Monitor bezuinigingen 2021-2.pdf
Tekst van het document
Monitor bezuinigingen 2021 – 2
(oktober 2021)
Inleiding In de programmabegroting 2020-2023 is een pakket aan bezuinigingsmaatregelen opgenomen dat voortkomt uit drie scenario’s die bij de Kaderbrief 2020 door de raad zijn vastgesteld. Hiernaast is bij de Kaderbrief 2020 een gefaseerde OZB verhoging vastgesteld vanaf 2021. Verder resteert er nog een taakstelling vanuit een eerdere bezuinigingsronde. Het totaal aan bezuinigingsmaatregelen sluit in meerjarenperspectief op een bedrag van € 1,7 miljoen. De bedragen zijn in de meerjarenbegroting 2021-2024 verwerkt. Over de voortgang en realisatie van de maatregelen wordt de raad jaarlijks tweemaal tussentijds geïnformeerd via een monitor die als bijlage wordt gevoegd bij respectievelijk de Voor- en Najaarsnota. In de tabel hieronder is de slotstand opgenomen uit de vorige bezuinigingsmonitor nr. 2021 - 1. De tabel geeft weer welk aandeel van de totale bezuinigingsmaatregelen ten tijde van de Voorjaarsnota 2021 gerealiseerd en nog te realiseren is dan wel is afgeboekt als besparingsverlies.
bedragen x € 1.000 2021
2022
2023
2024
Gerealiseerde maatregelen Investeringen Sociaal Domein Nog te realiseren Besparingsverlies
1.674,7 -250,0 50,0 106,0
1.563,6 -250,0 246,9 80,0
1.545,9 -250,0 339,6 80,0
1.544,6 -250,0 340,9 80,0
Totaal
1.580,5
1.640,5
1.715,5
1.715,5
De tabel vormt het vertrekpunt voor het opstellen van monitor 2021 – 2 bij de Najaarsnota. De maatregelen die al gerealiseerd zijn en de taakstellingen die als besparingsverlies zijn afgeboekt behoeven geen nadere monitoring meer. We gaan daarom alleen in op maatregelen die nog niet (geheel) zijn gerealiseerd. De specificatie van de nog te realiseren taakstellingen is als volgt: Nog te realiseren 1.1 Besparing op zorgkosten 1.5 Herijking welzijnsaccommodaties 2.2 Afschaffen consignatiedienst 2.7 Elektriciteitskosten bij standplaatsen 2.8 Faciliteren ruimtelijke initiatieven Extra verhoging OZB Accommodatiebeleid Totaal
2021 0 50,0 0 0 p.m. 0,0 0,0 50,0
2022 110,9 50,0 20,0 6,0 p.m. 60,0 0,0 246,9
2023 111,7 50,0 20,0 6,0 p.m. 120,0 31,9 339,6
2024 113,0 50,0 20,0 6,0 p.m. 120,0 31,9 340,9
Rapportage nog te realiseren bezuinigingsmaatregelen Ten aanzien van de bovengenoemde nog niet (volledig) gerealiseerde bezuinigingsmaatregelen is de stand van zaken bij de Najaarsnota 2021 als volgt.
1.1 Besparing op zorgkosten (€ 420.000 structureel) De bezuinigingstaakstelling is gebaseerd op 6,5% van het inkoopkader 2019 (€ 6.450.000). Invulling wordt gezocht via diverse maatregelen die zijn ondergebracht in 7 zoekrichtingen. Er is een Taskforce kostenbesparing Sociaal Domein actief die de maatregelen uitwerkt en uitvoert. De taskforce is een samenwerking van medewerkers van gemeente en uitvoeringsorganisatie Lariks en wordt voortgezet in de reguliere samenwerkingstructuur. In 2020 is ervoor gekozen te focussen op 5 lokale besparende maatregelen en 1 regionale waar de taskforce medio 2020 mee is gestart. Twee maatregelen zijn gewaarborgd in de reguliere werkwijze. Dit zijn: de POH-SOH JGGZ en het door ontwikkelen van het voorliggend veld.
De maatregel accountmanagement is door corona als vaste werkwijze later dan gepland (per 1 juni 2021) geïmplementeerd. De maatregel WLZ scan is als vaste werkwijze ingevoerd en leidt tot minder uitgaven in de zorgkosten. De maatregel woonplaatsbeginsel oud moeten we qua begroot resultaat naar beneden bijstellen. Bij nader onderzoek blijkt dat hiervan € 48.119 mogelijk is te realiseren. We stellen voor dit verwachte financiële resultaat te gebruiken voor 2022. De resultaten van de regionale maatregel sturen op interventie niveau 1 bij beschikkingen in de jeugdzorg via huisartsen leidt tot een bedrijfseconomisch resultaat en niet direct tot de realisatie van de taakstelling. Onderzoek naar dit bedrijfseconomische resultaat vraagt om een nadere kosten-baten analyse. Voor de maatregel casusanalyse zijn we aan het herijken op welke wijze we dit inzetten binnen de reguliere samenwerking met Lariks. In monitor 2021 -1 is aangegeven om de begrootte incidentele dekking voor het openstaande bedrag in 2021 vanuit het woonplaatsbeginsel oud te realiseren. Hierbij zijn we afhankelijk van de snelheid van werken bij de gemeenten waar we zorggeld kunnen terugvorderen. De juridisch terug te vorderen middelen betreffen met name de regiogemeenten en de gemaakte zorgkosten bij de breedspectrum aanbieders (BSA).
Met de regio gemeenten hebben we een vereveningsystematiek en solidariteitsbeginsel ten aanzien van de BSA afgesproken, derhalve is het niet opportuun om dit terug te vorderen van de regiogemeenten. In 2021 dekken we het te realiseren bedrag van € 220.800 (€ 172.681 + € 48.119) vanuit de verwachte onderbestedingen in de totale exploitatiebegroting van het SD, te weten: inzet lagere PGB’s (€ 68.000), verwachte onderbesteding SD breed (€ 110.500), en aanwenden extra middelen jeugdzorg (€ 42.300). Dit is in de Najaarsnota verwerkt. Vanaf 2022 staat de taakstelling deels nog structureel open, waarbij we voor een bedrag oplopend naar uiteindelijk € 113.000 in 2024 invulling moeten vinden hetzij door efficiency in de uitvoeringskosten hetzij door een kostenbesparende maatregel.
Van de oorspronkelijke taakstelling van € 420.000 staat een nog structureel te realiseren bedrag open van € 156.800 in 2022 en € 113.000 vanaf 2023. Mogelijk kan vanaf 2022 een besparing van € 10.000 worden gerealiseerd op de uitvoering van lokale regelingen. Ten aanzien van de daarna nog resterende taakstelling zullen wij in 2022 nagaan of en zo ja hoe deze structureel gerealiseerd kan worden.
1.5 Herijking welzijnsaccommodaties (€ 50.000 structureel vanaf 2021) De mogelijkheden van verhuizing van Scholen in de Kunst naar Fort33 onderzocht. In juni is een intentieovereenkomst ondertekend door Fort33, Scholen in de Kunst en gemeente Leusden. Door het ondertekenen van de intentieovereenkomst geven partijen aan dat zij er allen voor willen gaan om samen in één gebouw te gaan zitten en samen te willen werken qua activiteiten. Door Scholen in de Kunst te verhuizen naar Fort33 komt de huidige locatie aan de Eikenlaan (het kunstgebouw) vrij. Hierdoor worden de bestaande gemeentelijke welzijnsaccommodaties efficiënter benut. Naar verwachting is het mogelijk om vanaf 2023 een besparing van € 20.000 tot maximaal € 30.000 te realiseren. Deze kan te zijner tijd (deels) eveneens ingezet worden voor de taakstelling accommodaties. De verwachting is dat eind 2021 of begin 2022 een raadsvoorstel wordt ingediend voor de aanvraag van een voorbereidingskrediet waarmee het definitief ontwerp van de benodigde verbouwing verder uitgewerkt kan worden. In juli 2021 is het consultatiebureau verhuisd van het Centrum Jeugd en Gezin naar de voormalige basisschool aan de Hoefijzer. De overige huurders van het Centrum Jeugd en Gezin hebben een eigen locatie gevonden. Het Centrum Jeugd en Gezin werd extern gehuurd terwijl de nieuwe locatie een eigen gemeentelijke accommodatie is.
De exploitatielasten voor de huisvesting van het consultatiebureau worden door de verhuizing structureel met € 39.800 verlaagd vanaf 2022. Dit bedrag wordt ingezet voor het invullen van deze taakstelling (collegebesluit L269342). In 2021 wordt een besparing van totaal € 29.900 bereikt en moet eenmalig een besparingsverlies van € 20.100 worden genomen.
2.2 Openbare ruimte; afschaffen consignatiedienst (€ 20.000 structureel) Het hebben van een dienst voor (kleine) calamiteiten en onderhoud buiten de normale werktijden, is geen wettelijke taak. Wel moet de gemeente de veiligheid van haar inwoners kunnen waarborgen. Er dienen zich situaties aan van meldingen die worden gedaan waarbij direct maatregelen moeten worden genomen. Voorbeelden hiervan zijn: storm, waarbij takken uit bomen zijn gewaaid of dreigen te waaien, veel regen waardoor straatkolken niet functioneren en er gevaarlijke wateroverlast op de weg ontstaat, ongelukken waarbij lichtmasten of VRI’s worden geraakt, ontbrekende putdeksels in de weg. Gezien de verantwoordelijkheid van de gemeente voor een veilige weg en leefomgeving zal actie moeten worden ondernomen. Uit onderzoek is gebleken dat operationele samenvoeging van de verschillende BLNP consignatiediensten voor nu niet verenigbaar zijn. Uit gesprekken bleek dat de verschillende soorten consignatiediensten afweken in afspraken, tijden, vergoedingen, vakkennis, plaatselijke bekend en competenties. Ondanks het feit dat de consignatiedienst geen wettelijke taak betreft houden wij als gemeente voor nu, ook kijkend naar de huidige tijd van klimaat en/of weer verandering, de consignatiedienst voor (kleine) calamiteiten inzetbaar. De ombuiging is nog niet gerealiseerd.
De komende zes maanden zal er intern onderzoek gedaan dienen te worden of de afschaffing en/of efficiency slag van de consignatiedienst haalbaar is; hieruit zal tevens duidelijk moeten worden in hoeverre een structurele besparing mogelijk is.
2.7 Elektriciteitskosten bij standplaatsen (€ 6.000 structureel) De kosten voor elektriciteit bij standplaatsen die worden ingenomen zullen in rekening worden gebracht aan de standplaatshouders op basis van een inventarisatie van stroomverbruik. Het daadwerkelijk doorvoeren van deze maatregel loopt vertraging op doordat er geen ambtelijke capaciteit kan worden vrijgemaakt o.a. vanwege inzet voor de coronacrisis. Naar verwachting zal dit in 2022 worden opgepakt.
2.8 Faciliteren ruimtelijke initiatieven (p.m.) De stand van zaken is ongewijzigd t.o.v. monitor 2021 - 1. Bij de implementatie van de Omgevingswet in 2022 zal worden bezien of er onder de nieuwe wet sprake kan zijn van structurele inkomsten.
Gefaseerde verhoging OZB In de Kaderbrief 2020 is onder druk van een meerjarig financieel tekort een gefaseerde extra OZB-verhoging (bovenop scenario 3) opgenomen van 3 x € 60.000 gedurende de jaren 2021 t/m 2023 (€ 60.000 - € 120.000 - € 180.000). Het realiseren van de maatregel tijdens deze jaren is afhankelijk gesteld van de ontwikkeling van de begrotingspositie. De eerste stap van € 60.000 is in
2021 doorgevoerd. In de Kadernota 2022 is besloten om de tweede stap met € 60.000 in 2022 te zetten. Gelet daarop wordt er bij het opstellen van deze monitor (in oktober 2021) van uit gegaan dat deze taakstelling inclusief de tweede stap voor in totaal € 120.000 is gerealiseerd. Bij het vaststellen van de programmabegroting 2022 (op 11 november 2021) zal de raad definitief een besluit nemen over het al dan niet doorvoeren van de tweede stap. Over de derde stap zal de raad in 2022 besluiten bij de jaarlijkse kadernota.
Accommodatiebeleid (€ 35.500 structureel) Dit is een opgave die resteert vanuit een eerdere bezuinigingsronde. Bij de Voorjaarsnota 2020 is een besparing van structureel € 3.600 gerealiseerd. Daarnaast is bij het gebouwenbeheer is een voordeel ontstaan uit de verhuur van Fila Tekna waarmee de resterende taakstelling in 2020, 2021 en 2022 incidenteel is ingevuld. Vanaf 2023 staat een taakstelling open van € 31.900 die mogelijk (deels) zal worden ingevuld met de besparing van de verhuizing van Scholen in de Kunst naar Fort33 (zie bij 1.5 Herijking welzijnsaccommodaties).
Samenvattend overzicht Na het opstellen van de monitor 2021 - 2 staan de volgende taakstellingen nog open: Nog te realiseren 1.1 Besparing op zorgkosten 1.5 Herijking welzijnsaccommodaties 2.2 Afschaffen consignatiedienst 2.7 Elektriciteitskosten bij standplaatsen 2.8 Faciliteren ruimtelijke initiatieven Extra verhoging OZB Accommodatiebeleid Totaal
2021 0 0 0 0 p.m. 0,0 0,0 0
2022 156,8 10,2 20,0 6,0 p.m. 0,0 0,0 193,0
2023 113,0 10,2 20,0 6,0 p.m. 60,0 31,9 241,1
2024 113,0 10,2 20,0 6,0 p.m. 60,0 31,9 241,1
Het totaaloverzicht van de bezuinigingsmaatregelen is als volgt:
bedragen x € 1.000 2021
2022
2023
2024
Gerealiseerde maatregelen Investeringen Sociaal Domein Nog te realiseren Besparingsverlies
1.704,4 -250,0 0,0 126,1
1.617,5 -250,0 193,0 80,0
1.644,4 -250,0 241,1 80,0
1.644,4 -250,0 241,1 80,0
Totaal
1.580,5
1.640,5
1.715,5
1.715,5