CConstaterende datLochem
Koppel je AI →
Document · PDF

Raad 10 Aanmeldnotitie Vormvrije mer juni 2024

Raadsvergadering 7 april 2025, gemeente LochemBij agendapunt: Bestemmingsplan Barchemse Bos2.923 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

AANMELDNOTITIE VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING Woningbouw Barchemse bos, Barchem Juni 2024 1. Aanleiding In het bosperceel aan de Borculoseweg, het ‘Barchemse bos’ genoemd, wordt voorzien in de bouw van zes vrijstaande woningen. De realisatie van de nieuwe woningen past niet binnen het geldende bestemmingsplan. Om de nieuwbouw mogelijk te maken wordt daarom het bestemmingsplan herzien. Ten behoeve van het nieuwe bestemmingsplan zijn alle relevante milieuaspecten onderzocht, al dan niet met bijbehorende rapportages. Ook dient er een vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden uitgevoerd. De voorliggende aanmeldnotitie bevat deze vormvrije m.e.r.beoordeling. 2. Regelgeving De milieueffectrapportage (m.e.r.) is volgens de Wet milieubeheer verplicht bij de voorbereiding van plannen en besluiten van de overheid over initiatieven en activiteiten van publieke en private partijen die belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kunnen hebben. Welke activiteiten dat betreft is aangegeven in het Besluit mer en de daarbij behorende bijlage. In de bijlage is onderscheid gemaakt tussen een: o C-lijst met m.e.r.-plichtige activiteiten en daarbij behorende drempelwaarden; o D-lijst met m.e.r.-beoordelingsplichtige activiteiten en de daarbij behorende drempelwaarden. Het doel van de m.e.r. is het milieubelang volwaardig mee te laten wegen bij de vaststelling van deze plannen en besluiten.

Een belangrijk product van de m.e.r.procedure is het milieueffectrapport (MER). Bij sommige besluiten is niet meteen duidelijk of sprake kan zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. In deze grensgevallen moet eerst worden beoordeeld of sprake is van een m.e.r.-plicht. Dit gebeurt door middel van een aparte procedure, de zogenoemde m.e.r.-beoordeling. Deze m.e.r.-beoordeling is ook vereist voor activiteiten die onder de drempelwaarden van het Besluit m.e.r. liggen. In die gevallen moet het bevoegde gezag er zich van vergewissen dat er geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn. Voor deze ‘vergewisplicht’ gelden geen vormvoorschriften en is sprake van een vormvrije m.e.r.beoordeling. Wel moet er bij de vormvrije m.e.r.-beoordeling volgens bijlage III van de EEG-Richtlijn Milieueffectbeoordeling (85/337/EEG) worden getoetst aan de drie volgende hoofdcriteria: o de kenmerken van het project; o de plaats van het project; o de kenmerken van de potentiële effecten. Op 7 juli 2017 is het Besluit mer gewijzigd, waarmee voor de vormvrije m.e.r.beoordeling enkele procedure vereisten uit de Wet milieubeheer van toepassing zijn geworden. De gemeente dient op basis van een aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling een besluit te nemen of het opstellen van een milieueffectrapportage benodigd is.

Aanmeldnotitie Vormvrije m.e.r.-beoordeling Woningbouw Barchemse bos, Barchem

1

3. Vormvrije m.e.r.-beoordeling In het Besluit m.e.r. is opgenomen dat de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject (onderdeel D11.2) mer-beoordelingsplichtig is in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op: • Een oppervlakte van 100 hectare of meer, • Een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat, of • Een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m² of meer. Op het perceel is voorzien in 6 vrijstaande woningen. De woonbestemming heeft een oppervlak van ca. 1 ha. Daarmee valt deze ontwikkeling ruim onder de bovenstaande drempelwaarden en is niet rechtstreeks m.e.r.-plichtig of m.e.r.-beoordelingsplichtig. Wel dient middels een vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden nagegaan of sprake kan zijn van belangrijke negatieve gevolgen voor het milieu die de uitvoering van een m.e.r. noodzakelijk maken. Hieronder wordt daarom aan de hand van de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële effecten, beoordeeld of er belangrijke negatieve gevolgen voor het milieu zijn die het doorlopen van een m.e.r.-procedure noodzakelijk maken. Kenmerken van het project Het project bestaat uit de realisatie van 6 vrijstaande woningen in het bosperceel, ingesloten tussen de Borculose- en Ruurloseweg in Barchem.

Een belangrijk uitgangspunt hierbij is het behoud van zoveel mogelijk bosareaal en het behoud van het boskarakter. De woningen zijn op enige afstand van de bosranden gesitueerd (minimaal 20 meter) en de gemiddelde kavelomvang is 1.250 m². Het boskarakter kan hiermee ook grotendeels intact blijven. Ook wordt niet voorzien in een nieuwe ontsluitingsweg, maar in drie nieuwe in-en uitritten. Met deze opzet wordt getracht zoveel mogelijk bosopstand intact te houden. De woningen bestaan uit maximaal twee bouwlagen met kap. Het woongebied, of beter geformuleerd de woon- en tuinbestemming, heeft een oppervlakte van nog geen 0,8 ha. Het project blijft derhalve ruim onder de drempelwaarde van 2000 woningen en een oppervlakte van 100 ha. Voor de ontwikkeling van de nieuwe woningen worden geen relevante natuurlijke hulpbronnen gebruikt. Er worden bouwmaterialen gebruikt, zoals staal, hout en steenachtige materialen, maar dit betreft een eenmalige gebruikelijke verrichting en deze materialen zijn niet bijzonder schaars. Voor de benodigde energie in de gebruiksfase wordt ingezet het gebruik van duurzame systemen (o.a. door gasloos koken en verwarmen) en het treffen van energiebesparende maatregelen. De bewoners van de nieuwe woningen zullen regulier huishoudelijk afval produceren. Dit afval zal overeenkomstig de geldende lokale regelgeving worden afgevoerd.

Het plan draagt ‘niet in betekenende mate’ bij aan de luchtkwaliteit en voldoet daarmee aan de wettelijke bepalingen ten aanzien van luchtkwaliteit. Er is geen sprake van een overschrijding van de grenswaarden voor luchtkwaliteit. Tijdens de aanlegfase kan enige verkeershinder ontstaan als gevolg van bouwverkeer. Deze hinder is echter van tijdelijke aard en vanwege de beperkte omvang goed te reguleren. De nieuwe woningen hebben in de gebruiksfase een beperkt verkeerseffect. Het aantal extra verkeersbewegingen als gevolg van de woningen is gering en deze verkeersbewegingen kunnen goed worden afgewikkeld via de Borculoseweg. Verkeershinder zal niet aan de orde zijn. In de toelichting van het bestemmingsplan zijn verschillende milieuthema’s op het gebied van leefomgevingskwaliteit getoetst (zoals milieuzonering, luchtkwaliteit, geluid, externe veiligheid, etc.). Hieruit blijkt dat het plan niet leidt tot een toename van risico’s voor de menselijke gezondheid. In de directe omgeving van het plangebied zijn er geen andere projecten waarmee een cumulatie van effecten optreedt.

Aanmeldnotitie Vormvrije m.e.r.-beoordeling Woningbouw Barchemse bos, Barchem

2

Plaats van het project Het plangebied bevindt zich ten zuiden van de Borculoseweg binnen de bebouwde kom van Barchem. De betreffende gronden zijn kadastraal bekend als gemeente Laren (gld), sectie I, perceelnummers 2499, 2498 en 2360. Het plangebied heeft daarmee een omvang van circa 3 hectare. Het plangebied ligt in het Barchemse bos, oostelijk van de kern Barchem kom, waar het ook onderdeel van uit maakt. Het terrein is altijd als bos dan wel heidegebied geweest. Gezien de ligging en het gebruik van het terrein in het verleden heeft de locatie zeer beperkte rijkdom en kwaliteit aan natuurlijke hulpbronnen. Het plangebied ligt niet in een gevoelig gebied. Het plangebied ligt niet in of nabij Natura 2000-gebieden of in het Natuurnetwerk Nederland. Wel is het plangebied op 1,16 km afstand van het Natura 2000-gebied Stelkampsveld gesitueerd. Ook bevinden zich in het plangebied geen cultuurhistorisch waardevolle elementen. Wel maakt het plangebied deel uit van een zone die op de cultuurhistorische waardenkaart van Lochem is aangeduid met een ‘hoge waarde’ in het cultuurlandschap. De ruimtelijke opzet van het stedenbouwkundig plan sluit aan bij de bestaande stedenbouwkundige structuur, waarin voornamelijk langs infrastructurele structuurlijnen is gebouwd. Kenmerken van de potentiële effecten Het project bestaat uit de realisatie van 6 vrijstaande woningen.

In hoofdstuk 4 van de toelichting van het bestemmingsplan zijn de resultaten van het onderzoek naar de verscheidene milieueffecten beschreven. In het onderstaande overzicht wordt ingegaan op deze effecten. (Milieu)effecten Geluid

Beschrijving van de mogelijke effecten De nieuwe woningen worden gesitueerd in de geluidzone van de Borculoseweg (N821) en de Ruurloseweg (N312). Uit akoestisch onderzoek blijkt dat de geluidbelasting op de nieuwe woningen ten gevolge van wegverkeerslawaai afkomstig van de Borculoseweg (N821) ten hoogste 46 dB bedraagt (inclusief 2 en 5 dB correctie conform artikel 110g Wgh). De geluidsbelasting ten gevolge van wegverkeerslawaai van Ruurloseweg (N321) bedraagt ten hoogste 35 dB inclusief (2 en 5 dB correctie conform artikel 110g Wgh). Hiermee wordt aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB voldaan. De gecumuleerde geluidsbelasting (exclusief correctie artikel 110g Wgh) bedraagt bij de woningen ten hoogste 51 dB. Er is geen sprake van relevante cumulatie ten gevolge van andere zoneringsplichtige geluidsbronnen. Derhalve is bij de woningen een aanvaardbaar akoestisch klimaat gewaarborgd.

Luchtkwaliteit

Het plan draagt ‘niet in betekenende mate’ bij aan de luchtkwaliteit. Er is geen sprake van een overschrijding van de grenswaarden voor luchtkwaliteit.

Externe veiligheid

Door het plan worden geen risicovolle inrichtingen mogelijk gemaakt. Het plangebied is niet gelegen binnen de plaatsgebonden risicocontour van risicovolle inrichtingen, transportroutes voor gevaarlijke stoffen of buisleidingen. Ook is het niet gelegen binnen het invloedsgebied voor het groepsrisico van dergelijke inrichtingen en buisleidingen of het plasbrandaandachtsgebied van transportroutes. Hieruit blijkt dat de woningbouw aanvaardbaar is.

Bodem

Uit historisch bodemonderzoek is gebleken dat de bodemkwaliteit in het plangebied geen milieuhygiënische belemmeringen oplevert voor de woningbouw. Tevens brengt de woonfunctie geen relevante risico’s op bodemverontreiniging met zich mee.

Water

Met de realisatie van de nieuwe woningen neemt de oppervlakte aan verharding in het plangebied toe. De oppervlakte aan bebouwing op de planlocatie is gering met maximaal 1650 m2. Gezien deze relatief beperkte toename, het feit dat er in het plangebied geen watergangen aanwezig zijn / gedempt

Aanmeldnotitie Vormvrije m.e.r.-beoordeling Woningbouw Barchemse bos, Barchem

3

(Milieu)effecten

Beschrijving van de mogelijke effecten hoeven te worden en er mogelijkheden zijn voor infiltratie, worden hieromtrent geen problemen verwacht. Verder is het plangebied ook niet gesitueerd in een waterwingebied, grondwaterbeschermingsgebied of waterbergingsgebied. Ook is er geen sprake van wateroverlast. Wel ligt een klein deel van het plangebied binnen de ‘beschermingszone natte landnatuur’. Van de zes woningen ligt de meest zuidoostelijke woning binnen de ‘beschermingszone natte landnatuur’ en een deel van het aangrenzende woonperceel. Ter bescherming van deze natte landnatuur is voor deze percelen bepaald dat hier geen kelders zijn toegestaan, dat het hemelwater op het perceel moet worden geborgen en dat het perceel voor maximaal 50% mag worden verhard met bebouwing en verharding. Op die wijze is verzekerd dat er geen sprake is van een significant nadelig effect op deze zone als gevolg van de woning. Bovendien heeft het plan geen gevolgen voor de grondwaterstand en – stroming. Het waterschap hanteert dan als uitgangspunt, dat een bui, die ca. eens per 100 jaar voorkomt (bui T100), in het plangebied wordt geborgen en vertraagd wordt afgevoerd naar het grond- en/of oppervlaktewater. Daarbij dient rekening gehouden te worden met klimaatontwikkeling door de bui met 10% te vergroten (bui T100+10%).

Uitgangspunt daarbij is dat voor de toekomstige verhardingen in het gebied hemelwater gecompenseerd dient te worden: 80 mm per verhard oppervlak dient vastgehouden, geborgen en vertraagd afgevoerd te worden. Op grond van dit uitgangspunt dient rekening te worden gehouden met een waterbergingsvolume van ca. 132 m3. Om hieraan invulling te geven wordt in de tuinen c.q. de verharding per woning voorzien in 9 m2 ondergrondse berging van 40 cm. De mogelijkheden om het hemelwater afkomstig van de nieuwe bebouwing en tuinverharding te laten infiltreren in de bodem zijn goed; de grond bestaat overwegend uit zand bestaat, met een relatief lage grondwaterstand. Met het oog op de waterkwaliteit dient het gebruik van uitlogende bouwmaterialen zoveel mogelijk worden vermeden. Gelet op het voorgaande heeft het plan geen negatieve effecten op de waterhuishouding.

Ecologie

Uit ecologisch onderzoek blijkt het volgende: Natura 2000 Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied, het Stelkampsveld, ligt ongeveer 1,16 kilometer van het plangebied. Op basis van deze afstand en de afwezigheid van een directe relatie/verbinding met het Natura 2000-gebied zijn geen negatieve effecten te verwachten als gevolg van het plan. Het plan leidt niet tot (significante) aantasting van instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden. Ook niet vanwege stikstofdepositie, aangezien uit stikstofdepositieberekeningen (AERIUS Calculatie) blijkt dat zowel in de realisatiefase als de gebruiksfase, geen sprake is van een toename van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Natuurnetwerk Nederland Het plangebied ligt niet in een gebied dat tot het Natuurnetwerk Nederland (NNN) behoort. Het plangebied ligt op ongeveer 220 meter van het NNN ten westen en noorden van het plangebied. Tussen het NNN en het plangebied ligt de bebouwing van het dorp Barchem. Gezien de tussenliggende elementen ontbreekt een relatie met het NNN. Negatieve effecten op het NNN worden niet verwacht Soortenbescherming In het plangebied zijn naar verwachting, conform ecologisch onderzoek in 2014 en 2019, geen vaste rust- of verblijfplaatsen van beschermde soorten aanwezig.

De meeste van de mogelijk in het plangebied voorkomende soorten zoals bruine kikker, gewone pad, haas, konijn, egel en algemeen voorkomende, (spits)muizen zijn beschermd, maar vallen onder een algemene vrijstelling van de provincie Gelderland. Voor deze soorten geldt dat aantasting van vaste rust- en verblijfplaatsen op basis van een vrijstelling mogelijk is, zonder dat er sprake is van procedurele consequenties. In december 2023 heeft aanvullend ecologisch onderzoek plaatsgevonden. Voor de fauna wordt geadviseerd om voor enkele soorten een nader aanvullend onderzoek uit te voeren. Voor vleermuizen is mogelijk sprake

Aanmeldnotitie Vormvrije m.e.r.-beoordeling Woningbouw Barchemse bos, Barchem

4

(Milieu)effecten

Beschrijving van de mogelijke effecten van een overtreding Omgevingswet voorheen Wet natuurbescherming. Een nader onderzoek boombewonende vleermuizen wordt noodzakelijk geacht. Ook voor de eekhoorn wordt een nader onderzoek geadviseerd. Voor vogels een nader onderzoek naar horsten. Tot slot wordt ook een nader onderzoek naar de mogelijke aanwezigheid van de hazelworm nodig geacht. De resultaten van het aanvullend onderzoek zullen bekend zijn voordat met de uitvoering van de werkzaamheden wordt gestart. Indien hieruit blijkt dat ook hiervoor maatregelen en/of een vergunning Omgevingswet nodig zijn, dan zal een vergunning voor de betreffende activiteit aangevraagd worden en/of zullen deze maatregelen worden getroffen en worden uitgewerkt in een activiteitenplan. Dit vervolgtraject is een traject in het kader van de Omgevingswet in relatie tot de aanvraag van de noodzakelijke omgevingsvergunningen, die de uitvoering van het bestemmingsplan niet in de weg hoeft te staan. De zorgplicht uit de Wnb blijft onverminderd van toepassing. Door de aanwezigheid van opgaande begroeiing zijn er broedmogelijkheden voor vogels waarvan het nest niet jaarrond beschermd is. Omdat alle vogels tijdens het broeden beschermd zijn, dienen werkzaamheden buiten het broedseizoen te worden uitgevoerd.

Archeologie

De beoogde woningen zijn gesitueerd in een gebied met een lage archeologische verwachtingswaarde. Ingrepen beneden de 2.500 m2 en niet dieper dan 30 cm vormen geen probleem. Als onderdeel van de beoogde woningbouwontwikkeling is in het verleden een bureauonderzoek uitgevoerd, waarna vervolgens ook een inventariserend veldonderzoek heeft plaatsgevonden. Hieruit blijkt dat bij de uitvoering hoogstwaarschijnlijk geen archeologische resten zullen worden verstoord. Er bestaat derhalve geen noodzaak voor nader onderzoek.

Cultuurhistorie

Het gebied maakt conform de cultuurhistorische waardenkaart van Lochem deel uit van een zone die is aangeduid met een ‘hoge waarde’ in het cultuurlandschap. Kenmerkend aan deze gebieden is onder meer dat, ondanks het verdwijnen van de vroegere perceelsrandbeplanting, Het karakter van deze gebieden is in belangrijke mate overeind is gebleven. Dat karakter of beeld wordt heeft te maken met kenmerken die ook bij het huidig gebruik van het landschap passen, zoals grasland en een rationeel verkavelingspatroon. Deze maakten het landschap ‘robuust’ voor nieuwe ontwikkelingen. Bovendien bleven enkele singels bewaard en is ook de laanbeplanting langs de wegen op een aantal plaatsen nog aanwezig. Het gros van de gebieden van dit type heeft daarom een hoge waarde toegekend gekregen, waaronder ook het gebied zuidoostelijk rondom Barchem en dit plangebied. Met het voorliggende woningbouwplan worden deze waarden niet aangetast. Er wordt nadrukkelijk ingezet op een clustering van woonkavels in het bos, waarbij het boskarakter aan de zuidzijde van de Borculoseweg overeind zal blijven, Er zijn geen belemmeringen vanuit het aspect cultuurhistorie voor het plan In de omgeving van het plangebied bevinden zich geen (grootschalige) bedrijfsfuncties. Wel zijn er bedrijfsfuncties (anders dan kleinschalige bedrijvigheid aan huis) aanwezig in het centrum van Barchem, ten westen van het plangebied.

Hier zijn functies zoals detailhandel, horeca, maatschappelijke voorzieningen en bedrijfsmatige activiteiten in categorieën 1 en 2 toegestaan, met een richtafstand van 30 meter. Het dichtstbijzijnde perceel met een centrumbestemming (Ruurloseweg 5) ligt op meer dan 75 meter afstand van de nieuwe woonbestemming. Er zijn geen belemmeringen vanuit het aspect milieuzonering voor de woningbouwontwikkeling in het Barchemse Bos. Tevens worden bedrijven in de omgeving niet in hun bedrijfsvoering beperkt door het woningbouwplan. De zes woningen worden aangemerkt als geurgevoelige objecten. Het plangebied is gelegen binnen de bebouwde kom. Tussen de woningen en een veehouderij met dieren zonder geuremissiefactor dient daarom een afstand van 100 meter te worden aangehouden. Binnen 100 meter van het plangebied zijn geen veehouderijen gelegen. In de directe omgeving zijn ook geen veehouderijen aanwezig met dieren met een geuremissiefactor. Er zijn geen belemmeringen vanuit het aspect geur voor het plan.

Bedrijven en milieuzonering

Geur

Aanmeldnotitie Vormvrije m.e.r.-beoordeling Woningbouw Barchemse bos, Barchem

5

De effecten als gevolg van de bouw van de woningen zijn lokaal van aard en hebben geen landsgrensoverschrijdend karakter. Ook zijn deze beperkt en niet complex. Er is geen sprake van cumulatie van effecten met andere projecten. De effecten duren zo lang als woningen in gebruik zijn. Effecten zijn uitsluitend omkeerbaar door het gebruik te beëindigen. Effecten in de aanlegfase (zoals bouwverkeer) zijn tijdelijk en van relatief korte duur. 4. Conclusie Gelet op de kenmerken van het project, de locatie van het project en de kenmerken van de potentiële effecten van het project, moet worden geconcludeerd dat de realisatie van 6 vrijstaande woningen in het Barchemse bos geen belangrijke negatieve gevolgen heeft voor het milieu. Het doorlopen van een m.e.r.-procedure is niet noodzakelijk.

Aanmeldnotitie Vormvrije m.e.r.-beoordeling Woningbouw Barchemse bos, Barchem

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14813474/1