CConstaterende datLeudal
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 bij raadsvoorstel: Rapport Reinigingsdienst Maasland 'Voorkeurscenario toekomstige afvalinzameling Leudal' (23okt20)

Commissievergadering Fysiek 6 april 2021, gemeente LeudalBij agendapunt: (Opnieuw) Kiezen scenario afvalinzameling per 1 januari 20226.585 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorkeurscenario toekomstige afvalinzameling Leudal in opdracht van RD Maasland

Dossiernummer: 19CC145 Tilburg, 23 oktober 2020

5

Inhoudsopgave 1. 1. Beleidsvisie en komen tot voorkeurscenario ......................................... 3 2. 2. Huidige situatie in Leudal, Maasgouw & Roerdalen ............................... 5 2.1

Inzamelsystematiek ................................................................................................... 6

2.2

Milieurendement ......................................................................................................... 7

2.3

Kosten en tarieven ................................................................................................... 10

3. 3. Keuze uit vier scenario’s ..................................................................... 11 3.1

De vier scenario’s ..................................................................................................... 12

3.2

Keuze voorkeurscenario ......................................................................................... 13

3.3

Inzamelsystematiek voorkeurscenario ............................................................... 14

3.4

Flankerende maatregelen ...................................................................................... 15

4. 4. Effect voorkeurscenario op service, milieu en kosten in Leudal .......... 18 4.1

Service ....................................................................................................................... 19

4.2

Milieurendement ...................................................................................................... 19

4.3

Kosten ........................................................................................................................ 21

5. Contact ................................................................................................... 22

2

1. Beleidsvisie en komen tot voorkeurscenario

3

Beleidsvisie In december 2019 stelde het dagelijks bestuur van RD Maasland een beleidsvisie afval vast. In de beleidsvisie is opgenomen dat RD Maasland en de gemeenten Roerdalen, Maasgouw en Leudal streven naar een duurzame samenleving waarbij in de toekomst geen plek meer is voor afval. Doelstellingen van deze beleidsvisie:  Verlagen van het restafval naar 100 kilogram restafval per inwoner uiterlijk in 2023.  Verlagen van het restafval van 100 kilogram naar 80 kilogram restafval per inwoner uiterlijk in 2025. De beleidsvisie is de leidraad en het kader voor de uitvoering van het afvalbeleid. Eind 2020 maken de gemeenteraden van Leudal, Maasgouw en Roerdalen een keuze voor de uitvoering van de toekomstige afvalinzameling waarbij de nadruk ligt op zoveel mogelijk milieurendement tegen zo acceptabel mogelijke kosten. De focus ligt op het terugdringen van de grote hoeveelheid GFT die nu nog in de restafvalcontainer terechtkomt. Aan de hand van de beleidsvisie heeft De AfvalSpiegel voor de drie gemeenten een aantal scenario’s uitgewerkt voor de toekomstige afvalinzameling. Door een knip te leggen tussen het opstellen van de beleidsvisie en de concrete invulling van de toekomstige afvalinzameling, kiest RD Maasland voor een dynamische werkwijze. De visie vormt het kader waarbinnen concretisering van de wijzigingen volgt.

Voor de uitvoering van het afvalbeleid geldt deze beleidsvisie de komende jaren als leidraad en kan RD Maasland adequaat anticiperen op stijgende kosten voor afvalverwerking en andere ontwikkelingen in de afvalbranche. Zonder maatregelen gericht op meer afvalscheiding en minder restafval, zal rekening gehouden moeten worden met een noodzakelijke verhoging van de afvalstoffenheffing.

Opstellen scenario’s en komen tot voorkeurscenario Er zijn vier scenario’s voor de toekomstige afvalinzameling opgesteld en op hoofdlijnen doorgerekend (rapport de AfvalSpiegel 16 juni 2020). Hierin zijn de ervaringen in andere gemeenten met het verhogen van het serviceniveau van herbruikbare afvalstromen, alsook het verlagen van het serviceniveau voor restafval en een aanscherping van de financiële prikkel meegenomen. Bij het opstellen van de scenario’s is vooral gekeken naar de belangrijkste afvalstromen die bewoners in de laagbouw kunnen aanbieden: restafval, GFT-afval, PMD en papier en karton. Bij het opstellen van de scenario’s zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:  Een uniforme inzamelsystematiek in alle drie de gemeenten in de laagbouw voor restafval, GFT-afval, PMD en papier en karton. Maatwerk per gemeente voor alle andere afvalstromen en voor hoogbouw.  Inwoners krijgen maximaal drie containers aan huis.  Een bepaalde vorm van tariefdifferentiatie die uniform is in alle drie de gemeenten.  Service is belangrijk, maar de nadruk ligt op zoveel mogelijk milieurendement tegen zo acceptabel mogelijke kosten.  De inzamelsystematiek en wijze van tariefdifferentiatie is eenvoudig en begrijpelijk voor alle inwoners.

De scenario’s zijn voorgelegd aan het algemeen bestuur van RD Maasland. Het bestuur heeft ingestemd met het uitwerken van het ambtelijk voorgestelde voorkeurscenario dat eind 2020 ter besluitvorming aan de drie gemeenteraden wordt voorgelegd.

4

2. Huidige situatie in Leudal, Maasgouw & Roerdalen

5

In dit hoofdstuk bespreken we de huidige situatie in de gemeenten Leudal, Maasgouw en Roerdalen wat betreft het inzamelsysteem, milieurendement en kosten.

van Roerdalen thuisgestuurd en zijn tevens gratis verkrijgbaar op bepaalde ophaalpunten. In Maasgouw en Leudal brengt men het PMD naar een verzamelcontainer.

2.1 Inzamelsystematiek

Papier (en karton) moet gebonden of in dozen worden aangeboden. In de openbare ruimte zijn verder inzamelpunten voor glas en textiel. Grof afvalstromen kunnen inwoners kwijt op milieuparken.

Op dit moment worden de afvalstromen fijn restafval en GFT-afval in de laagbouw van de drie gemeenten aan huis ingezameld. Het papier en PMD worden op verschillende wijzen ingezameld. Zie onderstaand schema.

In de hoogbouw maakt men voor restafval gebruik van een eigen minicontainer, verzamelcontainer of een 40 liter citybin. Voor GFT-afval heeft men op vrijwillige basis een eigen minicontainer of 40 liter citybin. De inzamelwijze van PMD en papier is gelijk aan die in de laagbouw.

Voor fijn restafval en GFT-afval zijn verschillende maten containers in gebruik alsook kleinere inzetbakken. Die grote verscheidenheid aan maten (en bijbehorende tarieven) komt niet zo vaak voor bij gemeenten in Nederland. Voor de inzameling van PMD hanteert Roerdalen een speciale zak die aan huis wordt ingezameld. De zakken krijgen de inwoners

Gemeente

Fijn restafval

GFT-afval

PMD

Papier en karton

Leudal

container 1 x per 2 weken

container 1 x per 2 weken

Wegbrengen naar verzamelcontainer

los, gebundeld en in dozen 1 x per 4 weken of wegbrengen naar verzamelcontainer

keuze uit 5 maten container (40L/60L/80L/140L/240L)

keuze uit 4 maten container (40L/60L/80L/140L)

container 1 x per 2 weken

container 1 x per 2 weken

Wegbrengen naar verzamelcontainer

los, gebundeld en in dozen 1 x per 4 weken

keuze uit 4 maten container (60L/80L/140L/240L)

keuze uit 3 maten container (60L/80L/140L)

container 1 x per 2 weken

container 1 x per 2 weken

speciale zak 1 x per 4 weken

los, gebundeld en in dozen 1 x per 4 weken of wegbrengen naar verzamelcontainer

keuze uit 4 maten container (60L/80L/140L/240L)

keuze uit 4 maten container (40L/60L/80L/140L)

Maasgouw

Roerdalen

Figuur 1 Hergebruik en hoeveelheid restafval in kilogram per inwoner

6

2.2 Milieurendement We maken onderscheid tussen fijn huishoudelijke afvalstromen (fijn restafval, GFT-afval, papier, glas, textiel, PMD en KCA) en grof huishoudelijke afvalstromen zoals inwoners die kunnen aanbieden op de milieuparken. Attero haalt via nascheiding nog kunststoffen, drankkartons en metalen uit het fijn restafval dat de drie gemeenten aanleveren. Het grof restafval uit de gemeenten Leudal en Maasgouw wordt nog nagescheiden. Volgens opgave van RD Maasland wordt er nog 50% aan herbruikbare materiaalstromen uit gehaald. In het nieuwe contract dat RD Maasland heeft met Baetsen (met ingang van 2020) is opgenomen dat minimaal 10% materiaalhergebruik dient te worden gerealiseerd. Wanneer we de resultaten van nascheiding meetellen, dan realiseren de drie gemeenten een hergebruikspercentage van respectievelijk 76% (Leudal en Maasgouw) en 74% (Roerdalen). Zie ook figuur 1. Hier zie je per gemeente de totale hoeveelheid afval, het gescheiden ingezamelde (en nagescheiden) afval en het restafval. De hoeveelheid restafval is in Leudal 129 kilogram per inwoner, in Maasgouw 145 kilogram en in Roerdalen 147 kilogram (na nascheiding). De landelijke doelstellingen voor de jaren 2020 (maximaal 100 kilogram restafval per inwoner) en 2025 (maximaal 30 kilogram restafval per inwoner) zijn met het huidige inzamelsysteem nog buiten bereik.

In vergelijking met het landelijke CBS-gemiddelde voor vergelijkbare nietstedelijke gemeenten (71% hergebruik en 173 kilogram restafval per inwoner) doen Leudal, Maasgouw en Roerdalen het goed. Let wel: niet bekend is of en in hoeverre alle gemeenten bij hun opgave aan het CBS het via nascheiding gerealiseerde hergebruik hebben meegenomen.

597

76%

372

76%

414

593

559 22

38

534 33

74%

390

420

71%

extra hergebruik via nascheiding

hergebruik

129

145

147

173

Leudal 2018

Maasgouw 2018

Roerdalen 2018

Niet stedelijk 2018

restafval

Figuur 1 Hergebruik en hoeveelheid restafval in kilogram per inwoner

Verbijzondering naar afvalstromen Eerder genoemde cijfers over de hoeveelheid restafval bestaan uit het fijn restafval in de container aan huis (met aftrek van hoeveelheden kunststoffen, drankkartons en metalen die er via nascheiding worden uitgehaald) opgeteld met het grof restafval aangeboden op de milieuparken (in Leudal en Maasgouw met aftrek van de hoeveelheid herbruikbare materiaalstromen die er via nascheiding worden uitgehaald). De gescheiden ingezamelde afvalstromen zijn beschikbaar voor hergebruik.

7

Zoals te zien in figuur 2 zijn de onderlinge verschillen niet erg groot. Opvallend is dat Leudal minder fijn restafval overhoudt. Ook komt naar voren dat Roerdalen beduidend minder grof tuinafval heeft en hoog scoort bij ‘overig grof gescheiden’ (met name een hoog aandeel bouw- en sloopafval & grond / zand). In figuur 2 is het vanwege de bijgetelde PMD dat is nagescheiden niet te zien, maar het aan de bron gescheiden PMD in Leudal en Maasgouw levert per inwoner meer kilo’s op dan in Roerdalen (22 en 28 kilogram ten opzichte van 19 kilogram). Roerdalen heeft 1 keer per 4 weken een inzameling aan huis met een zak en in de beide andere gemeenten kunnen inwoners hun PMD 24 uur per dag kwijt in verzamelcontainers in de wijk. De totale hoeveelheid PMD (incl. nascheiding) is in alle drie de gemeenten fors hoger ten opzichte van het gemiddelde in vergelijkbare niet stedelijke gemeenten (zie tabel 1). De hoeveelheid GFT-afval ligt gemiddeld in niet stedelijke gemeenten met 138 kilogram per inwoner hoger dan in de Maasland-gemeenten (89, 96 en 88 kilogram). Daartegenover staat dat er in Leudal en Maasgouw wel meer grof tuinafval op de milieuparken terechtkomt (85 en 97 kilogram versus 59 kilogram per inwoner in vergelijkbare gemeenten).

115

fijn restafval GFT-afval 67 62 67

papier 24 30 22

glas PMD + alle metalen textiel KCA

1 2 1

41

7 8 5

grof restafval

42

89 96 88

129 130

50 Leudal Maasgouw Roerdalen

13 16 17

40

puin hout

28 33 35

47 52

grof tuinafval overig grof gescheiden

24 28

85 60

97

41

Figuur 2 Ingezamelde hoeveelheden in kilogram per inwoner

kilogram per inwoner

Leudal

Niet Maasgouw Roerdalen stedelijk

PMD gescheiden ingezameld

22

28

19

nascheiding PD en alle metalen

20

22

22

totaal PMD

42

50

41

23

23

Tabel 1 Hoeveelheden PMD 8

Samenstelling fijn restafval Een in september 2020 gehouden analyse van het afval in de restafvalcontainer (fijn restafval) laat zien hoeveel van dit afval (in gewichtsprocenten) bestaat uit afvalstromen die inwoners gescheiden kunnen aanbieden. Zie de plaatjes hieronder van de restafvalcontainers in de gemeente Leudal (links), gemeente Maasgouw (midden) en gemeente Roerdalen (rechts).

Vooral wat betreft het groente-, fruit- en tuinafval valt nog veel winst te behalen. In vergelijkbare niet stedelijke gemeenten is gemiddeld 43% van het ‘restafval’ GFT-afval (12% tuinafval en 31% groente- en fruitafval). Dit is vergelijkbaar met Leudal en Roerdalen. In Maasgouw ligt het aandeel tuinafval hoger.

De categorie ‘overig herbruikbaar’ bestaat uit overig kunststof (niet zijnde verpakkingen), metalen (niet zijnde verpakkingen), puin, hout, elektrische apparaten en klein chemisch afval. Echt restafval bestaat uit luiers, overig hygiënisch papier, tapijten en matten, leer, rubber, stofzuigerzakken en ondefinieerbaar afval.

Leudal

Maasgouw

Roerdalen

32% groente- en fruitafval

33% groente- en fruitafval

34% groente- en fruitafval

10% tuinafval

19% tuinafval

9% tuinafval

3% papier

3% papier

4% papier

11% pmd

10% pmd

11% pmd

1% glas

3% glas

2% glas

4% textiel

3% textiel

2% textiel

17% overig herbruikbaar

7% overig herbruikbaar

11% overig herbruikbaar

22% echt restafval

22% echt restafval

27% echt restafval

Figuur 3 Samenstelling fijn restafval in gewichtsprocenten. V.l.n.r.: gemeente Leudal, gemeente Maasgouw en gemeente Roerdalen. 9

2.3 Kosten en tarieven De kosten voor de inzameling en verwerking van huishoudelijk afval worden gedekt uit de afvalstoffenheffing. Dit is een gesloten systeem. Wat een individueel huishouden aan afvalstoffenheffing betaalt is afhankelijk van de maten GFT- en restafvalcontainer die men in gebruik heeft in combinatie met hoe vaak men de restafvalcontainer laat legen (de eerste 14 van maximaal 26 ledigingen zijn ‘gratis’). Het bedrag per lediging is afhankelijk van de grootte van de container. Er zijn verschillende volumes voor restafval (40L / 60L / 80L / 140L / 240L) en voor GFT-afval (40L / 60L / 80L / 140L). Alleen Roerdalen hanteert een 40L container voor het restafval. Voor het GFT-afval hanteren alleen Roerdalen en Leudal een 40L container. Inwoners kunnen tegen betaling een extra container voor restafval (Roerdalen) of GFT-afval (Roerdalen en Maasgouw) aanvragen. In 2020 is het volgende te zeggen over de tarieven voor huishoudens (excl. kosten voor extra ledigingen restafval boven de eerste 14): Tarieven Leudal Maasgouw Roerdalen

duurste variant € 220,33 (240L rest & 140L GFT) € 228,24 (240L rest & 140L GFT) € 270,70 (240L rest & 140L GFT)

goedkoopste variant € 130,80 (60L rest & 40L GFT) € 155,16 (60L rest & 60L GFT) € 173,50 (40L rest & 40L GFT)

Tarief bij gebruik verzamelcontainer € 130,80 € 146,52 € 158,30

10

3. Keuze uit vier scenario’s

11

3.1 De vier scenario’s

eigen containers te gebruiken, bijvoorbeeld in een appartementencomplex, is maatwerk aan de orde.

Aan de hand van de huidige situaties in Leudal, Maasgouw en Roerdalen alsmede de beschikbare strategieën en bewezen ervaringen elders, zijn de mogelijkheden bezien om met vier verschillende scenario’s (voor de laagbouw) de doelstelling van 100 kilogram respectievelijk 80 kilogram restafval per inwoner te halen. De effecten van de verschillende scenario’s zijn getoetst op de prestatiegebieden service, milieurendement en kosten (rapport De AfvalSpiegel 16 juni 2020).

Extra opties bij de scenario’s In het scenariorapport (De AfvalSpiegel, 16 juni 2020) zijn extra opties genoemd waar de drie gemeenten ook voor kunnen kiezen, zoals eens per 3 weken restafval inzamelen, wekelijks GFT inzamelen of een PMD container. Hier is niet voor gekozen. Wel willen de drie gemeenten de papiercontainer als keuze voorleggen aan de inwoners.

In de scenario’s ligt de focus op de vier belangrijkste afvalstromen, te weten restafval, GFT-afval, PMD en papier. De inzameling van de andere afvalstromen wijzigt niet. In alle scenario’s verhogen we de service voor de herbruikbare afvalstromen GFT-afval, papier en PMD. In alle scenario’s behoudt RD Maasland de uniformiteit in de 3 gemeenten. Voor het beperkt aantal situaties waar het voor inwoners niet mogelijk is om een

Restafval

1 Keuzevrijheid blijft

2 Terug naar eenvoud

3 Omgekeerd inzamelen

4 Nascheiding

Keuze uit alle maten containers Inzameling 1 x 4 weken Vastrecht + betalen per lediging

140 liter container Inzameling 1 x 4 weken Vastrecht + betalen per lediging

Verzamelcontainer in wijk Vastrecht +betalen per inworp

140 of 240 liter container Inzameling 1 x 2 weken Vastrecht

Buitengebied 140 of 240 liter container Inzameling 1 x 4 weken Vastrecht + betalen per lediging GFT-afval

Keuze uit alle maten containers Extra 140 liter container mogelijk Inzameling 1 x 2 weken

140 liter container Extra 140 liter container mogelijk Inzameling 1 x 2 weken

140 liter container Extra 140 liter container mogelijk Inzameling 1 x 2 weken

140 liter container Extra 140 liter container mogelijk Inzameling 1 x 2 weken

PMD

PMD-zak Inzameling 1 x 2 weken

PMD-zak Inzameling 1 x 2 weken

PMD-zak Inzameling 1 x 2 weken

Inzameling PMD vervalt

Papier

140 of 240 liter container Inzameling 1 x 4 weken

140 of 240 liter container Inzameling 1 x 4 weken

Gebruik restafvalcontainer Inzameling 1 x 4 weken

140 of 240 liter container Inzameling 1 x 4 weken

12

Milieurendement en kosten Uit de vergelijking van de scenario’s (doorgerekend op basis van ervaringen in andere gemeenten) komt naar voren dat met de scenario’s 2 en 3 de grootste vermindering van de hoeveelheid restafval wordt gerealiseerd. gegevens in kg per inwoner

Prognose hoeveelheid restafval

Leudal Huidig inzamelsysteem

129

Scenario 1 Keuzevrijheid blijft

81

Scenario 2 Terug naar eenvoud

54

Scenario 3 Omgekeerd inzamelen

54

Scenario 4 Nascheiding Maasgouw Huidig inzamelsysteem

152

Scenario 1 Keuzevrijheid blijft

91

Scenario 2 Terug naar eenvoud

61

145

Scenario 3 Omgekeerd inzamelen

61

Scenario 4 Nascheiding Roerdalen Huidig inzamelsysteem

171

Scenario 1 Keuzevrijheid blijft

93

Scenario 2 Terug naar eenvoud

62

Scenario 3 Omgekeerd inzamelen

62

Scenario 4 Nascheiding

168

147

Tabel 2 Effect op hoeveelheid restafval Ten opzichte van het huidige kostenniveau zijn voor de drie gemeenten de scenario’s 1, 2 en 3 naar verwachting kostenneutraal. In scenario 4 stijgen de jaarlijkse kosten per huishouden.

3.2 Keuze voorkeurscenario Het algemeen bestuur van RD Maasland spreekt zich uit voor het uitwerken van scenario 1, waarbij de papiercontainer niet verplicht wordt gesteld, in de hoogbouw maatwerk wordt toegepast en aanvullend de volgende flankerende maatregelen worden genomen: 1. Aparte voorzieningen voor inwoners met medisch afval. 2. Aparte voorzieningen voor gezinnen met kinderen in de luiers en inwoners met incontinentieluiers. 3. Bewaarmiddel voor groente- en fruitafval in de keuken. 4. Communicatie om het hoe en waarom van de veranderingen in de afvalinzameling uit te leggen en zodoende draagvlak te creëren. 5. De inzet van een afvalcoach voor uitleg en concrete ondersteuning van inwoners met de andere wijze van inzamelen. Er wordt geen gebruik gemaakt van de mogelijke extra opties zoals benoemd in paragraaf 3.1. Overwegingen keuze scenario 1 Overwegingen bij de keuze voor scenario 1 zijn:  Voor de scenario’s 1, 2 en 3 geldt dat de scheidingsgraad en kwaliteit van PMD verbetert bij 1 keer per 2 weken inzamelen aan huis met een zak.  Bij scenario 1 komt de doelstelling van maximaal 80 kilogram restafval per inwoner binnen handbereik. Met de scenario’s 2 en 3 wordt deze doelstelling ruimschoots gehaald. Scenario 1 leidt niet tot een verhoging ten opzichte van de huidige kosten. Rekening houdend met toekomstige kosten worden de kosten ‘minder meer’.

Dit geldt ook en in nog sterkere mate voor scenario 2. De ervaringen met scenario 2 zijn echter beperkt (6 gemeenten). Het verlagen van de inzamelfrequentie naar 1 keer per 4 weken in combinatie met het verkleinen van de inhoud van de restafvalcontainer is een grote stap die

13

mogelijk leidt tot ontevredenheid en klachten. Het kan wel een groeimodel zijn vanuit scenario 1. Vanwege nieuwe ontwikkelingen op de afvalmarkt (onder andere afvalinitiatief Chemelot en aanbesteding verwerking fijn huishoudelijk restafval, GFT-afval en PMD) is het gunstig om te kiezen voor een scenario waarin de wijzigingen in inzamelsystematiek beperkt zijn. Dit is het meest van toepassing op scenario 1. Met scenario 4 komt de doelstelling niet binnen handbereik en stijgen de kosten fors. Ook past toepassing van scenario 4 niet binnen de duurzaamheidsgedachte van de gemeenten (gescheiden afvalinzameling wordt verlaten en de vervuiler betaalt niet meer). Wanneer inwoners in scenario 4 PMD niet meer thuis hoeven te scheiden kan dat ook een negatief effect hebben op het scheidingsgedrag van andere afvalstromen zoals GFT-afval, papier, glas en textiel. Bij scenario 3 verandert het hele inzamelsysteem. Introductie van scenario 3 zal naar verwachting kostenneutraal mogelijk zijn, maar vergt een lange voorbereidingstijd waarin de aanschaf van ondergrondse containers en andersoortige voertuigen dient plaats te vinden en inwoners moeten worden meegenomen in de keuze van locaties. Van alle scenario’s is de impact op de inzameldienst en de inwoners het grootst bij scenario 3. Anticiperen op de eerdere genoemde mogelijke ontwikkelingen in de afvalmarkt wordt moeilijk.

3.3 Inzamelsystematiek voorkeurscenario Voor de vier belangrijkste afvalstromen ziet de inzamelsystematiek in laagbouw en hoogbouw er dan uit zoals hiernaast geschetst. In de hoogbouw wordt per complex van woningen bekeken wat de beste inzamelwijze is. Dat betekent dat de inzamelsystematiek voor restafval, GFT-afval en papier kan verschillen per complex. De inzamelwijze voor PMD (met een speciale zak 1 keer per 2 weken) is gelijk aan die in de laag-

bouw. Uitgangspunt voor restafval, GFT-afval en papier is het inzamelmiddel en de inzamelfrequentie zoals in de laagbouw, tenzij dit niet mogelijk is. Uitzondering hierop zijn complexen waar bewoners hun restafval nu aanbieden in een ondergrondse verzamelcontainer. Deze situatie blijft bestaan. Deze bewoners gaan betalen per inworp. Elk huishouden behoudt de eigen maat restafvalcontainer en gaat een tarief betalen per lediging van de container. Het tarief is afhankelijk van de maat container. Het is niet meer mogelijk om een extra container aan te vragen, wel om eenmaal te ruilen van maat. De inzamelfrequentie verandert naar 1 keer per 4 weken. Hoogbouw De 40 liter restafval citybin zal niet toereikend zijn bij 1 keer per 4 weken inzamelen. In de hoogbouw stappen bewoners over op het gebruik van een minicontainer (als men hiervoor ruimte heeft) of worden (als dit nog niet het geval is) aangesloten op een ondergrondse verzamelcontainer in de nabijheid van het appartementencomplex. Men betaalt een tarief per inworp. ___________________________________________________________________ Elk huishouden behoudt de eigen maat GFT-container. Het is mogelijk om eenmalig te ruilen van maat container. Daarnaast is er de mogelijkheid om (kosteloos) een extra 140 liter container aan te vragen. De inzamelfrequentie blijft 1 keer per 2 weken.

Hoogbouw Per complex wordt bekeken wat de beste inzamelwijze is. Mogelijkheden: 40 liter citybin, dan wel eigen of gezamenlijke 140 liter minicontainer (inpandig of op eigen terrein) die meelift met de inzameling in de laagbouw of minicontainers in een behuizing in de nabijheid van het complex (24 uur per dag te gebruiken). ___________________________________________________________________ Zowel in laagbouw als hoogbouw vindt inzameling van PMD plaats aan huis met een zak 1 keer per 2 weken. ___________________________________________________________________

14

Zowel in laagbouw als hoogbouw hebben huishoudens de keuze om oud papier aan te bieden in een 140 of 240 liter papiercontainer dan wel gebundeld of dozen. De inzameling van papier is 1 keer per 4 weken. Verenigingen blijven vrijwilligers leveren voor de inzameling.

3.4 Flankerende maatregelen Ten behoeve van de implementatie van het voorkeurscenario worden de volgende flankerende maatregelen voorzien: A. Voorzieningen voor inwoners met medisch afval. B. Voorzieningen voor inzameling baby- en incontinentieluiers. C. Bewaarmiddel voor groente- en fruitafval. D. Communicatie. E. Inzet afvalcoach. A. Voorzieningen voor inwoners met medisch afval Voor inwoners met medisch afval zoals stomamateriaal, infuuszakken, hulpmiddelen van sondevoeding, nierdialysemateriaal en CAPD-afval is er geen mogelijkheid om dit afval gescheiden aan te bieden. Het hoort bij het restafval. Omdat hier sporen van medicijnen of bacteriën in zitten, kan het niet bij het PMD. Dat is onveilig voor de mensen die dat afval sorteren en verwerken. Inwoners met dit soort medisch afval hebben dus per definitie buiten hun eigen schuld meer restafval dan een gemiddelde inwoner en zouden bij beperking van de restafvalcapaciteit in de problemen kunnen komen. Het is dan ook te rechtvaardigen om voor deze groep, net zoals nu het geval is, een regeling te treffen waarbij men extra capaciteit krijgt of voor een deel van het aangeboden restafval geen tarief is verschuldigd. In de huidige situatie hebben inwoners met medisch afval de mogelijkheid om de restafvalcontainer zonder extra kosten 26 maal per jaar te laten legen. Normaal is dat 14 keer per jaar. Ook kan men kosteloos een

grotere container aanvragen. Wat bij het voorkeurscenario anders is dan in de huidige situatie is de inzamelfrequentie van de restafvalcontainer (13 keer per jaar in plaats van nu 26 keer). Dit kan voor deze groep mensen bezwaarlijk zijn. Een aanvullende optie om deze kwetsbare groep tegemoet te komen is dat zij ook gebruik kunnen maken van verzamelcontainers bij hoogbouw. B. Voorzieningen voor inzameling baby- en incontinentieluier Gezinnen met kinderen in de luiers behoren niet tot een van de hierboven genoemde kwetsbare groepen, maar hebben in deze fase van hun leven een meer dan gemiddelde hoeveelheid restafval als gevolg van de luiers (per maand 22 kilogram extra). Gebruikt men wegwerpluiers, dan wil men daar uit oogpunt van hygiëne en stankoverlast zo snel mogelijk vanaf. Ook zullen zij bij een inzamelfrequentie van eens per 4 weken qua capaciteit mogelijk niet uitkomen met hun container. Daarom is het van belang hier een voorziening voor te creëren, bijvoorbeeld luiercontainers in de openbare ruimte of bij kinderdagverblijven, scholen en op de milieustraat. Ook inwoners met incontinentieluiers zouden hier dan gebruik van kunnen maken.

15

C. Bewaarmiddel voor groente- en fruitafval De grootste uitdaging voor elke gemeente op afvalgebied is het voorkomen dat groente- en fruitafval(vooral weggegooid voedsel) in het restafval terechtkomt zoals nu in belangrijke mate gebeurt (zie resultaat sorteeranalyses 2020 paragraaf 2.2). Het gescheiden ingezamelde GFT-afval bestaat voor 90 tot 95% uit tuinafval (resultaat analyses in andere gemeenten). Groente- en fruitafval wordt dus feitelijk niet gescheiden. Om het inwoners zo gemakkelijk mogelijk te maken om in de keuken voedselresten (groente- en fruitafval) gescheiden te houden kan de gemeente ter ondersteuning op aanvraag emmertjes- of bakjes beschikbaar stellen. Een verplichting werkt niet.

Communicatie als flankerend beleid is dus van belang om:  de inwoners te informeren over de fysieke maatregelen die de gemeente gaat nemen.  de inwoners zoveel mogelijk aan te zetten tot het (beter) scheiden van afval. Om verdere afvalreductie en betere scheiding van herbruikbare afvalstromen te realiseren is het aan te raden inwoners meer te betrekken bij het afvalbeleid en de behaalde resultaten. Bij het vergroten van kennis en het bieden van service zijn inwoners bereid herbruikbare afvalstromen te scheiden. Met het geven van feedback op hun inspanningen wordt dit effect versterkt. Uiteindelijk maken de inwoners het verschil. Wanneer het optimaal scheiden van herbruikbare afvalstromen voor inwoners persoonlijk van belang is werkt dit stimulerend. Bij de transitie naar een andere manier van afvalinzameling is een duidelijke communicatiecampagne en zorgen voor participatie dan ook essentieel. Initiatieven van inwoners om te komen tot meer afvalscheiding zijn welkom. Doel van een bijbehorende communicatiecampagne:  inwoners begrijpen de aankomende veranderingen in het afvalbeleid;  aansporen tot gedragsverandering: betere afvalscheiding leidt tot minder restafval.

D. Communicatie Elk huishouden heeft afval en staat iedere dag voor de afweging waar welk afval in moet. Een wijziging in de afvalinzameling grijpt dus in op het dagelijks leven. Door inwoners op de juiste wijze deelgenoot te maken van de veranderingen ontstaat meer draagvlak voor de maatregelen. Een goede communicatie met de inwoners en zorgen voor participatie is dan ook de basis voor meer afvalscheiding en minder restafval. Bewustwording is nodig bij de inwoners om het gedrag te veranderen.

Doelgroep van de communicatiecampagne vormen alle inwoners, met speciale aandacht voor laaggeletterden en anderstaligen. De content bestaat uit een combinatie van informeren en nudging (inwoners worden op een positieve manier gestimuleerd om zich op een bepaalde wijze te gedragen). In een communicatieplan dient te worden uitgegaan van minimaal de volgende uitgangspunten:  de boodschap: afval is grondstof;  aparte focus op afvalpreventie, met name voedselverspilling;  inzicht bieden in gehele keten;  aandacht voor de verschillende inzamelmiddelen;

16

  

gestructureerde inzet van sociale en conventionele media; terugkoppeling van resultaten; scholen en bewonersgroepen betrekken bij afvalscheiding.

Afhankelijk van het gekozen scenario heeft de verandering van het afvalbeleid ook gevolgen voor het klantcontactcentrum (KCC). De piekmomenten zijn echter van tevoren duidelijk aan te wijzen. Bij het versturen van brieven naar inwoners, wisseling van containers en een eventuele bekendmaking van containerlocaties zijn typische momenten waarop de druk op het KCC toeneemt. Naast telefoontjes komen er veel e-mails binnen. Het is belangrijk deze druk goed op te vangen door extra bezetting te regelen en het KCC goed te instrueren. E. Afvalcoach Daar waar communicatie niet werkt kan indien nodig handhavend worden opgetreden. Dit geldt ook voor de aanpak van afvaldumpingen en zwerfafval. Op basis van monitoring wordt de ernst van de problematiek in beeld gebracht en naar gehandeld. Een belangrijke rol kan zijn weggelegd voor een afvalcoach die fungeert als een fysiek aanspreekpunt in de wijk om inwoners actief te informeren over afvalscheiding. De interactie met de inwoners heeft een positieve invalshoek. De afvalcoach moedigt inwoners aan om mee te denken, heeft echt contact met de inwoners en informeert / inspireert hen.

17

4. Effect voorkeurscenario op service, milieu en kosten in Leudal

18

Het effect van het voorkeurscenario voor de gemeente Leudal toetsen we op de drie prestatiegebieden service, milieurendement en kosten.

4.1 Service Het serviceniveau is vooral afhankelijk van het inzamelmiddel en de inzamelfrequentie voor de verschillende afvalstromen. Vermindering van de capaciteit voor restafval in combinatie met het apart betalen vanaf lediging 1 en het verhogen van de service voor papier, PMD en GFT-afval stimuleert huishoudens om zoveel herbruikbare afvalstromen te scheiden, maar ook om te voorkomen dat men afval produceert. Verhogen service voor GFT-afval, papier en PMD Elk huishouden krijgt een 140 liter GFT-container met als mogelijkheid een extra tweede 140 liter container. Dat is weliswaar minder keuze dan voorheen, maar wel eenvoudiger voor de inwoners. Het aanbieden van GFT-afval blijft gratis. De introductie van een papiercontainer aan huis (op vrijwillige basis) maakt het bewaren en aanbieden van papier gemakkelijker. Een container is fijn in gebruik, het papier blijft droog, het geeft minder rommel en vervuiling op straat en vrijwel iedereen kan maximaal drie containers aan huis kwijt. Uit onze ervaring blijkt dat inwoners die eenmaal een papiercontainer gebruiken, niet meer anders willen. De gemeente gaat in gesprek met de verenigingen over de brengpunten voor papier. Voor PMD biedt een inzameling aan huis van 1 keer per 2 weken in plaats van wegbrengen naar een verzamelcontainer extra service. Deze inzamelwijze geldt voor zowel laagbouw als hoogbouw.

In de hoogbouw wordt per complex van woningen bekeken wat de beste inzamelwijze is voor restafval, GFT-afval en papier. Uitgangspunt voor restafval, GFT-afval en papier is het inzamelmiddel en de inzamelfrequentie zoals in de laagbouw, tenzij dit niet mogelijk is. Uitzondering hierop zijn complexen waar bewoners hun restafval nu aanbieden in een

ondergrondse verzamelcontainer. Deze situatie blijft bestaan. Deze bewoners gaan betalen per inworp. Verlagen service restafval Het restafval wordt minder vaak (1 keer per 4 weken in plaats van 1 keer per 2 weken) ingezameld waardoor huishoudens minder capaciteit hebben dan voorheen. Huishoudens hebben wel eenmalig de mogelijkheid om de bestaande restafvalcontainer te ruilen voor een andere maat. Voor elke lediging betaalt men een tarief (dat is nu vanaf de 15e lediging).

4.2 Milieurendement Het milieurendement toetsen we aan de hand van:  het effect op de hoeveelheid restafval en het scheidingsrendement;  afname totale afvalproductie in relatie tot afvaldumpingen;  het effect op de kwaliteit van GFT-afval, PMD en papier. Hoeveelheid restafval en scheidingsrendement De prognoses voor de te verwachten productie van huishoudelijk afval, maximale hoeveelheid restafval en scheidingspercentage zijn gebaseerd op ervaringen in andere gemeenten. Wij zijn uitgegaan van realistische prognoses die naar verwachting zeker ook in Leudal kunnen worden gehaald, reeds in het eerste jaar na invoering. Hoe de introductie van de wijziging specifiek uitpakt voor Leudal wordt sterk bepaald door de wijze waarop de gemeente de omschakeling realiseert en hoe inwoners hierbij worden betrokken en over geïnformeerd. Er zijn gemeenten met eenzelfde manier van inzameling die tot minder restafval komen dan de realistische verwachting waar wij voor Leudal van uitgaan, maar er zijn ook gemeenten waar meer restafval vrijkomt.

19

gegevens in kg per inwoner Restafval

Totaal

Hergebruik

Leudal Huidig inzamelsysteem

129

534

76%

Voorkeurscenario

81

514

84%

Vermindering totaal

-20

Tabel 3 Effect op hoeveelheid restafval en scheidingsrendement Afname totale afvalproductie en relatie tot afvaldumpingen De afname van de totale afvalproductie ten opzichte van het resultaat met het huidige inzamelsysteem (20 kilogram per inwoner per jaar) is niet zozeer het gevolg van preventie, maar betekent dat een deel van het nu nog aangeboden afval uit het zicht van de gemeente verdwijnt, zoals ook blijkt uit recent onderzoek van Rijkswaterstaat. Het kan zijn doordat bedrijven (vooral in het buitengebied) die nu hun afval aanbieden via de route van huishoudelijk afval dit bij de invoering van diftar niet meer zullen doen. Ook zal er een groep inwoners zijn die hun afval meenemen naar het werk of naar familie of kennissen in een andere gemeente zonder diftar. Afval dat uit het zicht van de gemeente raakt blijkt in ieder geval niet gedumpt te worden. Er is, behoudens in de beginperiode, geen toename van afvaldumpingen in het buitengebied en/of groenstroken (wel toename van hoeveelheid per melding, maar minder meldingen), zo blijkt uit ervaringen in andere gemeenten waar burgers betalen per lediging van de restafvalcontainer. Ook voor zwerfafval is in andere gemeenten geen toename vastgesteld, althans voor zover dat mogelijk is (meestal slechte registratie van hoeveelheden).

Ten opzichte van de hoeveelheid huishoudelijk afval die vrijkomt is de hoeveelheid afvaldumpingen en zwerfafval overigens zeer beperkt (minder dan 1%). Wisselend is de mate waarbij in diftargemeenten huishoudelijk afval meer dan voorheen wordt aangeboden in openbare afvalbakken.

Individuele huishoudens laten nu al zien dat het mogelijk is om bijna geen restafval meer te hebben. Echter, nog lang niet iedereen scheidt het huishoudelijk afval volledig. Uit de sorteeranalyses blijkt dat nog veel herbruikbare afvalstromen die in Leudal gescheiden kunnen worden aangeboden, voor een groot deel in de restafvalcontainer terechtkomen. Het gaat dan om voedselresten, tuinafval, PMD, papier, glas, textiel en op de milieuparken te scheiden grove afvalstromen. Effect op kwaliteit GFT-afval, PMD en papier Wat betekenen de wijzigingen in de inzamelsystematiek en het invoeren van de extra financiële prikkel voor de kwaliteit van de gescheiden in te zamelen afvalstromen GFT-afval, PMD en papier? GFT-afval De veranderingen in de wijze van inzameling van restafval zullen naar verwachting niet leiden tot meer vervuiling van het aangeboden GFT-afval. Dit is althans niet gebleken in andere gemeenten. In algemene zin zien we landelijk, los van inzamelsystematiek, wel een toename van de vervuiling. PMD De kwaliteit van het ingezamelde PMD staat onder druk.

Uit onderzoek naar de samenstelling en vervuiling van gescheiden ingezameld PMD blijkt dat de vervuiling (met restafval en niet-verpakkingen) het grootst is bij gebruik van een (verzamel)container (recent in 2018 bevestigd in een landelijk onderzoek van Witteveen & Bos en De AfvalSpiegel in opdracht van Rijkswaterstaat en Learning Center kunststof verpakkingsafval). Inzameling met een zak levert de meest zuivere fractie op. De zak is transparant waardoor inwoners minder snel restafval erin stoppen, wat ook nog eens moeilijker is dan bij een container. In gemeenten met een (forse) financiële prikkel is niet gebleken dat de PMD-fractie meer vervuild was.

20

Papier De constateringen zoals hiervoor gedaan bij gebruik van een container voor PMD gelden niet of nauwelijks bij gebruik van een container voor papier. Deze afvalstroom is eenduidiger en bevat ook geen verpakkingsmateriaal voor niet droge componenten die leiden tot versmering en vervuiling.

4.3 Kosten Voor de implementatie van de wijzigingen dient rekening gehouden te worden met investeringskosten (aanschaf van middelen), eenmalige kosten en extra structurele kosten. De kosten zijn gebaseerd op aannames en ervaringen in andere gemeenten en berekeningen van RD Maasland zelf. Tegenover de kosten staan besparingen op verwerkingskosten en extra vergoedingen door betere afvalscheiding en een lager aanbod restafval. Alle genoemde kosten zijn exclusief btw. Verwerkingskosten Bij de besparingen op de verwerkingskosten is uitgegaan van de prognose (paragraaf 4.2) wat betreft reductie hoeveelheid restafval (minder kilo’s restafval betekent lagere verwerkingskosten) en meer gescheiden afvalstromen (extra kilo’s PMD, papier, glas en textiel betekent hogere opbrengsten). Extra ingezameld GFT-afval betekent hogere verwerkingskosten. Dit geldt ook voor de ingezamelde luiers. Om de besparing op de verwerkingskosten te berekenen is gerekend met de thans geldende verwerkingstarieven (inclusief overslag) en netto vergoedingen per ton. De te verwachten jaarlijkse besparing met het voorkeurscenario bedraagt in dat geval € 254.000.

Investeringskosten en eenmalige kosten Ten behoeve van de transitie (implementatie van het voorkeurscenario) onderscheiden we investeringskosten, eenmalige kosten en extra structurele lasten. Investeringskosten hebben betrekking op de aanschaf van (verzamel)containers voor restafval, GFT-afval en papier, alsmede het bewaarmiddel voor groente- en fruitafval. 13% van de huishoudens woonachtig in de hoogbouw maakt gebruik van een ondergrondse verzamelcontainer, 39% maakt gebruik van containers in een cocon en de overige 49% heeft een eigen container. In geheel Leudal zijn circa 1.200 huishoudens die geen GFT-container hebben. Gelet op bovenstaande zijn de aan te schaffen aantallen containers als volgt. 

80% van de huishoudens maakt de keuze voor een papiercontainer. Hier weer 80% van (ca. 10.000 huishoudens) kiest een 240 liter maat en 20% (ca. 2.500 huishoudens) een 140 liter maat. 20% van de huishoudens met een 140 liter restafvalcontainer ruilt deze in voor een 240 liter maat. Dit betekent de aanschaf van 1.130 restafvalcontainers van 240 liter. Circa 500 Huishoudens met een 140 liter restafvalcontainer met binnenbak van 40 en 60 liter ruilen deze voor een 140 liter zonder binnenbak. Het ruilen is nodig omdat, zo leert de ervaring in Leudal, het uitnemen van de binnenbak een probleem is. De 40 liter citybins voor restafval zijn niet meer te gebruiken. De 3 stuks die nog in gebruik zijn worden vervangen door een 140 liter maat (eventueel met een inzetbak) of 240 liter maat. Voor huishoudens in de laagbouw en een deel van de huishoudens in de hoogbouw die nog geen GFT-container hebben, maar die qua ruimte wel kwijt kunnen, zullen deze moeten worden aangeschaft. In totaal gaat het om 1.000 containers.

21

Een deel van de huishoudens in de hoogbouw die nu nog geen GFTafval apart houden en ook geen berging of dergelijke hebben waar men een GFT-container kwijt kan, zal gebruik gaan maken van afsluitbare GFT-zuilen in de openbare ruimte. We voorzien maximaal 20 locaties waar een GFT-zuil nodig zal zijn. In elke kern komt 1 ondergrondse container voor babyluiers en incontinentieluiers. In totaal gaat het dan om 16 bestaande ondergrondse PMD-containers die komen te vervallen en worden omgebouwd tot luiercontainer. De resterende 21 ondergrondse PMD-containers worden omgebouwd tot restafvalcontainer. Om voldoende spreiding te krijgen over alle hoogbouwlocaties worden aanvullend 5 bovengrondse containers in een behuizing met registratie aangeschaft. Naar verwachting zal 20% van de huishoudens een bewaarmiddel voor groente- en fruitafval willen ontvangen.

Extra structurele kosten Extra structurele kosten zijn jaarlijks aan de orde. Het gaat dan om de volgende extra kosten:  Kostenconsequenties voor de inzameling van restafval en GFT-afval (minderkosten) en PMD (meerkosten). Meerkosten voor de inzameling van restafval in de hoogbouw. Papier blijft buiten beschouwing. We gaan er vanuit dat in de kosten niets verandert bij het inzamelen met een container bij een groot deel van de huishoudens.  Inzameling van luiers en onderhoud containers.  Verstrekken speciale luierzakken en PMD-zakken.  0,1 extra fte voor handhaving en communicatie.  Extra administratieve lasten (0,1 fte) als gevolg van extra financiële prikkel.  Extra kosten voor opruimen eventuele afvaldumpingen; € 0,50 per huishouden.

Er zijn eenmalige kosten voor communicatie, voorbereiding en extra inzet van uren voor de implementatie. Daarnaast zijn er nog specifieke scenario-gerelateerde eenmalige kosten met betrekking tot uitzetten en innemen/ verwijderen van (verzamel)containers voor GFT-afval, PMD en restafval, alsmede kosten voor het ombouwen (en deels verplaatsen) van 37 ondergrondse PMD-containers tot luiercontainer (16) en restafvalcontainer (21).

De inzamelfrequenties voor restafval en PMD wijzigen. Het aanbiedpercentage, ook voor GFT-afval, verandert. Dit heeft gevolgen voor het aantal benodigde voertuigen en het soort voertuig; achterlader, zijlader of kraanwagen. Ook heeft het gevolgen voor de voertuigbezetting. Bij de achterladers zijn 2 beladers nodig, bij de andere voertuigen alleen een chauffeur. Wanneer we doorrekenen hoeveel routes er nog gereden moeten worden en hoeveel bijbehorende voertuigen en bezetting daar voor nodig is, komen we uit op de inzamelkosten zoals hieronder te zien.

De totale eenmalige en investeringskosten bedragen: Investeringskosten € 575.000 Eenmalige kosten € 250.000 Totaal € 825.000 De investeringen voor de (ondergrondse) containers schrijven we af in 15 jaar tegen 1,5% rente; alle overige investeringen alsmede alle eenmalige kosten, in 5 jaar. De jaarlijkse kapitaallasten komen uit op € 95.000.

De extra structurele kosten bedragen: Extra kosten inzameling € 115.000 Overige extra kosten* € 65.000 Totaal € 180.000 * Extra onderhoud luiercontainers, verstrekken zakken voor luiers en PMD, handhaving, communicatie, administratieve lasten en opruimen afvaldumpingen.

22

Totale jaarlijkse meer-/ minderkosten Indien we bij de kapitaallasten en de extra structurele kosten optellen en hier vervolgens de besparingen op de verwerkingskosten vanaf trekken, kunnen we aangegeven wat de meer-/ minderkosten van het voorkeurscenario zijn ten opzichte van de huidige kosten. Minderkosten zijn als negatief bedrag weergegeven. Jaarijkse meer-/ minderkosten voorkeurscenario A. Jaarlijkse kapitaallasten

€ 95.000

B. Extra structurele kosten

€ 180.000

C. Besparingen verwerkingskosten

€ -254.000

Totaal (A+B+C) Totaal per huishouden

€ 21.000 €1

Tabel 4 Totale jaarlijkse meer-/ minderkosten

23

Contact Ton Daamen Advies & Projectleiding 085 773 19 95 ton@deafvalspiegel.nl

De AfvalSpiegel Kraaivenstraat 21-15 5048 AB Tilburg www.deafvalspiegel.nl

24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leudal&id=540ace48-92e8-4444-a806-766e009e8631