Brief GS 12apr22 met aandachtspunten voor vaststelling begroting 2023 van gemeente Leudal
Tekst van het document
__ ..,._...,_ , s•--, Gemeente leudal @
orovrncie rrn :Jurg
lnge+omen.W. @ ; -@@@@@@
1
@ @@@
1 E
@
-- l ..
APR 2022
1
@. @ ·1·@ @ ,. @
@
i
-·
/ ;·
''
1 @
í
·----
;
@ @@@@@@@@ .... ,.,_@@@@@..
----
.
@ @ @ @ @ @ @
De raden van alle gemeenten in de provincie Limburg
Cluster Ons kenmerk Uw kenmerk Bijlage(n)
Behandeld Telefoon Maastricht Verzonden
FIN DOC-00247756
J.G.G.M. Janssen +31 6 11 59 40 61 12 april 2022
VERZONDEN
1 5 APR. 2022
Onderwerp Aandachtspunten
begroting 2023
Geachte raad, leder jaar ontvangt
en actuele informatie over de wijze waarop uw (meerjaren)begroting beoordeeld wordt vanuit onze wettelijke taak, het financieeltoezicht. Het is belangrijk deze informatie te betrekken bij de kaderstelling voor de begroting en het vaststellen van uw begroting. u relevante
om een begroting vast te stellen die structureel en reëel in evenwicht is. leder jaar besluiten wi], op grond van artikel 203 van de Gemeentewet, voor 1 januari of uw gemeente voor het komendebegrotingsjaar onder repressiefof preventief toezicht valt. Het doel hiervan Uw gemeente heeft de verantwoordelijkheid
is te voorkomen dat uw gemeente een structureel tekort op de begroting krijgt, dat niet makkelijk meer door uzelf op te lossen is. Financieel toezicht is dan ook een wezenlijk onderdeel van de 'check and
balances' binnen het openbaarbestuur. Daarnaast
draagt financieel toezicht bij aan een bestendig en Een bestuur waar de inwoners op van besturen is het uitgangspunt bij het
veilig Limburg met een sterk openbaar bestuur als uitgangspunt. kunnen bouwen.
Respectvoor de eigen verantwoordelijkheid
financieel toezicht. Uitgangspunt voor de beoordeling is ons Gemeenschappelijk Financieel Toezichtkader (GTK 2020 gemeenten) dat u in 2019 van ons heeft ontvangen (nummer2019-28181 d.d. 16 april 2019). Hierin vindt u onder andere: welke vormen van toezichtzijn er? welke wet- en regelgeving worden gehanteerd bij het toezicht?
wat betekent structureelen reëel evenwicht? waar kijken we naar als we beoordelen of uw begroting en meerjarenraming evenwicht is?
L1m burglaan
10
6229 GA Maastricht
Postbus 5700 6202 MA Maastricht
+ 31 43 389 99 99 www.limburg.nl
structureel en reëel in
-- '
,@
@
provmcie urn ourq
: @
@@
.,,
@ @
Il
- . )1
.,,
@ @ @ @ @ @ @ @ @ @
In deze begrotingsrichtlijnenbrief geven wij u op basis van actualiteit onderwerpen mee die voor uw begroting 2023 van belang zijn. Deels zijn deze onderwerpen financieel-technisch van aard en daarmee wellicht meer voor het college bestemd. Een afschrift van deze brief hebben wij daarom aan uw college
gestuurd.
Verkiezingen / nieuwe raad In maart zijn de gemeenteraadsverkiezingen
geweest. De financiële situatie van de gemeente zal een belangrijke plaats op de agenda krijgen van de nieuwe gemeenteraden en colleges van burgemeester en wethouders. De kaderstellende en controlerende taak van de raad zal de nodige aandacht vragen. De financiële vooruitzichten zijn op dit moment nog steeds onzeker. Denk aan de financiële consequenties van de herijking van het gemeentefonds, de tegemoetkoming in de zorgkosten voor jeugd, de opgaven ruimte en de enorme opgave om Nederland duurzaam te maken. Uw kaderstellende en controlerende taak brengt de verantwoordelijkheid met zich mee om de begroting 2023 en de meerjarenraming 2024 tot en met 2026 structureel en reëel in evenwichtte houden of te brengen. Een beter inzicht in uw financiële positie zorgt ervoor dat u betere en weloverwogen besluiten met financiële consequenties kunt nemen. Daarnaast kunt u eventuele kaders en wensen aan uw college meegeven met betrekking tot de opstelling van de begroting. Wij adviseren deze begrotingsbrief te gebruiken bij het inwerkprogramma van de nieuwe gemeenteraad (en colleges). Voor nieuwe raadsleden kunnen overheidsfinanciën soms een ingewikkelde puzzel blijken. Mocht er behoefte zijn aan nadere uitleg, dan zijn wij hier graag toe bereid. Wij attenderen
u erop ook kennis te nemen van onze brief over de toezichtvorm die wij u aan het eind van ieder jaar toezenden. Hierin staan specifieke aandachtspunten voor uw eigen begroting.
Verruiming gemeentelijk belastinggebied Besluitvorming over de verruiming van het gemeentelijkebelastinggebied is één van de onderdelen van de financieel-bestuurlijke verhoudingen die door het vorige kabinet is doorgeschovennaar het kabinet Rutte IV. Andere elementen van de financieel bestuurlijke verhoudingen zijn de herziening van het verdeelmodel van het gemeentefonds, de indexering (de normeringssystematiek) en een uitkeringsstelsel dat is toegesneden
op gezamenlijke opgaven.
het op 15 december2021 verschenen
coalitieakkoord'Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst' zijn de belangrijkste plannen voor de kabinetsperiode opgenomen. Tot 2025 lijkt er volgens het In
coalitieakkoord
aan het eigen belastinggebied van de lokale overheden niets te veranderen. Wel is aangegeven dat er de komende jaren zal worden gewerktaan een nieuwe financieringssystematiek voor de periode na 2025, waarbij ook alternatieven voor onder andere de onroerendezaakbelasting worden betrokken.
DOC-00247756
2
orovmcie rmourc .....
,@ · @
@
'.>'@@@@ ,1
@ @
',
·,
@ @ @ @ @ -@@
Voorafgaand aan het debat over de regeringsverklaring heeft de Raad van State op 13 januari jlt in een brief aan de Minister van Financiën het kabinet geadviseerd voor een nieuwe stabielere financieringssystematiek voor medeoverheden niet te wachten tot de volgende kabinetsperiode en medio 2022 tot een meerjarig budgettair kader voor medeoverheden te komen.
Herijking gemeentefonds/verdelingssystematiek
0.9 juli 2021 hebben de beheerders van het gemeentefonds (de Minister van Binnenlandse Zaken en en de Staatssecretaris van Financiën) een aangepast verdeelvoorstel voor de herijking gemeentefonds het van naar de Tweede Kamer gestuurd. Daarna is er in december2021 nog een Koninkrijksrelaties
update verschenen. Het aangepaste verdeelvoorstel gaat in op de reacties en vragen die gemeenten en de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) stelden over het in februari 2021 gepubliceerde verdeelmodel. Gelijktijdig hebben de fondsbeheerders de VNG en het ROB om advies gevraagd over dit aangepaste voorstel. In oktober 2021 schrijft de ROB dat de nieuwe verdeling van het gemeentefonds beter is dan het oude, maar nog steeds problemen kent. De financiële gevolgen voor een groot aantal gemeenten roept vragen op. In het aangepasteverdeelvoorstel gaat het Rijk uit van een ingroeipad van€ 15,00 per inwoner per jaar. Het maximale herverdeeleffect geldt voor zowel voor- als nadeelgemeenten. Dat betekent dat de herijking voor een gemeente het eerste jaar een maximum nadeel of voordeel heeft van € 15,00 per inwoner. Dit maximum kan de volgende jaren oplopen afhankelijk van het totale herverdeeleffect. Het kabinet zal een definitief besluit moeten gaan nemen over de herijking. Het Rijk informeert de gemeenten uiterlijk via de meicirculaire 2022 van het gemeentefonds. Dit om ervoor te zorgen dat de voorgestelde invoeringsdatum van 1 januari 2023 wordt gehaald.
Opschalingskorting Sinds 2015 worden gemeenten geconfronteerd met een korting op het gemeentefonds.
De
is opgelegd omdat gemeenten door gedwongen opschaling kosten zouden besparen. In het regeerakkoordvan het kabinet Rutte Il stond de ambitie om te komen tot gemeenten met meer dan
opschalingskorting
100.000+ inwoners. Hierdoor zouden veel gemeenten moeten fuseren. Dit zou moeten leiden tot besparingen op apparaatskosten, vereenvoudiging regelgeving en minder dubbeling van taken. Er bleek geen draagvlak. De verplichte opschaling is afgeschaft maar de bijbehorende opschalingskorting werd niet geschrapt. Deze opschalingskorting zou van 2015 tot en met 2025 steeds verder oplopen, tot een structureel bedrag van bijna 1 miljard euro in 2025. Het niet afschaffenvan de opschalingskorting
leidde tot veel kritiek bij gemeenten. De afgelopen jaren
werd de opschalingskorting bevroren, ofwel incidenteel geschrapt. Voor 2020 kwam dit neer op € 70 miljoen en voor 2021 op€ 160 miljoen die gemeenten niet hoefden af te dragen aan het Rijk. deze van het kabinet dat de oploop van de opschalingskorting wordt geschrapt. Hierdoor blijft de opschalingskorting op het gemeentefonds op
Nu blijkt uit het coalitieakkoord kabinetsperiode
hetzelfde niveau als de afgelopen 3 jaar.
DOC-00247756
3
orovmcie rrn Jure '-'
@ @@@ @@ @@
'.': ;j, @ @ @ @ @ :..
Wat er met de opschalingskorting na de kabinetsperiode gedaan gaat worden, is nog onzeker. Uit de startnota van het Kabinet blijkt dat het Rijk vanaf 2026 rekening houdt met een structurele korting op het gemeentefonds van€ 675 miljoen.
Sociaal Domein Het merendeel van de gemeenten heeft bij de begroting 2022 gebruik gemaaktvan de mogelijkheid om stelposten op te nemen in de meerjarenraming 2023 tot en met 2025 voor de middelen jeugdzorg. De bedragen komen voort uit de arbitrage uitspraak van de Commissie van Wijzen. Hiervoor geldt een maximum van 75% van het deel dat gemeenten op basis van de verdeling zouden krijgen. De stelpost is geen budgettaire garantie. Besluitvorming over een structurele oplossing in termen van benodigd budget en aanpassingen in het stelsel voor uitvoering van de Jeugdwetvanaf 2022 heeft nog
geen volledige opvolging gekregen in het coalitieakkoord. In het coalitieakkoord wordt er op een aantal punten afgeweken (onder andere de hoogte) van de afspraken van de Commissie van Wijzen, waardoor de compensatie op langere termijn lager is. Dat betekentconcreet dat gemeenten die onze richtlijn hebben gevolgd en de maximale stelpost van 75% hebben opgenomen nog aanvullende dekking zullen moeten zoeken. Onderdeel van de toezegging van de gelden uit de Commissie van Wijzen is de hervormingsagenda. De agenda, waar ook jeugdhulpaanbieders, professionals en cliëntorganisaties aan meewerken, moet concrete maatregelen opleveren die leiden tot een kwalitatief en financieel houdbaarjeugdstelsel. Op dit moment wordt de hervormingsagenda
Uitgewerkt.
Voor de begroting 2023 is het op dit moment niet duidelijkhoe er met de stelpost"uitkomst onderzoek Jeugdzorg" moet worden omgegaan. Evenals de VNG zijn wij in afwachting of er tijdig een structurele oplossing wordt geboden. Wanneer deze niet tijdig wordt gegeven dan moeten het Rijk, de VNG en het IPO nadere afspraken maken hoe er in de begroting
2023-2026moet worden gehandeld om te
voorkomen dat de gemeenten opnieuw in de problemen komen. Ook hierover zullen wij u (ambtelijk) informeren zodra er meer duidelijk is.
Ontwikkelingen Besluit Begroting en Verantwoording (BBV)
De commissie BBV geeft in notities aan op welke wijze een bepaald onderwerpin de begroting verwerkt kan of moet worden. 'Kan', omdat de regelgeving meerdere verwerkingsopties toestaaten 'moet' als de regelgeving verplicht tot een bepaalde verwerkingswijze. aanbevelingen Kadernota
De BBV-notities bevatten dan ook
('kan') en stellige uitspraken ('moet') voor de juiste toepassing en uitvoering van het BBV.
rechtmatigheid2022
rechtmatigheidhaar visie over de invulling van het begrip rechtmatigheid in de rechtmatigheidsverantwoording van de decentrale overhedenconform artikel 75, lid 2 BBV. De nota rechtmatigheid wordt door de commissieBBV geactualiseerd als de ontwikkelingen daar aanleiding toe geven. Voor de jaarrekening 2022 is hier aanleiding toe indien de voorgenomen De commissieBBV geeft via de kadernota
waarin het afgeven van een verklaring over de rechtmatigheid wordt geregeld, tijdig wordt afgerond. wetswijziging,
DOC-00247756
bij decentrale overheden
4
orovmcie rm Jurg
@@
@
@
@ @ - @ . .,_ @@@@
.;
Met ingang van het verslagjaar 2022 wordt dan de verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders voor de rechtmatigheid benadrukt doordat het college een verantwoording over rechtmatigheid af moet gaan geven in plaats van de accountant. De gepubliceerde Kadernota rechtmatigheid 2022 gaat dan ook gelden met ingang van het begrotingsjaar 2022 indien bovengenoemde wetswijziging tijdig wordt afgerond. Ook voor de jaarrekening2021 is er aanleiding de Kadernota rechtmatigheid te actualiseren. Omdat een aantal onderdelen uit de Kadernota rechtmatigheid 2022 los staan van de voorgenomen wetswijziging per 2022 heeft de commissieBBV deze onderdelen als addendum op de kadernota rechtmatigheid 2018 gepubliceerd. Notitie Paragraafbedrijfsvoering is sinds de introductie van het BBV een verplichte paragraaf in de begroting In deze paragraaf moet 'ten minste inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering' worden gegeven. Deze formulering geeft veel
De paragraaf bedrijfsvoering
en het jaarverslag.
ruimte om gemeente-specifiek
invulling te geven aan deze paragraaf. Naar aanleiding van bovengenoemde consultatie inzake de Kadernota rechtmatigheid 2022 bleek dat er een brede behoefte was aan een nadere duiding van de inhoud en reikwijdte van de paragraaf bedrijfsvoering. Daarom heeft de commissie BBV besloten om naast de actualisatie van de Kadernota rechtmatigheid paragraaf bedrijfsvoeringop te stellen.
een Notitie
De Notitie paragraafbedrijfsvoering gaat in per 2022, waarbij de commissie wel aantekent dat de stellige uitspraken en aanbevelingen die geen directe relatie hebben met het invoeren van de rechtmatigheidsverantwoording
ook eerder toegepastmogen worden.
Notitie Lokale heffingen De begrippen lokale heffingen, gemeentelijke
belastingen, leges en retributies hebben allemaal betrekking op bedragen die een gemeente oplegt aan bewoners, bedrijven en forensen/toeristen. De begrippen wordendoor elkaar gebruikt in de wetgeving hetgeen soms tot onduidelijkheid kan leiden. Aanpassingen
in de wetgeving
in de afgelopen
met jurisprudentieleiden in de praktijk heffingen en bijbehorende voor lokale
jaren
in combinatie
nog steeds tot veel vragen rondom de tariefstelling voorziening(en). In de notitie geeft de commissieBBV dan ook een overzicht van alle relevante aspecten van lokale heffingen en bijbehorende voorzieningenen reserves met betrekking tot vraagstukken van begroting en verantwoording. Het doel van de notitie is inzicht te bieden aan raadsleden en meer specifiek duiding te geven aan vakspecialisten
op het gebied van lokale heffingen.
Notities In de planning staat verder in de loop van 2022 actualisering van onder andere de notitie Rente en de
Actualisering
notitie Risicomanagement. Of de notitie al voor de begroting 2023 geldig zal zijn is afhankelijk van het moment van verschijnen. De ingangsdatum kunt u terugvinden in de betreffendenotitie.
DOC-00247756
5
orovmcie rm Jurg
'
@@
@
'
@..)
Inzicht in de structurele begrotingspositie Het inzicht in de structurele begrotingspositie van uw gemeente blijft een belangrijk aandachtspunt. Als u de begroting vaststelt waarbij de baten en lasten met elkaar in evenwicht zijn, betekent dit nog niet dat u
heeft voldaan aan de GemeentewetU heeft de verantwoordelijkheid de begroting structureel in evenwicht vast te stellen, Dit betekent evenwicht waarbij incidentele effecten niet mee worden gerekend, Nogmaals dringen wij erop aan het structurele begrotingssaldo, zowel voor het betreffende begrotingsjaar inzichtelijk te presenteren. Hiervoor kunt u gebruik maken van het overzicht dat wij in het verleden met u hebben gedeeld, Dit overzicht moet u ook gebruiken bij de jaarrekening om vast te stellen of de structurele lasten gedekt zijn met structurele baten. Wij adviseren u het structureel als voor de meerjarenraming,
begrotingssaldo
op deze wijze in het raadsvoorstel en de aanbiedingsbrief
of in de inleiding van de
begroting op te nemen.
Incidentele baten en lasten Een van de verplicht op te nemen overzichten in zowel de begroting als de jaarrekeningis het overzicht van incidentele baten en lasten. Dit overzicht stelt u in staat de incidentele (tijdelijke) effecten inzichtelijk te maken en het structurele saldo van uw begroting te bepalen. De leesbaarheid van dit overzicht wordt vergroot als baten en lasten en incidentele reservemutaties duidelijk gescheiden zijn weergegeven, Daarnaast is het vanuit het BBV verplicht de opgenomen posten te voorzien van een toelichting, Belangrijk daarbij is dat duidelijk wordt waarom de baten of lasten door u als incidenteel zijn bestempeld, Anders gezegd, waarom er géén sprake is van structurele baten of lasten. Structurele baten en lasten zijn immers regel en de incidentele baten en lasten vormen de uitzondering. Reservemutaties
neemt u altijd in het overzicht op, ongeacht de omvang, omdat in principe alle stortingen in en onttrekkingen aan reserves incidenteel van aard zijn. De uitzonderingen, de structurele reservemutaties, toevoegingen
maakt u inzichtelijk op het ook verplichte overzicht van beoogde structurele en onttrekkingen aan de reserves. Alle reservemutaties zijn of opgenomenin dit overzicht
of in het overzicht van incidentele baten en lasten. Om het beeld ten aanzien van de reserves compleet te maken neemt u ook het verloop van de reserves op. Dit kan door in een bijlage het overzicht reserves en voorzieningen
aan te vullen met de afzonderlijke toevoegingen
Net zoals bij de begrotingsronde
en onttrekkingen
2022 zullen we bij de begrotingsronde
per reserve.
2023 terughoudend
omgaan met op grond van de (ambtelijke)
hetdoorvoerenvan correcties op het structureel begrotingssaldo handreiking 'Verduidelijking structurele en incidentele baten en lasten'. Taakstellingen
Gemeenten waarbij de structurele baten onvoldoendezijn om de structurele lasten te dekken kan een gemeente naast inkomstenverhogende maatregelen kiezen voor het (meerjarig)sluitend maken van de begroting door bezuinigingsoperaties, taakstellingen en/of ombuigingen.
DOC-00247756
6
orovrncie rrn Jurg
u@@
@
,,
Wat wordt bedoeld met deze begrippen: een bezuiniging wordt rechtstreeks op de baten en lasten van de begroting verwerkt. Bij de kadernota wordt vaak aangekondigd op welke posten wordt bezuinigd. In de begroting die uw raad vaststelt zijn deze bezuinigingen verwerkt; een taakstelling is een opgave die de organisatie voor de langere termijn wordt opgelegd. Hieronder valt bijvoorbeeld het voornemen om het personeelsbestand terug te brengen met een opgelegd
bedrag of percentage. Om dit te kunnen realiseren moet een plan worden opgesteld en moet er nog rekening gehouden worden met frictiekosten en dergelijke. Pas op langere termijn ontstaan de positieve financiëleeffecten; hebben een beleidsinhoudelijk overweging en hebben daardoor een politieke lading. Een voorbeeld hiervan is de afweging of de gelden van het sociaal domein voor andere zaken dan het sociaal domein zouden kunnen worden ingezet. ombuigingen
Bij de beoordeling van uw begroting worden de bezuinigingen, taakstellingen en ombuigingen getoetst op hardheid, haalbaarheid en realiteitswaarde. Hiervoor is het volgende van belang: een op het programma verwerkte bezuiniging is reëel. Het budget is concreet en de raming is daadwerkelijk verlaagd; bij een taakstelling
is de onderliggende toelichting en het proces dat bij het concretiseren gevolgd gaat worden van belang. Deze toelichting is noodzakelijke informatie voor uw en ons inzicht in uw financiële positie; een ombuiging vergt een beleidsinhoudelijke beoordeling van belang.
afweging, de besluitvorming
van uw raad is voor onze
Wij constateren dat er bij een aantal gemeenten taakstellingen zijn uit eerdere jaren waaraan nog inhoud moet worden gegeven. Dit vinden wij een zorgelijkeontwikkeling. Alleen wanneer de voorgenomen maatregelen volledig worden gerealiseerd, blijft de financiële stabiliteit van de gemeente gewaarborgd. Ons advies is om een paragraaf Taakstellingen
op te nemen m uw begroting. In deze paragraaf kunt u in één oogopslag de opgenomen bezuinigingen, taakstellen en ombuigingen zien, die verspreid in de begroting zijn geraamd. Ook kunnen in deze paragraafstelposten (inschattingen of al vrijgemaakte begrotingsruimte) en nog openstaande taakstellingen in de meerjarenramingen vermeld worden. Daarnaast kunt u hier de voortgang van eerder vastgestelde bezuinigingsmaatregelen toelichten en
volgen. Hetzelfde geldt voor eventuele stelposten voor toekomstige financiëleonzekerheden. Dit versterkt uw en ons inzicht in de financiële positie van uw gemeente.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Een belangrijk onderdeel voor de beoordeling van de financiële stabiliteit van een gemeente is de omvang van het weerstandsvermogen. Bij onze begrotingsonderzoeken van gemeenten zien we veel grote financiële onzekerheden en signaleren we bij veel gemeenten jaarlijks een toename van de risico's. Die ontwikkeling toont aan dat gemeenten in het algemeen continu alert dienen te zijn op het volledig en adequaat in beeld houden van de financiële risico's. Voorkomen dient te worden dat daarbij (substantiële) risico's over het hoofd worden gezien.
DOC-00247756
7
orovmcie irn ourq
"@@ ,
.;- @
wat van de daartegenover gestelde middelen en mogelijkheden de beschikt of beschikken om onverwachte, niet begrote kosten te dekken. De kan gemeente waarover gekwantificeerde risico's afgezet tegen de weerstandscapaciteit bepalen immers het Ook vraagt deze risico-ontwikkeling
weerstandsvermogen
van uw gemeente.
Om nadelige financiële consequenties voor de uitkomsten van de begroting en/of meerjarenraming te voorkomen bij het onverwachts aanwenden van de weerstandscapaciteit is het belangrijk om de middelen van de beschikbare weerstandscapaciteit, ook volledig vrij aanwendbaar te houden. Dat houdt in dat wij adviseren om al in de begroting besloten of in de meerjarenraming geraamde inzet van (eventueel een deel van) deze middelen (speelt met name bij algemene reserves) uit te zonderen bij de beschikbare weerstandscapaciteit of eventueel als opgenomen claims nader toe te lichten. Hierdoor wordt een gat in de begroting en/of meerjarenraming voorkomen en een consistente berekening van de weerstandsratio bevorderd. Beoordeling kengetallen Het financieel gezond houden van een gemeente gaat verder dan een sluitende begroting. Een aantal jaren geleden zijn kengetallen voorgeschreven in de begroting en het jaarverslag inclusief een beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie. Dit is primair gedaan om het inzicht in de financiële positie van de gemeente bij de gemeenteraad te vergroten. De wijze waarop de kengetallen meewegen in de uiteindelijke beoordeling van de financiële positie is voorbehouden
aan het horizontale controle- en verantwoordingsproces.
Net als u hebben wij een belang bij inzicht in de financiële positie van uw gemeente. Daarom adviseren wij u de voorgeschrevenbeoordeling van de kengetallen op te nemen in uw paragraaf Weerstandsvermogen
en risicobeheersing,
als deze nog ontbreekt.
Onderhoud kapitaalgoederen Een gemeente is verantwoordelijk voor een veilige en duurzame leefomgeving voor haar inwoners en geeft daarom ieder jaar grote bedragen uit aan het verkrijgen, vervaardigen en onderhouden van kapitaalgoederen. Denk onder andere aan wegen, riolering, water, groen en gebouwen. De kapitaalgoederen zijn uitgaven bedoeld om de kwaliteit van de gemeentelijke eigendommen op een van tevoren vastgesteld onderhoudsniveau te houden of weer te brengen. Dit met als doel het naar behoren te laten functioneren en kapitaalvernietiging te voorkomen. HierbiJ worden groot onderhoudskosten
en klein onderhoud onderscheiden. De Jasten voor klein onderhoud worden altijd in de exploitatie geraamd in het jaar dat uitvoering plaats vindt. De Jasten voor groot onderhoud kunnen op twee manieren worden geraamd: óf via de exploitatie in het Jaar van uitvoering of, onder voorwaarden, via een onderhoudsvoorziening. Uit de paragraafOnderhoud kapitaalgoederen
moet blijken: welk onderhouds-en kwaliteitsniveau de gemeente heeft vastgesteld;
dat de beheerplannen recent zijn. Een beheerplan mag maximaal vijf jaar oud zijn. Voor het begrotingsjaar2023 mag het beheerplan dus niet ouder zijn dan 2018. Van deze vijf jaar kan door de
raad alleen gemotiveerd afgeweken worden;
DOC-00247756
8
orovmcie rm ourg
t
@
@
@ @@ @
j
@@ @ @ @ @ @ @
dat de budgetten in de begroting groot genoeg zijn om het beleid van de gemeente te kunnen uitvoeren; of er al dan niet sprake
is van achterstallig
onderhoud.
Bezuinigingen op het onderhoud Bezuinigingen op het jaarlijks en groot onderhoud worden door toezichthouders
alleen onder de volgende
voorwaarden als reëel beoordeeld: het lagere kwaliteitsniveau
van het onderhoud van de kapitaalgoederen leidt niet tot achterstallig onderhoud of onveilige situaties. Dit dient aannemelijk te worden gemaakt; de raad stelt een actueel beheerplan vast op basis van het lagere kwaliteitsniveau. De voormalige Minister van BZK heeft aangekondigd de regie op woningbouw te versterken. Hiervoor wil BZK de samenwerkingmet medeoverheden, corporaties en marktpartijen verstevigen en vastleggen. Bijvoorbeeld door wederkerige afspraken te maken over het aantal te bouwen woningen, het aandeel betaalbare woningen, bereikbaarheid, herstructurering gekeken naar de randvoorwaarden
en duurzaamheid ervan. Hierbij wordt ook die nodig zijn zoals financiële bijdragen, grondbeleid, kennis en
capaciteit en het versnellen van planologische procedures. De woningbouwopgave
is onlosmakelijk verbonden met duurzaamheid, de energietransitie en de Dit betekent nu al veel voor gemeenten en er komt nog heel veel meer op de
stikstofproblematiek. gemeenten af.
BTW compensatiefonds Het BTW compensatiefonds(BCF) is een fonds waaruitde gemeenten worden gecompenseerd voor een belangrijk deel van de door uw gemeente betaalde omzetbelasting (BTW). Als gemeenten diensten of goederen extern inkopen, betalen ZIJ daarover BTW. In tegenstelling tot bedrijven kan uw gemeente die BTW niet terugvorderenvan de Belastingdienst. Extern ingekochte diensten zijn daarom al snel duurder
dan intern uitgevoerdeactiviteiten. Bij het BTW compensatiefonds
kunnen de gemeenten (grotendeels)
de BTW terugvragen
die ze hebben betaald over uitbesteed werk. Het fonds is dan ook opgericht om BTW weg te nemen als factor in de afweging van gemeenten tussen uitbesteden en inbesteden (uitvoering door de eigen organisatie). Er is een directe financiële koppeling tussen het BCF en het Gemeentefonds. compensatiefonds het gemeentefonds.
Het BTW
kent een plafond. Als het plafond overschreden wordt, komt het verschil ten laste van Bij een realisatie lager dan het plafond komt het verschil ten gunste van het
gemeentefonds. Het is aan de gemeentenzelf om een reële raming voor het BCF op te nemen. Voor de wijze van verwerking van de ruimte in uw begroting en meerjarenraming geldt de volgende richtlijn. De realisatie 2021, zoals deze is opgenomen
in de circulaire
2022 is uitgangspunt voor uw raming. Daarnaast maakt u van het
een beargumenteerdeinschatting van de toekomstigeruimte met inachtneming voorzichtigheidsbeginsel.
DOC-00247756
9
pro v In c Ie m Jur g I
@
·
@@ .., . ·,
@@@@
Omgevingswet De minister van Volkshuisvesting verantwoorde 1
en Ruimtelijke Ordening heeft laten weten voor een zorgvuldige en inwerkingtreding van de Omgevingswet de invoeringsdatum uit te stellen naar
januari 2023.
In onze
voorgaandebegrotingscirculaires hebben wij dit onderwerp al uitgebreid toegelichten daarbij
geattendeerd op de financiële gevolgen voor uw gemeente. Voor nieuwe raadsleden nemen wij de belangrijkste aspecten opnieuw in deze circulaire op. Met de Omgevingswetwil de overheid de regels voor ruimtelijke ontwikkeling
vereenvoudigenen
samenvoegen. Hierbij gaat het onder meer om wet- en regelgeving over bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. Met behulp van één digitaal loket wordt het makkelijker om ruimtelijke projecten te starten. Het uitgangspunt blijft dat er een goed evenwicht is tussen het benutten en beschermen van de leefomgeving. Met de nieuwe wet zijn het Rijk, de provincies en de gemeenten voortaan verplicht een omgevingsvisie te maken. Dit is een strategische visie voor de lange termijn voor de hele fysieke leefomgeving. De belangrijkste uitgangspunten daarbij zijn: per gemeente geldt één omgevingsplan; het omgevingsplanbevat gemeentelijke regels over de fysieke leefomgeving;
programma staan maatregelen waarmee een bevoegd gezag een omgevingswaardeof een andere doelstelling voor de fysieke leefomgeving wil bereiken. in een
Over het algemeen geven gemeenten aan dat ze inmiddels zijn voorbereid op de invoering van de Het is nog niet voor elke gemeente duidelijk wat de gevolgen zijn voor de opbrengsten
Omgevingswet.
van leges, zowel wat betreft aantallen als wat betreft de leges per vergunning. Uitgangspunt is dat de Orngevrngswet budgetneutraal In interbestuurlijk
verband
is afgesproken
kan worden ingevoerd in een periode van 10 jaar. dat naar oplossingenzal worden gezocht voor financiële
knelpunten. Een latere inwerkingtreding van de Omgevingswet brengt extra kosten met zich mee. In 2022 zullen deze tijdens een financiëleevaluatie in beeld worden gebracht. Het programmaAan de slag met de Omgevingswet
ondersteuntde implementatie van de wet in de
praktijk. Het rs interessant om uw gemeente op te zoeken op de Aansluitmonitor hoeveel overheidsorganisaties inmiddels zijn aangesloten op de oefenomgeving Omgevingswet (DSO).
DOC-00247756
DSO, waarop staat van het Digitaal Stelsel
10
orovmcie .m Jurg
@
@@@
: 'J ••.
@ .@@ ..
.,
;:,.·
Wet digitale overheid en Wet open overheid Niet alleen bij de woningbouw, energietransitie en klimaatadaptatie staan gemeenten voor grote maatschappelijke opgaven, ook in de digitalisering van de samenleving liggen uitdagingen. In het kader van deze begrotingsbriefis het vanzelfsprekend belangrijk om te melden dat de financiële gevolgen voor de Uitvoering van nieuwe wetgeving en taakmutaties reëel worden opgenomen in de komende begroting en meerjarenraming. Zo hebben ook beide voornoemdewetten gevolgen voor de bedrijfsvoering van gemeenten. Behalve implementatiekosten komen er structureel ook extra taken bij. Gedurende de Covid-19 crisis is het belang van digitale toegankelijkheid
alleen nog maar evidentergeworden.
0.1 mei 2022 treedt de Wet open overheid (Woo) in werking. Deze wet heeft als doel (semi)overheden transparanter en toegankelijkerte maken. De wet moet er voor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar, uitwisselbaar, eenvoudig te ontsluiten en goed te archiveren is. De Woo komt in de plaats van de huidige Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Een verschil van slechts één letter, maar de nieuwe Woo gaat ook heel wat betekenen voor gemeenten. Zo worden gemeenten verplicht verschillende
soorten documenten actief en snel openbaar te maken. Ook verplicht de Woo om gemeenten hun informatiehuishouding op orde te brengen, een bepaling uit de Archiefwet wordt daarbij herhaald in de Woo. Hiermee is een aanzienlijke doorlooptijd gemoeid, de Memorie van Toelichting bij de wet noemt een mogelijke termijn van acht jaar. De financiële gevolgen van de implementatie en uitvoering van de Woo zijn door het Rijk bij de meicirculaire 2021 gecompenseerdmet zowel incidentele als structurele middelen. De invoering van de Wet digitale overheid (Wdo) heeft in 2021 vertraging opgelopen. Vragen van de Eerste Kamer bij het wetsvoorstel hebben er toe geleid dat de Staatssecretaris van BZK heeft besloten tot een wetswijziging. Het wijzigingsvoorstel is medio juni 2021 bij de Tweede Kamer ingediend. De is afhankelijk van wanneer de Kamer het wetsvoorstel met wijzigingen bespreekt. De Wdo heeft als doel het regelen van het veilig en betrouwbaarkunnen inloggen voor Nederlandse burgers en bedrijven bij (semi)overheid. Deze wet moet het mogelijk maken om straks via publieke én private inwerkingtreding
inlogmiddelen digitaal zaken te doen met bijvoorbeeld gemeenten en zorginstanties. De Wdo gaat pas gelden als een instantie technisch en organisatorisch klaar is om aan te sluiten. De VNG heeft het Rijk gevraagd om compensatie van de meerkosten voor de gemeenten. Dat is nog niet geregeld.
ToezichtkaderGemeenschappelijkeregelingen Vorig jaar informeerden wij u over de stand van zaken omtrent het GTK voor de gemeenschappelijke regelingen. Reden voor een afzonderlijk toezichtkadervoor de gemeenschappelijke regelingen, is dat GTK voor gemeenten niet één op één van toepassingis voor de gemeenschappelijke regelingen. Vanwege de diversiteit aan gemeenschappelijke regelingen (grootte, deelnemers, beleidsvelden), moet dit toezichtkader een handvat zijn voor gemeenschappelijke regelingen bij het opstellen van de begroting. Wij verwachten in de eerste helft van 2022 het GTK bij alle provincies vast te kunnen stellen. Daarmee wordt ingezet dat dit nieuwe GTK voor gemeenschappelijke regelingen bij de begroting 2024 toegepast kan gaan worden.
DOC-00247756
11
orovincre rrn ourq
@
@
@
·· @
@.
@@@
De wijzigingen van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) is inmiddels definitiefen treedt in werking per 1 juli 2022. Belangrijke wijzigingen die met ingang van het begrotingsjaar 2023 gelden zijn: Aanpassing begrotingscyclus
door drie wijzigingen:
de kadernota en voorlopige Jaarrekening moeten voor 30 april naar gemeenteraden gestuurd in plaats van 15 april;
worden
de ontwerpbegroting
moet uiterlijk 12 weken voor 15 september voor een zienswijze aan gemeenteradenaangeboden worden, in plaats van 8 weken voor 1 augustus; de begroting van een regeling moet uiterlijk 15 september naar gedeputeerde staten worden gestuurd in plaats van 1 augustus. Artikel 9 van de Wgr is aangescherpt met een bepaling over de reikwijdte van de afspraken die moeten worden gemaaktover het regelen van de gevolgen van de uittreding. Daardoor kan niet langer volstaan worden met een vaststelling door het (algemeen) bestuur. Bestaande gemeenschappelijke regelingen zullen binnen twee jaar moeten worden aangepast nadat deze wijziging in werking is getreden.
Agendatoekomst van het (interbestuurlijk) toezicht Met de Agenda Toekomst(interbestuurlijk) Toezicht (ATT) geven gemeenten, provincies en Rijk gezamenlijk invulling aan de vernieuwing van het interbestuurlijk en financieel toezicht. Het doel is dat het toezicht zo effectief mogelijk is en past bij een gezamenlijke aanpak van maatschappelijke opgaven. Het actieplan bestaat uit vijf actielijnen: versterking verbinden horizontale controle en verticaal toezicht; beter voeren dialoog; beter leren via toezicht; uniformeren uitvoering toezicht; toezichthouderricht zich op gedeelde risico's. Er zijn verschillendewerkgroepen in het leven geroepen die per actielijn de gestelde doelen gaan uitwerken. Voor meer informatie postbusATT@minbzk.nl. In het kader van het opbouwen en/of verbeteren van de gespreksrelaties tussen toezichtontvanger en toezichthouder (actielijn 2) zal verder worden uitgewerkt hoe de dialoog met elkaar kan worden gevoerd.
In vervolg op de in 2021 georganiseerde workshops ATT worden een aantal regionale pilots georganiseerd om hier in de praktijk ervaring mee op te doen. Provincies en gemeentendie hieraan zouden willen deelnemenworden opgeroepen zich hiervooraan te melden bij het programmaA TT via postbusATT@m inbzk. nl. De recent opgerichtewerkgroep 'Data gedreven toezicht' gaat onderzoeken welke bestaande data, toezichtinformatie, kennissystemen etc. voorhanden zijn en hoe die beter kunnen worden benut (actielijn 3). Dit kan uitmonden komen tot verbeteringen.
DOC-00247756
in
pilots om ervaringen op te doen om deze beter te gebruikenen te
12
provrncie rm :Jurg
@
@
@ @@
}:,:,,J t! .'...
Tot slot Wij sluiten onze begrotingsbrief
2023 af met een aantal jaarlijks terugkerende punten.
Dividend Enexis Holding N.V. Vanaf 1 januari 2022 is het nieuwe Methodebesluit voor Enexis van toepassing verklaard. Op basis van dit besluit stelt Enexis haar Lange Termijn Financiële Planning op, hetgeen naar verwachting resulteert in een lager toekomstig jaarlijks winstniveau en daarmee mogelijk ook in een lager dividend vanaf het boekjaar 2022, leidend tot een dividend in 2023. Op dit moment is hier echter nog geen adequate inschatting van te maken. Daarom adviseren wij u voor de begroting 2023 en de jaren van de meerjarenraming
2024-2026
vooralsnog van € 0,50 per aandeel uit te gaan. Mocht er in 2022 duidelijkheid komen dat het dividend voor de jaren 2023-2026 lager zal uitvallen moet u vervolgensnadere besluiten nemen. Bank Nederlandse Gemeenten De nettowinst van de Bank Nederlandse Gemeenten over 2021 bedraagt€236 miljoen. Na aftrek van de uitkering van dividend aan verschaffers van hybride kapitaal is een bedrag van€ 212 miljoen beschikbaar
voor aandeelhouders. De Bank Nederlandse Gemeentenstelt de aandeelhouders voor 60% van de nettowinst als dividend uit te keren. Het reguliere uitkeringspercentage van 50% is in 2021 aangepast naar 60% om de aandeelhouders te compenseren voor de niet-verkregen Targeted Longer-Term
Refinancing Operation (TL TRO) korting: BNG heeft nl. door het niet tijdig voldoen aan de in 2021 een extra rentekorting van 0,5% misgelopen (€ 57 miljoen) op de TL TRO.
rapportageverplichting
Over het jaar 2021 is daardoor€ 127 miljoen beschikbaarvoor uitkering van dividend aan Als de aandeelhouders het voorstel overnemen zal € 2,28 per aandeel van € 2,50 aan
aandeelhouders.
dividend worden uitgekeerd. Daarom adviseren wij u in de begroting 2023 en de meerjarenraming /2024-2026 het te ramen dividend op maximaal€2,28 per aandeel van€ 2,50 te stellen.
Vooroverleg Wij verzoeken gemeenten met financiële problemen die bijzondere maatregelen vergen, zo spoedig mogelijk met ons hierover te overleggen.
Informatie in of bij de begroting 2023 u in of bij de begroting 2023 de volgende informatie toe te voegen: de opbouwtabel van de algemene uitkering 2023-2026.
Wij verzoeken
Digitale aanbieding van de begroting
kunt u digitaal aanbieden via het emailadres van uw toezichthouder.Voor grotere bestanden verzoeken wij u gebruik te maken van: https://transfer.prvlimburg.nl. De begrotingsstukken
Bij de stukken moeten dan wel een door de voorzitter en griffier ondertekend vaststellingsbesluit en een door de burgemeester en secretaris ondertekende aanbiedingsbriefzijn opgenomen.
Toezending van een papieren set blijft natuurlijk mogelijken blijft ook bij digitale toezending welkom als werkexemplaar.
DOC-00247756
13
orovmcrs rrn ourc
@
'-"
-:
,.
,·.@@ @ @ @ @@ 1
,
@ @- @
Een afschrift van deze brief hebben wij gemeente gestuurd.
G@ eputeerde Staten va@@@@@@burg /@,' @ ; i @ ' I; / /; // ,/@
// / c->:»:':/
A 1
'
i
•' ;
j
t·
·-
@@@@@@@
@ @ @ @ @ @ @ @ @ @ @ @
/. @O'rz1tter ,@@@ @@ @
@@@@@
@
@
1
@
1 ·@ @
@-
,
aan het college van Burgemeester en Wethouders van uw
-,'
secretarís ;•'
@ @ @ @
,
,;
---· @ ----
... --· @
·---
@
/
/, @
'
,,
"-
-@@@'
DOC-00247756
14
orovmcie mourc '--'
@
@
'.@ .
@
@@@@
Po @
PostNL @@@@@@
@ lili, @ l@
@
@@
_@ P
@
@@
l)/ì i,,id
•11
J @
'ì
l'
' ,, '
;
1 1
@@ @ ·.·...
@"'@ @@ @@ @@ @ @ _.. @@@@ @ @@
w '@
@ @
ï'
@ @ @ @ @
:@ @ 1,·-'., · @@@@ @@@ .@ @ @@ t. @' :; '1,' , .•. @ @ @ ,
·
De Raad van de gemeente Leudal Postbus 3008 6093 ZG HEYTHUYSEN
Postbus 5700.6202 MA Maastricht
@@
@ @
,, '