CConstaterende datLeudal
Koppel je AI →
Document · PDF

E-mail raadslid M. Wagemans 29nov21 met 'Notitie Strategisch Beleid Leudal, een pleidooi voor vernieuwing'

Raadsvergadering 14 december 2021, gemeente LeudalBij agendapunt: Vaststellen Strategische visie 2021-2035 ‘Mooi leven in Leudal’1.705 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Van: Mathieu Wagemans Verzonden: maandag 29 november 2021 10:21 Aan: Commissie B&M CC: Wim Cornelissen; College; Raadsleden Onderwerp: Notitie strategisch beleid Leudal Dag dames, heren, Bijgaand een Notitie met het verzoek die te betrekken bij de Agendapunt Strategische Visie in de Cie BM van komende woensdag. We overwegen, mede afhankelijk van de bespreking in de Cie BM, een Amendement in te dienen voor de Raad van 14 december. Beste groeten, Thieu

1

Notitie Strategisch Beleid Leudal, een pleidooi voor vernieuwing Betreft: Agendapunt Vaststelling Strategische Visie “Mooi Leven in Leudal” Cie BM 1 december 2021 Raad 14 december 2021) Heythuysen, 29 november 2021 Inleiding Leudal heeft te maken met complexe problemen die niet op de gebruikelijke wijze kunnen worden opgelost. Toch is dat precies wat er thans gebeurt. We zitten gevangen in routines en regels die het lastig maken tot ingrijpende vernieuwing te komen. Die noodzakelijke veranderingen komen er niet door opnieuw de wensen en doelen te formuleren zoals die in de Strategische Visie “Mooi Leven in Leudal” zijn verwoord. Die wensen en doelen zijn reeds vaak geformuleerd in Leudal maar het zit vast op de slag naar de praktijk. Dat houdt het risico in dat een nieuwe visie eenzelfde weg zal gaan en dat het bij mooie woorden blijft. Nu is dat niet verwonderlijk. De omslag van strategische doelen naar het dagelijks doen en laten is extreem lastig. Onze juridische kaders dwingen steeds weer ambities los te laten, omdat realisering in strijd is met geldende regels. Dan blijven we ronddraaien in cirkels: we willen wel maar de echte omslagen komen niet van de grond. Dat patroon moet worden doorbroken. Dat vraagt een andere manier van denken, dat vraagt voorstellingsvermogen en vooral het lef om handen en voeten te geven aan noodzakelijke vernieuwing.

Bovendien wijst de praktijk uit dat ondernemers weinig merken van de bereidheid en het vermogen tot vernieuwend denken en handelen. Integendeel. Breed leven de klachten dat de gemeente zich niet los kan maken van geldende regels en, nog erger, maandenlang en jarenlang voortgang van plannen vertraagt, omdat men vasthoudt aan details, ook wanneer die nauwelijks enige relevantie hebben. De regels regeren. Het is die praktijk

2 die al vele jaren aan verandering toe is. Ondanks ons herhaald aandringen is een veel directere sturing vanuit het College zeer onvoldoende van de grond gekomen en hebben de afspraken hierover bij de start van het nieuwe College te weinig inhoud gekregen. In januari 2021 nam de Raad op voorstel van Ronduit Open en CDA een motie aan om ervaringen van burgers en ondernemers op tafel te krijgen over hoe in de praktijk met aanvragen voor vergunningen wordt omgegaan. Dat onderzoek zou in najaar 2021 worden afgerond. Die motie was bedoeld de praktijk van alledag in Leudal op tafel te krijgen. Pas recent, na navraag te hebben gedaan naar de stand van zaken, vernamen we dat de motie niet is uitgevoerd. Dat ervaren wij als zeer teleurstellend. Het demonstreert hoe er met pogingen tot verandering wordt omgegaan in Leudal. De dagelijkse praktijk mag kennelijk niet aan de oppervlakte komen. Het is de zoveelste frustrerende ervaring wanneer het om pogingen gaat, bestaande praktijken te veranderen en te vernieuwen. Een tweetal voorbeelden. -

Ronduit Open formuleerde een voorstel voor een vernieuwend kunst- en cultuurbeleid. Er is niets mee gedaan.

-

Ronduit Open formuleerde een uitgewerkt voorstel voor een regionale aanpak in plaats van een aanpak op bedrijfsniveau met als doel om op termijn tot een herstructurering van de intensieve veehouderij te komen. Er is niets mee gedaan.

Dergelijke ervaringen leiden tot de conclusie dat het opnieuw formuleren van algemene uitspraken over wat de ambities zijn van Leudal, weinig zin heeft wanneer de praktijk telkens weer aangeeft dat de noodzakelijke omslag en vernieuwing niet wordt gepraktiseerd, om welke reden dan ook. Wat is nodig? Er is een veel scherpere formulering van de veranderingsopgaven nodig. Anders kloppen we ons op de borst dat we zo strategisch bezig zijn terwijl dat enkel betrekking heeft op het formuleren van strategische doelen maar niet in de praktijk tot uitdrukking komt.Dan blijft het bij het opschrijven en uitspreken van algemene pretenties zonder dat die worden gerealiseerd. Om tot die gewenste praktische uitwerking te komen, is een verdieping nodig van de strategische opgaven. We noemen een aantal voorbeelden van ambities met daaraan gekoppeld de veranderingsopgaven en elementen voor processen van systeemveranderingen. 1. De problematiek in de landbouw is voor een belangrijk deel terug te voeren tot de spanning tussen wat economisch noodzakelijk is en wat uit oogpunt van duurzaam beheer van common goods zoals natuur, landschap, bodem, water en lucht gewenst en noodzakelijk is. Dat vraagt een fundamenteel andere opstelling. Niet langer de wereld zien als manipuleerbaar maar onze afhankelijkheid onderkennen en erkennen van de waarden in onze omgeving. Inzien dat de

3 natuurlijke werkelijkheid zich niet onbeperkt laat manipuleren maar dat die protesteert tegen onze zucht naar beheersing en naar steeds meer, steeds groter en steeds profijtelijker. Dat vraag een houding van respect. Een recent voorbeeld is het onderzoek waaruit blijkt dat het gebruik van bepaalde bestrijdingsmiddelen oorzaak is van het ontstaan van Alzheimer-aandoeningen. Dus niet noodzakelijke ingrepen als belemmering zien in economisch opzicht, maar de vraag stellen hoe we ons voedsel kunnen produceren zonder burgers en ondernemers zelf aan gevaren bloot te stellen. Niet telkens weer onderzoek in twijfel trekken omdat de uitkomsten ervan ons niet welgevallig zijn. Er is intussen een breed gedeeld besef dat we te ver zijn doorgeschoten in ons streven naar nog meer efficiency en nog meer economisch gewin. Dat vraagt een ander economisch model waarin datgene wat thans kwetsbaar is onder economische druk, toetssteen wordt voor ons economisch handelen. Een bredere waardenbasis dus voor de wijze waarop we voedsel produceren en onze omgeving onderhouden. Dat vraagt politieke keuzes en daar is lef voor nodig. In de praktijk van Leudal (en hier niet alleen) bevestigen we telkens weer oude patronen en gedateerde belangenstructuren die bestaande problemen in stand houden en zelfs verergeren. Er is weinig energie te bespeuren voor de noodzakelijke vernieuwing van landbouwsystemen.

We zitten vast in denkpatronen waarin we menen dat problemen die door technologie zijn veroorzaakt, ook weer door technologie kunnen worden opgelost. Om die omslag te bereiken, lijkt een nuttige stap om gesprekken te organiseren waarbij niet enkel landbouw- en natuurvertegenwoordigers worden betrokken maar zeker ook denkkracht onder burgers die belangstelling hebben voor vraagstukken op het vlak van duurzaamheid en daar ook niet zelden vernieuwende ideeen over hebben. En de behoefte aan voorstellingsvermogen kan worden vergroot door daar ook mensen vanuit de kunst- en en cultuursector bij te betrekken. Natuurlijk zijn we op gemeentelijk niveau niet in staat de thans dominante economische modellen op wereldschaal te veranderen. Daar staat tegenover dat juist op gemeentelijk niveau de omstandigheden het meest geschikt zijn om vanuit de praktijk tot vernieuwende stappen te komen. Om dat proces te faciliteren deden we ruim een jaar geleden het voorstel met Limburgs Landschap contact op te nemen en de mogelijkheid te bespreken Landgoed Beijlshof te transformeren naar een centrum voor plattelandsvernieuwing waar ruimte zou zijn voor experimenten met duurzaamheid op het terrein van voedselproductie en duurzaam beheer. Denk aan modellen waarbij producenten en consumenten in cooperaties samenwerken.

We hebben er niets meer over vernomen en weten niet eens of het College er enige actie aan heeft verbonden.

4 2.

Er is behoefte aan nieuwe modellen van sturing. Dus niet langer denken en werken in een cultuur van regels en handhaving van regels. Los van het feit dat het nodige valt aan te merken op de praktijk van regels en regelhandhaving (zie ons commentaar op het handhavingsbeleid en de noodzaak van een veel sterkere prioritering), zijn nieuwe modellen nodig van sturing. Vertrouwen als basis met daarbij de vraag hoe we kunnen bereiken dat vertrouwen niet een schuilgelegenheid gaat bieden voor ontduiken en frustreren van beleidsdoelen. Dat vraagt andere organisatieprincipes en een andere schaal van denken en handelen. Modellen die bijvoorbeeld op het principe van wederkerigheid berusten waarbij ieder er belang bij heeft regels na te leven. Dat vraagt nieuwe systemen van participatie en nieuwe verdienmodellen.

3. Daarmee zijn ook vragen aan de orde over het “regelen” van verantwoordelijkheid. Wij hebben thans een systeem gecreëerd waarin we tot in de kleinste details zowel doelen, processen als activiteiten hebben geregeld. Dat geeft ons onterecht het beeld dat we alles in de hand hebben. Dat is echter een illusie. We hebben een schijnwereld geschapen waarbinnen we onze illusies overeind kunnen houden. Nodig is dat we tot andere vormen van verantwoordelijkheid en van afleggen van verantwooording komen. Dat levert vragen op. In welke mate en onder welke omstandigheden kunnen we burgers daarbij betrekken? Een voorbeeld is het bomenbeleid. We denken dat we alles onder controle hebben door alle bomen te nummeren en vervolgens regelmatig te gaan controleren of er veranderingen zijn. Waarom niet een buurt zelf verantwoordelijk maken voor het bomenbeleid in de eigen omgeving? Wat vindt men waardevol? Welke bomen leveren overlast op? Hoe wordt de compensatie geregeld als er bomen worden gekapt? En natuurlijk een beperkte lijst van bomen waarbij de verantwoordelijkheid bij de gemeente blijft liggen vanwege bijzondere betekenis ervan. Conclusie Ons lijkt dat we er niet verstandig aan doen de Strategische Visie in de Raad van december vast te stellen.

Een dergelijk besluit geeft ons de illusie dat we bijdragen aan een versterking en versteviging van het strategisch beleid in Leudal, terwijl de praktijk vanaf de start van Leudal uitwijst dat ons niveau van strategisch denken en handelen gebrekkig is. Dat pleit ervoor denkkracht te mobiliseren om : - allereerst tot een scherpere formulering te komen van de systeemproblemen waar we als gemeente mee te maken hebben, - op basis daarvan veranderingsopgaven te benoemen, - ideeën te inventariseren en - aansluitend experimenten op te zetten en - daarmee ervaringen op te doen.

5

Een verdere overweging is om, gelet op de inhoud en strekking van deze Notitie, strategische vragen onderdeel te laten zijn van de komende verkiezingen. Die gaan immers over het beleid in de komende vier jaar. Het lijkt ons dat de nieuwe Raad als een van de eerste opgaven juist vragen van strategische aard aan de orde zou moeten stellen, inclusief de consequenties van te maken keuzes. Een dergelijke exercitie zou bovendien aanzienlijk kunnen bijdragen aan gezamenlijkheid binnen de Raad. Fractie Ronduit Open Thieu Wagemans, Raadslid

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leudal&id=abe20244-a74e-4cf2-83f6-cd5e4d3b0f15