Verordening Leges 2025__203871__.pdf
Tekst van het document
Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten De teruggaaf bedraagt bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken tot achttien weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.
Zaaknummer 200559
50%
75%
50%
25%
50%
Pagina 29
b.
Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.
2.60
Teruggaaf als gevolg van de ambitie in de Duurzaamheidsagenda om het energieneutraal renoveren van woningen en gebouwen te stimuleren Voor de activiteiten als bedoeld in de artikelen 2.5 en 2.6 bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges wanneer de aanvrager aantoont dat er energieneutraal is gerenoveerd. Dit kan bijvoorbeeld door het overleggen van een bevestiging van het verwijderen van de gasaansluiting of door een aangepast energiecontract. De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges in geval van renovatie van een bestaande woning zodat er geen gasaansluiting meer aanwezig is in de woning. De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges tot een maximum van € 15.000 voor het totale project in geval van renovatie van een complex woningen waarbij woningen zonder gasaansluiting worden gerealiseerd. De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges tot een maximum van € 15.000 in geval van renovatie van een bestaand bedrijfsgebouw zodat er geen gasaansluiting meer aanwezig is in het bedrijfsgebouw. Onder ‘een complex woningen’ wordt voor de toepassing van onderdeel b.
verstaan: een bouwplan of ontwikkeling die in het kader van deze onderdelen als een eenheid moet worden beschouwd, gelet op de bouwkundige en perceelindeling, het opdrachtgeverschap, de eigendom, functie(s), bedoeling en het karakter van het (ver)bouwplan. Verschillende omgevingsvergunningen of aanvragen om een omgevingsvergunning kunnen deel uitmaken van één project.
a.
b.
c.
2.61
2.62
Teruggaaf in geval van sanering van asbestdaken ter versnelling van de duurzaamheid Voor de sloopactiviteiten als bedoeld in artikel 2.7 bestaat aanspraak op teruggaaf van leges indien de sloopactiviteiten (tevens) de sanering van een of meerdere asbestdaken betreffen. De teruggaaf bedraagt: van de op grond van dit onderdeel voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.
50%
50%
50%
100%
Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten
Zaaknummer 200559
Pagina 30
In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12. 2.63
Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag wordt niet teruggegeven als het bedrag minder bedraagt dan:
HOOFDSTUK 3
DIENSTVERLENING VALLEND ONDER DE DIENSTENRICHTLIJN EN NIET VALLEND ONDER HOOFDSTUK 2
Paragraaf 3.1 3.1
Horeca Exploitatie openbare inrichting Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 van de Algemene plaatselijke verordening: voor inrichtingen die vallen onder de Alcoholwet: voor inrichtingen die niet vallen onder de Alcoholwet: een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing van de sluitingstijd voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:29 van de Algemene plaatselijke verordening: een aanvraag tot het wijzigen van een exploitatievergunning ten behoeve van: een terras: het afwijken van het algemeen geldende sluitingsuur:
a.
1. 2. b.
c. 1. 2. 3.2 a. b. c. d. e. Paragraaf 3.2 3.3 1.
Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: een aanvraag tot het verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet: een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de Alcoholwet: een melding als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet: een aanvraag om wijziging van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede lid, van de Alcoholwet: een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet:
€ 25,00
€ 200,70 € 345,20 € 45,20
€ 71,80 € 71,80
€ 483,50 € 45,20 € 45,20 € 45,20 € 45,20
Seksbedrijven Vergunning seksbedrijf Het tarief bedraagt: voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een exploitatievergunning of wijziging van een exploitatievergunning
Zaaknummer 200559
Pagina 31
a. b. c.
Paragraaf 3.3 3.4
a. Paragraaf 3.4 3.5 1.
a.
b.
c. d. e.
2.
als bedoeld in artikel 3:4 van de Algemene plaatselijke verordening: voor een seksinrichting: voor een escortbedrijf: voor wijziging van een exploitatievergunning in verband met uitsluitend een wijziging van het beheer in een seksinrichting of escortbedrijf, als bedoeld in artikel 3:15 van de Algemene plaatselijke verordening: Winkeltijdenwet Ontheffing winkeltijden Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet: Evenementen Organiseren evenement Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.25, eerste lid van de Algemene plaatselijke verordening (evenementenvergunning), als het betreft: een klein evenement vallend onder de behandelclassificatie A, zoals bedoeld in de HEV: procesmodel evenementenveiligheid, en waarbij (schriftelijke) instemming van de lokale hulpdiensten voldoende is: een middelgroot evenement vallend onder de behandelclassificatie A, zoals bedoeld in de HEV: procesmodel evenementenveiligheid, en waarbij bespreking met de hulpdiensten in het BPG-overleg noodzakelijk is of een calamiteitenplan opgesteld moet worden: een evenement vallend onder de behandelclassificatie B, zoals bedoeld in de HEV: procesmodel evenementenveiligheid: een evenement vallend onder de behandelclassificatie C,
zoals bedoeld in de HEV: procesmodel evenementenveiligheid: een herdenkingsplechtigheid, een niet-commercieel evenement in het kader van een nationale feestdag of landelijke activiteit, of een evenement waarvan de opbrengst ten goede komt aan enig ideëel doel, ongeacht de van toepassing zijnde behandelclassificatie: Indien de aanvraag betrekking heeft op een evenement als bedoeld in onderdeel 1. a. tot en met d. dat gedurende twee of meerdere aaneengesloten dagen gehouden worden de in die onderdelen genoemde tarieven verhoogd met:
Zaaknummer 200559
€ 724,20 € 724,20 € 179,50
€ 35,00
€ 53,50
€ 105,00
€ 220,70 € 439,80 € 31,60
50%
Pagina 32
3.
4.
5.
Paragraaf 3.5 3.6
a. b. c. Paragraaf 3.6 3.7
a.
b.
Paragraaf 3.7
Indien de aanvraag betrekking heeft op een meerjarige vergunning voor een evenement als bedoeld in onderdeel 1 a. tot en met d. worden de in die onderdelen genoemde tarieven verhoogd met: Indien de aanvraag betrekking heeft op een jaarvergunning voor meerdere evenementen als bedoeld in onderdeel a. wordt het in dat onderdeel genoemde tarief verhoogd met: Onverminderd het bepaalde in onderdeel 1 a. tot en met e. wordt, indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag niet wordt ingediend voor de daarvoor geldende termijn als bedoeld in de Algemene plaatselijke verordening, het in dat onderdeel genoemde tarief verhoogd met: Standplaatsen Standplaatsvergunningen Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning voor een standplaats als bedoeld in artikel 5:18 van de Algemene plaatselijke verordening, geldig voor: minder dan drie dagen: drie dagen of meer, maar minder dan twaalf dagen: twaalf dagen of meer, maar niet langer dan één jaar: Kinderopvang Kinderopvang en peuterspeelzalen Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot: het in exploitatie nemen van een kindercentrum (dagopvang of buitenschoolse opvang) of gastouderbureau als bedoeld in de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen: het bieden van gastouderopvang als bedoeld in de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen: Indien
de in onderdeel a. bedoelde aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van twee weken na het in behandeling nemen ervan, bedraagt de teruggaaf: van de op grond van dit artikel voor de betreffende activiteit verschuldigde leges. Indien de in onderdeel a. bedoelde aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van tien weken na het in behandeling nemen ervan, of wordt afgewezen op grond van de inspectie voor aanvang exploitatie, bedraagt de teruggaaf: van de op grond van dit artikel voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.
50%
50%
50%
€ 35,00 € 53,30 € 89,20
€ 1.263,00
€ 476,00 75%
50%
In dit hoofdstuk niet benoemd besluit
Zaaknummer 200559
Pagina 33
3.8
Niet benoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking:
Zaaknummer 200559
€ 53,50
Pagina 34
Bijlage 1 behorende bij de Legesverordening 2025 van gemeente Leusden Betreft: definitie kleine buitenplanse afwijking zoals bedoeld in artikel 2.6, lid 3, 4 en 5 van de tarieventabel. Waar in deze bijlage wordt verwezen naar wet- of regelgeving dan wordt verwezen naar de wet- en regelgeving zoals deze luidde voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Onder een kleine buitenplanse afwijking wordt verstaan: 1. een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan met een oppervlakte van niet meer dan 150 m2, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, niet hoger dan 5 m, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf; 2. a. b. 3. a. b. c.
een gebouw ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening mits wordt voldaan aan de volgende eisen: niet hoger dan 5 m, en de oppervlakte niet meer dan 50 m²; een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of een gedeelte van een dergelijk bouwwerk, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: niet hoger dan 10 m, en de oppervlakte niet meer dan 50 m²; de aanleg van zonnepanelen voor eigen gebruik bij een woning met een oppervlakte niet meer dan 100 m2;
4.
een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte aan of op een gebouw, een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw, de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard dan wel voorzieningen gericht op het isoleren van een gebouw;
5.
een antenne-installatie, mits niet hoger dan 40 m;
6.
een installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder w, van de Elektriciteitswet 1998;
7.
een installatie bij een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd door het bewerken van uitwerpselen van dieren tot krachtens artikel 5, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens dat artikellid omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde nevenbestanddelen;
8.
het gebruiken van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied;
9.
het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, het uitsluitend
Zaaknummer 200559
Pagina 35
betreft een logiesfunctie voor werknemers of de opvang van asielzoekers of andere categorieën vreemdelingen; 10.
het gebruiken van een recreatiewoning voor bewoning, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. de recreatiewoning voldoet aan de bij of krachtens de Woningwet aan een bestaande woning gestelde eisen; b. de bewoning niet in strijd is met de bij of krachtens de Wet milieubeheer, de Wet geluidhinder, de Wet ammoniak en veehouderij en de Wet geurhinder en veehouderij gestelde regels of de Reconstructiewet concentratiegebieden; c. de bewoner op 31 oktober 2003 de recreatiewoning als woning in gebruik had en deze sedertdien onafgebroken bewoont, en d. de bewoner op 31 oktober 2003 meerderjarig was;
11.
ander gebruik van gronden of bouwwerken dan bedoeld in de onderdelen 1 tot en met 10, voor een termijn van ten hoogste tien jaar.
Bij de toepassing van bovenstaande blijft het aantal woningen gelijk. Deze eis is niet van toepassing op de gevallen, bedoeld in: a. onderdeel 1, voor zover het betreft huisvesting in verband met mantelzorg, b. onderdelen 9 en 11. 6. Onderdelen 9 en 11 zijn niet van toepassing op een activiteit als bedoeld in onderdeel C of D van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage.
Zaaknummer 200559
Pagina 36