BL Nota van uitgangspunten
Tekst van het document
Nota van Uitgangspunten
Ontwikkeling Extra Beveiligde Zittingszaal – 19 juni 2023 1. Inleiding De gemeente Lelystad, het Rijksvastgoedbedrijf en het ministerie van Justitie en Veiligheid hebben de intentie naar elkaar uitgesproken voor een gezamenlijke verkenning. In deze verkenning zijn de randvoorwaarden onderzocht die nodig zijn voor een goede en veilige inpassing van een Extra Beveiligde Zittingszaal (EBZ) in het plangebied (zie figuur 1). De EBZ dient als een rechtbank waar verdachten berecht kunnen worden waarbij sprake is van een hoog veiligheids- of vluchtrisico. Het transporteren van deze verdachten, maar ook rechters, officieren en beveiligde advocaten/pers, gebeurt onder leiding van een Bijzonder Ondersteuningsteam (BOT) van de Dienst Vervoer en Ondersteuning (DV&O) van Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI). Dit gaat over het algemeen over de weg, maar de beveiligde personen kunnen ook middels een helikopter vervoerd worden. Een BOT-transport bestaat uit meerdere gepantserde voertuigen die zich met verhoogde snelheid en optische- en geluidsignalen verplaatsen. Deze nota beschrijft de uitgangspunten voor de verdere ontwikkeling van de EBZ zoals de gemeente voorstelt te hanteren. De Nota van Uitgangspunten is te lezen als een basis waarop partijen uiteindelijk gezamenlijk een evenwichtig en integraal project ontwikkelen.
De beoogde locatie van de EBZ heeft namelijk veel samenhang met andere ontwikkelingen in het gebied, zoals ZuiderC/Warande 2.0 en de bestaande omgeving. Daarom beoogt de gemeente met de Nota van Uitgangspunten om de veiligheid, kwaliteit van de ruimtelijke ordening en de integraliteit met de omliggende ontwikkelingen van Lelystad te garanderen. 2. Uitgangspunten In de uitgangspunten staan zeven thema's centraal die impact hebben op de omgeving en het ontwikkelingsproces van de EBZ. Te weten: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Ontwikkeling en Plangebied Inpassing Veiligheid Helikopter landplaats en bewegingen Infrastructuur Ruimtelijke procedure Participatie
Hieronder zijn de thema's verder uitgelicht. 2.1 Ontwikkeling en plangebied Het gaat hier om een gebouw met een omvang tussen de 10.000 tot 16.000 m2 Bruto Vloeroppervlakte. Hierin zijn minimaal twee zittingszalen die ca. 225 dagen per jaar tijdens kantooruren worden gebruikt. Het gebouw en de omgeving moet voldoen aan een scala aan veiligheidsmaatregelen. Denk onder andere aan twee ontsluitingswegen en afstand tot omringende bebouwing. In de naastgelegen Penitentiaire Inrichting (PI Lelystad) worden overnachtingscellen gerealiseerd voor gedetineerden tijdens meerdaagse zittingen. Hierdoor hoeven er minder risicovolle transporten plaats te vinden. Daarnaast komt er een landingsmogelijkheid helikopter voor het transporteren van verdachten, ook zullen er helikoptervluchten zijn die niet landen maar vanuit de lucht de transporten over de weg begeleiden. Ook wordt er voorzien in circa 250 parkeerplaatsen waarvan een deel bestemd is voor openbare parkeergelegenheid betreft voor bezoekers en een deel afgeschermd voor procespartijen. Op de onderstaande kaart is het plangebied zichtbaar binnen de omgeving. 11 Nota van Uitgangspunten EBZ – 16 juni 2023.
Figuur 1 Huidige bestemming grondgebied EBZ
2.2 Inpassing Voor de gemeente Lelystad is het van belang dat de EBZ op integrale wijze wordt ingepast met de (toekomstige) omgeving. De EBZ wordt onderdeel van de bredere gebiedsontwikkeling waarbij wordt geïnvesteerd in de ontwikkeling van woningbouw, infrastructuur en natuur in Lelystad. De bestaande woningbouw in de Landstrekenwijk en nieuwbouw in de Nooten en ZuiderC/Warande 2.0 staan hier centraal in. In de woonvisie 2022-2027, de kadernota Duurzaamheid 2016-2025, de omgevingsvisie Lelystad 2040 en bestemmingsplan Warande Klein Nooten staan randvoorwaarden voor de inpassing beschreven die de kwaliteit van de woon- en leefomgeving moeten garanderen. Samengevat uit zich dat in de volgende punten: 1. Lelystad gaat met de Woonvisie voor integrale gebiedsontwikkeling. Dit houdt in dat de verschillende omgevingsfacetten van de (toekomstige) ontwikkeling niet alleen uitgaan van de bestaande situatie, maar ook rekening houden met de gebiedsontwikkeling van ZuiderC/Warande 2.0. 2. Lelystad biedt, zoals gesteld in de Woonvisie, hoogwaardige woonkwaliteit. Lelystad is groen en ruim opgezet en profileert zich als hoofdstad van de nieuwe natuur. Dit levert onderscheidende woonmilieus op ten opzichte van de andere steden binnen de Metropool Regio Amsterdam.
Bij de ontwikkeling willen we deze kwaliteiten vasthouden voor zowel de bestaande woningen als de toekomstige woningbouw in de omgeving van het plangebied. De omgeving moet een goed milieukwaliteit (geluid, lucht, bodem, externe veiligheid) behouden en krijgen. 3. De ontwikkeling van de EBZ volgt het rijksbeleid zoals vastgelegd is in de routekaart duurzaamheid, waarin onder andere de beleidsdoelen van Parijs 2050 zijn opgenomen. De routekaart stelt niet alleen eisen aan duurzaamheid, maar ook energieneutraal, CO2-reductie, natuurinclusiviteit, klimaatbestendigheid en biodiversiteit. 4. Op basis van de Woonvisie en de kadernota Duurzaamheid streeft Lelystad naar een groene, duurzame en natuurinclusieve stad. Lelystad wordt op een duurzame, klimaatbestendige en Nota van Uitgangspunten EBZ – 16 juni 2023.
12
energieneutrale manier ontwikkeld. Er moet voldoende groen, natuur, biodiversiteit en water zijn, met aandacht voor klimaatadaptatie. 5. De ontwikkeling van ZuiderC/Warande 2.0 heeft als doelstelling om te voorzien in een groot deel van de (landelijke) woningbouwbehoefte. Het plangebied van de EBZ bevindt zich aan de entree van deze woningbouwopgave. Daarmee is de uitstraling van de EBZ bepalend voor het beeld van het achterliggende woongebied. In de omgevingsvisie is, in het nog te ontwikkelen deel van ZuiderC/Warande 2.0, het wonen midden in de nieuwe natuur als norm vastgelegd. De komst van de EBZ mag niet ten koste gaan van de kwaliteit van de uitstraling van de entree van het woongebied en het woongebied zelf. Om de integraliteit van de ruimtelijke kwaliteit van het gebied te waarborgen is het uitgangspunt dat de twee ontwikkelingen ruimtelijk in samenhang worden ingepast, zowel landschappelijk als architectonisch. ZuiderC/Warande 2.0 en de EBZ dienen ruimtelijk en functioneel op elkaar te worden afgestemd zodat er een integrale toepassing ontstaat, welke recht doet aan beide ontwikkelingen. Dit uit zich in de volgende uitgangspunten: • De EBZ en ZuiderC/Warande 2.0 worden op een natuurlijke wijze landschappelijk op elkaar aangesloten. • De EBZ maakt het ontwikkelen van een representatieve, groene en logische wijkentree niet onmogelijk.
• Tussen de EBZ en de wijkentree (laan) dient voldoende ruimte aanwezig te zijn voor een riante groenbuffer van meerdere bomenrijen, al dan niet in combinatie met een waterpartij (watersysteem). • Tussen de EBZ en de Torenvalktocht dient voldoende ruimte aanwezig te zijn voor een, nader overeen te komen, riante groenbuffer. • Conform de Welstandsnota dient voor het EBZ gebied, waarvoor een ruimtelijke procedure doorlopen moet worden, een beeldregieplan te worden opgesteld. 6. In het bestemmingsplan ‘Warande Klein Nooten’ is een reservering opgenomen voor het realiseren van een brug ten behoeve van de entree van ZuiderC/Warande 2.0. Deze bouw/gebiedsaanduiding is leidend voor het gewenste tracé van de aan te brengen ontsluiting. 2.3 Veiligheid Binnen het verdere traject dient integrale veiligheid en de veiligheidsbeleving te allen tijde een integraal onderdeel te zijn van de plannen. Inwoners van de gemeente Lelystad kunnen worden geconfronteerd met meerdere BOT transporten per dag in combinatie met een overvliegende of landende helikopter. Dit doet iets in algemene zin met de veiligheidsbeleving van onze inwoners. In de uitwerking van de plannen zal dit centraal staan, dan wel als participatie en communicatie meegenomen worden tijdens de verdere uitwerking.
Voor zowel het beveiligde transport als wel voor de gemeente Lelystad is het van belang dat de doorstroming van de Larserdreef niet in het geding komt. 2.4 Helikopter landplaats en bewegingen Een vliegende helikopter heeft impact op de omgeving van het plangebied. Dit heeft te maken met het geluid dat de helikopter genereert. Bij het berekenen van de geluidsbelasting op de woningen wordt gebruik gemaakt van de Level day-evening-night (Lden) eenheid. De streefwaarde voor een goede ruimtelijke ordening bedraagt een geluidsbelasting van maximaal 48 Lden op de dichtstbijzijnde gevoelige gebouwen. Daarmee hanteert de gemeente de voorschriften zoals gelden in de wet burgerluchthaven, voor de geluidscontouren, waarbij de provincie geen afweging hoeft te maken. De eerste woningen in het bestaande gebied staan op 200 meter. Dit betreft de woningen in de Nooten en in Landstrekenwijk. Om in de omgeving een zo goed mogelijk leefmilieu te behouden is het van belang dat de 48 Lden contour niet buiten de 200 meter cirkel komt. Op basis van een prognose van aantal te verwachten vluchten is een geluidsonderzoek uitgevoerd. Hieruit blijkt dat de 48 Lden contour van de geluidsbelasting binnen deze cirkel blijft. Een deel van die 200 meter cirkel om de Nota van Uitgangspunten EBZ – 16 juni 2023.
13
helikopterlandingsplaats van de EBZ gaat over een te ontwikkelen woningdeel van ZuiderC/Warande 2.0 heen. Daarom is het van belang dat de ontwikkeling van ZuiderC/Warande 2.0 en de EBZ integraal wordt opgepakt en het niet ten koste gaat van de kwaliteit van de ontwikkelplannen van Warande en een veilige inpassing van de EBZ.
2.5 Infrastructuur De gemeente Lelystad zet zich met de omgevingsvisie Lelystad 2040 in op snellere en betere, maar vooral ook veilige verbindingen naar de groeikernen van de stadsranden en het regionale wegennet. De Larserdreef is op het moment van opstellen van de nota een zwaarbelaste ontsluiting van het Lelystadse wegverkeer. Om de veiligheid van en de goede doorstroming op de Larserdreef, maar ook elders in de stad, te verzekeren wordt in de ontwikkeling rekening gehouden met de volgende uitgangspunten: 1. De beoogde verkeersbewegingen van de EBZ mogen geen ‘grote’ negatieve invloed hebben op de huidige en toekomstige reistijd van de bewoners/bezoekers van Lelystad. 2. Uit onderzoek naar de verkeersdruk op de Larserdreef is gebleken dat de hoeveelheid ontsluitingen problematisch zijn voor de drukte van de dreef. Om de veiligheid van de Larserdreef te garanderen voor zijn gebruikers mag er geen extra nieuwe aansluiting komen op de Larserdreef. De mogelijkheid tot combineren van aansluitingen of het verplaatsen van een huidige aansluiting valt wel binnen de mogelijkheden. 3. De Larserdreef is op het moment van opstellen van de verkenningsrapportage, met name in de spits, een zwaarbelaste ontsluiting in het Lelystadse wegverkeer. Dit vormt een risico voor het veilig kunnen uitvoeren van de hoog beveiligde transporten van en naar de EBZ waarvoor de doorstroming van belang is.
Voorwaarde is dat er een goede en veilige doorstroming op de Larserdreef geborgd is voorafgaand aan de ingebruikname van de EBZ. Dit uitgangspunt staat de ontwikkeling van de EBZ niet in de weg, gezien de planning van de ontwikkeling van de Laan van Nieuwland (geplande oplevering 2027) die een belangrijke bijdrage zal leveren aan het ontlasten van de Larserdreef en ruim voor de ingebruikname van de EBZ (globale planning oplevering eind 2028) gereed is. 2.6 Ruimtelijke procedure Lelystad hecht veel waarde aan een goede ruimtelijke ordening, waarbij de leefbaarheid en veiligheid van de bewoners centraal staat. Om te voldoen aan de landelijk wet- en regelgeving zal de ontwikkeling een ruimtelijke procedure moeten doorlopen om af te wijken van de huidige bestemming. De gemeenteraad is het bevoegd gezag van deze procedure en zal toestemming moeten geven door het vaststellen van een omgevingsplan of het afgeven van een verklaring van geen bedenkingen bij een omgevingsvergunning. 2.7 Participatie In Lelystad hebben we participatie hoog in het vaandel. Bij de ontwikkeling worden de belanghebbenden door de initiatiefnemer tijdig betrokken en wordt duidelijkheid gegeven hoe het participatietraject er uit zal zien.
Het participatietraject wordt in samenspraak met de gemeente opgesteld, waar de (eind-)verantwoordelijkheid van het participatieproces bij het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) en het ministerie van Justitie en Veiligheid ligt. Hierin wordt er op een open en transparante wijze samengewerkt. Deze samenwerking dient te leiden tot een participatieplan. Participatie is daarnaast een belangrijke pijler onder de Omgevingswet. Vroegtijdig samenwerken vergroot de kwaliteit van oplossingen en zorgt ervoor dat verschillende perspectieven, kennis en creativiteit op tafel komen. Zo kan participatie zorgen voor meer draagvlak, betere besluiten en besparing van tijd. Participatie is maatwerk. In de wet is een motiveringsplicht opgenomen: het bevoegd gezag geeft bij een besluit aan hoe het de omgeving bij de voorbereiding heeft betrokken en wat het met de resultaten heeft gedaan. Nota van Uitgangspunten EBZ – 16 juni 2023.
14
In november 2021 heeft de raad de Beleidsvisie Participatie 2021 vastgesteld. Door het vaststellen van de Beleidsvisie Participatie 2021 is uitvoering gegeven aan de ontwikkeling door college en raad van een gezamenlijke visie op participatie. Belangrijke conclusies uit de Beleidsvisie Participatie 2021 zijn dat: 1. Een zorgvuldig, afgewogen inzet van participatie heel belangrijk is 2. Laat de vraagstukken aansluiten bij de belevingswereld van de belanghebbenden en voorkom dat men het als last gaat zien. Er moet ruimte zijn voor participatie en participanten moeten een bepaalde mate van invloed kunnen uitoefenen. 3. Elk participatietraject zo ingericht wordt, dat echt alle belanghebbenden de gelegenheid hebben om zich te laten horen en daartoe uitgenodigd worden. 4. Er voor elk participatietraject vooraf een weloverwogen participatieplan, volgens het ‘Stappenplan Participatie”, wordt gemaakt en ook uitgevoerd. Hierin zijn duidelijke kaders van de participatie en een duidelijke rol van de gemeente cruciaal in. Tijdens de ontwikkeling van de EBZ zal de initiatiefnemer aan de randvoorwaarden moeten voldoen voor participatie zoals gesteld in de beleidsvisie Participatie 2021.
Nota van Uitgangspunten EBZ – 16 juni 2023.
15