CConstaterende datLeusden
Koppel je AI →
Document · PDF

QA nav denktank.pdf

Raadsvergadering 18 maart 2021, gemeente LeusdenBij agendapunt: 6: RV Programmaplan, routekaart en uitnodigingskader energietransitie3.603 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vragen en antwoorden denktank over energietransitie, besluitvorming en rol denktank

Besluitvorming Routekaart energieneutraal Leusden en uitnodigingskader Vragen

Antwoorden

1. Waarover gaat de informatie-avond op 4 maart (en besluitvorming op 18 maart) van de gemeenteraad?

De besluitvorming van de gemeenteraad (via de informatie-avond en raadsvergadering van 18 maart) bestaat uit twee onderdelen: 1) De routekaart naar een energieneutraal Leusden (met het programmaplan als uitwerking hoe we hiermee aan de slag gaan). Met de routekaart bekrachtigt en preciseert de gemeenteraad de afspraken die zijn gemaakt in het coalitie-akkoord (en op latere momenten in moties zijn vertaald) dat Leusden in 2040 energieneutraal wil zijn. Dit, wat algemene, doel is met de routekaart in opdracht van de gemeenteraad verder uitgewerkt in 4 verschillende thema’s en tussendoelen per 5 jaar. De 4 thema’s zijn bebouwd gebied, bedrijven en kantoren, mobiliteit en duurzame opwek in het buitengebied. 2) De opdracht om een uitnodigingskader voor zon en wind in het landelijk gebied op te stellen. Bij het besluit over de routekaart bekrachtigt de raad eerdere besluiten over de ambitie om energieneutraal te willen zijn en wat daarvoor nodig is (bijv. qua besparing en duurzame opwek in bebouwd en buitengebied). Dit is uitgewerkt in hierboven genoemde vier thema’s. Met het besluit over het uitnodigingskader bekrachtigt de raad de opdracht om het participatietraject voor één van de vier thema’s te starten; duurzame opwek in het buitengebied.

Hierin wordt met inbreng van inwoners en belanghebbenden bepaald waar en onder welke voorwaarden welke vorm van duurzame opwek mogelijk gaat worden. Over de uitkomst hiervan moet de raad uiteindelijk ook weer een besluit nemen.

2. Waarom besluit de gemeenteraad al op 18 maart over de routekaart naar een energieneutraal Leusden terwijl de denktank nog maar net is gestart?

We hebben de denktank gevraagd een rol te spelen in het proces om te komen tot een uitnodigingskader, als uitwerking van het in de vorige vraag benoemde tweede beslispunt. Om daar voldoende tijd voor te kunnen nemen zijn we, vooruitlopend op de besluitvorming van 18 maart, al met dit proces gestart. De denktank is dus in het leven geroepen voor de uitwerking van één van de vier thema’s en niet voor het opstellen van de routekaart. De denktank hoeft dus niet te reageren op de routekaart.

3. Kunnen we nog wel inspreken over de routekaart?

Uiteraard kunnen inwoners en belanghebbenden inspreken over de routekaart. Dat gaat buiten de rol en proces van de denktank om. Meer informatie hierover kunt u krijgen bij de griffie van de gemeenteraad (Griffier@leusden.nl). De griffie is vanwege vakantie weer op maandag 1 maart bereikbaar. De stukken zijn te vinden onder: https://gemeentebestuur.leusden.nl/Vergaderingen

4. Hoe gaat de gemeente de inwoners hier op tijd en zorgvuldig bij betrekken?

De eerste stap hierin is al gezet met het webinar, de inspreeksessies, berichtgeving in de (social)media en de enquête rond de zomer van 2020. Voor deze enquête zijn a-select 5.000 inwoners per brief uitgenodigd (met eigen unieke code) om de vragenlijst in te vullen. Inwoners die geen brief hebben ontvangen, konden hun e-mailadres opgeven zodat zij een link en

code naar de online vragenlijst toegestuurd kregen. 553 inwoners hebben van deze mogelijkheid gebruik gemaakt. Respondenten konden digitaal, op papier of telefonisch meedoen aan het onderzoek. In totaal hebben 1.248 inwoners de vragenlijst volledig ingevuld. Met het aantal respondenten (1.248) kunnen (volgens alle gangbare en onomstreden statistische uitgangspunten) met een betrouwbaarheid van 95% en een foutmarge van 2,7% uitspraken worden gedaan. Over het betrekken van de bewoners bij het op te stellen uitnodigingskader willen we graag met de denktank in gesprek. LOS Stad om Land ondersteunt ons daarbij. Voordat we daarmee verder gaan, wachten we eerst de besluitvorming van de gemeenteraad over de routekaart naar een energieneutraal Leusden (naar verwachting op 18 maart) af.

Rol denktank Vragen

Antwoorden

5. Moet de denktank het eens worden over de inhoud?

De denktank hoeft het niet inhoudelijk eens te worden over de te maken keuzes. Zij wordt gevraagd mee te denken over wat de onderscheidende vragen zijn die aan de samenleving moeten worden voorgelegd (bij het bepalen van waar en onder welke voorwaarden duurzame opwek in het landelijk gebied mogelijk wordt gemaakt), en hoe we de keuzes daarbij zo herkenbaar en duidelijk mogelijk (met beelden) voorleggen op zoek naar argumenten voor en tegen. Dit is dus een meer procesmatige rol en moeten we nog goed oppakken met de denktank. We vragen de denktank dus mee te denken over de inrichting van het proces hoe de samenleving te betrekken bij het maken van keuzes. En om verderop in het proces te bezien of het voorstel voor de inhoud van het uitnodigingskader recht doet aan de inbreng van de samenleving. Los van hoe de denktankleden individueel denken over de inhoud van de voorstellen.

Relatie routekaart en uitnodigingskader Leusden met de RES en buurgemeenten Vragen

Antwoorden

6. Waarom is de opgave voor Leusden (in verhouding) zoveel groter dan de opgave voor de RES?

De RES gaat over de opdracht die de regio Amersfoort (net als de andere RES-regio’s in NL) heeft om een bijdrage te leveren aan de grootschalige duurzame opwek van energie op land. Die opdracht is afgesproken op rijksniveau. Hoeveel dit moet zijn is niet vooraf bepaald; de regio’s doen allemaal een bod en vervolgens wordt op landelijk niveau opgeteld hoe groot de bijdrage van al deze biedingen is aan het realiseren van grootschalige opwek van energie op land. In de RES 1.0 moet worden aangegeven hoeveel grootschalige duurzame opwek een regio voor 2030 denkt te realiseren (bij het concept-bod is

voor de regio Amersfoort uitgegaan van 0,5TWh) én de zoekgebieden waar de regio’s denken dat te gaan doen. De hoogte van dit bod is echter maar een onderdeel van de totale energie-opgave en nog onvoldoende om als regio (en als Leusden) energieneutraal te zijn. Leusden heeft zich voorgenomen om in 2040 jaarrond energieneutraal te zijn. Dat betekent dat alle energie die in Leusden wordt verbruikt ook in Leusden duurzaam moet worden opgewekt. Deze opgave gaat dus over de grootschalige opwek van energie, net zoals de RES (en wat we in Leusden realiseren, telt ook mee voor de RES), maar deze opgave gaat ook over energie besparen bij het verwarmen van woningen, (kleinschalig) zonnepanelen op woningen en bedrijfsdaken en terugdringen van fossiel energiegebruik voor mobiliteit. Het nemen van maatregelen op al die onderwerpen moet er toe leiden dat Leusden in 2040 energieneutraal is. De cijfers op een rij: Concept RES-bod (incl. addendum) vertaald naar Leusden: Het concept bod van de RES-betekent voor Leusden 4 turbines en 25 ha zonneveld (= gelijkelijk verdeelde compensatie voor wegvallen windturbines). Dit betreft alleen de grootschalige duurzame opwek in het landelijk gebied. In de RES wordt er ook van uitgegaan dat er op daken, in bebouwd gebied en langs infrastructuur duurzame energie wordt opgewekt.

Leusden Energieneutraal Energiemix 2030 (halverwege doel 2040): Als we kijken wat er nodig is voor de ambitie om in 2030 halverwege het doel te zijn om in 2040 energieneutraal te zijn dan is daarvoor in Leusden het volgende nodig: Grootschalige duurzame opwek in het landelijk gebied: 8 (of 4) turbines en 100 (of 185) ha zon Daarnaast in 2030: - 30% energiebesparing - 50% minder aardgasgebruik - 87.000 panelen op bebouwing - 45% elektrische auto’s NB: alles wat Leusden lokaal doet aan grootschalige opwek in het kader van de RES, telt ook mee in het realiseren van de eigen lokale ambitie. 7. Wanneer wordt er een besluit genomen over de RES en hoe verhoudt zich dit tot de routekaart en het uitnodigingskader?

Zie ook beantwoording in vraag 6. Het concept-RES-bod is op 1 oktober 2020 ingediend door de regio. De volgende versie, de RES 1.0 moet op 1 juli worden ingediend, nadat de gemeenteraad van Leusden hierover op dezelfde dag een besluit genomen heeft. In de RES 1.0 moet worden aangegeven hoeveel grootschalige duurzame opwek een regio voor 2030 denkt te realiseren (bij het concept-bod is uitgegaan van 0,5TWh) én de zoekgebieden waar de regio’s denken dat te gaan doen. Als het uitnodigingskader van Leusden dan al klaar is, dan is dat input voor / onderdeel van de RES waaruit kan worden afgeleid waar in Leusden zoekgebieden zijn voor grootschalige duurzame opwek en de voorwaarden waaronder dit in die zoekgebieden mogelijk is. Als het uitnodigingskader op 1 juli nog niet gereed is, dan brengen we het proces in beeld hoe we in Leusden tot dit uitnodigingskader met kansgebieden gaan komen. Deze processchets is voldoende voor de RES 1.0.

8. Hoe verhoudt de besluitvorming in Leusden zich tot de besluiten over duurzame opwek in de buurgemeenten?

Uitzicht op windmolens of zonnevelden of recreëren in het buitengebied stopt niet bij de gemeentegrens. We willen dus ook weten wat de omliggende gemeenten en de inwoners nabij de gemeentegrens vinden van duurzame opwek. We zullen hen betrekken bij de totstandkoming van het uitnodigingskader. Die afstemming met de omliggende gemeenten moet dus plaatsvinden bij het opstellen van onze en hun kaders.

9. Hoe zit het met de kaarten voor de RES en de zoekgebieden die daarin zijn beschreven?

De kaarten van het concept bod van de RES zijn gebaseerd op de uitkomsten van de werksessies die indertijd zijn geweest en zogenaamde uitsluitingsgebieden op basis van de huidige (landelijke en provinciale) regelgeving (uitsluitingsgebieden). De kaart met uitsluitingsgebieden wordt nog geactualiseerd aan de laatste stand van zaken qua regelgeving zodat deze upto-date is op het moment dat wij daar met inwoners over in gesprek gaan. Daarnaast is voor het vaststellen van de uitsluitingsgebieden een aantal keuzes sterk bepalend. Zo wordt er bijvoorbeeld soms voor gekozen om voor windturbines uit te gaan van afstanden tot losse woningen en in andere gevallen wordt alleen rekening gehouden met afstanden tot meervoudige bebouwing. In Leusden gaan we met inbreng van inwoners en belanghebbenden in het uitnodigingskader bepalen of en waar we duurzame opwek zouden willen toestaan. Daar gaan we dan gemeentelijke regels voor maken. Dat is nadrukkelijk iets anders dan alleen bepalen waar ze op basis van (landelijke en provinciale) regelgeving niet zijn uit te sluiten.

De omvang van de opgave en verdeling in de energiemix Vragen

Antwoorden

10. Waarom hebben we zoveel zonnevelden en windturbines in het buitengebied nodig? Benut de infrastructuur: denk aan overkapping snelwegen, spoorwegen, bedrijfsloodsen. Is dat niet genoeg?

Energiemix Om te kunnen bepalen hoe de energiemix er in de toekomst uit komt te zien gebruiken we een model dat in het hele land door gemeenten en regio’s (ook de regio Amersfoort) wordt gehanteerd en waar honderden paramaters en datasets voor worden gebruikt. Op hoofdlijnen bestaat het uit de volgende elementen: het huidige energieverbruik op basis van bestaande bronnen, het doorrekenen van allerlei trends en het vertalen van keuzes die een gemeente maakt. Waarbij deze keuzes invloed hebben op heel veel andere parameters in het model en ook zo worden doorgerekend. Dit heeft geleid tot de benodigde energiebehoefte en insteek om dit te behalen zoals opgenomen onder vraag 6. Besparing Wij hebben erop ingezet dat we, door aan de slag te gaan met het isoleren van woningen flink kunnen besparen. Samen met de effecten van allerlei andere keuzes en ontwikkelingen zetten we in op een energiebesparing van 50% in 2040 en 39% in 2030. Zonnepanelen op daken De feitelijke potentie van daken zoor zonnepanelen is moeilijk te bepalen omdat er veel factoren van invloed zijn. Het kadaster heeft de theoretische potentie van daken van utiliteitsgebouwen (gebouwen op bedrijventerreinen, in het buitengebied of overheidsbezit) berekend (aan de hand van luchtfoto’s, gebouwgegevens etc.). Wij zetten er op in om 65.000 panelen op utiliteitsgebouwen te realiseren.

Dat is 58% van de maximale potentie volgens het kadaster. Uiteraard is

het volledig benutten van dit potentieel de beste oplossing, maar dit kent nogal wat problemen waardoor de haalbaarheid twijfelachtig is. De beperking in het volledig benutten zit hem met name op onvoldoende constructiesterkten, aansluitbeperkingen, onmogelijkheid (op korte termijn) voor verplichting, verzekeringsissues en de vrijwilligheid van eigenaren om hun dak al dan niet in te zetten voor zonnepanelen. Daarom is vooralsnog voor aantal 65000 panelen op utiliteitsgebouwen gekozen. NB: stel dat we wel de volledige dakpotentie wel zouden kunnen benutten dan betekent dat dat we ca. 7,5 ha zonneveld minder nodig hebben om de doelstelling te halen. Verder zijn we ambitieuzer dan de standaard uitgangspunten van het model voor wat betreft zonnepanelen op woningen. We zetter er op in dat er op alle woningen in Leusden gemiddeld ruim 5 zonnepanelen worden geplaatst. Dat zijn ook 65.000 panelen op woningen. In totaal betekent dat 130.000 panelen op daken. Restant Er is berekent hoeveel energie er met deze maatregelen in de toekomst wordt, bespaard, gebruikt en hoeveel er duurzaam wordt opgewekt in bebouwd gebied. Om energieneutraal te worden moet het verschil tussen verbruik en besparing (het restant) worden opgewekt met andere vormen van duurzame energie.

Voor 2030 hebben we het streven dat we halverwege het doel willen zijn om in 2040 energieneutraal te zijn (de raad moet dit nog bekrachtigen met de besluitvorming over de routekaart). Dan is er naast de berekende besparing (39%) en opwek op daken etc. net zoveel duurzame energie nodig als 8 (of 4) turbines en 100 (of 185) ha zonneweides kunnen opwekken. Ter vergelijking: Leusden kent in totaal ongeveer 2300 ha landbouwgrond. Naast de energietransitie vraagt de maatschappij van de landbouw dat zij de omslag maakt naar circulaire, klimaatneutrale en natuurinclusieve landbouw wat ook een ruimtevraag kent. Om in 2040 helemaal energieneutraal te zijn is er naast besparing (dan 50%) en maximaal gebruik van daken, parkeerterreinen etc. net zoveel duurzame opwek nodig als 8 turbines en 400 ha zonneveld kunnen opwekken, echter voor de doelstelling van 2030 tot 2040 zetten we vol in op innovaties en andere technieken. Kort gezegd verbruiken wij in Leusden dus zoveel energie, dat ook na het nemen van alle besparingsmaatregelen en maximaal gebruik van alle dakpotentieel voor zonnepanelen er nog een energierestvraag overblijft.

Met het uitnodigingskader kunnen we bepalen welke waarden (voedselproductie, energie-opwekking, natuur, recreatie, beleving openheid, etc.) we in welk gebied van belang vinden en dus willen beschermen door deze gebieden uit te sluiten voor het opwekken van duurzame energie of door voorwaarden te verbinden aan het opwekken van duurzame energie op deze gronden. 11. Kunnen we niet eerst de daken volleggen en pas daarna, als dat nog nodig is, met zonneweides en windturbines aan de slag gaan?

De urgentie om met duurzame opwek aan de slag te gaan is groot en het realiseren van zonnepanelen op daken en in bebouwd gebied gaat te langzaam. Dat wil niet zeggen dat we deze potentie niet maximaal willen gaan benutten (zie antwoord op vraag 10 voor de onderbouwing wat maximaal haalbaar is voor het benutten van daken). We weten nu al dat dat niet genoeg gaat zijn (zie voor de onderbouwing het antwoord op vraag 10. Daarom hebben we uitgerekend hoeveel duurzame opwek er in het buitengebied nog nodig is naast het maximaal benutten van de daken en bebouwd gebied. We zullen ervoor zorgen dat er niet meer dan deze maximaal benodigde opwek in het buitengebied gerealiseerd wordt. Via een openbaar online dashboard gaan we continu de besparing en duurzame opwek op daken, in gebouwd gebied en in het buitengebied. Waar nodig zullen we tussentijds de doelen bijstellen.

12. Waarom moet alles met zonneweides en/ of windturbines, zijn er geen andere oplossingen?

Om de doelstellingen voor 2030 te halen, moeten we aan de slag met de technieken die we nu kennen, zich nu bewezen hebben en op tijd operationeel zijn. Dan hebben we op dit moment geen andere keuze dan gebruik te maken van zonne- en windenergie. Voor de periode 2030-2040 zetten we vol in op innovatieve technieken, zodat we de dan resterende duurzame energievraag zo veel mogelijk kunnen opwekken met technieken die geen of minder impact hebben op het buitengebied. In Leusden kunnen we dus, om de energiedoelen te halen toe met tijdelijke zonnevelden of windmolens. In het uitnodigingskader gaan we de voorwaarden bepalen waaronder zonneparken of windturbines gerealiseerd kunnen worden. Zo’n voorwaarde kan zijn dat zonneparken en windturbines voor bijv. 25 jaar worden toegestaan en dat daarna de bestemming van de grond vervalt naar zijn oorspronkelijke bestemming en wordt het park (zoals in de vergunning met de gemeente kan afspreken) netjes opgeruimd. Tegen die tijd kunnen andere vormen/nieuwe technieken dan zonneparken en windturbines overnemen. Maar hebben we wel eerder stappen kunnen maken om onze energievoorziening te verduurzamen en onze doelen te halen. De energiemix kan dan ook uit een andere verhouding van zonnevelden en windturbines of andere duurzame energiebronnen bestaan, die evenveel duurzame energie opwekken.

Hierbij monitoren we continu de besparing en duurzame opwek in gebouwd gebied en wat het gevolg daarvan is voor de benodigde duurzame opwek in het buitengebied.

13. Kan het net het wel aan?

De ambitie van de RES Regio Amersfoort is bij goede planbaarheid tijdig (voor 2030) door Stedin te verwezenlijken. Voor het realiseren van de lokale opgave hebben we in zo vroeg mogelijk contact met Stedin over de (on)mogelijkheden. Daarom is Stedin betrokken als lid van de denktank en zullen we bij het opstellen van scenario’s rekening houden met de netcapaciteit. Hierbij moeten ook de maatschappelijk kosten van het aansluiten en/of aanpassen van de netinfrastructuur in beeld worden gebracht en onderdeel zijn van de afweging: deze kosten verschillen flink tussen wind, zon op veld en zon op dak.

14. In hoeverre wordt er rekening gehouden met toekomstige ontwikkelingen? (toename van datacentra, elektrisch rijden, groeiambitie Leusden, groei aan airco’s en warmtepompen).

In de berekeningen is rekening gehouden met zoveel mogelijk te voorziene ontwikkelingen. Sommige ontwikkelingen zoals de bevolkingsgroei, laten zich beter voorspellen dan andere. Daarmee zijn de berekeningen gebaseerd op de beste inzichten die we nu hebben, maar bieden ze nooit 100% zekerheid. Naar verwachting zullen er in de toekomst veel meer elektrische auto’s rijden. Deze auto’s zijn efficiënter, dus daarmee gebruiken ze minder energie dan brandstof-auto’s en besparen ze aanzienlijk op de totaal benodigde energie. Maar ook deze energie moet duurzaam worden opgewekt. Ook de energiebesparing en het vervangen van aardgas zijn meegenomen in de prognoses. Als zich grote energievragers in Leusden willen vestigen (denk aan een datacenter) dan zal hierover eerst besluitvorming moeten plaatsvinden. Ook hiervoor geldt het algemene uitgangspunt dat nieuwbouw in principe energieneutraal moet zijn.

15. Landbouwgrond neemt toch ook CO2 op, dat gaat verloren met het plaatsen van zonnevelden.

Met het uitnodigingskader kunnen we bepalen welke waarden (voedselproductie, energie-opwekking, natuur, recreatie, beleving openheid, etc.) we in welk gebied van belang vinden en dus willen beschermen door deze gebieden uit te sluiten voor het opwekken van duurzame energie of door voorwaarden te verbinden aan het opwekken van duurzame energie op deze gronden. Het positieve effect van opname van CO2 door gewassen op landbouwgrond is een complex vraagstuk. Dit is

16. Dit kaartje komt uit de energie transitie Atlas van Overmorgen van nov. 2018 en is getoond tijdens een denktankvergadering. Er boven staat “zoekgebieden windenergie”. Betekent dit dat de gemeente op deze (groene) locaties van plan is windturbines toe te staan?

onder andere afhankelijk van de wijze van bodemverbetering, de wijze van bemesting en de gewaskeuze die wordt toegepast. De bemesting kan bovendien andere nadelige (klimaat)effecten hebben. Een eenduidig antwoord is daarom niet zomaar te bepalen. Een zonneveld kan bovendien zodanig gerealiseerd worden dat het naast de duurzame energieopwekking ook door de inrichting een gunstig CO2-effect heeft. Met name in situaties waar het veld zo is ingericht dat het ruimte laat voor biodiversiteit of een verdienmodel creëert voor nieuwe natuur. Deze kaart laat zien welke gebieden er uitgesloten zijn voor windenergie op basis van (toen geldende landelijke/provinciale) regelgeving over afstanden van winmolens tot bebouwing (uitsluitingsgebieden). De gebieden die op basis van deze regels niet uitgesloten zijn, zijn (licht)groen gekleurd. Dat wil echter nog niet zeggen dat dit dan ook zoekgebieden zijn. Tijdens de presentatie is deze kaart als voorbeeld getoond en is aangegeven dat deze niet definitief is en niet duidelijk is welke uitgangspunten hierbij gehanteerd zijn. In Leusden moeten we nog gaan bepalen (in het uitnodigingskader) of en waar we windturbines zouden willen toestaan (en onder welke voorwaarden dan). Daar gaan we dan gemeentelijke regels en kaarten voor maken.

Dat is nadrukkelijk iets anders dan alleen bepalen waar ze nu op basis van (bepaalde landelijke en provinciale) regelgeving zijn uit te sluiten (zoals dit kaartje doet). Uiteraard begint de zoektocht naar zoekgebieden, ook in Leusden straks, wel door dit soort kaarten waar uitsluitingsgronden op staan (er zijn wel meer uitsluitingskaarten bijv. voor natuurwaarden, kabels en leidingen, radarverstoringen, cultuurhistorische kwaliteiten etc.). Als vertrekpunt leggen we die kaarten allemaal op elkaar. Het belangrijkste is dat we vervolgens met inwoners in gesprek gaan over de plekken en de kwaliteiten van die plekken die zij belangrijk vinden. Pas dan ontstaat er een beeld van mogelijke locaties en zoekgebieden en als de gemeenteraad daar een besluit over heeft genomen een kaart die wel status heeft. Zover zijn we nog lang niet; de enige plek die nu concreet in beeld is voor windmolens, is de zone langs de A28 thv het defensieterrein. Kortom: ook als het zo is dat volgens (bepaalde) landelijke en provinciale regels een windturbine in Leusden op bepaalde plekken niet is uitgesloten, betekent dit niet automatisch dat de gemeente Leusden op die plek een winturbine wil en zal toestaan. Daarvoor gaan we immers eerst in gesprek met inwoners en belanghebbenden om dat te bepalen en hiervoor regels op te stellen.

Dat willen we met inbreng van zoveel mogelijk inwoners en belanghebbenden doen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.leusden.nl/api/v1/meetings/2959/documents/27021