Bijlage 2 Overzicht moties en amendementen.pdf
Tekst van het document
Bijlage 1 Amendementen, afwijkende collegebesluiten, moties en aanbevelingen concept RES In de besluitvorming over de concept RES zijn 2 amendementen, 2 afwijkende collegebesluiten en 22 moties aangenomen:
N.B. De moties M11 t/m M14 van Leusden zijn tijdens de vergadering van 1 oktober 2020 separaat van de concept RES (als ‘vreemd aan de orde’) behandeld, omdat deze een lokale strekking hebben. Vanuit Eemnes is daar een motie uit januari 2020 aan toegevoegd: M-23 – Eemnes – realistische ambities RES Amersfoort
Het algemeen bestuur van het Waterschap Vallei en Veluwe heeft aanbevelingen gedaan. Een vertaalslag van de opgehaalde adviezen naar handelen staat hieronder beschreven. Lange termijn wateropgaven en korte termijn belangen Op basis van de adviezen constateren wij dat korte termijn belangen en lange termijn opgaven kunnen schuren. Als dagelijks bestuur hebben we hier oog voor. Wij vinden het echter van groot belang dat lange termijn wateropgaven, zoals beschreven in de BOVI integraal en gebiedsgericht gekoppeld worden aan andere maatschappelijke opgaven en ontwikkelingen, zoals bijvoorbeeld de energietransitie, landbouwtransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, etc.
Natuurlijk peilbeheer in veenweidegebieden Een van de BOVI doelen is een natuurlijker peilbeheer in veenweidegebieden. Wij horen en begrijpen de zorg, die een deel van de commissie hierover uitsprak. Wanneer hier een vervolg aan gegeven gaat worden -dit zal onder meer blijken uit de uitkomsten van het participatieproces- zeggen wij toe dat dit in nauw overleg zal gaan met de belanghebbenden en medeoverheden. Hiervoor nemen we de tijd. Voorts zullen we gebruik maken van inzichten die beschikbaar komen rondom de veenweide problematiek die in Noord- en West Nederland volop in onderzoek is. Participatieproces en verlenging indieningstermijn Een algemeen geldende randvoorwaarde is dat op een goede wijze invulling is/wordt gegeven aan een navolgbaar en gedegen participatieproces. Daar waar nieuwe gebiedsprocessen starten doen we dat met oog voor de maatschappelijke- en bedrijfsbelangen, karakteristieken van het gebied en de lange termijn wateropgaven. Hier maken wij ons hard voor. Omdat de participatie tijdens deze coronacrisis wordt bemoeilijkt is landelijk besloten de indieningstermijn met 4 maanden te verlengen. Dit geeft lucht en ruimte voor een zorgvuldig proces. Detaillering volgt en democratische besluitvorming De concept RES’en omvatten nu nog zoek gebieden voor grootschalige opwek van zon en wind.
In het vervolgproces zal meer gebied specifiek met inbreng van de bewoners en bedrijven invulling gegeven worden aan deze locaties. Wij vinden het belangrijk dat er draagvlak is voor initiatieven en nemen daarvoor de tijd. Via de gebruikelijke democratische besluitvorming kan hierop gereageerd en ingesproken worden. De gemeenten en provincies zijn trekkend in de vertaling van deze ruimtelijke opgaven. De constructieve Zonneladder van de Gelderse Natuur en Milieufederatie (GNMF) https:// www.natuurenmilieugelderland.nl/nieuws/natuur-en-milieufederaties-presenteren-constructievezonneladder zien we als een belangrijk beslissingsondersteunend instrument en promoten we waar nodig en zinvol is. Bewezen technieken en oog voor inpassing van nieuwe ontwikkelingen Voor de periode tot 2030 geldt dat vooral bestaande bewezen technieken gebruikt gaan worden voor opwekking van duurzame energie, zoals zon, wind en naar verwachting in toenemende mate aquathermie. Maar ook biogas zien we als belangrijke transitiebrandstof. Tweejaarlijks stellen we de RES’en bij, dit biedt kansen om innovaties of doorontwikkelde technieken en nieuwe initiatieven een plek te geven in de transitie naar een duurzame energievoorziening. Hier hebben we oog voor.
Onderstaand zijn de amendementen, afwijkende collegebesluiten en moties weergegeven en de wijze waarop deze al of niet zijn afgedaan. Een aantal zijn lokaal van aard, dit is aangegeven. Zon M7 - Bunschoten i. Door toezending van deze motie ‘salderingsregeling’ aan de minister van EZK een krachtige oproep te doen om de afbouw van de salderingsregeling terug te draaien en deze oproep te delen met de VNG, het bureau Regio Amersfoort alsmede omliggende gemeenten. Motie is meegezonden met indiening concept RES bij NP RES. Minister van EZK heeft gereageerd met een afwijzing.
M16 – Woudenberg Door toezending van deze motie aan de minister van EZK een krachtige oproep te doen aan de minister om de afbouw van de salderingsregeling terug te draaien en deze oproep te delen met de VNG, bureau Regio Amersfoort en de raden van de regiogemeenten. Motie is meegezonden met indiening concept RES bij NP RES. Minister van EZK heeft gereageerd met een afwijzing. M17 – Woudenberg Het college te verzoeken de vraag naar juridische mogelijkheden om bij nieuwbouw voldoende draagkracht te eisen van platte daken voor het plaatsen van zonnepanelen mee nemen naar de regio, zodat dit vraagstuk vanuit de regio opgepakt kan worden. Het kabinet wil via een wijziging van het ‘Besluit bouwwerken leefomgeving’ gemeenten de mogelijkheid bieden om zonnepanelen op daken bij burgers en bedrijven af te dwingen. Wind A2 – Leusden In te stemmen met het ‘addendum Leusden bij concept Regionale Energie Strategie (RES) Regio Amersfoort 1.0 waarin is vastgelegd dat:
de haalbaarheid van een groot windturbinecluster op Leusderheide op dit moment onwaarschijnlijk is; daarom in de uitwerking naar een definitief RES-bod 1.0 in de hele regio wordt gezocht naar andere zoekgebieden voor duurzame grootschalige opwek.
In de ontwikkeling van de RES 2.0 het succes van het solidariteitsprincipe te evalueren. In de ontwikkeling van RES 2.0 zal het solidariteitsprincipe worden geëvalueerd. Nu al is duidelijk dat de in ontwikkeling zijnde lokale uitnodigingskaders zon en wind bijdragen aan het robuust maken van het bod en daarmee recht doen aan het solidariteitsprincipe. C1 – Leusden Bij de uitwerking van het concept-bod RES naar een definitief bod RES 1.0 moeten er naast het zoekgebied voor windturbines op de Leusderheide ook elders zoekgebieden voor grootschalige opwek worden aangewezen, ook in andere gemeenten, zodat de RES meer in balans is en de Leusderheide substantieel minder wordt belast met windturbines. In RES 1.0 is nadrukkelijk gezocht naar zoekgebieden voor grootschalige opwek in alle zeven deelnemende gemeenten. Dit komt tot uitdrukking in de vier treden van RES 1.0 en de in ontwikkeling zijnde lokale uitnodigingskaders zon en wind. M19 – Woudenberg In samenwerking met de andere gemeenten in de Regio Amersfoort: Het kansgebied voor windmolens op de Leusderheide te heroverwegen en in de uitwerking naar een definitief RES-bod 1.0 regionaal onderzoek te doen naar meer haalbare, realistische zoekgebieden voor duurzame opwek, waarbij
1. de Leusderheide wel onderdeel zou kunnen zijn van een integrale oplossing om de ambitie te halen 2. de ambitie van 0,5 TWh als doelstelling blijft gelden voor de Regio Amersfoort In RES 1.0 is de Leusderheide komen te vervallen. Er zijn alleen nog windmolens geprojecteerd aan de rand van de Leusderheide langs de A28. De ambitie van RES 1.0 is gehandhaafd op 0,5 TWh. M21 – Woudenberg Het college te verzoeken in samenwerking met de gemeenten in de regio Amersfoort: -
-
Te onderzoeken of er beleid kan worden opgesteld voor het plaatsen van “kleine” windturbines dat bijdraagt aan het behalen van de doelstellingen van het klimaatakkoord en de regionale Energie Strategie; LTO Noord, Gelderse Vallei te consulteren tijdens dit onderzoek
Bij dit onderzoek te betrekken: -
aan welke voorwaarden voldaan dient te worden om dergelijke turbines te plaatsen onder welke voorwaarden de business case voor agrariërsrendabel is
Bij de vaststelling van de provinciale omgevingsvisie in maart 2021 is de hoogte van ‘kleine’ windturbines verhoogt van 20 naar 25 meter. Na vaststelling van RES 1.0 zal in samenspraak met LTO onderzocht worden of en op welke wijze ‘kleine’ windturbines interessant en rendabel zijn. Het Rijk wordt verzocht met subsidie ook dergelijke kleine windturbines interessant te maken. Warmteplannen M6 - Bunschoten i.
Om bij nieuwbouw- en ombouwprojecten de geluidsproductie van warmtepompen mee te nemen in de besprekingen met projectontwikkelaars en bouwers.
Lokale uitwerking. Lokaal (economisch) belang A1 – Bunschoten Het college te verzoeken om een financieel participatiekader op te stellen waardoor Bunschoten deelgenoot kan worden van de verduurzaming van Bunschoten. Hiermee worden inwoners, verenigingen en de gemeente zelf bedoeld. De uitvoering van de Regionale Energie Strategie is een opgave voor de gehele samenleving. Daarvoor moet de gehele samenleving investeren, maar zij moet ook de uiteindelijke opbrengsten kunnen ontvangen.’ Lokale uitwerking. In RES 1.0 wordt een handreiking gedaan voor de inspanningsverplichting van 50% lokaal eigendom.
M1 – Amersfoort 1. Naar letter en geest de communicatie over het RES-traject met de Amersfoortse burgers voortvarend ter hand te nemen, ook wat betreft het bereik van de boodschap. 2. Kaders op te stellen waardoor burgers en lokale bedrijven zoveel als mogelijk kunnen participeren in het ontwikkelen en exploiteren van alternatieve energiebronnen. 3. Binnen honderd dagen met een plan over de communicatie en participatie met bijbehorende kaders bij de raad te komen. Lokale uitwerking in de Communicatie- en participatieaanpak RES-bod 1.0, Raadsinformatiebrief https://amersfoort.notubiz.nl/modules/5/Raadsinformatiebrieven/640323 In RES 1.0 wordt een handreiking gedaan voor de inspanningsverplichting van 50% lokaal eigendom. M5 – Bunschoten In samenwerking met de andere gemeente in de Regio Amersfoort te onderzoeken: i. Hoe innovatie in de Regionale Energie Strategie (RES) een grotere en strategischer rol kan krijgen bij het behalen van de doelstellingen. ii. Op welke manier de RES-regio Amersfoort innovatie en onderzoek in dit verband kan stimuleren en faciliteren. RES 1.0 mag alleen met bestaande bewezen technieken. Op weg naar RES 1.0 zal innovatie een grotere rol gaan spelen. Zo zal duidelijk worden wat de kansrijkheid is van bijvoorbeeld geothermie en aquathermie.
M10 – Bunschoten Binnen de regio aan te geven dat de instemming van de gemeente Bunschoten als indicatief en kaderstellend moet worden gezien en pas definitief kan worden beschouwd wanneer er de garantie is dat de uitvoering voor de gemeente Bunschoten kosten neutraal zal zijn. Op het niveau van het Nationaal Programma RES wordt nagedacht over een landelijk geharmoniseerde aanpak voor het inzichtelijk maken van de kosten en baten van de RES: Wat kost het, wat levert het op, wie betaalt en wie profiteert? Op weg naar RES 2.0 krijgt dit vorm en inhoud. M14 – Leusden Om een financieel participatiekader op te stellen waardoor inwoners, organisaties en de gemeente zelf deelgenoot kunnen zijn van de verduurzaming van Leusden. Lokale uitwerking. In RES 1.0 wordt een handreiking gedaan voor de inspanningsverplichting van 50% lokaal eigendom. M20 – Woudenberg In samenwerking met de andere gemeenten in de Regio Amersfoort te onderzoeken: - Hoe innovatie in de Regionale Energie Strategie (RES) een grotere en strategischer rol kan krijgen bij het behalen van de doelstellingen - Op welke manier de RES-regio Amersfoort innovatie en onderzoek in dit verband kan stimuleren en faciliteren
RES 1.0 mag alleen met bestaande bewezen technieken. Op weg naar RES 2.0 zal innovatie een grotere rol gaan spelen. Zo zal duidelijk worden wat de kansrijkheid is van bijvoorbeeld geothermie en aquathermie. M22 – Woudenberg om in samenwerking met de gemeenten in de in Regio Amersfoort te onderzoeken of het mogelijk is om bij initiatieven in de regio/regiogemeenten ten behoeve van de RES in de geest van het klimaatakkoord 50% lokaal eigendom te bereiken. In RES 1.0 wordt een handreiking gedaan voor de inspanningsverplichting van 50% lokaal eigendom. Lokale trajecten Robuuster maken RES Bod C2 – Soest College kan conform instemmen mits in het Concept-bod op pagina 18 onder het kopje Soest de tekst wordt aangevuld met: “Om de ruimtelijke inpassing van grootschalige elektriciteitsopwekking in ieder geval tot 2030 zo zorgvuldig mogelijk te realiseren, stellen we een Uitnodigingskader elektriciteitsopwekking op. Daarbij geldt voor de gemeente Soest één duidelijk kader: niet in de polder.” In de RES (2.0) wordt de uitkomst van alle lokale uitnodigingskaders verwerkt. M2 – Amersfoort Het RES bod te verhogen tot een bod waarbij de ambitie om minimaal een 49% CO2-reductie te realiseren wordt behaald. In RES 1.0 wordt uit gegaan van de ambitie om 0,5 TWh te behalen (=43% CO2 reductie).
Om 49% CO2-reductie te behalen met uitsluitend de klimaattafel elektriciteit is een ambitie benodigd van 0,7 TWh. De motie is tegenstrijdig met motie M9 van Bunschoten, waarin wordt aangedrongen op het verlagen van de ambitie tot 0,2 TWh. M3 – Amersfoort In het RES bod 1.0 de voorgenomen zonnevelden in Vathorst Noord op te nemen. De zonnevelden in Vathorst Noord zijn opgenomen in het bod van RES 1.0. M4 – Baarn Om in de zoektocht naar overige kansrijke gebieden ter realisatie van 49% CO2-reductie in 2030 vast te houden aan de uitdrukkelijke wens om de volgende gebieden niet aan te wijzen als mogelijke zoeklocatie voor het plaatsen van grootschalige windparken en zonneweiden: NNN-gebieden, N2000- gebieden en gebieden nabij ecopassages, zoals de bossen van Baarn en Lage Vuursche en het open landschap Arkemheen. In RES 1.0 zijn voor Baarn geen grootschalige wind- en zonneparken in kwetsbare natuurgebieden opgenomen.
M8 – Bunschoten 1. Om de Eemland/Arkemheen polder, het Eemmeer en de Natura 2000 gebieden niet als mogelijke zoeklocatie op te nemen voor het plaatsen van windturbines en (drijvende) zonneweiden. 2. De openheid van Eemland en Arkenheem zoveel mogelijk te beschermen mede voor behoud en bescherming van biodiversiteit en weidevogelpopulaties. 3. Actief in overleg te treden met de boeren en stakeholders ten einde zonnepanelen op boerderijen mogelijk te maken. In RES 1.0 worden de mogelijkheden aangegeven om de ambitie van 0,5 TWh te behalen. Ook zon op bedrijfsdaken van agrariërs maakt hier deel van uit. M9 – Bunschoten Er bij de regio op aan te dringen het bod in ieder geval te verlagen tot het vereiste bod van 0,2 TWh. In RES 1.0 wordt uit gegaan van de ambitie om 0,5 TWh te behalen. De motie is tegenstrijdig met motie M2 van Amersfoort, waarin wordt aangedrongen op het verhogen van de ambitie tot 0,7 TWh. M11 – Leusden -De raad te informeren over de huidige stand van zaken betreffende initiatieven voor het lokaal opwekken van energie -een routekaart voor te leggen om in Leusden in 2040 energieneutraal te zijn -een voorstel te doen om in 2030 een opwekcapaciteit van minimaal 0,2 TWh te realiseren middels beschikbare technieken Lokale uitwerking.
M12 – Leusden 1.Eerste kwartaal 2021 een heldere zonneladder te presenteren waarbij: - een logische opbouw van prioritering in tredes zichtbaar is, waarbij de ladder van de NMF als leidraad kan dienen en naar de Leusdense wensen en eisen kan worden aangepast; - de verwachtingen tussen gemeente, inwoners, verenigingen en bedrijven worden gemanaged; - duidelijk is dat er binnen de gemeente een maximum percentage landbouwgrond en natuurgrond beschikbaar zal worden gesteld voor zonnevelden; - Waar mogelijk er een positieve bijdrage aan biodiversiteit wordt geleverd. 2.In deze zonneladder ook aan te geven op welke tredes (financiële) participatie een mogelijkheid c.q. vereiste is en hoe dit werkt; 3.De zonneladder te verwerken in een beleidsregel zodat voor een ieder de kaders helder zijn. Lokale uitwerking. M13 – Leusden Eerste kwartaal 2021 een heldere windladder te presenteren waarbij: -er een onderscheid wordt gemaakt naar verschillende type windmolens -wordt bepaald voor welk type windmolen er waar in de gemeente mogelijkheden zijn -per locatie/gebied te bepalen aan welke voorwaarden een windmolen in dat gebied moet
voldoen -per type molen en locatie/gebied ook is bepaald wat de minimale vorm van financiële participatie is -per locatie/type gebied het maximaal aantal molens van verschillende types is bepaald. Zodat: -de verwachtingen tussen gemeente, inwoners, verenigingen en bedrijven worden gemanaged -duidelijk is dat er binnen de gemeente een maximum percentage landbouwgrond en natuurgrond beschikbaar zal worden gesteld voor windenergie -de windladder te verwerken in een beleidsregel zodat voor een ieder de kaders helder zijn Lokale uitwerking. M15 – Provincie Utrecht In navolging van de motie aangenomen door de tweede kamer en het gesprek wat naar aanleiding van die motie gaat plaatsvinden bij de gemeenten te inventariseren of en zo ja, onder welke voorwaarden, er belangstelling is om kernenergie onderdeel te maken van de Lange Termijn energiemix en hierover terug te koppelen naar de Staten ruim voor de behandeling van de RES 1.0 en gaat over tot de orde van de dag. De gemeenten van RES Regio Amersfoort hebben aangegeven dat dit een nationale afweging is.
M18 – Woudenberg Ten behoeve van de besluitvorming RES 1.0 een ontwikkelkader duurzame energie opwek op te stellen waarbij: - een logische opbouw van prioritering van type locaties (dak, parkeerterrein, landbouwgrond etc) zichtbaar is; - de verwachtingen tussen gemeente, inwoners, verenigingen en bedrijven worden gemanaged - duidelijk is dat er binnen de gemeente prioriteit ligt bij daken, parkeerterreinen en langs infrastructuur en dat daarnaast via een nadere uitwerking van “zon met principe” onder in het ontwikkelkader te bepalen voorwaarden en lokaal maatwerk enige ruimte is voor het benutten van landbouwgrond en niet voor natuurgrond, tenzij het leidt tot versterking van de natuurwaarde; - In het ontwikkelkader ook aan te geven welke (financiële) participatie mogelijk c.q. vereiste is en hoe dit werkt; - Het ontwikkelkader te verwerken het ruimtelijk en duurzaamheidsbeleid op een wijze dat deze kaders praktisch en juridisch voor een ieder helder zijn. Lokale uitwerking.
M23 – Eemnes Dat in het conceptbod (en in de ateliers om tot dat bod te komen) uitgegaan moet worden van een opwek voor zon en wind die overeenkomt met de potentie van het gebied, zoals is aangegeven door het nationaal programma RES; En verzoekt het college, Dit standpunt naar voren te brengen in het Bestuurlijk Overleg Ruimte en Wonen en over te brengen naar de gemeenteraden in de regio, naar GS en PS van de provincie Utrecht en naar de Stuurgroep RES Amersfoort
Dit standpunt is ingebracht in het Bestuurlijk Overleg RES Amersfoort.