vooraf gestelde vragen en antwoorden
Tekst van het document
Vraag t.b.v. aanstaande cie BM 13sep23 Join 2023-143 Vraag t.b.v. commissievergadering
Naam commissie: Bestuur en middelen Datum vergadering: 13 september 2023
Afkomstig van
Leo Schouten
Politieke groepering
D66
Datum binnenkomst vraag op raadsgriffie
9 september 2023
Portefeuillehouder
M. Graef
Domein / Team
Ruimte / Ontwikkeling
raadsvragenboek+ onderwerp
Agendapunt 6d Centrumregeling RES NML
Concrete vragen
Agendapunt 6d, Centrumregeling RES NML
1. 1.Klopt mijn indruk dat voor het reglement van de RES geen
gebruik is gemaakt van de aanbevelingen voor GR'en om de reglementen aan te passen (zoals bij punt 6b) aan de wetswijziging. Ik zie niets staan over participatie, inspraak, zienswijzen e.d. Ook is de procedure voor gemeentes die willen uittreden afwijkend van de andere GR'en, zo zouden gemeentes niet voor 2030 mogen uittreden.
Ambtelijk advies
Datum: 13-9-2023 Advies: De vragen als volgt beantwoorden 1. Nee, dat klopt niet. Bij de wijzigingsvoorstellen is wel rekening gehouden met het uniforme traject voor de wijziging van de gemeenschappelijke regelingen. Voor RES NML geldt echter een bijzonderheid: het is een zogenaamde centrumregeling. Dat is een lichte samenwerkingsconstructie waarbij er geen bevoegdheden komen te rusten bij de GR en er geen nieuwe organisatie wordt opgericht. De gemeente Venlo treedt bij de RES NML op als zogenaamde centrumgemeente en voert – op basis van mandaten – voor alle deelnemers taken uit. Doordat er geen aparte organisatie wordt opgericht en er geen apart bestuur komt, heeft de wetswijziging slechts zeer beperkte effecten. Voor RES NML gelden alleen de wijzigingen over evaluatie en uittreding. De andere wijzigingen (zienswijze, participatie, inspraak) gelden niet voor RES NML omdat de colleges en raden het bevoegd gezag blijven. Er wordt niets "verplaatst" naar een bestuur. Het klopt wel dat de uittredingsbepaling anders is dan regelingen die deelnemen aan het gezamenlijke traject. De reden daarvoor is, dat die uittredingsregelingen uitgaan van beslissingsbevoegdheid van het AB. Nu de RES NML geen bestuur krijgt, kan het AB niets beslissen en is er ook geen ander gezamenlijk orgaan waar die
beslissing aan kan worden overgedragen. Om die reden is voor de uittredingsregeling van RES NML maatwerk toegepast. Beoogd is om duidelijkheid te scheppen zónder dat daar t.z.t. door alle deelnemers apart beslissingen over moeten worden genomen. De uittredingsregeling zoals die thans wordt voorgesteld, is bestuurlijk grondig besproken, waarbij ervoor is gekozen om uittreding tot 2030 onmogelijk te maken. De reden daarvoor is omdat de RES gelden vanuit het Rijk tot die termijn "veilig" zijn gesteld. Voor eventuele uittredingen na 2030 is duidelijk in het oog gehouden dat de blijvende deelnemers niet met hogere kosten worden geconfronteerd.
Besluit college of portefeuillehouder
Datum: 13-9 Besluit van (wie): M. Graef Besluit luidt: Akkoord