RUD Utrecht Ontwerp eerste begrotingswijziging 2023.pdf
Tekst van het document
Ontwerp eerste begrotingswijziging 2023 15 september 2022
Inhoud Inleiding ...................................................................................................................................................2 1.
Ontwikkelingen ............................................................................................................................2
2.
Begrotingswijziging .....................................................................................................................2 2.1.
Gewijzigde begroting 2023........................................................................................................3
2.2.
Begrotingswijziging ..................................................................................................................3
2.3.
Gewijzigde bijdrage per deelnemer ............................................................................................4
2.4.
Gewijzigde bijdrage per deelnemer (detail).................................................................................5
Ontwerp eerste begrotingswijziging 2023 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 15 september 2022
Pagina 1 van 5
Inleiding De Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht (RUD Utrecht) is een samenwerkingsverband tussen elf gemeenten en de provincie Utrecht. Dit samenwerkingsverband heeft als missie om bij te dragen aan een gezonde, veilige en duurzame fysieke omgeving. Daarbij is de RUD Utrecht de uitvoeringsorganisatie en zijn de elf gemeenten samen met de provincie Utrecht de deelnemers. Doordat de RUD Utrecht een Gemeenschappelijke Regeling is dient de begroting van de RUD Utrecht als input voor de begroting van de deelnemers. Om deze reden is de Begroting 2023 al reeds in maart 2022 als concept en in juni 2022 definitief vastgesteld. Dit betekent concreet dat de begroting eind 2021 is opgesteld. Over de CAO 2022 en 2023 was destijds nog geen (principe)akkoord bereikt. Voor de begroting 2023 is de RUD Utrecht uitgegaan van de Septembercirculaire provinciefonds 2021 voor onder meer de indexering van de grootste kostenpost van de RUD Utrecht namelijk personeel. Normaliter wijkt de Septembercirculaire slechts beperkt af van het uiteindelijke onderhandelakkoord. Door recente ontwikkelingen (onder meer de sterk opgelopen inflatie) is dit nu echter niet het geval en is het noodzakelijk vanwege de resulterende hogere kosten de begroting te herzien.
Leeswijzer In hoofdstuk 1 zullen wij de ontwikkelingen en de daarbij noodzakelijke financiële middelen onderbouwen. Hoofdstuk 2 bevat de herziene begroting 2023, de bijdrage per deelnemer en de voorgestelde eerste begrotingswijziging ten opzichte van de eerder vastgestelde programmabegroting 2023.
1. Ontwikkelingen Voor de begroting 2023 is de RUD Utrecht uitgegaan van de Septembercirculaire provinciefonds 2021 die door de rijksoverheid was vastgesteld. Bij het opstellen van de Begroting 2023 is het startpunt de salariskosten van 2021 geweest door het moment van opstellen. Vervolgens heeft de RUD Utrecht voor het jaar 2022 rekening gehouden met een loonstijging van 2,5% en voor het jaar 2023 met een loonstijging van 2,3% (conform Septembercirculaire) naast de individuele stijging van medewerkers. Recente ontwikkelingen hebben ervoor gezorgd dat het principeakkoord dat inmiddels is bereikt over de provinciale CAO een flink hogere loonstijging bevat dan destijds geprognotiseerd in de septembercirculaire. Het huidige principeakkoord is een onderhandelakkoord tussen de werkgevers en de vakbonden (FNV, CNV, AVV en CMHF) dat op 24 juni 2022 is overeengekomen. Zowel voor het jaar 2022 als 2023 vallen de loonkosten een stuk hoger uit dan vooraf geprognotiseerd. Beide jaren hebben een effect op de loonkosten voor het begrotingsjaar 2023. Het principeakkoord kan als volgt worden samengevat: Met ingang van 1 januari 2022 worden alle functieschalen met €75 bruto verhoogd op basis van een fulltime dienstverband. Op 1 juli 2022 worden de salarissen structureel met 3% verhoogd. Per 1 januari 2023 worden de salarissen nog eens structureel verhoogd met 4%.
Per 1 juli 2022 wordt een bodembedrag voor het maandsalaris ingevoerd van €2.184 bruto per maand. Daarnaast zal er in 2022 nog een eenmalige flexibiliteit / thuiswerkvergoeding van €500 bruto worden uitgekeerd en zal er vanaf 1 januari 2023 €3 netto worden uitgekeerd per thuiswerkdag. Zowel de loonstijging in 2022 als 2023 heeft effect op de begroting 2023 aangezien het huidige principeakkoord significant meer stijgt dan waar rekening mee was gehouden op basis van de Septembercirculaire. Op totaalniveau stijgt de deelnemersbijdrage met € 479.000 Deze stijging bestaat uit een stijging van de vaste bijdrage van €115.000 veroorzaakt door een stijging van de loonkosten binnen de afdeling bedrijfsvoering en een stijging van de variabele bijdrage van €364.000 veroorzaakt door de loonstijgingen bij de afdelingen handhaving en vergunningverlening. De laatste stijging van €364.000 zal moeten worden gecompenseerd door een hoger uurtarief. Initieel was het vastgestelde tarief voor het jaar 2023 voor handhaving: € 64,00 (2022: € 61,75) en voor vergunningverlening: € 69,50 (2022: € 68,00). Door deze loonstijging stijgt het tarief naar € 66,00 voor handhaving en € 73,00 voor vergunningverlening.
2. Begrotingswijziging De kosten en opbrengsten voortkomend uit de ontwikkelingen beschreven in hoofdstuk 1 zijn in dit hoofdstuk verwerkt in de gewijzigde begroting 2023. Naast de gewijzigde begroting 2023 is tevens in dit hoofdstuk de bijdrage per deelnemer en de begrotingswijziging 2023 opgenomen.
Ontwerp eerste begrotingswijziging 2023 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 15 september 2022
Pagina 2 van 5
2.1.
Gewijzigde begroting 2023
Op basis van de beschreven ontwikkelingen wordt de volgende gewijzigde begroting voorgesteld: Begroting 2023 na wijziging Programma's
Baten
Lasten
Saldo
1 Handhaving Directe variabele kosten handhaving Directe vaste kosten handhaving ISV
6.582.000 5.391.000 1.191.000 -
6.655.000 5.464.000 1.191.000 -
-73.000 -73.000 -
2 Vergunningverlening Directe variabele kosten vergunningverlening Directe vaste kosten vergunningverlening
5.224.000 4.304.000 920.000
5.146.000 4.226.000 920.000
78.000 78.000 -
3 Bedrijfsvoering Totaal programma's Loon- en prijscompensatie Onvoorzien Totaal saldo van de baten en lasten
4.142.000 15.948.000 50.000 225.000 16.223.000
4.142.000 15.943.000 50.000 225.000 16.218.000
5.000 5.000
Gerealiseerde resultaat
16.223.000
16.218.000
5.000
2.2.
Begrotingswijziging
Op basis van de beschreven ontwikkelingen wordt de volgende begrotingswijziging voorgesteld: 1e begrotingswijziging 2023 Programma's 1 Handhaving Directe variabele kosten handhaving Directe vaste kosten handhaving
3 Bedrijfsvoering Totaal programma's Loon- en prijscompensatie Onvoorzien Totaal lasten
Baten 166.000 159.000 7.000 211.000 206.000 5.000 102.000 479.000 479.000
Lasten 212.000 205.000 7.000 164.000 158.000 6.000 102.000 478.000 478.000
Saldo -46.000 -46.000 47.000 48.000 -1.000 1.000 1.000
Geprognotiseerd resultaat
479.000
478.000
1.000
2 Vergunningverlening Directe variabele kosten vergunningverlening Directe vaste kosten vergunningverlening
Ontwerp eerste begrotingswijziging 2023 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 15 september 2022
Pagina 3 van 5
De aard van de begrotingswijziging en de daarbij behorende achtergrond heeft ertoe geleid dat er ook een extra specifiek risico is ontstaan. Bij deze begrotingswijziging wordt dus ook een aanpassing aan de risicoanalyse voorgesteld. Aanvullend risico: Risico
Omschrijving
I/S
Kans %
Impact x € 1000
Restrisico x € 1.000
7. Inflatie (specifiek)
Gebruikelijk gaat de RUD Utrecht voor de prijsstijging en CAO stijgingen, bij het opstellen van de begrotingen, uit van de circulaire die door de rijksoverheid wordt opgesteld. Momenteel is de inflatie zodanig hoog dat de inschatting gebaseerd op de circulaire mogelijk te laag zijn ingeschat. Wel is de overheid momenteel bezig met een pakket aan maatregelen om de koopkracht op peil te houden en de inflatie te beperken. De verwachting is dat deze maatregelen in 2023 in zullen gaan. Het prijsniveau in 2023 blijft echter een specifiek risico voor 2023.
S
25%
€ 400
€ 100
Totaal restrisico (na het toevoegen van risico 7):
€ 973
Tegenover de bestaande risico’s staat de weerstandscapaciteit ter hoogte van € 983.000. De hierbij behorende ratio is: 1,01 (minimaal 1,0 is gewenst). De weerstandscapaciteit ligt daarmee op een voldoende niveau om de specifieke risico’s op te kunnen vangen. Hierbij met echter wel de opmerking gemaakt worden dat er in 2022 een negatief resultaat verwacht wordt en het daadwerkelijke weerstandvermogen daarmee waarschijnlijk iets zal gaan afnemen.
2.3.
Gewijzigde bijdrage per deelnemer
De bijdrage per deelnemer voor 2023 wordt in de volgende tabel gepresenteerd: Totale nieuwe bijdrage Nieuwe Vaste bijdrage 2023
Nieuwe variabele bijdrage incl regionale & provinciale taken
Amersfoort
€
1.943.000
€
781.000
€
1.162.000
Baarn
€
463.000
€
187.000
€
276.000
Bunschoten
€
552.000
€
223.000
€
329.000
Eemnes
€
241.000
€
97.000
€
144.000
Houten
€
397.000
€
159.000
€
238.000
Leusden
€
471.000
€
190.000
€
281.000
Lopik
€
534.000
€
215.000
€
319.000
Nieuwegein
€
406.000
€
164.000
€
242.000
Provincie Utrecht
€
8.208.000
€
3.300.000
€
4.908.000
Soest
€
791.000
€
319.000
€
472.000
Utrecht
€
1.845.000
€
743.000
€
1.102.000
Woudenberg
€
373.000
€
150.000
€
223.000
€
16.223.000
€
6.528.000
€
9.695.000
Opdrachtgever
Ontwerp eerste begrotingswijziging 2023 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 15 september 2022
Pagina 4 van 5
2.4.
Gewijzigde bijdrage per deelnemer (detail) Programmabegroting 2023
1e Begrotingswijziging 2023
Amersfoort
Variabele bijdrage incl prov en regionale taken € 1.116.000
€
768.000 €
1.884.000 €
1.154.000
Baarn
€
265.000
€
183.000
€
448.000
€
274.000
Bunschoten
€
316.000
€
219.000
€
535.000
€
327.000
Eemnes
€
138.000
€
95.000
€
233.000
€
143.000
Houten
€
228.000
€
157.000
€
385.000
€
236.000
Leusden
€
270.000
€
187.000
€
457.000
€
279.000
Lopik
€
306.000
€
211.000
€
517.000
€
317.000
Nieuwegein
€
232.000
€
161.000
€
393.000
€
Provincie Utrecht
€
4.732.000 €
7.973.000 €
Opdrachtgever
Vaste bijdrage
Totale bijdrage 2023
3.241.000 €
Soest
€
454.000
€
313.000
Utrecht
€
1.059.000
€
730.000 €
€
214.000
€
148.000
€
362.000
€
9.330.000 €
6.413.000
€
Woudenberg
€
Ontwerp eerste begrotingswijziging 2023 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 15 september 2022
€
Nieuwe variabele bijdrage incl regionale & provinciale taken 8.000 € 1.162.000
€
781.000 €
1.943.000
€
€
2.000
€
276.000
€
187.000
€
463.000
€
15.000
€
2.000
€
329.000
€
223.000
€
552.000
€
17.000
€
1.000
€
144.000
€
97.000
€
241.000
€
8.000
€
2.000
€
238.000
€
159.000
€
397.000
€
12.000
€
2.000
€
281.000
€
190.000
€
471.000
€
14.000
€
2.000
€
319.000
€
215.000
€
534.000
€
17.000
240.000
€
2.000
€
242.000
€
164.000
€
406.000
€
13.000
4.783.000
€
125.000 €
3.300.000 €
8.208.000
€
234.000
Variabele bijdrage
Regionale en provinciale taken
Nieuwe Vaste bijdrage
4.908.000 €
Totale nieuwe bijdrage 2023
Toename Totale bijdrage (i.v.m. CAO) 58.000
€
469.000
€
3.000
€
472.000
€
319.000
€
791.000
€
24.000
1.789.000 €
1.095.000
€
7.000 €
1.102.000
€
743.000 €
1.845.000
€
56.000
€
221.000
€
2.000
223.000
€
150.000
€
373.000
€
11.000
15.743.000 €
9.538.000
€
157.000 €
9.695.000 €
6.528.000
€
16.223.000
€
479.000
767.000
€
Pagina 5 van 5