BL 1.8 Memo Uitsluiting soorten ICL
Tekst van het document
@,
anteagroup
Memo
referentienummer datum
25 november
Lelystad
aan
2025
Zeuslaan
1 BV
(geanonimiseerd) kopie
projectnummer
0490916.100
project
International Campus
betreft
MEMO
Lelystad Uitsluiting soorten Lelystad Campus
Inleiding Voor de
bouw
Lelystad is een natuurtoets uitgevoerd (Antea Group 2024). Hier uit mogelijk bepaalde beschermde soorten aanwezig kunnen zijn in het basis van deze natuurtoets er is plangebied. Op vervolgens soortgericht onderzoek uitgevoerd (Antea Group soorten te 2025) om het voorkomen van deze bevestigen, dan wel uit te sluiten en om erachter te komen wat de functie van het plangebied voor deze soorten is. Op basis van de resultaten van het nader onderzoeksrapport zijn, in overleg met de provincie en de opdrachtgever, een aantal maatregelen bedacht, waardoor overtredingen op kwam
van
naar
de flora-
de Internationale Campus te dat
voren
fauna artikelen
en
die wel in de omgeving en
1.1
de te
het
nemen
van
is dat
er
van
de Omgevingswet
het
plangebied voorkomen,
maatregelen zijn opgenomen
worden voorkomen.
in deze
geen vergunning
Hierdoor hoeft
aangevraagd
voor
een
te worden.
aantal soorten, Deze soorten
memo.
Ooievaar
Tijdens de natuurtoets (Antea Group 2024) zijn een aantal ooievaarsnesten gezien. Er is, in het daaropvolgend kalenderjaar, onderzoek gedaan naar de aantallen bezette ooievaarsnesten in en direct rondom het plangebied. Tijdens dit onderzoek zijn in totaal 11 bezette ooievaarsnesten aangetroffen. Deze nesten zitten op (relatief) grote hoogte in de hoogspanningsmasten en worden niet fysiek aangetast. Er is al een grote achtergrondverstoring in het gebied aanwezig door de aanwezigheid van een hotel en twee fastfoodketens vlakbij. Daarnaast is de ooievaarspopulatie rondom Lelystad, ondanks de menselijke activiteiten rondom Lelystad, een grote groeiende populatie. In overleg met de provincie is besloten dat voor de ooievaar geen vergunning aangevraagd hoeft te worden.
1.2
Meervleermuis De
meervleermuis
is een grote vleermuissoort die gebruik maakt van watergangen en grotere waterlichamen om verplaatsen en om op te foerageren. Over de watergangen rondom het plangebied zijn dieren op vliegroute waargenomen, waardoor de watergangen als essentiële vliegroutes bestempeld worden. Aangezien de meervleermuis een habitatrichtlijnsoort is en een strikte bescherming geniet, en in Nederland een groot deel van de wereldwijde populatie aanwezig is, is er veel onderzoek gedaan naar het gedrag van de meervleermuis. O.a. Bruinzeel (2009) heeft geschreven over de verstoringsgevoeligheid van de meervleermuis voor verlichting. Uit dit onderzoek is gebleken dat meervleermuizen op vliegroutes een maximale toename van 1 lux op hun vliegroute accepteren. Op foerageergebieden is dit nog lager, daar is een maximale waarde van 0,5 lux toegestaan. Aangezien het stuk vaart niet bestempeld wordt als essentieel foerageergebied, er is alternatief voorhanden en het is marginaal geschikt, wordt uitgegaan van een maximale toename van 1 lux. zich
te
Deze
maatregelen,
Dit document
Antea
Nederland
en
de
borging
is vertrouwelijk. Bezoek B.V.
-
statutaire zetel
Heerenveen
onze
van
-
de
website
maximale waarde
voor
de volledige disclaimer:
handelsregister 29021830
vestigingen in Heerenveen, Schoonebeek, Deventer, Almere,
Capelle
aan
den
is verder
-
BTW
nr.
IJssel, Goes,
uitgewerkt
en
paragraaf
Algemene voorwaarden
NLOO3662317801 Oosterhout
in
Maastricht
en
1.6.
privacyverklaring
blad
1 van 4
datum projectnummer betreft
1. 3
28 oktober 2025 0490916. 100 MEMO Uitsluiting soorten Lelystad Campus
Bever Aan de overzijde van de Larservaart ten oosten van het plangebied in een door Staatsbosbeheer beheerd stuk groen is een beverburcht aanwezig. In het te kappen perceel en de oeverzones rondom het plangebied zijn geen sporen van bevers aangetroffen. Het is mogelijk dat de bever de vaart gebruikt om het plangebied te passeren. Er dienen maatregelen genomen te worden om te voorkomen dat de vaart verstoord wordt door de aanwezigheid van personen of toegevoegde verlichting. Ten opzichte van de verlichting is de werkwijze in paragraaf 1. 2 Meervleermuis voldoende om er zeker van te kunnen zijn dat de bever geen last heeft van toegevoegde verlichting. De drempelwaarde van 1 lux staat gelijk aan een heldere nacht met volle maan wat een natuurlijk voorkomende luxwaarde in de nacht is. Ten opzichte van verstoring dient een hekwerk rondom het complex en voor het schouwpad aangebracht te worden om te voorkomen dat er recreatie op de oeverzone uitgevoerd wordt. ,
,
,
De precieze uitwerking van deze maatregelen is opgenomen in paragraaf 1. 6.
1. 4
Otter Tijdens de natuurtoets en het daaropvolgende nader onderzoek zijn éénmalig sporen aangetroffen van de otter. Er zijn geen geschikte holen aangetroffen of sporen die wijzen op veelvuldig gebruik van het plangebied. De otter verblijft wel in de omgeving van het plangebied mogelijk biedt de rietkraag aan de overzijde ten oosten van het plangebied verblijfplaatsen van de otter. De otter gebruikt de watergangen rondom het plangebied mogelijk om zich te verplaatsen tussen verschillende foerageergebieden. Ook kan de otter van de watergangen zelf gebruik maken om te foerageren. Er dienen maatregelen genomen te worden om te voorkomen dat van de watergang gebruik makende otters verstoord worden door de aanwezigheid van personen of toegevoegde verlichting. Ten opzichte van de verlichting is de werkwijze in paragraaf 1. 2 Meervleermuis voldoende om er zeker van te kunnen zijn dat de bever geen last heeft van toegevoegde verlichting. De drempelwaarde van 1 lux staat gelijk aan een heldere nacht met volle maan wat een natuurlijk voorkomende luxwaarde in de nacht is. Ten opzichte van verstoring dient een hekwerk rondom het complex en voor het schouwpad aangebracht te worden om te voorkomen dat er recreatie op de oeverzone uitgevoerd wordt. ,
,
De precieze uitwerking van deze maatregelen is opgenomen in paragraaf 1. 6.
1. 5
Ringslang Tijdens de natuurtoets is een juveniele ringslang waargenomen. Op basis van deze waarneming is een nader onderzoek opgestart om te weten te komen hoe een eventuele populatie in het plangebied opgebouwd is. Tijdens het nader onderzoek zijn geen extra waarnemingen van ringslangen waargenomen. Ten zuidwesten van het plangebied liggen de Oostvaardersplassen waar een gekende grote populatie ringslangen aanwezig is. Rondom (en in) Lelystad wordt de ringslang regelmatig gezien op plekken welke in meerdere of mindere mate geschikt zijn voor de soort. Ook ten oosten van het plangebied is een deelpopulatie ontstaan in het Natuurpark Lelystad. In het plangebied zijn geen broeihopen aanwezig en ook zijn er weinig amfibieën (hoofdvoedsel van ringslangen) aangetroffen. De conclusie van het onderzoek luidt daarom dat het om een enkel zwervend juveniel exemplaar ging. Ringslangen staan bekend om hun hoge dispersievermogen wat ervoor zorgt dat deze soort op locaties gezien wordt welke niet tot nauwelijks geschikt zijn voor het herbergen van een populatie. Daarnaast blijft de oeverzone normaal gezien het meest gebruikte habitatdeel van de ringslang intact waardoor ook uitwisseling tussen de deelpopulaties rondom het plangebied mogelijk blijft.
Omdat het om een zwervend exemplaar gaat en er geen essentieel leefgebied voor de ringslang aanwezig is kunnen de werkzaamheden doorgang vinden zonder de noodzaak voor het aanvragen van een vergunning. ,
,
,
,
,
,
,
1. 6
Randvoorwaarden Om te voorkomen dat er een negatief effect is op het NNN-gebied te weten de watergangen rondom het plangebied en de daarin verkerende beschermde diersoorten te weten de meervleermuis otter en bever zijn er een aantal maatregelen en randvoorwaarden afgesproken. ,
,
,
,
,
blad 2 van 4
datum projectnummer betreft
28 oktober 2025 0490916. 100 MEMO Uitsluiting soorten Lelystad Campus
Er zijn op deze locatie twee potentiële verstoringsfactoren welke voorkomen dienen te worden; • Lichtuitstraling van het appartementencomplex en de nieuw aan te leggen openbare verlichting. • Recreatiedruk op de oeverzone door bewoners van het appartementencomplex. Om te voorkomen dat deze factoren leiden tot verstoring dienen de hieronder genoemde maatregelen randvoorwaarden gevolgd te worden.
1. 6. 1
en
Lichtuitstraling Om te voorkomen dat diersoorten last hebben van lichtuitstraling wordt er een maximale waarde van 1 lux aangehouden (zie paragraaf 1. 2 en 1. 3). Om te garanderen dat deze waarde niet overschreden wordt zullen er lichtmetingen uitgevoerd worden. De huidige situatie zal in kaart gebracht worden waarna na de bouw van het complex nogmaals gemeten zal worden op de beide oevers van de vaart. Aan de hand van deze metingen dient aangetoond te worden dat de maximale luxwaarde niet overschreden zal worden. ,
1. 6. 2
,
,
Recreatiedruk Om te voorkomen dat er een verhoogde recreatiedruk op de oevers van het plangebied zal komen wordt er een hekwerk aangelegd rondom het appartementencomplex. Ook de toegang tot het schouwpad zal middels een hek afgesloten worden. In het kader van de zorgplicht dient dit hekwerk zo geplaatst te worden dat kleine zoogdiersoorten als egels wezels hermelijnen en bunzingen nog wel van het schouwpad gebruik kunnen maken om zich om het plangebied heen te kunnen bewegen. ,
,
De hier gestelde voorwaarden worden opgenomen in het ecologisch werkprotocol om te borgen dat dit bekend is bij de uitvoerder.
blad 3 van 4
datum projectnummer betreft
28 oktober 2025 0490916. 100 MEMO Uitsluiting soorten Lelystad Campus
Bronnenlijst Antea Group , (2025). Ecologisch nader onderzoek International Campus Lelystad. Antea Group , (2024). Natuurtoets International Campus Lelystad. Bruinzeel , L. W. & Schut , J. , 2009. Nulmeting lichtverstoring Bonkevaart. A&W-rapport 1339. Altenburg & Wymenga ecologisch onderzoek Feanwâlden. ,
blad 4 van 4