CConstaterende datLeusden
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting en regels IKC Groenhouten, Leusden_ontwerp_14 september 2020.pdf

Raadsvergadering 4 februari 2021, gemeente LeusdenBij agendapunt: 5: RV IKC Groenhouten vaststelling bestemmingsplan12.675 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

30

IKC Groenhouten, Leusden

Hoofdstuk 5 5.1

Juridische planbeschrijving

Algemeen

Het bestemmingsplan is opgezet volgens de in de Wet ruimtelijke ordening opgenomen standaardvorm van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingplannen 2012 (SVBP 2012). Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, planregels en een toelichting. De verbeelding en de planregels vormen samen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen dienen in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast. Op de verbeelding zijn de bestemmingen aangewezen. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en regels betreffende het gebruik gekoppeld. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar is wel een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan dit plan ten grondslag liggen. De toelichting is van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing. Daarnaast maken ook eventuele bijlagen onlosmakelijk onderdeel uit van het bestemmingsplan. Verbeelding De verbeelding is een digitale kaart, waarop bestemmingen en aanduidingen zijn weergegeven. Aanduidingen worden gebruikt om bepaalde zaken specifieker te regelen, bijvoorbeeld in de vorm van gebiedsaanduidingen, bouwaanduidingen, bouwvlakken, functieaanduidingen etc. Voor de analoge verbeelding is gebruik gemaakt van een digitale ondergrond (Grootschalige Basiskaart en/of kadastrale kaart).

Daar waar een verschil is tussen de digitale en de analoge verbeelding, is de digitale versie leidend. Regels De planregels zijn standaard onderverdeeld in vier hoofdstukken.  Hoofdstuk I : Inleidende regels, deze bevatten de begrippen en wijze van meten;  Hoofdstuk II: Bestemmingsregels, dit zijn de verschillende bestemmingen op alfabetische volgorde. De regels bevatten een bestemmingsomschrijving en regels voor het bouwen en het gebruik.  Hoofdstuk III: Algemene regels, dit zijn regels die gelden voor alle bestemmingen. Dit zijn onder meer (mogelijke) flexibiliteitsbepalingen in de vorm van wijzigings- en afwijkingsbevoegdheden.  Hoofdstuk IV: Overgangs- en slotbepalingen.

5.2

Wijze van bestemmen

Voor de systematiek van dit plan is aangesloten bij het geldende bestemmingsplan "Leusden-west", vastgesteld op 2 oktober 2014. Voorliggend bestemmingsplan bevat de volgende bestemmingen:  "Groen'; deze bestemming ligt op het bestaande openbaar groen ten noorden, westen en zuiden van het schoolterrein. Deze gronden zijn meegenomen in dit plan met als doel het mogelijk te maken dat de waterpartij ten noorden van het schoolterrein kan worden verlegd. In de groenzone aan de zuidkant kan naast het bestaande fietspad een voetpad worden aangelegd.  'Maatschappelijk'; met de functieaanduiding 'onderwijs' en 'wijk- en buurtcentrum' (conform het geldende bestemmingsplan) ten behoeve van het Integraal Kind Centrum. Binnen het bouwvlak is met behulp van aanduidingen een een maximale goot- en bouwhoogte opgenomen. Het westelijk deel van het bouwvlak is gereserveerd voor een mogelijke uitbreiding van de school in de toekomst. Dit mag voor een beperkt deel worden bebouwd.  'Verkeer - Verblijfsgebied'; ten behoeve van de ontsluiting en het parkeren. Dit plan kent verder geen noemenswaardige bijzonderheden. Met dit hoofdstuk is voldaan aan artikel 3.1.3 van het Bro.

IKC Groenhouten, Leusden

31

Hoofdstuk 6 6.1

Procedure

Algemeen

Bij de voorbereiding van een (voor)ontwerp bestemmingsplan dient overleg te worden gevoerd als bedoeld in artikel 3.1.1 Bro. Dit is het vooroverleg, waarin het conceptplan wordt voorgelegd aan het waterschap en aan die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. Voor wat kleinere plannen kan, in overleg, afgezien worden van dit overleg. Op basis van artikel 3.1.6 Bro dient verslag te worden gedaan van de wijze waarop burgers en maatschappelijke organisaties bij de voorbereiding van het bestemmingsplan zijn betrokken. Dit is de inspraak. Van (formele) inspraak kan, zeker bij wat kleinere plannen, worden afgezien. De gemeentelijke inspraakverordening is daarbij ook van belang. Een ontwerpbestemmingsplan dient conform afdeling 3.4 Awb gedurende 6 weken ter inzage gelegd te worden. Hierbij is er de mogelijkheid voor een ieder om zienswijzen in te dienen op het plan. Na vaststelling door de Raad wordt het vaststellingsbesluit bekend gemaakt. Het bestemmingsplan ligt na bekendmaking 6 weken ter inzage. Gedurende deze termijn is er de mogelijkheid voor belanghebbenden beroep in te dienen bij de Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State.

Het bestemmingsplan treedt vervolgens daags na afloop van de tervisielegging in werking als er geen beroep is ingesteld.

6.2

Verslag vooroverleg ex artikel 3.1.1 Bro

Het bestemmingsplan zal in het kader van het wettelijk vooroverleg worden toegestuurd aan de belanghebbende instanties. Het Waterschap Vallei en Veluwe is middels de digitale watertoets op de hoogte gesteld van het plan.

6.3

Verslag inspraak ex artikel 3.1.6 Bro

In het voortraject van voorliggend plan hebben er diverse bijeenkomsten met de buurt en een klankbordgroep plaatsgevonden. In oktober 2019 is er een informatieavond voor omwonenden gehouden. In december 2019 is er een eerste bijeenkomst met de klankbordgroep geweest. Met name de huidige en toekomstige verkeerssituatie werd als belangrijk aandachtspunt genoemd. Afgesproken werd om samen met de klankbordgroep en verkeersdeskundigen van de gemeente in de komende bijeenkomsten te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om de verkeerssituatie/verkeersveiligheid te verbeteren. In januari 2020 heeft een tweede bijeenkomst van de klankbordgroep plaatsgevonden. Voor het verbeteren van de verkeerssituatie werd als optie aangedragen om het parkeren verspreid te laten plaatsvinden in plaats van geconcentreerd. De aanwezigen staan hier positief tegenover. In maart 2020 is een bijeenkomst met de klankbordgroep gehouden waarin de verschillende parkeer- en verkeersoplossingen en de verschillende indelingsmodellen werden besproken. Hierbij zijn diverse ideeën aangedragen voor de verbetering van de ontsluiting, maar deze blijken financieel niet haalbaar. Op de volgende bijeenkomst in juni 2020 werd het voorlopig ontwerp van het schoolgebouw gepresenteerd. De reacties waren overwegend positief. Ook is men toen geïnformeerd over het voorgenomen tracé voor een tijdelijk bouwweg.

Omdat de omgeving op de hierboven beschreven manier al bij de planvorming is betrokken, wordt voor dit plan geen formele inspraakprocedure doorlopen. Het plan wordt direct als ontwerp ter inzage gelegd. Bij de start van de terinzagetermijn wordt de klankbordgroep opnieuw uitgenodigd.

32

IKC Groenhouten, Leusden

6.4

Verslag zienswijzen

In deze paragraaf, of in een separate bijlage, worden te zijner tijd de zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan en de gemeentelijke reactie hierop opgenomen.

IKC Groenhouten, Leusden

33

34

IKC Groenhouten, Leusden

Bijlagen bij de toelichting

IKC Groenhouten, Leusden

35

36

IKC Groenhouten, Leusden

Bijlage 1

Watertoets

IKC Groenhouten, Leusden

37

38

IKC Groenhouten, Leusden

Bijlage 2

Quickscan Wet natuurbescherming

IKC Groenhouten, Leusden

39

40

IKC Groenhouten, Leusden

Regels

IKC Groenhouten, Leusden

41

42

IKC Groenhouten, Leusden

Hoofdstuk 1 Artikel 1

Inleidende regels Begrippen

In deze regels wordt verstaan onder: 1.1 plan: het bestemmingsplan IKC Groenhouten, Leusden met identificatienummer NL.IMRO.0327.249-0301 van de gemeente Leusden. 1.2 bestemmingsplan: de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij horende bijlagen. 1.3 aanduiding: een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4 aanduidingsgrens: de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5 ander bouwwerk: een bouwwerk, geen gebouw zijnde; 1.6 bebouwing: één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde; 1.7 bebouwingspercentage: de oppervlakte van gebouwen binnen het bouwvlak of, bij afwezigheid daarvan, het bestemmingsvlak, uitgedrukt in een percentage van de oppervlakte van dat vlak; 1.8 bestaande bouwwerk, object, afmeting, percentage, afstand, plaats, situatie: bouwwerk, object, afmeting, percentage, afstand, plaats, situatie, zoals dat of die rechtens bestaat of mag bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan; 1.9 bestemmingsgrens: de grens van een bestemmingsvlak; 1.10 bestemmingsvlak: een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.11 bijbehorend bouwwerk: uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw

verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd op de grond staand gebouw, of ander bouwwerk, met een dak;

IKC Groenhouten, Leusden

43

1.12 bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een standplaats; 1.13 bouwgrens: de grens van een bouwvlak. 1.14 bouwperceel: een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.15 bouwvlak: een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.16 bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.17 gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.18 onderkomen: een voor verblijf geschikt, al dan niet aan zijn bestemming onttrokken, vaar- of voertuig, ark of caravan, voor zover dat/die niet als een bouwwerk is aan te merken, alsook een tent; 1.19 overkapping: een voor mensen toegankelijk bouwwerk, bestaande uit een dak met de nodige ondersteuningen zonder of met ten hoogste één wand; 1.20 peil: a.

voor een gebouw waarvan de hoofdtoegang direct aan een weg grenst: de hoogte van die weg ter plaatse van die hoofdtoegang; b. in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte terrein; 1.21 seksinrichting: een inrichting, bestaande uit een of meer voor publiek toegankelijke, besloten ruimten, waarin bedrijfsmatig of op een daarmee vergelijkbare wijze, seksuele handelingen worden verricht; onder een hiervoor bedoelde inrichting worden in elk geval verstaan: een bordeel; 1.22 voorgevel: de naar de weg gekeerde of aan de voorzijde van een gebouw gelegen gevel of, indien het een gebouw betreft met meerdere zodanige gevels, één van die gevels; 1.23 voorgevelrooilijn: de lijn die horizontaal loopt door het buitenwerks vlak van de voorgevel, tot aan de perceelsgrenzen;

44

IKC Groenhouten, Leusden

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 de bouwhoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.2 de goothoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; 2.3 de inhoud van een bouwwerk: tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 2.4 de oppervlakte van een bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk; 2.5 de oppervlakte van een ondergronds bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren , verticaal geprojecteerd op het onderliggende horizontale vlak; 2.6 overschrijding bouwgrenzen bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwonderdelen, als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, liftschachten, gevel- en kroonlijsten, luifels, balkons en overstekende daken buiten

beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouwgrenzen niet meer dan 1m bedraagt.

IKC Groenhouten, Leusden

45

Hoofdstuk 2 Artikel 3

Bestemmingsregels Groen

3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen, parken b. watergangen en waterpartijen, waarbij geldt dat de bergingscapaciteit van water niet minder mag worden dan aanwezig was ten tijde van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan; c. paden en andere ondergeschikte verhardingen; d. speelplaatsen; e. nutsvoorzieningen. 3.2 Bouwregels Op en in de gronden als bedoeld in lid 3.1 mogen uitsluitend worden gebouwd andere bouwwerken, waarvan de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan daarbij hierna is aangegeven: bouwwerken licht- en andere masten, informatieborden, verkeerstekens beeldende kunstwerken en speelobjecten overige andere kunstwerken

46

max. bouwhoogte 12 m 5m 3m

IKC Groenhouten, Leusden

Artikel 4

Maatschappelijk

4.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. buitenschoolse opvang, peuterspeelzalen, onderwijs- en sportdoeleinden, ter plaatse van de aanduiding 'onderwijs', b. wijk- en buurtcentrum, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - wijk- en buurtcentrum', en c. speelvoorzieningen; met bijbehorende gebouwen en andere bouwwerken, paden, groenvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen, tuinen en erven. 4.2 Bouwregels 4.2.1 Toegestane bouwwerken Op en in de gronden als bedoeld in lid 4.1, mogen uitsluitend worden gebouwd: a. gebouwen, en b. andere bouwwerken, zoals speeltoestellen. 4.2.2 Bouwen Voor het bouwen van bouwwerken als bedoeld in sublid 4.2.1, gelden de volgende bepalingen: a. gebouwen mogen uitsluitend binnen bouwvlakken worden gebouwd; b. het bebouwingspercentage mag ten hoogste zoveel bedragen als ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)' is aangegeven. Als er geen percentage is aangegeven mag het bouwvlak voor 100% worden bebouwd; c. de goothoogte en bouwhoogte van gebouwen mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale bouwhoogte (m)' of 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' is aangegeven; d.

de bouwhoogte van andere bouwwerken mag niet meer bedragen dan daarbij hierna is aangegeven: bouwwerken licht- en andere masten beeldende kunstwerken en speelobjecten overige andere bouwwerken e.

max. bouwhoogte 12 m 5m 3m

in afwijking van het bepaalde onder b mag ten behoeve van ondergeschikte bouwonderdelen zoals ventilatiekanalen, schoorstenen, luchtbehandelingssytemen en liftschachten de maximale bouwhoogte met 1 meter worden overschreden. Over een percentage van 2% van het dakoppervlak mag de maximale bouwhoogte ten behoeven van ondergeschikte bouwonderdelen met 2 meter worden overschreden.

4.3 Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen in afwijking van het bepaalde in sublid 4.2.2, onder a, voor zover het betreft gronden ter plaatse van de aanduiding 'onderwijs', ten behoeve van het bouwen van fietsenhokken en bergingen buiten bouwvlakken, tot een bouwhoogte van 3 m en een maximale oppervlakte van 150 m².

IKC Groenhouten, Leusden

47

Artikel 5

Verkeer - Verblijfsgebied

5.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer - Verblijfsgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wegen met maximaal twee rijstroken, b. in- en uitvoeg- en opstelstroken, c. fiets- en voetpaden, d. groen- en parkeervoorzieningen, speelvoorzieningen, waterpartijen, en e. bij een en ander behorende andere voorzieningen, zoals nutsvoorzieningen. 5.2 Bouwregels 5.2.1 Toegestane bouwwerken Op en in de gronden als bedoeld in lid 5.1, mogen uitsluitend worden gebouwd: a. ondergeschikte gebouwen en andere bouwwerken; b. bruggen, viaducten en duikers, en c. andere bouwwerken zoals lichtmasten, informatieborden, verkeerstekens en -regelinstallaties, speelobjecten en straatmeubilair. 5.2.2 Bouwen Voor het bouwen van bouwwerken als bedoeld in sublid 5.2.1, gelden de volgende bepalingen: a. van gebouwen als bedoeld in sublid 5.2.1, onder a, mag de oppervlakte niet meer dan 20 m² bedragen en de bouwhoogte niet meer dan 4 m; b. de bouwhoogte van andere bouwwerken mag niet meer bedragen dan daarbij hierna is aangegeven: bouwwerken licht- en andere masten, informatieborden, verkeerstekens en -regelinstallaties bruggen en viaducten beeldende kunstwerken speelobjecten overige andere bouwwerken

48

max. bouwhoogte 12 m 6m 5m 5m 4m

IKC Groenhouten, Leusden

Hoofdstuk 3 Artikel 6

Algemene regels Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Artikel 7

Algemene bouwregels

7.1 Gelding bestaande afmetingen, afstanden en percentages In die gevallen dat de bestaande goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte, inhoud of afstand van bouwwerken, die rechtens tot stand zijn gekomen, minder dan wel meer bedraagt dan in of krachtens het bepaalde in hoofdstuk 2 van deze regels is voorgeschreven respectievelijk toegestaan, geldt die goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte, inhoud of afstand in afwijking daarvan als minimaal voorgeschreven respectievelijk maximaal toegestaan.

Artikel 8

Algemene gebruiksregels

8.1 Strijdig gebruik Een gebruik in strijd met het bestemmingsplan is in ieder geval het gebruik: a. gronden en bouwwerken als of ten behoeve van een seksinrichting; b. gronden en bouwwerken als of ten behoeve van bedrijfsmatige vuurwerkopslag; c. onbebouwde gronden: 1. als stand- of ligplaats van onderkomens; 2. als opslag-, stort- of bergplaats van machines, voer- en vaartuigen en andere al of niet afgedankte stoffen, voorwerpen en produkten; tenzij dit gebruik verband houdt met de verwerkelijking van de bestemming of het op de bestemming gerichte beheer van de gronden.

Artikel 9

Algemene afwijkingsregels

9.1 Algemeen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd omgevingsvergunning in afwijking van het plan: a. ten behoeve van het bouwen van niet voor bewoning bestemde bouwwerken voor nutsvoorzieningen, zoals gasdrukregelstations, wachthuisjes, telefooncellen, bewaarplaatsen van huisvuilcontainers en transformatorhuisjes, uitgezonderd verkooppunten voor motorbrandstoffen, waarvan de oppervlakte niet meer dan 30 m² en de bouwhoogte niet meer dan 3 m mag bedragen; b. indien en voorzover afwijkingen ten aanzien van de ligging van bestemmings- en bouwgrenzen en van aanduidingen noodzakelijk zijn ter aanpassing van het plan aan de bij uitmeting blijkende werkelijke toestand van het terrein, mits die afwijkingen ten opzichte van hetgeen is aangegeven niet meer dan 5 m bedragen; c. voor afwijkingen van regels, gesteld ten aanzien van maten en percentages, mits die afwijkingen beperkt blijven tot ten hoogste 10% van de in het plan aangegeven maten en percentages; d. ten behoeve van het bouwen van antennemasten tot een bouwhoogte van 20 m; e. ten behoeve van het bouwen van masten en bijbehorende installaties voor telecommunicatie, al of niet op of aan gebouwen of andere bouwwerken op een minimale afstand van 50 m tot woningen, tot een bouwhoogte van 40 m, waarbij als voorwaarde kan worden gesteld:

IKC Groenhouten, Leusden

49

1.

2.

dat gebruik dient te worden gemaakt van bestaande masten voor telecommunicatie of andere bestaande hoge objecten, zoals hoge gebouwen, lichtmasten of hoogspanningsmasten, indien deze aanwezig zijn binnen een redelijke afstand van de gevraagde locatie, en dat rekening gehouden wordt met het voorkomen van onevenredige hinder voor omwonenden en schade aan het landschap, cultuurhistorie en ecologie.

Artikel 10

Algemene wijzigingsregels

10.1 Algemene wijzigingen 10.1.1 Bevoegdheid Burgemeester en wethouders zijn bevoegd, voorzover daaraan behoefte bestaat en zulks het belang van een goede ruimtelijke ontwikkeling van het in het plan begrepen gebied niet schaadt, a. de ligging van grenzen van bestemmings- en bouwvlakken en aanduidingen te wijzigen zodanig, dat: 1. de geldende oppervlakte van de bij wijziging betrokken vlakken met niet meer dan 10% wordt verkleind of vergroot, en 2. geen van de grenzen met meer dan 10 m wordt verschoven; b. het gebruik en inrichting van gebouwen, welke zijn of mogen worden opgericht op gronden met de bestemming 'Maatschappelijk', te wijzigen zodanig, dat de gebouwen mogen worden ingericht en gebruikt voor: 1. groenvoorzieningen; 2. wonen; 3. religie; 4. sociaal-culturele doeleinden; 5. gezondheidszorg of maatschappelijke dienstverlening; 6. verenigings-, jeugd en jongerenwerk; 7. kantoren; mits voldoende vaststaat, dat als gevold van dat andere gebruik geen onevenredige belasting van de woonomgeving ontstaat. Met het oog hierop dient, voordat de wijzigingsbevoegdheid wordt toegepast, in ieder geval een onderzoek te worden ingesteld naar de geluidsbelasting voor de woonomgeving en de te verwachten parkeerdruk. 10.2 Voorwaarden Van de in sublid 10.1.1 bedoelde wijzigingsbevoegdheid mag: a.

slechts gebruik worden gemaakt indien aannemelijk is dat daardoor de gebruikswaarde danwel het woongenot voor belendende percelen niet onevenredig wordt aantast en mits toepassing van de wijzigingsbevoegdheid niet tot een aanmerkelijke aantasting van de structurele opzet van het plan en de stedenbouwkundige eenheid van het desbetreffende gedeelte van het plan zal leiden; b. geen gebruik worden gemaakt indien een wijziging tot gevolg zou hebben dat de op grond van de Wet geluidhinder hoogst toelaatbare geluidsbelasting van woningen wordt overschreden, tenzij door het treffen van voorzieningen aan de woningen of op andere wijze binnen de hoogst toelaatbare waardes kan worden gebleven.

Artikel 11

Overige regels

11.1 Parkeren a. Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een gebouw met een behoefte voor parkeren wordt slechts verleend indien de parkeerbehoefte op eigen terrein wordt gerealiseerd. b. Parkeergelegenheden moeten zijn afgestemd op gangbare personenauto's. Daarvan is in elk geval sprake indien:

50

IKC Groenhouten, Leusden

1.

c.

d.

de afmetingen van een parkeergelegenheid ten minste 2,40 m bij 5 m en ten hoogste 3,25 m bij 6 m bedragen; 2. de afmetingen van een gereserveerde parkeergelegenheid voor een gehandicapte - voor zover die ruimte niet in de lengterichting aan een trottoir grenst - ten minste 3,5 m bij 5 m bedragen. Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het onder a bepaalde: 1. indien het voldoen aan de parkeerbehoefte als gevolg van bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit, of; 2. voor zover op andere wijze in de benodigde parkeergelegenheid wordt voorzien. Het onder a bepaalde is niet van toepassing ingeval een bouwwerk ten gevolge van een calamiteit geheel verloren is gegaan en dit bouwwerk, indien en voor zover sprake is van dezelfde functie en omvang, wordt herbouwd en op gelijke wijze in de parkeerbehoefte wordt voorzien als voor de calamiteit feitelijk het geval was, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk teniet is gegaan.

IKC Groenhouten, Leusden

51

Hoofdstuk 4 Artikel 12

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht

12.1 Overgangsrecht bouwwerken 1. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan; 2. Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig afwijken van het eerste lid onder artikel 12.1 voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%; 3. Het eerste lid onder artikel 12.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 12.2 Overgangsrecht gebruik 1. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; 2.

Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid onder artikel 12.2, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; 3. Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid onder artikel 12.2, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; 4. Het eerste lid onder artikel 12.2 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Artikel 13

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'IKC Groenhouten, Leusden'.

52

IKC Groenhouten, Leusden

IKC Groenhouten, Leusden

53

54

IKC Groenhouten, Leusden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.leusden.nl/api/v1/meetings/2581/documents/26077