CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

Sessie 1 - Amendement kadernota transitievisie Warmte Lelystad 2020-2050 - SP

Raadssessies (Presentatiezaal) 23 maart 2021, gemeente LelystadBij agendapunt: 354.Kadernota "op weg naar nieuwe energie in Lelystad”1.501 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Amendement Datum sessie: 9 maart 2021 Datum raadsvergadering: 23 maart 2021 Agendapunt: Onderwerp: 354 Kadernota nieuwe energie/spelregels Transitievisie Warmte Lelystad Ondergetekenden stellen voor het voorgestelde besluit als volgt te wijzigen: Het voorgestelde besluit vervalt en wordt vervangen door: De raad besluit: 1. kennis te nemen van de kadernota Transitievisie Warmte Lelystad 2020-2050 en de aangeboden versie van deze kadernota aan te passen aan de volgende (deel)besluiten; 2. de doelstelling voor de warmtetransitie is dat in 2050 in Lelystad voor warmte in de gebouwde omgeving geen gebruik meer gemaakt wordt van fossiele brandstoffen en biomassa; 3. hiervoor de volgende 3 subdoelen te stellen, van naast elkaar lopende trajecten: a. zoveel mogelijk energiebesparing door isolatie en besparingsmaatregelen; b. zoveel mogelijk energieopwekking door plaatsing van zonnepanelen en zonnecollectoren. c. biomassa als energiebron uitsluiten en afbouwen. 4. De volgende groepen kaders te hanteren: - Strategie / Transitievisie Warmte; - Het bepalen van de volgorde waarin wijken overgaan naar een aardgasloze energievoorziening; - De Wijkuitvoeringsplannen; - Het bieden van handelingsperspectief. - aanpak van de bestaande woningvoorraad voor de periode tot 2031 5. Ten dienste van “Strategie” de volgende kaders vast te stellen: a.

een aantal wijken wordt tot 2030 aangepakt conform het gestelde onder punt 6. Voor de overige wijken wordt handelingsperspectief geboden. b. de gemeente kiest voor een regie- en faciliterende rol bij de uitvoering; c. zij bevordert lokale initiatieven, informatieverstrekking en de onderlinge communicatie tussen inwoners en andere partijen met als doel het realiseren van de (sub)doelen onder 3.a en 3.b. d. er komt een separate aanpak voor woningen en grote bedrijven; e. bestaande woningen worden zoveel mogelijk naar een isolatieniveau gebracht dat verwarming door middel van een laagtemperatuursysteem mogelijk maakt. 1

f. nieuw te realiseren woningen hebben geen gasaansluiting; g. nieuwe woningen zijn zoveel mogelijk energieneutraal of energiepositief; h. reeds vergunde bouwprojecten die nog niet aan bovenstaande eisen voldoen, verleiden we om hierover alsnog afspraken te maken; i. de kosten van de verduurzamingsmaatregelen mogen niet hoger zijn dan de besparing op de energierekening. Dus woonlastenneutraal. Dit gerekend naar het prijsniveau van 1 januari 2021 exclusief inflatiecorrectie. j. duurzame alternatieven voor de warmtetransitie zonder fossiele brandstoffen en zonder biomassa, zoals restwarmte van bedrijven, aardwarmte, warmte en koude opslag in de bodem, riothermie, aquathermie en waterstof worden nader onderzocht. k. de gemeenteraad neemt een besluit over het al dan niet toepassen van aardwarmte als warmtebron voor de warmtetransitie in Lelystad; l. op basis van het onderzoek en het besluit bij i. brengen we de mogelijkheden en volgorde voor de warmtetransitie van de wijken in beeld; m. de daadwerkelijke transitie vindt eerst plaats nadat de raad een daartoe strekkend besluit heeft genomen; n. in overleg met de producenten van warmte in onze gemeente wordt ernaar gestreefd de uitfasering van het gebruik van biomassa te versnellen; o.

er wordt ingezet op het eerder sluiten van de huidige biomassacentrales door gebruik van minder CO2 uitstotende alternatieven, aardgas is hierbij een optie, indien deze wordt ingezet als transitiebrandstof; p. nieuwe biomassacentrales of capaciteitsuitbreiding van bestaande biomassacentrales zijn niet toegestaan. De huidige biomassacentrales worden niet zodanig (grootschalig) gerenoveerd dat daarmee de technische levensduur wordt verlengd; q. binnen de wettelijke mogelijkheden te streven naar scheiding van productie en warmtetransport/beheer van de warmtenetten; 6. Ten dienste van “Volgorde der Wijken” de volgende kaders vast te stellen: a. bij het bepalen van de volgorde der wijken wordt rekening gehouden met andere fysieke projecten in de stad; b. onderscheiden wordt de periode tot 2031 en de periode vanaf 2031 tot 2050, c. voor de periode tot 2031 richten wij ons op: i. buurten en wijken waar besparingsmaatregelen moeten worden genomen om klaar te zijn voor de daadwerkelijke warmtetransitie; ii. onderzocht wordt in welke wijken en buurten de grootste isolatiewinst te behalen is. (In termen van energiebesparing/CO2 reductie); iii. woningen en bedrijven die niet op korte termijn (<10 jaar) gesloopt zullen worden; iv. de rangschikking van de onderlinge volgorde van de wijken wordt bepaald op basis van de relatief grootste energiebesparing per woning; d.

voor de periode vanaf 2031 wordt een handelingsperspectief geboden; e. de raad stelt voor 2031, de volgorde der wijken voor de resterende periode vast; f. buurten die vooruit willen lopen op de gemeentelijke planning en dit op eigen kracht en binnen de kaders zelf kunnen organiseren, wordt daarvoor ruimte geboden. 7. Ten dienste van de Wijkuitvoeringsplannen de volgende kaders vast te stellen: a. de keuzes voor de voorkeursenergiesystemen, met name daar waar die een collectieve verplichting inhouden, zijn gebaseerd op criteria zoals gesteld in dit besluit en de hierop nog volgende door de gemeenteraad te nemen besluiten; b. op basis van de onder 6.c bepaalde volgorde der wijken beginnen we met kleine maatregelen, isoleren, ventileren en opwekken (zonnepanelen en/of zonnecollectoren); c. we vervolgen met de omschakeling naar elektrisch koken en starten met de warmtetransitie in de wijken waar geen warmtenet als oplossing noodzakelijk is; d. we gaan pas over tot de aanleg van nieuwe warmtenetten als de raad heeft vastgesteld dat de voorgesteld duurzame voeding van het warmtenet realiseerbaar en betaalbaar is; 2

e. de gemeente stelt (aanvullende) regels op ter voorkoming van overlast voor de omgeving als gevolg van uitstoot (luchtkwaliteit), geluidshinder, trillingen, enz ; f. er worden met bewoners/eigenaren “pilotwoningen” gerealiseerd, met name in buurten met veel eenvormige woningen, deze worden hierin (financieel) ondersteund. Dit om inzicht te verkrijgen in de technische en financiële mogelijkheden, de aanpak, de kosten en de besparingen; g. uit de technische bevindingen van de pilot en de ervaringen van de bewoners wordt tot de invulling van het aanbod gekomen; h. de transitie vindt voor de bewoners/eigenaren woonlastenneutraal plaats. Naast technische oplossingen aan bewoners/eigenaren ook financiële oplossingen geboden; i. de wijze waarop een bewoner participeert in de daadwerkelijke transitie, kan variëren van het ontvangen van informatie door de doe-het-zelver tot het compleet ontzorgd worden door zich aan te sluiten bij een collectief; j. de bewoners/eigenaren en bedrijven krijgen de ruimte voor een eigen individuele en/of collectieve oplossing mits deze geen gebruik maakt van een fossiele of op biomassa gebaseerde energiebron;. Wanneer zij dat realiseren worden zij niet verplicht om aan een algemene voorziening deel te nemen. Zij maken hier dan dus ook geen kosten voor; k. waar mogelijk werken we met lokale aanbieders van producten en diensten. 8.

Ten dienste van “handelingsperspectief” voor periode 2030 tot 2050 de volgende kaders vast te stellen: a. we geven ruimte voor individuele/collectieve initiatieven voor de warmtetransitie, aan inwoners/eigenaren in de wijken die in die periode 2030 tot 2050 gepland zijn, mits voldaan wordt aan de door de raad gestelde kaders; b. er komt inzicht in de maatregelen die door bewoners/eigenaren vooruitlopend op een wijkaanpak getroffen kunnen worden, zonder dat deze het deelnemen aan een algemeen aangeboden voorziening bij de warmtetransitie blokkeert; c. we informeren bewoners/eigenaren actief via een website samen met de transitieambassadeurs (zoals de bewoners van de pilotwoningen) over de ontwikkelingen van de warmtetransitie, de mogelijkheden tot het nemen van verduurzamende maatregelen en subsidie- en financieringsmogelijkheden. Dit amendement wordt Ingediend door: SP

InwonersPartij

VVD

FvdO

Alexander Sprong

Simon van Erk

Edwin Hers

Koen Dreesman

3

Toelichting: De afspraak is dat de raad geen rapporten vaststelt maar er kennis van neemt, tenzij dat juridisch onontkoombaar is. Dat laatste is naar de mening van de indieners niet het geval met de aangeboden kadernota. Zoals als antwoord op door ons eerder gestelde technische vragen door het college is gemeld, wordt de aangeboden versie van de kadernota aangepast aan de door amenderingen van het raadsvoorstel gewijzigde besluiten. De kosten van de verduurzamingsmaatregelen mogen niet hoger zijn dan de besparing op de energierekening. (woonlastenneutraal dus). Dit gerekend naar het prijsniveau van 1 januari 2021 exclusief inflatiecorrectie. Wij zijn tegen het gebruik van biomassa als verbrandingsmateriaal voor warmteopwekking. Het huidige gebruik van biomassa willen wij zo snel mogelijk afgebouwd zien. Wij zien het tijdelijk gebruik van aardgas als transitiebrandstof ter vervanging van het gebruik van biomassa als een optie. Het einddoel blijft fossiel- en biomassavrij in 2050. Warmtenetten  een warmtenet is zo duurzaam als de bron waarmee zij gevoed wordt.

 De exploitant van het betreffende warmtenet is een monopolist waar de huurder of eigenaar volledig afhankelijk van is;  de woningeigenaar heeft een langdurend contract van veelal 20 tot 30 jaar;  de warmtekosten van een warmtenet liggen veelal hoger dan in een vergelijkbare aardgassituatie; In veel gevallen vormen deze kosten een discussiepunt tussen bewoners/eigenaren en de warmteleverancier. (Over het ‘niet meer dan gas’ principe);  de consument kan dus geen andere leverancier kiezen als hij de prijs te hoog vindt of de service slecht blijkt;  de Warmtewet (2014) zou de consument moeten beschermen tegen te hoge energiekosten en een gegarandeerd warm huis en warmwater maar doet dat (in den lande) blijkbaar (nog) niet of onvoldoende; Van ons totale energieverbruik wordt het grootste deel gebruikt voor verwarming. De grootste CO2 reductie valt dan ook te behalen door het warmtegebruik te beperken. Daarom ligt het zwaartepunt voor de te kiezen maatregelen eerst bij het isoleren voor het treffen van overige maatregelen.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=6c0f2d95-3041-47e3-a59b-c0cc55e56f29