CConstaterende datLeudal
Koppel je AI →
Document · PDF

Tekst gemeenschappelijke regeling (concept)

Raadsvergadering 26 september 2023, gemeente LeudalBij agendapunt: Vaststellen zienswijze over ontwerpbesluit van college aangaan Gemeenschappelijke regeling Regionale Energie Strategie Noord- en Midden-Limburg te Venlo2.270 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeenschappelijke regeling Regionale Energie Strategie Noord- en Midden Limburg Geldend van 1 januari 2024 t/m heden Initulé Gemeenschappelijke regeling Regionale Energie Strategie Noord- en Midden Limburg Gemeenschappelijke Regeling De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Mook en Middelaar, Bergen, Gennep, Venray, Horst aan de Maas, Peel en Maas, Beesel, Roermond, Weert, Nederweert, Echt-Susteren, Maasgouw, Roerdalen, Leudal en Venlo, het dagelijks bestuur van het Waterschap Limburg en het college van gedeputeerde staten van de provincie Limburg, ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft; Overwegende dat: •

•

•

•

De deelnemers binnen de Regionale Energie Strategie Noord- en Midden Limburg samenwerken om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen conform de afspraken uit het Nationaal Klimaatakkoord; De samenwerking daarbij is gericht op het gezamenlijk maken en uitvoeren van regionale afspraken over elektriciteit, alternatieve (niet-fossiele) warmtebronnen en energiebesparing; De deelnemers ieder voor zich, na verkregen toestemming van hun vertegenwoordigende organen, hebben besloten om de samenwerking te formaliseren via een centrumregeling als bedoeld in artikel 74 jo. artikel 8 lid 4 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, en; De gemeente Venlo daarbij als centrumgemeente zal fungeren.

Besluiten gelet op het bepaalde in de Wet gemeenschappelijke regelingen, hoofdstuk VI, de hiernavolgende gemeenschappelijke regeling te treffen: HOOFDSTUK I

ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1 – Definities In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder: a) Centrumgemeente: de gemeente Venlo;

b) Centrumregeling: deze gemeenschappelijke regeling Regionale Energie Strategie Noord- en Midden Limburg; c) Deelnemer(s): het college van burgemeester en wethouders van de gemeenten Mook en Middelaar, Bergen, Gennep, Venray, Horst aan de Maas, Peel en Maas, Beesel, Roermond, Weert, Nederweert, Echt-Susteren, Maasgouw, Roerdalen, Leudal en Venlo, het dagelijks bestuur van het Waterschap en gedeputeerde staten van de Provincie; d) Klimaatakkoord: Nationaal Klimaatakkoord, zoals vastgesteld op 28 juni 2019, alsmede de toekomstige wijzigingen daarvan; e) Ontwikkelgroep: door het Portefeuillehoudersoverleg in te stellen commissies ten behoeve van de uitvoering van basistaken van de regionale energiestrategie; f) Portefeuillehoudersoverleg: het overleg van de portefeuillehouders van de deelnemers die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de Regionale Energie Strategie; g) Coalition of the Willing: een samenwerking binnen een concreet thema van de regionale energiestrategie; h) Wet: de Wet gemeenschappelijke regelingen. Artikel 2 – Algemene bepalingen 1. Er is een centrumregeling genaamd Regionale Energiestrategie Noord- en Midden Limburg. 2. De gemeente Venlo wordt aangewezen als centrumgemeente.

Artikel 3 – Belang en doelstelling De centrumregeling wordt getroffen in het belang van de uitvoering van het Nationaal Klimaatakkoord en heeft tot doel om de regionale energiestrategie in Noord- en Midden-Limburg uit te voeren en om de deelnemers daarin waar mogelijk te faciliteren. Artikel 4 – Taken en bevoegdheden 1. Ter verwezenlijking van de doelstelling van artikel 3, voert de centrumgemeente de taken voor de deelnemers uit in de vorm van basistaken en plustaken. 2. De centrumgemeente voert de volgende basistaken uit voor alle deelnemers: a) Het opstellen en herijken van de gezamenlijke strategische koers en ambities; b) Het voorbereiden en adviseren over energiebeleid; c) Het uitvoeren van de Regionale Energiestrategie Noord- en Midden Limburg 1.0, 2.0 en verder; d) Het monitoren van de voortgang van de gestelde doelen;

e) Het opbouwen, bundelen en delen van kennis; f) Het voeren van bovenlokaal accountantmanagement met strategische samenwerkingspartners; g) Het voorbereiden, aanvragen en verantwoorden van subsidies; h) Het voeren van de financiële administratie en verantwoording, waaronder het beheer van de algemene reserve;. 3. De centrumregeling kan ter verwezenlijking van de doelstelling als bedoeld in artikel 3 ook plustaken voor de deelnemers verrichten indien minimaal twee deelnemers daartoe gezamenlijk besluiten. Een plustaak wordt hierna omschreven als de Coalition of the Willing. Artikel 5 – Samenwerking, mandaat, volmacht en machtiging 1. Ter uitvoering van de in artikel 4 lid 3 opgenomen Coalition of the Willing gaan de betreffende deelnemers met de centrumgemeente een samenwerkingsovereenkomst aan. Onderdeel van de te maken afspraken is in ieder geval de omschrijving van het concrete project en thema binnen de regionale energiestrategie dat wordt opgepakt, de te stellen doelen, de budgettering en de samenstelling, werkwijze en vergaderfrequentie van de Coalition of the Willing. 2. Ter uitvoering van de in artikel 4 opgenomen taken verleent iedere deelnemer mandaat, volmacht en machtiging aan het college van de centrumgemeente. 3. Het college van de centrumgemeente stemt in met de verleende mandaten, volmachten en machtigingen, zoals bedoeld in dit artikel.

Artikel 6 – Personele capaciteit en budget voor basistaken 1. De centrumgemeente brengt voor de uitvoering van de basistaken en voor het beschikbaar stellen van voldoende personele capaciteit aan de deelnemers een jaarlijkse vergoeding in rekening. 2. De hoogte van deze vergoeding wordt jaarlijks vastgesteld op basis van de begroting voor het daaropvolgende jaar. 3. De centrumgemeente is verantwoordelijk voor het tijdig indienen van de jaarlijkse begroting. Dit laat onverlet dat de deelnemers verplicht zijn om jaarlijks binnen hun begroting voldoende middelen te reserveren welke overeenkomen met de jaarlijkse bijdragen aan de centrumregeling. Hoofdstuk II – Informatie- en overlegstructuren Artikel 7 – Informatieverstrekking 1. De centrumgemeente verstrekt de raden van de deelnemers schriftelijk alle inlichtingen die de raden, respectievelijk provinciale staten en het algemeen bestuur nodig hebben voor de uitoefening van hun taken.

Met opmerkingen [BZ1]: Optie 2: De hoogte van deze vergoeding bedraagt: - gemeenten: een bedrag van € x,xx per inwoner; - provincie: vast bedrag - waterschap: vast bedag De peildatum voor het inwoneraantal is 1 januari 2024 en wordt elke twee jaar geactualiseerd. De in het derde lid bedoelde vergoedingen worden jaarlijks per 1 januari geïndexeerd op basis van de Consumenten Prijs Index en kunnen bovendien na een daartoe strekkend voorstel van de centrumgemeente jaarlijks door de deelnemers worden verhoogd indien dat noodzakelijk is voor de uitvoering van de in artikel 3 en 4 omschreven doelstelling en taken.

2. De centrumgemeente verstrekt de deelnemers alle door hen gevraagde inlichtingen over de uitvoering van de centrumregeling. Artikel 8 – Regionale overlegstructuur 1. Met betrekking tot de uitvoering van de regionale energiestrategie is er een regionale overlegstructuur. 2. De overlegstructuur is als volgt georganiseerd: a. Het portefeuillehoudersoverleg, bestaande uit de verantwoordelijke portefeuillehouders. b. Het agenda-overleg, bestaande uit twee leden van het portefeuillehoudersoverleg; c. De ontwikkelgroepen, in ieder geval bestaande uit een lid van het portefeuillehoudersoverleg, zijnde de bestuurlijke trekker, en terzake deskundige beleidsmedewerkers van de deelnemers. Artikel 9 - Portefeuillehoudersoverleg 1. Er is een portefeuillehoudersoverleg. 2. De voorzitter van het portefeuillehoudersoverleg is de portefeuillehouder van de centrumgemeente. 3. Netbeheerders die in Noord- en Midden-Limburg actief zijn, kunnen als adviseur deelnemen aan het overleg. 4. Het portefeuillehoudersoverleg komt tenminste viermaal per jaar in vergadering bijeen en verder zo vaak als de voorzitter dat nodig oordeelt of wanneer een deelnemer dit onder opgave van redenen schriftelijk verzoekt. 5. De vergaderingen van het portefeuillehoudersoverleg worden met gesloten deuren gehouden, voor zover het portefeuillehoudersoverleg in meerderheid niet anders heeft bepaald.

Artikel 10 – Taken portefeuillehoudersoverleg Het portefeuillehoudersoverleg heeft de volgende taken: a. Het houden van toezicht op de uitvoering van de in artikel 4 genoemde taken; b. Het bepalen van de strategische koers van de centrumregeling; c. Het monitoren van de voortgang binnen de centrumregeling; d. Het instemmen met voorstellen tot het aangaan van een Coalition of the Willing en het adviseren van de centrumgemeente omtrent het vast te stellen model van de samenwerkingsovereenkomst(en) voor de uitvoering van de in artikel 4 lid 3 genoemde taken; e. Het adviseren van de centrumgemeente over de aanstelling, schorsing en het ontslag van de programmamanager RES NML; f. Het instellen en houden van toezicht op de ontwikkelgroepen.

Artikel 11 – Agenda-overleg 1. Het portefeuillehoudersoverleg wijst uit zijn midden twee leden aan die tevens deel uitmaken van het agenda-overleg. Gelijktijdig wordt voor ieder lid een vaste plaatsvervanger aangewezen. De aanwijzing van de leden van het agenda-overleg geschiedt voor dezelfde periode als waarvoor zij plaatsnemen in het portefeuillehoudersoverleg. 2. Het agenda-overleg bereidt de portefeuillehoudersoverleggen voor en ziet toe op de uitvoering van de in het portefeuillehoudersoverleggen gemaakte afspraken. Artikel 12 – Ontwikkelgroepen 1. Ten behoeve van de uitvoering van de basistaken stelt het portefeuillehoudersoverleg één of meer ontwikkelgroepen in. 2. De ontwikkelgroep bestaat uit een lid van het portefeuillehoudersoverleg, zijnde de bestuurlijke trekker, en terzake deskundige beleidsmedewerkers van de deelnemers. 3. De exacte samenstelling, werkwijze en vergaderfrequentie van de ontwikkelgroep(en) wordt vastgelegd in de tussen de centrumgemeente en de deelnemers te sluiten dienstverleningsovereenkomst. Hoofdstuk III – Programmamanager Artikel 13 – Programmamanager RES NML 1. Het portefeuillehoudersoverleg, het agenda-overleg en de commissies worden bijgestaan door de programmamanager RES NML die in de overleggen een adviserende stem heeft. 2.

De programmamanager RES NML verzorgt tevens het secretariaat van het portefeuillehouders- en agendaoverleg en de ontwikkelgroepen. 3. De aanstelling, de schorsing en het ontslag van de programmamanager RES NML geschiedt door de centrumgemeente, na een daartoe strekkend advies van het portefeuillehoudersoverleg. Hoofdstuk IV – Overige bepalingen Artikel 14 – Archivering 1. Het college van de centrumgemeente draagt zorg voor de archiefbescheiden van de centrumregeling. 2. De secretaris van de centrumgemeente is belast met het beheer van de archiefbescheiden van de centrumregeling, voor zover deze niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats.

3. Het college van de centrumgemeente stelt voorschriften vast voor het beheer van de archiefbescheiden van de centrumregeling, die nog niet naar de archiefbewaarplaats zijn overgebracht. 4. Voor de bewaring van de over te brengen archiefbescheiden van de centrumregeling wordt aangewezen de archiefbewaarplaats van de centrumgemeente. 5. Met het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden van de centrumregeling, voor zover deze archiefbescheiden niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats, is belast de archivaris van de centrumgemeente. 6. De archivaris van de centrumgemeente brengt tweejaarlijks aan het college van burgemeester van de centrumgemeente verslag uit over het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden van de centrumregeling die niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats. 7. Het college brengt jaarlijks verslag uit aan de gemeenteraad van de centrumgemeente over de uitoefening van de aan hen opgedragen zorg voor de archiefbescheiden en de uitvoering van het archiefbeheer van de centrumregeling. 8. De deelnemers stellen tijdig aan het college van de centrumgemeente de archiefbescheiden beschikbaar die nodig zijn voor de uitvoering van de gemandateerde taken. 9. In een verklaring van terbeschikkingstelling worden de periode van terbeschikkingstelling en het toezicht op het beheer van de ter beschikking gestelde archiefbescheiden geregeld. 10.

In de verklaring kunnen nadere voorwaarden worden gesteld aan de terbeschikkingstelling. Artikel 15 – Toetreding 1. Een college van burgemeester en wethouders van een andere gemeente kan toetreden tot de centrumregeling, indien de deelnemers hiermee unaniem instemmen, onverminderd het bepaalde in artikel 73 van de wet. 2. De deelnemers regelen in overleg de rechten, verplichtingen en financiële gevolgen van de toetreding van de nieuwe deelnemer. Artikel 16 – Wijziging 1. De centrumregeling kan worden gewijzigd bij besluit van ten minste twee derde van de deelnemers, onverminderd het bepaalde in artikel 73 van de wet. 2. Een voorstel tot wijziging kan worden gedaan door een deelnemer. 3. Het wijzigingsbesluit regelt de datum van inwerkingtreding, onverminderd het bepaalde in artikel 74 en 26 van de wet.

Artikel 17 – Uittreding 1. Uittreding kan niet plaatsvinden voor 1 januari 2030. 2. Nadien kan een deelnemer besluiten tot uittreding, onverminderd het bepaalde in artikel 73 van de wet. 3. De uittredende deelnemer deelt het besluit tot uittreding zo spoedig mogelijk schriftelijk mee aan het portefeuillehoudersoverleg en de programmamanager RES NML. 4. De uittreding gaat in op 1 januari van het jaar volgende op het verstrijken van een termijn van twee jaren na het nemen van het besluit tot uittreding, tenzij de deelnemers unaniem een andere opzegtermijn overeenkomen. 5. Gedurende de in het vierde lid genoemde termijn is de uittredende deelnemer de jaarlijkse bijdrage nog volledig verschuldigd. Na volledige betaling en ommekomst van deze termijn zijn partijen niets meer jegens elkaar verschuldigd. 6. Het bepaalde in het vijfde lid laat onverlet dat partijen bevoegd zijn om te onderzoeken of de uittredende deelnemer personeel en activa overneemt. Het voorgaande behoeft echter niet te leiden tot wijziging van overeenkomsten met en verplichtingen jegens derden die zijn aangegaan respectievelijk bepaald voorafgaand aan het tijdstip van het besluit tot uittreding van de deelnemer. Artikel 18 – Opheffing 4. Opheffing kan niet plaatsvinden voor 1 januari 2030. 5. Deze centrumregeling kan nadien worden opgeheven wanneer ten minste twee derde van de deelnemers daartoe besluiten. 6.

De centrumgemeente stelt een liquidatieplan op dat voorziet in de financiële, juridische, organisatorische en personele gevolgen van de opheffing. 7. Voor de vaststelling van de financiële gevolgen van de opheffing en de daarbij te hanteren verdeelsleutel vraagt de centrumgemeente het advies van een onafhankelijke adviseur. Het advies van de onafhankelijke adviseur is voor de deelnemers bindend. De kosten van het inschakelen van de adviseur worden gelijkelijk verdeeld over de deelnemers. 8. Het is in ieders belang om de liquidatiekosten zo laag mogelijk te houden en er wordt afgesproken dat iedere deelnemer een bijdrage levert aan het te herplaatsen personeel. 9. Het besluit tot opheffing bepaalt wanneer de opheffing ingaat, onverminderd het bepaalde in artikel 74 jo. 9, derde lid, en artikel 26 van de wet. Hoofdstuk VI – Slotbepalingen Artikel 19 – Duur van de regeling De centrumregeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.

Artikel 20 – Bekendmaking en evaluatie van de regeling 1. Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2024. 2. De werking van de centrumregeling zal om de twee jaar geëvalueerd worden. De centrumgemeente zal daartoe een onderzoeksvoorstel aan het portefeuillehoudersoverleg voorleggen. 3. De centrumgemeente maakt de centrumregeling in alle deelnemende gemeenten bekend in het door de centrumgemeente uitgegeven Gemeenteblad. 4. Het bepaalde in het derde lid is van overeenkomstige toepassing op besluiten tot wijziging of opheffing van de regeling, alsmede op besluiten tot toetreding en uittreding. 5. De centrumgemeente is belast met de registratie van de centrumregeling overeenkomstig artikel 74 jo. 26, tweede lid, van de wet. Artikel 21 – Citeerwijze Deze centrumregeling wordt aangehaald als Centrumregeling RES NML.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leudal&id=a3355841-7895-429a-9e16-9141dd03524e