CConstaterende datLeudal
Koppel je AI →
Document · PDF

Veel gestelde vragen

Raadsvergadering 28 september 2021, gemeente LeudalBij agendapunt: Vaststellen wensen over en bedenkingen bij conceptcollegestandpunt over drie initiatieven voor realiseren van zonnevelden aan de Schooldijk, Vlaas en Heldenseweg in Neer3.387 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Veelgestelde vragen 1. Kan er een garantstelling (bankgarantie) komen voor het opruimen van de panelen na afloop van de gestelde termijn om het risico te minimaliseren dat er straks niet genoeg geld is bv in geval van faillissement? Het ligt niet voor de hand dat de gemeente een bankgarantie vraag voor voor het opruimen van een zonnepark. Dit is een zaak tussen de grondeigenaar en de initiatiefnemer. 2. Ik kan geen energie terugleveren omdat het schakelstation Eghel vol is. Wat kan de gemeente hierin voor ons betekenen? De gemeente heeft hier geen invloed op. De gemeente kan wel een dringend verzoek indienen bij Enexis om het schakelstation te verzwaren. Dit is echter een landelijk probleem en een gemakkelijke oplossing is er niet. Als er een zonnepark gerealiseerd wordt moeten deze ook wachten op een oplossing hiervoor. Zij hebben geen voorkeurspositie boven particulieren. 3. Waar kan ik het beleidskader (inclusief bijlagen) duurzame energie vinden? Het beleidskader duurzame energie (zon en wind) vindt u hier: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2020-128018.html 4. Hoe is het zoekgebied voor de zonne-energieprojecten voor de eerste openstellingsronde bepaald? Op 28 april 2020 heeft de raad het beleidskader Duurzame Energie (zon en wind) en het paraplubestemmingsplan Duurzame Energie vastgesteld.

Door middel van dit bestemmingsplan is de realisatie van zonne-energie niet rechtstreeks mogelijk en dient het beleidskader Duurzame Energie als uitgangspunt voor de ontwikkeling en realisatie van dergelijke initiatieven. Het beleidskader Duurzame Energie gaat uit van zeven uitgangspunten, variërend van het landschap als basis tot het streven 50% van de initiatieven coöperatief te laten zijn. Daarnaast gaat het beleidskader uit van een proces waarbij – door toepassing van openstellingsronden – initiatieven worden getoetst en gewogen. Hierdoor streven wij na dat de beste initiatieven op de beste plekken worden gerealiseerd. Op 19 mei 2020 hebben wij besloten de eerste openstellingsronde te houden voor het gebied Leudal Noord Oost. Voor dit gebied is gekozen gelet op de draagkracht van het landschap (veelal heideontginningsgebieden) en ligt in de directe omgeving van het bestaande windpark. Op die manier wordt een energielandschap gecreëerd in een omgeving waar al duurzame energie wordt opgewekt. Dit heeft ook praktische voordelen zoals, het combineren van zon- en windenergie, de aansluitkosten worden voor een gebied gemaakt (voorkeur Enexis) en de minder voor landbouw geschikte gronden worden op deze manier functioneel ingezet. De openstellingsronde is gericht op zonne-energie. Windenergie is in dit gebied aanwezig.

Het is waardevol wanneer zon- en windenergie worden gecombineerd, om de afhankelijkheid van wind te beperken en vanwege de lagere maatschappelijke kosten voor de gecombineerde aansluiting op het elektriciteitsnetwerk. 5. Waar baseert de gemeente de prognoses op? Is het niet genoeg om alle daken vol te leggen? Het nationale Klimaatakkoord bevat de algemene doelstelling om de CO2 uitstoot in 2050 ten opzichte van 1990 met 95% te reduceren. Naast energiebesparing betekent dit ook de transitie van fossiele energiebronnen zoals aardgas en aardolie naar onder andere zonne- en windenergie. Ook in de gemeente Leudal dient daarom grootschalig hernieuwbare elektriciteit opgewekt te worden. Wanneer zonnepanelen op alle geschikte gebouwen in Leudal liggen en dit wordt opgeteld bij de huidige capaciteit van de bestaande en vergunde windmolens, wekken deze alsnog slechts een deel van de toekomstige energievraag in 2050 op. Dit blijkt uit een voorlopige berekening die wij in het kader van de totstandkoming van het beleidskader duurzame energie hebben laten maken en verder uit de inhoud van de Regionale Energie Strategie. Deze RES bepaalt immers de opgave voor de opwek van hernieuwbare energie in Midden- en Noord Limburg.

Voor de restvraag is aanvullend grootschalige opwek nodig. Dit kan via grondgebonden zonnevelden en aanvullende windturbines, want dit zijn bewezen technologieën die binnen afzienbare termijn in Leudal te realiseren zijn. 6. Hebben zonnepanelen invloed op mijn gezondheid? In de drie zonneparken in onze gemeente zal alleen gebruik worden gemaakt van zonnepanelen die vrij zijn van gevaarlijke chemische stoffen. De zonnepanelen worden hoofdzakelijk gemaakt zijn van silicium. Silicium is niet giftig en volledig te recyclen. Er zijn zonnepanelen op de markt die gevaarlijke chemische stoffen zoals cadmium kunnen bevatten. De initiatiefnemers hebben aangegeven deze panelen sowieso niet te gebruiken, maar deze worden ook door de afspraken met de gemeente Leudal nogmaals uitgesloten In de zonneparken worden zonnepanelen, transformatoren, en omvormers van hoogwaardige kwaliteit toegepast. Hierdoor is de straling van zonnepanelen niet hoger dan van veel elektronische apparaten in huis. Alle transformatoren en omvormers worden op geruime afstand geplaatst waardoor de elektromagnetische velden van zonneparken ruim onder de blootstellingslimiet van de overheid blijven. Hierdoor is er geen elektromagnetische stralingseffect en zijn veel zonneparken publiekelijk toegankelijk.

Meer informatie over straling van zonneparken en de effecten hiervan op de gezondheid kunt u terugvinden in het volgende nieuwsartikel en het kennisplatform. https://www.kennisplatform.nl/elektromagnetische-velden-en-gezondheid/ 7. Is er een onderzoek uitgevoerd naar de gevolgen voor de biodiversiteit? In en rondom zonneparken treden veranderingen op in het ecologisch systeem. Initiatiefnemers ontwikkelen zonneparken met veel aandacht voor de natuur en streven ernaar om de natuurwaarde te verhogen in en op het zonnepark. Voor elk plan is een ecologisch onderzoek uitgevoerd. De resultaten van het ecologische onderzoek zijn door een ecoloog en een landschapsarchitect vertaald naar kansen die benut kunnen worden om de biodiversiteit ter plekke te verbeteren. Daarbij is er gekeken hoe een zonnepark juist de biodiversiteit kan verhogen en inheemse fauna kan terugbrengen door middel van de inrichting van het zonnepark, het gebruik van groenstroken en planten en het groenbeheer. Als de raad besluit om deze plannen verder uit te laten werken dan worden de ingediende onderzoeken getoetst en waar nodig worden verbeteringen aangebracht. 8. In de akoestische onderzoeken voor de windmolens is uitgegaan van geluidsabsorberende akkergronden.

Versterken zonnepanelen het geluid? Worden er aanvullende geluidseisen voor de windmolens gesteld? Recentelijk is onderzocht of er cumulatie van geluid in relatie tot verkeerslawaai kan ontstaan. Daaruit is gebleken dat er geen extra geluidsbelasting waarneembaar zal zijn. Bij vervolg in dit traject zal uit akoestisch onderzoek moeten blijken of er sprake kan zijn van cumulatie van geluid van een windmolen met een zonnepark. 9. Wil de gemeente na de nu beoogde 50 ha nog meer zonnevelden vergunnen? In het beleidskader is opgenomen dat het college een periode open kan stellen, waarin plannen kunnen worden ingediend die voldoen aan de kaders van de openstellingsronde. Dit kan zijn: Een nader aan te duiden gebied of landschapstype; en/of Een nader te bepalen maximum aantal hectare of vermogen voor op te wekken duurzame energie. Er is nog geen besluit genomen over of, en zo ja waar, hoe of wanneer, eventuele nieuwe openstellingsronden zullen plaatsvinden. 10. Verlaagt de gemeente mijn woz waarde? De waarde van onroerende zaken (WOZ-waarde) wordt bepaald door een taxatie. Hierbij gaat de BsGW, als uitvoeringsorganisatie namens de gemeente, uit van het bedrag dat de onroerende zaak (uw woning of bedrijfspand) zou moeten opbrengen op 1 januari van het voorgaande jaar. Dit is de waardepeildatum.

Een taxateur kijkt onder andere naar gegevens over de grond en het gebouw. Hij of zij bezoekt één of een aantal vergelijkbare panden die rond de waardepeildatum zijn verkocht. Of die in een steekproef zijn geselecteerd. Het is niet nodig dat de taxateur elk pand bezoekt. Door vergelijking via een computermodel bepaalt de gemeente de waardering van de overige panden. Op dit moment is niet bekend of de beoogde zonne-initiatieven leiden tot een aanpassing voor uw woning of bedrijfspand. Dit is immers afhankelijk van of deze initiatieven daadwerkelijk worden gerealiseerd, hoe deze worden gerealiseerd, hoe uw woning of bedrijfspand zich verhoudt tot de initiatieven en hoe de marktomstandigheden zich ontwikkelen. 11. Mag een projectleider Kookepan in de gemeenteraad zitten? (belangenverstrengeling) Dat mag. Vanuit het oogpunt van integriteit en een transparant openbaar bestuur zijn in de Gemeentewet echter wel voorschriften opgenomen over nevenfuncties, onverenigbare functies en verboden handelingen. De nevenfuncties mogen niet conflicteren met een goede vervulling van het raadslidmaatschap. Een aantal nevenfuncties en handelingen zijn daarom in artikel 13 en 15 van de Gemeentewet ook verboden. 12. Waar komen de zonneparken? De beoogde plannen zijn op onderstaande afbeelding zichtbaar gemaakt.

De exacte planbegrenzing moet nog worden vastgesteld na besluitvorming door de gemeenteraad op 28 september 2021.

13. Is draagvlak bij omwonenden belangrijk? De wenselijkheid van ruimtelijke ontwikkelingen (of dit nu duurzame energie of andere ontwikkelingen zijn) wordt bepaald op basis van een aantal argumenten. Dit zijn onder andere de ambities of kaders van de gemeente voor dergelijke ontwikkelingen, de ruimtelijke inpasbaarheid, de toekomstbestendigheid en het draagvlak. Het is dan ook niet voor niets, dat wij het voeren van een Omgevingsdialoog een verplicht onderdeel hebben gemaakt voor ruimtelijke afwijkingsprocedures. Dit neemt echter niet weg dat draagvlak niet het enige argument is. Draagvlak voor ruimtelijke ontwikkelingen is belangrijk, maar niet vanzelfsprekend en ook niet altijd mogelijk (er is geen tevredenheidsgarantie). Wij hebben in ons kader van 19 mei 2020 daarom een wegingssystematiek opgenomen, welke recht doet aan alle uitgangspunten van het beleidskader. Dit betekent een evenwichtige verdeling van punten voor de kwaliteit van het plan, de inpasbaarheid in het landschap, het ontwerp, het profijt én het draagvlak.

14. In het beleidskader staat dat de afstand tussen plannen 1000 meter moet zijn. Daar voldoen deze 3 plannen niet aan. Hoe kan dat? Afwijken van eis onderlinge afstand De drie initiatieven zijn allen gelegen in het landschapstype rationele heideontginning. Het beleidskader geeft als criterium aan dat, bezien vanuit het laadvermogen van het landschap, voor dit landschapstype een onderlinge afstand van 1000 m. gewenst is tussen de verschillende locaties. Onderstaand kaartbeeld toont deze radius (rode cirkel) én de werkelijke onderlinge afstanden tussen de initiatieven. Uit dit kaartbeeld valt af te leiden dat er een overschrijding van de onderlinge afstanden plaatsvindt.

Onderlinge afstanden in relatie tot samenhangende ruimtelijke ontwikkeling Op basis van hun positionering in het landschap kunnen de drie initiatieven naast elkaar ontwikkeld worden. Alle drie de locaties zijn gepositioneerd binnen hetzelfde landschapstype en worden allen omlijst door meer besloten landschapstypen zoals het kampenlandschap of de bosmozaïek. Deze omlijsting vormt al een sterk landschappelijk kader waarbinnen verdere versterking van de kenmerkende landschapselementen van de rationele heideontginning kunnen plaatsvinden. Door de drie initiatieven naast elkaar te ontwikkelen kan er een samenhangend, en herkenbare ruimtelijke structuur ontstaan die recht doet aan de landschapstypen en bepalende landschappelijke structuren. Onderlinge afstanden in relatie tot positief advies initiatieven

De overschrijding van de onderlinge afstanden is, bezien vanuit het (landschappelijke) geheel, geen reden om één of meerdere initiatieven op basis van dit criterium negatief te beoordelen. Zoals eerder beargumenteerd is een dergelijke ruimtelijke samenhang juist positief te waarderen. Door te kiezen voor een openstellingsronde is de situatie ontstaan dat binnen een bepaalde periode tegelijkertijd meerdere initiatieven aangedragen worden binnen een ingekaderd grondgebied. Bij de eerste beoordelingsronde is een te geringe onderlinge afstand geen criterium geweest omdat de initiatieven uit 1 locatie bestonden en de ingezonden initiatieven bij de verdere uitwerking een ruimtelijke structuur moeten vormen. De initiatieven die na twee rondes van beoordeling zijn overgebleven zijn individueel positief beoordeeld. Zoals eerder beargumenteerd vanuit de ruimtelijke optiek vertoonden deze drie losse initiatieven samen kansen voor een samenhangende ruimtelijke structuur. Door het stimuleren van samenhang en het voorkomen van versnippering kunnen de drie initiatieven samen leiden tot een grotere meerwaardecreatie en ruimtelijke kwaliteit De plannen zijn nu uitgewerkt en blijken aan deze samenhangende ruimtelijke structuur te voldoen. 15.

Wat gebeurt er bij brand? Wie zorgt voor het opruimen en staat in voor de kosten? (volgens schrijver is dit onverzekerbaar) Momenteel is er regelmatig berichtgeving over branden bij zonnepanelen, waarbij in de weide de omgeving glasscherven worden teruggevonden. Zonnepanelen zelf zijn niet brandbaar. De hitte die nodig is om de glasscherven te laten opstijgen, wordt veroorzaakt door de brandbaarheid van het gebouw waarop de panelen zijn geïnstalleerd. Schade in de omgeving (buiten het perceel van het zonnepark) is daarom uitsluitend van toepassing bij zonnepanelen op gebouwen en niet bij zonneparken op grond. In het onwaarschijnlijke geval dat de zonnepanelen worden beschadigd of schade toebrengen aan eigendommen, zijn de eigenaren van de zonneparken verplicht om de schade te herstellen. Alle zonneparken moeten volgens de eisen van de financiers (banken) goed zijn verzekerd. Hierdoor weten zij zeker dat de zonneparken gedurende de lange levensduur van 25 jaar stroom kunnen opwekken. Directe schade ten gevolge van bijv. brand door het zonnepark wordt gedekt door de aansprakelijkheidsverzekering van het zonnepark. 16. Is er voldoende bluswater in het gebied beschikbaar? Onderdeel van vergunningsaanvraag is dat met de brandweer wordt gekeken naar bereikbaarheid en blusmaatregelen.

De eisen van de brandweer zijn leidend ten aanzien van de voorzieningen ter plekke in het geval van calamiteiten. 17. Waaien de zonnepanelen weg als het hard waait? De zonnepalen worden stevig gemonteerd op een onderstel. Bij het detailontwerp van het zonnepark worden berekeningen gemaakt. Deze berekeningen bepalen hoe stevig het ondermontagesysteem en de verankering daarvan (pull-out tests) moet zijn. Ook tijdens de bouw van het zonnepark wordt door een onafhankelijke partij erop toegezien dat de zonnepanelen deugdelijk worden gemonteerd en gedurende de exploitatie beschermd zijn tegen weer en wind. 18. Wat gebeurt er met het regenwater dat op de panelen terecht komt? De zonnepalen worden zodanig gemonteerd dat er ruimte is tussen elk paneel. Hierdoor kan het water over elk paneel aan de rand naar beneden wegvloeien en komt er ook water tussen de panelen op de grond, wat bijdraagt aan verdeling van water dat onder de panelen op de bodem neervalt. 19. Wat gebeurt er met het schoonmaakwater als de panelen gewassen worden? Komt dit terecht in het grondwater en hoe schadelijk is dat? Zonnepanelen worden schoongemaakt met gezuiverd water (osmosewater). Omdat de zonnepanelen zelf geen vervuilende stoffen bevatten raakt het schoonmaakwater zelf ook niet vervuild tijdens het schoonmaken. Er wordt geen gebruik gemaakt van schoonmaakmiddelen.

Deze laten sporen na op het glas van de zonnepanelen en kunnen schadelijk zijn voor lokale flora & fauna.

20. Welke risico’s en gevaren voor het milieu en de leefomgeving bestaan er vanuit grootschalige industriële zonneprojecten op land voor de korte en de lange termijn? Voor informatie over risico’s verwijzen we naar het Kennisplatform: https://www.kennisplatform.nl/ en andere openbare bronnen die hier onderzoek naar gedaan hebben. Met betrekking tot het milieu en leefomgeving is er bij de komst van een zonnepark sprake van een volledige stop van bemesting en agrarische bewerking van het land. Dit heeft plaatselijk een sterke reductie tot gevolg van stikstof, fijnstof, uitstoot van landbouwmachines en nutriënten in de grond. Dit kan een positieve uitwerking op het milieu hebben en zorgen voor een toename van de biodiversiteit. 21. Wie draait op voor schade die wordt aangericht door de zonneparken? In het geval dat een zonnepark schade toebrengt aan eigendommen is de eigenaar van het zonnepark aansprakelijk voor schade die door het zonnepark wordt aangericht. 22. Stijgt de omgevingstemperatuur door de aanwezigheid van zonnepanelen? Om de opwekking zonne-energie te maximaliseren wordt gebruik gemaakt van zonnepanelen met een anti-reflectie coating. Hierdoor wordt zoveel mogelijk zonne-energie ingevangen. Door het groen dat rondom de parken wordt aangelegd ontstaat er ook een barrière voor de omgeving.

Het is aannemelijk dat de wereldwijde klimaatveranderingen en het microklimaat ter plekke bepalend zullen zijn voor de omgevingstemperatuur in het gebied. Deze vraag is ook voorgelegd aan de Wetenschapswinkel van de Universiteit van Wageningen. Een eerste reactie hebben we ontvangen: voor zover bekend is dit nog nooit onderzocht. Het is ook niet gemakkelijk te onderzoeken en hangt van veel factoren af o.a. de grootte van het zonnepark, het aantal en het soort panelen dat daarop staat, de afstand tot agrarische bedrijven, het lokale weer en de beplanting rondom het zonnepark. Daarop is gevraagd of dit een interessant onderwerp voor onderzoek kan zijn. Daarop is nog geen antwoord ontvangen. 23. Heeft een zonneveld invloed op de werking van mijn gsm of gps? In de media zijn enkele artikelen verschenen over omvormers die het C2000 netwerk verstoren. De verstoring wordt veroorzaak door foutief aangesloten installaties en onderdelen die niet voldoen aan de geldende regelgeving. Een goed en professioneel aangelegd zonnepark heeft echter geen storende werking op het C2000 systeem. Dit geldt ook voor het GSM netwerk of een GPS systeem. 24.

Wat gebeurt er als de panelen zijn afgeschreven? Wie ruimt ze op? De initiatiefnemers van de zonneparken hebben contractueel met de grondeigenaren afgesproken dat ze na de looptijd van het zonnepark de gronden weer in oude staat terugbrengen zodat deze weer geschikt is voor agrarisch gebruik. Dit betekent dat alle onderdelen van het zonnepark verwijderd moeten worden. Daarnaast legt de gemeente de verplichting tot het in oude staat terug brengen van de gronden vast in een anterieure overeenkomst. Als de zonnepanelen niet meer gebruikt kunnen worden, dan worden de panelen gerecycled. Hierdoor blijven er geen materialen achter op het perceel en kan de grond weer agrarisch gebruikt worden. De meeste ontwikkelaars/eigenaren van zonneparken zijn aangesloten bij Stichting Zonne-energie Recycling Nederland (ZRN). Hierbij zijn ze verplicht om te zorgen voor goede en milieuvriendelijke verwerking van zonnepanelen, bekabeling ed. 25. Wat is de kwaliteit van de grond als de zonnepanelen weg zijn (biodiversiteit/bodemleven)? Doordat de grond in het geval van een zonnepark niet meer bemest wordt zal de grond verschralen. Dit is vaak ook wenselijk voor het verhogen van de biodiversiteit. De Nederlandse Branche organisatie voor zonne-energie Holland Solar gaat onderzoek doen naar de biodiversiteit en de bodemkwaliteit van zonneparken.

In 20 Nederlandse zonneparken met 5 verschillende beheermethodes zal dit de komende 4 jaar onderzocht worden. Hierna kan Holland Solar op basis van wetenschappelijk onderzoek zonneparken certificeren waar ecologische meerwaarde gewaarborgd wordt, en daarmee voldaan wordt aan de gedragscode

zon op land van Holland Solar. Meer hierover is te vinden op www.hollandsolar.nl. Het is nu dus nog niet duidelijk welke kwaliteit de grond heeft na 25 jaar. 26. De gemeente gaat uit van oude en onrendabele technieken. Hoe gaat de gemeente om met nieuwe inzichten inzake energietransitie? De gemeente volgt de ontwikkelingen inzake energietransitie. Als nieuwe inzichten een aanpassing van het beleid noodzakelijk maken dan wordt dit gedaan. We kunnen echter niet blijven wachten op nieuwe technieken want dan halen we de klimaatdoelen niet. 27. De gemeente zadelt ons met nieuwe risico’s op door het plaatsen van mega zonneparken. Kunnen wij de Gemeente Leudal aansprakelijk stellen voor deze gevolgen, want jullie weten dat deze er zijn? De eigenaren van de zonneparken zijn aansprakelijk voor eventuele schade die veroorzaakt wordt door een zonnepark. 28. Waarom liggen zonnevelden altijd aan de rand van een gemeente? Of dat altijd zo is, is bij ons niet bekend. In de gemeente Leudal is eerst een landschapsanalyse uitgevoerd om te bepalen welke landschapstypen er zijn en wat de kernkwaliteiten daarvan zijn. Vervolgens is bepaald of het landschap een ontwikkeling als een zonneveld of windmolen aankan zonder de identiteit van het landschap teniet te doen. Dit is uitgewerkt in de energiekansenkaart.

Het gebied in de omgeving van Neer is getypeerd als rationele heideontginning en is, beoordeeld op landschappelijke kwaliteiten, zeer geschikt voor windmolens en zonneparken. Hoe andere gemeenten hun zoekgebied bepalen is niet bekend. 29. Moet er een Milieueffectrapportage worden opgesteld? Uit de uitspraak van de Raad van State (ABRvS 14 augustus 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2770) blijkt dat dit niet het geval is. Deze uitspraak gaat over een zonnepark waarvoor via de kruimelgevallenregeling een omgevingsvergunning is verleend. Het park bevat ongeveer 22.500 zonnepanelen en enkele trafostations. De Raad van State geeft aan dat een zonnepark niet onder de reikwijdte van het Besluit milieueffectrapportage valt. Een zonnepark is volgens de Raad geen:  landinrichtingsproject,  geen stedelijk ontwikkelingsproject en ook  geen industriële installatie bestemd voor de productie van elektriciteit, stoom en warm water. De procedure Welke procedure is van toepassing? Voor het realiseren van een zonneveld kan op 2 manieren een vergunning verkregen worden. Of via een uitgebreide omgevingsvergunning of via een wijziging van het bestemmingsplan en daarna een omgevingsvergunning. Een initiatiefnemer mag zelf weten welke procedure hij kiest. Is er al een besluit genomen? Nee, de gemeenteraad besluit op 28 september 2021 of er wel of geen formele procedure wordt gestart.

Wanneer kan ik reageren? Om- en aanwonenden zijn al diverse keren in de gelegenheid gesteld om een reactie te geven. In de formele procedure is dat afhankelijk van welke procedure er gevolgd wordt. Als er een omgevingsvergunning wordt verleend kan een bezwaarschrift worden ingediend. Als er een nieuw bestemmingsplan wordt gemaakt dan kan een zienswijze tegen het ontwerp bestemmingsplan en een beroepsschrift tegen het vastgestelde bestemmingsplan worden ingediend.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leudal&id=f983af9e-7740-49e7-b691-1c0ae41a2ec7