MPG_2025_14_MEI_2025_geheimhouding _Geredigeerd
Tekst van het document
12. GRONDEXPLOITATIE IN DE PRAKTIJK Hieronder volgt een uitgeklede versie van een grondexploitatie. De boekwaarde is de optelsom van de gerealiseerde kosten en opbrengsten. Verder zijn er nog opbrengsten en kosten die nog moeten worden gerealiseerd. De nog te realiseren opbrengsten en kosten worden in de tijd uitgezet/geschat. Over de kosten en opbrengsten wordt rente berekend. De getallen en de verhouding tussen de getallen in de onderstaande grondexploitatie, zijn willekeurig. Totaal
Te realiseren
Boekwaarde
2022
2023
KOSTEN
100
50
50
25
25
Grondverwerving
10
0
10
0
0
Bouwrijp
25
10
15
5
5
Planvoorbereiding
20
5
15
3
2
Bodemonderzoek
3
0
3
0
0
Infrastructuur
10
3
7
2
1
Woonrijp
32
32
0
15
17
Totaal
Te realiseren
Boekwaarde
2022
2023
50
100
25
25
OPBRENGSTEN
150
Woningbouw
150
Kosten
100
Opbrengsten
150
Kostenstijging
6
6
3
3
Opbrengstenstijging
10
10
5
5
Rente over kosten
3
3
1,5
1,5
Rente over opbrengsten
6
6
3
3
Stand (resultaat)
Kosten (nominaal) • Er is 100 aan kosten begroot over de gehele looptijd. • Van deze 100 moet nog 50 worden gerealiseerd over de resterende looptijd. • Er is reeds 50 gerealiseerd en staat dus onder de noemer boekwaarde. • De schatting is dat er 25 aan kosten wordt gerealiseerd in 2022 en 25 in 2023. • De kosten zijn onder te verdelen in de posten grondverwerving, bouwrijp maken, planvoorbereiding, bodemonderzoek, infrastructuur en woonrijp maken. • De grondverwerving is gerealiseerd. Het totaal bedrag van 10 is dus de boekwaarde. • Het bouwrijp maken is voor 15 gerealiseerd (en staat dus onder boekwaarde). Er moet nog 10 worden gerealiseerd in de jaren 2022 en 2023. De verdeling is 5 in 2022 en ook 5 in 2023. • De overige posten gaan op dezelfde wijze als hiervoor beschreven. Opbrengsten (nominaal) • Er is 150 aan opbrengsten begroot over de gehele looptijd. • Deze exploitatie omvat alleen een woningbouwprogramma. • Van deze 150 aan opbrengst is 100 gerealiseerd (en staat dus onder boekwaarde). Van de 50 die nog moet worden gerealiseerd, is geprognosticeerd dat in 2022 een opbrengst wordt genoten van 25 en in 2023 nogmaals 25. Kostenstijging (om zodoende de reële waarde te bereiken) • Zoals geconstateerd, zijn de kosten van 100 nominale bedragen. Dus als op dit moment alle investeringen zouden worden gedaan, is daarvoor 100 nodig.
Omdat er echter sprake is van inflatie, worden de kosten met een percentage verhoogd, omdat de kosten niet op dit moment worden gemaakt, maar in de toekomst. In de begroting wordt over de resterende looptijd een totale kostenstijging voorzien van 6 en verdeeld over de jaren 2022 (3) en 2023 (ook 3). Opbrengstenstijging (om zodoende de reële waarde te bereiken) • Doordat de grondprijzen naar verwachting zullen stijgen, wordt er een verhoging van de opbrengst in 2022 en 2023 begroot van in totaal 10. Rente over kosten (om zodoende van de reële waarde tot de eindwaarde te komen) • Omdat over de kosten rente moet worden betaald, zal er nog een post van 3 worden opgenomen voor nog te betalen rente. Rente over opbrengsten (om zodoende van de reële waarde tot de eindwaarde te komen) • Er wordt een post van 6 opgenomen voor de rente die wordt genoten over de opbrengsten. Stand/resultaat (=saldo) op Eindwaarde • De stand oftewel het resultaat, geeft weer het saldo van de totaal geraamde kosten en opbrengsten aan het einde van de looptijd met daarbij dus meegenomen de kosten- en opbrengstenstijging en de rente over de resterende jaren 2022 en 2023.
57 (-100 + 150 - 6 + 10 - 3 + 6)
Saldo (resultaat) op Nominale Waarde 50 (als alles wordt gerealiseerd op dit moment) Saldo (resultaat) op Eindwaarde 57 (nominale waarde + kosten/opbrengststijging + rente) Saldo (resultaat) op Netto Contante Waarde 55 eindwaarde contant gemaakt tegen 2% disconteringsvoet)
Saldo (=resultaat) op nominale waarde • Het saldo op nominale waarde is het bedrag dat aan resultaat wordt geboekt als op dit moment alle activiteiten zouden worden uitgevoerd (dus als alle investeringen op dit moment zouden worden gedaan en alle opbrengsten op dit moment zouden worden ontvangen). Saldo (=resultaat) op Netto Contante Waarde • Het resultaat op eindwaarde wordt contant gemaakt tegen 2% disconteringsvoet.
Er kan een aantal constateringen worden gedaan na bestudering van de grondexploitatie: Looptijd • De looptijd is nog relatief kort, er is geprognosticeerd dat in 2023 de grondexploitatie wordt gesloten. In 2023 zijn dus naar verwachting alle opbrengsten en kosten gerealiseerd.
28
Bijlage 1
Introductie Systematiek grondexplotaties / MPG
29
Bouwrijp maken Het betreft hier een langjarige grondexploitatie waar de bouwrijp kosten gelijkmatig zijn gefaseerd. Deze inschatting wordt gemaakt door de projectmanager. De bouwrijp kosten die in 2024 niet zijn gemaakt, schuiven een jaar door en worden dus nog gemaakt.
Verschillenanalyse Jaarschijf 2024
Grondverwerving Er zijn minder kosten gerealiseerd. Het lijkt een restant te zijn dat niet meer nodig is voor verwerving aangezien alle gronden inmiddels in eigendom zijn. Indien het alternatief met aankoop van gronden van Staatsbosbeheer doorgang vindt, wordt het financiële plaatje verwerkt via een herziening van de grex. Houtribhoogte
VERSCHILLENANALYSE JAARSCHIJF 2024 (> € 350.000,-) Hieronder volgt de verschillenanalyse aangaande de opbrengsten en kosten in de jaarschijf 2024 voor zover deze een afwijking (positief en negatief) van € 350.000,- of meer betreffen. Dit betreft dus de exploitaties anders dan de hiervoor geanalyseerde exploitaties. Er wordt dus een verklaring gegeven waarom bepaalde opbrengsten en kosten hoger of lager zijn uitgevallen dan aanvankelijk geprognosticeerd betreffende het jaar 2024. Tijdelijke school Warande deelgebied 3
Bouwijp maken Er heeft intensief overleg plaatsgevonden tussen de ontwikkelaar Van Wijnen, de bewoners en de gemeente inzake het mandelig gebied en het wel of niet toevoegen van extra woningen (appartementen) in het plangebied. Daardoor is er vertraging ontstaan in de ontwikkeling, inmiddels zijn de werkzaamheden weer opgestart. De kosten voor 2024 schuiven door. Diverse opbrengsten €
Opbrengsten
Zie het hiervoor genoemde, de overige opbrengsten worden doorgeschoven. De opbrengsten komen uit het Integraal Huisvestingplan (IHP) en zijn gebaseerd op de werkelijke kosten. De kosten worden ieder jaar geïndexeerd. De uitkering vindt plaats bij definitieve realisatie van alle gemaakte kosten.
Opbrengst verkopen woningen €
Tijdelijke school Warande deelgebied 2
Zie het hiervoor genoemde, de opbrengsten van de verkopen worden ook doorgeschoven.
Opbrengsten
Larserplein
De opbrengsten komen uit het Integraal Huisvestingplan (IHP) en zijn gebaseerd op de werkelijke kosten. De kosten worden ieder jaar geïndexeerd. De uitkering vindt plaats bij definitieve realisatie van alle gemaakte kosten.
Terreinafwerking €
Campus Midden Centrada
Door meerdere wisselingen in het projectmanagement is er vertraging ontstaan in het project waardoor ook minder kosten zijn gemaakt dan begroot.
Bouwrijp maken en overige kosten
Larserpoort
De bijdrage aan parkeren van Centrada is begroot op en is verwerkt onder ‘overige kosten’. Het restant voor de uitvoering van de realisatie van het water nabij gebouw B wordt doorgeschoven naar 2025.
Opbrengsten €
De Veste 10
In 2024 is er een grote kaveluitgifte geweest waardoor er eenmalig een hoger bedrag is ontvangen ten opzicht van datgene wat langjarig als rekenkundig gemiddelde was geprognosticeerd.
Opbrengsten €
Oostervaart Oost
De oorspronkelijke planning was dat de grond in 2024 geleverd zou worden. De geplande levering gaat echter plaatsvinden in 2025 omdat de tenderprocedure langer heeft geduurd dan verwacht en er nog aanvullende afspraken met de winnende partij moesten worden gemaakt. De verkoopprijs ligt € 2,6 miljoen hoger dan eerder begroot doordat de winnende partij zich voor een hoger bedrag heeft ingeschreven dan aanvankelijk was voorzien.
Opbrengsten
Zuiderpoort
Er zijn minder opbrengsten geweest dan aanvankelijk geprognosticeerd. Op dit bedrijventerrein is sprake van een hogere milieucategorie (industrie) waardoor het een specifiek marktsegment betreft, waardoor fluctuaties niet uit te sluiten zijn. Op Oostervaart Oost is nog een aantal kavel uit te geven met een grootte van tussen de 0,7 ha en 2,1 ha.
Opbrengsten Er zijn minder kavels verkocht, dit in tegenstelling tot voorgaande jaren waar juist meer is verkocht dan begroot.
68
Bijlage 2
Verschillenanalyse
69
troffen. Indien de exploitaties negatief blijven doordat de vraag niet aantrekt en op termijn worden gesloten, zullen de negatieve saldi ten laste van het resultaat worden gebracht. Dat kan aanzienlijke financiële impact impliceren. In de bedrijfsvoering worden nauwlettend de projecten gevolgd die in voorbereiding zijn.
Bijlage 3
Exploitaties in voorbereiding algemeen Lelystad en de grote woningbouwopgave In de Woonvisie Lelystad 2022-2027 is de woningbouwopgave in Lelystad uitgewerkt. Uit het woonbehoefteonderzoek (Woonbehoefte Lelystad, Stec Groep, 2 april 2021) wordt duidelijk dat Lelystad tot 2040 een autonome groei kent van zo’n 7.700 huishoudens, waarvoor evenzoveel woningen nodig zijn om hen te huisvesten. Vanuit het programmaplan LNL wordt aangehaakt bij de ambitie om tot 2040 te groeien met zo’n 7.300 extra woningen, dus 15.000 toevoegingen tot 2040. Door de urgentie van het landelijke woningbouwtekort, de ruimte die Lelystad heeft én de (groei)ambities van Lelystad, ontstaat er druk om de woningambitie verder te verhogen. De raad heeft hiertoe een amendement aangenomen met de ambitie om met 40.000 nieuwe woningen te groeien. De nieuwbouw van woningen in Lelystad is er op gericht om de komende jaren voldoendewoningen te bouwen voor eigen inwoners en aanvullend woningen toe te voegen voor het opvangen van het regionale en landelijke woningtekort. In de Woondeal MRA (maart 2023) is opgenomen dat Lelystad – als onderdeel van de totale benodigde woningbouw in de MRA – in de periode tot en met 2030 ca. 10.200 nieuwe woningen zal realiseren.
Om de woningbouwopgave te realiseren is een verhoging van het bouwtempo nodig en werkt de gemeente Lelystad samen met de bouwsector - aan het toevoegen en gezamenlijk ontwikkelen van nieuwe woningbouwlocaties. Voor de concrete invulling van de (extra) woningbouwlocaties laat de gemeente periodiek woningmarktonderzoek uitvoeren. Naast de regionale woningbehoefteonderzoeken binnen MRA-verband (o.a. WiMRA), betreft dit ook eigen onderzoek in opdracht van de gemeente zelf. Daarnaast wordt het lokale netwerk - onder meer via het OBL (Overlegorgaan Bouwsector Lelystad) - benut om de ontwikkelingen in de markt te monitoren. Voorbereidingskredieten (plankosten) en nog vast te stellen exploitaties Inmiddels is een groot aantal exploitaties in voorbereiding met een geprognosticeerde productiecapaciteit van ca. 10.000 woningen t/m 2030 (zie ook paragraaf 1.6). Hiervoor zijn de nodige voorbereidingskredieten toegekend ter dekking van onder meer de plankosten. Onder meer de plankosten die worden gemaakt als voorbereiding op een te openen grondexploitatie, worden middels voorbereidingskredieten gefinancierd. Normaliter worden deze voorbereidingskosten als historische kosten in de vast te stellen grondexploitatie opgenomen en worden deze terugverdiend met de verkoop en levering van de bouwrijpe grond.
Mogelijke risico’s en risicobeheersing Voorbereidingskredieten worden geboekt onder immateriële activa. Conform recente BBV-regelgeving mag hiervoor na vijf jaar een voorziening worden gevormd, waardoor deze kosten later nog kunnen worden ingebracht als de raad tot een grondexploitatie heeft besloten. Een financieel risico ontstaat in het geval dat exploitaties in voorbereiding - ondanks tegenvallende marktvraag - toch worden omgezet in vast te stellen grondexploitaties. De kosten van personeel om projecten/ exploitaties draaiende te houden, lopen immers gewoon door. Voor de verliesgevende exploitaties worden voorzieningen ge-
70
Bijlage 3
In ogenschouw moet worden genomen dat de grondexploitaties ‘wonen’ in Lelystad in z’n algemeenheid wordt gekenmerkt door weinig marge, waardoor tegenvallers na vaststelling van de exploitaties relatief snel leiden tot het treffen van voorzieningen. Voor sommige projecten geldt dat bij vaststelling van de grondexploitatie al een voorziening wordt getroffen. Daarom blijft monitoring van zowel de vraagkant als de aanbodkant van de woningmarkt de komende jaren zeer belangrijk. Naast periodiek onderzoek naar de woningbehoefte is hiervoor ook een goede monitoring van de planvoorraad noodzakelijk. Daarvoor wordt per kwartaal een actueel overzicht opgesteld, van zowel de gemeentelijke locaties – waarvoor wel/ geen voorbereidingskrediet of grondexploitatie wordt vastgesteld – als ook het aandeel particuliere woningbouwprojecten. Druk op financiële houdbaarheid van kostenverhaal en grondopbrengsten Het principe dat gemeentelijke kosten primair gedekt worden uit grondopbrengsten of via kostenverhaal bij derden zoals beschreven is in paragraaf 1.6, staat steeds meer onder druk. In de praktijk blijken onrendabele toppen in gebiedsontwikkeling een groeiend probleem, waardoor gewenste ontwikkelingen niet of onvoldoende te realiseren zijn. De landelijke tendens is dat grondexploitaties voor woningbouw in meerderheid niet meer financieel haalbaar zijn.
Dit is niet alleen een lokaal vraagstuk, maar een landelijk knelpunt dat de haalbaarheid van woningbouw, infrastructuur en duurzame stedelijke ontwikkeling beïnvloedt. Een aantal structurele factoren draagt bij aan de financiële druk: 1. Stijgende kosten voor gebiedsontwikkeling De kosten voor bouwrijp maken, infrastructuur en bovenwijkse voorzieningen nemen door strengere milieu- en duurzaamheidsnormen (kan gekoppeld zijn aan vergunningseisen) de kosten voor warmtenetten, hogere bouwkosten en complexere regelgeving steeds verder toe. Binnenstedelijke transformaties verhogen deze kosten verder door kostbare verwervingen, sloop, sanering en noodzakelijke infrastructuur. Landelijk is de trend waarneembaar dus ook in Lelystad - dat de kosten van (gebouwd) parkeren in grote mate bijdragen aan de steeds verder stijgende kosten voor gebiedsontwikkeling. 2. Mogelijke afname van residuele grondwaarden Ondanks stijgende grondprijzen, kunnen residuele grondwaarden onder druk komen te staan. Enerzijds kan dit worden veroorzaakt door hogere eisen aan duurzaamheid, innovatie, ruimtelijke kwaliteit en de aandacht voor voldoende voorzieningen in wijken. Anderzijds kan door maatregelen die de betaalbaarheid van woningen moeten bevorderen, het opbrengstpotentieel onder druk komen te staan. Dit speelt landelijk en dus ook in Lelystad.
Een combinatie van kostenverhogende eisen zoals een minimale woonoppervlakte en de hiervoor genoemde maximale Vrij Op Naam prijzen, werkt door in de residuele grondwaarde. Er zou zelf sprake kunnen zijn van een negatieve residuele grondwaarde. Hierdoor verdwijnen opbrengsten in de gemeentelijke grondexploitaties. Kortom: er is dus sprake van een tendens van toenemende kosten in gebiedsontwikkelingen en het opbrengstpotentieel dat onder druk staat. 3. Lange doorlooptijd van gebiedsontwikkelingen Doordat gebiedsontwikkelingen langjarige ontwikkelingen zijn, kan gedurende de looptijd sprake zijn van schommelingen in economische conjunctuur, juridische procedures en/ of veranderingen in het (landelijk) beleid. Dit kan grote gevolgen hebben voor de financiële resultaten doordat vertragingen in ontwikkelingen zorgen voor toenemende rentekosten, inflatie en plankosten. Voor Lelystad is buiten deze drie hoofdredenen waardoor onrendabele toppen kunnen worden veroorzaakt, nog van belang dat er sprake is van een buitengewoon forse groeiopgave waardoor tijdig moet worden geïnvesteerd in grondposities, maar vooral in projectmedewerkers die de ontwikkelingen kunnen begeleiden.
Dit betekent dat Lelystad zowel vooruitlopend op de feitelijke gebiedsontwikkeling kosten maakt die hieronder zijn weergegeven in het overzicht van de voorbereidingskredieten als wanneer de grondexploitaties door de raad zijn vastgesteld.
Exploitaties in voorbereiding algemeen
71
Kerngegevens exploitaties in voorbereiding
2. Waterfront Ingangsdatum krediet: juni 2023 Locatie: aan de kust lopend vanaf de voormalige locaties Meerdijkhaven/ Graansteiger tot de zendmast (ten noorden van Bataviastad). Programma: leisure programma in het noorden van het gebied in combinatie met woningbouw (maximaal 3.000 eenheden) op de voormalige locaties Meerdijkhaven en Graansteiger en de resterende woningbouw in Bataviahaven (blok 3-5) met ca. 276 woningen. Hoogte voorbereidingskrediet: € 2.100.000,-. (€ 386.000,- resterend).
1. SGL (voormalig sportveld)
Fasering: 2024 planning openen BIE. Start bouw op z’n vroegst 2028 met een verwachte doorlooptijd tot en met 2035. De woningbouw in Bataviahaven zal binnen enkele jaren kunnen starten.
Ingangsdatum krediet: februari 2024 Locatie: gelegen tussen de Zuigerplasdreef en Houtribdreef. Programma: deze locatie is aangemerkt als ‘turbolocatie’ voor woningbouw en CPO. Het betreft de ontwikkeling van maximaal 29 levensloopbestendige woningen (exclusief maatschappelijk hofhuis) van CPO Knarrenhof en ca. 177 sociale huurwoningen van Centrada.
Bijzonderheden: in december 2023 is het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd. Hier is tevens een beleidsregel kostenverhaal voor opgesteld. Het risico voor dit project bestaat erin dat het Rijk in de basis een negatieve grondhouding inneemt tegenover landaanwinning. De Staat is tevens grondeigenaar van deze wateren. In dit plangebied liggen tevens de actieve grondexploitaties Bataviastad, Bataviahaven (gedeeltelijk) en een klein gedeelte van Noordersluis. Deze grondexploitaties worden in 2025 (deels) opgenomen in de nieuwe grex Bataviakwartier. Een aantal grondexploitaties wordt daardoor tegelijkertijd herzien.
In 2023 is voor deze locatie een haalbaarheidsstudie uitgevoerd voor de realisatie van tijdelijke woningen. Dit bleek financieel onhaalbaar. In het collegebesluit van 6 februari 2024 is het project ‘tijdelijke woningen’ afgesloten en het voorbereidingskrediet afgeboekt. In datzelfde besluit is door het college een voorbereidingskrediet van € 50.000,- verleend om een plan uit te werken dat ziet op permanente woningbouw (CPO-locatie samen met Centrada). Tussentijds moet op deze locatie de tijdelijke school worden gerealiseerd voor een gebruiksperiode van circa 2 jaar. Om de haalbaarheid van deze ontwikkelingen inzichtelijk te maken, zou een GREX worden opgesteld, die uiteindelijk door de raad wordt vastgesteld.
In het totale plangebied waterfront is sprake van diverse grondeigenaren en belanghebbenden zoals de staat en het waterschap. Deze partijen zijn met name nodig om de landaanwinning ten behoeve van woningbouw op de voormalige locatie Meerdijkhaven/ Graansteiger en de boulevard in het leisure gebied mogelijk te maken. Verder zijn met name Bataviastad, Batavialand en de provincie gesprekspartners voor de verdere ontwikkeling van dit gebied.
Hoogte voorbereidingskrediet: tot en met einde 2024 is er circa € 115.000,- besteed en is het voorbereidingskrediet met € 65.000,- overschreden. Daarvoor zijn diverse redenen: - Het oorspronkelijke plan om vooruitlopend op de permanente woningbouwontwikkeling een tijdelijke school (De Boeier) op de sportvelden te realiseren is met de vaststelling van het IHP-onderwijs jaarprogramma 2024-2025 komen te vervallen. - Gedurende de haalbaarheidsfase is ook de komst van een moskee binnen het SGL-gebied verkend. Op 17 december 2024 is de raad geïnformeerd over de beëindiging van het proces rond de grondruil. - Verder hebben tussentijds diverse wijzigingen in het projectmanagement plaatsgevonden.
Ingangsdatum krediet: juli 2023
Het voorstel is om het tekort van € 65.000,- af te boeken bij de jaarrekening 2024, omdat voorgaande kosten niet (meer) dienstbaar zijn aan de locatieontwikkeling.
3. Stadshart Zilverpark West
Locatie: centrum. Hoogte voorbereidingskrediet: € 500.000,- (€ 490.000,- resterend). Bijzonderheden: komt uit kadernota 2024. Het stationsgebied staat aan de vooravond van een metamorfose. Zo wordt er een herdenkingsplek ingericht aan de Zilverparkkade en komt er een skatepark. Om ruimte te creëren voor dit project is het verder noodzakelijk dat de rotonde nabij het ziekenhuis wordt omgevormd tot een T-splitsing. Verder wordt er gewerkt aan het bus eiland en zijn er aanpassingen noodzakelijk aan de ondergrondse
Er wordt op het moment van schrijven aan een constructieve samenwerking met CPO Knarrenhof en Centrada gewerkt, aan een nota van uitgangspunten en het openen van een GREX. De verwachting is dat dit document voor de zomer 2025 ter besluitvorming aan de raad kan worden voorgelegd.
4. Stadshart De Trommel
Zoals aangekondigd in het collegebesluit van 6 februari 2024 wordt bij de raad een aanvullend voorbereidingskrediet gevraagd om tot afronding van de toegezegde haalbaarheidsanalyse, nota van uitgangspunten en een GREX te komen. De inschatting is dat hiervoor nog circa € 100.000,- nodig is voor uren, onderzoek en ontwerp. Het totaal aan voorbereidingskrediet wordt na opening ten laste van de GREX gebracht.
Locatie: centrum.
Fasering: indicatie start bouw eind 2026.
Hoogte voorbereidingskrediet: € 430.000,- (€ 280.000,- resterend). Fasering: indicatie start bouw 2026/ 2027. Bijzonderheden: er is een tender in voorbereiding.
Bijzonderheden: Geen.
72
Ingangsdatum krediet: september 2023
Bijlage 3
Kerngegevens exploitaties in voorbereiding
73
5. De Akker Binnenhavenweg
8. Fjord Centrada
Ingangsdatum krediet: juli 2021
Ingangsdatum krediet: september 2024
Locatie: gelegen aan de Binnenhaven en de Zuigerplasdreef.
Locatie: Fjord, naast huidige locatie IDO.
Programma: 550 woningen in de mix.
Programma: sociale huurwoningen (Centrada) en nieuwe onderkomen voor IDO (uitbreiding woningbouw en verduurzaming en verbetering gemeentelijk vastgoed).
Hoogte voorbereidingskrediet: € 567.000,- betreffende acht projecten. Het deelbudget voor De (kleine) Akker is inmiddels uitgenut. De ontwikkeling is tijdens de verkenningsfase uitgebreid qua aantal woningen/ grootte van het project en heeft een nieuw voorbereidingskrediet nodig om het project voort te zetten. Het betreft het voorbereidingskrediet ‘potentiële woningbouwlocaties’ (raadsbesluit 171 d.d. 6 juli 2021).
Hoogte voorbereidingskrediet: € 48.000,- (er wordt nog een grex ter besluitvorming voorgelegd en een investeringskrediet aangevraagd). Tot op heden is er € 25.000,- aan kosten gemaakt. Fasering: indicatie start bouw medio 2026.
Fasering: indicatie start bouw 2026. Bijzonderheden: het betreft een locatie waar de gemeente en twee particuliere eigenaren grondposities (agrarisch gebruik) hebben en is aangewezen als turbolocatie woningbouw inclusief de mogelijkheid voor een CPO initiatief. Iedere particuliere eigenaar heeft een ontwikkelaar gecontracteerd. Het CPO initiatief heeft grond toegewezen gekregen op perceel 562 van de ontwikkelpartij. Het gemeentelijk perceel is toegewezen aan Centrada ten behoeve van sociale woningbouw.
Bijzonderheden: het project bevindt zich in de initiatieffase/ definitiefase, de raad moet nog een besluit nemen over het gecombineerde plan. Er moeten nog afspraken met Centrada worden gemaakt over bijvoorbeeld de eigendomsconstructie. Ook moet met IDO overeenstemming worden bereikt over onder meer het programma van eisen en de huurprijs. 9. Voorhof Centrada
6. Zuiderhage
Ingangsdatum krediet: september 2024
Ingangsdatum krediet: augustus 2023
Locatie: Voorhof, noordzijde van het geplande nieuwe kindcentrum.
Locatie: Lelystad Zuid nabij Warande 1e deelgebied.
Programma: sociale huurwoningen (Centrada) en nieuw onderkomen voor wijkvoorziening Het Palet (zijnde de uitbreiding van woningbouw en verduurzaming en verbetering van gemeentelijk vastgoed).
Hoogte voorbereidingskrediet: € 2.838.000,- (€ 655.000,- resterend). Bijzonderheden: op 19 januari 2024 hebben diverse stakeholders de bestuursovereenkomst ‘ontwikkeling grootschalige woningbouw ZuiderC’ gesloten. Op 27 september 2024 is met het Rijksvastgoedbedrijf als grondeigenaar van ca. 90% van de gronden een samenwerkingsovereenkomst gesloten. Op 4 november 2024 is de werknaam ‘ZuiderC’ vervallen en is vervangen door ‘Zuiderhage’. De afspraak is gemaakt dat het Rijksvastgoedbedrijf de businesscase voor ‘Zuiderhage’ periodiek actualiseert en dat er eenmaal per jaar onderling wordt afgerekend conform de afspraken in de samenwerkingsovereenkomst. Op het moment van schrijven is onbekend hoe dit in de gemeentelijke financiën wordt verwerkt. De gesprekken hierover zijn nog lopend. 7. Skatepark Lelystad Haven Ingangsdatum krediet: juli 2021
Fasering: indicatie start bouw Q4 2026. Bijzonderheden: het project bevindt zich in de initiatieffase/ definitiefase, de plan moet nog een besluit nemen over het gecombineerde plan. Er moeten nog afspraken worden gemaakt over onder andere de eigendomsconstructie. Ook moet er met Het Palet overeenstemming worden bereikt over onder andere het programma van eisen en de huurprijs. Wat planning betreft is dit project zeer afhankelijk van de planning en realisatie van het kindcentrum. Een vertraging bij het kindcentrum zal de uitvoering van dit project vertragen. 10. CPO Wold
Locatie: gelegen in de wijk Lelystad Haven aan de Binnendijk.
Ingangsdatum krediet: 17 december 2024
Programma: sociale huurwoningen (Centrada). Hoogte voorbereidingskrediet: € 567.000,- betreffende acht projecten. Van dit budget is tot heden € 283.000,- benut voor dit project. Het betreft het voorbereidingskrediet ‘potentiële woningbouwlocaties’ (raadsbesluit 171 d.d. 6 juli 2021). Fasering: indicatie start bouw 2025. Bijzonderheden: er is nog geen sprake van een onherroepelijk bestemmingsplan. Het project is gestart met de intentie om de ontwikkeling in gezamenlijkheid met Centrada en Groupius wonen vorm te geven. Momenteel is de status dat alleen Centrada participeert in de ontwikkeling.
74
Hoogte voorbereidingskrediet: € 49.500,- (er wordt nog een investeringskrediet aangevraagd en de grex wordt ter besluitvorming voorgelegd aan de raad). Tot op heden is er € 21.000,- aan kosten gemaakt.
Bijlage 3
Locatie: Woldpad (Wold). Programma: 11 koopappartementen (CPO). Hoogte voorbereidingskrediet: € 34.000,-. Fasering: indicatie start bouw Q2 2026. Bijzonderheden: er wordt gewerkt aan een reserveringsovereenkomst.
Kerngegevens exploitaties in voorbereiding
75