Inspreek tekst inzake Omgevingsvisie van de heer Rogé Theelen namens de bewonersgroep Kikveld e.o. (lange versie)
Tekst van het document
Beste Commissieleden, Dank dat ik hier namens omwonenden van het Kikveld in Roggel het woord mag voeren over de Omgevingsvisie “Leudal, Natuurlijk!”, ook in relatie tot de bouwplannen rond Kikveld in Roggel. Allereerst een groot compliment: de visie toont overduidelijk een heldere ambitie voor een groene, leefbare en toekomstbestendige gemeente. De nadruk op landschap, leefkwaliteit en zorgvuldig ruimtegebruik past bij wat Leudal moet zijn. Juist omdat deze omgevingsvisie straks het strategische toetsingskader vormt voor latere besluiten – omgevingsplan, omgevingsvergunningen, projectbesluiten – wil ik vanuit een positiefkritische grondhouding constructief een aantal overwegingen meegeven, maar ook enkele zorgen uiten: 1. Participatie is noodzaak om tot een gedragen besluitvorming te komen; motiveringsplicht is meer dan een formaliteit De Omgevingswet maakt van participatie geen vrijblijvende “nice to have” meer.
Bij een omgevingsvisie geldt een motiveringsplicht: de gemeente moet kunnen uitleggen hoe inwoners, bedrijven en organisaties zijn betrokken bij het proces en de besluitvorming en wat inhoudelijk met hun input is gedaan; welke overwegingen zijn om welke reden al dan niet in de besluitvorming meegenomen, en hoe is getracht de gevolgen van niet in de besluitvorming gehonoreerde overwegingen of bezwaren te mitigeren? In de praktijk liep dit proces in onderhavige casus, naar onze mening, minder goed: • De inloopavonden voor de Omgevingsvisie zaten snel vol en werden stopgezet. • Veel inwoners – waaronder wij – hebben daardoor geen of onvoldoende toegang gehad tot het proces, terwijl de bereidheid om mee te denken groot was. Desondanks kwamen er 112 zienswijzen binnen. Dat is positief. Echter voordat ik verder op de inhoud in ga, wil ik benoemen wat misschien te weinig wordt uitgesproken: deze materie is voor veel inwoners ontzettend complex. Een Omgevingsvisie gaat niet alleen over bouwen, maar over een web van stikstofregels, Natura 2000-doelen, procedures, begrippen als zoeklocaties en inbreiding, juridische plichten zoals de Ladder voor duurzame verstedelijking, en hoe dat doorwerkt in vergunningen en plannen. Dat is voor raadsleden al een hele kluif – laat staan voor burgers die naast werk en gezin moeten trachten zich de materie en het begrippenkader eigen te maken.
Uiteraard geen verwijt - besturen is complex en vergt belangenafweging binnen een complex geheel van juridische en bureaucratische terminologie. Maar het legt bij u als commissie en gemeenteraad een extra plicht: wees kritisch of deze keuzes écht gedragen worden door de mensen die met de directe gevolgen ervan moeten leven. Dan naar de inhoud.
2. De koers van de visie: inbreiding vóór uitbreiding — terecht, maar lijkt niet consequent toegepast De visie zegt – volledig in lijn met de Ladder voor duurzame verstedelijking – dat bij nieuwe woningbouw eerst naar inbreiding en herstructurering moet worden gekeken, en pas daarna naar uitbreiding aan de randen. De visie kiest dus terecht voor: “Inbreiding en herstructurering waar mogelijk; pas uitbreiden waar noodzakelijk.” Die ladder is onder de Omgevingswet een instructieregel in het Besluit kwaliteit leefomgeving: bij nieuwe stedelijke ontwikkeling (en woningbouw vanaf grofweg 12 woningen valt daar al snel onder) moet de behoefte worden aangetoond én gemotiveerd waarom dit niet binnen bestaand stedelijk gebied kan. In dat licht valt op: • Dat logische inbreidingskansen in Roggel – met name de locatie Reppelstraat/Heverstraat waar meerdere initiatiefnemers actief de gemeente opgezocht hebben (maar helaas nee op hun rekest gekregen hebben) – níet als zoeklocatie zijn opgenomen. In het licht van een visie tot en met 2040 zouden we hier op zijn minst een duidelijke bestendige lijn van de gemeente verwachten, • Terwijl aan de zuidrand, op het Kikveld, juist wél een uitbreidingszoeklocatie is ingetekend, direct tegen ecologisch gevoelig gebied (te weten 50 meter van Natura2000 en pal tegen de EHS aan).
Dat schuurt met de eigen lijn van de visie én met de Ladder: als er binnen de kern een reëel alternatief beschikbaar is, wordt het veel lastiger om later juridisch te verdedigen dat je toch buiten het bestaande stedelijk gebied gaat bouwen. Daarmee raakt dit niet alleen onze wijk, maar ook de juridische robuustheid van de gemeentelijke woningbouwopgave als geheel. 3. De visie legt sterke nadruk op natuur, landschap en klimaat (met als kernwaarden: rust, ruimte en groen) — maar de zoeklocatie Kikveld botst daar mee Dan concreet over het Kikveld als zoeklocatie. Het Kikveld: • ligt direct aan de grens van Natura 2000-gebied Leudal, • ligt in een zone met habitatdoelen gericht op uitbreiding van beekdalbossen en herstel van kwetsbare systemen, • grenst aan habitattypen waarvoor de landelijke doelstelling expliciet inzet op uitbreiding van oppervlakte en verbetering van kwaliteit, • bevindt zich in een zone die volgens AERIUS-monitoring nu al een matige stikstofoverbelasting kent, • ligt in een overgangslandschap dat de Omgevingsvisie zelf typeert als kwetsbaar en waardevol. In die context is het vreemd dat juist dit gebied in de visie is opgenomen als woningbouwzoeklocatie — en inmiddels zelfs specifiek wordt uitgewerkt door een projectontwikkelaar. Bovendien is dit ons inziens in de huidige maatschappelijke context omtrent stikstof en het uitkopen van boeren niet verdedigbaar.
Sinds de zogenoemde Porthos-uitspraak van de Raad van State (2 november 2022) is de landelijke bouwvrijstelling voor stikstof vervallen. Voor élk project nabij Natura 2000 moet weer individueel worden bekeken of er geen significant negatief effect optreedt, ook in de bouwfase. Bovendien geldt dat een project in of nabij Natura 2000 kan worden afgewezen wanneer er redelijkerwijs beschikbare alternatieven bestaan die minder ecologische schade veroorzaken. Met zekerheid kan worden gesteld dat er betere alternatieven zijn. Tegelijkertijd laten recente nieuwsberichten zien dat in Limburg de bouw van bijna 30.000 woningen onder druk staat door stikstofregels; de provincie noemt de situatie in een recente rapportage zelf “op z’n zachtst gezegd prangend”. Met andere woorden: we weten dat stikstof juridisch een mijnenveld is. Dan is het op z’n minst discutabel om in de omgevingsvisie uitgerekend een Natura 2000-randzone met overbelasting als zoeklocatie vast te leggen, terwijl er inbreidingsalternatieven zijn die verder van Natura 2000 af liggen. En niet alleen in Roggel, maar ook in andere dorpen binnen de gemeente Leudal. Wij zijn niet tegen woningbouw – integendeel. Woningbouw is hard nodig, in het belang van onze kinderen en alle anderen die beperkt worden in hun zoektocht naar passende woonruimte.
Maar als je nu een risicolocatie verankert in de visie en al concreet aan het uitwerken bent met een ontwikkelaar, loop je het gevaar dat je straks jaren vastzit in procedures, terwijl je elders in het dorp sneller en met minder juridische bezwaren kunt bouwen. 4. Ruimtelijke kwaliteit – de omgevingsvisie schrijft aansluiting bij het bestaande karakter voor De omgevingsvisie zegt dat nieuwe ontwikkelingen moeten aansluiten bij de schaal, identiteit en ruimtelijke kwaliteit van de bestaande structuur. De wijk Pasveld is een ruim opgezette villawijk, en ook aan het Kikveld liggen vrijstaande woningen op grote, groene en boomrijke percelen, deels tegen de bossen aan. Als op het Kikveld een programma met een relatief groot aandeel compacte en/of sociale woningbouw zou komen (inclusief hoogbouw), zou dat in het geheel niet aansluiten bij het bestaande karakter van de wijk en derhalve afbreuk doen aan de ruimtelijke kwaliteit en consistentie van het betreffende gebied. Nogmaals: woningbouwprogramma’s die een goede afspiegeling vormen van de beoogde doelgroepen juichen wij toe en zijn maatschappelijk gezien hard nodig. Maar het moet op de juiste plek gebeuren, en de omgevingsvisie dwingt u om dat goed te motiveren. Ook daarom is een onafhankelijke en kritische afweging binnen het kader van de visie noodzakelijk.
Op dit moment is die motivering voor het Kikveld als zoeklocatie – vergeleken met de inbreidingsopties – erg mager. Dat vergroot ook hier de kans dat besluiten later onderuitgaan, omdat de ruimtelijke afweging onvoldoende is onderbouwd.
5. Dit is geen “NIMBY” — dit is een oproep tot verstandig, uitvoerbaar en houdbaar beleid, gericht op structurele kwaliteitsverbetering van het woon- en leefklimaat in onze gemeente en specifiek in Roggel. Leudal heeft ambitie. Dat waarderen wij, maar Leudal heeft ook: • een kwetsbare Natura 2000-zone met stikstofgevoelige habitats , • aantoonbare stikstofoverbelasting, • een verleden waarin bestemmingsplannen onderuit gingen op natuur- en emissiekwesties (bijv. Raad van State-uitspraken over Buitengebied Leudal, waar stikstofemissies en Natura 2000-toetsen leidden tot vernietiging), • bedreigingen als hydrologische veranderingen en verontreinigingen. • een gemeente met 16 dorpen, waarover idealiter de nieuwbouwopgave naar evenredigheid verdeeld zou moeten worden. Een relatief kleine kern als Roggel neemt door dit grootschalige project een onevenredig groot deel van de woningbouwopgave van de gemeente Leudal op zich. Dan is de enige verstandige route: bouw waar het planologisch logisch, ecologisch verantwoord en juridisch haalbaar is. Kies niet voor een locatie op 50 meter van een overbelast Natura 2000-gebied, waar extra depositie de doelen ondermijnt en i.g.v. procedures jaren kan vertragen.
Commissie- en Raadsleden: besef dat dit niet alleen ecologisch riskant is, maar ook jullie verantwoordelijkheid raakt — vertragingen kosten geld, frustreren woningzoekers en ondermijnen vertrouwen. Het benedenstroomse Kikveld-deel, grenzend aan de Leubeek-benedenloop, is precies zo'n kwetsbare zone die prioriteit moet krijgen voor herstel, niet voor bebouwing. Indien beperkt tot Roggel, zou inbreiding richting De Leistert dit alles kunnen voorkomen en beter passen bij het kernrandbeleid, zonder opschuiven naar het buitengebied. Maar ook andere dorpen binnen de gemeente bieden inbreidingsmogelijkheden die minder sterk in conflict komen met natuurbehoud en beter in lijn liggen met de kernwaarden uit de Omgevingsvisie. 6. Samenvattend – wat vragen wij concreet van u? Voorzitter, wij steunen de ambitie van de omgevingsvisie. We zijn vóór een toekomstbestendige woningbouwopgave. Maar vanuit zowel bewoners- als juridische bril vragen we u om het volgende: 1. Ben kritisch op het proces tot op heden en naar de toekomst Reflecteer bij de vaststelling eerlijk op de beperkte participatie tot nu toe en zorg in de verdere uitwerking (omgevingsplan, gebiedsplannen) voor een extra stevige, open participatie waarbij omwonenden wél volwaardig kunnen aanhaken.
Hierbij merken we extra op dat de ontwikkelaar en ook ambtelijk verantwoordelijken tot op heden dit ons inziens onvoldoende hebben weten te waarborgen.
2. Zorg voor interne consistentie met de Ladder voor duurzame verstedelijking. Als de visie inzet op inbreiding vóór uitbreiding, benoem dan in de visie ook de inbreidingslocaties waar concrete kansen liggen – zoals Reppelstraat/Heverstraat – en wees terughoudend met zoeklocaties extra woningbouw buiten de kernen in kwetsbare randen, zoals het Kikveld. 3. Toets de zoeklocatie Kikveld streng aan Natura 2000, EHS en stikstof. Leg in de visie niet achteloos een locatie vast die aan de rand van een overbelast Natura 2000-gebied, en pal aan kwetsbare EHS ligt, terwijl er alternatieven binnen de kern bestaan. Wat vandaag pragmatisch lijkt, kan morgen een juridisch blok aan het been blijken. 4. Neem de ruimtelijke kwaliteit en het karakter van bestaande wijken serieus bij het bepalen van toekomstige bouwprogramma’s. Besef dat een andere typologie tegenover een villawijk niet vanzelfsprekend past binnen de kwaliteitsambities van de visie en dat dit goed onderbouwd moet worden. Wij vragen om zorgvuldigheid, juridische robuustheid en consequente toepassing van uw eigen uitgangspunten, zodat de Omgevingsvisie ook echt het kompas wordt dat onze dorpen nodig hebben.
En onderdeel daarvan is wat ons betreft een zeer kritische blik op bouwen richting Natura 2000, zeker nu er aan de noordzijde van Roggel en in andere dorpen volop inbreidingskansen liggen die zowel beleidsmatig als juridisch beter te verdedigen zijn. Als bewoners willen wij hier graag constructief en met volle inzet aan meewerken om vanuit gedeelde belangen middels de participatie-gedachte dit samen op te pakken. Dank u wel.