CConstaterende datLeudal
Koppel je AI →
Document · PDF

Brief minister van BZK 26okt23 aan Tweede Kamer Staten-Generaal

Commissievergadering Fysiek 28 november 2023, gemeente LeudalBij agendapunt: Toestaan transformatie vrijkomende agrarische bebouwing naar winning zonne-energie4.392 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

> Retouradres postbus 20011 2500 EA

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der StatenGeneraal Postbus 20018 2500 EA Den Haag

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Turfmarkt 147 Den haag postbus 20011 2500 EA Kenmerk 2023-0000629635 Uw kenmerk

Bijlage 1

Datum

26 oktober 2023

Betreft

Aangescherpte voorkeursvolgorde zon

Met deze brief informeer ik uw Kamer, mede namens de minister voor Klimaat en Energie (K&E), over de uitkomsten van de overleggen tussen Rijk, Interprovinciaal Overleg (IPO), Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), Unie van Waterschappen (UvW) en Netbeheer Nederland (NBNL) (hierna: de koepels) over het juridisch verankeren van de aangescherpte voorkeursvolgorde zon zoals toegezegd in de zonnebrief van 6 juli 2023 (Kamerstuk 32 813, nr. 1218). Aanleiding voor de wens tot aanscherping van de voorkeursvolgorde zon zijn de ruimtelijke implicaties van de sterk stijgende vraag naar duurzaam opgewekte elektriciteit als gevolg van de bevolkingsgroei en de energietransitie. Op weg naar 2030 hebben Rijk en medeoverheden zich uitgesproken om het RES-bod waar te maken, dat blijft onveranderd met de aanscherping van de voorkeursvolgorde zon. Om de klimaatdoelstellingen voor 2050 te halen is het behalen van het RES-bod en verdere uitbreiding van duurzame opwek van energie nodig, onder andere met zonnepanelen. Tegelijkertijd is de hoeveelheid ruimte een gegeven terwijl de transities alleen maar om meer ruimte vragen. Nederland moet kiezen waar en hoe we ruimte bieden aan duurzame opwek via zon-PV om ervoor te zorgen dat de huidige zekerheden – zoals voldoende voedsel, schoon drinkwater en energie – ook voor toekomstige generaties blijven bestaan.

Hierbij blijven de klimaatdoelstellingen overeind en zetten we in op lokale initiatieven voor multifunctioneel zon-PV die bijdragen aan meer zon-PV op plaatsen waar dit samen kan gaan met andere functies. Om dit te bewerkstelligen streven we naar meervoudig grondgebruik, waarbij we de vrije ruimte op daken, gevels en andere plekken binnen en buiten bebouwd gebied (zoals parkeerplaatsen, langs weg- en spoorinfrastructuur, geluidschermen, stortplaatsen etc.) benutten voor zonnepanelen. Dit kunnen we doen door de vrije ruimte, waar zonnepanelen technisch en betaalbaar samen kunnen gaan met de bestaande of nieuwe functie (het zgn. meervoudig grondgebruik, ook wel multifunctioneel gebruik genoemd), te gebruiken en daarmee de landbouw- en natuurgronden vrij te houden voor de andere ruimtelijke opgaven. Door de toenemende krapte op het elektriciteitsnet hebben steeds meer gebieden in Nederland te maken met netcongestie. De groei van opwek met zonnepanelen hangt daarmee samen. Voor structurele versterking van het elektriciteitsnet investeren netbeheerders volgend jaar 6 miljard euro, en vanaf 2025 8 miljard euro om het net te verzwaren en uit te breiden. Daarnaast werkt de minister voor K&E nauw samen met de netbeheerders, medeoverheden en kennisinstellingen via het

Pagina 1 van 6

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Landelijk Actieprogramma Netcongestie (LAN) (Kamerstuk 29023, nr. 443) en heeft het kabinet op 18 oktober 2023 een pakket extra maatregelen (Kamerstuk 29023, nr.451) gepresenteerd om de krapte op het net aan te pakken. Daarnaast faciliteren partijen binnen het LAN zon-PV-projecten in combinatie met opslag, andere soorten opwek van elektriciteit of nabijgelegen grote stroomgebruikers. Op die manier worden ze slim ingepast in het elektriciteitsnet met zo min mogelijk extra belasting op de beschikbare netcapaciteit.

Kenmerk 2023-0000629635

Ten aanzien van zonnevelden was de markt in het verleden leidend en ontbrak sturend ruimtelijk beleid door de overheden. Mede als gevolg van maatschappelijke ontwikkelingen hebben medeoverheden in de afgelopen jaren meer ingezet op een zorgvuldige ruimtelijke afweging en multifunctioneel ruimtegebruik. Nu zetten Rijk en medeoverheden samen de volgende stap door in bestuurlijke afspraken de voorkeursvolgorde zon uit de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) aan te scherpen. In deze brief worden de gemaakte bestuurlijke afspraken kort weergegeven. De volledige bestuurlijke afspraken staan in de bijlage bij deze brief. Bestuurlijke afspraken Rijk en de koepels dragen de aangescherpte voorkeursvolgorde zon uit met volgordelijkheid in de vier treden. Hierbij wordt eerst gekeken naar de mogelijkheid van zonnepanelen op daken en gevels (trede 1) en op gronden binnen en buiten bestaand bebouwd gebied (trede 2 en 3) en, als deze 3 treden onvoldoende mogelijkheden bieden, naar zonnepanelen op landbouw- en natuurgronden (trede 4) onder de hieronder genoemde voorwaarden. Het gebruik van landbouw1 - en natuurgronden voor zonnepanelen is in principe ongewenst. Om die reden hebben de provincies in hun verordeningen de voorkeursvolgorde zon of een vertaling daarvan vastgelegd, waarbij trede 4 niet gebruikt zal worden tenzij het gaat om de volgende uitzonderingsmogelijkheden: A.

Agri-PV: combinatie van een substantiële agrarische functie met een zonnepark; B. landbouwgronden die op basis van bestuurlijk bindende afspraken in transitie zijn, bijvoorbeeld gronden die in de toekomst een andere bestemming krijgen zoals woon-werk-bestemming, recreatie of overgang naar natuur of gronden die minder geschikt worden voor een landbouwfunctie door verzilting, vernatting of bodemdaling. Zon-PV draagt financieel bij aan het mogelijk maken van de gebiedsgerichte opgaven voor een maximale periode (30 jaar), waarna de gebieden hun definitieve bestemming zullen krijgen. C. als de aanleg van zonneparken op gronden betekenisvol bijdraagt aan de vermindering van de netcongestie of zorgt voor vergroting van een efficiënter netwerkgebruik (netneutraal). Noodzakelijke voorwaarden voor elk zon-PV-project dat gerealiseerd wordt zijn dat ze: a. landschappelijk goed vormgegeven en ingepast zullen worden en b. het inpasbaar is in het energienetwerk. Bovendien streven partijen er naar dat alle zon-op-land projecten voldoen aan het 1

Als we het hebben over landbouwgrond dan blijkt dat er ook gronden planologisch als landbouwgrond zijn bestemd, die in de praktijk niet meer als zodanig worden gebruikt. Indien gronden gedurende een ruime periode niet meer gebruikt worden als landbouwgrond, ondanks dat ze wel als zodanig zijn bestemd, dan vallen deze niet onder trede 4. Het gaat dan onder andere om gronden langs snelwegen of spoorwegen en andere restgronden. Pagina 2 van 6

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

streven van 50% participatie van omwonenden en kan rekenen op voldoende draagvlak, zoals genoemd in het Klimaatakkoord.

Kenmerk 2023-0000629635

Zoals gezegd zullen de provincies deze inhoud in hun verordeningen juridisch bindend vastleggen. En wanneer na 1 januari 2024 blijkt dat dit niet voldoende is, zullen ze dat alsnog bij de eerstvolgende herziening van verordeningen doen. Bijna alle regio’s hebben in hun RES-bod 1.0 zon op landbouwgrond opgenomen. Daarin is een grote mate van verscheidenheid zichtbaar, evenals in het vervolg daarop. Projecten waarvan de participatietrajecten al in een vergevorderd stadium zijn en niet (helemaal) conform de aangescherpte voorkeursvolgorde zon zijn vormgegeven, kunnen doorgang vinden. Daar waar slechts sprake is van zoekgebieden en waar nog geen serieus vervolg aan is gegeven, geldt de aangescherpte voorkeursvolgorde zon. Vervolgstappen Met deze afspraken hebben het Rijk en de koepels concrete stappen gezet om de aangescherpte voorkeursvolgorde zon in de praktijk te brengen en juridisch te verankeren in de provinciale verordeningen. Een belangrijk gevolg van deze afspraken is dat zonnepanelen op natuurgronden ongewenst zijn. Met deze aanpak is gekozen om afspraken te maken met medeoverheden, waardoor het opstellen van een instructieregel in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) voor de voorkeursvolgorde zon niet nodig is nu de provincies hebben toegezegd hun eigen verordeningen, waar nodig, aan te passen aan de gemaakte afspraken.

Hierbij zal rekening gehouden worden met initiatieven die nu al in een vergevorderd stadium zijn om te voorkomen dat lopende lokale initiatieven stilvallen. In januari 2024 zal bekeken worden of de verordeningen voldoen aan de gemaakte afspraken. Indien nodig zal aanpassing van de provinciale verordening volgen om deze in lijn te brengen met de gemaakte afspraken. In de volgende zonnebrief zal uw Kamer hierover geïnformeerd worden. Ook blijven het Rijk en de medeoverheden binnen het Nationaal Programma Regionale Energiestrategieën (NP RES) met elkaar in gesprek over de ontwikkelingen en effecten in relatie tot de gemaakte afspraken en het delen van goede voorbeelden2. Stimuleren en faciliteren zon-PV op trede 1, 2 en 3 Rijk en medeoverheden zijn zich ervan bewust dat de bestuurlijke afspraken extra druk kunnen leggen op het realiseren van het RES-bod, terwijl partijen zich daar ook aan verbonden hebben. Het vinden van voldoende geschikte locaties voor zonnepanelen blijft een uitdaging. In de contourennotitie Nota Ruimte van 6 oktober 2023 (kamerstuk 29435 nr. 264) wordt ook opgeroepen tot bundeling van functies. Dit geldt ook voor het toepassen van zon-PV, gelet op de schaarse ruimte in Nederland en de groeiende vraag naar duurzame energie.

Ten einde de doelstellingen blijvend te kunnen realiseren zet het Rijk zich in om het gebruik van de treden 1, 2 en 3 te inspireren, faciliteren en stimuleren. Hieronder volgt een kort overzicht van de inspanningen vanuit het Rijk. Veel inspanningen zijn reeds 2

Zie bijvoorbeeld: Wageningen Solar Research Programme - WUR en Agrivoltaics - WUR, https://www.tno.nl/nl/duurzaam/hernieuwbare-elektriciteit/zonne-energieveiligheid/zonnepanelen-wegen/ en https://ce.nl/wp-content/uploads/2023/04/CEDelft_220389_Inspiratiegids_nieuwe_ruimte_voor_de_zon_Def.pdf Pagina 3 van 6

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

vermeld in de zonnebrief van 6 juli 2023 (Kamerstuk 32 813, nr. 1218). Hiermee wil het Rijk blijven inzetten op het realiseren van opwek van hernieuwbare elektriciteit middels zon-PV in afstemming met bestaande of nieuwe ruimtelijke functies en inpassing op het elektriciteitsnet.

Kenmerk 2023-0000629635

De aangekondigde aanpassing van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) waarbij gemeenten de mogelijkheid krijgen om eigenaren van bestaande utiliteitsgebouwen met een gebruiksoppervlakte > 250 m2 te verplichten om de (volledige) dakpotentie te benutten voor de opwek van zonne-energie en de juridische verkenning tot verdergaande verplichting van zon op daken en zonneparkeren lopen door zoals toegelicht in de zonnebrief van 6 juli 2023. Ook blijft het Rijk zich inzetten voor meer zon-PV op water en monumenten via onderzoek en op Rijksvastgoed via het programma Opwek Energie op Rijksvastgoed (OER). Binnen het NP RES werken Rijk en de koepels samen aan het ondersteunen en versnellen van de realisatie van zon-PV via de helpdesk Zonopwek3, handreikingen en (online) sprintsessies. Voor de stimulering van zon-PV4 geldt de SDE++ als het voornaamste stimuleringsinstrument voor grootverbruikaansluitingen. De salderingsregeling is op dit moment nog het belangrijkste stimuleringsinstrument voor kleinverbruikers. Daarnaast zijn er ook nog lokale regelingen die zon (op dak) stimuleren. Daarnaast is er in het Klimaatfonds geld gereserveerd voor aanvullende inzet zon op daken en objecten (€222,5 mln.) en voor de tegemoetkoming huursector (samen met VRO en indien de salderingsregeling wordt afgeschaft (€100 mln.).

Deze maatregelen worden op dit moment nader uitgewerkt en de Kamer wordt hier eind dit jaar verder over geïnformeerd. Dit alles in het licht van de nog altijd aantrekkelijke investering die zonnepanelen zijn. Onderstaand tabel geeft overzicht van bestaande subsidievormen die van toepassing zijn op het stimuleren van zon-PV, zoals beschreven door RVO5: SDE++ SCE (Subsidieregeling Cooperatieve Energieopwekking) SVVE (Subsidie voor de verduurzaming voor verenigingen van eigenaars (VvE’’s)) Salderingsregeling

Subsidie voor de opwek van grootschalig hernieuwbare energie voor ondernemers. Subsidie voor de installatie van hernieuwbare elektriciteitsbronnen (zon-, wind, water-energie) voor energie coöperaties of vereniging van eigenaars (VvE). De SVVE vervangt de Subsidie Energiebesparing Eigen Huis (SEEH) en de Investeringssubsidie Duurzame Energie (ISDE) voor VvE’s. De SVVE bestaat uit drie onderdelen waarvoor apart subsidie wordt aangevraagd; energieadvies, verduurzamingsmaatregelen en oplaadpunten advies. ‘Wegstrepen’ ofwel terugleververgoeding voor opgewekte elektriciteit die particulieren ontvangen bij het terug leveren van elektriciteit aan het net.

3

Helpdesk Zonopwek | Helpdesk Zonopwek Het in de bestuurlijke afspraken genoemde aantrekkelijker pakket bevat de in deze alinea en in onderstaande tabel genoemde maatregelen. Rijk en medeoverheden blijven in gesprek om te bezien of op termijn extra maatregelen nodig zijn. 5 https://www.rvo.nl/onderwerpen/zonne-energie/subsidies-regelingen#rvo-subsidies-enregelingen 4

Pagina 4 van 6

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

BTW 0%-tarief BOSA (Stimulering bouw en onderhoud sportaccommodaties)

Subsidies energieinnovatie (Topsector Energie)

MOOI (Missie gedreven Onderzoek, Ontwikkeling en Innovatie) EIA voor ondernemers (EnergieInvesteringsaftrek) MIA/Vamil (Milieu Investeringsaftrek, en Willekeurige Afschrijving MilieuInvesteringen). ISDE (Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing)

Nationaal Warmtefonds

Particulieren krijgen net zo veel betaalt voor de stroom die wordt afgenomen van het energiebedrijf. Sinds 1 januari 2023 is het btw-tarief op zonnepanelen 0% waardoor particulieren geen btw betalen voor zonnepanelen op of bij de woning. Subsidie voor bouw en onderhoudskosten van sportaccommodaties en aanschaf van sportmaterialen. Activiteiten gericht op energiebesparing, toegankelijkheid, circulariteit, klimaataanpassing en veiligheidsbeleving kunnen extra subsidie aanvragen (10%). Subsidie voor ondernemers, wetenschappers en onderzoeksinstellingen die werken aan innovaties die duurzaamheid en economische groei aan elkaar koppelen (onderzoek). Hier vallen o.a. de DEI+ (Demonstratie Energie- en Klimaatinnovatie) & HER+ (Hernieuwbare Energietransitie) onder. Subsidie voor partijen die in een consortium samenwerken aan complete, innovatieve oplossingen die bijdragen aan de klimaatdoelen. Regeling richt zich op projectontwikkeling voor elektriciteit, gebouwde omgeving en industrie. Innovatie focus. (Fiscale) regeling voor ondernemers die, op basis van een investering in een bedrijfsmiddel leidt tot een mindering in CO2-uitstoot, 45,5% van de investeringskosten kan aftrekken van de winst. (Fiscale) regeling voor ondernemers die, op basis van een investering in een bedrijfsmiddel en technieken leidt tot een mindering in CO2-uitstoot, kan oplopen tot 45% van het investeringsbedrag.

Kenmerk 2023-0000629635

Investeringssubsidie voor woningeigenaren en zakelijke gebruikers (bedrijven, woningcorporaties, verenigingen, VvE’s, overheden en particuliere verhuurders) voor het nemen van duurzame maatregelen in hun bestaande woning of bedrijfspand. In deze subsidieregeling zijn zonnepanelen tot eind 2023 beschikbaar. Lening voor aanschaf van zonnepanelen.

Pagina 5 van 6

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Zoals gezegd zal in de zonnebrief van 2024 de voortgang gemeld worden op de gemaakte afspraken en de genoemde maatregelen om te sturen op meer zon-PV op trede 1, 2 en 3.

Kenmerk 2023-0000629635

De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Hugo de Jonge

Pagina 6 van 6

Bestuurlijke verankering van voorkeursvolgorde zon Aanleiding Zoals in het Klimaatakkoord van 2019 is vastgelegd streeft Nederland naar vergroting van het aandeel hernieuwbare energie om daarmee bij te dragen aan de vermindering van de CO2-uitstoot en het tegengaan van de klimaatverandering. Het accent ligt op dit moment op zonne-energie en windenergie. De aanwijzing van de kavels voor windenergie op zee draagt in belangrijke mate bij aan het kunnen voldoen aan de grote behoefte aan hernieuwbare energie. Toch is ook de opwek van zonne-energie en windenergie op land noodzakelijk om daarmee te kunnen voldoen aan de groeiende vraag naar duurzaam opgewekte elektriciteit. Het draagt bij aan het voldoen aan de totale vraag en het kan een bijdrage leveren aan het verminderen van de netcongestie. Bovendien maakt het deel uit van het bod dat regio’s hebben opgesteld in hun RES, de gezamenlijke afspraak tussen het Rijk en de medeoverheden in het klimaatakkoord. Duurzame opwek op land vraagt wel ruimte. Tegelijkertijd weet Nederland zich geplaatst voor meer vraagstukken, die om ruimte vragen. Woningbouw, natuur, landbouw, energie, mobiliteit: alle grote vraagstukken doen een beroep op de schaarse en eindige ruimte in Nederland. Een zorgvuldige afweging van het gebruik van de beschikbare ruimte is voor een land als Nederland noodzakelijk.

Daartoe wordt gezamenlijk gewerkt aan het leggen van de ruimtelijke puzzel en de uitvoering van het NPLG. Ten aanzien van zon en wind was lange tijd de markt leidend en ontbrak een volledig uit gekristalliseerd ruimtelijk beleid ten aanzien van zon en wind door de overheden. Mede als gevolg van maatschappelijke ontwikkelingen nam de druk toe om wel in dit ruimtelijke beleid te voorzien. In het kader van een zorgvuldige ruimtelijke afweging is in de NOVI de zogeheten voorkeursvolgorde zon op land vastgelegd en zetten de provincies al in op multifunctioneel ruimtegebruik.

Treden NOVI voorkeursvolgorde zon: 1. Zonne-energie op daken en gevels 2. Zonne-energie op terreinen en objecten binnen bebouwd gebied 3. Zonne-energie op terreinen en objecten in het landelijk gebied 4. Zonne-energie op landbouw- en natuurgronden.

Stand van zaken In de afgelopen jaren is ongeveer 1,2TWh zon op land gerealiseerd. Ongeveer 60% van deze gronden was in de vijf jaar daaraan voorafgaand planologisch als landbouwgrond bestemd. Al deze projecten zijn tot stand gekomen in een periode waarin de markt het initiatief had en overheden nog geen volledig uit gekristalliseerd ruimtelijk beleid ten aanzien van zon en wind hadden opgesteld. Daar is verandering in gekomen. Zo hebben alle provincies een vertaling van de voorkeursvolgorde zon op land in hun provinciale verordeningen opgenomen, waarmee het juridisch bindend is vastgelegd.1 Daarnaast hebben provincies en gemeenten via andere beleidsinstrumenten aanvullend beleid opgenomen ten aanzien zonne-energie op land. In de afgelopen periode is de behoefte om de voorkeursvolgorde zon op land nauwkeuriger vast te leggen. Niet alleen vanuit ruimtelijke overwegingen, ook een meerderheid in de Tweede Kamer heeft zich hiervoor een voorstander betoond. In het verlengde hiervan wensen partijen enkele afspraken met elkaar te maken over de voorkeursvolgorde zon op land. Gemeenten, waterschappen, provincies en rijk spreken met elkaar het volgend af: 1. Partijen willen dat meer gebruik wordt gemaakt van treden 1, 2 en 3. In de recent verschenen zonnebrief van de minister van K&E werden al diverse maatregelen genoemd om het gebruik van deze treden te stimuleren.

Nieuw in dat kader is het beleid voor zonneparkeren. 2. Met deze stimuleringsmaatregelen wordt een stap gezet om te voorkomen dat gebruik moet worden gemaakt van trede 4. Toch bepleiten partijen dat nog meer maatregelen getroffen moeten worden om het gebruik van de treden 1, 2 en 3 te bevorderen. In dat kader moet gedacht worden aan kennisvergroting, organisatievermogen en een aantrekkelijker pakket aan financiële Rijksinstrumenten zoals de SDE. Voor een eerste aanzet wordt verwezen naar de bijlage bij dit document. 3. Als we het hebben over landbouwgrond dan blijkt dat er ook gronden planologisch als landbouwgrond zijn bestemd, die in de praktijk niet meer als zodanig worden gebruikt. Indien gronden gedurende een ruime periode niet meer gebruikt worden als landbouwgrond, ondanks dat ze wel als zodanig zijn bestemd, dan vallen deze niet onder trede 4. Het gaat dan onder andere om gronden langs snelwegen of spoorwegen en andere restgronden. 4. Partijen menen dat het gebruik van landbouw- en natuurgronden voor zonne-energie in principe ongewenst is. Om die reden hebben de provincies in hun provinciale verordeningen de voorkeursvolgorde zon op land of een vertaling daarvan vastgelegd, waarbij trede 4 niet gebruikt zal worden tenzij het gaat om de volgende uitzonderingsmogelijkheden: a. AgriPV: combinatie van een substantiële agrarische functie met een zonnepark; b.

landbouwgronden die op basis van bestuurlijk bindende afspraken in transitie zijn, bijvoorbeeld gronden die in de toekomst een andere bestemming krijgen zoals woon-werkbestemming, recreatie of overgang naar natuur of gronden die minder geschikt worden voor een landbouwfunctie door verzilting, vernatting of bodemdaling. Zonne-energie draagt financieel bij aan het mogelijk maken van de gebiedsgerichte opgaven voor een maximale periode (30 jaar), waarna de gebieden hun definitieve bestemming zullen krijgen. c. als de aanleg van zonneparken op gronden betekenisvol bijdraagt aan de vermindering van de netcongestie of zorgt voor vergroting van een efficiënter netwerkgebruik (netneutraal). 5. Bijna alle regio’s hebben in hun via participatie totstandgekomen en democratisch vastgestelde RES-bod 1.0 zon op landbouwgrond opgenomen. Daarin is een grote mate van verscheidenheid zichtbaar, evenals in het vervolg daarop. Projecten waarvan de participatietrajecten al in een vergevorderd stadium zijn en niet (helemaal) conform de afspraken onder 4 zijn vormgegeven, kunnen doorgang vinden. Daar waar slechts sprake is

1

Voor sommige provincies geldt dat dit in hun nieuwe verordeningen is opgenomen. Deze treden in werking nadat de Omgevingswet is ingevoerd, hetgeen op 1 januari 2024 het geval zal zijn.

van zoekgebieden en waar nog geen serieus vervolg aan is gegeven, gelden de afspraken zoals vermeld onder 4. 6. Een noodzakelijke voorwaarde voor elk project dat op basis van de voorwaarden, zoals genoemd in punt 4 gerealiseerd wordt is dat ze a. landschappelijk goed ingepast zullen worden b. het inpasbaar is in het energienetwerk. Bovendien streven partijen er naar dat alle zon op land projecten voldoen aan de in het Klimaatakkoord genoemde streven van 50% participatie van omwonenden en kan rekenen op voldoende draagvlak. 7. Zoals gezegd zullen provincies deze inhoud in hun verordeningen juridisch bindend vastleggen. En wanneer na 1 januari 2024 blijkt dat dit niet voldoende is, zullen ze dat alsnog bij de eerstvolgende herziening van verordeningen doen. 8. Partijen onderkennen dat het goede gesprek over de voorkeursvolgorde zon op land helpt. In dat kader spreken partijen af om minimaal jaarlijks het gesprek met elkaar aan te gaan welke ontwikkelingen zich voordoen bij de voorkeursvolgorde zon op land, waarbij dilemma’s besproken worden, gekeken wordt of de onder 4 genoemde bepalingen nog passend zijn en of de gemaakte afspraken leiden tot realisatie van de gestelde doelen. Dit vindt voor de eerste keer voor 1 juli 2024 plaats. Alle partijen zijn in gelijke mate verantwoordelijk voor dit overleg, waarbij het initiatief ligt bij NPRES. 9.

Partijen leggen de uitkomsten van dit overleg vast en zenden een afschrift daarvan naar de Tweede Kamer. 10. Partijen zijn zich ervan bewust dat de bovengenoemde afspraken het aantal mogelijkheden om te voldoen aan de realisatie van de RES 1.0 en daarmee de vermindering van de CO2uitstoot zal beperken. Dat verplicht partijen om de mogelijkheden onder de treden 1, 2 en 3 aantrekkelijker te maken.

Bijlage 1: Overzicht maatregelen zon-PV Onderstaand tabel geeft overzicht van bestaande subsidievormen die van toepassing zijn op het stimuleren van zon-PV, zoals beschreven door RVO2: SDE++ SCE (Subsidieregeling Cooperatieve Energieopwekking) SVVE (Subsidie voor de verduurzaming voor verenigingen van eigenaars (VvE’’s)) Salderingsregeling

BTW 0%-tarief BOSA (Stimulering bouw en onderhoud sportaccommodaties) Subsidies energieinnovatie (Topsector Energie) MOOI (Missie gedreven Onderzoek, Ontwikkeling en Innovatie) EIA voor ondernemers (EnergieInvesteringsaftrek) MIA/Vamil (Milieu Investeringsaftrek, en Willekeurige Afschrijving Milieu-Investeringen). ISDE (Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing) Nationaal Warmtefonds

Subsidie voor de opwek van grootschalig hernieuwbare energie voor ondernemers. Subsidie voor de installatie van hernieuwbare elektriciteitsbronnen (zon-, wind, water-energie) voor energie coöperaties of vereniging van eigenaars (VvE). De SVVE vervangt de Subsidie Energiebesparing Eigen Huis (SEEH) en de Investeringssubsidie Duurzame Energie (ISDE) voor VvE’s. De SVVE bestaat uit drie onderdelen waarvoor apart subsidie wordt aangevraagd; energieadvies, verduurzamingsmaatregelen en oplaadpunten advies. ‘Wegstrepen’ ofwel terugleververgoeding voor opgewekte elektriciteit die particulieren ontvangen bij het terug leveren van elektriciteit aan het net. Particulieren krijgen net zo veel betaalt voor de stroom die wordt afgenomen van het energiebedrijf. Sinds 1 januari 2023 is het btw-tarief op zonnepanelen 0% waardoor particulieren geen btw betalen voor zonnepanelen op of bij de woning. Subsidie voor bouw en onderhoudskosten van sportaccommodaties en aanschaf van sportmaterialen. Activiteiten gericht op energiebesparing, toegankelijkheid, circulariteit, klimaataanpassing en veiligheidsbeleving kunnen extra subsidie aanvragen (10%). Subsidie voor ondernemers, wetenschappers en onderzoeksinstellingen die werken aan innovaties die duurzaamheid en economische groei aan elkaar koppelen (onderzoek). Hier vallen o.a.

de DEI+ (Demonstratie Energie- en Klimaatinnovatie) & HER+ (Hernieuwbare Energietransitie) onder. Subsidie voor partijen die in een consortium samenwerken aan complete, innovatieve oplossingen die bijdragen aan de klimaatdoelen. Regeling richt zich op projectontwikkeling voor elektriciteit, gebouwde omgeving en industrie. Innovatie focus. (Fiscale) regeling voor ondernemers die, op basis van een investering in een bedrijfsmiddel leidt tot een mindering in CO2uitstoot, 45,5% van de investeringskosten kan aftrekken van de winst. (Fiscale) regeling voor ondernemers die, op basis van een investering in een bedrijfsmiddel en technieken leidt tot een mindering in CO2-uitstoot, kan oplopen tot 45% van het investeringsbedrag. Investeringssubsidie voor woningeigenaren en zakelijke gebruikers (bedrijven, woningcorporaties, verenigingen, VvE’s, overheden en particuliere verhuurders) voor het nemen van duurzame maatregelen in hun bestaande woning of bedrijfspand. In deze subsidieregeling zijn zonnepanelen tot eind 2023 beschikbaar. Lening voor aanschaf van zonnepanelen.

Voor de stimulering van zon-PV geldt de SDE++ als het voornaamste stimuleringsinstrument voor grootverbruikaansluitingen. De salderingsregeling is het belangrijkste stimuleringsinstrument voor kleinverbruikers. Daarnaast zijn er ook nog lokale regelingen die zon (op dak) stimuleren. Daarnaast is er in het Klimaatfonds geld gereserveerd voor aanvullende inzet zon op daken en objecten (€222,5 mln.) en voor de tegemoetkoming huursector (samen met VRO en indien de salderingsregeling wordt afgeschaft (€100 mln.)). Deze maatregelen worden op dit moment nader uitgewerkt en de Kamer wordt hier eind dit jaar verder over geïnformeerd.

2

https://www.rvo.nl/onderwerpen/zonne-energie/subsidies-regelingen#rvo-subsidies-en-regelingen

Ad

7

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

TER BESLUITVORMING

Nota actief openbaar Ja

Onze referentie

Aan Van

Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Directie Ruimtelijke Ontwikkeling

2023-0000629743 Datum

18 oktober 2023

nota

Kamerbrlef aangescherpte voorkeursvolgorde zon Samengewerkt met intern: B&E, CZW, extern:

EZK, LNV, IPO, VNG, UvW, NBNL Bijlage(n)

Aanleiding U heeft op 18 oktober 2023 samen met EZK en LNV afspraken gemaakt met IPO, VNG, UvW en NBNL over aanscherping van de voorkeursvolgorde zon en de juridische borging hiervan. In de zonnebrief 2.0 van 6 juli 2023 (Kamerstuk 32 813, nr. 1218) is toegezegd de Tweede Kamer te informeren over de uitkomsten van dit traject.

2

Geadviseerd besluit Instemmen met het versturen van de kamerbrief. Kern In de Kamerbrief wordt aangegeven welke afspraken Rijk en koepels op 18 oktober 2023 gemaakt hebben en welke beweging we met elkaar ingezet hebben op de aangescherpte voorkeursvolgorde zon. Daarbij is het van belang op te merken dat deze bestuurlijke afspraken een logisch vervolg zijn op de reeds ingezette beweging vanuit provincies, gemeenten en ook het Rijk om meer te sturen op multifunctioneel en efficiënt ruimtegebruik bij zon-PV.

Met de brief willen we niet alleen aangeven dat we als overheden scherper zullen zijn op zon-PV op landbouw- en natuurgronden, maar bovenal dat we met elkaar volop inzetten op zon-PV op daken en gevels en andere terreinen (geen landbouw- en natuurgronden) binnen en buiten bebouwd gebied. We zetten als Rijk en medeoverheden hier een gezamenlijk stap in de richting van beter benutten van onze schaarse ruimte voor zon-PV in combinatie met andere functies en opgaven. Om dit uit te stralen is in de brief een overzicht opgenomen van de lopende maatregelen om zon-PV op trede 1, 2 en 3 van de voorkeursvolgorde zon te faciliteren en inspireren, maar ook hoe we als Rijk via normering gaan sturen op meer zon-PV op daken en gevels en boven parkeerplaatsen.

Communicatie Na het versturen van de brief zal een gezamenlijk persbericht uitgaan van het Rijk en de koepels. Afstemming over het persbericht loopt via woordvoering van de betrokken ministeries en de koepels.

Pagina 1 van 2

Informatie die niet openbaar gemaakt kan worden Motivering In de openbaar gemaakte versie van deze nota zijn alle persoonsgegevens van ambtenaren geanonimiseerd.

Onze referentie 2023-0000629743

Datum 18 oktober 2023

Bijlagen

Volgnummer

Naam

1

kamerbrief aangescherpte voorkeursvolgorde zon

2

bestuurlijke afspraken Rijk IPO VNG UvW NBNL voorkeursvolgorde zon

Informatie

Pagina 2 van 2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leudal&id=2aa284de-cfe8-4da5-970b-d77a2f705346