Beleidsplan Openbare Verlichting 2026-2035 Gemeente Leusden.pdf
Tekst van het document
Beleidsplan Openbare Verlichting 2026 – 2035
“De meest duurzame energie, is de energie die niet wordt gebruikt”
Colofon
Beleidsplan Openbare Verlichting 2026-2035 Gemeente Leusden Namens Gemeente: Dhr. Ron Schimmel Functie: Werkvoorbereider/Beheerder OVL Afdeling: IBOR Inrichting Beheer Openbare Ruimte Email: T.A.Schimmel@leusden.nl Namens het adviesbureau: Dhr. Jean-Marc Pisters Functie: Adviseur Van: BURO-33 Email: JM.Pisters@buro-33.nl
Versie: 1.0 Status: Definitief Datum: Januari 2026
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
2
Voorwoord Openbare verlichting lijkt vanzelfsprekend. We missen het pas wanneer het donker is op plekken waarvan we verwachten dat ze verlicht zijn. Het valt op wanneer de verlichting koud en fel is, daar waar we verwachten dat deze bijdraagt aan een prettige beleving van een straat of plein. En het stoort wanneer masten en armaturen er onaantrekkelijk uitzien, terwijl de overige openbare ruimte wel goed verzorgd is. Openbare verlichting levert een grote bijdrage aan de veiligheid voor voetgangers, fietsers en het gemotoriseerd verkeer. Verlichting vergroot de verkeersveiligheid en draagt ook bij aan de sociale veiligheid. Daarnaast bepaalt verlichting ook de uitstraling en aantrekkelijkheid van bijvoorbeeld winkelgebieden en wijken; zowel overdag als ’s avonds. Overdag door vormgeving, plaatsing en goed onderhoud van lichtmasten en armaturen en in de avond door warme en subtiele verlichting. Naast bovengenoemde functies van openbare verlichting, is er helaas ook een keerzijde van de medaille. Verlichting gebruikt namelijk veel energie en Nederland is één van de meest verlichte landen van Europa. Een herkenbare scheiding van dag en nacht is van groot belang voor het nachtelijke leven. Met het verlichten van de openbare ruimte treden bij overmatig gebruik neveneffecten op.
Lichthinder en donkerte zijn daarom onderwerpen die steeds actueler worden en vaker het onderwerp zijn van onderzoek. De gemeente stelt hoge eisen aan duurzaamheid, doelmatigheid en betrouwbaarheid. Dit beleidsplan gaat over de kwaliteit en duurzaamheid die de gemeente stelt aan de openbare verlichting. Door het, in een juiste balans, toepassen van bovengenoemde punten binnen de gemeente, is een goede basis gelegd voor een breed gedragen, kwalitatief hoogwaardig en kostenbewuste ‘Openbare Verlichting’ in de gemeente Leusden.
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
3
Management samenvatting Voor u ligt het Beleidsplan Openbare Verlichting gemeente Leusden 2026 – 2035. Dit plan beschrijft alle facetten over de omgang met de openbare verlichting voor de komende beleidsperiode. Onderstaande samenvatting geeft alle facetten uit dit beleidsplan beknopt weer. Openbare Verlichting en recente ontwikkelingen Verlichting is van grote invloed op het gebruik van de openbare ruimte. Het beïnvloedt hoe mensen de openbare ruimte ervaren. Goede verlichting draagt bij aan het waarborgen van de sociale- en verkeersveiligheid en draagt bij aan de leefbaarheid. De laatste decennia is de overgang naar LED-verlichting in Nederland plaatsgevonden. Gemeente Leusden is een van de koplopers in het toepassen van LEDVerlichting. Door de wijze waarop de vervanging en het nieuwe contract in de markt gezet heeft de gemeente Leusden een nominatie gehad in de wereld van de Openbare Verlichting, de zogenaamde OVL NL Inspiratie Award. De wijze van verduurzaming en het toepassen op grote schaal van een Telemanagement Systeem heeft navolging gekregen in gemeenten in geheel Nederland. De besparing door de verduurzaming is 63% geweest ten opzichte van de oude installaties. Huidige situatie Lichtmasten en armaturen In de vorige beleidsperiode is besloten de levensduur voor lichtmasten en armaturen naar respectievelijk 50 en 25 jaar aan te passen.
Dit blijkt echter in de praktijk niet goed en veilig uit te pakken. De veiligheid komt in het geding doordat lichtmasten doorrotten. Na een benchmark onder professionals en andere gemeente adviseren wij de gemaakte keuze te herzien naar de oude en oorspronkelijke waarde.
Reeds gemaakte keuzes in het voorgaande beleidsperiode aanpassen: o Levensduur van masten weer terug van 50 naar 40 jaar o Levensduur armaturen weer terug van 25 naar 20 jaar
Financiën De raad heeft met vaststelling van het Meerjarenonderhoudsplan 2025 – 2036 openbare ruimte de financiële effecten voor dit plan al vastgesteld. Om die reden is er geen uitwerking gemaakt in scenario’s. Dit plan gaat uit van vervanging op basis van leeftijd in combinatie met de eerder genoemde afschrijvingstermijnen. 40 jaar voor lichtmasten en 20 jaar voor armaturen
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
4
Inhoudsopgave Voorwoord ..............................................................................................................................................................3 Management samenvatting .....................................................................................................................................4 Openbare Verlichting en recente ontwikkelingen ....................................................................................................4 Huidige situatie ........................................................................................................................................................4 Financiën ..................................................................................................................................................................4 1
2
3
4
5
Inleiding ..........................................................................................................................................................7 1.1
Achtergrond en doelstelling .............................................................................................................................7
1.2
Leeswijzer ........................................................................................................................................................7
1.3
Afbakening ......................................................................................................................................................7
Verlichting en recente ontwikkelingen .............................................................................................................8 2.1
Inleiding...........................................................................................................................................................8
2.2
Sociale veiligheid .............................................................................................................................................8
2.3
Verkeersveiligheid ...........................................................................................................................................8
2.4
Ruimtelijke kwaliteit ........................................................................................................................................9
2.5
Neveneffecten van overmatig licht gebruik ....................................................................................................9
Kaders en regelgeving ...................................................................................................................................10 3.1
Wettelijke verplichting ..................................................................................................................................10
3.2
Kapitaallasten ...............................................................................................................................................10
3.3
Nederlandse Praktijkrichtlijn NPR 13201-1 ...................................................................................................10
3.4
Arbeidsomstandigheden wet (Installatieverantwoordelijkheid) ...................................................................11
3.5
Natura 2000 ..................................................................................................................................................11
3.6
Landelijke richtlijnen lichthinder ...................................................................................................................11
3.7
Richtlijn licht op natuur .................................................................................................................................12
3.8
Energie- en Klimaatakkoord..........................................................................................................................12
3.9
Overige regelingen ........................................................................................................................................12
3.10
CROW beeldkwaliteit ....................................................................................................................................12
Huidige situatie gemeente Leusden ...............................................................................................................14 4.1
Verlichtingsareaal in cijfers............................................................................................................................14
4.2
Lichtmasten ..................................................................................................................................................14
4.3
Armaturen.....................................................................................................................................................15
4.4
Telemanagement systeem ............................................................................................................................16
Visie en Beleid ..............................................................................................................................................17 5.1
Visie...............................................................................................................................................................17
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
5
6
7
5.2
Standaardisatie verlichtingsmiddelen...........................................................................................................17
5.3
Doelmatige en kwalitatief goede openbare verlichting ................................................................................18
5.4
Buiten bebouwde kom (BuBeKo) ..................................................................................................................18
5.4.1
Ontsluitingswegen Bubeko ...........................................................................................................................18
5.4.2
Woongebieden Bubeko .................................................................................................................................18
5.4.3
Fietspaden Bubeko ........................................................................................................................................19
5.4.4
Buitengebied .................................................................................................................................................19
5.5
Binnen bebouwde kom .................................................................................................................................19
5.5.1
Ontsluitingswegen Bibeko ............................................................................................................................19
5.5.2
Woongebieden Bibeko ..................................................................................................................................19
5.5.3
Achterpaden Bibeko ......................................................................................................................................20
5.5.4
Centrumgebieden .........................................................................................................................................20
5.5.5
Feestverlichting .............................................................................................................................................20
5.5.6
Bedrijventerreinen ........................................................................................................................................20
5.5.7
Fietspaden Bibeko .........................................................................................................................................20
5.5.8
Parkeerplaatsen ............................................................................................................................................20
5.5.9
Parken en speelplaatsen ...............................................................................................................................21
Beheer, Onderhoud en Communicatie ..........................................................................................................22 6.1
Beheer en onderhoud....................................................................................................................................22
6.1.1
Gegevensbeheer ...........................................................................................................................................22
6.1.2
Onderhoud ....................................................................................................................................................22
6.1.3
Correctief onderhoud ....................................................................................................................................22
6.1.4
Groot onderhoud ..........................................................................................................................................23
6.1.5
Service en meldpunt......................................................................................................................................23
Financieel kader ............................................................................................................................................24 7.1
Investeringsopgave .......................................................................................................................................24
7.2
Jaarlijkse beheer- en onderhoudskosten .......................................................................................................25
7.3
Verloop van de energiekosten ......................................................................................................................25
7.4
Totale jaarlijkse kosten .................................................................................................................................26
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
6
1
Inleiding
Openbare verlichting heeft een belangrijke functie. Wanneer de duisternis valt, gaat de verlichting aan om de verkeersveiligheid en sociale veiligheid in de openbare ruimte te waarborgen. De gemeente draagt als wegbeheerder de verantwoordelijkheid voor de openbare ruimte en heeft hier een zorgplicht voor. Hiermee is de gemeente tegelijkertijd aansprakelijk voor een gebrek aan de openbare weg wanneer het mis gaat met personen of schades. Beleid op het gebied van openbare verlichting is daarom van cruciaal belang. Middels voorliggend beleidsplan voor de periode 2025-2034 worden de beleidspunten van de gemeente Leusden vastgesteld op het gebied van Openbare VerLichting (soms afgekort tot OVL).
1.1
Achtergrond en doelstelling
In dit beleidsplan openbare verlichting wordt het beleid op het gebied van OVL in de gemeente voor de periode 2026 tot en met 2035 beschreven. Het Beleidsplan Openbare Verlichting is bedoeld als handboek waarin is vastgelegd hoe er binnen de gemeente met openbare verlichting omgegaan wordt. Een blik op het OVL-areaalbestand van Leusden laat zien dat meer dan nagenoeg alle armaturen in de gemeente up to date zijn. De gemeente Leusden sinds 1 juli 2013 ook economisch eigenaar van de openbare verlichtingsinstallatie wat nieuwe verantwoordelijkheden met zich meebracht. In 2017 is begonnen met het grootschalige verduurzamen van de OVL, dit is gebeurd na het college besluit van 2015.
1.2
Leeswijzer
Hoofdstuk 2 beschrijft allereerst de functies van verlichting in de openbare ruimte. Daarnaast worden recente ontwikkelingen op maatschappelijk en technologisch gebied beschreven. Deze ontwikkelingen vormen de kaders voor het nieuwe beleid. Hoofdstuk 3 behandelt de huidige situatie op gebied van OVL in Leusden. Vervolgens beschrijft hoofdstuk 4 de visie, de beleidsdoelen en concrete beleidsmaatregelen voor de komende beleidsperiode. Hoofdstuk 5 gaat in op de wijze waarop de gemeente het beheer, het onderhoud en de communicatie inricht. Tenslotte beschrijft hoofdstuk 6 het financiële kader.
1.3
Afbakening
In de onderstaande paragrafen leest u wat we exact bedoelen met de openbare verlichting en waarvoor de gemeente verantwoordelijk is. Openbare verlichting | OVL Met openbare verlichting bedoelen we in dit beleidsplan alle buitenverlichting in het openbaar gebied waarvoor de gemeente verantwoordelijk is. In dit beleidsplan wordt de openbare verlichting veelal aangeduid met “OVL”. Verlichting van derden Reclameverlichting, verlichting van glastuinbouw, feestverlichting, sportveldverlichting, achterpadverlichting en verlichting van derden die grenzen aan de openbare ruimte, vallen niet onder openbare verlichting en worden daarom niet in dit beleidsplan meegenomen. OVL-netwerk De ondergrondse infrastructuur is eigendom en de verantwoordelijkheid van Stedin en maakt daarom geen onderdeel uit van dit beleidsplan.
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
7
2
Verlichting en recente ontwikkelingen
Dit hoofdstuk licht de verschillende functies van de openbare verlichting kort toe. Daarnaast beschrijft dit hoofdstuk de recente technologische en maatschappelijke ontwikkelingen op het gebied van openbare verlichting. Deze functies en recente ontwikkelingen zijn algemeen en zijn niet specifiek voor Leusden. Ze spelen echter wel allemaal een rol bij de invulling van het beleid over de openbare verlichting in Leusden.
2.1
Inleiding
De openbare ruimte is de fysieke ruimte die voor iedereen toegankelijk is en waar ontmoeting tussen mensen kan plaatsvinden. Verlichting ondersteunt het gebruik en de beleving van de openbare ruimte wanneer het natuurlijk daglicht (gedeeltelijk) afwezig is. De belangrijkste ondersteuning die de openbare verlichting biedt is vanouds het verbeteren van de verkeersveiligheid en de sociale veiligheid. Tegenwoordig wordt verlichting ook ingezet om de ruimtelijke kwaliteit van een dorp of stad te versterken door o.a. sfeer te creëren (speciale lichtmasten, armaturen en lichtkleur), het aanlichten van objecten (monumenten) en ruimtelijke structuren te benadrukken (winkelstraten of parken). Echter, inmiddels realiseren we ons dat verlichting soms ook is doorgeschoten. Met aandacht voor lichthinder en energiebesparing moeten de nadelen worden ingeperkt.
2.2
Sociale veiligheid
Sociale veiligheid en het gevoel veilig te zijn, hangen mede samen met de mate waarin een weggebruiker zijn omgeving overzichtelijk vindt. Dit impliceert onder meer dat men passanten op een voldoende grote afstand kan herkennen en obstakels, zoals stoepranden en losliggende tegels of kuilen, op tijd kan waarnemen. De aanwezigheid van verlichting betekent echter niet dat een gebied daarmee ook veilig is. Hiervoor is onder meer sociale controle (de aanwezigheid van anderen) noodzakelijk. Wanneer sociale controle ontbreekt (bijvoorbeeld ’s nachts in een park) kan de gemeente ervoor kiezen om gebruik van bepaalde gebieden te ontmoedigen door hier bewust geen verlichting te plaatsen. In dat geval is het wel van belang dat er een sociaal gecontroleerd alternatief voorhanden is. Bijvoorbeeld een route om het park heen in plaats van er doorheen.
2.3
Verkeersveiligheid
Verkeersveiligheid is het veilig kunnen voortbewegen en navigeren in de openbare ruimte. Visuele waarneming en het tijdig herkennen van obstakels is hierbij van cruciaal belang. Aangezien er verschillende verkeersdeelnemers zijn hebben deze in veel gevallen een eigen plaats op de weg (bijvoorbeeld: fietsers op het fietspad en voetgangers op het trottoir). Wanneer verschillende verkeersstromen elkaar ontmoeten, zoals op een kruispunt, moeten de verkeersdeelnemers de situatie goed in kunnen schatten en een juiste beslissing kunnen nemen. Kwetsbare verkeersdeelnemers zijn hierin een risicogroep. Het is daarom belangrijk dat verkeersituaties overzichtelijk zijn, zodat verkeersdeelnemers elkaar niet over het hoofd zien; (bijna) ongevallen moeten worden voorkomen. Op drukke kruispunten of rotondes is daarom het lichtniveau hoger. Afhankelijk van de wegcategorie en de verkeersituatie ter plaatse kan het wenselijk zijn om alternatieve markering (passief of actief) of verlichting toe te passen. Maar het besef is gegroeid dat openbare verlichting is doorgeslagen. Overal is licht aanwezig, ook als er geen mensen meer aanwezig zijn. Het nieuwe uitgangspunt is dan ook, ‘niet verlichten tenzij’. Dit houdt in dat er pas verlichting aangebracht dient te worden wanneer de verlichting bijdraagt aan verkeers- en of sociale veiligheid. Om een voorbeeld te noemen, recht doorgaande wegen enkel voor
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
8
snelverkeer, met gescheiden rijbanen en zonder omliggende woningen, worden in de regel niet verlicht.
2.4
Ruimtelijke kwaliteit
De kwaliteit van de openbare ruimte wordt bepaald door het gebruik en de beleving van de ruimte om je heen. Gebruikers beleven een ruimte in het donker anders dan overdag. In een historisch gebied vallen ’s avonds de historische elementen van een gebouw vaak niet op. Verlichting kan ondersteunen in het behouden van het historisch karakter in de avond. Dit kan het avondgebruik, zoals tijdens koopavonden in winkelstraten, van deze gebieden bevorderen. Onderstaande factoren hebben invloed op de kwaliteit van de openbare ruimte: • Aanstraalverlichting; • Visuele geleiding en markering; • Verlichting van semi-openbare ruimte; • Reclameverlichting en bewegwijzering. Bovenstaande punten kunnen de ruimtelijke kwaliteit versterken, echter ze kunnen ook in min of meerdere mate een negatief effect hebben op de omgeving. Onderstaande paragraaf belicht enkele neveneffecten van overmatig licht gebruik.
2.5
Neveneffecten van overmatig licht gebruik
Nederland is een van de meest verlichte landen van Europa. Een herkenbare scheiding van dag en nacht is van groot belang voor het nachtelijke leven. Met het verlichten van de openbare ruimte treden bij overmatig gebruik neveneffecten op. ‘Skyglow’ is het verschijnsel waarbij licht reflecteert op waterdamp en stofdeeltjes in de lucht. Hierdoor ontstaat een ‘lichtkoepel’ boven dorpen en steden. Lichtvervuiling, afkomstig van kunstmatig licht, geeft een verhoogde helderheid in de nacht. Mensen en dieren ondervinden hier hinder van. Lichthinder en donkerte zijn daarom onderwerpen die steeds actueler worden en vaker het onderwerp zijn van onderzoeken. Momenteel lopen diverse onderzoeken ten aanzien van de negatieve effecten van verlichting. Er zijn echter nog weinig concrete onderzoeksresultaten bekend die de nadelige gevolgen van openbare verlichting op de lange termijn beschrijven. De algemene negatieve effecten van (overmatig) verlichten in de openbare ruimte die al wel bekend zijn: • • • • • • •
Lichthinder; Verblinding en inschijning; Ontregeling van flora en fauna; Mogelijk aantasting gezondheid (verstoring nachtritme) Rommelig en onrustig straatbeeld (bijv. door overmatige reclameverlichting) Verstoring nachtelijk landschap; Matige zichtbaarheid van de sterrenhemel.
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
9
3
Kaders en regelgeving
3.1
Wettelijke verplichting
Er is geen verplichting om te verlichten. Als er echter verlichting staat dan verwacht de wet van de gemeente dat zij zich gedraagt als een goed “huisvader” en kan de gemeente aansprakelijk worden gesteld indien: de openbare verlichting niet functioneert en niet is onderhouden zoals dat van de verlichting verwacht mag worden.
3.2
Kapitaallasten
Gemeente Leusden volgt de Nederlandse wetgeving om kapitaalsgoederen in de buitenruimte (waaronder openbare verlichting) te kapitaliseren. Investeringen worden omgezet in kapitaallasten. De huidige afschrijvingstermijnen zijn 50 jaar voor masten en 25 jaar voor armaturen. Er is gebleken dat met name masten van de begin jaren 80 een verminderde kwaliteit hebben t.o.v. masten uit de jaren 60. Hierdoor ontstaat er een gevaar van doorroesten van de mast om maaiveld niveau. Ook bij navraag bij leveranciers en andere gemeenten blijkt dat een levensduur verwachting van 20 jaar voor armaturen en 40 jaar voor masten gebruikelijke is. Deze levensduur van armaturen (20 jaar) en masten (40 jaar) wordt vanaf dit jaar als afschrijvingstermijn aangehouden. Zie verdere onderbouwing voor wat betreft beleid hieromtrent in Hoofdstuk 5.
3.3
Nederlandse Praktijkrichtlijn NPR 13201-1
De Nederlands praktijkrichtlijn NPR 13201-1 is een gezamenlijke uitgave van NEN en NSVV, met als doel om kwaliteitscriteria (lichttechnische) aan te geven bij het toepassen van de openbare verlichting in een bepaalde omgeving in de buitenruimte. De NPR geeft richtlijnen voor de verlichtingskwaliteit, het zijn geen eisen. In NPR 13201 worden de verlichtingsklassen voor wegverlichting gedefinieerd in relatie tot de visuele behoeften van weggebruikers. Ze worden in verband gebracht met de technische aspecten van weggebruik en verkeersgedrag in verschillende verkeerssituaties.
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
10
De verlichtingsklassen zijn onderverdeelt in M, C en P gebieden. Elk gebied verwijst naar het primaire doel van de openbare ruimte: afwikkelen gemotoriseerd verkeer (Motorised), faciliteren van kruisend verkeer (Conflict) en gezamenlijk gebruik door verkeersdeelnemers (Pedestrian). Elke gebied bestaat uit 6 verschillende verlichtingsklassen met elk hun eigen lichttechnische kwaliteitscriteria (M1 t/m M6, C1 t/m C6 en P1 t/m P6). De verlichtingsklasse wordt bepaald met behulp van determineren. In de determineertabellen staan parameters die elk een weegfactor hebben. De som van alle weegfactoren bepaalt welke verlichtingsklasse aangehouden dient te worden. De gemeente conformeert zich aan 85% van de meest recente richtlijn. Bij een herinrichting of nieuwbouw moet het ontwerp voldoen aan de richtlijn.
3.4
Arbeidsomstandigheden wet (Installatieverantwoordelijkheid)
Een gemeente draagt (juridische) verantwoordelijkheid voor al haar elektrische installaties, openbare verlichtingsinstallaties vallen hier ook onder. Deze verantwoordelijkheid geldt uiteraard alleen zodra een gemeente zelf eigenaar is van de OVL; in Leusden is dat vanaf 1 april 2013 het geval. Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) en NEN-normen 3140:2011 en NEN 1010, geven normen om de veiligheid van elektrische installatie (NEN 1010) en het veilig kunnen werken aan elektrische installaties (Arbowet en NEN 3140) te waarborgen. De wet verplicht niet deze normen toe te passen (delen van de NEN-1010 zijn wel verplicht gesteld in het bouwbesluit), maar de normen beschrijven een werkwijze waarmee aan de wet kan worden voldaan. Wanneer de gemeente niet voldoet aan deze normen kan zij aansprakelijk worden gesteld in het kader van de zorgplicht voor haar inwoners op het gebied van welzijn en sociale zaken in het geval een installatie onder spanning staat (bijvoorbeeld een lichtmast onder spanning).
3.5
Natura 2000
In de gemeente is er geen sprake van Natura 2000 gebieden. Er hoeft derhalve geen rekening mee gehouden te worden.
3.6
Landelijke richtlijnen lichthinder
De NSVV brengt naast de NPR13201 ook de richtlijn Lichthinder uit. Er zijn veel locaties met kunstmatige verlichting. Dit kan verschillende soorten negatieve effecten veroorzaken. Hinder bij mensen ontstaat wanneer mensen zich niet kunnen onttrekken aan het aanwezige kunstlicht, terwijl ze daar wel behoefte aan hebben. Bijvoorbeeld om te kunnen rusten of slapen. Bij de beoordeling van lichthinder voor mensen maken overheden een afweging tussen maatschappelijke belangen (bijvoorbeeld veiligheid op straat, of bruikbaarheid sportvelden) en de hinderbeleving. Aan de hand van de richtlijn Lichthinder kan lichttechnisch getoetst worden of er sprake is van geoorloofde hinder of niet.
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
11
3.7
Richtlijn licht op natuur
In de richtlijn Licht op Natuur wordt ingegaan op de gevolgen van kunstlicht op natuur en de afwegingen die daarbij horen ten aanzien van het wel, niet of op een bepaalde wijze plaatsen en gebruiken van openbare verlichting
3.8
Energie- en Klimaatakkoord
“Energieakkoord voor duurzame groei” Sinds de introductie van energiezuinige en duurzame ledverlichting wordt in de openbare verlichting veel energie bespaard. Dit levert een belangrijke bijdrage aan de doelstellingen van het landelijke Energieakkoord voor Duurzame Groei uit 2013. Van “Energieakkoord voor duurzame groei” naar “Klimaatakkoord”: Het Energieakkoord voor duurzame groei, kortweg het Energieakkoord, is een Nederlandse overeenkomst uit 2013 tussen de overheid en ruim veertig organisaties over energiebesparing, duurzame energie en klimaatmaatregelen. In 2019 is het Klimaatakkoord tot stand gekomen. Hierin lag de nadruk op CO2- reductie. De afspraken zijn met meer dan honderd partijen gemaakt, waaronder veel partijen uit het Energieakkoord. De nog lopende afspraken uit het Energieakkoord zijn integraal opgenomen in het Klimaatakkoord. Het Energieakkoord heeft een bindend karakter. Voor de openbare verlichting wordt gestreefd naar het versneld verLEDden van het huidige verlichtingsareaal. Het Energieakkoord heeft daarnaast de volgende doelstellingen: • Ten opzichte van 2013 20% besparing leveren in 2020 • Ten opzichte van 2013 50% besparing leveren in 2030 • In 2020 is minimaal 40% van het bestaande verlichtingsareaal voorzien van slim energiemanagement en energiezuinige (led-) verlichting
3.9
Overige regelingen
3.10
CROW beeldkwaliteit
Voor openbare verlichting kunnen verder de volgende wetten en regelingen van belang zijn: • Elektriciteitswet en energiewet; • Europese normen voor verlichtingsmiddelen • Flora en faunawet, Natuurbeschermingswet.
In de gemeente Leusden wordt de meest recente versie van de “Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte” door de CROW gehanteerd bij het bepalen van de minimale kwaliteit van haar openbare ruimte.
Tabel uit de " CROW Kwaliteitscatalogus "
Voor openbare verlichting (en andere elementen) geldt B-kwaliteit voor alle gebieden. Voor het centrumgebied geldt A-kwaliteit. Deze zijn opgenomen in het contract met de aannemer.
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
12
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
13
4
Huidige situatie gemeente Leusden
Dit hoofdstuk geeft inzicht in de huidige situatie van de openbare verlichting in Leusden. De huidige situatie is het vertrekpunt om de gewenste situatie en bijbehorende doelstellingen en maatregelen op te stellen.
4.1
Verlichtingsareaal in cijfers
In de volgende paragrafen is de openbare verlichting in de gemeente in kaart gebracht. Het huidige verlichtingsareaal bestaat uit: Aantal masten Aantal armaturen
6.527 6.823
Dit beleidsplan gaat uit van de situatie per 1-9-2025.
Het verlichtingsareaal bestaat hoofdzakelijk uit lichtmasten met één armatuur. Er zijn echter ook masten met twee armaturen. De onderstaande overzichten, grafieken en berekeningen zijn gemaakt op basis van het huidige OVL-beheerbestand en verschaffen inzicht in de samenstelling van het verlichtingsareaal.
4.2
Lichtmasten
Lichtmasten bestaan in de gemeente uit staal en aluminium. In Leusden staan voornamelijk stalen geverfde masten. We gaan over naar aluminium masten. Er staat een kleiner deel, ca. 30%, aan aluminium masten in de gemeente. Lichtmasten hebben een economische levensduur van 40 jaar. Onderstaand figuur toont de verdeling per leeftijdsgroep en type voor lichtmasten in Leusden die in de beleidsperiode vervangen dienen te worden.
Tabel: Vervangingsopgave masten in beleidsperiode t/m 2040 – aantal
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
14
Tabel: Vervangingsopgave masten in beleidsperiode t/m 2035 – type
4.3
Armaturen
Armaturen in de openbare verlichting hebben twee functies. Enerzijds sturen zij het licht dat de lichtbron in het armatuur genereert en anderzijds beschermen zij de lichtbron en overige onderdelen tegen invloeden van buitenaf zoals stof en vocht. Ze verschillen op gebied van licht-technische eigenschappen zoals vermogen, lichtopbrengst en lichtkleur. Onderstaand figuur toont de verdeling per leeftijdsgroep voor armaturen in Leusden die in de beleidsperiode vervangen dienen te worden. Daarnaast is te zien welk type armaturen en hoeveelheden in de diverse jaren zijn geplaatst.
Tabel: Vervangingsopgave armaturen in beleidsperiode t/m 2040 – aantal
Tabel: Geplaatste armaturen binnen het huidige areaal t/m 2029 – type
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
15
4.4
Telemanagement systeem
Telemanagement systeem is een techniek waarbij de verlichting op afstand ingesteld en geregeld kan worden. De verwachting is dat over 5 jaar de componenten die hiervoor nodig zijn, standaard onderdeel uitmaken van een armatuur. Er is daarom voor gekozen om alle nieuwe armaturen te voorzien van een Telemanagement systeem. Armaturen die voorzien zijn van een Telemanagement systeem, kunnen contact maken met internet zodat de lichtmast op afstand benaderbaar wordt. Met een Telemanagement systeem zijn er ook mogelijkheden voor het aanbrengen van sensoren zoals detectie, luchtkwaliteit, geluidsmeting, etc.
Onderstaand figuur toont de verdeling per leeftijdsgroep voor het Telemanagement systeem in Leusden die in de beleidsperiode vervangen dienen te worden. Daarnaast is te zien welk type Telemanagement systeem in de diverse jaren is geplaatst.
Tabel: Vervangingsopgave Telemanagement systeem in beleidsperiode t/m 2040 – aantal
Tabel: Geplaatste Telemanagement systeem binnen het huidige areaal t/m 2025 – type
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
16
5
Visie en Beleid
Met de huidige situatie in beeld kan er gekeken worden naar de gewenste situatie en hoe die bereikt moet worden. Met de inzichten uit de voorgaande hoofdstukken en de recente technologische en maatschappelijke ontwikkelingen is het nieuwe beleid voor Leusden opgesteld. Dit hoofdstuk beschrijft ambities en de beleidspunten van de gemeente voor de periode 2026 – 2035. De volgende paragrafen beschrijven de visie, doelen en beleidspunten, waarbij de beleidspunten zijn weergegeven in de kaders. Reeds gemaakte keuzes in de voorgaande beleidsperiode is aangepast: o Levensduur van masten weer terug van 50 naar 40 jaar o Levensduur armaturen weer terug van 25 naar 20 jaar
5.1
Visie
Gemeente Leusden draagt de zorg voor een kwalitatief goede verlichting van de openbare ruimte tijdens de donkere uren. De mate waarop de openbare ruimte wordt voorzien van verlichting, wordt afgestemd op de centrale visie van de gemeente. Leusden wil haar openbare ruimte duurzaam, bewust en doelmatig verlichten. Daarom wordt bij elke situatie gekeken of openbare verlichting écht noodzakelijk is om de veiligheid van de inwoners van Leusden te waarborgen. In principe wordt geen verlichting aangebracht, behalve wanneer vereist is voor de sociale- en/of verkeersveiligheid.
5.2
Standaardisatie verlichtingsmiddelen
Bij de uitvoering van nieuwe projecten en grootschalige vervangingen worden een zo goed mogelijk lichtbeeld gecreëerd met een aantal standaard armaturen. Wij maken bewust gebruik van de armaturen van Innolumis uit Amersfoort. Deze keuze is tot stand gekomen door de aanbesteding voor de verduurzaming van het areaal. De keuze heeft onder andere te maken met het feit dat de armaturen in de werkplaats van Metafors, onderdeel van het sociaal ontwikkelbedrijf Amfors, worden geproduceerd. Voor woonwijken (4 meter paaltop) maken we gebruik van het Ariane armatuur
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
17
Voor woonstraten (6 meter masten) maken we gebruik van het Mini-Nicole armatuur
Voor ontsluitingswegen ( >= 8 meter masten) maken we gebruik van het Nicole armatuur
5.3
Doelmatige en kwalitatief goede openbare verlichting
Ondersteunen van het doel van de openbare ruimte Per gebied wordt in Leusden gekeken naar de functie van de openbare ruimte en hoe de openbare verlichting daar moet functioneren. Met doelmatig verlichten wordt dan ook bedoeld dat de toegepaste openbare verlichting de juiste ondersteuning biedt aan het gebruik van de specifieke openbare ruimte. Wanneer op een zodanige manier verlicht wordt, met inachtneming van de minimale eisen, bespaart Leusden op energieverbruik. Tegelijk wordt daarmee voorkomen dat er overmatig wordt verlicht. We maken onderscheid in wegen buiten de bebouwde kom (Bubeko) en binnen de bebouwde kom (Bibeko).
5.4
Buiten bebouwde kom (BuBeKo)
De gemeente Leusden is verantwoordelijk voor de wegen in het buitengebied. Een groot deel is van de Provincie en Rijkswaterstaat. Deze eigenaren hebben hun eigen beleid dat van toepassing. Daar waar de gemeente zelf verantwoordelijk is geldt het onderstaande beleid.
5.4.1
Ontsluitingswegen Bubeko
Anders dan provinciale wegen hebben ontsluitingswegen Bubeko geen doorstromingsfunctie. Het zijn de alternatieve wegen voor de grote verbindingswegen van het provinciaal- en rijkswegennet. Lage intensiteit en de juiste wegprofielen zorgen voor voldoende verkeersveiligheid, hier wordt per definitie niet verlicht.
5.4.2
Woongebieden Bubeko
De gemeente Leusden beschouwt aaneengesloten bebouwing, zonder doorzichten en zonder komborden, als bebouwde kom. Deze gebieden worden op basis van Woongebieden BiBeKo verlicht. In alle andere gevallen wordt er niet verlicht. Indien de verlichting een significante bijdrage kan leveren aan de sociale veiligheid bij ander type woongebieden dan hierboven beschreven Bubeko, dan wordt verlichting overwogen.
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
18
5.4.3
Fietspaden Bubeko
Gemeente heeft een aantal vrij liggende fietspaden die gebruikt worden als verbindingsweg tussen de dorpen. De intensiteit op deze wegen tijdens duisternis is hoog gedurende de ochtend en avondspits. In het kader van verkeersveiligheid levert de verlichting in deze periodes een positieve bijdrage aan de verkeers- en sociale veiligheid, op deze hoofdfietsroutes wordt wel verlichting geplaatst. Op vrij liggende fietspaden (niet zijnde hoofdfietsroute) heeft verlichting voor sociale veiligheid alleen zin als er voldoende andere weggebruikers aanwezig zijn. De intensiteit tijdens duisternis is erg laag. Deze fietspaden worden per definitie niet verlicht.
5.4.4
Buitengebied
Alle andere wegen Bubeko worden niet verlicht. De verkeersintensiteit op deze wegen is dermate klein dat sociale veiligheid onmogelijk gewaarborgd kan worden. Verlichting levert altijd een bijdrage aan de verkeersveiligheid als het gaat om de interactie tussen weggebruikers, maar de interactiegraad is erg laag en daarmee is het risico ook erg laag.
5.5
Binnen bebouwde kom
Binnen de bebouwde kom wordt in Nederland over het algemeen verlicht. De functie van deze verlichting is een combinatie tussen diverse functies. In sommige gebieden overheerst de positieve werking van verlichting op de verkeersveiligheid, in andere gebieden meer op sociale en persoonlijke veiligheid. Ook beleving speelt een rol, centra kunnen bijvoorbeeld zo ontworpen worden dat ’s nachts een aangename omgeving ontstaat.
Leusden hanteert 80% van de NPR norm (Paragraaf 3.3).
5.5.1
Ontsluitingswegen Bibeko
Op de ontsluitingswegen Bibeko is er veelal sprake van gemengd verkeer (alle soort weggebruikers binnen het wegprofiel) met veel interactie tussen de verschillende verkeerssoorten en snelheden (auto’s vs. fietsers vs. voetgangers). De gevolgen bij een ongeval zijn door de verschillende snelheden groot. Dit maakt dat risico ook groot is. In dat kader is ervoor gekozen om deze wegen, vanwege de positieve bijdrage van verlichting aan de verkeersveiligheid, altijd te verlichten. Zodra de intensiteit van de gebruikers in het wegprofiel afneemt zal de verlichting omlaag worden geregeld. De verlichting zal in deze periodes haar bijdrage aan de verkeers- én sociale veiligheid moeten leveren.
5.5.2
Woongebieden Bibeko
In woongebieden is er een constante intensiteit van activiteiten van bewoners. De verlichting levert in woongebieden een bijdrage aan de verkeers- en sociale veiligheid. Vanwege het gebruik van deze wegen moet dat een constante factor zijn zodat na duisternis op een veilige en comfortabele wijze gebruik gemaakt kan worden van de wegen en haar omgeving. In dat kader is door de gemeente gesteld dat in woongebieden, alle percelen via een verlichte weg of pad te bereiken moeten zijn. Er wordt dus per definitie altijd verlichting aangebracht.
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
19
5.5.3
Achterpaden Bibeko
In het kader van PKVW (Politie Keurmerk) dienen achterpaden verlicht te worden. Echter, verlichting is slechts een onderdeel van vele maatregelen om een gebied aan het PKVW te laten voldoen. Soms is het eigendom van particulieren (Voorbeeld: Maanwijk). Achterpaden worden niet verlicht door de gemeente.
5.5.4
Centrumgebieden
In het centrumgebied is er een constante intensiteit van activiteiten van gebruikers. De verlichting levert in een centrum een bijdrage aan de verkeers- en sociale veiligheid. Ondanks dat er veel “externe” verlichting aanwezig is (reclame-, gevel-, vitrinelicht, etc), is de gemeente verantwoordelijk voor de openbare verlichting. Vanwege het gebruik zal de OVL een constante factor moeten zijn zodat na duisternis op een veilige en comfortabele wijze gebruik gemaakt kan worden van dit gebied. Er wordt dus per definitie altijd verlichting aangebracht. Daarnaast is het mogelijk om binnen de centrumgebieden af te wijken van de standaard verlichtingsmaterialen, zoals speciaal ontworpen armaturen. Dit ontwerp zal in samenspraak met bewoners en gebruikers worden vormgegeven.
5.5.5
Feestverlichting
De gemeente staat in bepaalde gevallen feestverlichting (Centrum) aan haar lichtobjecten toe. Hiervoor worden specifieke afspraken gemaakt zoals met winkeliersverenigingen. De aansluiting en energiekosten worden door de gemeente gefaciliteerd. De feestverlichting kan worden aangebracht door gebruik te maken van uitwendige stekkers op de lichtobjecten. De feestverlichting zelf dient te voldoen aan isolatieklasse II omdat de gemeente de aarde niet kan garandeerden.
5.5.6
Bedrijventerreinen
Leusden telt zeven bedrijventerreinen/werklocaties: De Horst, Princenhof, Paardenmaat, Ambachtsweg, Ruige Veld/Speelkamp, ’t Spiegel en De Fliert (Achterveld). Op bedrijventerreinen en kantoorgebieden is er veelal sprake van gemengd verkeer (alle soort weggebruikers binnen het wegprofiel) met veel interactie tussen de verschillende verkeerssoorten en snelheden (auto’s vs fietsers vs. voetgangers). De gevolgen bij een ongeval zijn door de verschillende snelheden groot. Dit maakt dat risico ook groot is. Na duisternis komt hier het aspect inbraakpreventie bij. In deze gebieden wordt de sociale veiligheid soms gecreëerd door het gebruik van cameratoezicht, hiervoor is voldoende verlichting nodig. Er is voor gekozen om deze gebieden, vanwege de positieve bijdrage van verlichting aan de verkeers- en sociale veiligheid, altijd te verlichten. Tevens wordt, in het kader van Samenleving Voorop, in samenspraak met de bedrijven bekeken in welke mate dimmen van de verlichting mogelijk en/of gewenst is.
5.5.7
Fietspaden Bibeko
Voor de juiste benadering wordt onderscheid gemaakt in hoofd- en secundaire fietspaden. Hoofd fietspaden zijn de paden die gebieden met een algemene functie (ziekenhuis, centrum, sportpark, etc) naar de verschillende woongebieden (wijken) ontsluiten. De secundaire fietspaden zorgen voor een “korte” route naar een specifiek gebied of huizengroep binnen een wijk. Om de verkeers- en sociale veiligheid in het fietsnetwerk te vergroten worden alleen de hoofdroutes verlicht. De gedachte hierbij is dat het onverlicht laten van secundaire routes, de intensiteit op de hoofdroutes zal toenemen. Hierdoor zal de sociale veiligheid op de hoofdroutes toenemen.
5.5.8
Parkeerplaatsen
Op parkeerplaatsen is er sprake van gemengd verkeer (alle soort weggebruikers binnen het wegprofiel) met veel interactie tussen de verschillende verkeerssoorten en snelheden (auto’s vs fietsers vs voetgangers). Dit maakt het belangrijk dat de gebruikers elkaar goed kunnen zien. Het risico op een aanrijding is dan ook relatief Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
20
groot. Er is voor gekozen om deze gebieden, vanwege de positieve bijdrage van verlichting aan de verkeers- en sociale veiligheid, altijd te verlichten. Tevens wordt een dimregime (tussen 23:00 en 06:00 uur dimmen naar 50%) toegepast
5.5.9
Parken en speelplaatsen
Bij duisternis bestaat de kans dat parken en speelplaatsen oneigenlijk gebruikt worden. Om het gebruik ervan te stimuleren tijdens de duisternis is het mogelijk om verlichting aan te brengen. Echter, een dergelijke “open” ruimte kan niet zodanig verlicht worden dat de gebruiker alles kan overzien. De aanwezigheid van verlichting creëert daarmee een vorm van schijnveiligheid. De gemeente wil dat voorkomen en zal parken en speelplaatsen per definitie niet verlichten.
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
21
6
Beheer, Onderhoud en Communicatie
Onder het beheer vallen organisatorische werkzaamheden die samenhangen met de aanleg en de instandhouding van de verlichtingsinstallatie. Hierbij horen de registratie van objecten en de planning van onderhoudsactiviteiten. De volgende paragrafen beschrijven hoe het beheer en onderhoud is geregeld in Leusden. Tevens beschrijft dit hoofdstuk hoe de gemeente communiceert naar en met haar burgers op het gebied van openbare verlichting.
6.1
Beheer en onderhoud
6.1.1
Gegevensbeheer
Het kunnen beschikken over de juiste gegevens over de installatie van de openbare verlichting is een eerste vereiste voor verantwoord beheer. Om te weten hoe oud een installatie is, uit welke onderdelen deze bestaat, wanneer delen vervangen dienen te worden of waar deze objecten zich bevinden, moeten deze gegevens goed bijgehouden worden. Het gaat om gegevens over de masten (type maar ook locatie), plaatsingsdatum, armaturen, lichtbrontype en vermogens. In het beheersysteem moeten de volgende gegevens daarom zo accuraat mogelijk worden bijgehouden: • Locatiegegevens: Deze zijn belangrijk voor het aansturen van de aannemer bij het repareren of vervangen van masten • Objectgegevens: Deze bestaan uit het type onderdelen, afmetingen, plaatsingsdata, levensduur, etc. Het betreft harde gegevens die de installatie beschrijven. Deze gegevens zijn nodig voor het bepalen van vervangingstermijnen en het budget dat daarvoor in de komende jaren noodzakelijk is De dagelijkse verwerking en aanpassingen worden gedaan door de aannemer.
6.1.2
Onderhoud
De onderhoudswerkzaamheden zijn onder te verdelen in preventief en correctief onderhoud. Preventief onderhoud omvat diverse werkzaamheden zoals onder andere mast en armatuurvervanging. Bij gepland vervangen van masten en armaturen spreekt men over groot onderhoud. Correctief onderhoud verhelpt schades en storingen. De beheeractiviteiten omvatten de organisatie van deze werkzaamheden. De aannemer voert de daadwerkelijke controlerondes, reparaties en vervangingen uit.
6.1.3
Correctief onderhoud
Er kunnen storingen en schades optreden, zoals incidentele uitval, aanrijdschades en vandalisme. Wanneer een lichtmast is aangereden ontstaan mogelijk gevaarlijke situaties. Masten liggen op de weg of elektrische onderdelen van de mast zijn aan te raken. Wanneer er schade door aanrijding is kan de schade verhaald worden op de dader (of zijn verzekeraar) en het Waarborgfonds (mits aanrijding aantoonbaar aanrijding door motorvoertuig). Soms is sprake van vandalisme, bijvoorbeeld veroorzaakt door vuurwerk. Dergelijke schade aan de OVL wordt niet vergoed door het Waarborgfonds. Dit dagelijkse onderhoud wordt gedaan door de aannemer.
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
22
6.1.4
Groot onderhoud
Verlichtingsmaterialen worden bij het bereiken van het einde van de levensduur vervangen. Voor masten en armaturen wordt een economische levensduur aangehouden van respectievelijk 40 en 20 jaar. Na deze periode neemt de kans op falen van componenten sterk toe, wat uiteindelijk kan leiden tot onveilige situaties. De lichtdoorlatendheid van armaturen neemt af in de tijd, waardoor onvoldoende verlichting aanwezig is. Daarnaast kunnen onveilige situaties ontstaan als masten omvallen of onderdelen van armaturen afbreken. De gemeente vervangt planmatig, waarbij vervanging van masten wordt gecombineerd met overige werkzaamheden aan bijvoorbeeld de weg of het riool. Bij civiele werkzaamheden wordt ook gekeken worden naar de staat van de openbare verlichting. Per situatie wordt beslist of de verlichting in aanmerking komt voor vervanging.
6.1.5
Service en meldpunt
Om storingen en schades in de openbare ruimte snel en adequaat af te handelen heeft de gemeente voor haar burgers een ‘meldpunt openbare ruimte’. Wanneer straatverlichting ’s avonds niet brandt, kan dit doorgegeven worden aan de gemeente via de website leusden.nl (Melding Openbare Ruimte) of aan het Klant Contact Centrum (KCC) via telefoonnummer 14033. Het is van belang dat bij een melding het nummer van de betreffende mast wordt doorgegeven. Het onderhoud van de verlichting is door de gemeente uitbesteed aan een externe aannemer. De aannemer ontvangt een e-mail dat er een klacht, schade of storing aan de openbare verlichting is. De aannemer voert reparatie of schadeherstel uit en meldt maandelijks terug en verwerkt het in het OVL- beheerbestand.
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
23
7
Financieel kader
Gemeenten zijn wettelijk verplicht hun uitgaven publiekelijk te verantwoorden. Financiële kaders omtrent verlichting in de openbare ruimte vallen uiteraard ook onder deze noemer. Dit hoofdstuk verschaft daarom inzicht in de benodigde budgetten bij het nieuw opgestelde beleid voor de openbare verlichting in Leusden voor de periode 2026 - 2035. Hier worden de toekomstige investeringen en kosten voor onderhoud- beheer en energieverbruik voor de gestelde beleidsdoelen beschreven. Deze bedragen worden afgezet in jaren van de beleidsperiode. De berekende bedragen zijn exclusief BTW. Prijsschommelingen van materialen en (energie) belastingen zijn niet meegenomen.
7.1
Investeringsopgave
Aan de hand van het opgestelde beleid is een financiële doorrekening gemaakt. Op basis van het areaalbestand, de leeftijden van materialen en kengetallen met betrekking tot de kosten voor het aanschaffen en vervangen van deze materialen, is jaarlijks berekend welke investeringen benodigd zijn om het verouderde areaal te vervangen. Omdat jaarlijks een aantal lichtmasten wordt vervangen, dienen er ook af- en heraansluitkosten aan de netbeheerder betaald te worden. Deze kosten zijn ook opgenomen in onderstaand overzicht.
Tabel: Investeringsopgave in beleidsperiode t/m 2035 - grafiek Overzicht totale kosten
2026
Investeringsopgave vervangen masten
€
Investeringsopgave vervangen armaturen
€
Investering in telemanagement systeem
€
Plaatsingskosten mast (incl. netbeheerders kosten)
€
Kosten af- en heraansluiten bij netbeheerder Totale kosten
2027
2028
2029
2030
€
106.733
€
106.733
€
106.733
€
142.014
-
€
20.577
€
35.026
€
130.764
€
32.434
-
€
1.317
€
7.419
€
27.990
€
3.457
198.022
€
164.327
€
164.327
€
164.327
€
202.622
€
2.500
€
2.500
€
2.500
€
2.500
€
2.500
€
341.025
€
297.481
€
318.033
€
434.343
€
385.058
Overzicht totale kosten
138.477
2031
2032
2033
2034
2035
Investeringsopgave vervangen masten
€
21.152
€
48.427
€
22.116
€
37.291
€
19.557
Investeringsopgave vervangen armaturen
€
177.946
€
54.960
€
37.353
€
88.753
€
41.915
Investering in telemanagement systeem
€
35.399
€
10.208
€
5.762
€
11.854
€
5.927
Plaatsingskosten mast (incl. netbeheerders kosten)
€
32.005
€
65.440
€
30.990
€
57.660
€
28.910
Kosten af- en heraansluiten bij netbeheerder
€
2.500
€
2.500
€
2.500
€
2.500
€
2.500
Totale kosten
€
271.033
€
183.567
€
100.755
€
200.092
€
100.844
Tabel: Investeringsopgave in beleidsperiode t/m 2035 – cijfers
De investeringskosten ten behoeve van uitbreidingslocaties zijn niet meegenomen in bovenstaand overzicht.
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
24
Deze kosten gaan mee in de projectkosten van de diverse locaties.
7.2
Jaarlijkse beheer- en onderhoudskosten
Om de kwaliteit en veiligheid van de gehele openbare verlichtingsinstallatie te waarborgen, dient er onderhoud en beheer uitgevoerd te worden. Hiertoe behoren werkzaamheden als het oplossingen van storingen en schades, het uitvoeren van stabiliteitsmetingen en het opstellen van bestekken en contracten (i.v.m. aanbestedingen). Ook de jaarlijkse energiekosten, de kosten voor een software-beheersysteem en de kosten voor het netbeheer behoren hierbij.
Tabel: Onderhoudskosten in beleidsperiode t/m 2035 - grafiek Overzicht totale kosten
2026
2027
2028
2029
2030
Jaarlijkse onderhoudskosten (correctief en preventief) ¹
€
130.566
€
144.693
€
158.820
€
172.947
€
Extra kosten beheer en onderhoud na uitbreiding ²
€
3.917
€
4.341
€
4.765
€
5.188
€
5.612
Stabiliteitsmetingen (om de 5 jaar)
€
-
€
-
€
-
€
-
€
15.000
Jaarlijkse kosten netbeheerder
€
120.000
€
120.000
€
120.000
€
120.000
€
120.000
Kosten bestek- en contractvoorbereiding Jaarlijkse kosten beheersysteem ³
€
-
€
-
€
25.000
€
-
€
-
€
6.300
€
6.615
€
6.946
€
7.293
€
7.658
Kosten eigen risico (schades) en overige kosten
€
25.000
€
25.000
€
25.000
€
25.000
€
25.000
Jaarlijkse energiekosten
€
90.000
€
90.000
€
90.000
€
90.000
€
90.000
Jaarlijkse inverstering duurzaamheid
€
10.000
€
10.000
€
10.000
€
10.000
€
10.000
Totale kosten
€
385.783
€
400.649
€
440.530
€
430.428
€
460.344
Overzicht totale kosten
2031
2032
2033
2034
187.074
2035
Jaarlijkse onderhoudskosten (correctief en preventief) ¹
€
201.201
€
86.175
€
86.175
€
86.175
€
Extra kosten beheer en onderhoud na uitbreiding ²
€
6.036
€
2.585
€
2.585
€
2.585
€
2.585
Stabiliteitsmetingen (om de 5 jaar)
€
-
€
-
€
-
€
-
€
15.000
Jaarlijkse kosten netbeheerder
€
120.000
€
120.000
€
120.000
€
120.000
€
120.000
Kosten bestek- en contractvoorbereiding Jaarlijkse kosten beheersysteem ³
€
25.000
€
-
€
-
€
25.000
€
-
€
8.041
€
8.443
€
8.865
€
9.308
€
9.773
Kosten eigen risico (schades) en overige kosten
€
25.000
€
25.000
€
25.000
€
25.000
€
25.000
Jaarlijkse energiekosten
€
90.000
€
90.000
€
90.000
€
90.000
€
90.000
Jaarlijkse inverstering duurzaamheid
€
10.000
€
10.000
€
10.000
€
10.000
€
10.000
Totale kosten
€
485.278
€
342.203
€
342.625
€
368.068
€
358.534
86.175
Tabel: Onderhoudskosten in beleidsperiode t/m 2034 – cijfers
7.3
Verloop van de energiekosten
Leusden heeft fors geïnvesteerd in LED-verlichting. Daarmee nemen tegelijkertijd de onderhoudskosten fors af. Bij LED-verlichting is lampvervanging namelijk niet meer nodig. Ook het aantal storingen bij LED-verlichting Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
25
ligt vele malen lager dan bij conventionele verlichting. Dit heeft een besparing opgeleverd in onderhoudskosten, maar ook een reductie in CO2-uitstoot en een vermindering van verkeershinder.
Figuur: Het verloop van de energieverbruik t/m 2024
7.4
Totale jaarlijkse kosten
Nu de jaarlijkse investeringsopgave en de jaarlijkse beheer- en onderhoudskosten bekend zijn, kunnen de totale jaarlijkse kosten inzichtelijk worden gemaakt. Door vroegtijdig te investeren in het verduurzamen van het areaal, nemen zowel de jaarlijkse onderhouds- alsmede de energiekosten af. De jaarlijkse besparingen die met voorgestelde beleidsmaatregelen worden behaald, staan vermeld in paragraaf 6.1.4. In onderstaande tabel staan de jaarlijkse totale kosten vermeld wanneer voorgestelde beleidsmaatregelen worden uitgevoerd in de periode t/m 2035.
Tabel: Overzicht van alle jaarlijkse kosten in de periode t/m 2035 - grafiek
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
26
Overzicht totale kosten
2026
2027
2028
2029
2030
Investeringsopgave vervangen masten
€
138.477 €
106.733 €
106.733 €
106.733 €
142.014
Investeringsopgave vervangen armaturen
€
-
€
20.577 €
35.026 €
130.764 €
32.434
Investering in telemanagement systeem
€
-
€
1.317 €
7.419 €
27.990 €
3.457
Plaatsingskosten mast (incl. netbeheerders kosten)
€
198.022 €
164.327 €
164.327 €
164.327 €
202.622
Kosten af- en heraansluiten bij netbeheerder Jaarlijkse onderhoudskosten (correctief en preventief) ¹
€
2.500 €
2.500 €
2.500 €
2.500 €
2.500
€
130.566 €
144.693 €
158.820 €
172.947 €
187.074
Extra kosten beheer en onderhoud na uitbreiding ²
€
3.917 €
4.341 €
4.765 €
5.188 €
Stabiliteitsmetingen (om de 5 jaar)
€
-
Jaarlijkse kosten netbeheerder
€
120.000 €
120.000 €
Kosten bestek- en contractvoorbereiding Jaarlijkse kosten beheersysteem ³
€
-
-
€
€
6.300 €
6.615 €
6.946 €
7.293 €
7.658
Kosten eigen risico (schades) en overige kosten
€
25.000 €
25.000 €
25.000 €
25.000 €
25.000
Jaarlijkse energiekosten
€
90.000 €
90.000 €
90.000 €
90.000 €
90.000
Jaarlijkse inverstering duurzaamheid
€
10.000 €
10.000 €
10.000 €
10.000 €
10.000
Totale kosten
€
724.782 €
696.103 €
756.535 €
862.743 €
843.371
Overzicht totale kosten
€
-
€
2031
€
2032
-
€
5.612
€
15.000
120.000 €
120.000 €
120.000
25.000 €
-
2033
-
€
2034
-
2035
Investeringsopgave vervangen masten
€
21.152 €
48.427 €
22.116 €
37.291 €
19.557
Investeringsopgave vervangen armaturen
€
177.946 €
54.960 €
37.353 €
88.753 €
41.915
Investering in telemanagement systeem
€
35.399 €
10.208 €
5.762 €
11.854 €
5.927
Plaatsingskosten mast (incl. netbeheerders kosten)
€
32.005 €
65.440 €
30.990 €
57.660 €
28.910
Kosten af- en heraansluiten bij netbeheerder Jaarlijkse onderhoudskosten (correctief en preventief) ¹
€
2.500 €
2.500 €
2.500 €
2.500 €
2.500
€
201.201 €
86.175 €
86.175 €
86.175 €
86.175
Extra kosten beheer en onderhoud na uitbreiding ²
€
6.036 €
2.585 €
2.585 €
2.585 €
Stabiliteitsmetingen (om de 5 jaar)
€
-
Jaarlijkse kosten netbeheerder
€
120.000 €
120.000 €
Kosten bestek- en contractvoorbereiding Jaarlijkse kosten beheersysteem ³
€
25.000 €
-
€
8.041 €
Kosten eigen risico (schades) en overige kosten
€
Jaarlijkse energiekosten
€
Jaarlijkse inverstering duurzaamheid Totale kosten
€
-
€
€
-
2.585
€
15.000
120.000 €
120.000 €
120.000
-
€
25.000 €
-
8.443 €
8.865 €
9.308 €
9.773
25.000 €
25.000 €
25.000 €
25.000 €
25.000
90.000 €
90.000 €
90.000 €
90.000 €
90.000
€
10.000 €
10.000 €
10.000 €
10.000 €
10.000
€
754.280 €
523.738 €
441.347 €
566.126 €
457.342
€
-
Tabel: Overzicht van alle jaarlijkse kosten in de periode t/m 2035 - cijfers ¹ In 2031 loopt de huidige overeenkomst af en voor 2032 en verder zijn gemiddelde bedragen ingevuld op basis van de huidige overeenkomst ² Voor de uitbereiding van het areaal is 3% aangehouden ³ Voor het beheersysteem is een index van 5% aangehouden
Beleidsplan Openbare Verlichting - Gemeente Leusden 2026-2035
27