Aanvullende informatie m.b.t. raadsvoorstel Hart voor Baexem
Tekst van het document
Interne memo
Datum aan CC Van Betreft
18 mei 2026
Wethouder Houben Claudia van der Koelen Henk Geraats Aanvullende info m.b.t. raadsvoorstel Hart voor Baexem.
Prioriteit
Beste raads- en commissieleden, In de commissie behandeling van het raadsvoorstel Hart voor Baexem waren er enkele vragen over het gekozen detailniveau van het voorliggend voorstel met daaronder de hoogte van het bedrag, de beoogde inzet en verantwoording van de genoemde SPUK middelen en de juridische status van de gronden. Het voorafgaand onderzoek door Kragten en de schriftelijke beantwoording van commissievragen is reeds tot u gekomen. Hieronder ontvang u nog aanvullende informatie over hoe de gekozen werkwijze past in de gangbare praktijk binnen de gemeente Leudal. Inventarisatie voorbereidingskredieten: Project
College
Dorpshuis Neeritter
05-10-2021
Aangevraagd krediet € 180.000
MFA Heibloem
24-09-2024
€ 145.020
Onderbouwing
Opmerkingen
Verdere uitwerking haalbaarheidsonderzoek dorpshuis Neeritter Verdere uitwerking van locatie sportpark de Beekkant als toekomstige ontmoetingsplek in Heibloem.
Raadsbesluit 09-11-2021 Raadsbesluit 511-2024
De raadsvoorstellen van deze projecten zijn als bijlage toegevoegd zodat men zich kan vergewissen van de overeenkomstigheid in het gekozen detailniveau. M.b.t. de opmerking inzake aanbesteding: Bij dorpshuis Neeritter is navolgende passage in het collegevoorstel opgenomen: • Aanbesteding Het aanbestedingsbeleid van de gemeente Leudal zal gevolgd worden. •
Bij MFA Heibloem is navolgende passage in het collegevoorstel opgenomen: Aanbestedingsbeleid Na besluitvorming door (het college en) de gemeenteraad omtrent het beschikbaar stellen van het voorbereidingskrediet, wordt uitvoering gegeven aan de aanbestedingsprocedure in het kader van het werven van een bureau dat de gemeente begeleidt bij de realisatie van de nieuwe MFA (en dus werkt met onderaannemers).
Sisa-verantwoording middelen Spreidingswet De Specifieke Uitkering die is ontvangen van het Rijk voor de spreidingswet dient volgens de SISA verantwoord te worden. Dit dient te gebeuren na afloop van het bestedingsjaar, zijnde 2025-2026. De eindverantwoording dient dus nog plaats te vinden in 2027. Het Rijk zal op basis van deze eindverantwoording definitief besluiten over het vaststellen of terugvorderen van de uitkering.
Interne memo Voor de verantwoording van deze Specifieke Uitkering dient aangetoond te worden dat gemeente Leudal 600 opvangplekken voor asielzoekers heeft gerealiseerd voor een periode van minimaal 5 jaar. Aangezien er met het COA een bestuursovereenkomst is afgesloten voor het AZC in Baexem voor onbepaalde tijd, kan de benodigde verantwoording plaatsvinden. Er hoeft geen verantwoording afgelegd te worden over de besteding van de middelen zelf, dit omdat de uitkering vrij te besteden is. Juridische status gronden Onderstaand in het kort de juridische statust van de accommodaties van de tennisvereniging en de voetbalvereniging in Baexem: Tennisvereniging Baexem heeft een huurcontract met de gemeente Leudal voor de 4 tennisbanen, d.d. 01-01-2013 (getekend 21-12-2012). Tennisvereniging Baexem heeft een opstalrecht met de gemeente Baexem voor de kantine, d.d. 06-03-1975. Voetbalvereniging Baexem heeft een huurovereenkomst met de gemeente Leudal, voor de sportvelden, kleedlokalen, ruimte scheidsrechter, EHBO en opslag en de kantine, gedateerd 11-2013. Voetbalvereniging Baexem heeft een opstalrecht met de gemeente Baexem voor het clubgebouw, d.d. 13-11-1997.
Tot slot: Er is historisch in overeenstemming met de raad, zoals aangetoond, een gangbare praktijk om in de eerste visievorming en uitwerking van dergelijke plannen veel ruimte te bieden aan de initiatiefnemers en vervolgens de detaillering in te gaan met een voorbereidingskrediet c.q. onderzoeksbudget. Deze finale uitwerking c.q. detaillering gebeurt conform het accommodatiebeleid wat de raad in november 2025 vastgesteld heeft. De verschillende onderdelen en deelonderzoeken zijn daarin ook overeenkomstig eerdere trajecten. Het kan een legitieme wens zijn van de raad dat in de toekomst dergelijke voorstellen voor voorbereidingskredieten meer in detail uitgewerkt en gespecificeerd zijn. De nieuwe raad en het nieuwe college zou de spelregels dan opnieuw kunnen vaststellen voor nieuwe casuïstiek. Het is daarbij wel in ogenschouw te nemen dat doorlooptijden daarmee langer kunnen worden en het vereiste kennisniveau alsmede de tijdsinvestering van initiatiefnemers hoger komt te liggen om hieraan te kunnen voldoen. Het vraagt voorts aandacht dat regie en zeggenschap daarmee kan verschuiven van burgers/initiatiefnemers naar ambtenaren en dat dit in het verleden bewust niet de intentie was van de raad en het college.