Bijlage 2 Woningmarktonderzoek Companen - Def 10 okt 2019.pdf
Tekst van het document
6 Bij geclusterd wonen zijn er meerdere woningen voor dezelfde doelgroep op een locatie aanwezig. Bij gespikkeld
wonen zijn er woningen voor verschillende doelgroepen (zoals mensen met een verstandelijke beperking en GGZ problematiek) geclusterd op één locatie.
327.109 | Woningmarktonderzoek
31
Figuur 6.3: Prognose woningbehoefte verstandelijk gehandicapten
Woningbehoefte VG 160 140 120
11
8
9
14
8
113
115
119
123
127
2018
2023
2028
2033
2038
100 80 60 40 20 0
Geclusterd wonen
Gespikkeld wonen
Bron: Provinciale prognose 2019, bewerking Companen.
Beschermd wonen De extramuralisering van de zorg heeft een behoorlijk groot effect in de sector Beschermd Wonen, waar mensen slechts nog kortdurende indicaties krijgen voor intramurale zorg met verblijf en na een korter verblijf weer uitstromen naar het regulier wonen (al dan niet met begeleiding). Op basis van regionale cijfers duiden we de potentiele uitstroom uit het Beschermd Wonen die verwacht mag worden. In de gemeente Leusden was er per 1 januari 2018 een aanbod van 35 Beschermd Wonen (BW) plekken. Dit aanbod komt overeen met 6% van de plekken in regionaal verband. De gemeente Leusden telt ongeveer 7% van het aantal inwoners in de regio, wat goed in verhouding ligt met het aantal beschikbare BW plekken. Er zou, op basis van het regionaal gespreid organiseren van de opvang en uitstroom, op basis van deze verhouding in principe niet vanuit gegaan hoeven te worden dat de gemeente een hoger aandeel van de regionale uitstroom op zou moeten vangen (in het kader van de decentralisering). In regionaal verband worden hier echter gezamenlijk afspraken over gemaakt die ten tijde van de totstandkoming van dit rapport niet bekend waren. De verwachte uitstroom vanuit BW naar regulier wonen wordt op basis van deze cijfers ingeschat rond de 10 personen per jaar.
De mensen die uitstromen uit het Beschermd Wonen zijn veelal aangewezen op een sociale huurwoning, en kunnen eventueel nog ambulante begeleiding nodig hebben. Deze opgave van circa 10 woningen per jaar moet worden bijgeteld bij de benodigde omvang van de sociale huur, zoals deze in hoofdstuk 4 is beschreven. Tabel 6.1: Regionale verdeling BW indicaties ten opzichte van inwonertal
Regio's Amersfoort Baarn Bunschoten Leusden Nijkerk Soest Veenendaal Woudenberg
Aantal inwoners in regio 1 jan 2018 155226 24630 21266 29755 42307 46089 64918 13021
Aandeel inwoners in gehele regio 39% 6% 5% 7% 11% 12% 16% 3%
aantal BW-indicaties per 1/1/2018 291 52% 27 5% 0 0% 35 6% 4 1% 42 7% 162 29% 1 0%
Bron: Companen, Huisvestingsopgave wonen en zorg, regio Amersfoort, 2018.
327.109 | Woningmarktonderzoek
32
7 Behoefte aan alternatieve woonvormen 7.1 Onderzoeksverantwoording In de periode van 1 mei tot en met 4 juni 2019 is een online vragenlijst opengesteld. De resultaten zijn niet gebaseerd op een steekproef. Daarmee zijn de gepresenteerde uitkomsten indicatief. De in dit hoofdstuk gepresenteerde resultaten zijn gebaseerd op 184 volledig ingevulde vragenlijsten. Er zijn uitsplitsingen gemaakt naar leeftijd, opleidingsniveau en inkomen. Van alle respondenten komt 87% uit Leusden, 11% elders uit de provincie en 2% elders uit Nederland. Tabel 7.1a: Respons naar leeftijd
15-34 jaar 35-54 jaar 55-64 jaar 65+ jaar Totaal
Tabel 7.1b: Respons naar opleidingsniveau
Aantal 027 058 055 044 184
% 015% 031% 030% 024% 100%
Laag Midden Hoog Onbekend Totaal
Aantal 026 053 099 006 184
% 014% 029% 054% 003% 100%
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen. Tabel 7.1c: Respons naar inkomen
< € 1.800 € 1.801 - € 2.700 € 2.701 - € 3.600 > € 3.600 Wil niet zeggen Totaal
Aantal 037 045 040 045 017 184
% 020% 025% 022% 025% 008% 100%
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen.
327.109 | Woningmarktonderzoek
33
7.2 Behoefte aan alternatieve woonvormen De volgende alternatieve woonvormen zijn bevraagd: Hofjeswoning
Meergeneratiewoning
Woonzorgcomplex
Groepswoning
Autarkisch wonen
Tiny house
Mantelzorgwoning
Friends house
Figuur 7.1 tot en met 7.4 toont de populariteit van de verschillende woonvormen, uitgesplitst naar leeftijd, inkomen en opleidingsniveau. Van alle woonvormen is het hofjesconcept het meest populair. Wat opviel tijdens de bewonersavond, waar mensen werden gevraagd naar hun wensen en de motivatie daarbij, is dat de motivatie voor verschillende woonvormen vaak dicht bij elkaar lag. Men ziet in de verschillende concepten, zoals hofjeswonen, Friends-house en tiny houses, meer mogelijkheid om elkaar te helpen in verschillende levensfasen en samen meer mogelijk te maken. Dit geldt zowel voor een potentiele zorgvraag, als voor een sociale invulling van het leven en autonomie en zelfstandigheid/zelfredzaamheid in bredere zin. Verder kwam naar voren dat het gebrek aan doorstroming er voor zorgt dat mensen geen volgende stap kunnen zetten naar een voor hen geschikte woning, en dat de ontwikkeling van meer kwalitatief goede middenhuur daarbij een belangrijk element is.
327.109 | Woningmarktonderzoek
34
Figuur 7.1: Populariteit alternatieve woonvormen
50% 45% 40% 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0%
100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen. Figuur 7.2: Populariteit alternatieve woonvormen naar leeftijd
0%
10%
Totaal
15-34 jaar
20%
30%
40%
50%
60%
70%
Hofjeswoning
Autarkisch wonen
Woonzorgcomplex
Meergeneratiewoning
Tiny house
Groepswoning
Mantelzorgwoning
Friends house
35-54 jaar
55-64 jaar
65 jaar en ouder
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen.
327.109 | Woningmarktonderzoek
35
Figuur 7.3: Populariteit alternatieve woonvormen naar inkomen
0%
10%
Totaal
< € 1.800
20%
30%
40%
50%
60%
70%
Hofjeswoning Autarkisch wonen Woonzorgcomplex Meergeneratiewoning Tiny house Groepswoning Mantelzorgwoning Friends house
€ 1.801 - € 2.700
€ 2.701 - € 3.600
> € 3.600
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen.
327.109 | Woningmarktonderzoek
36
Figuur 7.4: Populariteit alternatieve woonvormen naar opleidingsniveau
0%
5%
10%
15%
20%
25%
30%
35%
40%
45%
50%
Hofjeswoning Autarkisch wonen Woonzorgcomplex Meergeneratiewoning Tiny house Groepswoning Mantelzorgwoning Friends house
Totaal
Laag
Midden
Hoog
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen.
Aansprekend aan elke alternatieve woonvorm Per woonvorm zijn in de volgende tabel enkele typeringen gegeven die mensen belangrijk vinden (quotes). Tabel 7.2: wat spreekt aan bij elke woonvorm?
Hofjeswoning “Burenhulp geven/ontvangen” “Eigen woning en sociaal contact” “Gemeenschappelijkheid” Woonzorgcomplex “Zorg in de buurt om op terug te vallen” “Zelfstandig blijven wonen” Groepswoning “Uitkomst bij minder zelfredzaamheid” “Gedeelde voorzieningen” “Contact met anderen”
Meergeneratiewoning “Opa en oma helpen bij de opvoeding en ontvangen steun” “Blijvend contact tussen oud en jong” “Mogelijkheid mantelzorg’
Mantelzorgwoning “(Toekomstige) zorg dichtbij kunnen leveren” “Samen wonen en op zorg kunnen rekenen”
Autarkisch wonen “Samen leven en samen zorgen voor de omgeving” “Elkaar helpen zonder verplichtingen” Tiny house “Goedkoper en milieuvriendelijker” “Kleiner wonen, minder spullen” “Vrijheid en bewuster leven” Friends house “Voor elkaar zorgen, toch eigen ruimte” “Goedkoper en leuker” “Omzien naar elkaar”
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen.
Per woonvorm is ook in beeld gebracht of mensen een huurwoning of koopwoning willen. Ook de te betalen prijs van de woning is geïnventariseerd. Het valt op dat men bereid is in verhouding wat meer te betalen voor een woning met informele hulp in de buurt (meergeneratie/mantelzorg, woonzorg, hofje). Verder zijn mensen met voorkeur voor een vorm van woonzorg vaak op de huursector georiënteerd en is men bij een voorkeur voor autarkisch wonen juist
327.109 | Woningmarktonderzoek
37
meer op koop georiënteerd. Het Friends House is ook vaker op huur gericht, omdat dit veelal een oplossing is met een tijdelijk karakter dat bij de levensfase past. Tabel 7.2: Voorkeur huur/koop en gemiddeld bedrag per woonvorm, geordend naar populariteit woonvorm
Huur % 35% 15% 62% 18% 17% 50% 43% 55%
Hofjeswoning Autarkisch wonen Woonzorgcomplex Meergeneratiewoning Tiny house Groepswoning Mantelzorgwoning Friends house
Koop % 38% 63% 11% 53% 62% 25% 36% 27%
Huurprijs € 687 € 672 € 705 € 818 € 521 € 687 € 811 € 614
Koopprijs € 237.874 € 255.571 € 251.310 € 329.464 € 088.125 € 223.500 € 359.375 € 260.000
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen. Tabel 7.3: Meest genoemde voorkeurlocaties per woonvorm
Voorkeur 1 Nabij centrum Buitengebied In centrum Nabij centrum Nieuwbouwwijk Nabij centrum Nabij centrum Nabij centrum
Hofjeswoning Autarkisch wonen Woonzorgcomplex Meergeneratiewoning Tiny house Groepswoning Mantelzorgwoning Friends house
Voorkeur 2 Bestaande woonwijk Bestaande woonwijk Nabij centrum Bestaande woonwijk Nabij centrum In centrum In centrum Bestaande woonwijk
Voorkeur 3 In centrum Nieuwbouwwijk Bestaande woonwijk In centrum Bestaande woonwijk Bestaande woonwijk Bestaande woonwijk In centrum
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen.
7.3 Behoefte aan voorzieningen in en om de woning Er is ook gevraagd naar de voorzieningen die mensen bij hun woning of in hun omgeving belangrijk vinden. De rode draad, ook bij de bewonersavond, is dat voorzieningen dichtbij belangrijk zijn, en als die niet in de directe omgeving zijn dat goed openbaar vervoer essentieel is.
Energiezuinig
92%
Aanpassingen m.b.t. langer zelfstandig wonen Gemeubileerd
67% 2%
Buitenruimte
47%
Zorg op afroep
34%
Logeerkamers
32%
Klussendienst
27%
Gemeenschappelijke ruimte
26%
In de omgeving
Gemeenschappelijke voorzieningen
In de woning
Figuur 7.1: Totale voorzieningenbehoefte, % (zeer) belangrijk
Maaltijdservice Sauna/fitness
16% 6%
Groen/natuur
90%
Parkeergelegenheid
80%
Supermarkt/winkels
78%
Openbaar vervoer Huisarts
72% 58%
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen.
327.109 | Woningmarktonderzoek
38
Bij voorzieningen aan de woning scoort duurzaamheid het hoogst, gevolgd door aanpassingen op langer zelfstandig thuis wonen. Hoe ouder mensen zijn, hoe belangrijker ze het vinden dat er ook zorgmogelijkheden zijn en bijvoorbeeld een klussendienst en maaltijdservice. Figuur 7.2: Behoefte voorzieningen in de woning naar leeftijd, % (zeer) belangrijk
100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% Energiezuinig Totaal
Aanpassingen m.b.t. langer zelfstandig wonen 15-34 jaar
35-54 jaar
55-64 jaar
Gemeubileerd
65 jaar en ouder
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen. Figuur 7.3: Behoefte gemeenschappelijke voorzieningen naar leeftijd, % (zeer) belangrijk
80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%
Totaal
15-34 jaar
35-54 jaar
55-64 jaar
65 jaar en ouder
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen.
327.109 | Woningmarktonderzoek
39
Figuur 7.4: Behoefte voorzieningen in de omgeving naar leeftijd, % (zeer) belangrijk
100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% Groen/natuur
Parkeergelegenheid Totaal
15-34 jaar
Supermarkt/winkels 35-54 jaar
55-64 jaar
Openbaar vervoer
Huisarts
65 jaar en ouder
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen.
7.4 Belangstelling voor collectief bouwen Een klein deel van de respondenten heeft belangstelling voor collectief bouwen (zo’n 28%). Dat bleek ook tijdens de bewonersavond, waar twee initiatieven die graag gezamenlijk wat op wilden zetten vertegenwoordigd waren (een woon-zorg gericht initiatief en een tiny-house gericht initiatief). Figuur 7.5: Belangstelling voor collectief bouwen naar opleidingsniveau
Totaal
28%
Laag
23%
Midden
21%
Hoog
31%
8%
10%
23%
32%
32%
37%
20%
30%
zeker wel
16%
46%
32% 0%
24%
40% misschien
50% zeker niet
15%
14% 60%
70%
80%
16% 90%
100%
weet ik nog niet
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen.
7.5 Voorkeur alternatieve woonvormen naar huidige woonsituatie In onderstaande figuur staat de belangstelling voor verschillende woonvormen uitgewerkt in relatie tot de woning die de huishoudens die daar naartoe zouden willen achterlaten. Koopwoningen maken daar, zoals te verwachten valt bij een woningvoorraad die grotendeels uit koopwoningen bestaat, een groot aandeel van uit. Toelichting: veel mensen laten koopwoning achter (meerderheid woningvoorraad).
327.109 | Woningmarktonderzoek
40
Figuur 7.6: Belangstelling voor alternatieve woonvormen naar huidige woning
totaal
sociale huurwoning
particuliere huurwoning
koop tot € 200.000
koop € 200.000 - € 300.000
koop vanaf € 300.000
0%
10%
20%
30%
40%
50%
Hofjeswoning
Autarkisch wonen
Woonzorgcomplex
Meergeneratiewoning
Tiny house
Groepswoning
Mantelzorgwoning
Friends' house
60%
Bron: Vragenlijstonderzoek alternatieve woonvormen.
327.109 | Woningmarktonderzoek
41
Bijlage 1: Vragenlijst alternatieve woonvormen Vragenlijst alternatieve woonvormen Definitieve versie, 23 april 2019
Beste belangstellende, Van harte welkom bij deze vragenlijst over alternatieve woonvormen. De gemeente Leusden wil graag weten welke behoefte er is aan alternatieve woonvormen. Dit zijn niet-traditionele woonvormen zoals kleinschalig wonen, het wonen in de buurt van een mantelzorger of zorginstelling of met huisgenoten van dezelfde of juist verschillende leeftijden. Op basis van de antwoorden op deze vragenlijst kan de gemeente haar beleid gericht inzetten. Het invullen van de vragenlijst kost ongeveer 5 tot 10 minuten. Uw privacy Uw privacy is erg belangrijk voor ons. De antwoorden die u geeft in de enquête, worden vertrouwelijk behandeld en alleen gebruikt voor de uitvoering van dit onderzoek. De uitkomsten worden anoniem verwerkt en zijn nooit te herleiden naar personen of adressen. Ook worden uw antwoorden na afronden van het onderzoek vernietigd. Door deel te nemen aan de enquête geeft u toestemming dat onderzoeksbureau Companen uw antwoorden voor het onderzoek mag gebruiken. Voor meer informatie zie ook: www.companen.nl Alvast hartelijk bedankt voor het meedoen! 1.
Wat is uw leeftijd? Leeftijd:
2.
Welke van onderstaande woonvormen spreken u aan? U kunt meerdere antwoorden aankruisen. [gerandomiseerde volgorde] Hofjeswoning 60-80 m2 Eigen voorzieningen Gemeenschappelijke tuin
Groepswoning 40-60 m2 Eigen kamer/woning Gedeelde voorzieningen Gemeenschappelijke ruimten
327.109 | Woningmarktonderzoek
42
Meergeneratiewoning 60-120 m2 Meerdere generaties in één woongebouw (bijv. met opa en oma) Voorzieningen gedeeld met ander huishouden Bewoners van verschillende generaties
Mantelzorgwoning 40-60 m2 Eigen woning aan/bij woning mantelzorger Eigen voorzieningen
Friends’ house 30-40 m2 per persoon Woning gedeeld met vrienden die tijdelijk een huishouden vormen Gezamenlijke voorzieningen
Tiny house 30-40 m2 Tijdelijk, verplaatsbaar Eigen voorzieningen
327.109 | Woningmarktonderzoek
43
Woonzorgcomplex 60-80 m2 Eigen en gemeenschappelijke voorzieningen Nabij zorg(instelling)
Autarkisch wonen 50-80 m2 Zelfvoorzienend (energie, voedselvoorziening) Gedeelde voorzieningen Duurzaam en idealistisch
Geen van bovenstaande woonvormen
[voor elk aangekruiste woonvorm] 3. Wat spreekt u het meest aan bij deze woning? [open antwoord] [voor elk aangekruiste woonvorm] 4. Wilt u deze woning het liefst huren of kopen? a. huren b. kopen c. geen voorkeur [bij vraag 4 = koop; voor elk aangekruiste woonvorm] 5. Hoeveel bent u bereid te betalen voor deze woning? [0-999.999] euro [bij vraag 4 = huur; voor elk aangekruiste woonvorm] 6. Hoeveel bent u bereid per maand aan kale huur te betalen voor deze woning? [0-5.000] euro per maand 7.
Met welk type huishouden wilt u in de woning wonen? a. alleenstaand b. paar zonder thuiswonende kinderen c. paar met thuiswonende kinderen d. anders, namelijk…
327.109 | Woningmarktonderzoek
44
8.
Op welke plek in Leusden wilt u wonen? Meerdere antwoorden mogelijk a. nabij het centrum van Leusden b. in het centrum van Leusden c. in een andere bestaande woonwijk -> vervolgkeuze uit Akkerhoeve, Bosveld, Buitengebied Leusden-Centrum Oost, Claverenblad, Hamershof, Langenbeek, Munnikhove, Noorwijck, Wildenburg, Zwanenburg, Alandsbeek-Oost, Alandsbeek-West, Buitengebied Leusden-Centrum West, De Wetering, Groenhouten, Hamersveld-Nieuw, Hamersveld-Oud, Rossenberg, Rozenboom, Rozendaal, Buitengebied Leusden-Zuid, Kern Leusden-Zuid, Tabaksteeg, Buitengebied Achterveld, Kern Achterveld, Stoutenburg, 't Ruige Veld, ’t Vliet d. in een nieuwbouwwijk e. in het buitengebied f. geen voorkeur
9.
In hoeverre heeft u belangstelling om het huis zelf of in een collectief (samen met anderen) te bouwen? a. zeker wel b. zeker niet c. misschien d. weet ik nog niet
Voorzieningen gewenste woning 10. In hoeverre vindt u onderstaande voorzieningen belangrijk aan of bij een woning? Bedenk hierbij dat de aanwezigheid van deze voorzieningen kunnen leiden tot hogere woonlasten. 1 – zeer belangrijk; 2 – belangrijk; 3 – niet belangrijk of onbelangrijk; 4 – onbelangrijk; 5 – zeer onbelangrijk 6 – geen mening/n.v.t De woning [alle respondenten] a. energiezuinig b. gemeubileerd c. aanpassingen m.b.t. langer zelfstandig wonen Gemeenschappelijke voorzieningen [alleen als vraag2=woonzorgcomplex/groepswoning/hofjeswoning] d. sauna/fitness e. gemeenschappelijke ruimte f. logeerkamers g. klussendienst h. zorg op afroep i. maaltijdservice j. buitenruimte In de directe omgeving [alle respondenten] k. huisarts l. openbaar vervoer m. supermarkt/winkels n. parkeergelegenheid o. groen/natuur
327.109 | Woningmarktonderzoek
45
Afsluitende vragen Ten slotte zijn wij benieuwd naar uw achtergrond. Deze vragen zijn van belang om de resultaten te kunnen duiden. Uiteraard worden deze gegevens strikt vertrouwelijk behandeld. 11. In wat voor woning woont u momenteel? a. sociale huurwoning b. particuliere huurwoning c. koopwoning tot € 200.000 d. koopwoning € 200.000 tot € 300.000 e. koopwoning vanaf € 300.000 f. ik woon nog bij mijn ouders -> deze categorie alleen voorleggen als leeftijd gelijk of kleiner dan 30 12. Wat is uw totale gezamenlijke NETTO huishoudensinkomen PER MAAND? Uitkering, pensioen e.d. is ook inkomen. Het gaat ons om een indicatie en niet om het exacte bedrag. a. Tot € 900,= b. € 901 - € 1.800,= c. € 1.801 - € 2.700,= d. € 2.701 - € 3.600,= e. Meer dan € 3.601,= f. wil ik niet zeggen 13. Wat is uw hoogst afgeronde opleidingsniveau? a. alleen basisschool b. LBO, VBO, LEAO, LTS ambachtsschool, huishoudschool, LHNO, VMBO (niveaus 1-3) c. MULO, ULO, MAVO, VMBO (niveau 4); KMBO, leerlingwezen, MEAO, MTS d. HAVO, VWO, HBS e. MBO f. Hbo-, wo-bachelor g. Hbo-, wo-master h. wil ik niet zeggen 14. In welke plaats woont u op dit moment? [open antwoord] wil ik niet zeggen Vraag stellen als leeftijd t/m 30 en/of vraag 11 = f 15. De gemeente Leusden organiseert in juni een panel om de ervaringen en wensen van starters op de woningmarkt te horen. Heb jij hier belangstelling voor? a. ja b.
nee Vraag stellen als vraag 15 = ja 16. Wil je jouw naam en emailadres hieronder noteren? Dan ontvang je een uitnodiging voor het starterspanel. [open antwoord]
327.109 | Woningmarktonderzoek
46
Vraag stellen als leeftijd 60+ 17. De gemeente Leusden organiseert in juni een panel om de ervaringen en wensen van huidige en toekomstige ouderen op de woningmarkt te horen. Heeft u hier belangstelling voor? a. ja b. nee Vraag stellen als vraag 17 = ja 18. Wil u uw naam en emailadres hieronder noteren? Dan ontvangt u een uitnodiging voor het ouderenpanel. [open antwoord] Dit was de laatste vraag. Nogmaals hartelijk dank voor uw medewerking!
327.109 | Woningmarktonderzoek
47
Bijlage 2: Generatie-effect Een maatschappelijke ontwikkeling betreft het zogenaamde generatie-effect. Door beleid van de rijksoverheid is jarenlang het kopen van woningen gestimuleerd. Hierdoor hebben generaties die na 1945 geboren zijn vaker een koopwoning dan de generaties van voor 1945. Juist die laatste groep woont verhoudingsgewijs veel in een sociale huurwoning. De generatie geboren voor de Tweede Wereldoorlog zal de komende jaren geleidelijk uit hun woning gaan. De naoorlogse (babyboom) generatie vult dit slechts beperkt op, door hun grotere oriëntatie op de koopsector. Hierdoor daalt de behoefte aan sociale huur tussen de generaties. Dit is weergegeven in de volgende figuur. Figuur: Aandeel huiseigenaren per geboortecohort (geboorteperiode) in verschillende levensfases in Nederland
Bron: Planbureau Leefomgeving (PBL).
Ter toelichting: iemand die geboren is tussen 1935 en 1945 had op 60-jarige leeftijd in ruim 50% van de gevallen een koopwoning. Bij de groep die tussen 1945 en 1955 geboren is, is het aandeel dat een koopwoning had op 60-jarige leeftijd gegroeid naar meer dan 60%. De latere cohorten hebben een nog hogere oriëntatie op een koopwoning.
327.109 | Woningmarktonderzoek
48