwoording in paragraaf Financiering van jaarverslag. Informatie aan derden (toezichthouder en CBS) zoals genoemd in art. 8 Wet fido. Ter kennisname zenden Treasurystatuut. Afgesloten langlopende geldleningen.

Informatieverstrekker Beleidsmedewerker financieel beleid en beheer Hoofd afdeling Financiën

Informatieontvanger Hoofd afdeling Financiën

Hoofd afdeling Financiën

Gemeenteraad

Beleidsmedewerker financieel beleid en beheer College van B&W Hoofd afdeling Financiën

Derden

Gemeenteraad

Gemeenteraad Portefeuillehouder Financiën

Planning en control Jaarlijks zal bij de begroting als onderdeel van de paragraaf Financiering een raming worden opgesteld over de benodigde financieringsbehoefte van het komende jaar en de drie daarop volgende jaren. In het jaarverslag zullen de resultaten van de beleidsuitvoering worden vermeld. Voor zover daartoe aanleiding bestaat, zal bij de bestuursrapportages worden ingegaan op de uitvoering van het treasurybeleid.

Hoofdstuk VI Slotbepalingen Artikel 17 Hardheidsclausule. In gevallen waarin dit statuut niet voorziet besluiten burgemeester en wethouders. Artikel 18 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Dit treasurystatuut treedt in werking met ingang van 1 januari 2018. Met de inwerkingtreding van dit besluit komt het treasurystatuut van 2011 te vervallen. 2. Dit statuut wordt aangehaald als: “Treasurystatuut gemeente Lochem 2018”.

10

3 Memorie van toelichting In dit treasurystatuut is het treasurybeleid van de gemeente Lochem op hoofdlijnen vastgelegd. Dat gebeurt in de eerste plaats door het aangeven van de doelstellingen van de treasuryfunctie (in artikel 2). Vervolgens geeft het bestuur in het treasurystatuut aan binnen welke richtlijnen en limieten de doelstellingen dienen te worden gerealiseerd. Een richtlijn is een bindend voorschrift voor een handelswijze die gevolgd moet worden en een limiet is een type richtlijn die een uiterste grens aangeeft. Een belangrijk deel van de limieten en richtlijnen is bepaald door de Wet fido. Middels de limieten en richtlijnen wordt het “risicoprofiel” van de gemeente bepaald, waarbinnen de treasuryactiviteiten dienen te worden uitgevoerd. De paragraaf financiering bij de begroting geeft de beleidsplannen voor de treasuryfunctie voor de komende jaren en in het bijzonder voor het eerstkomende jaar weer. Het bevat onder meer gegevens over de algemene ontwikkelingen en de concrete beleidsplannen binnen de kaders van het treasurystatuut. Het gaat hierbij vooral om de plannen voor het risicobeheer, de gemeentefinanciering (analyse financieringspositie, leningen- en garantieportefeuille en uitzettingsportefeuille) en het kasbeheer. Uit de toelichting zal moeten blijken dat de plannen binnen de kaders van de Wet fido en het treasurystatuut blijven.

De paragraaf financiering in het jaarverslag geeft in het bijzonder een verschillenanalyse tussen de plannen zoals deze zijn opgenomen in de begroting en de realisatie in het verslagjaar. Artikel 2

In artikel 2 worden de doelstellingen van de treasuryfunctie van de gemeente Lochem weergegeven, hieronder worden deze afzonderlijk toegelicht.

Artikel 2 lid 1

In de eerste plaats dient de treasury ervoor te zorgen dat de gemeente Lochem “duurzaam toegang heeft tot de financiële markten tegen acceptabele condities”. De treasury dient te waarborgen dat de gemeente Lochem duurzaam in staat is de voor haar activiteiten benodigde middelen aan te trekken c.q. haar overtollige middelen uit te zetten. De condities die daarbij worden bedongen dienen, in het licht van de op het betreffende moment gebruikelijke condities, acceptabel (tenminste marktconform) te zijn.

Artikel 2 lid 2

De gemeente Lochem loopt de volgende financiële risico’s: renterisico’s, koersrisico’s, kredietrisico’s, interne liquiditeitsrisico’s en valutarisico’s. Het is de taak van de treasury dergelijke risico’s tegen acceptabele condities te beperken. In de artikelen 4 tot en met 7 wordt aangegeven op welke wijze dit wordt gewaarborgd.

Artikel 2 lid 3

De derde doelstelling van de treasuryfunctie is het minimaliseren van de kosten bij het beheren van de geldstromen en de financiële posities. Deze kosten bestaan onder andere uit rentekosten, provisies en kosten van het betalingsverkeer. Het is de taak van de beleidsmedewerker financieel beleid en beheer het beheer zo efficiënt mogelijk uit te voeren.

Artikel 2 lid 4

De gemeente Lochem streeft ernaar de renteresultaten te optimaliseren. Dit betekent dat de gemeente Lochem geen middelen onbenut laat maar streeft naar zo hoog mogelijke renteopbrengsten (c.q. zo laag mogelijk rentekosten) zonder dat daarbij overmatige risico’s worden gelopen. De prioriteiten van de treasuryfunctie liggen in eerste instantie bij het beheersen en beperken van financiële risico’s; de treasuryfunctie is immers géén winstgerichte afdeling (“profit center”). Binnen het acceptabele risicoprofiel zoals vastgesteld in de Wet fido en dit treasurystatuut dient desondanks te worden gestreefd naar optimalisatie van de renteresultaten.

Artikel 3 lid 1

De Wet fido geeft twee belangrijke beleidsmatige uitgangspunten met betrekking tot treasury. Dit betreft enerzijds de “publieke taak” waarvoor leningen en garanties dienen en anderzijds het prudente karakter van de (overige) uitzettingen. Er wordt hierbij dus een specifiek onderscheid gemaakt tussen het verstrekken van leningen “uit hoofde van de publieke taak” en het uitzetten van middelen “uit hoofde van treasury”.

11

De wet stelt geen eisen aan het verstrekken van leningen en garanties uit hoofde van de publieke taak. Wel wordt in de toelichting op de Wet fido het volgende aangegeven: “Het gemeentebestuur bepaalt de publieke taak. De begroting en de begrotingswijzigingen bepalen het budgettaire kader voor de uitoefening van de publieke taak”. In dit licht is het dus niet de afdeling Financiën die het politieke besluit voor dergelijke garanties en leningen voorbereidt. Wel wordt geadviseerd dat het gemeentebestuur het advies van de afdeling Financiën inwint voordat zij een beslissing neemt ten aanzien van het verstrekken van leningen of garanties uit hoofde van de publieke taak. Artikel 3 lid 2

Conform de Wet fido, dienen uitzettingen “uit hoofde van treasury” (zie toelichting artikel 3 lid 1) een prudent karakter te hebben. In de Wet fido en de bijbehorende ministeriële regelingen wordt het begrip “prudent” nader uitgewerkt. Het aangaan van financiële transacties met als oogmerk die financiële waarden te zijner tijd eventueel met winst te verkopen, is nadrukkelijk niet toegestaan (zie artikel 2 lid 2 Wet fido en de memorie van toelichting op de Wet fido). De limieten en richtlijnen van dit treasurystatuut zijn specifiek geformuleerd om het prudente karakter van de uitzettingen uit hoofde van treasury te garanderen en hebben derhalve géén betrekking op (eventueel) verstrekte leningen of garanties uit hoofde van de “publieke taak” van de gemeente.

Artikel 3 lid 3

Derivaten zijn financiële instrumenten die hun bestaan ontlenen aan een bepaalde onderliggende waarde. Derivaten kennen een breed toepassingsgebied en worden onder andere gebruikt om renterisico’s te sturen en financieringskosten te minimaliseren. De Wet fido stelt dat derivaten uitsluitend mogen worden gebruikt ter beperking van financiële risico’s. Gezien de (mogelijke) complexiteit van derivaten en de geringe kennis binnen de gemeentelijke organisatie omtrent dergelijke instrumenten is het gebruik ervan uitgesloten.

Artikel 4 lid 1

Renterisicobeheer omvat het beperken van de invloed van (externe-) rentewijzigingen op de financiële resultaten van de gemeente Lochem. Een belangrijk uitgangspunt van de Wet fido is het vermijden van grote fluctuaties in de rentelasten van openbare lichamen. Teneinde een grens te stellen aan korte financiering (met een rentetypische looptijd tot één jaar) is in de Wet fido de kasgeldlimiet opgenomen. Juist voor korte financiering geldt dat het renterisico aanzienlijk kan zijn, aangezien fluctuaties in de rente bij korte financiering direct een relatief grote invloed hebben op de rentelasten. De kasgeldlimiet wordt berekend als een percentage (8,5%) van het totaal van de jaarbegroting van de gemeente bij aanvang van het jaar (zie artikel 3 en 4 van de Wet fido en de Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden).

Artikel 4 lid 2

Het doel van de renterisiconorm is het beheersen van de renterisico’s op de vaste schuld (schuld met een rentetypische looptijd van één jaar of langer) door het aanbrengen van spreiding in de looptijden in de leningenportefeuille.

Artikel 4 lid 3

Afstemming op de liquiditeitenplanning beoogt middelen slechts te lenen cq. uit te zetten gedurende de periode dat zij daadwerkelijk nodig respectievelijk beschikbaar zijn.

Artikel 4 lid 4

Een rentevisie is een toekomstverwachting over de renteontwikkeling, op basis waarvan een financiering- en beleggingsbeleid wordt gevoerd. afstemming van het beleid op de rentevisie betekent bijvoorbeeld het uitstellen van uitzettingen met een lange looptijd indien men een rentestijging verwacht..

Artikel 5

Koersrisico’s worden uitgesloten door alleen gelden uit te zetten in vastrentende waarden. De looptijd van de uitzetting wordt afgestemd op de liquiditeitenplanning.

12

Artikel 6

Overtollige gelden mogen alleen uitgezet worden in ’s Rijks schatkist of decentrale overheden (uitgezonderd de Provincie Gelderland).

Artikel 7 lid 1

Interne liquiditeitsrisico’s doen zich bijvoorbeeld voor wanneer de gemeente middelen voor een bepaalde periode heeft uitgezet en gedurende de looptijd van de uitzetting blijkt dat de middelen (onverwacht) nodig zijn voor het doen van een investering. Dit kan tot gevolg hebben dat de gemeente tijdelijk een lening moet aantrekken (wanneer de uitzettingen vast staan in bijvoorbeeld een deposito). Ter beperking van dit risico baseert de gemeente haar financiële transacties op een liquiditeitenplanning waarin de toekomstige inkomsten en uitgaven van de gehele organisatie zijn gepland. Teneinde aansluiting te zoeken op de meerjarige investeringsplanning van de gemeente is ervoor gekozen om een liquiditeitenplanning voor een periode van 4 jaar op te stellen. In de praktijk is het opstellen van een betrouwbare en nauwkeurige liquiditeitenplanning niet eenvoudig. Dit heeft te maken met de inherente onzekerheden die verbonden zijn aan de activiteiten van de gemeente en de hieraan verbonden mogelijke financiële gevolgen.

Artikel 8 lid 1

Het aantrekken van middelen met als doel deze met winstoogmerk te beleggen is door artikel 2 lid 2 van de Wet fido (zie ook memorie van toelichting op de Wet fido) nadrukkelijk niet toegestaan.

Artikel 8 lid 2

Teneinde de renteresultaten te optimaliseren wordt zoveel mogelijk intern gefinancierd.

Artikel 8 lid 3

Onderhandse geldleningen zijn leningen waarbij de voorwaarden van de lening in onderling overleg met de geldgevende partij kunnen worden vastgesteld.

Artikel 8 lid 6

Deze richtlijn beoogt de marktconformiteit van financieringen te waarborgen, voor bijvoorbeeld te betalen rentepercentages, provisies, (boete)clausules bij vervroegde aflossing et cetera. Middels het opvragen van meerdere offertes wordt bereikt dat de gemeente Lochem een objectief beeld heeft van de op dat moment gebruikelijke tarieven en voorwaarden op de financiële markten. Op basis daarvan kan een afgewogen keuze worden gemaakt.

Artikel 9

In het onderdeel Risicobeheer (artikel 3 tot en met 7) is gedefinieerd op welke wijze de gemeente Lochem het prudente karakter van haar uitzettingen waarborgt. In dit artikel worden aanvullende richtlijnen met betrekking tot uitzettingen geformuleerd.

Artikel 10

Onder garanties wordt verstaan het (gedeeltelijk) garant staan voor leningen aan te gaan door organisaties welke een relatie hebben met de gemeente Lochem vanuit haar publieke taak.

Artikel 11

Geldstromenbeheer omvat met name het zorgdragen voor een efficiënt betalingsverkeer. Het laten uitvoeren van het betalingsverkeer door één bank heeft als voordeel dat de kosten van het overboeken van middelen tussen verschillende banken worden vermeden.

Artikel 12 lid 1 Het saldo en liquiditeitenbeheer betreft het beheer van de dagelijkse saldi op de rekeningen (-courant) van de gemeente Lochem. Teneinde de noodzaak tot het oen van interne overboekingen te beperken, worden verschillende rekeningen die de gemeente bij één bank aanhoudt, opgenomen in een rentecompensatiecircuit. Dit is een systeem waarbij de (valutaire) debet en creditsaldi van alle rekeningen van een organisatie worden samengevoegd tot één gecombineerd saldo, waarover de rente wordt berekend.

13

Artikel 12 lid 3 In dit lid worden limitatief de mogelijke korte termijn financieringsinstrumenten benoemd. De term daggeld (ook wel callgeld genoemd) staat voor opgenomen of uitgezette middelen voor onbepaalde tijd die dagelijks gewijzigd kan worden. Kasgeldleningen zijn niet verhandelbare leningen voor een vast bedrag en een vaste periode en tegen een vooraf overeengekomen rentepercentage. Krediet in rekening courant betreft de mogelijkheid debet (“rood”) te staan op de rekening courant tegen vooraf overeengekomen condities. Artikel 13

Bij de treasuryfunctie zijn meerdere personen en organen betrokken. Het treasurystatuut legt expliciet het delegatie- en mandateringspatroon vast, in casu welke taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden de betrokken partijen hebben. Met het oog op de omvang en de aard van de transacties en de hiermee samenhangende risico’s, is in dit artikel een aantal specifieke uitgangspunten opgenomen teneinde een eenduidige functiescheiding aan te brengen tussen beleidsbepaling en de uitvoering en tussen de administratie en controle op financiële transacties.

Artikel 14

De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de functionarissen die binnen de gemeente betrokken zijn bij de treasury-activiteiten zijn in artikel 15 respectievelijk artikel 16 beschreven. De toekenning van de genoemde functies en bijbehorende bevoegdheden en verantwoordelijkheden aan functies en/of functionarissen vindt plaats via de hiertoe dienende documenten (mandaten, besluiten e.d.). Deze verantwoordelijkheden dienen te worden gecommuniceerd naar de betrokkenen.

Artikel 15

De eindverantwoordelijkheid voor het treasurybeleid ligt primair bij het bestuur van de gemeente Lochem. Teneinde niet onnodig te worden belast met het dagelijkse treasurybeheer draagt het bestuur een deel van haar bevoegdheden over aan de ambtelijke organisatie. De praktische uitvoering van het beleid heeft dus vooral op ambtelijk niveau plaats, met als voordeel een slagvaardiger optreden. Bij de toewijzing van bevoegdheden is zoveel mogelijk rekening gehouden met de vereiste functiescheiding tussen besluitvorming, uitvoering, administratie en controle.

Artikel 16

De tabel in dit artikel geeft weer op welke wijze de informatievoorziening wordt gewaarborgd. Het verstrekken van juiste, tijdige, volledige en relevante verantwoordingsinformatie moet gerekend worden tot de belangrijkste succesfactoren voor het kunnen beheersen van de financiële en interne risico’s van de gemeente Lochem.

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16432126/1