Aanvraag omgevingsvergunning 6 woningen Pietersplein 6-16 Roggel
Tekst van het document
Publiceerbare aanvraag/melding omgevingsvergunning
Formulierversie 2020.01
Aanvraaggegevens Algemeen Aanvraagnummer
8269859
Aanvraagnaam
nieuwbouw 6 appartementen De Beukelaer Roggel
Uw referentiecode
-
Ingediend op
14-12-2023
Soort procedure
Onbekend
Projectomschrijving
nieuwbouw 6 appartementen De Beukelaer Roggel
Opmerking
van de Gemeente Leudal is op de hoogte van onze afspraken m.b.t. aanvraag omgevingsvergunning.
Gefaseerd
Nee
Gerelateerde aanvraag/melding:
8270077
Blokkerende onderdelen weglaten
Ja
Kosten openbaar maken
Nee
Bijlagen die later komen
-
Bijlagen n.v.t. of al bekend
-
Geen
14 december 2023
Geen
Geen
Bevoegd gezag Naam:
Gemeente Leudal
Bezoekadres:
Leudalplein 1 6093 HE Heythuysen
Postadres:
Postbus 3008 6093 ZG Heythuysen
Telefoonnummer:
0475 859000
Faxnummer:
0475 859922
E-mailadres:
info@leudal.nl
Website:
www.leudal.nl
Contactpersoon:
Gemeente Leudal
Bereikbaar op:
9.00 t/m 17.00 uur, vrijdag 9.00 t/m 13.00 uur
Datum aanvraag: 14 december 2023 Aanvraagnummer: 8269859
Bevoegd gezag: Gemeente Leudal
Pagina 1 van 8
Overzicht bijgevoegde modulebladen
Aanvraaggegevens Locatie van de werkzaamheden Werkzaamheden en onderdelen Woning bouwen • Bouwen Handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening • Handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening Bijlagen
Datum aanvraag: 14 december 2023 Aanvraagnummer: 8269859
Bevoegd gezag: Gemeente Leudal
Pagina 2 van 8
Locatie 1
Kadastraal perceelnummer
Burgerlijke gemeente
Leudal
Kadastrale gemeente
Roggel
Kadastrale sectie
G
Kadastraal perceelnummer
2406
Bouwplannaam
-
Bouwnummer
-
Geen
Geen
Gelden de werkzaamheden in deze aanvraag/melding voor meerdere adressen of percelen?
Datum aanvraag: 14 december 2023 Aanvraagnummer: 8269859
Ja Nee
Bevoegd gezag: Gemeente Leudal
Pagina 3 van 8
Bouwen
Woning bouwen
1
Woonboten en drijvende objecten
Betreft de woning een woonboot of ander drijvend object met een woonfunctie? 2
3
Ja Nee
Woning
Gaat het om de bouw van één of meer woningen?
Ja Nee
Voor welke functie wordt de woning gebouwd?
Eigen bewoning Zorgwoning Anders
De bouwwerkzaamheden
Wat is er op het bouwwerk van toepassing? Eventuele toelichting
Het wordt geheel vervangen Het wordt gedeeltelijk vervangen Het wordt nieuw geplaatst -
Geen
Hebt u voor deze bouwwerkzaamheden al eerder een vergunning aangevraagd? 4
Plaats van het bouwwerk
Waar gaat u bouwen? 5
Ja Nee
Terrein
Bruto vloeroppervlakte bouwwerk
Verandert de bruto vloeroppervlakte van het bouwwerk door de bouwwerkzaamheden?
6
Ja Nee
Wat is de bruto vloeroppervlakte van het bouwwerk in m2 voor uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
0
Wat is de bruto vloeroppervlakte van het bouwwerk in m2 na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
0
Bruto inhoud bouwwerk
Verandert de bruto inhoud van het bouwwerk door de bouwwerkzaamheden?
Datum aanvraag: 14 december 2023 Aanvraagnummer: 8269859
Ja Nee
Bevoegd gezag: Gemeente Leudal
Pagina 4 van 8
7
Wat is de bruto inhoud van het bouwwerk in m3 voor uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
0
Wat is de bruto inhoud van het bouwwerk in m3 na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
0
Oppervlakte bebouwd terrein
Verandert de bebouwde oppervlakte van het terrein na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
8
9
Ja Nee
Wat is de bebouwde oppervlakte van het terrein in m2 voor uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
801
Wat is de bebouwde oppervlakte van het terrein in m2 na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
735
Seizoensgebonden en tijdelijke bouwwerken
Gaat het om een seizoensgebonden bouwwerk?
Ja Nee
Gaat het om een tijdelijk bouwwerk?
Ja Nee
Gebruik
Waar gebruikt u het bouwwerk en/ of terrein momenteel voor? Geef aan waar u het bouwwerk en/ of terrein momenteel voor gebruikt.
Wonen Overige gebruiksfuncties enkelbestemming centrum (horeca)
Waar gaat u het bouwwerk voor gebruiken?
Wonen Overige gebruiksfuncties
Wat wordt de gebruiksoppervlakte van de woning in m2 na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
558
Wat wordt de vloeroppervlakte van het verblijfsgebied van de woning in m2 na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
336
10 Huurwoningen
Wat is het aantal huurwoningen waarvoor een vergunning wordt aangevraagd?
2
Wat is het aantal huurwooneenheden waarvoor een vergunning wordt aangevraagd?
0
11 Koopwoningen
Wat is het aantal koopwoningen waarvoor een vergunning wordt aangevraagd?
4
Wat is het aantal koopwooneenheden waarvoor een vergunning wordt aangevraagd?
0
Datum aanvraag: 14 december 2023 Aanvraagnummer: 8269859
Bevoegd gezag: Gemeente Leudal
Pagina 5 van 8
12 Algemeen
Bent u na voltooiing van de werkzaamheden bewoner van het bouwwerk?
Ja Nee
13 Uiterlijk bouwwerk/welstand
Beschrijf van de onderstaande onderdelen de materialen en kleuren die u voor het bouwwerk gebruikt. U mag het veld leeg laten als u materialen en kleuren in de bijlagen vermeldt Onderdelen
Materiaal
Kleur
Gevels
baksteen
bruin-grijs (licht)
- Plint gebouw
hardsteen
grijs
- Gevelbekleding
-
-
- Borstweringen
-
- Voegwerk
voegmortel
grijs
Kozijnen
hout
grijs
- Ramen
-
-
- Deuren
-
- Luiken
-
Dakgoten en boeidelen
zink
naturel
Dakbedekking
dakpannen & bitumen
zwart
Geen
-
Geen
Geen
-
Geen
-
Geen
Vul hier overige onderdelen en bijbehorende materialen en kleuren in.
Geen
Geen
Geen
Geen
Geen
-
Geen
14 Mondeling toelichten
Ik wil mijn bouwplan mondeling toelichten voor de welstandscommissie/ stadsbouwmeester.
Datum aanvraag: 14 december 2023 Aanvraagnummer: 8269859
Ja Nee
Bevoegd gezag: Gemeente Leudal
Pagina 6 van 8
Handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening 1
Handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening
Met welke regels voor ruimtelijke ordening zijn de voorgenomen werkzaamheden in strijd?
Bestemmingsplan Beheersverordening Exploitatieplan Regels op grond van de provinciale verordening Regels op grond van een AMvB Regels van het voorbereidingsbesluit
Beschrijf hoe en in welke mate de voorgenomen werkzaamheden in strijd zijn met de regels voor ruimtelijke ordening.
6 woningen realiseren
Beschrijf het huidige gebruik van de gronden of het bouwwerk.
centrum
Beschrijf het beoogde gebruik van de gronden of het bouwwerk.
wonen
Beschrijf de gevolgen van het beoogde gebruik voor de ruimtelijke ordening.
geen gevolgen
Is het beoogde gebruik tijdelijk van aard?
Ja Nee
Hebt u een rapport nodig waarin de archeologische waarde van het terrein dat zal worden verstoord in voldoende mate is vastgelegd?
Ja Nee
Wordt er afgeweken van het exploitatieplan?
Ja Nee
Datum aanvraag: 14 december 2023 Aanvraagnummer: 8269859
Bevoegd gezag: Gemeente Leudal
Pagina 7 van 8
Bijlagen Formele bijlagen Naam bijlage
Bestandsnaam
Type
Datum ingediend
20231122_DO_pdf
20231122 DO.pdf
Plattegronden, doorsneden en detailtekeningen bouwen complexere bouwwerken Gelijkwaardigheid Bestemmingsplan, beheersverordening en bouwverordening complexere bouwwerken Constructieve veiligheid complexere bouwwerken Energiezuinigheid en milieu Kwaliteitsverklaringen Overige gegevens veiligheid Welstand Gegevens en bescheiden over veiligheid en het voorkomen van hinder t.b.v. bouwwerkzaamheden Gezondheid Gegevens Handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening Anders
14-12-2023
Datum aanvraag: 14 december 2023 Aanvraagnummer: 8269859
Bevoegd gezag: Gemeente Leudal
Status document 14 december 2023
In behandeling
Pagina 8 van 8
SMA-Advies
Ruimtelijke onderbouwing Aanvraag Omgevingsvergunning Pietersplein 6-16, 6088 EL Roggel Gemeente Leudal
Ruimtelijke onderbouwing voor het realiseren van 6 levensloopbestendige woningen aan de Pietersplein 6-16 te Roggel
Plan ID: NL.IMRO.1640.OV23RoPietersplei6.ON01
Opdrachtgever:
A. de Wit, Kerkstraat 2, 6088 EG Roggel
Datum:
03-02-2025
Kenmerk:
OP 2024-008
SMA-Advies Echterstraat 180 6051 GC Maasbracht
Website: www.sma-advies.nl info@sma-advies.nl GSM: +31 (6) 40 01 63 60
NL70RABO01052.95.787 KVK: 12056349
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
1
SMA-Advies
INHOUDSOPGAVE 1.
INLEIDING .............................................................................................. 4
2.
SITUERING EN BEGRENZING PLANGEBIED ................................................. 6
3.
PLANOPZET .......................................................................................... 10
3.1
Stedenbouwkundige inpassing................................................................. 11
3.2
Ruimtelijke inpassing ............................................................................. 11
4.
BELEIDSKADER .................................................................................... 16
4.1
Rijksbeleid ............................................................................................ 16
4.1.1
Nationale Omgevingsvisie ....................................................................... 16
4.1.2. Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) ................................. 18 4.1.3. Ladder voor duurzame verstedelijking ...................................................... 19 4.2
Provinciaal beleid................................................................................... 21
4.2.1
Omgevingsvisie Limburg 2021................................................................. 21
4.2.2
Omgevingsverordening Limburg 2024 ...................................................... 23
4.2.2.1 Instructie regels gemeenten .................................................................. 24 4.2.2.2 Wonen ................................................................................................. 25 4.2.2.3 Klimaatadaptatie ................................................................................... 25 4.3
Regionaal beleid .................................................................................... 28
4.3.1
Structuurvisie Wonen Midden Limburg 2022-2025 ..................................... 28
4.4
Gemeentelijk beleid ............................................................................... 29
4.4.1
Structuurvisie Leudal ............................................................................. 29
4.4.2
Omgevingsvisie Leudal ........................................................................... 30
4.4.3
Versnellingsagenda Wonen 2024-2025 ..................................................... 30
4.4.4
Bestemmingsplan .................................................................................. 31
5.
UITGANGSPUNTEN EN RANDVOORWAARDEN ......................................... 34
5.1
Bodem ................................................................................................. 34
5.2
Geluid .................................................................................................. 35
5.2.1. Akoestisch onderzoek interne geluidwering ............................................... 36 5.2.2
Technische installaties en voorzieningen ................................................... 36
5.2.3
Wegverkeerslawaai ................................................................................ 36
5.2.4
Spoorweglawaai en industrielawaai .......................................................... 37
5.3
Luchtkwaliteit en geur ............................................................................ 38
5.4
Bedrijfshinder/milieuzonering .................................................................. 39
5.5
Externe veiligheid .................................................................................. 41
5.5.1. Wet vervoer gevaarlijke stoffen (WVGS) ................................................... 42 5.5.2
Transport over wegen, waterwegen, spoorwegen ...................................... 43
5.5.3
Risicokaart............................................................................................ 44
5.6
Waterhuishouding .................................................................................. 45
5.6.1
Europees en Rijksbeleid.......................................................................... 45
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
2
SMA-Advies
5.6.2
Regionaal en gemeentelijk beleid............................................................. 47
5.7
Archeologie en cultruurhistorie ................................................................ 51
5.8
Ecologie ............................................................................................... 54
5.9
Natuur en landschap .............................................................................. 55
5.9.1
Stikstofemissies bouwfase en realisatiefase .............................................. 56
5.10
Duurzaamheid en energie ....................................................................... 57
5.11
Verkeer, infrastructuur en parkeerbeleid................................................... 58
5.12
Mer-Milieubelangen en effecten ten gevolge het planvoornemen .................. 63
6.
CONCLUSIE .......................................................................................... 65
7.
ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID ....................................................... 66
8.
MAATSCHAPPELIJKE UITVOERBAARHEID ............................................... 68
9.
OVERLEG EN PROCEDURES ................................................................... 70
Bijlagen: Bijlage 1: Plangebied, besluitvlak; Bijlage 2: Bodemonderzoek (deelgebied C), 2 januari 2024; Bijlage 3: Akoestisch onderzoek interne geluidwering, Bijlage 4: Archeologisch onderzoek (deelgebied C), 19 januari 2024; Bijlage 5: Programma van Eisen Archeologisch veldonderzoek, 20-06-2024; Bijlage 6: Rapport stikstofdepositie-onderzoek 23-10-2024 (deelgebieden A, B en C) Toelichting stikstofberekening en Aeriusberekening bouw- en gebruiksfase, 14 maart 2024; Bijlage 7: Quickscan Flora en fauna/ natuur, 23 november 2023; Bijlage 8: Parkeerdrukmeting Pietersplein eo, Roggel, september 2023; Bijlage 9: Uitnodiging omgevingsdialoog, 21 november 2023; Bijlage 10: Verslag omgevingsdialoog, 6 september 2024; Bijlage 11: Waterdoorlaatbaarheidsonderzoek, 29 januari 2025.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
3
SMA-Advies
1.
INLEIDING
Initiatiefnemer heeft bij de gemeente Leudal een verzoek ingediend1 om ter plaatse van de laagbouw behorend bij restaurant “De Beukelaer”, gelegen aan de Kerkstraat 2 te Roggel, te slopen voor het realiseren van 6 zelfstandige, levensloopbestendige woonappartementen. Het bestaande restaurant “De Beukelaer” blijft als zodanig behouden en maakt feitelijk geen onderdeel uit van het plan. De gemeente Leudal heeft zich positief uitgesproken om onder voorwaarden medewerking te verlenen om het planvoornemen te realiseren. De gemeente heeft aangegeven dat het planvoornemen in strijd is met het toepasselijk bestemmingsplan “Woonkernen Leudal 2017” 2 omdat woningen op de begane grond en verdieping niet zijn toegestaan. De gemeente Leudal wilt ondanks deze strijdigheid alsnog, onder voorwaarden, medewerking verlenen aan het planvoornemen. Om de woningen feitelijk te realiseren is een uitgebreide planologische procedure noodzakelijk. Om van het bestemmingsplan af te mogen wijken is in december 2023 door MD-ontwerp & bouwbegeleiding, namens initiatiefnemer, een aanvraag voor omgevingsvergunning ingediend (OLOnr. 8269859) voor de activiteit bouwen en afwijken regels ruimtelijke ordening. Een van de voorwaarden om medewerking te verlenen om van het bestemmingsplan af te mogen wijken, is dat een goede ruimtelijke onderbouwing onderdeel uitmaakt van de aanvraag.
In de voorliggende onderbouwing zijn de diverse beleidskaders beschreven en is ingegaan op de implicaties van het planvoornemen op de (woon)omgeving waarbij
de
meest
relevante
milieu
hygiënische
randvoorwaarden
zijn
beschreven. Indeling deelgebieden Het aan de orde zijnde plangebied maakt deel uit van in totaal 3 deelgebieden. Deze bestaan uit de deelgebieden A, B en C. De deelgebieden A en B worden door
woningbouwcorporaties
worden
ontwikkeld.
Uiteindelijk
is
door
initiatiefnemer besloten om deelgebied C, het aan de orde zijnde deelgebied, zelf te ontwikkelen. Voor de 3 deelgebieden zijn een aantal onderzoeken gezamenlijk uitgevoerd, zoals het bodemonderzoek van 2 januari 2024
1
Aanvraag Wabo bouwen en afwijken regels ro: OLOnr. 8269859 Plangebied ligt in het bestemmingsplan “Woonkernen Leudal 2017” vastgesteld 14-1-2017, kenmerk:NL.IMRO.1640.BP17Woonkernen-VG03. 2
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
4
SMA-Advies
(zie par. 5.1), het archeologisch onderzoek van 19 januari 2024 (zie par. 5.7) en de Quickscan natuur van 28 november 2023 (zie par. 5.8). Andere onderzoeken zijn separaat van elkaar uitgevoerd. Leeswijzer Het rapport is als volgt opgebouwd:
Hoofdstuk 2 bevat een omschrijving en begrenzing van het plangebied, vigerende bestemming, huidige en toekomstige situatie. Tevens wordt in dit hoofdstuk een beschrijving gegeven van de huidige invulling van het plangebied, wat de wenselijke/toekomstige situatie is van het bouwplan. Uitgangspunten worden besproken en overige planaspecten worden omschreven.
In hoofdstuk 3 wordt het plan beschreven vanuit de bestaande situatie. Inzicht
wordt
gegeven
in
het
planvoornemen
en
hoe
het
plan
landschappelijk ingepast wordt.
In hoofdstuk 4 wordt per beleidsveld op hoofdlijnen het relevante rijksbeleid, provinciaal beleid en gemeentelijk beleid behandeld.
In
hoofdstuk
5
komen
de
verschillende
uitgangspunten
en
(milieuhygiënische) randvoorwaarden aan bod.
Hoofdstuk 6 beschrijft de conclusies op basis van de beschreven randvoorwaarden in hoofdstuk 5.
Hoofdstuk 7 bevat een beschrijving van de economische uitvoerbaarheid.
In hoofdstuk 8 en 9 wordt uitleg gegeven over de maatschappelijke gevolgen en de te volgen procedure.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
5
SMA-Advies
2.
SITUERING EN BEGRENZING PLANGEBIED
Bestaande situatie, functionele structuur Het plangebied is gelegen aan de Kerkstraat 2 en het Pietersplein in de kern van de kern Roggel, gemeente Leudal. Het plangebied ligt direct noordelijk van de kern van Roggel en wordt aangeduid als “Pietersplein 6 t/m 16”. De Kerkstraat verbindt de Markt, via de Tramstraat, westelijk van het plangebied. Het Pietersplein grenst aan de noordzijde van het plangebied en de woonbestemmingen aan de Beeklaan grenzen oostelijk aan het plangebied. De Pieterskerk grenst aan de zuidzijde aan het plangebied.
Figuur 1 Uitsnede topografische kaart
Figuur 2. Luchtfoto plangebied, Kerkstraat-Pietersplein, Roggel
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
6
SMA-Advies
Foto Kerkstraat-Markt met de Petruskerk en links restaurant “de Beukelaer”
Foto zijde Pietersplein met restaurant en 5 hotelkamers met zaal
Foto zijde Pietersplein met links begrenzing van het plan “mooi de mooiste mode”
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
7
SMA-Advies
Luchtfoto plangebied
Het plangebied ligt in de kern van Roggel. De N279, gelegen op ca. 220 meter westelijk
van
het
plangebied
(Tramstraat-
Heythuyserweg-Hoek-Walk),
verbindt de kern Heythuysen met de kern Roggel. De N256, Roggelsedijk, ligt op ca. 800 meter noordelijk van het plangebied. Op ca. 800 meter zuidelijk van het plangebied loopt het spoortraject Weert-Roermond.
Figuur 3. situering plangebied in de kern Roggel ten opzichte van omliggende kernen
De Rivier de Maas loopt op ruim 6400 meter zuid-oostelijk van het plangebied. Andere transportaders zoals de A73 liggen op een grotere afstand van het plangebied en hebben daarom geen invloed op het planvoornemen.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
8
SMA-Advies
Doel Het omvormen van een deel van de bestaande horecabestemming naar een gewenste woonbestemming voor het realiseren van 6 woonappartementen ter plaatse van de locatie Kerkstraat 2-Pietersplein te Roggel, gemeente Leudal. Het plangebied ligt op basis van het Rijksdriehoekstelsel globaal op X: 192375 en Y: 363966 en is kadastraal aangeduid als Roggel, RGL00 sectie G, sectienummer 2406, met een oppervlak van ca. 1517 m 2. Daarvan is ca. 800 m2 bebouwd. Het bestaande restaurant “De Beukelaer” en de bijbehorende parkeerplaatsen blijft behouden en valt feitelijk buiten het plangebied. Het buitenterrein wordt wel betrokken bij de uitwerking van het planvoornemen.
Figuur 4 plangebied Kadastrale situatie: Roggel, RGL00 sectie G, sectienummer 2406, met een oppervlak van ca. 1517 m2.
In de huidige situatie is ter plaatse van de Kerkstraat 2 te Roggel een restaurant gelegen (ca. 250 m2) met een zaal/ kegelbaan (ca. 200 m2), 5 hotelkamers en een vakantie-appartement. In de gewenste situatie blijft het restaurant en het hoteldeel op de eerste verdieping van het pand behouden.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
9
SMA-Advies
3.
PLANOPZET
Het plan bestaat uit het realiseren van 6 levensloopbestendige woningen ter plaatse van de laagbouw van bestaande pand. Voorheen werd dat deel van het pand gebruikt als kegelbaan en vergader/ bijeenkomstzalen. Het bestaande hotel-restaurant “De Beukelaer” blijft als zodanig behouden en maakt feitelijk geen onderdeel uit van het plan. Het te slopen pand (laagbouw zijde Pietersplein) maakt dus plaats voor het realiseren van 6 levensloopbestendige woningen (over 2 bouwlagen) met de daarbij horende voorzieningen. Vanwege de ligging nabij de St. Petruskerk en om een goede aansluiting te genereren op de bestaande omliggende gebouwen, is maximaal rekening gehouden de uitstraling en visuele beleving van het pand. Op basis van het bestemmingsplan “Kernen Leudal 2017” is het realiseren van 6 levensloopbestendige woonappartementen niet rechtstreeks toegestaan. In die zin is voor het realiseren van de 6 woningen noodzakelijk dat er een omgevingsvergunning wordt aangevraagd om af te wijken van de regels ruimtelijke ordening die in het bestemmingsplan “Kernen Leudal 2017” zijn opgenomen. Het
planvoornemen
gaat
uit
van
de
realisatie
van
in
totaal
6
woonappartementen. Het appartementencomplex (zonder kelderverdieping) heeft twee bouwlagen, afgewerkt met een zadeldak en wordt feitelijk losgekoppeld van het bestaande restaurant. De appartementen hebben een bruto vloeroppervlakte tussen de 82 en 101 m2. De hoofdontsluiting van de appartementen vindt plaats aan de zijde van het Pietersplein via een galerij met
trappenhuis
en
lift.
Op
eigen
terrein
worden
6
parkeerplaatsen
gerealiseerd die ontsloten worden via de westzijde van het pand. Ook wordt op eigen terrein voorzien in 6 (buiten)bergingen en opslagplaatsen voor afvalcontainers en dergelijke. De te realiseren woningen betreffen allen zogenoemde nultreden woningen. De appartementen komen op de markt als betaalbare koopwoning (zie verder par. 4.4.3). De woonappartementen zijn allen uitgevoerd met een entree, keuken met bijkeuken, een woonkamer, 2 slaapkamers, toilet, badkamer en een loggia. De woonappartementen op de begane grond zijn daarnaast tevens voorzien van een tuin georiënteerd op het Pietersplein.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
10
SMA-Advies
Verder zijn binnen het plangebied per woonappartement 1 parkeerplaats voorzien. De ontsluiting van de bergingen en de parkeerplaats gaat via de nieuw te realiseren inrit oostelijk van het plan, te ontsluiten via de Beeklaan en het Pietersplein.
3.1
Stedenbouwkundige inpassing
Het hotel-restaurant “De Beukelaer” (Kerkstraat 2) als bestaande bebouwing is gevestigd in een pand van het bouwjaar 1870. In dat pand wordt een restaurant en hotel met 5 kamers geëxploiteerd. Zoals aangegeven blijft dit pand buiten het plan. Het nieuwe gebouw waar de 6 woonappartementen worden gerealiseerd, komt los te staan van het bestaande gebouw waarin het restaurant met hotel is gevestigd. Door het ongewijzigd laten van het bestaande hotel-restaurant, zullen
er
ten
aanzien
daarvan
geen
negatieve
ruimtelijke
en
stedenbouwkundige effecten optreden. De bestaande opstallen worden gesloopt en het plangebied zal na de herbestemming een metamorfose ondergaan door het realiseren van 6 kwalitatief hoogwaardige appartementen waardoor het plangebied zelf en de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving van het plangebied er op vooruit gaat. De gemeente Leudal waardeert het planvoornemen als positief en acceptabel en acht deze herinvulling als een positieve ontwikkeling. De opzet van het plan is dat de structuur van de te realiseren woningen zoveel mogelijk aansluit op de aanwezige stedenbouwkundige dynamiek van de omliggende (woon)bestemmingen. In die zin zullen, rekening houdend met deze aspecten voor het gebied, geen zwaarwegende negatieve effecten optreden. Om zoveel mogelijk rekening te houden met de bestaande waarden, is bij de verdere uitwerking van het plan rekening gehouden met materiaalkeuzen en vormgeving van de woonappartementen.
3.2
Ruimtelijke inpassing
De ruimtelijke uitstraling van de laagbouw, zijde Pietersplein is niet meer aantrekkelijk en doet geen recht aan de uitstraling die het gebied presenteert. Een herinvulling van de locatie geeft een nieuwe impuls en beoogt een kwalitatieve
hoogwaardige
invulling
van
de
actuele
maatschappelijk
(woon)behoeften.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
11
SMA-Advies
Zo zal de bestaande bebouwing ter plaatse van de laagbouw, volledig worden gesloopt en als woonfunctie in een nieuw ontwerp in het plangebied terugkomen. Deze ontwikkeling past binnen het actueel woonbeleid van de gemeente Leudal. De gemeente Leudal ziet herbestemming van de ter plaatse van het plangebied als een positieve ontwikkeling voor het hele gebied. Het
realiseren van de
nieuwe woonappartementen is dus een zinvolle nieuwe bestemming. Ten behoeve daarvan wordt de laagbouw aan de zijde van de Pietersplein gesloopt en wordt het plangebied rijp gemaakt voor de bouw van de 6 levensloopbestendige
woonappartementen
over
2
verdiepingen
met
bijbehorende installaties en voorzieningen. Het project zorgt voor een revitaliserende impuls en de omgeving van het plangebied zal er na inpassing van de woonappartementen en omliggende percelen ruimtelijk wezenlijk van opknappen. Er bestaat behoefte aan hoogkwalitatieve, bijzondere en onderscheidende verblijfsconcepten zoals woonappartementen. Onderhavig plan sluit daarbij aan. Er kan derhalve worden geconcludeerd dat het initiatief geen negatieve ruimtelijke of stedenbouwkundige effecten tot gevolg heeft voor de omgeving. Het planvoornemen is door de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK) positief beoordeeld,
zowel
op
ruimtelijke-stedenbouwkundige
inpassing
als
de
esthetische kwaliteit. De commissie heeft aangegeven dat het nieuwe appartementengebouw
qua stedenbouwkundige korrelgrootte als esthetische
uitstraling aansluit bij de bebouwde, dorpse omgeving. Aangegeven wordt dat indien het gebouw wit wordt geverfd (keimen), het gebouw nog beter tot zijn recht komt en tevens zal zorgen voor een (nog) betere aansluiting bij het hotel-restaurant de Beukelaer. Op de volgende pagina’s zijn de gevelaanzichten weergegeven alsmede de plattegrondindeling van de te realiseren woonappartementen.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
12
SMA-Advies
Voorgevel nieuwbouwplan 6 woonappartementen
Achtergevel nieuwbouwplan 6 woonappartementen
Rechter zijgevel nieuwbouwplan 6 woonappartementen
Linker zijgevel nieuwbouwplan 6 woonappartementen
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
13
SMA-Advies
Begane grond nieuwbouwplan 3 woonappartementen
Begane grond nieuwbouwplan indeling 3 woonappartementen
1e verdieping nieuwbouwplan 3 woonappartementen
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
14
SMA-Advies
1e verdieping nieuwbouwplan indeling 3 woonappartementen
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
15
SMA-Advies
4.
BELEIDSKADER
4.1
Rijksbeleid
4.1.1 Nationale Omgevingsvisie Op 11 september 2021 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. Met het vaststellen van de NOVI is rekening gehouden met de aanstaande inwerkingtreding van de Omgevingswet. De NOVI biedt een duurzaam toekomstperspectief voor de leefomgeving. Met een groeiend aantal inwoners is het belangrijk om de juiste keuzes te maken ten aanzien van ruimtebeslag, om Nederland ook over 30 jaar een plek te bieden waar het goed wonen, werken en recreëren is. De NOVI richt zich op ontwikkelingen waarin meerdere nationale belangen bij elkaar komen en keuzes in samenhang moeten worden gemaakt
tussen
de
21
nationale
belangen
die
in
de
NOVI
worden
onderscheiden. De belangrijkste keuzes zijn:
De
inpassing
van
duurzame
energie(opwekking)
met
oog
voor
omgevingskwaliteit;
Het bieden van ruimte voor een overgang naar een circulaire economie;
Woningbouw faciliteren in een stedelijk netwerk van gezonde en groene steden;
Landgebruik meer in balans laten zijn met natuurlijke systemen.
Het realiseren van deze wensen, benutten van kansen en het oplossen van knelpunten, vraagt om samenwerking tussen alle overheden bij nationale vraagstukken en gebiedsgerichte regionale opgaven. De NOVI richt zich op vier prioriteiten die onderlinge verbanden hebben en zo invloed hebben op de inrichting van de fysieke leefomgeving. De NOVI biedt een hulpmiddel bij het maken van keuzes. 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie
Nederland is in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust. Voldoende ruimte reserveren voor toekomstige waterveiligheidsmaatregelen;
Het
energie-infrastructuur
geschikt
maken
voor
duurzame
energiebronnen en het reserveren van ruimte daarvoor;
Inpassen van duurzame energie met oog voor de kwaliteit van de omgeving en deze combineren zo veel mogelijk met andere functies, zoals zonnepanelen op daken en clustering van windmolens. Voor de inpassing van duurzame energie op land worden regionale energiestrategieën opgesteld.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
16
SMA-Advies
2. Duurzaam economisch groeipotentieel
De Nederlandse economie verandert van karakter en zou in 2050 geheel circulair moeten zijn. De broeikasgasemissies moeten dan met 95% gereduceerd zijn met 55% reductie als beoogd tussendoel in 2030;
Inzet
op
optimale
(inter)nationale
bereikbaarheid
van
steden
en
economische kerngebieden in het Stedelijk Netwerk Nederland;
Overheden
investeren
in
een
aantrekkelijke,
gezonde
en
veilige
leefomgeving in steden en regio's en bevorderen een aantrekkelijk vestigingsklimaat. 3. Sterke en gezonde steden en regio's
Het Stedelijk Netwerk Nederland versterken door de ontwikkeling van de stedelijke regio's te ondersteunen en te zorgen voor goede onderlinge en externe verbindingen. Verstedelijking koppelen we aan de ontwikkeling van de infrastructuur en vindt plaats in de regio's;
Hanteren
van
een
integrale
verstedelijkingsstrategie.
Dit
is
een
samenhangende aanpak van wonen, werken, mobiliteit, gezondheid, veiligheid en leefomgevingskwaliteit. Zo kunnen steden duurzaam ontwikkelen;
Verstedelijking vindt geconcentreerd plaats in de regio. Toe te voegen nieuwe woon- en werklocaties worden zorgvuldig en op efficiënte wijze ingepast
met
oog
voor
beschikbare
ruimte
en
mobiliteit.
Het
woningaanbod in de regio's sluit aan bij de vraag naar aantallen en typen woningen, woonmilieus en prijsklassen;
Het zodanig inrichten van de leefomgeving dat deze een actieve, gezonde
leefstijl
en
maatschappelijke
participatie
bevordert.
Het
verbeteren van de luchtkwaliteit, zodat in 2030 wordt voldaan aan de advieswaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie;
Het aanbod en de kwaliteit versterken van het groen in de stad en verbeteren de aansluiting op het groene gebied buiten de stad. Een natuurinclusieve ontwikkeling van de stedelijke regio's en natuurinclusief bouwen zijn het uitgangspunt;
Het klimaatbestendig inrichten van steden en regio's;
Het goed bereikbaar maken van stedelijke mobiliteitssysteem. De auto, het ov, fietsen zijn dan onderling verknoopt en draagt zo bij aan een gezonde leefomgeving en een gezonde leefstijl;
Voor gebieden buiten het Stedelijk Netwerk Nederland, die liggen aan de grens van het land en/of waar vraagstukken rond bevolkingsdaling spelen,
ontwikkelen
de
overheden
gezamenlijk
een
integrale
gebiedsgerichte aanpak.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
17
SMA-Advies
4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied
Unieke
landschappelijke
kwaliteiten
moeten
worden
versterkt
en
beschermd. Nieuwe ontwikkelingen in het landelijk gebied voegen landschapskwaliteit toe. Omgevingsbeleid wordt landschapsinclusief. Conclusie Ten
aanzien
van
het
planvoornemen
zijn
er
mede
de
(relatieve)
kleinschaligheid van het plan weinig directe en concrete raakvlakken, behalve een aantal algemene uitgangspunten waar het plan in voorziet, zoals een veilige en gezonde leefomgeving, verbeteren van de luchtkwaliteit, duurzaam ruimtegebruik, bereikbaarheid en het gebruik van duurzame c.q. hernieuwbare energie.
4.1.2. Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Per 30 december 2011 is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) in werking getreden (laatste wijziging 25-06-2021). Voor de nationale belangen die kaderstellend zijn voor besluiten van gemeenten, zijn regels opgenomen in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro).Deze regels hebben betrekking op het bestemmingsplan en daarmee gelijk te stellen besluiten en zorgen er voor dat de nationale ruimtelijke afweging bij besluitvorming in bestemmingsplannen wordt gerespecteerd. Het Barro is in oktober 2012 aangevuld met de ruimtevraag voor de onderwerpen veiligheid op Rijksvaarwegen, toekomstige uitbreiding van infrastructuur, (EHS),
de
primaire
elektriciteitsvoorziening,
de
waterkeringen
het
buiten
ecologische
hoofdstructuur
kustfundament
en
het
IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte). Op onderhavig planvoornemen werken geen van de genoemde Rijksbelangen rechtstreeks door. In het gebied is verder ook geen sprake van een gebiedsreservering voor de langere termijn. Het planvoornemen is in lijn met het Barro en de eerste aanvulling hierop. Op 1 oktober 2012 is het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gewijzigd. De zogenoemde ‘de Ladder voor duurzame verstedelijking’ is aan het Bro toegevoegd. De ladder ondersteunt gemeenten en provincies in vraaggerichte programmering van hun grondgebied, het voorkomen van overprogrammering en de keuzes die daaruit volgen.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
18
SMA-Advies
4.1.3. Ladder voor duurzame verstedelijking De Ladder voor duurzame verstedelijking is in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) geïntroduceerd. Doel van de Ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Het Rijk wil met de introductie van de Ladder vraaggerichte programmering bevorderen. De Ladder beoogt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten. Overheden dienen nieuwe stedelijke ontwikkeling te motiveren met de drie opeenvolgende stappen. Deze stappen bevorderen en motiveren de gewenste stedelijke ontwikkeling met aandacht voor (1) de ruimtevraag, (2) de beschikbare ruimte en (3) de ontwikkeling van de omgeving waarin het gebied ligt. De Ladder geeft daarmee invulling aan het nationaal
ruimtelijk
belang
gericht
op
een
zorgvuldige
afweging
en
transparante besluitvorming bij ruimtelijke besluiten. Het besluit tot wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening is in verband met de aanpassing van de ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ op 1 juli 2017 in werking getreden. In dit besluit is de gewijzigde tekst van de zogenaamde ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ (artikel 3.1.6 lid 2 Besluit ruimtelijke ordening) opgenomen. In dat besluit zijn een aantal artikelen gewijzigd c.q. geschrapt. Zo zijn de drie beschreven treden van de Ladder losgelaten. Het huidige uitgangspunt is dat voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen, zowel binnen als buiten het bestaand stedelijk gebied, de behoefte moet worden beschreven in de toelichting van het bestemmingsplan. Indien een nieuwe stedelijke ontwikkeling voorzien wordt buiten het bestaande stedelijk gebied, zal gemotiveerd moeten worden waarom niet binnen het bestaande stedelijk gebied in de behoefte kan worden voorzien. In het Bro is geen ondergrens voor de minimale omvang vastgelegd. Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt onder andere bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. Voor woningbouwlocaties geldt volgens de overzichtsuitspraak dat in beginsel sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling als er meer dan 11 woningen gerealiseerd worden.
Voor wonen is de lijn dat er vanaf 12 woningen sprake is van een stedelijke ontwikkeling. Nu het gaat om het ontwikkelen van 6 woningen, is er in beginsel geen sprake van een stedelijke ontwikkeling.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
19
SMA-Advies
Tevens moet worden bepaald of er ten aanzien van de aan de orde zijnde ontwikkeling sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Dat hangt onder andere af van het planologisch ruimtebeslag van de nieuwe ontwikkeling ten opzichte van het bestaande ruimtebeslag. Daarvan is in het beginsel sprake als het nieuwe ruimtelijke besluit meer bebouwing mogelijk maakt dan er op grond van het geldende planologische regime aanwezig was, of kon worden gerealiseerd. Daarnaast geldt dat wanneer het om een functiewijziging gaat, zoals in onderhavig geval, moet worden beoordeeld of er sprake is van een naar aard en omvang zodanige functiewijziging, dat gesproken kan worden van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Daarbij moet dus ook het ruimtebeslag betrokken worden. Afweging Het ruimtebeslag van de huidige bestemming “Centrum” is gelijk aan de gewenste gebruik “Wonen”. Op basis van het vigerende planologisch regime kan niet méér bebouwing worden gerealiseerd. Het is eerder de ruimtelijke uitstraling en (permanente) bewoning waar in dit kader rekening mee gehouden moet worden. In het voorliggende geval is geen sprake van een stedelijke ontwikkeling (artikel 1.1.1 Bro, definiëring begrippen). De voorgenomen ontwikkeling voorziet per definitie in een actuele behoefte (zie ook paragrafen 4.2 en 4.3).
De ontwikkeling wordt daarnaast ingevuld middels herstructurering binnen het bestaand stedelijk gebied, geheel in lijn met de beleidsuitgangspunten van de Ladder voor duurzame verstedelijking. Tot slot dient te worden opgemerkt dat met de herinvulling van dit deel van de kern van Roggel toekomstige leegstand wordt voorkomen. Omdat 6 woningen worden gerealiseerd, is er geen sprake van een stedelijke ontwikkeling. Het planvoornemen maakt een toekomstige en duurzame invulling mogelijk. Zoals ook onderbouwd in paragraaf 4.2.1 en 4.2.2, wordt aangesloten bij de kwalitatieve en kwantitatieve woonbehoefte binnen de gemeente Leudal. Huurwoningen dan wel koopwoningen in het middensegment zijn gewenst en zijn een kansrijk woningsegment binnen de gemeente Leudal. Het aan de orde zijnde planvoornemen sluit daar bij aan. Geconcludeerd
kan
worden
dat
de
voorgenomen
ontwikkeling
in
overeenstemming is met de afwegingskaders van de Ladder voor duurzame verstedelijking.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
20
SMA-Advies
4.2 Provinciaal beleid 4.2.1
Omgevingsvisie Limburg 2021
Op 1 oktober 2021 hebben Provinciale Staten van Limburg de Omgevingsvisie Limburg vastgesteld. De Omgevingsvisie Limburg vervangt het in 2014 vastgestelde Provinciaal Omgevingsverordening Limburg (POL2014) en is via een interactief proces met overheden en andere organisaties en burgers opgesteld. De Omgevingsvisie Limburg is op 25 oktober 2021 in werking getreden. De Omgevingsvisie is een strategische en lange termijn (2030-2050) visie op de
fysieke
leefomgeving
en
beschrijft
onderwerpen
zoals
wonen,
infrastructuur, milieu, water, natuur, landschap, bodem, ruimtelijke economie, luchtkwaliteit en cultureel erfgoed. Daarnaast zijn ook de aspecten gezondheid, veiligheid en een gezonde leefomgeving meegenomen. In deze visie heeft de Provincie regels vastgelegd voor onder meer natuur, milieu, (grond-) water, ontgronding, wegen en ruimte (verstedelijking, woon- en werklocaties, agrarische
bedrijven).
De
nieuwe
Omgevingsvisie
sluit
aan
bij
het
Omgevingsverordening 2014 en zijn een aantal thema’s behouden en geactualiseerd; en zijn er een aantal nieuwe thema’s toegevoegd. Veranderingen in de demografie en het klimaat, trends als individualisering en globalisering, technologische innovaties, energie, de landbouw, smart mobility en circulaire economie, leiden tot grote veranderingen van de fysieke leefomgeving, zowel in stedelijk als landelijk gebied. Deze trends stellen ons voor diverse uitdagingen. We verdelen die in een drietal hoofdopgaven: 1.
Een aantrekkelijke, sociale, gezonde en veilige leefomgeving; a. in stedelijk c.q. bebouwd gebied; b. in landelijk gebied.
2.
Een toekomstbestendige, innovatieve en duurzame economie, inclusief landbouwtransitie;
3.
Klimaatadaptatie en energietransitie.
In stedelijke centra heeft de uitdaging van de komende jaren te maken met de versterking van de stedelijk gebied en behoud van de leefbaarheid ervan. In het gebied “landelijke kern” waar onderhavig planvoornemen ook deel van uit maakt, gaat het ook om verbetering en verduurzaming van de woningvoorraad,
de
toegankelijkheid,
beschikbaarheid
en
bereikbaarheid
van
voorzieningen en het klimaatbestendig maken van de bebouwde omgeving. Ook kent het bebouwd gebied opgaven met betrekking tot de arbeidsmarkt en ruimte voor bedrijvigheid en bedrijven.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
21
SMA-Advies
Aan het provinciaal omgevingsbeleid liggen een aantal principes ten grondslag. Kwaliteit staat daarbij centraal. Dat komt tot uiting in het koesteren van de gevarieerdheid van Limburg onder het motto ‘meer stad, meer land’; het bieden van ruimte voor verweving van functies, in kwaliteitsbewustzijn, en in dynamisch voorraadbeheer. Deze moeten resulteren in een nieuwe vorm van groeien. Het is belangrijk dat mensen kunnen wonen in een zelfgekozen woning en woonomgeving (die past bij hun mogelijkheden en levensfase) waar ze zich thuis voelen. Er wordt toegewerkt naar een toekomstbestendige Limburgse woningmarkt met voldoende woningen van de juiste kwaliteit op de juiste plek. De provinciale ambitie is dat de woningmarkt onlosmakelijk verbonden is met de sociaal- economische- en gezondheidssituatie van de inwoners in de steden en dorpen en het voorkomen van segregatie. Ambities Samen met haar partners wil de provincie een goede woon- en leefomgeving realiseren; een leefomgeving waar mensen zich prettig voelen. Het is belangrijk
dat
mensen
kunnen
wonen
in
een
zelfgekozen
woning
en
woonomgeving (die past bij hun mogelijkheden en levensfase) waar ze zich thuis voelen. Dit gebeurt door toe te werken naar een toekomstbestendige Limburgse woningmarkt met voldoende woningen van de juiste kwaliteit op de juiste plek, die waar mogelijk op het juiste moment beschikbaar én betaalbaar zijn. De provincie faciliteert flexibiliteit op de woningmarkt én stimuleert flexibele woonvormen waardoor aan de veranderende woonwensen en – behoeften van een diverse groep mensen tegemoet kan worden gekomen in zowel
de
bestaande
bouw
als
nieuwbouw.
Door
in
samenhang
naar
woonopgaven te kijken, legt de provincie op wijk- en buurtniveau verbindingen tussen sociale en fysieke woonopgaven (wonen, zorg, welzijn en leefbaarheid) en
een
duurzame,
veilige
en
gezonde
leefomgeving
met
gevarieerde
woonmilieus. Daarmee wordt verdere segregatie voorkomen en vindt ruimtelijk sturing
plaats
door
te
prioriteren
op
inbreiding
herbestemming), conform de principes van de
(herstructurering/
Ladder
voor duurzame
verstedelijking. Het
planvoornemen
woonappartementen
voorziet met
een
in
het
realiseren
van
goede
kwaliteit
waarin
6
comfortabele alle
moderne
voorzieningen aanwezig zijn en met gebruik van duurzame energie. Het betreffen 6 woningen uitgevoerd in 2 bouwlagen.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
22
SMA-Advies
Het plan is gelegen in een sterk versteende omgeving met alle noodzakelijke voorzieningen binnen handbereik en in een sociale, gezonde en veilige leefomgeving.
De
bestaande
groenstructuren
blijven
zo
veel
mogelijk
behouden en worden zo mogelijk verder versterkt. Het planvoornemen past binnen de opgave voor het realiseren van een goede en veilige woon- en leefomgeving. Het plan past ook vanwege het gebruik van duurzame c.q. hernieuwbare energie binnen de klimaatopgave. Gesteld kan worden dat het planvoornemen past binnen de ambities die de provincie Limburg voor de stedelijke omgeving heeft gesteld. Er zijn acht globaal afgebakende gebiedstypen onderscheiden. Dit zijn zones met elk een eigen karakter, herkenbare kernkwaliteiten en met verschillende opgaven en ontwikkelingsmogelijkheden. Het plangebied van onderhavig bestemmingsplan is gelegen in de zone “Landelijke kern”. Dit gebieden wordt gekenmerkt door gemengde woon/werkgebieden met voorzieningen, deels met een stedelijk karakter, deels met een dorpskarakter. Beleidsmatig worden accenten gelegd op het gebied van transformatie regionale woning voorraad, bereikbaarheid en een kwalitatief goede leefomgeving.
4.2.2
Omgevingsverordening Limburg 20243
Vooraf opgemerkt dat het instrument van vergunningen en vergunningverlening niet in het overgangsrecht van de Omgevingsverordening Limburg 2021 is opgenomen. Dat betekent dat, ondanks het gegeven dat de aanvraag voor omgevingsvergunning bouwen en afwijken regels ruimtelijke ordening is ingediend vóór de feitelijke inwerkingtreding van de Omgevingswet, de onderhavige
onderbouwing
beschreven moet
worden op
basis van de
Omgevingsverordening Limburg van 2021. Op 17 december 2021 hebben Provinciale Staten van
Limburg
de
Omgevingsverordening Limburg (2021) vastgesteld. Hoofdzakelijk is het een beleidsneutrale omzetting van de Omgevingsverordening Limburg 2014. Er staan nieuwe of
inhoudelijk gewijzigde onderwerpen in. Het gaat om
instructieregels aan gemeenten op het gebied van wonen, zonne-energie, naijlende
effecten
van
de
steenkoolwinning
en
huisvestingsnormen
voor
internationale werknemers. Deze nieuwe en gewijzigde onderdelen vinden hun oorsprong in de POVI. 3
De aan de orde zijnde omgevingsvergunning is ook beoordeeld op provinciale belangen. Afdeling 17.1 van de Omgevingsverordening Limburg kent enkel overgangsbepalingen voor specifieke onderwerpen welke niet van toepassing zijn op een aan te vragen vergunning. Dat betekent dat de aan te vragen omgevingsvergunningen niet meer getoetst worden aan de Omgevingsverordening Limburg van 2014. Deze worden wel getoetst aan de Omgevingsverordening Limburg 2021.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
23
SMA-Advies
De meest recente wijziging van deze verordening dateert van 16 december 2022. De belangrijkste wijziging in relatie tot onderhavig project-betreffen de regels over klimaatadaptatie. In de Omgevingsverordening Limburg 2021 staan regels op het gebied van milieu, wegen, water, grond, landbouw, natuur, wonen en ruimte. Alle regels die betrekking hebben op het omgevingsbeleid zijn ondergebracht in één verordening. De Omgevingsverordening bevat grofweg twee typen regels:
instructieregels gericht tot gemeenten of het waterschap;
regels voor activiteiten die rechtstreeks voor een ieder gelden of voor specifieke doelgroepen.
Figuur
6.
Uitsnede
kaart
'Wonen,
werken
en
recreëren'
Omgevingsverordening Limburg 2021.
4.2.2.1
Instructie regels gemeenten
In de Omgevingsverordening Limburg staan instructieregels die gemeenten in acht moeten nemen als zij een bestemmingsplan vaststellen of wijzigen. In artikel 2.1.1 van de Omgevingsverordening Limburg 2014 was bepaald dat de instructieregels die waren opgenomen in hoofdstuk 2 van die verordening niet alleen voor ‘bestemmingsplannen’ golden, maar nu ook breder gelden voor ‘ruimtelijke plannen’. Hieronder werden niet alleen bestemmingsplannen begrepen,
maar
onder
meer
ook
wijzigings-of
uitwerkingsplannen,
beheersverordeningen en omgevingsvergunningen waarmee werd afgeweken van het bestemmingsplan.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
24
SMA-Advies
4.2.2.2
Wonen
Sinds de inwerkingtreding van provinciale omgevingsverordening van 2014, is er voor de woningmarkt veel veranderd en daarom ook ten aanzien van het woningmarktbeleid. Samenwerking in de regio blijft belangrijk en om aan de actuele vraag te voldoen is het belangrijk om, waar mogelijk, belemmeringen weg te nemen. Voor het aan de orde zijnde planvoornemen gaat het om een nieuw woningbouwplan.
Realisatie
van
de
betreffende
levensloopbestendige
woningen, zal na vergunningverlening naar verwachting in 2025 of 2026 plaatsvinden, in ieder geval binnen 5 jaar. Conclusie Als
het
gaat
om
de
instructieregels
voor
gemeenten
voor
nieuwe
woningbouwplannen (zoals onderhavig plan), kan worden gesteld dat bij dit planvoornemen rekening is gehouden met de toepasselijke Limburgse principes en algemene zonering (hst 3 POVI) alsmede wonen en leefomgeving (hst 5 POVI) zoals beschreven in paragraaf 4.2.1. Verder kan worden gesteld dat het gaat om een duurzaam en kwalitatief hoogwaardig bouwplan en dat het gaat om het realiseren van een levensloopbestendige woningen, waarvan op basis van actueel onafhankelijk regionaal behoefteonderzoek is gebleken dat de woningen gewenst zijn. Over de te realiseren levensloopbestendige woningen is regionaal overeenstemming bereikt. Tenslotte zal het project binnen 5 jaar na vergunningverlening worden gerealiseerd. Aan een toetsing aan de Structuurvisie Wonen Midden-Limburg en de Ladder voor duurzame verstedelijking wordt voldaan in respectievelijk de paragrafen 4.3.1. Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg en 4.1.3. Ladder voor duurzame verstedelijking. Eveneens is er in de paragrafen 4.3, Regionaal beleid en 4.4, Gemeentelijk beleid aan ander relevant woonbeleid getoetst. Zo wordt in par. 4.3.1, en 4.4.1 t/m 4.4.3, ingegaan op de kwalitatieve en kwantitatieve behoefte, de onderzoeken daarvoor en de afstemming met de subregio.
4.2.2.3
Klimaatadaptatie
De motivering bij een omgevingsplan dat een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling mogelijk maakt bevat een beschrijving van:
de wijze waarop in het plan rekening is gehouden met de risico’s en gevolgen van klimaatverandering en
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
25
SMA-Advies
de maatregelen en voorzieningen die worden getroffen om de risico’s en gevolgen van klimaatverandering te voorkomen of te beperken en de afweging die daarbij is gemaakt.
Wateroverlast Als gevolg van klimaatverandering wordt het niet alleen warmer. Ook de neerslagkarakteristieken wijzigen doordat warmere lucht meer waterdamp kan bevatten. De hoeveelheid neerslag en extreme neerslag in de winter nemen toe, evenals de intensiteit van extreme regenbuien in de zomer. Ook hagel- en onweersbuien
worden
heviger.
Hierdoor
is
er
een
grotere
kans
op
wateroverlast. Droogte In het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie is in 2014 indicatief geraamd dat de maatschappelijke kosten van droogte en hitte tot 2050 ver kunnen oplopen. Droogte kan leiden tot bodemdaling en funderingsproblemen, maar ook tot schade bij landbouw, natuur, stedelijk groen en scheepsvaart. Daarnaast leidt droogte
tot
problemen
met
de
waterkwaliteit.
Die
watervraag
neemt
momenteel overwegend toe. Tekorten kunnen leiden tot uitzakkende peilen, verzilting en onttrekkingsbeperkingen. Effecten van droogte kunnen direct merkbaar zijn, zoals bij planten, maar kunnen zich ook pas naar verloop van jaren manifesteren. Extreem natte perioden worden regelmatig afgewisseld met drogere perioden. De uitgangspunten van het Deltaprogramma zouden herzien moeten worden omdat de laatste jaren het klimaat sterk is gewijzigd. Het ontwerp van de woningen is zodanig dat gezien de ligging en het ontwerp zo optimaal mogelijk gebruik wordt gemaakt van de zonnewarmte voor bijvoorbeeld het opwarmen van de woningen. Verwarming van de woning is minimaal nodig met een PV-installatie. Voor verkoeling wordt ook gezorgd door de bestaande groenvoorziening verder te versterken en nieuw groen aan te leggen en in stand te houden. Verder is in paragraaf 5.6 ingegaan hoe binnen het plan omgegaan wordt met water en het opvangen en verwerken van hemelwater binnen het plangebied. Door middel van het opvangen van regenwater van dakvlakken wordt regenwater binnen het plangebied in de bodem gebracht om verdroging daarvan zo veel mogelijk te beperken. Uit de geraadpleegde Klimaatatlas is gebleken dat het omgevingsplan niet is gelegen binnen een gebied waar wateroverlast is te verwachten.
Tevens blijk uit deze atlas dat door de aanwezigheid van groen (in tuinen) er geen sprake is van (extreme) hittestress.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
26
SMA-Advies
Conclusie Gesteld kan worden dat in voldoende mate rekening wordt gehouden met de risico’s en gevolgen van klimaatverandering en dat voldoende maatregelen en voorzieningen
worden
getroffen
om
de
risico’s
en
gevolgen
van
klimaatverandering zo veel mogelijk worden beperkt, een en ander zoals in deze paragraaf is beschreven met verwijzing naar o.a. par 5.6. 4.2.2.4
Instructieregels voor waterschap
Vanuit
de
provincie
gelden
voor
regionale
oppervlaktewateren
omgevingswaarden, ofwel “normen” voor wateroverlast. Het waterschap is de beheerder van de regionale wateren. Vanuit die positie dient(alleen) het waterschap concrete maatregelen te nemen om de afvoer- en bergingscapaciteit van een regionaal oppervlaktewater te vergroten. Daarom moet het waterschap voldoen aan de provinciale normen voor wateroverlast. De omgevingswaarden geven afhankelijk van de functie van het gebied en van het
oppervlaktewater
aan,
aan
welke
normen
de
bescherming
tegen
wateroverlast moet voldoen. Bij de uitvoering van maatregelen om aan deze normen te voldoen wordt rekening gehouden met de gevolgen van het extremer wordende weer, met meer hoosbuien en daardoor een grotere kans op wateroverlast. Bij de normstelling wordt het uitgangspunt gehanteerd dat maatregelen haalbaar en betaalbaar, landschappelijk inpasbaar en ecologisch duurzaam zijn. Het waterschap dient maatregelen zodanig te ontwerpen, dat deze ook in het verwachte klimaat van 2050 nog voldoen aan de geldende normen uit de Omgevingsverordening. Daarbij dient steeds uitgegaan te worden van de meest actuele neerslagstatistieken. Conclusie De voorgenomen ontwikkeling voor het bouwen van 6 woningen over 2 bouwlagen op de projectlocatie is uitvoerbaar met inachtneming van de (toekomstige) verordende regels van de Omgevingsverordening Limburg. Zie hiervoor onder meer de verantwoording in paragraaf 4.4, gemeentelijk beleid
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
27
SMA-Advies
4.3
Regionaal beleid
4.3.1
Structuurvisie Wonen Midden Limburg 2022-2025
In de Structuurvisie Wonen Midden-Limburg 2022 tot en met 2025 wordt ruimte gemaakt om te bouwen voor de juiste woning, op de juiste plek, op het juiste moment. Daarnaast is er aandacht voor transformatie/herstructurering. De woonvisie geeft richting aan de kwalitatieve en kwantitatieve opgave waar de gemeenten woningbouw de komende jaren wenselijk vinden en de wijze waarop het aantal woningbouwplannen wordt afgestemd op de behoefte. Het aantal inwoners in de regio is vanaf 2018 tot en met 2021 met 1 % (ca. 2388 personen) gegroeid. Voor Leudal is deze toename 0,2%. De vraag naar woningen, niet alleen bij ouderen, maar in nagenoeg alle leeftijdsgroepen en sectoren blijft groot omdat het aantal huishoudens en het aantal ouderen in de regio en de gemeente Leudal is gegroeid en blijft de komende jaren doorgroeien. De druk op de woningmarkt is de laatste jaren daarmee alleen maar toegenomen. De vraag naar levensloopbestendige woningen is daardoor ook toegenomen. In de laatste huishoudenprognose (Etil, Progneff 2021) wordt ook aangegeven dat in Midden-Limburg de komende jaren, op basis van de huidige bevolking, nog een groei van het aantal huishoudens wordt verwacht. Volgens dat onderzoek is de jaarlijkse ambitie voor de gemeente Leudal om tot en met 2025, 125 tot 150 woningen te realiseren.
In het huidige woonbeleid wordt vooral gestuurd op het toevoegen van kwalitatief de juiste woningen op de juiste plek. Uit het onderzoek blijkt dat het daarbij vooral gaat om huishoudens vanaf 60-65 jaar die de komende tijd zal toenemen.
Dat betekent dat in
kwalitatieve zin onder andere ingezet zal moeten worden op het realiseren van seniorenwoningen (voor huur en koop; grondgebonden en appartementen met lift; nultreden en levensloopbestendige woningen). Gesteld kan worden dat er volkshuisvestelijk sprake is van een gewenste ontwikkeling als inbreiding in een bestaand stedelijk gebied.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
28
SMA-Advies
4.4
Gemeentelijk beleid
4.4.1
Structuurvisie Leudal
In de structuurvisie staat hoe de gemeente tot het jaar 2025 om gaat met toekomstige
ruimtelijke
wijkvoorzieningen, verkeer
ontwikkelingen, en
zoals
wonen,
ondernemen,
recreëren. Deze visie vormt de richtlijn voor
alle toekomstige bestemmingsplannen en afwijkingsmogelijkheden. Het doel van de Structuurvisie Leudal is om de ruimtelijke kwaliteit binnen het gemeentelijk grondgebied te verbeteren en sturing te geven aan toekomstige veranderingsprocessen. In de Structuurvisie geeft de gemeente aan welke maatregelen zij neemt om negatieve effecten die gepaard gaan met vergrijzing en ontgroening zoveel mogelijk te beperken. Deze demografische ontwikkelingen kunnen namelijk grote
gevolgen
hebben
voor
de
woningvoorraad,
economie
en
het
voorzieningenniveau. De maatregelen zijn met name gericht op het behouden en versterken van het woon- en leefklimaat binnen de verschillende wijken van de gemeente Leudal en het versterken van ‘schone’ werkgelegenheid, waarbij goede bereikbaarheid en aansluiting op de regionale infrastructuur van belang is. De Structuurvisie is verder opgebouwd uit thema's zoals wonen, werken, verkeer, voorzieningen, recreatie, natuur en milieu waarvan vooral het thema “wonen” van toepassing is op het besluitgebied. Thema wonen De gemeente Leudal stelt dat de kwaliteit van de leefomgeving en daarmee van het wonen hoog is. Toch zijn er op het gebied van wonen, zeker gezien de huidige
woningmarkt,
uitdagingen,
namelijk:
het
(laten)
bouwen
van
voldoende woningen voor de juiste doelgroepen. De Structuurvisie Wonen richt zich op het tegemoet komen aan de groeiende woningbehoefte met kwalitatief het juiste aanbod. Daarnaast is er in de komende jaren aandacht voor transformatie en herstructurering. Ook moeten bestaande woningen duurzamer en levensloopbestendiger. In de structuurvisie Wonen wordt ruimte gemaakt om de juiste woning, op de juiste plek, op het juiste moment te realiseren. Dit met het doel: het op peil houden van de leefbaarheid in onze dorpen en een huis bieden voor (toekomstige) inwoners.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
29
SMA-Advies
Figuur 4. Uitsnede Ontwerp Structuurvisie Leudal 2025
4.4.2
Omgevingsvisie Leudal
De Omgevingsvisie Leudal wordt ergens in het najaar van 2024, ter inzage gelegd. Deze omgevingsvisie geeft de gewenste strategische ontwikkelrichting voor de fysieke leefomgeving van Leudal weer, voor de langere termijn (tot 2040). Het gaat om sectorale thema’s als wonen, werken en recreëren, over nieuwe opgaven vanuit duurzaamheid, gezond- en veiligheid en over keuzes rondom de invulling en toedeling van functies. Het betreft een gebiedsgerichte benadering. De Versnellingsagenda Wonen is één van de bouwstenen voor de omgevingsvisie. De omgevingsvisie neemt op hoofdlijnen de ambitie en ontwikkelrichting
van
de
Versnellingsagenda
Wonen
over.
De
Versnellingsagenda Wonen blijft, na vaststelling van de omgevingsvisie, fungeren
als
lokaal
woonbeleid
en
(uitvoerings)programma.
Een
(uitvoerings)programma is nodig om de ambities daadwerkelijk te kunnen realiseren.
4.4.3
Versnellingsagenda Wonen 2024-2025
De Versnellingsagenda Wonen is een lokale uitwerking en aanscherping van de regionale Structuurvisie Wonen. Deze visie blijft onverkort van kracht. De Structuurvisie Wonen 2022 valt onder het overgangsrecht en blijft in werking totdat een Volkshuisvestingsprogramma in het kader van de Omgevingswet is vastgesteld. De Versnellingsagenda Wonen is sinds 2021 in Leudal het lokale afwegingskader voor nieuwe woningbouwplannen. Het college heeft op 11 juni 2024 opnieuw een aantal verruimingen doorgevoerd om zo de woningbouw in Leudal een nieuwe impuls te geven.
Ruimtelijke onderbouwing plan 6 woonappartementen Pietersplein 6-16, Roggel
30
SMA-Advies
De agenda bestaat uit 3 onderdelen. Deel één betreft de projectmatige woningbouw gericht op de grotere nieuwbouwontwikkelingen op strategische locaties in een dorp. Het tweede onderdeel “Transformatieplannen” geldt voor het omzetten van bestaand vastgoed (met publieksfuncties) naar wonen. Het derde onderdeel “Particuliere (ver)nieuwbouw” biedt mogelijkheden voor het splitsen van woningen, afsplitsen van tuinen en het invullen van losse kavels (in woongebieden). De gemeente heeft de Versnellingsagenda vastgesteld om de bouw van 750 woningen mogelijk te maken. De focus ligt op de betaalbare segmenten. Vooral met de grotere projectmatige ontwikkellocaties kan de gewenste versnelling worden bereikt. Daarnaast houdt men oog voor individuele woon(zorg)oplossingen en kansen om de bestaande voorraad te transformeren naar woningen die passen bij de veranderende woonwensen.. De prognoses van Etil 2021 en Etil 2023 gaan uit van een aanzienlijk hogere woningbehoefte ten opzichte van eerdere versies en een rond