vooraf gestelde vragen en antwoorden
Tekst van het document
Vraag t.b.v. aanstaande cie BM 13sep23 Join 2023-141 Vraag t.b.v. commissievergadering
Naam commissie: Bestuur en middelen Datum vergadering: 13 sep 2023
Afkomstig van
Leo Schouten
Politieke groepering
D66
Datum binnenkomst vraag op raadsgriffie
9 september 2023
Portefeuillehouder
Alle portefeuillehouders
Domein / Team
Dienstverlening / Advies
raadsvragenboek+ onderwerp
2023-141 Vragen tbv cie bm vereiste aanpassingen als gevolg wetswijziging WGR (agendapunt 6b)
Concrete vragen
In verscheidene reglementen is nu een optie opgenomen dat de GR kan besluiten tot “de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang". Niet in alle regelingen (Westrom en Grenspark niet) is dit opgenomen, en sommige melden dat de gemeenteraden in de gelegenheid worden gesteld zienswijzen in te dienen (bijvoorbeeld RUD NL, Omnibuzz) en de meeste anderen voegen de mogelijkheid toe, zonder te melden dat de raden zienswijzen daarover kunnen indienen. Deze wijziging is mogelijk op basis van de nieuwe WGR, maar niet alles wat kan, hoeft. Vragen: 1. Aan wat voor zaken moet ik dan denken? 2. Hebben de GR'en die hiervoor kiezen een motivatie aangegeven? 3. Betekent dit dat de gemeentes/gemeenteraden verder op afstand kunnen worden gezet, omdat dan bepaalde taken elders zijn ondergebracht en er geen invloed meer op kan worden uitgeoefend? 4.
5.
Ambtelijk advies
In de regeling van de RUD NL is nu een artikel 28 opgenomen, waarin staat dat het DB de hoofdstructuur bepaald. Niet het AB, maar het DB. Wat de hoofdstructuur van de organisatie is, is niet gedefinieerd. De RUD nam oorspronkelijk niet deel, omdat zij een apart wijzigingstraject doorliepen (medegedeeld in januari in Maasgouw op voorlichtingsavond), is de RUD hier van mening veranderd? Het lijkt dat de structuur van de RUD niet wordt gewijzigd. Ook ontbreekt nog een verrekening bij onevenwichtige bijdrages van gemeentes.
Datum: Advies: De vragen als volgt beantwoorden
1.
Allereerst: deze toevoeging is geen gevolg van een wetswijziging. Deze bevoegdheid stond al in de wet, namelijk in artikel 31a Wgr. In het eerste lid van dit artikel staat dat het Algemeen Bestuur kan besluiten tot oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang (citaat zin in vraag). In het tweede lid van dit artikel staat dat het besluit niet wordt genomen dan nadat de raden van de deelnemende gemeenten een ontwerpbesluit is toegezonden en in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen ter kennis van het algemeen bestuur van het openbaar lichaam of het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie te brengen. Dus in de wet staat al een verplichte zienswijzeprocedure. Dit betekent dat in alle gevallen waarin deze bevoegdheid is opgenomen in de regeling, heb je als raad een zienswijzebevoegdheid voordat er bijv. een vennootschap wordt opgericht. Feit is dat je als GR deze bevoegdheid hebt als je hem ook in de regeling opneemt.
En bij het opstellen van de wijzigingen zijn er een paar regelingen die hebben gezegd: ‘Deze mogelijkheid geeft de wet ons, maar die hebben we helemaal niet opgenomen in onze regeling en daar is wel behoefte aan.’ Dus vandaar dat sommige regelingen ervoor hebben gekozen om deze wijziging direct op te nemen in de regeling. Dus: Je mag niet besluiten tot oprichting van een vennoot als je dat niet hebt opgenomen in je regeling, want dan ben je daar niet toe bevoegd. Als je het wel wilt, dan is het verplicht om het in de regeling op te nemen (art 33a lid 1 Wgr). En als je het doet, dan ben je verplicht om zienswijze te vragen aan de raden, ook al heb je dat niet expliciet in de regeling opgenomen. Deze zienswijzeverplichting vloeit voort uit de wet, ex art. art. 33a lid 2 Wgr. Dus hiervoor geldt de primaire vraag: wil je deze bevoegdheid hebben als GR? Het is gangbaar om het op te nemen in de regelingen. Aan welke zaken moet je dan denken? Bijv. een personeels BV. Personeel met een afstand tot de arbeidsmarkt zitten over het algemeen in een aparte BV, om ervoor te zorgen dat die uiteindelijk ook gescheiden wordt gehouden van de bedrijfsvoering.
2.
Zoals geschetst kun je de bevoegdheid beter opnemen in de regeling, waarbij je altijd de raden als waarborg hebt via de verplichte zienswijzeprocedure. Dan dat het überhaupt niet kan, omdat de bevoegdheid niet is opgenomen in de regeling.
3.
Nee, juist niet. Juist omdat je de verplichte zienswijzeprocedure hebt ex art. 31a lid 2 Wgr. Dus het kan nooit tot stand komen zonder dat het langs de raden van de deelnemende gemeenten is geweest.
4.
In het artikel staat: ‘de ambtelijke organisatie van de uitvoeringsdienst’. En dat is een uitvoeringstaak. En uitvoeringstaken behoren toe aan het Dagelijks Bestuur. In grote lijnen: begroting, jaarrekeningen en
meerjarenplannen zijn taken die behoren toe aan het Algemeen Bestuur. Het overige zit bij het Dagelijks bestuur. 5.
Besluit college of portefeuillehouder
De RUD is inderdaad later ingestapt bij dit gezamenlijk traject (medio Q2 2023), omdat zij toch die wetswijzigingen moesten verwerken. En het onderdeel ‘verrekening’ (zoals structuurwijzigingen en de daar bijhorende jaarlijkse bijdrage) is een traject wat hierna wordt opgepakt. De verwachting is immers dat laatstgenoemd traject langer duurt en er kan niet langer worden gewacht tot doorvoering van de wetswijzigingen in de regeling. Deze planning is ook zo bestuurlijk afgestemd.
Datum: Besluit van (wie): Besluit luidt: