Visiedocument Wijnaerden
Tekst van het document
VISIEDOCUMENT WIJNAERDEN
Inhoud Inleiding
P .02
Plan Wijnaerden
.03
Proces
.05
Visie: 4 thema’s
.08
Eindplan
.22
01
Inleiding Sinds 1997 wordt door Zand- en Grindbedrijf Kuypers B.V. (ook wel Kuypers Kessel genoemd) gewerkt aan een ontgronding annex hoogwatergeul tussen de kernen Neer en Buggenum, in de gemeente Leudal. Onder andere vanwege nieuwe eisen en beleidsambities ten aanzien van hoogwaterbescherming (meer ‘ruimte voor de rivier’), is het initiatief ontstaan om ten zuiden en ten westen van de bestaande winlocatie een groter gebied te ontwikkelen. Het oorspronkelijke inrichtingsplan is daarom samen met diverse overheden doorontwikkeld tot een volledig nieuw plan, waarbij een totale gebiedstransformatie tussen de haven van Hanssum en kerkdorp Buggenum plaatsvindt. De bestaande intensieve veehouderij op de locatie Zwaarveld 1 wordt gesaneerd, waardoor er ook ruimte vrij komt voor andere ontwikkelingen in het gebied. Dit leidt uiteindelijk tot de integrale gebiedsontwikkeling Wijnaerden.
Om de plannen voor gebiedsontwikkeling Wijnaerden te concretiseren is op verzoek van de gemeente in 2013 een klankbordgroep samengesteld waar lokale belangenbehartigers in plaatsnemen. Dit heeft destijds geleid tot het uiteindelijke voorkeursalternatief, wat de basis heeft gevormd voor de vergunningverlening en de bestemmingsplanwijziging. Na het verkrijgen van de vergunningen is Kuypers doorgegaan met deze samenwerking om tot een gedetailleerd plan voor Wijnaerden te komen. Gedurende de afgelopen twee jaar is in diverse werkateliers en reguliere klankbordgroepbijeenkomsten toegewerkt naar het gedetailleerde plan waar de klankbordgroep (+ de omgeving) de input voor heeft geleverd. Deze input is aan de hand van vier thema’s (water, recreatie&toerisme, natuur&landschap en agrarisch), die een nadrukkelijke rol in het gebied (gaan) spelen, tot stand gekomen en vertaald naar deze visie die als onderligger dient voor het gedetailleerde plan van Wijnaerden, waarbij tevens concrete projecten voor de verbetering van de recreatieve infrastructuur, toerisme en natuur in benoemd zijn. Een visie van de streek voor de streek zogezegd.
02
Plan Wijnaerden De winning van bouwgrondstoffen wordt binnen de gebiedsontwikkeling Wijnaerden ingezet als motor voor een totale gebiedstransformatie tussen de haven van Hansum en het kerkdorp Buggenum. Het betreft een project met een meervoudige doelstelling waarbij er naast hoogwaterveiligheid (er wordt meer ruimte voor de rivier gecreëerd middels een hoogwatergeul) ook ruimte wordt gecreëerd voor natuur- en recreatie ontwikkeling in het gebied. Het plan omhelst de volgende maatschappelijke meerwaarde: • Hoogwaterstandsdaling (78 mm totaal Wijnaerden en Meeuwissenhof) • Natuurontwikkeling • Verbetering waterstand Buggenumse veld • Sanering IV bedrijf Zwaarveld 1 te Neer incl. asbestsanering • Opwaardering recreatieve infrastructuur • Behoud goudgroene natuur • Verbeteren kwelsituatie (incl. Bouxweerd) • Mogelijkheid voor recreatie en toerisme • Behoeftevoorziening bouwgrondstoffen Op 28 augustus 2018 vond de officiële start plaats van de uitvoering van de gebiedsontwikkeling Wijnaerden. Naast de winning van bouwgrondstoffen is tevens begonnen met de sloop van het intensieve veehouderij bedrijf aan Zwaarveld 1 te Neer, worden de oevers gereed gemaakt voor natuurontwikkeling en is met de peilopzet in de plas al een verbetering van de grondwaterstand in het Buggenumse Veld merkbaar.
03 03
Sloop Zwaarveld 1 te Neer Met de sloop en sanering van het IV bedrijf wordt er circa 35 Mol stikstofdepositie uit het gebied gehaald. Dit is een grote winst voor de omringende natuur en levert bovendien een positieve bijdrage voor de instandhoudingsdoelstellingen van de naastgelegen Natura 2000 gebieden Leudal en Swalmdal. Daarnaast vindt er een asbestsanering plaats van circa 13.200 m2, welke een grote winst betekend voor het milieu. Naast de landschappelijke verbetering door het weghalen van de oude stallen uit het stroomdal van de Maas wordt de mogelijkheid gecreerd voor eventuele recreatieve ontwikkelingen op deze locatie. Daarnaast werkt deze landschappelijke verbetering tevens door naar het gehele plangebied. Zo wordt de weg vrijgemaakt voor een noordzuid georiënteerd netwerk van verschillende fiets, wandel en struinpaden tussen Hanssum, Neer en Buggenum.
04 04
De 4 thema’s In het plangebied spelen vier thema’s een belangrijke rol. In de zoektocht naar een juiste balans tussen allen, rekening houdend met de doelstellingen uit het plan Wijnaerden, is de visie van plan Wijnaerden opgebouwd aan de hand van deze thema’s:
Proces Het plan Wijnaerden is aan de hand van diverse inloopavonden, uitkomsten van (milieu)onderzoeken en de klankbordgroep (zie blz. 07) tot stand gekomen. Na het onherroepelijk worden van de vergunningen en het bestemmingsplan op 9 mei 2018 is er met de klankbordgroep gestart met het definitief maken van het plan van de eindtoestand. Aan de hand van 4 thema’s heeft de klankbordgroep zich gebogen over de vragen: - Wat is er al? - Waar wil je meer van? - Wat is er mogelijk en hoe? Dit heeft zoveel ideeën opgeleverd dat er per thema een ‘mindmap’ opgemaakt kon worden. Via de mindmaps werd duidelijk welke thema’s belangrijk waren, maar ook dat er op bepaalde plaatsen een kruisbestuiving plaatsvindt tussen de thema’s. Zo werd er bij het thema ‘agrarisch’ veelvuldig gesproken over agrarisch natuurbeheer, terwijl er bij het
02 05
Klankbordgroep Wijnaerden De gemeenteraad besluit op 3 september 2013 in te stemmen met de verdere uitwerking van de gebiedsontwikkeling van het project Wijnaerden, waarbij uitgegaan wordt van variant 2 (natuur & waterrecreatie). Om de plannen verder te concretiseren is op verzoek van de gemeente Leudal een klankbordgroep samengesteld waar lokale belangenbehartigers in plaatsnemen. De klankbordgroep Wijnaerden is als volgt samengesteld: - Dorpsoverleg Neer - Dorpsraad Buggenum - HSV Leudal - Studiegroep Leudal - Routebureau - WSV Hanssum - Land van Horne - Eigenaar Bouxweerd - Omwonenden - Ondernemers/horeca Neer - Staatsbosbeheer - LLTB - Plattelandcoöperatie/IKL - NMF Limburg - Gemeente Leudal - Kuypers Kessel - Groen en Co (Jan van de Mortel, landschapsarchitect) De klankbordgroep wordt geleid door onafhankelijk voorzitter: H. Corsten.
Reeds aan het begin van de planvorming heeft de klankbordgroep meegedacht met de uiteindelijk invulling van het plan. Vanwege diens (lokale) kennis en kunde hebben we het plan kunnen optimaliseren en verder doorvertaald naar concrete projecten.
06
thema ‘natuur en landschap’ juist in belangrijke mate over wildbeheer gesproken werd. Ook bij het thema ‘water’ werd veelvuldig de relatie met de landbouw in het Buggenumse Veld besproken. Deze mindmaps zijn zo goed als het kan doorvertaald naar aparte thema schetsen. Op deze manier werd snel duidelijk welke wensen complimentair aan elkaar waren en welke elkaar tegenspraken. Op basis van de schetsen vond bovendien een eerste (technische) toetsing plaats (hydraulica, MER, grondbalans, bestemmingsplan) De thema schetsen zijn vervolgens gebruikt om een verdiepingsslag te maken per thema. Tijdens een nieuwe werksessie met de klankbordgroep is gevraagd om aan de hand van de schetsen per thema een aantal concrete (inrichtings)projecten te benoemen. Dit heeft uiteindelijk geresulteerd in een viertal definitieve thema kaarten waaruit enerzijds het definitief plan van de eindtoestand wordt opgemaakt en anderzijds dient als voedingsbodem voor de inrichtingsvoorstellen die per fase voorgelegd worden aan de gemeenteraad. Water
Recreatie & Toerisme
De 4 thema kaarten Natuur & Landschap
Agrarisch
Mindmaps
07
Water
Recreatie & Toerisme
de Visie: 4 thema’s Natuur & Landschap
Agrarisch
Water Het thema water speelt bij plan Wijnaerden vanzelfsprekend een belangrijke rol. Uitgangspunt bij de verdere uitwerking van de planvorming was dan ook dat de hoogwaterveiligheids doelstellingen gerealiseerd en ten alle tijden geborgd dienden te blijven. De hoogwatergeul biedt echter ook andere kwaliteiten. Omdat het een gesloten plas betreft wordt de plas hoofdzakelijk met grondwater gevoed, waardoor deze eventueel dienst kan doen voor de naastgelegen landbouw, maar levert het ook andere biotopen op ten opzichte van de geulen die in verbinding staan met de Maas.
Natuur & Landschap Reeds bij het toewerken naar het plan Wijnaerden is er voor gekozen om de goudgroene natuurzone in het midden van het plangebied te behouden en te versterken. Dit geldt ook voor andere landschappelijke kwaliteiten in het gebied, zoals o.a. de bomen langs de Groezeweg. De landtong langs de Maas wordt zodanig gemoduleerd dat deze dienst doet als vluchtroute voor wild. Er worden speciale biotopen gerealiseerd voor o.a. de otter, patrijzen en oeverzwaluwen. De land- en waterovergangen worden dusdanig afgewerkt en beheerd dat deze geschikt zijn voor de gewenste specifieke natuurdoeltypen.
Recreatie & Toerisme Met de sloop van het intensieve veehouderij bedrijf krijgt het totale gebied landschappelijk een enorme boost, waardoor een onafgebroken aantrekkelijke recreatieve verbinding tussen Hanssum/Neer en Buggenum ontstaat. De kleine hoogwatergeul wordt opengesteld voor extensieve watersport, die vanuit Haven Hanssum makkelijk bereikt kan worden. De hogergelegen gedeelten worden omgevormd tot resp. landgoed ‘Verheijen’ en ‘Wienerte’, waar tevens ruimte wordt geboden voor recreatieve ontwikkelingen en horeca. Er wordt aandacht gegeven aan de Peelrandbreuk die dwars door het gebied loopt en de ‘verzonken boerderij’.
Agrarisch Belangrijk item in het gebied is dat aan de Maaszijde nog steeds een landbouwgebied (Bouxweerd) ligt dat ten alle tijden goed bereikbaar en toegankelijk dient te blijven. Er wordt gekozen voor agrarisch natuurbeheer, bij voorkeur door lokale agrariërs. Het water uit de grote hoogwatergeul is beschikbaar voor een netwerk t.b.v. agrarische doeleinden. In verband met de realisatie van een doorstroombaar uiterwaarden landschap wordt er gestreefd naar een korte grazige vegetatie. Door op verschillende gebieden de begrazingsintensiteit flexibel te laten en af te wisselen met maaien en afvoeren ontstaat een gevarieerd landschap en levert het tevens een bijdrage aan de biodiversiteit.
Water
Water Het plangebied laat zich kenmerken als een doorstroombaar uiterwaarden landschap waar twee hoogwatergeulen, met beide een eigen karakter, gaan meestromen als de waterafvoer van de Maas om meer ruimte vraagt. Gezien de grote hoogwatergeul een gesloten plas betreft wordt deze hoofdzakelijk gevoed door grondwater. Het water in deze plas is daarom van uitstekende kwaliteit. De tweede, kleinere, hoogwatergeul wordt gevoed met Maaswater. Vanwege het verschil in diepte en waterkwaliteit ontstaan bij beide geulen verschillende (onder)waterbiotopen en oevervegetaties. Vanwege de verschillende peilniveau’s treedt er kwel op naar het tussengelegen natuurgebied en de Bouxweerd. Bovendien heeft de peilopzet van 15.75+ NAP in de grote hoogwatergeul een positief effect op de grondwaterstand in het Buggenumse Veld en Natura 2000 gebied Leudal. De kleine hoogwatergeul met een stuwpeil 14.15+ NAP stroomt circa 50 dagen mee met de Maas. De grote hoogwatergeul doet dit als het echt kritisch wordt, naar verwachting zal dit ongeveer 6 dagen per jaar gebeuren. De instroom van de kleine hoogwatergeul wordt gecombineerd met een kleine waterverbinding uit de Bouxweerd die gerealiseerd gaat worden uit een project van Rijkswaterstaat in het kader van de Kader Richtlijn Water. Deze beleidslijn heeft als doel om de kwaliteit van oppervlakte- en grondwater in Europa te bevorderen.
De instroom van de grote hoogwatergeul wordt middels een ondiepe groene geul vanuit de Kerkeweerd gevoed.
11
Het water uit de grote hoogwatergeul kan beschikbaar zijn voor de aanleg van een netwerk ten behoeve van agrarische doeleinden. Via een elektrisch aangedreven pompen leidingsysteem kunnen, in tijden van droogte, aangrenzende landbouwpercelen in het Buggenumse Veld beregend worden. Vanwege de klimaatverandering is het aannemelijk dat in de nabije toekomst verdroging van landbouwgebieden ontstaat vanwege extreme hitte die bovendien langer aanhoudt dan normaal. Teveel water is een probleem, maar te weinig ook. Via een dergelijk systeem neemt de druk op het (dan dalende) grondwater af en vanwege de samenwerking van agrariërs wordt er niet langer individueel met diesel aggregaten grondwater opgepompt. Goed voor het milieu en uiteindelijk ook voor de portemonnee. Daarnaast heeft de opstuwing van grondwater een positief effect op de oostelijk gelegen natuurgebieden. Tezamen met de aan te leggen hoogwatergeul bij Meeuwissenhof te Kessel wordt met de gebiedsontwikkeling Wijnaerden 78 mm hoogwaterstandsdaling gecreëerd. Dit is meer dan 10% van de totale Limburgse opgave in het kader van het Deltaprogramma. Gezien ingrepen stroomopwaards hun effect hebben, hebben de hoogwatergeulen direct effect voor de kernen Hanssum, Buggenum en Roermond en omstreken.
Hoogwater 1993-95….. en 2011 In 1993 kwamen er in december, na een periode van aanhoudende regen, hoge waterstanden voor in het stroomdal van de Maas. Ongeveer 8% (18.000 ha) van het oppervlakte van de provincie Limburg stond destijds onder water. Aan de westzijde van de Maas werd Neer zelfs het zwaarst getroffen van alle kernen. Ruim een jaar later, in januari 1995 kwam het water opnieuw tot extreme hoogte. Als er over hoogwater gesproken wordt in Limburg dan wordt er altijd gerefereerd aan de jaren 93 en 95. Wat echter vaak vergeten wordt is dat in 2011 nagenoeg dezelfde hoogwaterstand bereikt werd. Met een stand van 19.85 + NAP stond de Maas destijds bijna 6(!) meter hoger dan normaal. Het klimaat verandert en daarmee zullen extremen zoals bijvoorbeeld de jaren 93,95 en 2011 steeds vaker voor gaan komen. Het bieden van o.a. ruimte aan de Maas in tijden van hoogwater voorkomt dat men op (ongewenste) plekken natte voeten krijgt.
Recreatie & Toerisme
Recreatie & Toerisme Met de sloop en sanering van het Intensieve veehouderij bedrijf ontstaat er een milieutechnische en landschappelijke verbetering die direct doorwerkt naar de verdere (verblijfs-) recreatieve ontwikkeling van het gehele plangebied. Zo wordt o.a. de weg vrijgemaakt voor een noord-zuid georiënteerd netwerk van verschillende fiets, wandel en struinpaden tussen Hanssum, Neer en Buggenum. Deze paden worden zoveel mogelijk aangesloten op het bestaande regionale routenetwerk, maar dienen tevens ook als ‘ommetjes’ vanuit de kernen Neer, Hanssum en Buggenum. Uiteraard worden er voldoende rustmomenten naast deze routes gecreëerd door het plaatsen van bankjes en infozuilen. Stapt men net buiten de gebaande paden dan zijn er langs de oever van de Maas en elders in het plangebied uitkijkplaatsen/vogelhutten waar men, zonder ze te storen, de vogels kan bewonderen die van dit waterrijke gebied gebruik maken. De westoever van de grote hoogwatergeul wordt ingericht ten behoeve van de hengelsport, inclusief een aantal langsparkeerplaatsen langs de Arixweg. Op deze manier wordt met name de doorgang van het landbouwverkeer wat geregeld gebruikt maakt van deze weg niet belemmerd. De kleine hoogwatergeul wordt geschikt gemaakt voor extensieve watersport (zeilen) en recreatief medegebruik.
Er worden een aantal aanleg plekken gecreëerd nabij de landgoederen ‘Verheijen’ en ‘Wienerte’. De twee ‘hoger’ gelegen woongedeelten in het plangebied worden omgevormd naar landgoederen. Op deze landgoederen is ruimte voor (de bestaande) woningen, verblijfsrecreatie, landerijen, tuinen en (voedsel) bossen. Landgoed Wienerte heeft een sterk cultuurhistorisch karakter vanwege de twee bestaande
14
Van 200 naar max. 26 (recreatie)wooneenheden Voor de uitwerking van de plannen van Wijnaerden heeft de gemeenteraad destijds gekozen voor een nadere uitwerking van ‘variant 2’. In deze variant waren oorspronkelijk 200 recreatiewoningen voorzien op de terp waar de intensieve veehouderij is gesloopt. Marktonderzoek van de ‘RO Groep’ en advies vanuit de klankbordgroep geeft echter te kennen dat een dergelijke grootschalige ontwikkeling niet in balans is met het doorstroombare uiterwaarden landschap. Vanwege de landschappelijke kwaliteiten van het gebied waarin met name de openheid en ruimte als belangrijke waarde wordt gezien, wordt een ‘traditioneel’ recreatiepark met 200 intensief bebouwde recreatiewoningen niet wenselijk geacht. Gezien het echter een locatie met potentie is voor recreatieve ontwikkelingen, is er voor gekozen om de mogelijkheid hiertoe wel open te houden voor de toekomst. Middels een wijzigingsbevoegheid in het bestemmingsplan is het mogelijk gemaakt om middels een landschappelijk inrichtingsplan hier op termijn max. 26 recreatiewoonverblijven te realiseren in een meer ruimere setting.
carreboerderijen op deze locatie. Het is de ambitie dat hier een horecapunt gerealiseerd wordt in de ‘vervallen’ boerderij die enerzijds dienst doet aan de fietsende en wandelende toerist op de aangelegen recreatieroutes en anderzijds voldoende ‘body’ heeft om zonder subsidies draaiende te blijven en bovendien in staat is om de restauratie, beheer en onderhoud van het cultuurhistorische pand te kunnen dragen. Voor een nadere invulling dient een aparte business-case te worden opgesteld. Het landgoed “Verheijen” begint met een nagenoeg leeg canvas, maar is vanwege de reeds aanwezige woningen en verhoogde ligging uitermate geschikt voor een aantal rode ontwikkelingen die de historische functie van deze ‘terp’ accentueren. Gezien de rest van het plangebied lager ligt en bovendien hoofdzakelijk bestaat uit een korte grazige vegetatie is hier wel ruimte voor plukweides, voedselbossen en boomgaarden. Op deze manier ontstaat een connectie tussen beide landgoederen vanwege diens opgaande vegetatie, waarbij de Zwaarveldweg beide hogergelegen delen met elkaar verbindt.
Wienerte Zwaarveld
15 15
Natuur & Landschap
Natuur & Landschap In het plangebied worden diversie natuurdoeltypen gerealiseerd. Om te kunnen voldoen aan de hoogwaterveiligheidsdoelstellingen ligt het accent op korte grazige vegetatie. Graslanden staan onder de invloed van overstroming, wat resulteert in een aan de rivier gerelateerde graslandtypen. De bosstrook bij Landgoed Verheyen staat eveneens onder invloed van de rivierdynamiek. De Arixweg vormt de fysieke/natuurlijke begrenzing van het gebied en wordt met een opgaande beplanting bovendien geaccentueerd. Deze opgaande beplanting doet tevens dienst als een migratie route voor dassen en vleermuizen. Vanuit de hogergelegen Arixweg zal als gevolg van de afgraving tot vlak boven de grondwaterspiegel een steilrand ontstaan waaruit kwel gaat uittreden. Door de lage ligging en de voedselarme ondergrond kan hier ‘vochtig hooiland’ ontstaan, een grazige laagproductieve begroeiing die het goed doet op vochtige en natte bodems. Het wordt een erg soortenrijk gebied wat flora betreft. De aanwezige lijnvormige houtwallen en laanbeplantingen worden zoveel mogelijk gehandhaafd. Deze accentueren bovendien de hoofdzakelijk noord-zuidelijke (historische) routestructuur die door het gebied loopt. Aan weerszijde van de kleine hoogwatergeul wordt voortgeborduurd op de reeds aanwezige stroomdalgraslanden.
Het agrarisch natuurbeheer wordt afgestemd op de borging van de gerealiseerde hoogwaterstandsdaling. Gezien het ontwerpuitgangspunt de goudgroene natuurzone in het plangebied doet behouden blijft kan het primair foerageergebied van de das verder toenemen door het grasrijke uiterwaardenlandschap dat ontstaat. De bijburcht in het gebied wordt door één das gebruikt. Afgaande op de (voornamelijk) zuidelijke richting van de sporen wordt er vanuit gegaan dat deze bijburcht wordt gebruikt door de dassenfamilie die verblijft ter plaatse van de hoofdburcht die ten noorden van Buggenum.
16
De Peelrandbreuk De peelrandbreuk is een geologische breuklijn die zijn naam dankt aan de Peel. De breuklijn loopt tussen Roermond en Heesch, en snijdt dwars door het plangebied Wijnaerden. Door oprekking beweegt de aardkorst uit elkaar. Vervolgens breekt de bovenlaag en zakt het maaiveld ter plaatse van het breukvlak naar beneden. Het hoger gelegen gedeelte noemen we een horst, het lagere gedeelte tussen de breuklijn een slenk. De Maas heeft in het verleden samen met de wind (erosie) de slenk opgevuld met zand en grind zodat een groot deel van de bodemdalinng weer is weggewerkt. Het landschap kan door diens veranderende bodemsamenstelling anders voorkomen. Het verticaal verzet langs de breuk is minstens 40 meter. Door onder andere de aardbeving van 1992 weten we dat de afschuiving langs de breuk nog steeds doorgaat. Bij Wijnaerden willen wij de breuklijn in het landschap (weer) zichtbaar maken.
Het water uit de grote hoogwatergeul is beschikbaar voor de aanleg van een netwerk ten behoeve van agrarische doeleinden. Via een elektrisch aangedreven pomp- en leidingsysteem kunnen aangrenzende landbouwpercelen in het Buggenumse Veld beregend worden in tijden van droogte. Vanwege de klimaatverandering is het aannemelijk dat in de nabije toekomst verdroging van landbouwgebieden ontstaat vanwege extreme hitte die bovendien langer aanhoudt dan normaal. Teveel water is een probleem, maar te weinig ook. Via een dergelijk systeem neemt de druk op het (dan dalende) grondwater af en vanwege de samenwerking van agrariers wordt er niet langer individueel met diesselaggragaten grondwater opgepompt. Goed voor het milieu en uiteindelijk ook voor de portemonnee. Tezamen met de aan te leggen hoogwatergeul bij Meeuwissenhof te Kessel wordt met de gebiedsontwikkeling Wijnaerden 78 mm hoogwaterstandsdaling gecreëerd. Dit is meer dan 10% van de totale Limburgse opgave in het kader van het Deltaprogramma. Gezien ingrepen stroomopwaards hun effect hebben heeft de hoogwatergeul bij Meeuwissenhof direct effect voor de kernen Hanssum en Buggenum.
Met de herinrichting van het gebied worden biotopen gerealiseerd voor o.a. de bever, en de otter. Het patrijzenproject, opgestart in 2018, voor het Buggenumse Veld, wordt ook in plan Wijnaerden verder doorgezet. Akkerranden en bermen zijn een gunstig leefgebied voor de patrijs. Ook landbouwgronden met een verscheidenheid aan gewassen en veel lijnvormige landschapselementen zoals kruidenrijke bermen, hagen, houtwallen, en overhoekjes zijn gunstig voor de instandhouding van de patrijs. Deze lijnvorming landschapselementen worden met name langs de Arixweg gerealiseerd, op de grens van het Buggenumse Veld. De steilrand aan de Arixweg dient tevens als leefgebied voor oeverzwaluwen. De natuurlijke omgeving waar oeverzwaluwen broeden zijn steile oevers langs het water, waar zij hun nest pikken in de lemige/zandige wand.
De oever van de landtong langs de Maas wordt ‘wildonvriendelijk’ gemaakt om er zo voor te zorgen dat zoogdieren de landtong aangrijpen als vluchtplaats bij hoogwater (om vervolgens op dit ‘eiland’ vast te komen zitten). De landtong wordt gehermoduleerd om er voor te zorgen dan deze uiteindelijk wel dienst doet als vluchtroute.
17 Voorbeeld zichtbaar maken peelrandbreuk in het landschap
De oevers en land-waterovergangen worden gedetailleerd, afgewerkt en beheert ten behoeve van de specifieke water- en oever gerelateerde natuurdoeltypen. De kleine hoogwatergeul zal zich verder ontwikkelen als riviernatuur. Dit natuurtype kan aanslibben en verlanden, bij hoogwater in de winter kan de geul weer uitschuren. Omdat het hoofdzakelijk stilstaand water betreft heeft deze een hoge diversiteit in flora en fauna en doet dienst als leefgebied voor trekvogels, vissen, libellen en is het van belang voor diverse trekvissen. De grote hoogwatergeul wordt bestempeld als een zoete plas, gezien deze alleen tijdens hoogwater in verbinding staat met de Maas. De geul is circa 20 meter diep met voedselrijk, vrij helder stilstaand water, waarin langs de oevers waterplanten groeien. Een gedeelte van de oevers van de hoogwatergeulen worden ingericht als moeras. Moerassen komen voor op de ondiepe overgang van zoet water naar land. Moeras ontstaat in stilstaand voedselrijk zoet water. De bodems en oevers zijn afwisselend zeer nat, schraal(zanderig) en voedselrijk en omvat een open begroeiing van wilg, zwarte els, riet, lisdodde en biezen. Aan de oost-zuidzijde van de grote hoogwatergeul worden enkele ondiepe poelen aangelegd.
De verzonken boerderij In 2009 is samen met de heemkundevereniging onderzoek gedaan naar de ‘verdwenen’ boerderij Aan de Beukel. Op de Ferariskaart uit 1777 is de bebouwing aangegeven, op de Tranchotkaart uit 1803 is deze echter opeens verdwenen. Wat wil, de gehele boerderij is tussen 1800 en 1805 een paar honderd meter verplaatst naast de hoeve Maasweinaarde die enkele meters hoger gelegen is. Het vermoeden bestaat dat bij het hoogwater in 1777, waarbij het water ter plaatse ongeveer 6 a 7 meter hoog heeft gestaan, de sterke stroming de boerderij dusdanig heeft beschadigd dat er voor gekozen is om deze in zijn geheel te verplaatsen.
De identiteit van het landschap wordt gegeven door zijn fysisch geografische voorkomen en de invloed van de mens. Ze wordt daarbij gevormd door zijn (al dan niet zichtbare) unieke plekjes, cultuurhistorie, aardkundige en ecologische informatie. Om een gebied te laten leven is het belangrijk om deze verhalen te vertellen.
18
Agrarisch
Agrarisch In verband met de realisatie van een doorstroombaar uiterwaardenlandschap (borging van de hoogwaterveiligheidsopgave) en de daarbij horende natuurdoeltypen wordt er binnen plan Wijnaerden gestreefd naar een korte grazige vegetatie. Door de begrazingsintensiteit op plaatsen te variëren en af te wisselen met maaien ontstaat er een wisselend landschap. Het beheer van deze gronden wordt bij voorkeur door lokale agrariërs uitgevoerd. De vegetatie en beheer dient ten zijner tijd definitief gemaakt te worden aan de hand van de gerealiseerde terreinsituatie. Het landbouwkundig gebruik van de Bouxweerd blijft gehandhaaft. Er is geen overeenstemming met de grondeigenaar om dit gebied bij het plan te betrekken, het gebied heeft dan ook nooit onderdeel uitgemaakt van plan Wijnaerden. Uiteraard wordt deze situatie gerespecteerd. Voor de planvorming betekend dit dat het landbouwgebied aan de Maas ten alle tijden goed bereikbaar en toegankelijk dient te zijn voor ‘grote’ landbouwvoertuigen. Aan de oostzijde van het ooibosje kan via de Groezeweg (noordelijk bereikbaar via Zwaarveld) het terrein gewoon ontsloten blijven. Op de landgoederen ‘Verheijen’ en ‘Wienerte’ is ruimte voor kleine cultuurlandschappelijke elementen zoals boomgaarden en voedselbossen.
Met een voedselbos produceer je noten, fruit en andere eetbare gewassen terwijl je ondertussen de bodem en de biodiversiteit herstelt. Zo is er sprake van natuurinclusieve landbouw. Een voedselbos is een plek waar minstens 4 plantenlagen boven elkaar groeien en praktisch geen bewerking plaatsvindt. Een voedselbos is een ecosysteem op zichzelf.
20
Het water uit de grote hoogwatergeul is beschikbaar voor een netwerk ten behoeve van agrarische doeleinden. Via een elektrisch aangedreven pomp- en leidingsysteem kunnen aangrenzende landbouwpercelen in het Buggenumse Veld beregend of bevloeid worden in tijden van extreme droogte. Vanwege de klimaatverandering is het aannemelijk dat in de nabije toekomst verdroging van landbouwgebieden ontstaat vanwege extreme hitte die bovendien langer aanhoudt dan normaal. Teveel water is een probleem, maar te weinig ook. Via een dergelijk systeem neemt de druk op het (dan dalende) grondwater af en vanwege de samenwerking van agrariërs wordt er niet langer individueel met diesselaggragaten grondwater opgepompt. Goed voor het milieu en uiteindelijk ook voor de portemonnee. Om het gebied goed te kunnen onderhouden is het op plaatsen noodzakelijk om gebieden van elkaar af te rasteren. Afrastering gebeurd met Robiniapalen en ursusgaas.
Agrarisch natuurbeheer Agrarisch natuurbeheer levert een belangrijke bijdrage aan de biodiversiteit op het platteland. Beheermaatregelen die in Nederland veel voorkomen zijn: uitstellen van maaien ter bescherming van kuikens van weidevogels, aanleg kruidenrijke randen voor meer insecten en voedselaanbod voor akkervogels en behoud van landschapselementen zoals houtwallen en poelen. Achterliggende gedachte bij het agrarisch natuurbeheer op de oevers bij Wijnaerden is dat het landschap zichzelf kan vormen en in stand houden. Natuurlijke processen krijgen volop de ruimte. Speciale aandacht is er voor 'het grote beest' . Van oorsprong is onze natuur rijk aan grote grazers. Door de dieren weer meer vrijheid te geven ontstaan rijke en gevarieerde landschappen, vol overgang en structuur. Niet alleen de natuur is vrij om zichzelf te vormen, ook de mens is vrij om hiervan te genieten. Gebieden zijn vrij toegankelijk en er mag volop gestruind worden.
21
Eindplan Wijnaerden De integrale gebiedsontwikkeling Wijnaerden bestaat uit een aantal planonderdelen die nauw met elkaar samenhangen en elkaar versterken, te weten hoogwaterbescherming, natuurontwikkeling, rode ontwikkeling, sanering van het aanwezige intensieve veehouderij bedrijf, recreatieve ontwikkeling, en bouwgrondstofwinning. Het plan van de eindtoestand geeft het beeld weer hoe al deze facetten fysiek terugkomen in het gebied in 2035. De herinrichting van het gebied hoeft echter niet te wachten tot het ontgrondingsproject is afgerond, maar kan gefaseerd meelopen met de winning van zand en grind in het gebied. De gebiedsontwikkeling is dan ook een dynamisch proces, waar de sloop en sanering van het intensieve veehouderij bedrijf gezien kan worden als de start van de herinrichtingswerkzaamheden die kort op de ontgronding volgen. In een vijftal fases wordt de herinrichting uitgevoerd en opgeleverd. Op basis van deze visie en het plan van de eindtoestand worden een aantal concrete projectvoorstellen gedaan voor de verbetering van de recreatieve infrastructuur, toerisme en natuur in het gebied. Het gebied kent twee landgoederen die op de hoger gelegen delen liggen. Deze worden door de zwaarveldweg verbonden met elkaar en kennen een opgaande vegetatie.
Gezien de rest van het plangebied lager ligt en bestaat uit een korte grazige vegetatie, moerassen en natuurrijke oevers is hier wel ruimte voor plukweides, voedselbossen en boomgaarden. Niet alleen de natuur is vrij om zichzelf te vormen, ook de mens is vrij om hiervan te genieten. Gebieden zijn vrij toegankelijk en er mag volop gestruind worden.
22 22