BL Programmabegroting 2025 - 2028 (na raadsbehandeling)
Tekst van het document
Voor 2025 zal dit onder andere betrekking hebben op uitvoering van het Intgraal Huisvestingsplan Sport (IHP Sport) dat in juli 2024 door de raad is vastgesteld. Daarnaast vervult de N.V. Sportbedrijf Lelystad ook een rol in voorbereiding van nieuwe ontwikkelingen zoals sportpark ZuiderC en de nieuwe sporthal Rietlanden III. Gerelateerde beleidsnota's Sport- en beweegvisie 2023-2030
Gerelateerde verbonden partijen -
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
41
5.3
Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
Hoofdopgave raadsakkoord: 6. Voorzieningen Portefeuillehouder(s): S. Kruis Portefeuillehouder(s): Onderdeel begrotingsmonitor:
Nee
Lasten Baten
2025 -5.512 293
2026 -5.472 293
Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:
Bedrag x €1.000
2027 -5.796 293
2028 -5.744 293
Gemeentelijk [ 100 % ] [0%]
Context De gemeente heeft geen specifieke wettelijke verplichting met betrekking tot het lokale cultuurbeleid. Wel is er een grondwettelijke taak voor de overheid om voorwaarden te scheppen voor maatschappelijke en culturele ontplooing en voor vrijetijdsbesteding. Op 25 april 2023 heeft de raad met het vaststellen van de Cultuurvisie, het gemeentelijk cultuurbeleid tot aan 2030 vastgesteld. Daarmee heeft de gemeenteraad aangegeven wat zij als de belangrijke beleidslijnen ziet voor het gemeentelijk cultuurbeleid voor de komende jaren. De komende jaren wil het cultuurbeleid inspelen op de verwacht biedt voor de groei van de stad, op een breder bereik van culturele activiteiten en vooral ook op de verbindende kracht van kunst en cultuur. En de mogelijkheden die kunst en cultuur biedt voor persoonlijke ontwikkeling. Naast de professionele culturele instellingen, maken ook andere culturele organisaties en initiatieven en amateurkunstorganisaties deel uit van het lokale culturele voorzieningenniveau. Wat willen we bereiken? Met het cultuurbeleid willen we bijdragen aan aan de kernopgaven van de stad. Enerzijds omdat goede culturele voorzieningen zorgen voor de aantrekkelijkheid van stad.
Maar ook omdat veel waarde wordt gehecht aan de ontwikkel- en ontmoetingsfunctie die kunst en cultuur inwoners bieden, en aan de diversiteit van het culturele aanbod zodat verschillende inwoners zich hiermee verbonden voelen. Lelystad wil zo een stad zijn die inspireert, prikkelt en uitdaagt met culturele programma’s voor alle leeftijden, leefstijlen en interesses en met culturele activiteiten voor en door inwoners in elke wijk van de stad. Wat gaan we daarvoor doen? Om zo veel mogelijk inwoners te bereiken, wordt ingezet op het betrekken van nieuwe doelgroepen bij het culturele leven in Lelystad, het versterken van de samenwerking tussen cultuurorganisaties en andere maatschappelijke sectoren en op een verbreding van het cultuuraanbod voor jongeren. Er is aandacht voor meer cultuuraanbod in de wijken, afgestemd op de behoefte per wijk. Daarnaast komt er meer ruimte voor cultureel ondernemerschap. De culturele infrastructuur wordt afgestemd op de verwachte groei van de stad, ondermeer met een volwaardig poppodium. Daarnaast worden in 2025 begrotingssubsidies verleend aan diverse culturele organisaties waaronder de stichting Agora, de stichting Corneel en de stichting CKC De Kubus. Tevens worden er projectsubsidies verleend ten behoeve van verschillende culturele initatieven zoals festivals en voor amateurkunst. Gerelateerde beleidsnota's Beleidsvisie cultuur 2024 - 2030
Gerelateerde verbonden partijen -
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
42
5.4
Musea
Hoofdopgave raadsakkoord: Portefeuillehouder(s): S. Kruis Portefeuillehouder(s): Onderdeel begrotingsmonitor 2024:
Lasten Baten
Nee
2025 -
2026 -
Bedrag x €1.000
2027 -
Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:
2028 -
-
Context Tot dit taakveld behoren de lasten en baten die te maken hebben met musea, exposities, archeologie, heemkunde of historische archieven. De gemeente Lelystad exploiteert of subsidieert op dit moment niet dit soort activiteiten, wat maakt dat dit taakveld niet van toepassing is. Binnen dit taakveld is er wel sprake van een verbonden partij, zijnde de stichting Uiver Constellation. Met de deelname in deze stichting heeft de gemeente samen met andere partners het recht op de exploitatie van de vliegtuigen Uiver en Constellation verkregen, waarmee de stichting destijds heeft bijgedragen aan het behoud van het Aviodrome voor Lelystad. Batavialand valt primair niet onder de verantwoordelijkheid van de gemeente. Dit is een verantwoordelijkheid van de provincie en het rijk. Vanuit de relatie met de stad is op onderdelen projectmatige samenwerking mogelijk. Wat willen we bereiken? E zijn in Lelystad geen door de gemeente gesubsidieerde musea of presentatieinstellingen op het gebied van beeldende kunst, archeologie, heemkunde of historische archieven. Er worden wel incidentele subsidies verleend voor tijdelijke presentaties en manifestaties op het gebied van beeldende kunst en vormgeving, maar die vallen buiten het kader van museaal beleid.
Bij de evaluatie van het culturele klimaat in de stad is geconcludeerd dat het huidige voorzieningenniveau op gebied van beeldende kunst beperkt is. Er zijn weinig expositiemogelijkheden en er is een summier aanbod aan ateliers en werkruimten. Daardoor zijn er niet veel kunstenaars die Lelystad als uitvalsbasis of vestigingsplaats kiezen. De stad mist een goed podium voor de beeldende kunst en vormgeving. Een instelling dat niet louter een faciliterende functie voor beeldende kunst heeft, maar midden in de samenleving staat en vanuit artistiek perspectief een bijdrage kan leveren aan dynamiek van de stad. Het ringenmodel van de VNG toont dat gemeenten met meer dan 100.000 inwoners veelal beschikken over een kunstmuseum of kunsthal. Zo’n instelling heeft daarbij vooral een bovenlokale functie omdat de meeste bezoekers uit het gehele land en daarbuiten komen. In het licht van de groeiambitie van de stad zal worden onderzocht of een (museale) kunstvoorziening/podium of kunsthal voor beeldende kunst een adequate bijdrage kan leveren aan het culturele klimaat en de ontwikkeling van de stad als toeristische bestemming. Wat gaan we daarvoor doen? Er is in 2024 onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor een adequate presentatievoorziening voor de beeldende kunst.
Op grond van de uitkomsten van dit onderzoek wordt in 2025 gekeken op welke wijze een presentatieinstelling kan worden ingericht die goed aansluit bij het culturele ecosysteem van de stad. Met Batavialand vindt afstemming plaats over het informatiepunt op het Werkeiland en de collectie Lely. Gerelateerde beleidsnota's -
Gerelateerde verbonden partijen -
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
43
5.5
Cultureel erfgoed
Hoofdopgave raadsakkoord: 6. Voorzieningen Portefeuillehouder(s): S. Kruis Portefeuillehouder(s): Onderdeel begrotingsmonitor:
Lasten Baten
Nee
2025 -45 -
2026 -
Bedrag x €1.000
2028 -
2027 -
Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:
-
Context Tot dit taakveld behoren de lasten die te maken hebben met het beschermen van en informatie verstrekken over cultureel erfgoed in Lelystad. Het gaat hierbij om gebouwen, objecten, structuren en collecties met historische waarde in de publieke ruimte. De gemeente Lelystad financiert in dit kader de wettelijke taken op het gebied van erfgoed en subsidieert activiteiten op het gebied van erfgoed. (Gezien de beperkte omvang maken de lasten deel uit van de overige taken binnen cluster 5). Bij een relatief nieuwe stad is het besef dat erfgoed waarde kan bieden aan ruimtelijke kwaliteit en identiteit in vergelijking met veel oudere gemeenten nog niet sterk ontwikkeld. Maar ook wanneer de focus wordt gelegd op een sterke groei, moet goed worden omgegaan met bijzondere parels uit het verleden, met name voor de zogeheten Post 65 architectuur. Dit is een verantwoordelijkheid die we ook dragen voor de toekomstige inwoners van de stad. Dit geldt zowel voor het gebouwde als voor het minder zichtbare ondergrondse erfgoed. Gemeenten moeten in het omgevingsplan rekening houden met het belang en behoud van cultureel erfgoed en werelderfgoed. Dit gebeurt door inventariseren en analyseren van het cultureel erfgoed en werelderfgoed dat binnen de gemeente aanwezig is. Op basis daarvan neemt de gemeente een toereikend beschermingsregime in het omgevingsplan op.
Het omgevingsplan bevat algemene regels van de gemeente voor de fysieke leefomgeving. Wat willen we bereiken? Een volwaardig gemeentelijk erfgoedbeleid met specifieke aandacht voor de bepaling en behoud van beschermwaardige elementen, zodat het ' Verhaal van Lelystad' voor toekomstige generaties behouden en beleefbaar blijft. Wat gaan we daarvoor doen? In 2023 is het traject gestart dat moet leiden tot de vaststelling van een erfgoednota, inclusief een actualisatie van het gemeentelijk archeologiebeleid waarmee de kaders voor het gemeentelijk erfgoedbeleid kunnen worden vastgesteld. Na vaststelling van deze kaders wordt het instrumentarium (o.a. erfgoedverordening en beleidskaarten met regelgeving) voor het erfgoedbeleid uitgewerkt en verwerkt in het Omgevingsplan. Vanaf 2024 is in het kader van de implementatie van de Omgevingswet de externe adviseringtaak op het gebied van erfgoed ondergebracht bij de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. In 2025 wordt subsidie verleend voor diverse activiteiten op het gebied van cultuurhistorie. Gerelateerde beleidsnota's Beleidsvisie cultuur 2017 - 2020 Keuzenota Beleidsvisie 2022 - 2025
Gerelateerde verbonden partijen -
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
44
5.6
Media
Hoofdopgave raadsakkoord: 6. Voorzieningen Portefeuillehouder(s): S. Kruis Portefeuillehouder(s): Onderdeel begrotingsmonitor:
Lasten Baten
Nee
2025 -3.074 -
2026 -3.024 -
Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:
Bedrag x €1.000
2027 -2.776 -
2028 -2.776 -
Gemeentelijk [ 100 % ] [0%]
Context De gemeente heeft op basis van de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen een verantwoordelijkheid op het gebied van bibliotheekwerk. Burgers zijn gebaat met een neutrale plek in het publieke domein met een breed aanbod aan betrouwbare informatie die ze zonder meer kunnen raadplegen en waar ze elkaar waardenvrij kunnen ontmoeten. De moderne bibliotheek heeft als opdracht burgers te stimuleren, te ondersteunen, te faciliteren en toe te rusten om mee te kunnen doen en bij te kunnen dragen aan de moderne kennissamenleving. Gemeenten en provincies moeten vanaf 2026 zorgen voor voldoende en volwaardige bibliotheken. De gewijzigde Wet Stelsel openbare bibliotheden zal voor alle gemeenten gelden. De bekostiging van deze zorgplicht zal via het gemeentefonds verlopen. Op grond van de zendtijdtoewijzing door Commissariaat voor de Media, ligt bij de gemeente de wettelijke zorgplicht om de continuïteit van de lokale omroep te waarborgen. Wat willen we bereiken? Op grond van het gemeentelijk cultuurbeleid, beschouwt de gemeente het als haar maatschappelijke verantwoordelijkheid dat de inwoners van Lelystad kunnen beschikken over een goede bibliotheekvoorziening waar zij met hun kennis- en informatievragen terecht kunnen en kennis kunnen nemen van een adequaat aanbod van op media vastgelegde geschreven cultuur.
Het doel is de bevordering van de overdracht van cultuur, informatie en educatie middels een goede, hedendaagse en toegankelijke lokale openbare bibliotheekvoorziening. Door adequate informatie toegankelijk te maken, worden inwoners in staat gesteld om actief en volwaardig deel te nemen aan het maatschappelijk leven in een steeds complexere wereld. In dat kader wordt met de rol die de bibliotheek heeft voor het Informatiepunt Digitale Overheid samengewerkt vanuit het project Lelystad Digitaal 2025. In overleg met de VNG, het ministerie van OCW en de lokale stakeholders hebben de lokale omroepen in Nederland de afgelopen jaren een traject ingezet die leidend is bij de geleidelijke omvorming van de huidige circa 230 individuele lokale omroepen naar ongeveer 80 gefuseerde of samenwerken-de lokale ‘streekomroepen’ met een verzorgingsgebied van gemiddeld iets meer dan 200.000 inwoners. De streekomroepvorming is een middel om lokale omroepen te professionaliseren met als doel de realisatie van een Lokaal Toereikend Media-Aanbod (LTMA). Radio Lelystad en Lokale Omroep Zeewolde werken sinds 2023 samen als zijnde streekomroep. Deze streekomroep wordt gevormd door de Flevolandse Media Stichting (FMS). FMS heeft als doel om voor de gemeenten Dronten, Lelystad en Zeewolde en nieuws en informatie te verzorgen.
Hierbij werken de omroepen nauw samen bij het verzorgen van lokaal toereikend media-aanbod voor de betreffende gemeente, met inachtneming van de lokale herkenbaarheid en profiel van de lokale omroepen. Wat gaan we daarvoor doen? We verlenen in 2024 een begrotingssubsidie en diverse incidentele subsidies aan de stichting FlevoMeer Bibliotheek en de stichting FMS. Gerelateerde beleidsnota's Beleidsvisie cultuur 2017 - 2020
Gerelateerde verbonden partijen -
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
45
5.7
Openbaar groen en (openlucht) recreatie
Hoofdopgave raadsakkoord: 3. Natuur Portefeuillehouder(s): S. Kruis Portefeuillehouder(s): Onderdeel begrotingsmonitor:
Nee
Lasten Baten
2025 -11.171 247
2026 -11.171 247
Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:
Bedrag x €1.000
2027 -11.087 247
2028 -11.086 247
Wettelijk [ 20 % - 40 %] [0%]
Context Op basis van de Wegenverkeerswet en het burgerlijk wetboek is de gemeente als wegbeheerder en/of als eigenaar verantwoordelijk voor inrichting en beheer van het openbaar gebied. De kwaliteitsniveaus die de gemeente hierbij hanteert zijn gebaseerd op de op 28 april 2020 vastgestelde kwaliteitskaders uit het Kwaliteits StructuurPlan (KSP). Daarnaast biedt de wettelijke natuurbescherming uit de Omgevingswet een belangrijke wettelijke basis voor de bescherming van natuurgebieden, plant- en diersoorten en bossen. De meeste afspraken uit het raadsakkoord opgave Natuur vallen binnen dit taakveld. Wat willen we bereiken? Lelystad is er trots op dat het de hoofdstad van de nieuwe natuur is. De stad staat bekend om de hoge natuurwaarden, waar stad en omliggend landschap nauw met elkaar verbonden zijn. Zodat Lelystad een stad is met een gezond en prettig leefklimaat voor mens en dier. Daarom investeert Lelystad in projecten en maatregelen die deze status nog versterken. Dit doen we door de bewijslast en bekendheid van Lelystad als hoofdstad van de nieuwe natuur te vergroten; te vergroenen en door de natuur te versterken, ook in de stad; ecologisch beheer en inrichting en inzet op Klimaatadaptatie. Wat gaan we daarvoor doen? Daartoe is op basis van de kaders uit het raadsakkoord een Agenda Natuur 2030 en een Programma Van Groen Dromen naar Groen Doen 2024-2027 opgesteld.
Deze wordt momenteel uitgevoerd. - Er komen kaders voor natuurinclusief ontwikkelen en ontwerpen. - Er is een soortenmanagementplan (SMP). Op basis hiervan wordt een gebiedsontheffing aangevraagd. - Er vindt een herijking plaats van het beheer van de bestaande natuur inclusief het openbaar groen. - Er wordt een parkenplan opgesteld. - Het plan van aanpak bestrijding invasieve exoten wordt uitgevoerd. - Er is een lokale adaptatiestrategie opgesteld. - Er vindt een herijking van de Meerjarenraming KSP plaats. Gerelateerde beleidsnota's Bosbeleidsplan (2019) Herijking kwaliteitskaders KSP; 28 april 2020. Speelruimtebeleidsplan (2013) Meerjarenraming (MJR 2015) Groenbeheerplan parken (2015)
Gerelateerde verbonden partijen -
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
46
6. Sociaal domein De taakvelden binnen het cluster ‘6. Sociaal domein’ hebben betrekking op de sociale basisinfrastructuur, de wijkteams, inkomensregelingen, begeleide- en arbeidsparticipatie, de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Jeugdhulp. In de overzichten hieronder wordt per taakveld inzicht geboden in de bijbehorende lasten en baten. Vervolgens wordt per taakveld aanvullende informatie geboden, bijvoorbeeld over de aard van de activiteiten, de beïnvloedbaarheid van de budgetten en de verantwoordelijke portefeuillehouder(s). Indien van toepassing wordt er ingegaan op de concrete doelstellingen voor 2025 en de bij het taakveld betrokken verbonden partijen.
6. Sociaal domein (bedragen x €1.000) Lasten 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 6.3 Inkomensregelingen 6.4 WSW en beschut werk 6.5 Arbeidsparticipatie Jeugdzorg - integraal WMO - integraal Totaal Lasten Baten 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 6.3 Inkomensregelingen 6.5 Arbeidsparticipatie WMO - integraal Totaal Baten Eindtotaal
2025
2026
2027
2028
-16.578 -54.211 -7.344 -6.576 -45.317 -30.765 -160.791
-14.067 -53.983 -7.001 -6.182 -43.294 -31.345 -155.872
-13.062 -53.737 -7.331 -5.182 -42.287 -31.941 -153.540
-12.888 -53.953 -7.111 -5.182 -40.649 -32.551 -152.334
1.480 41.638 266 1.256 44.641 -116.150
513 41.477 100 2.214 44.304 -111.568
42 41.477 100 1.963 43.582 -109.958
42 41.477 100 1.713 43.332 -109.002
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
47
6.1
Samenkracht en burgerparticipatie
Hoofdopgave raadsakkoord: 8. Sociaal Domein Portefeuillehouder(s): A. Messelink-Dijkstra Portefeuillehouder(s): Onderdeel begrotingsmonitor: Nee
Lasten Baten
2025 -16.578 1.480
Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:
2026 -14.067 513
Bedrag x €1.000
2027 -13.062 42
2028 -12.888 42
Gemeentelijk [ 20 % - 40 %] [0%]
Context Binnen het sociaal domein zetten we in op een sterke basis zodat inwoners zoveel mogelijk op eigen kracht mee kunnen blijven doen aan de samenleving. Voor inwoners, waaarvoor dit nodig is, kunnen (aanvullend) inividuele maatwerkvoorzieningen worden ingezet. Dit taakveld heeft betrekking op de basisvoorzieningen (algemene voorzieningen). Wat willen we bereiken? Onder dit taakveld vallen de sociale basisvoorzieningen. Binnen het sociaal domein wordt ingezet op een sterke basis. Het gaat hierbij o.a. om de volgende onderdelen: Schulddienstverlening In samenwerking met drie partijen, MDF, stichting IDO en Humanitas, geeft de gemeente Lelysatd vorm aan de schulddienstverlening. Deze is vrij toegankelijk voor iedere inwoner die hulp nodig heeft op het gebied van financiën. Dit kan lopen van informatie en coaching tot schuldhulpverleningstrajecten. We zien in Nederland en ook in Lelystad dat het aantal huishoudens met problematische schulden oploopt. Door middel van vroegsignalering wordt geprobeerd te voorkomen dat inwoners in de schulden raken. Welzijnswerk Door verschillende organisaties in de stad worden welzijnsactiviteiten aan de inwoners aangeboden om elkaar te ontmoeten en nieuwe netwerken op te bouwen. Hierdoor is het makkelijker om naar elkaar om te zien en vroegtijdig te signaleren als het minder goed met iemand gaat.
Het Buurtwerk in de wijk met een duidlijke signaleringsfunctie, de buurtkamer voor ontmoeting en het stimuleren deel te nemen aan allerlei activiteiten, het Aandachtscentrum, de activiteitendriedaagse tijdens de vakanties de koffieochtenden en de buurthuisactiviteiten. In het komende jaar willen we dit voortzetten om meer mensen uit eenzaamheid te halen en vroegtijdig te ondersteunen bij financiele moeilijkheden. Eenzaamheid In deze raadsperiode wordt extra ingezet op het signaleren en voorkomen van eenzaamheid. Door ruim 75 organisaties in de stad zijn de handen ineen geslagen en worden allerlei activiteiten ontwikkeld om mensen met elkaar in contact te brengen. Hierbij hebben we aandacht voor eenzaamheid onder alle leeftijdsgroepen. Ook worden de contacten met onder andere de huisartsen versterkt door welzijn op recept uit te voeren waarbij de welzijnscoach wordt in gezet om samen met de inwoner te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om meer onder de mensen te komen. Het komend jaar streven we naar nog meer organisaties en instellingen die zich aansluiten bij de coalitie tegen eenzaamheid. Preventie We willen dat ouders en jeugdigen met lichte problematiek deze zelf kunnen aanpakken, met steun van hun netwerk en algemene voorzieningen.
Dit doen we door het bevorderen van opvoedvaardigheden van ouders en het versterken van de eigen kracht en oplossend vermogen van gezinnen. We stimuleren de vorming van gemeenschappen en netwerken in alle wijken. Door meer jongereninspraak te bevorderen, zorgen we ervoor dat alle kinderen en jongeren gelijke kansen hebben om actief deel te nemen aan de maatschappij en in hun vertrouwde omgeving kunnen opgroeien. We werken effectief samen met het onderwijs en jeugdhulp om te voorkomen dat jeugdigen onnodig in jeugdhulp terechtkomen. De hulp die wordt ingezet is tijdelijk en effectief. Het pedagogische klimaat in gezinnen en wijken wordt versterkt, met laagdrempelige informatie- en adviespunten voor opgroei- en opvoedvraagstukken. Mantelzorgondersteuning /Vrijwilligerswerk Mantelzorgondersteuning en vrijwilligerswerk zijn belangrijke items binnen het sociaal domein en hier willen we in deze raadsperiode extra op in blijven zetten. Zo is er een Steunpunt Mantelzorg en een vrijwilligerscentrale, waar vraag en aanbod bij elkaar worden gebracht en vrijwilligerswerk wordt ondersteund. Dankzij vrijwilligers is er in de stad een breed scala aan maatschappelijke, culturele en sportieve activiteiten. De toegevoegde waarde van vrijwilligers en mantelzorgers neemt in de samenleving toe door onder andere vergrijzing en de tekorten op de arbeidsmarkt.
Hun inzet wordt vaak ook het ‘cement in de samenleving’ genoemd. Door de inzet van mantelzorgers en zorgvrijwilligers, kunnen mensen langer zelfstandig thuis blijven wonen in hun vertrouwde omgeving. Mensen Maken de Buurt Steeds meer Lelystedelingen nemen zelf het initiatief om activiteiten te ontplooien die van maatschappelijke waarde zijn voor de stad en haar inwoners. Voor deze activiteiten wordt niet alleen ruimte geboden maar tevens worden deze initiatieven gestimuleerd en gefaciliteerd. De afgelopen jaren is het aantal initiatieven onder de noemer van 'Mensen Maken de Buurt' sterk toegenomen, van initiatieven primair gericht op het verbeteren van de fysieke leefomgeving tot initiatieven die bijdragen aan de versterking van de sociale structuur en participatie. In deze raadsperiode zullen we hier extra op in gaan zetten.
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
48
6.1
Samenkracht en burgerparticipatie (vervolg)
Lasten Baten
2025 -16.578 1.480
2026 -14.067 513
Bedrag x €1.000
2027 -13.062 42
2028 -12.888 42
Wat gaan we daarvoor doen? We blijven inzetten op een sterke basis waarbij we extra inzetten op aanpak van eenzaamheid, ondersteunen van bewonersinitiatieven en mantelzorgondersteuning. Ook zal er extra aandacht zijn voor inclusie, de inzet van ervaringsdeskundigen en het versterken van de basis voor jeugd en gezin. Zo zullen we extra aandacht geven aan kinderen en jongeren die in armoede opgroeien en het het vergroten van de bekendheid van allerlei regelingen voor minima. Tot slot wordt er vanuit de MAG op dit thema nauw samengewerkt met inwoners en ervaringsdeskundigen. Gerelateerde beleidsnota's Maatschappelijke (Doe) Agenda Kadernota Sociaal Domein 2024-2027
Gerelateerde verbonden partijen -
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
49
6.3
Inkomensregelingen
Hoofdopgave raadsakkoord: 8. Sociaal Domein Portefeuillehouder(s): A. Messelink-Dijkstra Portefeuillehouder(s): Onderdeel begrotingsmonitor: Ja
Lasten Baten
2025 -54.211 41.638
Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:
2026 -53.983 41.477
Bedrag x €1.000
2027 -53.737 41.477
2028 -53.953 41.477
Wettelijk [ 0 % - 20 %] [0%]
Context Op basis van de Participatiewet heeft de gemeente onder andere de wettelijke taak om uitkeringen te verstrekken aan inwoners die (tijdelijk) niet in hun levensonderhoud kunnen voorzien, in de periode dat zij geen ander of onvoldoende inkomen hebben. Samen met andere vormen van inkomensregelingen, zoals bijzondere bijstand, bijstand voor zelfstandigen, loonkostensubsidie voor werkgevers en kwijtscheldingen van gemeentelijke heffingen, is armoedebeleid opgenomen in dit taakveld. Met de komst van de Participatiewet zijn de Wet Werk en Bijstand (WWB), de Wajong, de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) en Nieuw Beschut werk samengebracht in één beleidskader. De uitvoering van dit beleidskader komt in de gemeentebegroting terug via drie opeenvolgende taakvelden: - Taakveld 6.3 Inkomensregelingen (het verstrekken van inkomensuitkeringen en vergoedingen aan inwoners die daar recht op hebben, incl. armoedebeleid en loonkostensubsidie voor werkgevers) - Taakveld 6.4 Begeleide participatie (Wsw en Nieuw Beschut werk) - Taakveld 6.5 Arbeidsparticipatie (re-integratie, toeleiding naar werk van inwoners die een beroep kunnen doen op ondersteuning, begeleiding en arbeidstoeleiding in kader van de Participatiewet. - Taakveld 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie.
Er bestaat een duidelijke relatie met de taakvelden '6.1 Samenkracht en burgerparticipatie', '6.4 Begeleide participatie' en '6.5 Arbeidsparticipatie'. Het Zelfstandigenloket Flevoland voert de ondernemersregeling BBZ uit, een voorziening tussen sociaal domein en economie. Er is een relatie met taakveld 3.3 - Bedrijfsloket en bedrijfsregelingen. Wat willen we bereiken? De gemeente ondersteunt inwoners en zoekt naar mogelijkheden om zo veel mogelijk mensen economisch zelfstandig te laten zijn, te participeren in de maatschappij, en zetten daarbij in op preventie en bestrijding van armoede en zo min mogelijk mensen afhankelijk te laten zijn van een bijstandsuitkering. Binnen de diverse beleidsterreinen worden de krachten gebundeld, zodat inwoners kunnen participeren naar vermogen en mogelijkheden (rekening houdend met hun persoonlijke situatie). In dit kader is waar gewenst inzet op gedeeltelijke en/of maatschappelijke participatie wanneer volledig meedoen (nog) niet mogelijk blijkt. Gestreefd wordt bij de uitvoering van de participatiewet de menselijke maat te hanteren, binnen de wettelijke kaders. Het Rijk heeft in een beleidsanalyse over de Participatiewet geconstateerd: “de Participatiewet is momenteel uit balans.
Door verschillende ontwikkelingen is er op dit moment sprake van een ongelijke verhouding tussen (a) de als beperkt ervaren ondersteuning, (b) het strenge sanctieregime en (c) de complexe inrichting van de bestaanszekerheid. Daardoor verkeren mensen in onzekerheid, wordt werkhervatting bemoeilijkt en ervaren burgers wantrouwen bij hun contact met de overheid. Elementen die daarbij onder meer een rol spelen zijn de strikte vormgeving van het vangnetkarakter en de focus op directe arbeidsinschakeling”. De voormalige minister heeft aangekondigd de balans te willen herstellen. Het wetsvoorstel "De Participatiwet in Balans" is ingediend bij de Tweede Kamer. Wij willen optimaal gebruik gaan maken van de verruiming van de mogelijkheden om de menselijke maat te hanteren. Het gemeentelijke armoedebeleid kent een preventief en een curatief deel. Het aanbod in het preventieve deel is is met gericht op kinderen. Dit aanbod heeft als doel de kans te verkleinen dat deze kinderen later ook in de armoede moeten leven. Het curatieve deel omvat de set inkomensmaatregelen om inwoners in de armoede bij te staan.
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
50
6.3
Inkomensregelingen (vervolg)
Lasten Baten
2025 -54.211 41.638
2026 -53.983 41.477
Bedrag x €1.000
2027 -53.737 41.477
2028 -53.953 41.477
Wat gaan we daarvoor doen? Bijstandsuitkeringen - Participatiewet Het betreft hier de inwoners van Lelystad die recht hebben op een inkomen in het kader van de Participatiewet en de IOAW, gedurende de periode waarin zij nog niet in staat zijn om (volledig) in eigen levensonderhoud te voorzien. Het aantal inwoners dat aanspraak maakt op een bijstandsuitkering schommelt rond de 2.000 per jaar. De gemeente ontvangt een rijksbijdrage voor het verstrekken van deze uitkeringen, op basis van een objectief vastgesteld verdeelmodel. De gemeente zet interventies en passende ondersteuning in om inwoners zoveel mogelijk te laten uitstromen naar betaald werk alsook bevordering van maatschappelijke participatie. Alle klanten worden periodiek door het Werkbedrijf Lelystad gesproken in het perspectief van arbeid naar vermogen en eventuele ondersteuningsbehoefte op weg naar werk. Met de aanpak Work First is de intake voor de aanvraag van een uitkering levensonderhoud zo ingericht dat mensen binnen 5 dagen worden gesproken over de mogelijkheden van werk. De inzet van de gemeente op het gebied van maatschappelijke participatie en re-integratie maken onderdeel uit van taakvelden '6.4 Begeleide participatie' en '6.5 Arbeidsparticipatie'. Voor werkgevers die een inwoner met een Indicatie Banenafspraak in dienst nemen, is er de mogelijkheid loonkostensubsidie te ontvangen.
Vanaf 2022 wordt de loonkostensubsidie (LKS) over gemeenten verdeeld op basis van gerealiseerde uitgaven. Hiermee is het voor de gemeente financieel nog aantrekkelijker om dit instrument in te zetten. Bijstandsverlening zelfstandigen - Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 Het toekennen van bijstand / uitkering aan de startende en gevestigde ondernemer die niet over de middelen beschikt om te voorzien in de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan, alsmede het verstrekken van kapitaal aan ondernemers die dit op andere wijze niet gefinancierd krijgen. Het Zelfstandigenloket Flevoland (ZLF) zorgt voor de uitvoering van deze wettelijke regelingen (Bbz 2004 en IOAZ) in opdracht van de 6 gemeenten in Flevoland. Het ZLF is onderdeel van de gemeentelijke organisatie van Lelystad. Armoedebeleid Het betreft hier de (financiële) ondersteuning aan mensen met een inkomen 120-, 130-, tot 150% van de bijstandsnorm binnen het armoedebeleid. Naast ondersteuning wordt er ingezet op de preventie van armoede. Dit wordt gedaan door activiteiten en regelingen beschikbaar te stellen zodat kinderen en jongeren uit gezinnen die in armoede leven zoveel mogelijk mee kunnen doen. Denk hierbij aan extra ondersteuning en aandacht in hun schoolcarrière, maar ook het Jeugdfonds Sport en Cultuur. In het raadsakkoord is opgenomen om extra aandacht aan kinderen in armoede te besteden.
Dit betekent dat we met de middelen bestaand beleid intensiveren en aanvullen. Dit is hard nodig in de huidige situatie waarin steeds meer gezinnen niet meer rond kunnen komen door aanhoudende hoge structurele kosten en daarmee de druk op de bestaanszekerheid toeneemt. De gemeente verleent kwijtschelding van gemeentelijke belastingen aan inwoners die onvoldoende inkomen en/of vermogen hebben en hiervoor in aanmerking komen. Zoals gecombineerde belastingaanslag, afvalstoffen- en rioolheffing. Bijzondere bijstand De gemeente biedt regelingen en tegemoetkoming aan aan inwoners die onvoldoende inkomen en/of vermogen hebben en hiervoor in aanmerking komen. Zoals bewindvoering, studietoeslag op basis van medische gronden, kosten voor eerste levensbehoefte, huisraad en dergelijke. Gerelateerde beleidsnota's Kadernota Sociaal Domein 2019 - 2022 Aanpak Sociaal Domein 2021-2024 Maatschappelijke Agenda
Gerelateerde verbonden partijen -
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
51
6.4
WSW en beschut werk
Hoofdopgave raadsakkoord: 8. Sociaal Domein Portefeuillehouder(s): A. Messelink-Dijkstra Portefeuillehouder(s): Onderdeel begrotingsmonitor: Ja
Lasten Baten
2025 -7.344 -
2026 -7.001 -
Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:
Bedrag x €1.000
2027 -7.331 -
2028 -7.111 -
Wettelijk [0%] [0%]
Context De gemeente heeft de verantwoordelijkheid de Wet sociale werkziening (Wsw) en Nieuw Beschut werk (NBw) uit voeren. Daarvoor werkt ze samen binnen een GR IJsselmeergroep met de deelnemende gemeenten Urk, NOP en Lelystad. Met de komst van de Participatiewet zijn de Wet Werk en Bijstand (WWB), de Wajong en de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) samengebracht in één beleidskader. De uitvoering van dit beleidskader komt in de gemeentebegroting terug via drie opeenvolgende taakvelden: - Taakveld 6.3: Inkomensregelingen (het verstrekken van bijstandsuitkeringen aan inwoners die daar recht op hebben) - Taakveld 6.4: Begeleide participatie (de sociale werkvoorziening / beschut werken). - Taakveld 6.5: Arbeidsparticipatie (re-integratie / toeleiding naar werk van inwoners die een beroep kunnen doen op ondersteuning arbeidstoeleiding in kader van de Participatiewet). Onderdeel van de Participatiewet is dat nieuwe instroom in de sociale werkvoorziening niet langer mogelijk is met ingang van 1 januari 2015. De Wet sociale werkvoorziening (Wsw) blijft echter bestaan voor de bestaande Wsw- dienstverbanden tot de laatste Wsw'er met pensioen gaat. Bij ongewijzigd beleid zijn de beschikbare rijksmiddelen voor de gemeente echter niet toereikend om aan de verplichtingen te kunnen voldoen.
De Social Firm is ontwikkeld om de dreigende tekorten bij de uitvoering van de WSW in verband met de gedaalde Wsw-subsidie op te vangen. Na 2015 is het beschut werken nieuwe stijl ingevoerd. Gemeenten zijn verplicht om personen met een Indicatie Beschut werken een beschermde arbeidsplaats te bieden; ze hebben daarvoor een taakstelling die jaarlijks opgehoogd wordt. De groei van het aantal plaatsen beschut werken heeft vergaande consequenties voor de (toekomstige) financiële ruimte die de gemeente heeft om andere doelgroepen van de Participatiewet naar arbeid te kunnen begeleiden. Het nieuwe kabinet werkt aan een voorstel voor de inzet van beschut werk voor mensen die wel kunnen werken maar dit alleen in een beschutte en aangepaste omgeving kunnen doen, waarbij onderzocht wordt of de ambitie en beschikbare middelen voldoende met elkaar in balans zijn. Ze overweegt een wijziging van het Besluit beschut werk, zodat mensen makkelijker terug kunnen vallen op beschut werk als blijkt dat een baan in het kader van de banenafspraak toch niet lukt. (Simpel switchen) Daar waar in 2015 sprake was van een sterfhuisconstructie rond de sociale werkvoorziening in Nederland, hebben wij de infrastructuur van Concern voor Werk in stand gehouden door een doorontwikkeling naar een Social Firm te maken. Dit blijkt een juiste keus te zijn geweest.
Het kabinet heeft een onderzoek laten uitvoeren naar een toekomstgerichte bestendiging van de infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven. Het nieuwe kabinet zal zich buigen over de daarin voorgestelde scenario's. Naast de hierboven al genoemde directe relatie met de taakvelden 6.3 en 6.5 heeft dit taakveld een directe relatie met taakveld '0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen uit het gemeentefonds', waar de rijksbijdrage is opgenomen. Het door de raad vastgestelde uitgangspunt is dat de gedecentraliseerde taken op het gebied van de Participatiewet met de daarvoor beschikbare rijksmiddelen worden uitgevoerd. Wat willen we bereiken? De uitvoering van de Wsw in belegd in een GR bij het sociaal ontwikkelbedrijf Concern voor Werk. Dit is een regionale sociale onderneming die in nauwe samenwerking met het Werkbedrijf Lelystad, Urk Werkt en de Werkcorporatie Noordoostpolder opereert. De komende jaren zal het sociaal ontwikkelbedrijf zich doorontwikkelen naar een toekomstbestendige organisatie die in het hart van het lokale en regionale netwerk opereert, een organisatie die flexibel en wendbaar is gericht. Ze biedt werkplekken uitgaande van "de waarde van werk". Daarbij richt ze zich ook op het bieden van werkplekken Beschut werk en leerwerktrajecten aan diverse doelgroepen om de stap naar regulier werk te kunnen maken.
Wat gaan we daarvoor doen? Binnen dit taakveld wordt de Wet sociale werkvoorziening uitgevoerd. De infrastructuur van Concern voor Werk NV wordt tevens benut voor de uitvoering van beschutte werkplekken en reintegratie activiteiten en leerwerktrajecten voor diverse doelgroepen. Naast de taakstelling Beschut werk van de gemeente, verzorgt Concern voor Werk ook additionele werkplekken Beschut werk. Hier staan de lasten die verband houden met de afbouw van de bestaande Wsw verplichtingen, conform de beschikbare rijksmiddelen die onderdeel uitmaken van taakveld '0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen uit het gemeentefonds'. In het licht van de kabinetsplannen voor de toekomst bestendige arbeidsmarktinfrastructuur en sociale ontwikkelbedrijven zal een visie en strategie ontwikkeld worden om ook een toekomstbestendige infrastructuur in de stad te effectueren. Gerelateerde beleidsnota's Implementatie plan Social Firm Businessplan Social Firm Programmaplan Sociaal Domein 2019-2022 Aanpak Sociaal Domein 2021-2024 Maatschappelijke agenda
Gerelateerde verbonden partijen -
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
52
6.5
Arbeidsparticipatie
Hoofdopgave raadsakkoord: 4. Economie & 8. Sociaal Domein Portefeuillehouder(s): A. Messelink-Dijkstra Portefeuillehouder(s): Onderdeel begrotingsmonitor: Ja
Lasten Baten
2025 -6.576 266
Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:
2026 -6.182 100
Bedrag x €1.000
2027 -5.182 100
2028 -5.182 100
Wettelijk [ 0 % - 20 %] [0%]
Context Een van de doelen van de Participatiewet is om meer mensen aan de slag te krijgen, ook mensen met een arbeidsbeperking. De gemeente is verantwoordelijk voor mensen met arbeidsvermogen die ondersteuning nodig hebben bij arbeidsre-integratie, en waar nodig inkomensondersteuning. Met de komst van de Participatiewet zijn de Wet Werk en Bijstand (WWB), de Wajong en de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) samengebracht in één beleidskader. De uitvoering van dit beleidskader komt in de gemeentebegroting terug via drie opeenvolgende taakvelden: Taakveld 6.3: Inkomensregelingen (het verstrekken van bijstandsuitkeringen aan inwoners die daar recht op hebben) Taakveld 6.4: Begeleide participatie (Wet sociale werkvoorziening, Nieuw beschut werk) Taakveld 6.5: Arbeidsparticipatie (re-integratie / toeleiding naar werk van inwoners die een beroep kunnen doen op ondersteuning arbeidstoeleiding in kader van de Participatiewet ) Onderdeel van de Participatiewet is dat nieuwe instroom in de sociale werkvoorziening niet langer mogelijk is met ingang van 1 januari 2015. Inwoners die onderdeel uitmaken van deze 'nieuwe doelgroep' worden voortaan ondersteund en begeleid binnen de activiteiten die onderdeel uitmaken van dit taakveld.
De wettelijke ombuigingen van 1 januari 2015 hebben geleid tot een complexer klantprofiel bij de instroom (Wajong of WSW profiel), hetgeen extra inspanningen vraagt bij de uitstroombegeleiding. Wat willen we bereiken? De gemeente is verantwoordelijk om waar het mogelijk mensen te reïntegreren en toe te leiden naar werk. Hierbij wordt er zoveel mogelijk uitgegaan van de eigen kracht van mensen. Door de individuele capaciteiten, vaardigheden en mogelijkheden per inwoner in kaart te brengen, wordt het mogelijk om maatwerk te leveren en vindt ondersteuning en begeleiding plaats waar het nodig is. We streven naar een inclusieve arbeidsmarkt en maatschappelijke participatie, met zoveel mogelijk economische zelfstandigheid van de inwoners. Lelystad participeert binnen het Regionaal Werkbedrijf van de arbeidsmarkt regio Flevoland. In het licht van de kabinetsplannen voor de toekomst bestendige arbeidsmarktinfrastructuur en sociale ontwikkelbedrijven en de tendens tot vergaande regionalisering van het arbeidsmarktbeleid en infrastructuur zal een strategie ontwikkeld worden om ook een toekomstbestendige infrastructuur in stad er regio te effectueren. Onderdeel hiervan is een Werkcentrum waar inwoners (werkenden en werkzoekenden) en werkgevers met vragen over werk & scholing terecht kunnen.
Hierbij is van belang dat de dienstverlening op de juiste schaal grootte zal wordt georganiseerd en dat de voorzieningen op stedelijk niveau beschikbaar zijn voor inwoners die ondersteuning of advies nodig hebben om de stap naar de arbeidsmarkt te kunnen zetten, overige werkzoekenden en werkgevers. Specifieke aandacht hierbij is er voor jongeren en mensen met een Indicatie Banenafspraak.
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
53
6.5
Arbeidsparticipatie (vervolg)
Lasten Baten
2025 -6.576 266
2026 -6.182 100
Bedrag x €1.000
2027 -5.182 100
2028 -5.182 100
Wat gaan we daarvoor doen? Dit taakveld heeft betrekking op activiteiten gericht op re-integratie en het toeleiden naar werk van inwoners die een beroep kunnen doen op ondersteuning arbeidstoeleiding in kader van de Participatiewet en de (nieuwe) wet Van school naar duurzaam werk. Naast mensen met een bijstandsuitkering zijn dit mensen met een Indicatie Banenafspraak of Beschut werk, statushouders, nietuitkerings gerechtigden werkzoekenden en jongeren tot 27 jaar. Bij het intakeproces gaan we nog steeds uit van het “Work First” principe waarbij in beginsel iedereen die zich meldt voor een uitkering passend werk in welke vorm dan ook aangeboden. Doelstelling is tweeledig: via werk blijven c.q. krijgen mensen aansluiting bij de arbeidsmarkt waarmee voorkomen wordt dat door langdurige inactiviteit mensen in een steeds kwetsbaarder positie terechtkomen. Ook de dienstverlening aan werkgevers die instroom van kandidaten behorend tot de Participatiewet wensen, behoort tot dit taakveld. Vanuit een solide en hecht newerk van betrokken werkgevers binnen het Lelystad Akkoord blijven we werken aan de inclusieve arbeidsmarkt. Zoveel mogelijk mensen zo regulier mogelijk aan het werk, zo nodig met passende ondersteuning.
Het Werkbedrijf Lelystad heeft tevens de additionele opdracht gekregen voor het voeren van de regie gericht op arbeidstoeleiding van de groep met een afstand tot de arbeidsmarkt groter dan twee jaar. De vraag naar arbeid is ook de komende jaren groot, samenhangend met de groei van de stad en groei van de werkgelegenheid. Dit betekent extra kansen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt om door middel van betaalde arbeid economisch zelfstandig te worden of te kunnen participeren. Het mobiliseren van mensen, inclusief jongeren tot 27 jaar, die niet werken en/of leren blijft een hoge prioriteit. Met de ontwikkeling van de werk- en wijkleerbedrijven voor verschillende beroepen en branches, zoals logistiek, schoonmaakdienstverlening, techniek, bouw- en installatietechniek, groenvoorziening, circulariteit, kinderopvang wordt de arbeidstoeleiding versterkt door kwalificerende opleidingen in samenwerking met het MBO en brancheorganisaties. Waar mogelijk of gewenst wordt ruimte geboden aan initiatieven voor de ontwikkeling van alternatieve vormen van werk. Met de Maatschappelijke Banen is het gelukt om middels een Publiek Private Samenwerking cofinanciering vanuit het bedrijfsleven te realiseren. De waarde van werk zien we hier nadrukkelijk naar voren komen.
Mensen die niet middels een reguliere traject aan het werk komen dragen "uit de wijk, in de wijk en voor de wijk" bij aan de sociale en fysieke leefaarheid én aan hun eigen ontwikkeling. Als onderdeel van de Maatschappelijke Agenda en binnen de gebiedsontwikkeling Samen Lelystad Oost draagt Werk in belangrijke mate bij aan het welzijn en de leefbaarheid en is daarmee een belangrijk onderdeel van de dienstverlening en ondersteuning vanuit de behoefte van de inwoners. In samenwerking met partners stimuleren of faciliteren we verschillende initiatieven voor mensen behorend tot de Participatiewet, op lokaal niveau en ook in samenwerking met regionale partners en samenwerkingsverbanden. In 2025 willen we de verkenning voor een lokaal Werkcentrum, een netwerksamenwerking dat dienstverlening biedt aan inwoners en werkgevers op het gebied van werk en scholing, uitvoeren, ondere andere in het kader van de toekomstige arbeidsmarktinfrastructuur. Gerelateerde beleidsnota's Nota Nieuwe Banen 2016 Programmaplan Sociaal Domein 2019-2022 Aanpak Sociaal Domein 2021-2024 Hoofdopgaven sociaal domein Maatschappelijke agenda
Gerelateerde verbonden partijen -
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
54
2025 -45.317 -
6JGD Jeugdzorg - integraal
Lasten Baten
Hoofdopgave raadsakkoord: 8. Sociaal Domein Portefeuillehouder(s): A. Messelink-Dijkstra Portefeuillehouder(s): Onderdeel begrotingsmonitor: Ja
Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:
2026 -43.294 -
Bedrag x €1.000
2027 -42.287 -
2028 -40.649 -
Wettelijk [0%] [0%]
Context Op basis van de Jeugdwet hebben gemeenten sinds 1 januari 2015 diverse verantwoordelijkheden op het gebied van de Jeugdzorg. De vormen van jeugdzorg zijn ondergebracht in de taakvelden 6.22 (toegang en eerstelijnsvoorzieningen Jeugd), 6.751 (jeugdhulp ambulant lokaal), 6.752 (jeugdhulp ambulant regionaal), 6.753 (jeugdhulp ambulant landelijk), 6.761 (jeugdhulp met verblijf lokaal), 6.762 (jeugdhulp met verblijf regionaal), 6.763 (jeugdhulp met verblijf landelijk), 6.792 (PGB jeugd), 6.821 (Jeugdbescherming), 6.822 (Jeugdreclassering) en 6.92 Coordinatie en beleid Jeugd. Cluster van taakvelden Met het vaststellen van de financiële verordening 2024 is het mogelijk dat de raad een aantal taakvelden in samenhang autoriseert omwille van de integraliteit. In de toelichting bij artikel 4 lid 2 uit de financiële verordening is aangegeven dat het aantal taakvelden in de afgelopen jaren door de wetgever steeds verder zijn opgeknipt. Zo zijn de taakvelden die horen bij de uitvoering van de jeugdzorg ingedeeld op basis van kostensoort. Daar is vanuit het Rijk wat voor te zeggen, omdat de ontwikkeling van alle gemeenten gezamenlijk dan beter te volgen is. Echter zorgt dat op gemeentelijk niveau ervoor dat de verantwoording van een integraal dossier als de jeugdzorg verspreid over 11 taakvelden plaatsvindt.
Dit maakt sturing en verantwoording er niet overzichtelijker op en dit blijkt ook uit de vragen die er ieder jaar vanuit de raad worden gesteld. In de financiële verordening is daarom opgenomen dat de raad met het vaststellen van de programmabegroting bepaalt welke beleidsterreinen integraal geautoriseerd worden en waarover dan ook integraal verantwoording zal worden afgelegd in de jaarstukken. In deze programmabegroting zijn de taakvelden die horen bij de uitvoering van de jeugdzorg en de Wmo om die reden geclusterd.
Jeugdzorg - integraal Lasten
6.22 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Jeugd 6.751 Jeugdhulp ambulant lokaal 6.752 Jeugdhulp ambulant regionaal 6.753 Jeugdhulp ambulant landelijk 6.761 Jeugdhulp met verblijf lokaal 6.762 Jeugdhulp met verblijf regionaal 6.763 Jeugdhulp met verblijf landelijk 6.792 PGB Jeugd 6.821 Jeugdbescherming 6.822 Jeugdreclassering 6.92 Coördinatie en beleid Jeugd
Totaal Lasten Eindtotaal
2025
2026
2027
2028
-5.255 -12.425 -4.152 -540 -15.758 -1.260 -314 -3.196 -419 -1.999 -45.317 -45.317
-4.918 -12.520 -4.098 -510 -14.388 -1.190 -314 -3.188 -419 -1.749 -43.294 -43.294
-4.878 -12.308 -3.976 -480 -13.853 -1.120 -314 -3.190 -419 -1.749 -42.287 -42.287
-4.628 -12.131 -3.906 -450 -13.060 -1.050 -314 -3.193 -419 -1.499 -40.649 -40.649
Wat willen we bereiken? We willen dat onze jeugdigen in hun eigen omgeving kunnen opgroeien, zich ontwikkelen en deelnemen in de maatschappij. We geloven in de eigen kracht van onze jeugdigen en hun ouders,- waarbij we zoveel mogelijk handelen vanuit een vraag en te ondersteunen waar nodig. Samen met onze jeugdigen en ouders doen we wat nodig is, gericht op perspectief en ontwikkeling.
Wat gaan we daarvoor doen? We ondersteunen het gezin wat altijd in de lead is met daaromheen het (eigen) netwerk. We versterken de kracht van de samenleving en de maatschappelijke partners en dringen de specialistische jeugdhulp terug. Dit doen we door de maatregelen uit het knoppenplan Jeugdzorg, verder uitgewerkt in het uitvoeringsplan uit te voeren. Taakveld 6.22 - toegang en eerstelijnsvoorzieningen Jeugd Dit betreft de regie en toegang naar de specialistische jeugdhulp, wat per 1 juli 2021 is belegd bij Jeugd Lelystad. Jeugd Lelystad biedt niet zelf hulpverlening. In het kader van de Hervormingsagenda Jeugd moet de gemeentelijke toegang met stevige lokale teams worden versterkt. Deze stevige (multidisciplinaire) lokale teams kijken naar hetgeen nodig is en bieden lichte jeugdhulp zoveel mogelijk nabij aan, in goede verbinding met de specialistische zorg. Met de Aanpak Sociaal Domein heeft de raad gekozen voor het scheiden van hulpverlenen en de toegang tot specialistische jeugdhulp. We zullen moeten gaan kijken hoe we invulling geven aan deze stevige lokale teams. Daarnaast zal in 2025 de overeenkomst met Jeugd Lelystad geevalueerd moeten worden. De overeenkomst loopt tot en met 30 juni 2026.
Ook de praktijkondersteuners bij de huisarts maken onderdeel uit van dit taakveld en zij verlenen laagdrempelige consultatie, kortdurende ondersteuning, interventies en behandeling aan kinderen en/of hun opvoeders.
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
55
6JGD Jeugdzorg - integraal (vervolg)
Lasten Baten
2025 -45.317 -
2026 -43.294 -
Bedrag x €1.000
2027 -42.287 -
2028 -40.649 -
Wat gaan we daarvoor doen? Taakveld 6.751 - jeugdhulp ambulant lokaal Dit betreft begeleiding, behandeling en dagbesteding. Ook de lokale jeugd GGZ valt onder dit taakveld. Deze lokale jeugdzorgvormen zijn opnieuw aanbesteed per 1 juli 2021 (Perceel 3b. jeugd GGZ voor instellingen is per 1 juli 2023 gegund aan twee hoofdaanbieders). In 2025 worden deze lokale jeugdhulp uitgevoerd volgens de overeenkomsten. Taakveld 6.752 - jeugdhulp ambulant regionaal Dit betreffen de ambulante jeugdhulpvormen die regionaal worden ingekocht op basis van samenwerkingsafspraken met de Jeugdhulpregio Flevoland (hier nemen vijf van de zes gemeenten aan deel). In 2023 is een aanbesteding uitgevoerd voor de hoog specialistische GGZ per 2024. Taakveld 6.753 - jeugdhulp ambulant landelijk en taakveld 6.763 - jeugdhulp met verblijf landelijk Dit betreft hoogspecialistische hulp (LTA). Namens gemeenten heeft de VNG afspraken gemaakt met landelijke jeugdhulpaanbieders met een zeer specialistische functie, zodat het aanbod van deze specialistische voorzieningen gehandhaafd blijft. Dit is geregeld in een Landelijk Transitiearrangement (LTA). Gemeenten rekenen naar gebruik af. Taakveld 6.753 betreft de landelijke ambulante jeugdhulpvormen en taakveld 6.763 met verblijf.
Taakveld 6.762 - jeugdhulp met verblijf regionaal Voor het beschikbaar hebben van deze zorg (pleegzorg, gezinsgericht, residentiele jeugdhulp, maar ook voor de geloten jeugdzorg, crisishulp en klinisch verblijf zijn samenwerkingsafspraken gemaakt met de Jeugdhulpregio Flevoland (hier nemen vijf van de zes Flevolandse gemeenten aan deel). Jeugdhulp met verblijf is per 2025 opnieuw aanbesteed. Om minder uithuisplaatsingen te realiseren wordt ingezet op het verder voorkomen van jeugdhulp met verblijf en betere doorstroom en uitstroom. Daarbij is aandacht voor verdere transformatie naar meer gezinsgerichte vormen en intensief ambulante hulp, zoals Thuis op Maat (TOM). Pas als het thuis echt niet meer kan, wordt een vervangende gezinssituatie of verblijf gezocht. Bij voorkeur gebeurt dit zoveel mogelijk in de nabijheid van de thuissituatie. Het perspectief op terugkeer naar het eigen gezin van een jeugdige is onderdeel van het begeleidings- of behandelingsplan. Wanneer veiligheid niet meer gewaarborgd kan worden, wordt alles gedaan om een oplossing in het eigen netwerk van het gezin mogelijk te maken. Taakveld 6.792 - PGB jeugd Op het moment dat jeugdigen en ouders in aanmerking komen voor jeugdhulp op basis van een individuele voorziening, kunnen zij kiezen voor zorg in natura of een persoonsgebonden budget.
De Jeugdwet stelt ten aanzien van het PGB een aantal beperkende voorwaarden, wat maakt dat er steeds vaker wordt gekozen voor zorg in natura. Taakveld 6.821 - Jeugdbescherming en taakveld 6.822 - Jeugdreclassering Dit betreft de inzet van gedwongen maatregelen gericht op de veiligheid van kinderen en jeugdigen. Dit zijn maatregelen die worden opgelegd na uitspraak van de kinderrechter. De jeugdbescherming geeft uitvoering aan civielrechtelijke maatregelen en de jeugdreclassering is gericht op strafrechtelijke maatregelen. Voor het beschikbaar hebben van deze zorg zijn met de Jeugdhulpregio Flevoland (hieraan nemen vijf van de zes gemeenten deel) regionale samenwerkingsafspraken gemaakt. Jeugdbescherming en jeugdreclassering wordt ingekocht bij de gecertificeerde instellingen. Het landelijke Toekomstscenario Kinden Gezinsbescherming voor een beter werkende jeugdbescherming wordt in Flevoland in overleg met betrokken partners opgepakt. 6.92 Coordinatie en beleid Jeugd De kosten voor de gemeentelijke capaciteit en de administratieve verwerking voor de uitvoering van de Jeugdwet zijn opgenomen in dit onderdeel. Dit betreft zowel de lokale als regionale uitvoeringskosten.
Een deel van de administratieve taken vanuit Jeugdhulp, die uitgevoerd worden door Stipter, zoals het berichtenverkeer, worden per 2025 overgedragen naar de gemeente en zullen ondergebracht worden bij de administratie van de WMO. Om dit administratieve deel onder te brengen bij de gemeente denken we 24 tot 32 uur extra administratieve ondersteuning nodig te hebben begin 2025. Gerelateerde beleidsnota's Kadernota Sociaal Domein 2019 - 2022 Aanpak Jeugdzorg 2020 Aanpak Sociaal Domein 2021 e.v. Knoppenplan Jeugdzorg Lelystad
Gerelateerde verbonden partijen Jeugd Lelystad
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
56
2025 -30.765 1.256
6WMO WMO - integraal
Lasten Baten
Hoofdopgave raadsakkoord: 8. Sociaal Domein Portefeuillehouder(s): A. Messelink-Dijkstra Portefeuillehouder(s): Onderdeel begrotingsmonitor: Ja
Aard activiteiten: Beinvloedbaarheid lasten Beinvloedbaarheid baten:
2026 -31.345 2.214
Bedrag x €1.000
2027 -31.941 1.963
2028 -32.551 1.713
Wettelijk [ 0 % - 20 %] [0%]
Context Lokaal De gemeente is op basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) verantwoordelijk voor het bieden van ondersteuning, zodat inwoners mee kunnen blijven doen aan de samenleving en zoveel als mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen. Voor de Wmo is en blijft een sterke basis het uitgangpunt. We blijven daarom (extra) inzetten op ondersteuning van mantelzorgers, vrijwilligerswerk, voorkomen en aanpakken van schuldenproblematiek, bevorderen van een gezonde leefstijl, organiseren van ontmoetingsactiviteiten in de wijk, ondersteuning van bewonersinitiatieven en het voorkomen van eenzaamheid e.d. Voor inwoners voor wie dit noodzakelijk is, kunnen we individuele maatwerkvoorzieningen inzetten. Dit taakveld heeft betrekking op de maatwerkvoorzieningen als woningaanpassingenen, Ondersteuning Thuis, Dagbesteding, mobiliteit e.d Regionaal (Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang) Samen met de Flevolandse gemeenten is er een Regionaal Kader Zorglandschap Wmo opgesteld, waarin het beleid voor de periode 2022-2026 is vastgelegd. Het regionale zorglandschap Wmo Flevoland richt zich op de ondersteuning van inwoners met een kwetsbaarheid en/of een ondersteuningsvraag door psychische problemen, verslaving, een lichte verstandelijke beperking en/of problemen door huiselijk geweld of kindermishandeling.
Het woonplaatsbeginsel en financieel verdeelmodel dat voor Beschermd Wonen in zou gaan op 1 januari 2024 is opnieuw uitgesteld. Met het woonplaatsbeginsel wordt geregeld dat alle gemeenten voortaan verantwoordelijk zijn voor Beschermd Wonen voor de eigen inwoners. In de regio wordt er al wel voorbereid op deze ontwikkeling, zoals opgenomen in het Zorglandschap. Aangezien er nog niets bekend is over het bijbehorende financieel verdeelmodel, zijn de financiële consequenties nu nog niet in te schatten. Cluster van taakvelden Met het vaststellen van de financiële verordening 2024 is het mogelijk dat de raad een aantal taakvelden in samenhang autoriseert omwille van de integraliteit. In de toelichting bij artikel 4 lid 2 uit de financiële verordening is aangegeven dat het aantal taakvelden in de afgelopen jaren door de wetgever steeds verder zijn opgeknipt. Zo zijn de taakvelden die horen bij de uitvoering van de Wmo ingedeeld op basis van kostensoort. Daar is vanuit het Rijk wat voor te zeggen, omdat de ontwikkeling van alle gemeenten gezamenlijk dan beter te volgen is. Echter zorgt dat op gemeentelijk niveau ervoor dat de verantwoording van een integraal dossier als de Wmo verspreid over 10 taakvelden plaatsvindt. Dit maakt sturing en verantwoording er niet overzichtelijker op en dit blijkt ook uit de vragen die er ieder jaar vanuit de raad worden gesteld.
In de financiële verordening is daarom opgenomen dat de raad met het vaststellen van de programmabegroting bepaalt welke beleidsterreinen integraal geautoriseerd worden en waarover dan ook integraal verantwoording zal worden afgelegd in de jaarstukken. In deze programmabegroting zijn de taakvelden die horen bij de uitvoering van de jeugdzorg en de Wmo om die reden geclusterd.
WMO - integraal Lasten
6.21 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen WMO 6.60 Hulpmiddelen en diensten (WMO) 6.711 Huishoudelijke hulp (WMO) 6.712 Begeleiding (WMO) 6.713 Dagbesteding (WMO) 6.714 Overige maatwerkarrangementen (WMO) 6.791 PGB WMO 6.811 Beschermd wonen (WMO) 6.812 Maatschappelijke- en vrouwenopvang (WMO) 6.91 Coördinatie en beleid WMO
Totaal Lasten Baten 6.60 Hulpmiddelen en diensten (WMO) 6.811 Beschermd wonen (WMO) Totaal Baten Eindtotaal
2025
2026
2027
2028
-3.701 -6.724 -9.449 -4.429 -2.771 -1.016 -1.912 -99 -273 -391 -30.765 606 650 1.256 -29.509
-3.701 -6.837 -9.913 -4.429 -2.771 -1.016 -1.915 -99 -273 -391 -31.345 1.514 700 2.214 -29.131
-3.702 -6.934 -10.408 -4.429 -2.771 -1.016 -1.920 -99 -273 -391 -31.941 1.513 450 1.963 -29.978
-3.702 -7.030 -10.917 -4.429 -2.771 -1.016 -1.924 -99 -273 -391 -32.551 1.513 200 1.713 -30.838
Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2028 (na raadsbehandeling)
57
6WMO WMO - integraal (vervolg)
Lasten Baten
2025 -30.765 1.256
2026 -31.345 2.214
Bedrag x €1.000
2027 -31.941 1.963
2028 -32.551 1.713
Wat willen we bereiken? Lokaal We willen dat inwoners, ook als zij een beperking hebben, zoveel mogelijk mee kunnen doen aan de samenleving en zelfstandig kunnen blijven wonen. Regionaal (Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang) Vanuit de regionaal kader zorglandschap helpen we inwoners om zo veel mogelijk naar een normale leefsituatie te komen. Daarbij blijven ze zo veel mogelijk in hun eigen woonomgeving. Hun behoeften en mogelijkheden staan centraal. Eigen regie, inzet op kansen en het aansluiten bij wat iemand wil en kan zijn namelijk belangrijke voorwaarden voor herstel. Het zorglandschap Wmo Flevoland kent 5 hoofddoelstelling die nader zijn uitgewerkt in het uitvoeringsprogramma. Het gaat daarbij om de volgende hoofddoelstellingen: 1.Versterking draagkracht en draagvlak wijken, zodat inwoners zich welkom voelen 2.Huisvesting en beschikbaarheid van voldoende woningen 3.Een gedifferentieerd en passend aanbod dat regionaal goed gespreid is 4.Clientondersteuning, ervaringsdeskundigheid en betrokkenheid van de omgeving 5.Transformatie binnen de beschikbare middelen
Wat gaan we daarvoor doen? Sociaal Wijkteam Het Sociaal wijkteam is de toegang voor de Wmo voorzieningen. Hierbij voeren zij keukentafelgesprekken met inwoners waarbij alle leefgebieden aan bod komen. Er wordt gekeken wat nodig is, wat de inwoner zelf kan of waar het netwerk een bijdrage kan leveren.In 2024 is de ontstane wachtlijst ingelopen en valt de wachttijd binnen de normen die daarvoor landelijk zijn vastgesteld. In 2023 is onderzoek gedaan naar de organisatie van het Sociaal wijkteam door Hiemstra en de Vries. De uitwerking van de onderzoeksresultaten is nog in volle gang. 1. Huishoudelijke Hulp Op basis van het principe 'schoon en leefbaar huis' kunnen inwoners in aanmerking komen voor huishoudelijke hulp. We willen kwalitatief goede ondersteuning bieden die breder is dan alleen schoonmaken maar ook een signalerende werking heeft door aandacht en goed te luisteren naar de inwoner. 2. Ondersteuning thuis Het gaat hierbij om het bieden van ondersteuning, zodat inwoners zelfstandig kunnen blijven functioneren. Naast ondersteuning op het gebied van structuur en dagritme gaat het hierbij met name om praktische hulp bij taken gericht op het bevorderen, behouden en vergroten van zelfredzaamheid. 3. Dagbesteding Het gaat hierbij om het bieden van dagbesteding voor ouderen, inwoners met een lichamelijke of verstandelijke beperking of inwoners met GGZ problematiek. 4.