CConstaterende datLeudal
Koppel je AI →
Document · PDF

Overdrachtsdocument Sociaal Domein

Commissievergadering Sociaal 23 mei 2022, gemeente LeudalBij agendapunt: Overdrachtsdocument Sociaal Domein3.402 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overdrachtsdocument taakstelling Sociaal Domein Betreft: Overdrachtsdocument m.b.t. de taakstelling besparingen in het sociaal domein, zoals vastgelegd in het plan van aanpak en daartoe strekkend raadsbesluit ‘ Duurzaam evenwicht in het sociaal domein’ (raadsvergadering 3 november 2020). Inleiding Aangegeven kan worden dat in de periode 2020 tot en met 2022 de door de raad vastgelegde besparingsopdracht voor het sociaal domein is gerealiseerd, waarbij voor wat betreft de structurele besparingen voor de jaren 2023 en volgende, nog het nodige werk aan de winkel is. De besparingen voor de periode 2020 tot en met 2022 zijn gerealiseerd op basis van de maatregelen uit het plan van aanpak ‘Duurzaam evenwicht in het sociaal domein’, de waarschijnlijke impact van corona, extra bijdrage van het Rijk (n.a.v. uitspraak arbitrage/’Commissie van Wijzen) en autonome ontwikkelingen. Deze laatste willen wij graag nader toelichten. In het sociaal domein en met name de jeugdzorg worden de kosten/uitgaven sterk beïnvloed door de aan- of afwezigheid van zeer complexe jeugdzorgproblematiek. Vergt een dergelijke problematiek een beschikking in de vorm van bijv. ‘behandeling met verblijf’, dan bedragen de kosten op jaarbasis al snel tussen de EUR 100.000 en EUR 150.000 per jaar.

Een aantal jongeren meer of minder met deze problematiek en als gevolg daarvan noodzakelijke zorg en hulp, heeft een grote invloed op de totale uitgaven jeugdzorg in enig jaar. Complicerende factor bij de Jeugdzorg is daarbij dat de gemeente slechts op een deel van de toegang directe invloed heeft. Het feit dat wij nog niet precies kunnen benoemen wat de betekenis is van elk van de gegeven ontwikkelingen en maatregelen, maakt dat de regio Midden-Limburg West (samenwerkingsverband van Leudal, Weert en Nederweert) in haar programmaplan heeft vastgelegd dat er meer data beschikbaar dienen te komen, zodat er beter grip is op maatregelen en daarmee gestuurd kan worden op ontwikkelingen (o.a. kosten). Wij constateren momenteel dat er een structurele besparing is gerealiseerd binnen het sociaal domein van ca. EUR 300.000 (zie ook het overzicht in bijlage 1 op het eind van deze notitie). De één op één relatie tussen maatregel en te besparen/bespaarde bedrag is moeilijk te leggen, maar dat er een relatie is, is onmiskenbaar. De in het PvA ‘Duurzaam evenwicht in het sociaal domein’ per maatregel genoemde bedragen waren/zijn (indicatieve) richtbedragen. Zo is het bijvoorbeeld niet aan te geven wat ‘het uitrollen’ van de praktijkondersteuners Jeugd bij huisartsen aan besparing in de Jeugdzorg oplevert.

Dit geldt eveneens voor de pilot ‘Lokale Behandelteams’ (een maatregel), waarbij het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) nauw samenwerkt met de meer specialistische, tweede lijns-zorg om in een vroeg stadium duurdere specialistische zorg te voorkomen. Zoals hiervoor aangegeven, bestaat er voor 2023 en volgende jaren nog een grote onzekerheid of de besparingen, zoals opgenomen, gerealiseerd gaan/kunnen worden. Daarom zetten wij voor de nieuwe gemeenteraad en het college verderop een tweetal scenario’s op een rijtje. Besparingsopdracht sociaal domein uit het PvA ‘Duurzaam evenwicht in het sociaal domein’ In het Plan van Aanpak ‘Duurzaam evenwicht in het sociaal domein’ zijn een aantal maatregelen opgenomen die samen moeten leiden tot de volgende besparing.

Bedrag te besparen

2022 2.097.600 euro

2023 3.142.600 euro

2024 3.142.600 euro

2025 3.142.600 euro

De afgelopen jaren is het volgende structureel aan besparingen ingeboekt:

jeugdzorg WMO Omnibuzz Participatie (Westrom/Riss) Totaal

2022 2.815 25.022 210.794 238.631

2023 2.815 33.477 222.433 258.725

2024 2.815 44.006 261.359 308.180

2025 2.815 37.851 264.734 305.400

1

In bijlage 1 bij dit document is een financieel overzicht opgenomen van de realisatie en actuele raming van de taakstelling en hoe de (deels toegezegde) extra inkomsten van het Rijk zijn verwerkt. Daaruit blijkt dat de structureel in te boeken besparingen voortkomend uit direct beïnvloedbare factoren ten opzichte van de totaal te realiseren taakstelling relatief laag zijn. Ook de nog te realiseren besparingen met een beïnvloedbaar karakter zullen niet toereikend zijn om de totale taakstelling te realiseren. De voorzieningen in het sociaal domein zijn immers zogenaamde “openeinde”-voorzieningen waarbij factoren als landelijke economische ontwikkelingen en demografie de grootste lastenbepalende factor vormen.

In dit overdrachtsdocumenten willen wij de nieuwe coalitie onderstaande scenario’s schetsen met een advies over het vervolg. Scenario 1: taakstelling handhaven en rekening houden met onzekere, exogene factoren Hierin gaan wij uit van de besparingsopdracht (en maatregelen), zoals in het plan van aanpak ‘Duurzaam evenwicht in het sociaal domein’’ opgenomen en budgettair verwerkt in onze meerjaren Programmabegroting. Ook kijken wij naar de maatregelen zoals in het Regeerakkoord opgenomen.

Uit dit overzicht kan de vertaling voor Leudal gemaakt worden en dat wil dan zeggen dat in de coalitieperiode 2022-2026 voor Leudal voor 2022 een extra bijdrage van ruim 1,7 miljoen verwacht mag worden en vervolgens voor 2023 een bedrag van bijna 1,5 miljoen, voor 2024 ca. 1,4 miljoen en voor 2025 een bedrag van een kleine 1,3 miljoen. In de begroting 2022-2025 is reeds rekening gehouden met deze extra middelen. Hierbij geldt de kanttekening dat het Rijk deze bedragen nog niet hard heeft toegezegd (zie voor voornoemde bedragen ook het overzicht op het eind van dit document (bijlage1)). Naast deze extra bijdrage/inkomsten wil het Kabinet o.a. de volgende maatregelen m.b.t. de jeugdzorg invoeren1: • Per 2024 een eigen bijdrage voor de jeugdzorg; • Behandelduur beperken. Naast deze maatregelen in de jeugdzorg wil het kabinet ook maatregelen m.b.t. de Wmo nemen, zoals: • Er komt een bijdrage naar draagkracht voor cliënten voor o.a. huishoudelijke hulp. Dit staat als zodanig in het nieuwe rijks-regeerakkoord, maar moet nog geëffectueerd worden. Deze maatregelen zullen hun effect hebben op de uitgaven van gemeenten in het sociaal domein. Naast deze maatregelen mogen ook financiële effecten verwacht worden van de uitkomsten van de Hervormingsagenda Jeugd.

In deze agenda wordt door Rijk, gemeenten, aanbieders, professionals en cliënt-organisaties gewerkt aan concrete plannen die tot een financieel beheersbaar en kwalitatief goed jeugdstelsel moeten leiden.

1

Het CPB (https://www.skipr.nl/nieuws/deel-maatregelen-zorguitgaven-te-vaag-voor-cpb-om-door-terekenen/) geeft aan dat de coalitie maatregelen wil nemen in de jeugdzorg. Vanaf 2024 wil men mogelijk behandelingen gaan normeren of een eigen bijdrage voor jeugdzorg invoeren of een combinatie hiervan. Maar wat het precies gaat worden, is niet duidelijk en er worden geen bedragen aan gekoppeld. De maatregelen om deze jeugdzorguitgaven te verlagen zijn volgens het CPB onvoldoende uitgewerkt. Toch heeft het kabinet hier een structurele besparing van 500 miljoen euro voor gerekend.

2

Onduidelijk is nog hoe het woonplaatsbeginsel gaat uitwerken en dit geldt ook voor de doordecentralisatie van de maatschappelijke opvang/beschermd wonen. Negatieve effecten worden niet verwacht, maar pas eind 2022 (begin 2023) kan aangegeven worden of er positieve (financiële) effecten zitten aan deze maatregelen voor de gemeente Leudal. Voor het onderdeel maatschappelijke opvang/beschermd wonen geldt dat in de begroting rekening is gehouden met een voordeel van structureel 460.000 euro. Scenario 2 Taakstelling handhaven en ‘nieuwe zoekgebieden aanboren’ en de taakstelling structureel verlagen met EUR 1.112.500 Kijken wij alleen naar de maatregelen zoals in het PvA ‘ Duurzaam evenwicht sociaal domein’ gepresenteerd, dan kunnen wij constateren dat deze onvoldoende zijn om de aangegeven besparingen (structureel) te realiseren. Oorzaak hiervan is het feit dat de verwerving zoals uit de laatste berekeningen blijkt, niet de geprognotiseerde besparingen gaan opleveren. Dit heeft te maken enerzijds met het feit dat het Rijk vastgelegd heeft dat ‘reële prijzen’ betaald dienen te worden en bepaald heeft welke deze dienen te zijn. Daarnaast hebben veel zorgaanbieders met financiële problemen/tekorten te maken. Zeker de gespecialiseerde (en duurdere) zorg heeft te maken met personeelstekort en dient een inhaalslag te maken waar het betreft de salariëring.

Daarnaast zorgt de Norm van Opdrachtgeverschap (Rijksbeleid) dat wij ‘gedwongen’ worden om de schaalgrootte van aanbestedingen te verbreden naar ML-Oost en Limburg-Noord. Waardoor wij minder focus gegeven kan worden aan de specifieke onderwerpen/situatie van Leudal. Buiten deze samenwerkingsverbanden aanbesteden is zoals aangegeven niet toegestaan en onmogelijk omdat ons hiervoor de kennis en capaciteit ontbreekt en de ‘massa’/volume, waardoor een lagere prijs bedingen niet realistisch is. Gevolg van dit alles is dat wij onderstaande, extra besparingsmaatregelen voorstellen en om die tijdig in gang te zetten, zodat deze maatregelen op korte termijn een bijdrage leveren aan de besparingen. Hierbij is het van belang dat een nieuwe Raad en College hier in de tweede helft 2022 een besluit over nemen om een aanvang van realisatie in 2023 mogelijk te laten zijn. Het verkennen en doorvoeren van de maatregelen vergt namelijk de nodige tijd. De genoemde bedragen in onderstaande tabel zijn richtbedragen (indicatief). Maatregel

Toelichting

Risico

Beëindigen subsidiering besturen Woontussenvoorziening

Activiteiten die nu in de woontussenvoorziening en plaatsvinden, kunnen ook in de gemeenschapsaccommodaties gehouden worden Gemeenten zijn niet wettelijk verplicht om deze bijdragen te betalen

Een verandering roept weerstand op en zeker waar mogelijk geschoven moet worden met dag en tijd.

Beëindigen bijdragen aan aanvullende ziektekostenverzekeri ng voor minima

Inzet orthopedagoog in basisonderwijs Wij zien een afname van de lasten binnen begeleiding WMO met name door een striktere toegang. Per saldo leiden vorenstaande

Mogelijk zullen er inwoners afzien van een aanvullende ziektekostenverzekeri ng en gaat men deze declareren via de bijzondere bijstand of ontzegt men zich medische hulp.

Besparing op jaarbasis €20.000 (structureel)

€100.000 (structureel) Exclusief meerkosten bijzondere bijstand en stijgende uitvoeringskosten. p.m. € 300.000 (structureel)

3

Maatregel

Toelichting

Risico

Besparing op jaarbasis

Beschikken van ‘poetshulp’ bij cliënten die geholpen zijn met minimale huishoudelijke hulp

Poetshulp kan ingekocht worden bij schoonmaakbedrijven, die een goedkopere CAO kennen dan thuiszorgorganisaties.

Onrust bij cliënten en mogelijk een toename van bezwaar- en beroep-procedures Er wordt niet voldaan aan de contract -en kwaliteitseisen binnen de Wmo hbh.

Aan de voorkant nog beter checken en verbreden van huidig aanbod op de inzet van voorliggende voorzieningen.

In de evaluatie beleidsplan sociaal domein febr. 2022 staat aangegeven dat Leudal bijna 10% minder cliënten dan Nederweert, wijst op algemene voorzieningen (te weten 44% t.o.v. 52%). Ook maakt 56% van de cliënten in Leudal gebruik van algemene voorzieningen t.o.v. 62% in Nederweert. In de evaluatie wordt aangegeven dat

Hier wordt door onze toegang zeer kritisch aandacht aan gegeven en ook uiteraard naar verwezen, indien mogelijk. Dit onderdeel is lastig financieel niet te beoordelen.

Rekening dient gehouden te worden met BTWberekening. Schoonmaakbedrijv en dienen btw te berekenen. Stijging van uitvoeringskosten door intensiever en ander indicatietraject. € 10.000 - € 20.000 (structureel)

ontwikkelingen tot een inschatting dat structureel € 300.000 afgeraamd kan worden op het onderdeel Wmo ten gunste van de taakstelling sociaal domein. Per 2023 geldt een nieuwe inkoopstrategie (PxQ in plaats van profielen), dit naar aanleiding van een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Op dit moment is nog niet duidelijk welk financieel effect hieraan gekoppeld is. Desondanks is op basis van de huidige inschatting de verwachting dat binnen de Wmo structureel € 300.000 kan worden af geraamd.

4

Maatregel

Kostenbewustzijn vergroten/Budgetverantwoordelijkheid bij afdeling WMO/klantconsulenten neerleggen

Voorkeurverwijzingen naar bewezen goede aanbieders (wmo en jeugdzorg)

Afschalen van zware maatwerkvoorzieninge n naar lichte maatwerkvoorzieninge n (nieuwe indicaties en herindicaties)

Toepassen 5% boeteclausule bij late facturatie aanbieders

Toelichting bekendheid met de algemene voorzieningen en ook het gebruik ervan zou vergroot kunnen worden Door de inzet van onze kwaliteitsmedewerker en de controle op bestaande dossiers zullen voor betere sturing en inzichten zorgen. Daarnaast zal er ook meer sturing en inzicht gegeven worden op o.a. de kosten en dit d.m.v. opleveren en bespreekbaar maken van de kwartaalrapportages Wmo. Dit zal niet alleen voor beleid, financiën maar ook voor de uitvoering meer inzichten en meer sturing kunnen geven op bepaalde werkwijzen Er zou wel meer grip en sturing ingezet kunnen worden op de controle en toezicht van de kwaliteit van de zorgaanbieders (extra inzet fte inkoop -en contractmanagement én toezichthouder). Ook hier zullen we (extra) moeten gaan inzetten op onze huidige data input en omvorming tot de juiste rapportages en inzichten daarvan. Zo zou beter gestuurd kunnen worden en onze ‘klant’ blijvend gevolgd kunnen worden in het gehele proces. Hier zijn onze systemen niet op ingericht, datagestuurd werken is nog niet mogelijk op dit moment Bij facturen/ nafacturaties die te laat worden aangeleverd wordt 5% van het factuurbedrag in

Risico

Besparing op jaarbasis

Een norm voor afschaling opleggen of uitsluitende sturing op kostenreductie heeft ook als risico dat de adequate noodzakelijke zorg niet meer de norm is maar alleen de mate van afschalen en er dus geen maatwerk meer kan worden geleverd.

p.m.

Verwijzen naar slechts enkele gecontracteerde aanbieders kan tot procesrisico’s leiden.

€ 10.000 - € 40.000 (structureel)

Herindicaties leiden tot incidenteel extra uitvoeringskosten.

p.m.

Het kan de gemeente extra taken en werkzaamheden opleveren. Ervan uitgaande dat

€ 10.000 (structureel)

Onderdeel en prioriteit binnen het huidige programmaplan SD.

Ook dit is onderdeel en prioriteit binnen het programmaplan SD. Er wordt, naast de jeugd, ook binnen de Wmo hieraan gewerkt. Er worden (data) rapportages momenteel gebouwd.

5

Maatregel

Versoberen mantelzorgcompliment

Toelichting

Risico

mindering gebracht. Indien er niet op tijd gefactureerd kan worden door achterstanden of technische problemen met het berichtenverkeer bij de opdrachtgever, zal er geen kortingspercentage worden toegepast. Bij een oorzaak door derden zullen we met de zorgaanbieders in gesprek gaan om te beoordelen of het terecht is om de 5 % in mindering te brengen Jaarlijks kunnen mantelzorgers binnen de gemeente Leudal een compliment en dus bijdrage van €50 aanvragen. Dit wordt zeer gewaardeerd door onze mantelzorgers en verzorgenden. Je zou deze bijdrage kunnen verlagen naar bijvoorbeeld € 30 per jaar

aanbieders van een boete “leren” heeft dit geen structureel karakter.

minimale besparing tov een grote maatschappelijke impact.

Besparing op jaarbasis

€ 5240 (berekening obv aantallen van 2021, 262 aanmeldingen)

Naast het doorvoeren van deze maatregelen hoort bij dit scenario ook dat de taakstelling structureel met EUR 1.112.500 verlaagd wordt en dat dit meegenomen wordt in de Kaderbrief/-nota 2023 die voor het aanstaande zomerreces ter besluitvorming aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Ondanks alle inspanningen is het niet realistisch te veronderstellen dat de taakstelling (structureel € 2.661.276) gerealiseerd kan worden, gezien alle ontwikkelingen zoals hiervoor bij scenario 2 geschetst (o.a. reële prijzen voor zorgaanbieders, Norm voor Opdraachtgeverschap). Conclusie: Het is niet zo dat wij met dit overdrachtsdocument een somber verhaal willen schetsen, maar wij willen wel een realistisch beeld schetsen en een daarbij behorende ‘winstwaarschuwing’ afgeven naar de toekomst toe. Hierbij moeten wij ons ervan bewust zijn dat bij het invullen van de meerjarige in de begroting opgenomen taakstellingen ook op een gegeven moment gesneden moet worden in de zorg voor onze kwetsbare inwoners en jeugdigen waarbij de minimale uitvoering van de wettelijke taken mogelijk eveneens in het gedrang komt. Er is ook een aantal positieve zaken te noemen: De kwaliteit van de jeugdzorg en de Wmo staat hoog aangeschreven en cliënten waarderen de hulp en zorg als positief en goed; In de opgave om meer grip te krijgen op de kosten zijn wij vrij goed geslaagd.

Het is nu zaak om dit goed te borgen en hierbij ook de ontwikkelingen die vanuit het Rijk (nog) komen goed op te laten aansluiten. Dan gaat het over het woonplaatsbeginsel, norm van opdrachtgeverschap, doordecentralisatie Maatschappelijke Opvang/Beschermd Wonen,

6

Hervormingsagenda Jeugd en de eventuele afschaffing van het huidige abonnementstarief binnen de Wmo. Leudal heeft zich (in het verleden) geprofileerd als een zorggemeente. De roep om te bezuinigingen zorgt ervoor dat het sociale gezicht en de zorg voor kwetsbare inwoners (als bijv. mantelzorgers en inwoners met dementie) onder druk staat. Vooralsnog heeft Leudal getoond in de discussie rond financiën in de jeugdzorg en in het algemeen in het sociaal domein, dat minder kosten niet een resultante is van een vooraf in te boeken prognoses in een excelbestand. Wij moeten ook stil staan bij vragen zoals: wat vinden wij belangrijk voor onze burgers, welk voorzieningenniveau willen wij hebben? Dit laat onverlet dat financiën hierbij belangrijk zijn, maar moet dit het enige uitgangspunt zijn? Willen wij een gezin dat te maken heeft met een jeugdige met problematiek, zoals bijv. anorexia, de behandeling weigeren, omdat de behandeling te duur is of het budget op is? Willen wij een 80-plusser, die recent zijn partner verloren heeft en die zelf hulpbehoevend is (bijv. slechtziend, minder goed ter been), passende huishoudelijke hulp weigeren, omdat het ons te duur is? Dit betreft principiële inhoudelijke beleidsmatige keuzes die een zorgvuldige (her)overweging van onze bestuurlijke ambities en beleidsdoelstellingen noodzakelijk maakt.

Dat betekent dat er – te midden van financiële druk op uitgaven en onzekerheden over inkomsten - voldoende tijd nodig is om daarover bestuurlijk en ambtelijk met elkaar van gedachten te wisselen en duurzame keuzes te maken. De aanzet die de laatste jaren is gemaakt, laat zien dat het doorvoeren van inhoudelijke verbeteringen, doen wat nodig is, werken vanuit vertrouwen en vanuit de uitgangspunten van de visie leidt tot maatschappelijke opbrengst voor onze inwoners tegen zo laag mogelijke kosten. Feitelijk is daarom met de kennis van nu alleen scenario 2 een realistische optie. Als wij uitsluitend blijven focussen op de maatregelen, zoals benoemd in het PvA ‘Duurzaam evenwicht sociaal domein’ en een aantal nieuwe besparingsmaatregelen gestart worden, dan is de verwachting dat slechts gedeeltelijk tegemoet gekomen wordt aan het besparingsdoel. Om het gesprek over welke besparingsmaatregelen genomen zouden moeten worden te starten, is hierboven een voorzet gegeven van diverse aanvullende maatregelen. Die naast het af ramen van de taakstelling noodzakelijk zijn. Hierbij wordt nogmaals opgemerkt, dat het moeilijk is de besparingsopbrengst per maatregel, zoals in de tabel hierboven vermeld, glashard aan te geven. Het is een indicatief-/richtbedrag. Het advies is dan ook om scenario 2 verder door te voeren.

Disclaimer • Er kunnen (en zullen) (externe) factoren zijn die hun invloed hebben op de scenario’s. Zoals al aangegeven kan een crisis (bijv. pandemie of een economische crisis en de gevolgen van de momenteel actueel zijnde oorlog in de Oekraïne) zorgen voor meer en andere hulpvragen. Zo is niet geheel duidelijk wat de gevolgen van de corona-pandemie zijn en of dit een extra vraag en behoefte aan zorg(-uitgaven) gaat betekenen. • Het Rijksbeleid was een onzekere factor en blijft (naar verwachting) dit de komende jaren en zal daarmee zijn impact hebben op het beleid in het sociaal domein. • Zoals in de inleiding aangegeven waren wij en blijven wij als relatief kleine gemeente sterk afhankelijk van autonome ontwikkelingen. Ontwikkelingen waar wij geen grip/invloed op hebben. Het gaat dan met name om de vraag/behoefte aan dure (jeugd)zorg en hulp. • Naast deze factoren zijn wij afhankelijk van autonoom beleid in onze gemeente. Daar waar er bijv. woningen beschikbaar komen speciaal voor bijv. ouderen en inwoners waarvan de relatie stopt, zal de vraag naar woningaanpassing en ondersteuning naar verwachting dalen of minder probleem-/crisissituaties ontstaan. Schuldhulpverlening, speelruimte, sportverenigingen, goed basisonderwijs enz. enz. draagt allemaal bij aan een goed en gezond opgroeien en voorkomt hulpvragen.

En daar waar opgroei- en opvoedproblemen en -vragen zijn, dienen die laagdrempelig en adequaat opgepakt te worden. Werk- en inkomenszekerheid zorgt voor bestaanszekerheid en daarmee minder kans op problemen. In het algemeen kan aangegeven worden dat daar waar geïnvesteerd wordt in de voorkant (meer preventie, informele zorg en basishulp) het kansrijk is om kostenbesparingen te realiseren aan de achterkant (minder specialistische ondersteuning).

Zie tabel op volgende bladzijde. 7

8

Bijlage 1: Verloop en realisatie van de taakstelling over de jaren

In vorenstaand overzicht is als eerste weergegeven het verloop van de taakstelling binnen de Participatiewet (uitkeringen), jeugdzorg en WMO begeleiding/hulp bij de huishouding. Daarna is aangegeven welke budgetten zijn gemuteerd ten gunste van de taakstelling. De regel “Verschil met verplichting/taakstelling” geeft aan welk bedrag er structureel vanaf 2023 nog gerealiseerd dient te worden. Tot slot zijn de extra inkomsten vanuit het Rijk weergegeven. Dit betreffen algemene middelen die niet geoormerkt zijn. Voor 2021 zijn deze toegevoegd aan de algemene middelen omdat de taakstelling gerealiseerd gaat worden. Voor 2022 zijn deze ingezet voor de taakstelling aangezien de verwerving vertraging heeft opgelopen en daardoor de taakstelling niet gerealiseerd kan worden. Voor 2023 is besloten om deze middelen toe te voegen aan de algemene middelen. In de begroting 2020 zijn de budgetten bijgesteld op basis van de toen bekende gegevens (daarna jaarlijks geïndexeerd). De bijstelling (verhoging van de budgetten) is toen gefinancierd uit de algemene middelen. Op basis van de toen actuele uitgaven is besloten tot een taakstelling om de uitgaven te verlagen. 9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leudal&id=882cab29-3b41-46d3-9fc3-da4a6b2f272a