RV Handelingsperspectief Buitengebied Regio Amersfoort.pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Zaaknummer
148323
Datum raadsvergadering
11 april 2024
Portefeuillehouder
J.D. Kramer
Onderwerp
Handelingsperspectief Buitengebied Regio Amersfoort
Voorstel Het college stelt u voor: 1. het Handelingsperspectief Buitengebied Regio Amersfoort vast te stellen als een regionale leidraad voor de transitie naar een toekomstbestendig en vitaal buitengebied; 2. het Handelingsperspectief Buitengebied als vertrekpunt in te brengen voor de Gebiedsgerichte Aanpak van het Utrechts Programma Landelijk Gebied c.q. andere relevante programma’s; 3. opvolging van het Handelingsperspectief Buitengebied te borgen en te monitoren in samenwerking met andere overheden en betrokken stakeholders. Aanleiding Het Handelingsperspectief Buitengebied Regio Amersfoort (hierna: HPB of ‘het Handelingsperspectief’) vormt een aanvulling op het Ontwikkelbeeld Regio Amersfoort. Dit Ontwikkelbeeld hebben de gemeenteraden eind 2021 vastgesteld. In het Ontwikkelbeeld is de koers vastgelegd om de groei van Regio Amersfoort in goede banen te leiden voor wonen, werken, bereikbaarheid en het buitengebied. Het Ontwikkelbeeld richt zich op de periode na 2030, is globaal van karakter en behoeft op onderdelen concretisering. Dit geldt onder meer voor de diverse opgaven die ons buitengebied raken. Het HPB is de uitwerking van het Ontwikkelbeeld voor het landelijke gebied buiten de bebouwde kom van de zeven Utrechtse gemeenten van de Regio Amersfoort. Het vormt hiermee een aanvulling op het Ontwikkelbeeld.
De provincie Utrecht en de regiogemeenten zijn gezamenlijk opdrachtgever voor het opstellen van het HPB. Het Waterschap Vallei & Veluwe was een belangrijke partner in het proces en nam deel aan de stuurgroep. De startnotitie voor het HPB werd begin 2023 door de colleges vastgesteld en daarover bent u geïnformeerd. Het HPB dat als bijlage is toegevoegd wordt nu ter vaststelling aangeboden aan de gemeenteraden. Ruimteclaims vragen om het maken van keuzes In de regio lopen verschillende beleidstrajecten die van invloed zijn op de toekomst van het buitengebied. Denk aan de verandering naar natuurinclusieve, circulaire en klimaatneutrale landbouw, extra woningbouw en de versterking van natuur en recreatie. Het HPB concretiseert de (ruimtelijke) opgaven in het buitengebied tot 2040. De basis hiervoor is de huidige situatie, bestaand beleid, wet- en regelgeving, nationale programma's voor het buitengebied en trends en ontwikkelingen. Voor al deze beleidstrajecten samen is veel meer ruimte nodig dan beschikbaar is. Dat vraagt om het maken van keuzes en het bedenken van slimme combinaties. De mogelijkheden hiertoe worden in het HPB behandeld.
Zaaknummer:
148323
Pagina
1
Kanttekening Tussen de start en de afronding van het HPB is er veel gebeurd dat van invloed is op het buitengebied. Denk aan de verkiezingsuitslagen van Provinciale Staten (maart 2023) en de Tweede Kamer (november 2023), de val van het Kabinet, acties van het Stikstofcollectief (staken deelname boeren(-organisaties) aan gebiedsprocessen) en het uitblijven van een Landbouwakkoord. Ook is het concept-Utrecht Programma voor het Landelijk Gebied (concept-UPLG) verschenen met striktere kaders en doelen per gebied. Onder andere deze ontwikkelingen hebben ertoe geleid dat het HPB op inhoud afwijkt van wat in de startnotitie is afgesproken. Het HPB is richtinggevend geworden en niet kaderstellend. De gemeente Leusden heeft zich er actief voor ingezet om te komen tot daadwerkelijke keuzes voor een vitaal en toekomstbestendig buitengebied, helaas maakten de hiervoor geduide ontwikkelingen dat nu nog niet mogelijk. Het vervolg via de Gebiedsgerichte Aanpak moet dit wel mogelijk maken. De maatregelen van de uitvoeringsagenda van het HPB illustreren hoe invulling kan worden gegeven aan de denkrichtingen en strategieën. Het vervolgproces moet uitwijzen welke maatregelen draagvlak kennen en haalbaar zijn. Gemeenteraden wordt daarom gevraagd het HPB als leidraad vast te stellen, hieraan zijn geen financiële consequenties verbonden.
Gedeputeerde Staten en het Dagelijks Bestuur van het Waterschap Vallei en Veluwe zullen het HPB vaststellen of ermee instemmen. Provinciale Staten en het Algemeen Bestuur van het waterschap ontvangen het HPB ter informatie. Doel/Effect 1. Leidraad en richting voor de toekomst van het buitengebied Het HPB biedt de regiogemeenten, de provincie en het waterschap een leidraad voor de toekomst van het buitengebied. Daarvoor bevat het HPB bouwstenen, mogelijke oplossingsrichtingen, knelpunten en een globale kaart voor het prioriteren en combineren van functies. Ook geeft het HPB richting aan het handelen van partners in het buitengebied. Het HPB biedt houvast in de gesprekken met de provincie over het Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG) en de hierop gebaseerde gebiedsgerichte aanpak. Het UPLG wordt de basis van het provinciale beleid en bepaalt de prioriteiten in het landelijk gebied de komende jaren. Het UPLG zal ook de transitie van het buitengebied en dus de plannen voor de Regio Amersfoort moeten financieren. 2. Eensgezinde, krachtige uitvoering Het HPB zorgt voor samenhang tussen de verschillende ontwikkelingen in de regio. Het document maakt duidelijk dat het buitengebied zal veranderen en schetst mogelijkheden hoe dat te doen. Het vaststellen van het HPB draagt bij aan een eensgezinde en krachtige regio bij de uitwerking van het Utrechts Programma Landelijk Gebied.
Opbouw Handelingsperspectief In het proces zijn drie documenten opgeleverd, die als bijlagen zijn toegevoegd. Groeidocument: verslaglegging gebiedsateliers en denkrichtingen. Consultatierapport: verzamelde reacties op het Groeidocument en het concept-HPB.
Zaaknummer:
148323
Pagina
2
Handelingsperspectief Buitengebied: het eindrapport.
In de hoofdstukken 2 en 3 van het Handelingsperspectief Buitengebied staat met welke ontwikkelingen het buitengebied te maken krijgt en wat het gebied hier zelf van zegt. In hoofdstuk 4 worden de mogelijke perspectieven geschetst voor bodem en water, het ecosysteem, het landbouwsysteem en het stedelijk systeem. Deze vier systemen moeten afzonderlijk goed blijven functioneren en onderling in balans zijn. In hoofdstuk 5 is een globale indeling naar gebieden voorgesteld, gebieden waar duidelijke keuzes worden gemaakt en gebieden waar verschillende vraagstukken gecombineerd kunnen worden. In de zogenaamde ‘prioriteringsgebieden’ krijgen landbouw, stedelijk gebruik of natuur voorrang. In de verschillende ‘combineergebieden’ is ruimte voor een mix van landbouw, natuur, water, bebouwing, recreatie en bos. Opgenomen kaarten met prioriteringsgebieden en combineergebieden zijn illustratief en kennen geen ‘harde’ grenzen. Argumenten 1a. Het HPB vormt samen met het Ontwikkelbeeld de basis voor onze regionale ontwikkeling en positionering in de samenwerking met rijk, provincie en het waterschap. 1b. Het vaststellen van het HPB als leidraad doet recht aan de inbreng en inspanning van stakeholders en andere deelnemers aan de gebiedsateliers en de reacties die vele partijen hebben ingediend.
Via de gebiedsateliers zijn veel stakeholders betrokken bij het oplossen van een zeer complexe en uitdagende opgave. Er staan veel belangen op het spel van onder meer ondernemers/boeren, bewoners en overheden. Het Groeidocument, Consultatierapport en HPB geven een uitgebreide weergave van de uitkomsten van de gebiedsateliers en zijn hiermee waardevol voor het vervolg. 1c. Het Handelingsperspectief vormt een leidraad voor: De transitie naar een toekomstbestendig en vitaal buitengebied; Het voldoen aan de huidige wet- en regelgeving en nationale programma’s en het oplossen van het ruimtevraagstuk in het buitengebied; Het herstellen van een duurzame balans voor de systemen water, ecologie, landbouw en stedelijk gebied; Het verdelen van vrijkomende gronden; De vertaling van nieuw beleid en wet- en regelgeving naar de Regio Amersfoort. 2a. Het HPB vormt een tussenstap om van de doelstellingen van het UPLG te komen tot een (nog te maken) gebiedsagenda van het UPLG voor onze regio. Het HPB biedt, samen met het Groeidocument en het Consultatierapport, waardevolle informatie voor de lokale doorvertaling van het UPLG via een gebiedsgerichte aanpak. 2b. Het HPB behandelt meer beleidsthema's dan het UPLG en vormt daarmee ook een vertrekpunt (leidraad) voor andere programma's. 3a.
Voor het daadwerkelijk maken van keuzes voor een vitaal en toekomstbestendig buitengebied is een integraal vervolg met betrokken partijen essentieel. 3b. We willen samenwerken op basis van de bouwstenen, mogelijke oplossingsrichtingen, knelpunten en de globale kaart voor het prioriteren en combineren van functies uit het
Zaaknummer:
148323
Pagina
3
HPB. 3c. Voortzetten van de samenwerking vraagt om: Een bottom-up en interactieve aanpak van overheidspartijen en regio; Aandacht voor bestaanszekerheid en de sociaal economische gevolgen voor ondernemers en inwoners; Het financieel belonen in plaats van gedeeltelijk compenseren van de huidige eigenaren en gebruikers van de gronden voor groenblauwe diensten; Gezamenlijke regie wanneer het gaat om vrijkomende gronden en stikstofruimte, in plaats van de provincie bepaalt; Het concretiseren van de opgave van het Utrechts Programma Landelijk Gebied, waarbij rekening wordt gehouden met reeds geleverde prestaties; Het verkrijgen van de benodigde financiering uit het landelijk transitiefonds. De volgende passages uit het HPB verklaren de inhoud van argument 3c. Waar velen naar op zoek zijn is de balans tussen wat aan het gebied wordt opgelegd (top down) en wat het gebied zelf kan regelen en organiseren (bottom up). Landgoedeigenaren, agrariërs verenigd in coöperaties, het waterschap en natuurbeheerders werken al samen in het gebied. Dat is een stevige basis om de extra doelstellingen die op het gebied afkomen samen op te pakken. Er leeft een wens voor waardering voor wat er al gebeurt en de mogelijkheid voor grondgebruikers om zelf het initiatief te nemen. Daar hoort wel een langjarige financiering bij met realistische afspraken over aanleg, onderhoud en beheer.
Een grondbank voor bijvoorbeeld het herbestemmen en/of herverkavelen van gronden die vrijkomen als agrariërs stoppen spreekt aan. Dit moet echter niet volledig door de overheid worden bepaald. Grondeigenaren willen zelf ook zeggenschap hebben over de manier waarop deze gronden worden herverdeeld. De landbouw en landgoederen bezitten, beheren en onderhouden het overgrote deel van het “niet met natuur/rode functies belegde buitengebied”. Draagvlak voor veranderingen is essentieel, en daarmee is het van belang dat de huidige eigenaren en gebruikers van de gronden in staat worden gesteld de groenblauwe diensten te leveren. Dit vraagt om structurele verdienmodellen, waarbij groenblauwe diensten worden beloond. De boeren moeten in staat worden gesteld om als plattelandsondernemer vee te houden en groenblauwe diensten te leveren en daarmee een nog mooier, diverser en vitaler buitengebied te maken. Door de financieringsstromen om te buigen naar beloning van boeren worden ondernemers in hun kracht gezet. Tegenargumenten/Alternatieve scenario’s Een alternatief voor een gezamenlijk vervolg van de Regiogemeenten en andere partijen is dat er verschillende losse afspraken en trajecten worden gemaakt. Hierbij bestaat het risico dat er weinig samenhang is tussen onderwerpen of tussen gebieden. Mogelijk ontstaan er zelfs concurrerende belangen.
Juist met een gezamenlijk HPB wordt het mogelijk om een samenhangende en kansrijke richting in te slaan als vertrekpunt voor het Utrechts Programma Landelijk Gebied en om transitiegelden van het Rijk binnen te halen.
Zaaknummer:
148323
Pagina
4
Risico’s Het HPB wordt aan alle gemeenteraden in Regio Amersfoort ter vaststelling voorgelegd. Op dat brede speelveld spelen meerdere, soms tegenstijdige belangen. Dat vraagt om nadere gezamenlijke uitwerking. Het vraagt ook om een houding waarbij partijen de gezamenlijk opgave én het gezamenlijke belang centraal stellen; vanzelfsprekend met behoud van democratische legitimiteit. De samenwerking met alle partners in dit HPB maakt het mogelijk meer aandacht te vragen én te krijgen voor de ruimtelijke opgaven en ambities in het buitengebied. De uitkomsten van de landelijke verkiezingen kunnen leiden tot nieuw (aangepast) beleid vanuit het Rijk. Dit neemt niet weg dat voldaan zal moeten worden aan de Europees gestelde normen. Het HPB biedt voldoende handvatten om zowel op bestaand als nieuw beleid te anticiperen. Plan van aanpak/tijdsplanning Het college zal de gemeenteraad informeren over de uitkomsten van de behandeling van het HPB door de Utrechtse regiogemeenten, waterschap Vallei en Veluwe en Gedeputeerde Staten van Utrecht en de eventuele consequenties daarvan.
Na vaststelling van het HPB als leidraad voor de transitie naar een toekomstbestendig en vitaal buitengebied zullen de regiogemeenten er met andere partijen een vervolg aan geven via: De Gebiedsgerichte Aanpak voor het Utrechts Programma Landelijk Gebied; Het uiteindelijke UPLG 1.0 zal, na diverse participatiemomenten voor de belanghebbenden en na het doorlopen van een Plan Milieueffectrapportage, in het eerste kwartaal van 2025 definitief worden vastgesteld door Provinciale Staten. Programma's voor onderwerpen die geen deel uitmaken van het UPLG (bijvoorbeeld Groen Groeit Mee). De provincie moet de gebiedsgerichte aanpak voor de uitvoering van het UPLG nog uitwerken. De regio Amersfoort vindt het belangrijk dat deze aanpak de regio in zijn kracht zet. Daarom vragen we hier aandacht voor bij de provincie. De gebiedsgerichte aanpak van de provincie pakt niet alle thema’s aan uit het HPB. Voor die thema’s zal de regio samen met partijen bezien hoe hieraan een vervolg kan worden gegeven. Het Stikstofcollectief Utrecht bestaat uit boerenorganisaties. Dit collectief heeft boeren en tuinders opgeroepen niet meer deel te nemen aan gebiedsprocessen en heeft voorwaarden gesteld waaraan moet worden voldaan voordat deze oproep wordt ingetrokken. Onvrede over het overheidsbeleid en de voortdurende onduidelijkheid over de voor boeren essentiële zaken spleet hierbij een rol.
Dit kan van invloed zijn op de voortgang waarmee de Gebiedsgerichte Aanpak UPLG kan worden opgepakt.
Zaaknummer:
148323
Pagina
5
Duurzaamheid De opgaven in het buitengebied komen voort uit aanpak klimaatverandering, inzet op duurzame energie, inzet op circulaire economie en grondstoffen, bevorderen duurzame landbouw en duurzame mobiliteit. Ze zijn afgeleid van internationale verdragen, wet- en regelgeving en nationale programma’s. Een deel van de nationale doelen is door het Rijk toebedeeld aan de provincies en gemeenten. Het HPB zorgt voor samenhang tussen de verschillende opgaven in de regio. Het is daarmee een leidraad voor een duurzame ontwikkeling van het buitengebied. Communicatie Het HPB is opgesteld door BVR Adviseurs in samenwerking met de 7 regiogemeenten, provincie Utrecht en Bureau Regio Amersfoort. Aan de totstandkoming ging een intensief proces vooraf van communicatie en participatie. Dit bood ruimte aan verschillende belangen en verschillende toekomstbeelden. Dit proces, met diverse gebiedsateliers, heeft in de zomer van 2023 geresulteerd in een Groeidocument. Hierin staat de opbrengst van alle gesprekken en voorgestelde richtingen. Het Groeidocument is getoetst bij alle betrokkenen (belanghebbenden en raden), als een tussenstap richting het HPB. Het Groeidocument is in uw raad besproken en het verslag hiervan is opgenomen in het Consultatierapport op pagina 51 en 52. Op basis van alle reacties in het Consultatierapport is het HPB opgesteld.
Meer informatie over de gebiedsateliers en raadsbijeenkomsten vindt u op deze webpagina van Bureau Regio Amersfoort. Na de vaststelling van het HPB vindt communicatie als volgt plaats: o o o
Nieuwsbericht op de website en social media kanalen van Bureau Regio Amersfoort; Persoonlijk bericht naar alle stakeholders die in het proces zijn betrokken; Mededeling door regiogemeenten via hun communicatiekanalen en in huis-aanhuisbladen.
Zaaknummer:
148323
Pagina
6
Bijlagen -
Groeidocument Consultatierapport Handelingsperspectief Buitengebied Regio Amersfoort
Het college van de gemeente Leusden,
R.B. van den Brink
F.T.J.M. Backhuijs
directeur secretaris
wnd. burgemeester
Zaaknummer:
148323
Pagina
7
Raadsbesluit De raad van de gemeente Leusden: Besluit op basis van het voorstel van het college van 27 februari 2024, nummer 148323
besluit: 1. Het Handelingsperspectief Buitengebied Regio Amersfoort vast te stellen als een regionale leidraad voor de transitie naar een toekomstbestendig en vitaal buitengebied; 2. Het Handelingsperspectief Buitengebied als vertrekpunt in te brengen voor de Gebiedsgerichte Aanpak van het Utrechts Programma Landelijk Gebied c.q. andere relevante programma’s; 3. Opvolging van het Handelingsperspectief Buitengebied te borgen en te monitoren in samenwerking met andere overheden en betrokken stakeholders.
Besloten in de openbare raadsvergadering van I. Schutte – van der Schans griffier
Zaaknummer:
148323
F.T.J.M. Backhuijs voorzitter