BL 4. was wordt lijst Verordeing clientenparticipatie
Tekst van het document
Was
Artikel 2 – Doelstelling cliëntenparticipatie De cliëntenparticipatie heeft als doel te bewerkstelligen dat (ervarings)deskundige inwoners, vanuit een onafhankelijke positie, optimaal betrokken zijn bij de voorbereiding, vaststelling, uitvoering, evaluatie en aanpassing van het gemeentelijk beleid op het gebied van de Participatiewet, Jeugdwet en Wmo en de algemene publicaties hiervan. Door middel van gevraagd en ongevraagd advies hebben inwoners invloed op het beleid binnen het sociaal domein.
Wordt Artikel 1 - Begripsbepalingen j. Verantwoordelijke portefeuillehouder (s): de portefeuillehouder(s) Jeugdwet, Participatiewet en de Wmo (2015); Artikel 2 - Reikwijdte van de verordening Het toepassingsgebied van de verordening is het beleid binnen het sociaal domein van de gemeente Lelystad, specifiek op de terreinen van de Wmo, de Jeugdwet en de Participatiewet. Artikel 3 – Doelstelling cliëntenparticipatie 1. Cliëntenparticipatie heeft tot doel ervoor te zorgen dat (ervarings)deskundige inwoners, vanuit een onafhankelijke positie, actief betrokken zijn bij de voorbereiding, vaststelling, uitvoering, evaluatie en aanpassing van het gemeentelijk beleid op de terreinen van de Wmo, de Jeugdwet en de Participatiewet. 2. De cliëntenraad heeft in dat kader de volgende doelstellingen: a. Een bijdrage leveren aan de aan het gemeentelijk beleid op de terreinen van de Wmo 2015, de Jeugdwet en de Participatiewet, vanuit het perspectief van de inwoners; b. Een onafhankelijke visie te bieden, op basis van de kennis en ervaring van de inhoudsdeskundigen en ervaringsdeskundigen vertegenwoordigd in de cliëntenraad, zo nodig wordt een beroep gedaan op externe professionele ondersteuning.
Reden Ter verduidelijking is dit nieuw begrip toegevoegd.
Artikel 4 - Bevoegdheden cliëntenraad 1. De cliëntenraad is bevoegd gevraagd en ongevraagd advies uit te brengen aan het college over beleidsonderwerpen die vallen binnen het sociaal domein, specifiek op de terreinen van Wmo 2015, Jeugdwet en Participatiewet en die van belang zijn voor de inwoners van de gemeente. 2. De cliëntenraad kan werkgroepen instellen rond bepaalde onderwerpen. De bevindingen van de werkgroepen worden aan de cliëntenraad voorgelegd. 3. De cliëntenraad kan één of meer
De bevoegdheden van de cliëntenraad zijn expliciet gemaakt. In de praktijk was er soms onduidelijkheid hierover.
Nog duidelijkere afbakening bleek in de praktijk nodig. Daarom is dit nieuw artikel toegevoegd
Lid 2 is toegevoegd om de betrokkenheid en de onafhankelijke positie van de cliëntenraad te benadrukken
(externe) deskundigen uitnodigen de vergadering bij te wonen voor het geven van toelichting of advies, voor zover het budget dat toelaat. 4. De leden van de cliëntenraad kunnen derden raadplegen over aangelegenheden waarmee zij als lid van de cliëntenraad te maken krijgen, voor zover het werkbudget dat toelaat. 5. De cliëntenraad is niet bevoegd te adviseren over klachten, bezwaaren beroepschriften en andere zaken die op individuele cliënten betrekking hebben. Evenmin kan worden geadviseerd op het gebied van personeels- en organisatiebeleid, inkooptrajecten, contractbeheer of andere operationele en uitvoerende processen. Artikel 5 - Taken cliëntenraad 1. De cliëntenraad adviseert het college in ieder geval over: a. gemeentelijk beleid in het kader van Participatiewet, Jeugdwet en Wet Maatschappelijke ondersteuning 2015; b. uitwerking van het beleid van Participatiewet, Jeugdwet en Wet Maatschappelijke ondersteuning 2015. 2. De cliëntenraad komt vanuit verschillende invalshoeken tot breed gedragen adviezen waarmee bevorderd wordt dat er een gezamenlijk, integraal en evenwichtig gemeentelijk beleid op deze beleidsterreinen tot stand komt. 3. De cliëntenraad informeert en raadpleegt de achterban. 4.
De cliëntenraad stelt een huishoudelijk reglement op waarin onder meer de volgende zaken zijn geregeld: - de werkwijze van de cliëntenraad; - de wijze van informeren en raadplegen van de achterban; - de taakverdeling binnen de cliëntenraad; - de wijze van besluitvorming; - het rooster van aftreden van leden; - de wijze van beëindiging lidmaatschap of schorsing van leden; - de verdeling vrijwilligersvergoeding over de leden.
De taken van de cliëntenraad zijn expliciet gemaakt. In de praktijk was er soms onduidelijkheid hierover.
Artikel 4 – Faciliteiten Het college zorgt voor adequate ondersteuning van de cliëntenraad. Hiertoe: a. stelt het college een vergaderruimte ter beschikking Bij noodzakelijk digitaal vergaderen wordt adequate ICT ondersteuning geleverd die door de leden zelf kan worden ingeroepen; b. Het college stelt budget beschikbaar voor het aanstellen van een ambtelijk secretaris voor het verzorgen van de notulen van de vergaderingen van de Cliëntenraad en overige werkzaamheden; c. stelt het college ambtenaren van de gemeente beschikbaar om een vergadering bij te wonen voor het geven van toelichting of uitleg, als daarom door de cliëntenraad is verzocht; d. stelt het college jaarlijks een budget beschikbaar, bestemd voor een forfaitaire onkostenvergoeding voor de deelnemers aan de cliëntenraad en voor overige te maken kosten, zoals deskundigheidsbevordering of een spreker, kantoorkosten en (digitale) communicatie/presentatie. Leden kunnen voor hun werk in de cliëntenraad aanspraak maken op een jaarlijks te bepalen vergoeding per vergadering. De hoogte van deze bedragen wordt bepaald in het huishoudelijk reglement.
5. De cliëntenraad stelt het huishoudelijk reglement vast, nadat dit ter beoordeling aan het college is voorgelegd, en werkt volgens het huishoudelijk reglement. Bepalingen in het huishoudelijk reglement die strijdig zijn met deze verordening, andere wettelijke kaders en/of gemeentelijk beleid zijn nietig. 6. Jaarlijks voor 1 april brengt de cliëntenraad aan het college verslag uit van haar activiteiten en bevindingen over het voorgaande jaar. Artikel 6 – Faciliteiten 1. Het college zorgt voor adequate ondersteuning van de cliëntenraad, zodat deze haar taken op een effectieve en representatieve wijze kan uitvoeren namens een brede achterban. 2. Het college stelt vergaderruimte ter beschikking voor vergaderingen. 3. Het college stelt op verzoek van de cliëntenraad passende ICTondersteuning beschikbaar voor noodzakelijke digitale vergaderingen. 4. Het college stelt op verzoek van de cliëntenraad ambtenaren beschikbaar om vergaderingen bij te wonen voor toelichting of uitleg. 5. Het college stelt een ambtenaar beschikbaar voor het regelen van vergaderruimtes en het verzorgen van financiële betalingen. 6. Het college stelt jaarlijks een budget beschikbaar, om te bevorderen dat de cliëntenraad redelijkerwijs in staat wordt gesteld namens een brede achterban gemeenschappelijke belangen te kunnen behartigen. 7.
Het in het vijfde lid genoemd budget is uitsluitend bestemd voor: - het aanstellen van een ambtelijk secretaris voor de verslaglegging van de vergaderingen en overige ambtelijke ondersteuning; - een onkostenvergoeding voor de deelnemers aan de cliëntenraad; - deskundigheidsbevordering of een spreker; - inschakeling van professionele ondersteuning door derden; - documentatie, literatuur, vaktijdschriften; - faciliteiten voor kantoorkosten, correspondentie, telefoon, computergebruik,
Dit artikel is een verduidelijking van alle faciliteiten. In de nu geldende verordening waren de faciliteiten verspreidt opgenomen en daardoor soms niet duidelijk.
internetaansluiting; faciliteiten voor overleg met en activering van de achterban; - vergoeding speciale voorzieningen in verband met een handicap; - het houden van vergaderingen; - voorlichting en PR. 8. Leden kunnen voor hun werk in de cliëntenraad aanspraak maken op een jaarlijks te bepalen vrijwilligersvergoeding per vergadering. De hoogte van deze bedragen wordt bepaald in het huishoudelijk reglement. -
Artikel 3 - Werkwijze 1. In het kader van de cliëntenparticipatie sociaal domein vraagt het college de Cliëntenraad Sociaal Domein om advies over de onderwerpen als bedoeld in artikel 2. Zij doet dat op een zodanig tijdstip dat dit advies van wezenlijke invloed kan zijn op het te nemen besluit. 2. De cliëntenraad brengt binnen 6 weken na de adviesaanvraag advies uit aan het college. Indien noodzakelijk kan de cliëntenraad gevraagd worden haar advies op kortere termijn uit te brengen. Deze termijn zal in overleg met de cliëntenraad worden afgesproken. 3. De cliëntenraad is gerechtigd uit eigen beweging schriftelijk advies uit te brengen aan het college over de onderwerpen als bedoeld in artikel 2. 4. Het college geeft binnen 6 weken nadat het advies is ontvangen een reactie op het uitgebrachte advies of informeert de cliëntenraad over de datum waarop deze reactie wordt gegeven. Deze reactie heeft zowel betrekking op een gevraagd als op een ongevraagd advies en wordt samen met het advies ook aan de gemeenteraad overgebracht. Tevens wordt concreet aangegeven op welke wijze het advies al dan niet wordt meegenomen in beleid en/of uitvoering 5. Het advies van de cliëntenraad wordt bij de besluitvorming
Artikel 7 - Werkwijze 1. Het college betrekt de cliëntenraad bij de voorbereiding van beleid, overeenkomstig de verplichtingen uit de Participatiewet, Jeugdwet en Wmo 2015. Zij doet dat op een zodanig tijdstip dat dit advies van wezenlijke invloed kan zijn op het te nemen besluit. 2. De cliëntenraad brengt binnen 6 weken na de adviesaanvraag advies uit aan het college. Indien noodzakelijk kan de cliëntenraad gevraagd worden haar advies op kortere termijn uit te brengen. Deze termijn zal in overleg met de cliëntenraad worden afgesproken. 3. Het college reageert binnen zes weken na ontvangst van een gevraagd of ongevraagd advies schriftelijk op het advies van de cliëntenraad, waarbij het college aangeeft of, en op welke wijze, het advies wordt meegenomen in beleid of uitvoering. Als een schriftelijke reactie niet binnen zes weken kan worden gegeven, laat het college de cliëntenraad binnen die termijn weten wanneer de schriftelijke reactie volgt. Het college stuurt het advies van de cliëntenraad en de schriftelijke reactie van het college aan de gemeenteraad. 4. Het advies van de cliëntenraad wordt betrokken bij de besluitvorming waarop het advies betrekking heeft. Als het college afwijkt van het advies, vermeldt het college dit uitdrukkelijk in de schriftelijke reactie, met daarbij een motivering van de afwijking. 5.
In afwijking van het eerste lid wordt geen advies gevraagd aan de cliëntenraad, wanneer de uitvoering
De werkwijze, informatievoorziening en samenwerking is duidelijker neergezet. Er is geen wijziging in de werkwijze beoogd ten opzichte van de nu geldende verordening. Wie is de in de praktijk ontstane werkwijze vastgelegd, waaronder bij beleidsvorming met spoedeisende karakter. Overbodige artikelleden zijn verwijderd. Extra lid toegevoegd om te voorkomen dat de gemeente herhaaldelijk moet reageren op adviezen over hetzelfde onderwerp.
waarop het advies betrekking heeft betrokken. In het geval het college in een voorstel aan de gemeenteraad afwijkt van het advies van de cliëntenraad, wordt dit bij het voorstel vermeld, waarbij tevens is aangegeven op welke gronden van het advies is afgeweken. 6. Het college voorziet de cliëntenraad van begrijpelijke informatie ten behoeve van het naar behoren kunnen functioneren van de cliëntenraad. Het betreft hier alle informatie die noodzakelijk is om beleid en uitvoering te begrijpen en om te kunnen reageren op plannen voor ontwikkelingen en wijzigingen. 7. Het college maakt jaarlijks afspraken met de cliëntenraad over: a. de onderwerpen waarover de cliëntenraad om advies wordt gevraagd; b. de wijze en het moment waarop de cliëntenraad in het beleidsvormingsproces wordt betrokken; c. het jaarlijks beschikbare budget voor de cliëntenraad. Hierin is begroot wat conform artikel 4.d. beschikbaar is voor de forfaitaire onkostenvergoeding voor de leden, de kosten van deskundigheidsbevordering en documentatie (zoals lidmaatschap van de koepel, training en abonnementen), de kosten voor communicatie en presentatie (zoals ontwikkeling en beheer van de website, themabijeenkomsten en ouderavonden), kosten van inhuren van externe expertise en overige kosten 8. Het college wijst een coördinerend ambtenaar aan als aanspreekpunt voor de communicatie met de cliëntenraad.
De coördinerend ambtenaar heeft regelmatig overleg met (een afvaardiging van) de cliëntenraad. 9. De cliëntenraad komt minimaal
van een beleidsvoornemen een spoedeisend karakter heeft en de cliëntenraad heeft aangegeven hierop op korte termijn niet te kunnen reageren. De cliëntenraad wordt in dit geval geïnformeerd over het beleidsvoornemen. 6. Het advies van de cliëntenraad en de schriftelijke reactie worden gedeeld met de gemeenteraad. 7. Wanneer de cliëntenraad, na ontvangst van een schriftelijke reactie van het college op een eerder advies, opnieuw advies uitbrengt over hetzelfde onderwerp zonder dat er sprake is van nieuwe of gewijzigde omstandigheden, is het college niet verplicht hierop te reageren. In dat geval wordt de cliëntenraad hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld, met een verwijzing naar de eerdere reactie. Artikel 8 Informatievoorziening 1. Het college informeert de cliëntenraad over ontwikkelingen en zaken die betrekking hebben op het beleid binnen het sociaal domein. 2. Het college informeert de cliëntenraad over de resultaten van klanttevredenheidsonderzoeken, enquêtes en klachtrapportages alsmede over de stand van zaken wat betreft het collegeprogramma ten aanzien van Participatiewet, Jeugdwet en Wet Maatschappelijke ondersteuning 2015en de daarbij behorende tussenrapportages. 3. Het college voorziet de cliëntenraad van begrijpelijke informatie zodat de cliëntenraad naar behoren kan functioneren.
Het gaat hier om alle informatie die noodzakelijk is om beleid en uitvoering te begrijpen en om te kunnen reageren op plannen voor ontwikkelingen en wijzigingen op de terreinen van Participatiewet, Jeugdwet en Wet Maatschappelijke ondersteuning 2015. 4. Op verzoek van de cliëntenraad verstrekt het college tijdig alle informatie die de cliëntenraad voor uitvoering van haar taken nodig acht, tenzij enig wettelijk voorschrift de verstrekking daarvan in de weg staat. Artikel 9 - Wijze van samenwerking 1. Het college maakt jaarlijks afspraken
8 keer per jaar bijeen in een regulier overleg dat wordt voorgezeten door de voorzitter, zoals genoemd in artikel 5 lid 3. Deze vergaderingen zijn openbaar, tenzij er sprake is van een stemming over personen. 10.Er vindt tenminste 1 keer per jaar een overleg plaats tussen de verantwoordelijke portefeuillehouder(s) en de cliëntenraad. Dit kan gecombineerd worden met een reguliere vergadering van de cliëntenraad. Agendapunten voor dit overleg kunnen door zowel de cliëntenraad als de gemeente worden aangeleverd. Op verzoek van één van beide partijen kan desgewenst extra overleg plaatsvinden. 11.Jaarlijks voor 1 april brengt de cliëntenraad aan het college verslag uit van haar activiteiten in en haar bevindingen over het voorgaande jaar. 12..De samenwerking tussen de gemeente en de cliëntenraad wordt jaarlijks geëvalueerd door beide partijen. De verslaglegging hiervan wordt ook gedeeld met de gemeenteraad 13.De cliëntenraad werkt volgens een door de cliëntenraad opgesteld en vastgesteld huishoudelijk reglement waarin onder meer de volgende zaken zijn geregeld: werkwijze, terugkoppeling achterban, taakverdeling, besluitvorming, rooster van aftreden, beëindiging lidmaatschap, schorsing, verdeling forfaitaire onkostenvergoeding over de leden. Het huishoudelijk reglement wordt vóór vaststelling ter goedkeuring aan het college voorgelegd. Artikel 10 – Samenstelling cliëntenraad 4.
De cliëntenraad is, voor zover redelijkerwijs mogelijk, zodanig samengesteld dat deze een afspiegeling is van de gebruikers en/of cliënten van Participatiewet, Jeugdwet en Wmo, waarin de volgende groepen vertegenwoordigd
met de cliëntenraad over: a. de onderwerpen waarover de cliëntenraad om advies wordt gevraagd; b. de wijze en het moment waarop de cliëntenraad in het beleidsvormingsproces wordt betrokken; c. het jaarlijks beschikbare budget voor de cliëntenraad. 3. Het college wijst coördinerende ambtenaren op de terreinen van de Wmo, de Jeugdwet en de Participatiewet aan als aanspreekpunt voor de communicatie met de cliëntenraad. De coördinerende ambtenaren hebben regelmatig overleg met (een afvaardiging van) de cliëntenraad. 4. De samenwerking tussen de gemeente en de cliëntenraad wordt jaarlijks geëvalueerd door beide partijen. De gemeente legt de uitkomst van de evaluatie vast in een verslag. Het verslag wordt na goedkeuring door de cliëntenraad gedeeld met de gemeenteraad. 5. Er vindt tenminste 1 keer per jaar een overleg plaats tussen de verantwoordelijke portefeuillehouder(s) en de cliëntenraad. Dit kan gecombineerd worden met een reguliere vergadering van de cliëntenraad. Agendapunten voor dit overleg kunnen door zowel de cliëntenraad als de gemeente worden aangeleverd. Op verzoek van één van beide partijen kan desgewenst extra overleg plaatsvinden.
4. De cliëntenraad is, voor zover redelijkerwijs mogelijk, zodanig samengesteld dat deze een afspiegeling is van de gebruikers of hun vertegenwoordigers en/of cliënten van Participatiewet,
Deze artikelleden zijn overbodig geworden door het nieuwe artikel 12.
zijn, met 1 afgevaardigde per categorie (a t/m h): 5.
Het college kan bepalen dat voor bepaalde groepen leden worden voorgedragen door zelforganisaties. 6. Het college kan, na overleg met de cliëntenraad, nadere regels stellen over de vertegenwoordiging. n.v.t.
Jeugdwet en Wmo, waarin de volgende groepen vertegenwoordigd zijn, met 1 afgevaardigde per categorie (a t/m h):
Artikel 12 – Nadere regels Het college kan nadere regels stellen ter uitvoering van deze verordening, voor zover deze niet in strijd zijn met de wet of deze verordening. Artikel 13 – Overgangsbepaling 1. De personen die op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze verordening lid zijn van de Cliëntenraad Sociaal Domein als bedoeld in de Verordening cliëntenparticipatie sociaal domein Lelystad 2019, worden met ingang van de inwerkingtreding van deze verordening geacht te zijn benoemd als lid van de cliëntenraad als bedoeld in deze verordening. 2. Voor de toepassing van artikel 11, derde lid, geldt dat de periode waarin zij lid waren van de cliëntenraad op grond van de Verordening cliëntenparticipatie sociaal domein Lelystad 2019 wordt meegeteld bij de bepaling van de maximale zittingstermijn van acht jaar. Herbenoeming is uitsluitend mogelijk voor zover die maximale termijn nog niet is bereikt. 3. Wanneer in de toekomst de Participatiewet, Jeugdwet of Wmo wordt vervangen door een andere wet, treedt de nieuwe wet automatisch in de plaats van de oude wet en hoeft de verordening niet volledig te worden herzien.
Hiermee is voor het college mogelijk om nadere regels op te stellen, indien nodig. Een overgangsbepaling is nodig om ervoor te zorgen dat de zittende leden kunnen blijven, zittingstermijn wordt meegeteld.