BL 1. 2994 onderbouwing vergunningaanvraag versie EFTAL BOPA
Tekst van het document
Aan de ene kant zegt het rapport dat de huidige frequenties voor 5G die in juli 2020 zijn geveild en de in 2022 te veilen 3,5 GHz als veilig worden aangemerkt. Daar staat tegenover dat de 26 GHz eerst nader onderzocht moet worden alvorens vrijgave kan plaatvinden. https://www.gezondheidsraad.nl/documenten/adviezen/2020/09/02/5g-en-gezondheid Begin februari 2022 heeft het kabinet nogmaals bevestigd in een brief aan de eerste kamer Memorie van antwoord bij wetsvoorstel wijziging Telecommunicatiewet | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl dat 5G veilig gebruikt kan worden. De overheid neemt voldoende voorzorg door de ICNIRP-limieten te hanteren. Dit is ook bevestigd door de rechter in de zaak over 5G.
Jurisprudentie overzicht Graag verwijzen wij naar onderstaande uitspraken: •
de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 24 augustus 2011, in zaak nummer 201101494/1/H1; LJN BR5664, waarin zeer uitgebreid ingegaan wordt op het aspect ‘gezondheid’ bij een antennemast ten behoeve van mobiele telecommunicatie. Bij de overwegingen van deze uitspraak zijn onder meer de standpunten van de Gezondheidsraad en de Wereld Gezondheidsorganisatie betrokken.
•
Deze uitspraak is inmiddels diverse keren en ook nog recent (o.a. de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 27 november 2013, in
Page 36 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
zaak nr. 201302905/1/A1, rechtsoverweging 2.1) door de Afdeling onverkort bevestigd. •
In de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 21 september 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:2522) oordeelt de Afdeling dat de rechtbank terecht heeft verwezen naar de uitspraak van de Afdeling van 24 augustus 2011 (ECLI:NL:RVS:2011:BR5664) aangaande de beoordeling van gezondheidsaspecten bij het verlenen van een vergunning voor zendmasten.
•
In de uitspraak van de Afdeling van 15 februari 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV5096, overweegt de Afdeling, dat geen sprake is van sterke wetenschappelijke aanwijzingen dat de elektromagnetische velden van antenne-installaties ernstige effecten op de gezondheid hebben, zolang de voornoemde blootstellingslimieten niet worden overschreden.
•
Deze overweging is bevestigd in de uitspraak 201709301/1/r3, ECLI:NL:RVS:2018:2853 van 29 augustus 2018.
Samenvattend stelt de Afdeling zich dus op het standpunt dat van een oorzakelijk verband tussen de blootstelling aan elektromagnetische velden enerzijds en de vermindering van het welbevinden en schade aan de gezondheid anderzijds niet is gebleken. •
Uitspraak Raad van State: 10 maart 2021 ECLI:NL:RVS:2021:504: In deze zaak tegen de Omgevingsvergunning voor een mast in Weesp, waartegen bezwaar, beroep en hoger beroep is ingesteld, heeft de Afdeling Rechtspraak Raad van State op 10 maart 2021 uitspraak gedaan, en is T-Mobile volledig in het gelijk gesteld. Nieuw is dat de Raad van State de bezwaren en rapporten op het gebied van 5G en gezondheid niet honoreert en inhoudelijk verwijst naar (de samenvatting van) het recente rapport van de Gezondheidsraad van 2 september 2020 dat TMobile had ingebracht. Ook bezwaren in verband met alternatieve mogelijkheden van plaatsing, artikel 8 EVRM (respect voor privé-leven, familie, woning), en uit voorzorg geen vergunning verlenen zijn niet gegrond verklaard.
•
Op 16 november 2022 heeft de Raad van State tevens uitspraak gedaan in een dossier omtrent een omgevingsvergunning antennemast in Hellendoorn, Nijverdal. Daarin gaat de Raad van State in op gezondheidsrisico’s en 5G. Ook daar wordt verwezen naar het rapport van 2 september 2020 en is de conclusie: Het oordeel van de rechtbank dat het college in de door [verzoeker] gestelde gezondheidsrisico’s geen reden heeft hoeven zien om de omgevingsvergunning te weigeren, onderschrijft de voorzieningenrechter geheel. ECLI: NL: RVS: 2022:3249, uitspraak 202204944/1/R3 en 202204955/2/R3 Op 28 december 2022 heeft de Raad van State wederom de jurisprudentielijn bevestigd. 202100651/1/R4, ECLI:NL:RVS:2022:3936 https://www.raadvanstate.nl/uitspraken/@134652/202100651-1-r4/
•
Uitspraak voorlopige voorziening
Page 37 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
202402038/2/R1, dd. 19 september 2024, de Raad van State voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat de voorlopige voorziening inzake de gestarte bouwwerkzaamheden van een zendmast in gemeente Schouwen-Duiveland terwijl nog niet in hoger beroep is geoordeeld (gronden hoger beroep gestoeld op gezondheidsrisico’s) aangevraagd uit angst voor gezondheidsrisico’s moet worden afgewezen. Bovendien acht de voorzieningenrechter de kans klein dat de uitspraak van de rechtbank zal worden vernietigd. Uitspraak Hoger beroep 202402038/3/R1, dd. 18 november 2024 De Afdeling kan zich vinden in het oordeel van de voorzieningenrechter en in de overwegingen waarop dat oordeel is gebaseerd. Het nadere stuk dat Lagendijk heeft ingediend, nadat de zitting bij de voorzieningenrechter op 22 augustus 2024 had plaatsgevonden, maakt dit niet anders. Het onderzoek waarop Lagendijk heeft gewezen gaat over een aantal casestudies naar een beperkt aantal personen, Voor zover daarmee zou zijn aangetoond dat er gezondheidsrisico's verbonden zijn aan het gebruik van de zendmast, betekent dit niet dat het college de omgevingsvergunning niet heeft mogen verlenen. Niet ieder gezondheidsrisico is namelijk onaanvaardbaar, zoals de voorzieningenrechter ook heeft overwogen.
Het onderzoek geeft geen aanleiding voor het oordeel dat het te verwachten effect op de volksgezondheid als gevolg van het gebruik van de zendmast zodanig is dat het college de omgevingsvergunning had moeten weigeren. Het betoog slaagt niet. Conclusie: Het hoger beroep is kennelijk ongegrond.
Verantwoordelijkheden De rijksoverheid heeft een infographic (www.overalsnelinternet.nl) gemaakt waarin wordt uitgelegd hoe het beleid rond straling en gezondheid is geregeld in Nederland. Deze regelgeving betreft landelijk vastgesteld beleid, gemeenten hebben daarin geen rol. Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI) is de toezichthouder op het gebruik van elektromagnetische velden en meet regelmatig de elektromagnetische straling. Het RDI toetst daarbij of de optelsom van alle bronnen van elektromagnetische straling onder de blootstellingslimieten blijft (cumulatieve vermogensdichtheid). De metingen zijn openbaar en staan in het Antenneregister. Antenneconvenant en plaatsingsplan De Rijksoverheid, Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de aanbieders van mobiele communicatie hebben in het Antenneconvenant afspraken gemaakt over de plaatsing van antennes waar geen omgevingsvergunning voor nodig is. De gemeente zelf is formeel geen partij in het convenant, maar kan wel nakoming vorderen. Elk jaar ontvangt de gemeente een plaatsingsplan van Monet, de vereniging van Nederlandse mobiele operators. Het plaatsingsplan is vertrouwelijk en niet openbaar. In het plaatsingsplan staan de op het grondgebied van de gemeente vergunningvrij en vergunningplichtig geplaatste antennes én de gebieden waar de aanbieders antennes willen plaatsen (zoekgebieden).
Het plan is de basis voor het plaatsingsplangesprek waarvoor de gemeente -als de gemeente daar prijs op stelt- wordt uitgenodigd door Monet. Daarin kan de gemeente het gesprek aangaan met operators over de voorgenomen antenneplaatsing. Het gesprek gaat naast de plannen van de aanbieders, ook over mogelijke knelpunten en ontwikkelingen ten aanzien van dekking, bestaande en nieuwe locaties, ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente en communicatie.
Page 38 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Rijks gebiedsbescherming Natura 2000 De Wet natuurbescherming is per 1 januari 2024 opgegaan in de Omgevingswet (hierna Ow). De Ow regelt zaken in de fysieke leefomgeving, zo ook natuuractiviteiten die effect kunnen hebben op dieren en planten in het wild en de gebieden waarin ze leven. Het doel van de nieuwe wet is om de wet- en regelgeving op het gebied van de fysieke leefomgeving te vereenvoudigen en te integreren. In de Ow is dit opgesplitst in ‘Natura 2000-activiteiten’, ‘activiteiten die geen significante gevolgen kunnen hebben voor Natura 2000-gebied’ en ‘flora- en fauna-activiteiten’. Natura 2000-activiteiten zijn activiteiten die significant nadelige gevolgen kunnen hebben voor een Natura 2000-gebied. Bescherming van deze gebieden is nodig voor het behoud van de biodiversiteit (soortenrijkdom) en om te voldoen aan de verplichtingen van de Vogel- en Habitatrichtlijn. Sommige activiteiten kunnen gevolgen hebben voor dieren en planten in het wild, dit zijn flora- en fauna-activiteiten. Het is verboden om zonder omgevingsvergunning Natura 2000-activiteiten en flora- en faunaactiviteiten met schadelijke handelingen te verrichten. Er zijn ook activiteiten die nadelige gevolgen kunnen hebben voor een Natura 2000-gebied, maar waarbij deze zeker niet significant zijn.
Als activiteiten geen significante gevolgen hebben, dan vallen ze niet onder Natura 2000- activiteiten of flora- en fauna activiteiten en is er geen omgevingsvergunning nodig. De algemene zorgplicht (Afd. 1.3 Ow) geeft aan dat eenieder verantwoordelijk is voor een veilige en gezonde leefomgeving, door nadelige gevolgen voor de fysieke leefomgeving zoveel mogelijk te voorkomen, te beperken en ongedaan te maken. Het bevat tevens een algemeen verbod op het verrichten van activiteiten die leiden tot aanzienlijke nadelige gevolgen voor de fysieke leefomgeving. In principe geldt de zorgplicht altijd, tenzij er een specifieke zorgplicht is uitgewerkt voor bepaalde activiteiten, zoals Natura 2000-activiteiten en flora- en fauna activiteiten. Als activiteiten nadelige gevolgen kunnen hebben voor Natura 2000-gebieden en bijzondere nationale natuurgebieden, moet degene die deze activiteit uitvoert zich altijd houden aan de specifieke zorgplicht bij het verrichten van de activiteit (art. 11.6 Besluit activiteiten leefomgeving (hierna Bal)). Ook voor flora- en faunaactiviteiten die nadelig kunnen zijn voor planten en dieren, geldt de specifieke zorgplicht bij het verrichten van de activiteit (art. 11.27 Bal).
Bij activiteiten in de fysieke leefomgeving is het daarom nodig om na te gaan of er vogel- of habitatrichtlijnsoorten, nationaal beschermde soorten (Bijlage IX) of Rode lijstsoorten en voor die soorten belangrijke leefgebieden of natuurlijke habitats aanwezig (kunnen) zijn. De algemene zorgplicht geldt bij alle dier- en plantensoorten, dus bij (inter)nationaal beschermde soorten én bij andere soorten. In de nabijheid van het plangebied ligt op circa 1,6 kilometer afstand het Natura 2000-gebied Oostvaardersplassen. Ook ligt op circa 4,2 kilometer afstand het Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer. In een straal van 5 kilometer zijn geen andere Natura 2000-gebieden gelegen. Natura 2000gebieden die gelegen zijn op een afstand van meer dan 5 kilometer van het plangebied wordt niet nader op ingegaan. Gezien de aard en duur van de werkzaamheden is invloed op gebieden op meer dan 5 kilometer afstand namelijk niet te verwachten. De Natura 2000-gebieden Oostvaardersplassen en Markermeer & IJmeer zijn aangewezen als vogelrichtlijngebieden (De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, 2009). De werkzaamheden vinden plaats buiten de gebieden, maar wel in de nabijheid (op circa 1,6 en
Page 39 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
4,2 kilometer afstand). Het plangebied en de aanrijroute zijn daarom niet gelegen in een aangewezen habitattype. De voorgenomen werkzaamheden hebben gezien de aard, de duur en de afstand geen significant negatief effect op de gestelde instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000gebied Oosvaardersplassen, Markermeer & IJmeer en/of andere Natura 2000-gebieden. De werkzaamheden vallen daarmee niet onder een ‘Natura 2000 activiteit’ en er geldt daarom geen vergunningplicht. Omdat verslechtering of verstoring kan worden uitgesloten, geldt de specifieke zorgplicht (art. 11.6 Bal) niet, alleen de algemene zorgplicht. Gezien de aard en omvang van de werkzaamheden in combinatie met de afstand tot Natura 2000-gebieden, wordt er vanuit de bouwfase en de gebruiksfase geen stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden verwacht. Er is geen Aerius berekening opgemaakt. Voor Natura 2000-gebieden geldt naast de bescherming vanuit het Natura 2000-beheerplan ook bescherming vanuit de specifieke zorgplicht (art. 11.6 Bal). Hierin is opgenomen dat nadelige gevolgen zoveel mogelijk moeten worden voorkomen, beperkt of ongedaan gemaakt.
De werkzaamheden vinden plaats nabij een Natura 2000-gebied, maar hebben geen nadelige gevolgen voor de leefgebieden voor vogelsoorten, natuurlijke habitats en habitats van soorten waarvoor het gebied is aangewezen en de daarvoor geldende instandhoudingsdoelstellingen (zie ook alinea 2.1.3). Wel geldt dan nog de algemene zorgplicht (Afd. 1.3 Ow) waarin nadelige gevolgen voor de fysieke leefomgeving zoveel mogelijk moeten worden voorkomen, beperkt en ongedaan worden gemaakt. Hiermee wordt rekening gehouden door de werkzaamheden zo zorgvuldig mogelijk uit te voeren. Conclusie Rijksbeleid vormt geen belemmering voor het realiseren van een nieuwe mast voor mobiele telecommunicatie aan de torenvalkweg te Lelystad. -
Provinciaal beleid
Omgevingsverordening Flevoland In de omgevingsverordening Flevoland staan de regels hoe provincie Flevoland omgaat met de fysieke leefomgeving. Het zijn de regels die gaan over onder andere (vaar)wegen, grondwater, watersysteem, zwemwater, stilte, grondwaterbeschermingsgebieden, natuur, ontgrondingen, borden in het landelijk gebied, duurzame energie, geitenhouderijen en schaliegas. Gelijktijdig met de inwerkingtreding van de Omgevingswet geldt per 1 januari 2024 de nieuwe Omgevingsverordening provincie Flevoland. Deze ‘nieuwe’ omgevingsverordening is door Provinciale Staten vastgesteld op 1 november 2023. Beoordeling Provinciaal beleid De beoogde mastlocatie aan de torenvalkweg in Lelystad ligt in een gebied waar op grond van de omgevingsverordening Flevoland een beschermingscategorie geldt. De planlocatie ligt binnen Natuurnetwerk Nederland (NNN) gebied. Hoofdstuk 15 van de verordening is van toepassing. De locatie betreft geen geval waarvoor op grond van artikel 16.15a, onderdeel d van de Omgevingswet, verplicht provinciaal adviesrecht geldt. Provinciale gebiedsbescherming Page 40 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
NNN Verzoek aan gedeputeerde staten provincie Flevoland ivm NNN Artikel 15.3 van de omgevingsverordening Flevoland geeft instructieregels voor het bouwen in NNN. •
Afdeling 15.3 Instructieregels
•
Artikel 15.5 Gemeenteraad: Bescherming NNN
•
1. Een omgevingsplan, voor zover het betrekking heeft op een gebied binnen of nabij het aangewezen Natuurnetwerk Nederland:
o
a. strekt mede tot bescherming, instandhouding en ontwikkeling van de wezenlijke kenmerken en waarden van dat gebied,
o
b.
•
maakt alleen activiteiten mogelijk die per saldo niet leiden tot de achteruitgang van de kwaliteit en oppervlakte van het natuurnetwerk, vermindering van de samenhang tussen die gebieden of tot nadelige gevolgen voor de wezenlijke kenmerken en waarden van het natuurnetwerk. Artikel 15.6 Gedeputeerde Staten: Registratie begrenzing NNN
•
1. Gedeputeerde Staten houden een actuele en digitale registratie bij van de besluiten in verband met wijzigingen van het Natuurnetwerk Nederland.
•
2. De registratie is gericht op het inzichtelijk maken van een sluitende compensatieboekhouding en het volgen van de uitvoering.
Vodafone heeft tbv de nieuwe mastlocatie een verzoek ingediend bij de provincie Flevoland, Gedeputeerde Staten. Gedeputeerde Staten dient als bevoegd gezag in NNN toestemming te geven. Bij dit verzoek zijn diverse ecologische rapporten ingediend. (verzoek is in zelfde week ingediend als de vergunningaanvraag bij de gemeente Lelystad) Besluit GS verwacht februari 2025.
De voorgenomen mastlocatie is gelegen in een gemengde houtopstand, onderdeel van het NNN met beheertype N16.04 Vochtig bos met productie. De omgeving bestaat uit vochtig bos. Er is tbv dit verzoek een quickscan, een toetsingsmemo NNN en een compensatieplan opgesteld. Deze rapporten zijn bij het verzoek gevoegd. Samenvattingen zijn:
Page 41 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Page 42 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Vodafone zal zich houden aan de verplichtingen en aanbevalingen uit deze rapporten. Compensatie
Page 43 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
De compensatie van de NNN zal plaatsvinden op grond van Staatsbosbeheer nabij Dronten. De provincie heeft daarnaar verwezen. Daarvoor is tussen Vodafone en Staatsbosbeheer een compensatieovereenkomst afgesloten.
Page 44 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Page 45 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Page 46 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Vervolgstappen Verdere vervolgstappen ten aanzien van de Ow zijn niet noodzakelijk Vodafone zal de conclusies en aanbevelingen uit de quickscan en toetsing NNN naleven en uitvoeren. Vodafone zal de compensatieovereenkomst naleven. Conclusie Het provinciaal beleid vormt geen belemmering voor de realisatie van het plan.
-
Gemeentelijk beleid
De gemeente is het bevoegd gezag bij omgevingsvergunningplichtige antennes en algemene welstandeisen. Onder de Omgevingswet is de gemeente autonoom in het bepalen van het beleid voor een goede ruimtelijke ordening. Evenwichtige toedeling De Omgevingswet vereist dat gemeentelijke regels zorgen voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Binnen bestemmingen als wonen, werken, verkeer en recreatie zijn antennes nodig voor mobiel bereik. Een zendmast is in planologische zin geen zelfstandige functie. Een vrijstaande mast vraagt relatief weinig bouwoppervlak, zodat het apart intekenen in het omgevingsplan niet Page 47 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
noodzakelijk is. Een antenne-installatie heeft hoogte én rondom vrij zicht nodig. Dat is noodzakelijk voor een goede verbinding met mobiele apparaten die zich op straatniveau bevinden. Een zendmasthoogte tot 40 meter biedt doorgaans voldoende ruimte om van drie aanbieders de afzonderlijke antenne-installaties onder elkaar te plaatsen (site-sharing). Omgevingsvisie Lelystad 2040 De gemeenteraad heeft op 22 juni 2021 de Omgevingsvisie Lelystad 2040 vastgesteld De Omgevingsvisie geeft koers als Hoofdstad van de Nieuwe Natuur en als een sterke stad in de regio. En biedt de ruimtelijke principes voor de verdere ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van de stad tot 2040. Ook de ambities van Lelystad Next Level zijn hierin opgenomen. Lelystad zet hierbij in op kwalitatief groeien van de stad. In de Omgevingsvisie wordt prioriteit gegeven aan het Stadshart, de Kustontwikkeling, Warande en de Bestaande stad. Lelystad kan groeien als naast de woningen ook de stad als geheel en de voorzieningen in de stad meegroeien. Dat maakt Lelystad sterker en interessanter voor zowel inwoners als bedrijven. De Omgevingsvisie Lelystad 2040 is in juni 2021 vastgesteld door de gemeenteraad. Daarmee hebben we een goede basis. Deze basis gaan we verder uitwerken. Want, als straks de nieuwe Omgevingswet ingaat, moeten gemeenten zich aan nieuwe regels houden.
Daarnaast willen we onderzoeken hoe we als stad verder kunnen groeien. Daarom zijn we in voorjaar 2022 gestart met een doorontwikkeling van de Omgevingsvisie. Een samenhangende visie op de fysieke, ruimtelijke, sociale en economische ontwikkelingen van de stad. In deze visie gaat het om het beschermen van onze kernwaarden, het realiseren van de maatschappelijke opgaven van onze stad en om de ontwikkeling van onze optimale rol als gemeente. Zodoende kunnen de inwoners van Lelystad gezond, veilig en duurzaam in de stad leven. Strategie voor de toekomst (groen en omgevingskwaliteit) Natuur en ecologie De Marker Wadden, het Schiereiland en de toekomstige tussengelegen eilanden met voor- en achteroevers versterken in de toekomst als netwerk de ecologische functie van het gebied. Hiermee wordt in de toekomst invulling gegeven aan het Rijksprogramma RRAAM en het TBES, het Nationaal Park Nieuw Land en de Programmatische aanpak grote wateren (PAGW). Lelystad wil zoveel mogelijk sturen op natuurvriendelijke inrichting van oevers en werken met robuuste peilvakken (gebied waar een en hetzelfde waterpeil wordt nagestreefd). Daarbij wordt gestreefd naar verbetering van de waterkwaliteit door inname van gebiedsvreemd water (water met een kwaliteit die niet van nature voorkomt in een gebied) zoveel mogelijk te vermijden.
Er wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met de belevingswaarde van het water en het recreatief gebruik hiervan. Daarom wordt water zichtbaar gemaakt, ook in de wijken, benut het en ontsluit (nieuwe) woonwijken op het water zonder de beleving van de openheid te beperken. Capaciteit van het stedelijk water wordt zoveel mogelijk afgestemd op de afkoppelambitie (hemelwater niet langer op het vuilwaterriool lozen) van de gemeente. Page 48 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Lelystad zet bossen en natuurgebieden slim in voor recreatie en toerisme, voor gezonder en beweegvriendelijker ontspannen (sport en spel), voor energietransitie (o.a. biomassa, wind en zon) en voor de klimaatadaptatie (waterretentie). Omgevingsveiligheid Bij inpassing van nieuwe risicovolle activiteiten mag het externe veiligheidsrisico voor de omliggende terreinen niet verslechteren, daar waar sprake is van (geprojecteerde )zeer kwetsbare, kwetsbare of beperkt kwetsbare doelgroepen Concreet vertaalt zich dat naar dat de plaatsgebonden risicocontour (geldende norm 10-6, kans op één op één miljoen) binnen de buitengrenzen van de locatie van de activiteit blijft of dat deze contour valt over percelen waarop geen kwetsbare functies aanwezig op geprojecteerd zijn. Een veilige omgeving wordt bereikt door in een vroegtijdig stadium van de ontwikkeling aandacht te besteden aan de beoordeling van het beoogde veiligheidsniveau. Door de Veiligheidsregio Flevoland zijn de volgende kernwaarden vastgesteld: 1. De veilige leefomgeving bepaalt mede de kwaliteit van de leefomgeving 2. Samenwerken aan een veilige leefomgeving 3. De fysiek leefomgeving wordt mede vormgegeven volgens de ontwerpprincipes voor een veilige leefomgeving a. Voorkomen of beperken van risico’s vergroot de veiligheid b. Afstand tot de risico’s vergroot de veiligheid c. Bouwwerken en omgeving bieden bescherming d.
Bouwen en gebieden zijn veilig te verlaten e. De omgeving maakt snel en effectief optreden van de hulpdiensten mogelijk. 4. Iedereen is bekend met risico’s en weet hoe te handelen wanneer dat nodig is. Concretisering van het doel vindt plaats in het omgevingsplan. Omgevingsplan Lelystad Sinds 1 januari 2024 vormen alle voormalige bestemmingsplannen van rechtswege het omgevingsplan van Lelystad. In het omgevingsplan staan regels voor verschillende gebieden en activiteiten. Bijvoorbeeld voor wonen, recreatie of bedrijvigheid. De regels geven aan wat wel of niet mag in een gebied en onder welke voorwaarden. De regels zorgen voor een goede balans tussen de verschillende functies en belangen in de leefomgeving. Dat heet officieel ‘het evenwichtig toedelen van functies aan locaties’. Het plan voor realisatie van een zendmast past niet binnen de regels van het omgevingsplan. Voor de voorgestelde planlocatie geldt op grond van het omgevingsplan de bestemming ‘Bos’. Met waarde ecologie en een functieaanduiding zend/ontvangstinstallatie.
Page 49 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Het realiseren van een zendmast voor mobiele telecommunicatie past niet binnen de bouwen gebruiksregels van deze bestemming. Ook is er geen binnenplans artikel opgenomen wat de realisatie van het voorgestelde plan mogelijk maakt. Om medewerking te verlenen aan het plan dient een omgevingsvergunning, in afwijking van het omgevingsplan, te worden aangevraagd (buitenplanse omgevingsplanactiviteit).
a.
Artikel 3 Bos
b.
3.1 Bestemmingsomschrijving
De voor 'Bos' aangewezen gronden zijn bestemd voor: c.
bos en bebossing, met de daarin voorkomende danwel daaraan eigen natuur- en landschapswaarden, alsmede extensief dagrecreatief medegebruik;
en voorzover de onder a bedoelde waarden alsmede cultuur-historische waarden niet onevenredig worden aangetast: b.
houtteelt en houtproduktie;
c.
waterlopen en waterpartijen;
d.
speelvoorzieningen;
e.
bermen en beplanting;
f.
wegen, paden, veerasters;
g.
parkeervoorzieningen;
met daarbij behorende:
d. e.
h.
nutsvoorzieningen en andere openbare voorzieningen;
i.
bouwwerken, geen gebouwen zijnde, waaronder kunstobjecten, kunstwerken. 3.2 Bouwregels 3.2.1 Gebouwen
Op of in deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd.
Page 50 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
f.
3.2.2 Bouwwerken geen gebouwen zijnde
Op of in deze gronden mogen geen bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd g.
3.3 Afwijken van de bouwregels
1. Mits geen afbreuk wordt gedaan aan natuurwaarden, cultuur-historische waarden en gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van het bepaalde in lid 3.2.1 ten behoeve van het oprichten van ten hoogste drie onderhoudsgebouwen voor deze bestemming binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak, en van het bepaalde in lid 3.2.2 ten behoeve van het oprichten van één brandtoren voor brandpreventie en bestrijding, met dien verstande dat: a.
de oppervlakte van een onderhoudsgebouw maximaal 500 m2 mag bedragen;
b.
de hoogte van een onderhoudsgebouw maximaal 8,00 m mag bedragen;
c.
de hoogte van de brandtoren maximaal 30 meter mag bedragen;
2. Mits geen afbreuk wordt gedaan aan natuurwaarden, cultuur-historische waarden en gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, kunnen met een omgevingsvergunning bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gerealiseerd mits: a.
de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten hoogste 5,00 m bedraagt;
b.
in afwijking van het bepaalde onder a, de bouwhoogte van lichtmasten ten hoogste 6,00 m bedraagt.
h.
3.4 Specifieke gebruiksregels
1. Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: *het gebruik van gronden en bouwwerken voor opslagdoeleinden, voor storting van afval en onbruikbare goederen of materialen dan wel in onbruik geraakte goederen of materialen, tenzij het hier gaat om stoffen of materialen die noodzakelijk zijn voor onderhoud, realisering en/of handhaving van de bestemming; *het gebruiken of het doen gebruiken van gronden van deze bestemming op een wijze die de recreatiemogelijkheden, als bedoeld onder 3.1, belemmeren. 2. het op de verbeelding met functie (sbo-ue) aangeduide gebied kan worden gebruikt als uitloopgebied voor edelherten. i. j.
3.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 3.5.1 Vergunningplichtige werken en werkzaamheden
Voor de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is, ongeacht het bepaalde in de regels bij de andere op de gronden van toepassing zijnde bestemming(en), een omgevingsvergunning vereist: a. het aanbrengen van beplanting; b. het aanleggen van wegen of paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; c. het indrijven van voorwerpen in de bodem; d. het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage; e. het aanleggen, vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren; f. het permanent opslaan van goederen k. 3.5.2 Uitzonderingen Het bepaalde in lid 3.5.1 is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden die: a.
het normale onderhoud en beheer betreffen;
b.
reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan;
Page 51 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
c.
werken en werkzaamheden welke noodzakelijk zijn voor het aansluiten van bouwwerken op het net van openbare nutsvoorzieningen;
d. l.
werken en werkzaamheden welke noodzakelijk zijn voor het realiseren van de bestemming. 3.5.3 Toetsingscriteria
De omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de onder lid 3.1 genoemde waarden van de gronden.
a.
Artikel 13 Waarde - Ecologie
b.
13.1 Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Ecologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: c. d.
het behoud en de bescherming van de ecologische waarden van de gronden 13.2 Bouwregels
Voor het bouwen van bouwwerken geldt de volgende regel: a.
een op grond van de basisbestemming toelaatbaar bouwwerk of de uitbreiding of vergroting daarvan, mag slechts worden gebouwd c.q. worden toegestaan, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ecologische waarden van de gronden.
e.
13.3 Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a.
het aanbrengen en/of veroorzaken van veranderingen in de ecologische waarden van het gebied als gevolg van het gebruik van de gronden.
f. g.
13.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden 13.4.1 Vergunningplicht
Voor de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is, ongeacht het bepaalde in de regels bij de andere op deze gronden van toepassing zijnde bestemming(en), een omgevingsvergunning vereist: a.
het ontgronden, afgraven (waaronder het graven van watergangen en waterpartijen), egaliseren en ophogen van gronden;
b.
het uitvoeren van overige grondbewerkingen;
c.
het verlagen van het waterpeil;
d.
het aanleggen van ondergrondse energie-, transport- en of communicatieleidingen;
e.
het aanbrengen van oppervlakteverhardingen;
f.
het planten of verwijderen van opgaande beplanting.
h.
13.4.2 Uitzondering
Het bepaalde in lid 13.3 is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden die: a.
het normale onderhoud en beheer betreffen;
b.
reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan;
Page 52 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
c.
werken en werkzaamheden welke noodzakelijk zijn voor het aansluiten van bouwwerken op het net van openbare nutsvoorzieningen;
d. i.
werken en werkzaamheden welke noodzakelijk zijn voor het realiseren van de bestemming. 13.4.3 Toetsingscriteria
De in lid 13.4.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ecologische waarden van het gebied.
Bopa – adviesrecht gemeenteraad Voorafgaand aan de inwerkingtreding van de omgevingswet heeft de gemeenteraad een lijst van gevallen aangewezen waarop zij verplicht advies wil geven. Op deze lijst is opgenomen dat bij de realisatie van antenne-installatie hoger dan 32,5 meter het adviesrecht van de gemeenteraad geldt. Besluit van de gemeenteraad van Lelystad houdende aanwijzing van gevallen waarbij de raad gelegenheid krijgt gebruik te maken van zijn adviesrecht als bedoeld in de Omgevingswet (Adviesrecht gemeenteraad ogv 16.15a, onder b Omgevingswet) Raadsbesluit. De raad van de gemeente Lelystad, op voorstel van het college van de gemeente Lelystad d.d. 14 december 2021; Bij initiatieven die afwijken van het vigerende omgevingsplan de volgende gevallen aan te wi jzen waarbij de raad de gelegenheid krijgt gebruik te maken van zijn adviesrecht als bedoeld in ar tikel 16.15a, onder b van de Omgevingswet: •
Categorie G. Het bouwen van een antenne hoger dan 32,5 meter voor te leggen aan de raad voor verzwaard adviesrecht.
Nota antennebeleid Algemene criteria plaatsing antenne-installaties Het doel van de antenneplaatsing is verbeterde dekking en/of capaciteit van een mobiel netwerk. De in het plaatsingsplan aangegeven zoekgebieden en site-sharing vormen het vertrekpunt. De antennelocatie en het zoekgebied/zoekgebieden staan aangeduid op de plaatsingsplan kaart van Monet. De mast is geschikt voor 3 operators. Sitesharing wordt toegepast. KPN en Odido komen over op de nieuwe mast is al formeel bevestigd aan Vodafone.
Page 53 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
De plaatsing van vergunningsvrije antenne-installaties op gemeentelijke objecten, bestaande zendmasten of andere bestaande bouwwerken zoals kantoorpanden, lichtmasten en verkeersportalen heeft nadrukkelijk de voorkeur boven een vergunningplichtige antenne-installatie. Er zijn geen bestaande hogere objecten anders dan de bestaande constructief niet sterk genoeg zijnde mast die nu op het perceel aanwezig is en die met dit verzoek wordt vervangen. Antenne-installaties moeten zo goed mogelijk ingepast zijn in de omgeving. Anders gezegd: ze moeten zo beperkt mogelijk zichtbaar zijn. Als locatie in het zicht is, dient er rondom het hekwerk afschermende inheemse beplanting toegevoegd te worden. De bestaande mast als ook de nieuwe mastlocatie ligt in bebosd gebied en zal grotendeels onttrokken worden door bestaand groen aan het zicht. Mbt de beplanting rondom het hekwerk:
Page 54 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Bijgevoegd een foto van de huidige situatie. De bestaande beplanting om de mast heen is dusdanig groot en veel aanwezig, dat Vodafone verwacht dat de site ook na de bouw / uitbreiding weer zo dicht zal groeien. Nieuwe aanplant om het hekwerk zal uit overwoekerd worden door de bestaande beplanting, waardoor de nieuwe aanplant niet zinvol is. De bestaande beplanting zal vol voldoende camouflage van het hekwerk en de mast op straatniveau zorgen.
Bij de locatiekeuze van antenne-installaties en opstelpunten (vrijstaande zendmasten), moet zoveel mogelijk worden aangesloten bij bestaande hoge bebouwing en/of hoge verticale elementen binnen en buiten de bebouwde kom.
Er wordt aangesloten bij de bestaande mast die al heel wat jaren op die plek aanwezig is. De NNN is niet uitgesloten door het Rijk van de licentieplicht dus ook dit natuurgebied dient van dekking te worde voorzien. Verder wordt aangesloten bij de aanwezige bomen om het zicht op de mast te beperken. Bij antenneplaatsing moet gestreefd worden naar een zo klein mogelijke impact op de ondergrond. Aansluitingen op ondergrondse infrastructuur moet plaatsvinden door zo weinig mogelijk ruimtebeslag in die ondergrond en zo weinig mogelijk graafwerkzaamheden. Een groot gedeelte van het bestaande fundatieblok/ verharding wordt hergebruikt voor de nieuwe mastlocatie, waardoor hetgeen aan verharding wordt toegevoegd minimaal is gehouden. Er wordt zo veel als mogelijk gebruik gemaakt van de bestaande infrastructuur van de huidige mastlocatie. Page 55 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
roze=nieuwe verharding
Toe te passen verhardingsmateriaal voor bereikbaarheid bestaat uit open verharding. Er ligt een bestand klinkerpad naar de mastlocatie toe. Een gedeelte van dat klinkerpad wordt weggehaald omdat daar de nieuwe positie van de mast komt. Er komt in beginsel geen nieuw verhardingsmateriaal voor de bereikbaarheid. Indien er toch nieuw verhardingsmateriaal wordt aangelegd dan zal Vodafone zich houden aan de voorwaarden dat dit open verharding dient te zijn in de vorm van grastegels bijvoorbeeld. Grastegels:
Page 56 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Het heeft de voorkeur dat aanbieders zoveel mogelijk opstelpunten delen (sitesharing). Vodafone, KPN en Odido komen in de nieuwe mast. Objectgerichte criteria vergunningplichtige antenne-installaties Rekening houdend met technische eisen voor antenneplaatsing gelden de volgende criteria: De antenne-installatie wordt zoveel mogelijk uit het zicht geplaatst. De nieuwe mast wordt net als de bestaande mast tussen bestaand groen ingepast. De antenne-installatie en bijbehorende apparatuur dienen zoveel mogelijk te worden geïntegreerd in de architectuur of omgeving. De nieuwe mast wordt net als de bestaande mast tussen bestaand groen ingepast. De antenne-installaties, de bijbehorende technische installaties en de bedrading moeten door middel van zorgvuldige materiaal- en kleurkeuze in de omgeving ingepast worden. Voor binnen de bebouwde kom is dit antraciet (RAL 7021) en voor buiten de bebouwde kom is dit dennengroen (RAL 6009). In overleg met de gemeente wordt de kleur passend bij de locatie bepaald. Mbt het kleuren van het hekwerk merkt Vodafone op dat op de locatie grotendeels het bestaande hekwerk zal worden gehandhaafd en zal worden hergebruikt. Slechts een klein gedeelte is nieuw. Dat gedeelte kan in de fabriek RAL 6009 gespoten worden. Het bestaande hekwerk zal ter plaatse geverfd moeten worden in een andere kleur.
Uit ervaring weet Vodafone dat dat niet mooi wordt en snel zal gaan afbladderen. Slechts een klein gedeelte gekleurd hekwerk en verder staal grijs zal niet mooi zijn, daarom zal Vodafone ook deze voorwaarde niet uitvoeren in beginsel. De bestaande beplanting zal voor voldoende camouflage zorgen. Het kleuren van het hekwerk voegt niet veel toe. De installaties moeten voldoen aan de redelijke eisen van Welstand, indien de beoogde locatie voor antenneplaatsing binnen een gebied ligt waar gemeentelijke welstandscriteria van toepassing zijn. De commissie heeft positief geoordeeld in vooroverleg. Indieningsvereisten De onderbouwing van een aanvraag voor omgevingsvergunning bevat in elk geval de volgende punten: Een toelichting op de locatiekeuze vanuit de gewenste mobiele connectiviteit en vanuit netwerktechnisch oogpunt voor tenminste één van de netwerken van de mobiele operators. Dit geldt zowel voor aanbieders van mobiele communicatie als voor aanbieders van bijbehorende faciliteiten zoals een tower company.
Page 57 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Zie de simulatie plot kaarten in de technische onderbouwing Documentatie waaruit blijkt dat na vergunningverlening ten minste één antenneinstallatie zal worden geplaatst. Op tekeningen zijn de installaties van Odido en KPN meegenomen. Een toelichting waarin voldoende onderbouwd is dat plaatsing, al dan niet op bestaande antenne-opstelpunten niet mogelijk is. Er zijn afgezien van de bestaande mast geen andere bestaande opstelpunten in het zoekgebied. Het betreft de vervanging van een bestaand opstelpunt op nagenoeg dezelfde plek. De bestaande mast zal verwijderd worden zodra de nieuwe mast on air is. Indien een communicatie- of participatietraject heeft plaatsgevonden een toelichting met de resultaten en conclusies wat met de inbreng van omwonenden en/of belanghebbenden is gedaan. Participatie Op basis van het initiatiefverzoek bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning vormt de gemeente zich een beeld van de beoogde locatie voor antenneplaatsing en de omgeving. In overleg kunnen afspraken worden gemaakt over de gewenste communicatieaanpak en eventuele samenwerking daarbij tussen aanvrager en gemeente. Participatie door de aanvrager van een vergunning voor antenneplaatsing wordt gestimuleerd omdat het betrekken van de omgeving waardevolle inzichten op kan leveren over de beoogde locatie.
Daarnaast voorkomt het vroegtijdig betrekken van belanghebbenden vaak bezwaren later in het traject. Overigens blijkt in de praktijk dat onder de omgevingswet en de daarbij behorende participatie dat het aantal bezwaarprocedures juist toeneemt. Participatie is niet bedoeld om het eens met elkaar te worden maar ziet vooral op een goede informatieverstrekking en openheid over het voornemen. Er zijn inmiddels rechterlijke uitspraken hierover uitgesproken. De gemeente stimuleert aanbieders om de omgeving te betrekken bij antenneplaatsing (participatie) en kan adviseren over de invulling. Daarbij moet aan belanghebbenden vooraf duidelijkheid gegeven worden over de mate van betrokkenheid en invloed (verwachtingsmanagement). De gemeente beoordeelt per aanvraag voor antenneplaatsing of aanvullende communicatie door de gemeente nodig is. Als de gemeente het initiatief neemt om zelf belanghebbenden te betrekken doet ze dat in samenspraak met de initiatiefnemer en zoveel mogelijk voordat een definitieve aanvraag is ingediend. De gemeente beoordeelt per aanvraag voor antenneplaatsing of aanvullende gesprekken door de gemeente nodig zijn. Is een aanvraag ingediend en heeft de gemeente onvoldoende zicht op alle belangen? Dan kan de besluitprocedure met 6 weken verlengd worden om meer informatie te verzamelen. Page 58 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Participatie kent vele vormen waarbij het in de kern gaat om het betrekken van de omgeving. De ratio van een participatieproces is niet het individuele recht om te mogen stemmen of om het eigen specifieke belang in een procedure te mogen inbrengen, maar om aan een initiatief of plan lokale kennis, lokale (en collectieve) wensen en behoeften toe te voegen. Als gekeken wordt naar participatie bij het plaatsen van antenne-installaties is de mate van invloed van omwonenden op het plan vrij beperkt. Mede door de vele kaders waar de locatie voor een antenne door wordt bepaald. Echter kan de impact op de omgeving wel groot zijn. Het is daarom belangrijk de omgeving transparant en duidelijk te betrekken tijdens de planvorming. De gemeente adviseert vooral te focussen op het organiseren van een dialoog met de omgeving. Doel van de omgevingsdialoog is om: a. alle ideeën, belangen en mogelijke zorgen van de omgeving in kaart te brengen; b. het plan zo goed mogelijk aan te laten sluiten bij de ideeën en belangen van de omgeving. Daarbij zoveel als mogelijk ook oplossingen te bieden voor de geuite zorgen of te beargumenteren waarom dat niet mogelijk is. Het is daarbij van belang dat stakeholders kansen krijgen om belangen, thema’s en gevoelens te uiten. Ook is belangrijk dat vooraf voor alle partijen duidelijk is waarover het gesprek wel gaat en waarover niet.
Wanneer er een goede omgevingsdialoog is gevoerd resulteert dit in minder juridische procedures en stelt het de gemeente in staat om een goede belangenafweging te maken. Het participatieproces moet afgerond zijn voordat de vergunningsaanvraag wordt ingediend. De gemeente is geen partij in het participatieproces in de fase die voorafgaat aan de vergunningsaanvraag. Als dat gewenst is, kan de gemeente adviseren bij het organiseren van het participatieproces. Verantwoordelijkheden en rollen Elke initiatiefnemer die een antenne-installatie wil plaatsen is verantwoordelijk voor het opstellen en uitvoeren van een participatie- en communicatieplan.
De initiatiefnemer is verantwoordelijk voor het aanleveren van een verslag van het proces waarin belanghebbenden zijn betrokken. Hiermee kan de gemeente de belangen tegen elkaar afwegen. Dit verslag bestaat minimaal uit de volgende elementen: o
a. Context en samenvatting van het participatieproces;
o
b. Hoe is er geparticipeerd, (hebben belanghebbende genoeg kans gehad belangen kenbaar te maken?) En welke vorm is er toegepast;
o
c. Met wie is er geparticipeerd of is het gesprek gevoerd;
Page 59 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
o
d. Welke belangen en ideeën zijn er kenbaar gemaakt;
o
e. Wat is er met de inbreng gedaan en welke afspraken zijn hierover gemaakt
Context Het verzoek betreft de vervanging op nagenoeg dezelfde locatie van een reeds meerdere jaren aanwezig zijnde mastlocatie van Vodafone gelegen aan de torenvalkweg midden in het natuurgebied, buitengebied gemeente Lelystad. De hoogte van de mast wijzigt mimimaal van 37,5 (met topbuis 39,6) meter naar 39,9 meter. De bestaande bebossing en beplanting beperkt het zicht op de mast grotendeels. In de nabijheid zijn geen woningen aanwezig. De eerstvolgende bebouwing ligt op circa 2,5 kilometer afstand van de mastlocatie.
Page 60 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Page 61 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Huizen aan de oeverzegge
Page 62 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Huizen nabij visvijver en zorgboederij aan de buizerdweg/uilenweg en omgeving
Boerderijen agrarische bedrijven overkant snelweg
Page 63 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Huizen appollolaan De Rechtbank Gelderland (11 april 2024) heeft uitgesproken: De voorzieningenrechter neemt aan dat in die gevallen dat participatie verplicht is gesteld, de participatie wel enige betekenis moet hebben. Anders zou het verplicht stellen van participatie weinig zinvol zijn. Het hangt vervolgens af van de aard van het project en de impact op de omgeving wat er in redelijkheid aan participatie gedaan moet worden Verder wordt nog opgemerkt dat met participatie (zoals het houden van een informatieavond) niet wordt beoogd om unanieme steun of draagvlak onder alle omwonenden te verkrijgen. Dat kan ook niet. Het doel van participatie is wel om burgers in een vroegtijdig stadium te betrekken bij de besluitvorming, maar participatie gaat dus niet zó ver dat de inbreng van omwonenden vervolgens ook van beslissende betekenis is. Participatie kan het draagvlak bij de burger zeker vergroten, maar heeft dus niet automatisch tot gevolg dat dit ook leidt tot een voor alle omwonenden wenselijke beslissing. Daarbij komt ook dat er geen wettelijke regel is die bepaalt dat een ontwikkeling alleen doorgang kan vinden als daarvoor voldoende draagvlak bij omwonenden bestaat.
Daarbij ook meegenomen de bestendige jurisprudentielijn van de Raad van State over de inhoud van het begrip belanghebbende (direct en persoonlijk belang) ook gelet op de RvS uitspraak gezondheid en belanghebbende begrip van 28 november 2022 9waarbij een afstand speelde van circa 660 meter vanaf de mastlocatie gerekend) zouden geen van de omwonenden van deze mastlocatie als belanghebbende aangemerkt kunnen worden. Er is geen zicht op de mastlocatie. De meeste gronden in de omgeving zijn van Staatsbosbeheer waarvan Vodafone toestemming heeft gekregen voor de bestaande als ook voor de nieuwe positie van de mast. De provincie en de gemeente zijn op de hoogte van het verzoek. Ook bestaat er veel passieve informatie die rechtsreeks en onafhankelijk van dit verzoek raadpleegbaar is. www.overalsnelinternet.nl en de website van het Antennebureau en de GGD zijn daar voorbeelden van. Laatste 2 genoemden kunnen tevens vrij en kosteloos benaderd worden door geïnteresseerden voor vragen en bezorgdheden inzake antennes.
Page 64 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
De aanvraag vergunning ligt al enige tijd bij de gemeente en is raadpleegbaar voor belangstellenden. Er is tot op heden geen verzoek gedaan om de informatie in te zien.
Samenvatting Vodafone acht daarom gemotiveerd op grond van bovenstaande dat participatie in dit dossier geen enige betekenis zou vormen. Vodafone ziet af van participatie.
De bij een aanvraag van een omgevingsvergunning ter beoordeling voor te leggen documenten dienen een goed beeld te geven van de inpassing van de beoogde installatie in zijn omgeving, compleet met bijbehorende infrastructuur. Daarbij toont de aanvrager aan de in dit document opgenomen criteria in acht te hebben genomen. Middels foto’s is de bestaande mastlocatie zichtbaar gemaakt. De nieuwe mast staat nagenoeg op gelijke plek waardoor de inpassing en beeldvorming op basis van de bestaande situatie als voldoende inzichtelijk wordt geacht. Een fysiek bezoek ter plaatse door deskundigen van de gemeente zal de beste vorm van beeldvorming kunnen bieden.
Buitengebied Onder het buitengebied worden de gebieden buiten de bebouwde kom verstaan, ook wel aangeduid als landelijk gebied. Hieronder vallen gebieden met een agrarisch karakter, maar ook natuur- en recreatiegebieden. De gemeente streeft naar een zo gunstig mogelijke landschappelijke inpassing waarbij geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke waarden of natuurwaarden in de directe omgeving. Antenne-installaties dienen op zo’n manier en op zo’n locatie gerealiseerd te worden, dat ze de minste verstoring van de horizon opleveren. In Lelystad zijn de landschappelijke openheid en de lange zichtlijnen in en op het landschap waardevol, plaatsing van een mast mag deze openheid niet aantasten. Voorwaarden voor plaatsing in het buitengebied zijn: Op of aansluitend aan bebouwde erven, agrarische bedrijfscentra en de daarbij aanwezige hogere bouwwerken; Niet van toepassing
Uitsluitend aan gesloten groenstructuren. Een locatie aan een opgaande gesloten groenstructuur heeft de voorkeur boven een locatie midden in een open weidegebied; Voldoet. Locatie ingepast in groen.
Langs infrastructuur. Bij wegen uitsluitend bij grotere ruimtelijke objecten als verzorgingsplaatsen, bebouwingsclusters en gesloten opgaand groen;
Page 65 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Niet van toepassing
In beschermd natuurgebied (N2000 en NNN-gebieden) dient een grote mate van terughoudendheid te worden betracht bij de plaatsing van nieuwe installaties. Er is mondelinge toestemming na een overleg met de provincie en er is een formeel verzoek aan GS provincie Flevoland ingediend. Voor alle bovenstaande voorwaarden geldt dat bij afwijking de aanvrager dient aan te tonen dat de alternatieve plaatsing niet mogelijk is. Er is geen alternatieve plaats die minder ingrijpend is dan het vervangen op nagenoeg dezelfde plaats. Provinciale beperkingen Voor antenneplaatsing in Natuurnetwerk Nederland gebieden waaronder Natura 2000gebieden geldt terughoudendheid en moeten aanvragen worden afgestemd met de provincie als bevoegd gezag. Vanuit de provinciale verordening kunnen ook regels gelden voor activiteiten nabij wegen. Er loopt een formeel verzoek bij de provincie. Wonen/woonvisie Niet van toepassing. Parkeren Het aspect parkeren vormt geen belemmering. Het plan leidt niet tot een extra parkeervraag. Ook gaan geen parkeerplaatsen verloren als gevolg van het plan. Verkeersveiligheid De verkeersveiligheid is niet in het geding. Milieuaspecten m.e.r.-beoordeling
Of een besluit over een project project-mer-beoordelingsplichtig is, kunt u afleiden uit Bijlage V bij het Omgevingsbesluit. In Bijlage V bij het Omgevingsbesluit staat in de eerste kolom de omschrijving van projecten. het verzoek van Vodafone, het oprichten van een mastlocatie staat niet bij de omschrijvingen in kolom 1 en ook niet in de laatste kolom. Er is geen sprake van een m.e.r. project. Bedrijven milieuzonering In het kader van een goede ruimtelijke ordening moet worden beoordeeld of bedrijven in de omgeving worden belemmerd door de ontwikkeling en of ter plaatse van gevoelige functies, zoals woningen, sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Voor de beoordeling
Page 66 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
is gebruik gemaakt van de Handreiking Bedrijven en milieuzonering (VNG, editie 2009). Per milieucategorie geldt een minimaal gewenste afstand, de richtafstand. Deze richtafstand geldt tussen enerzijds de grens van de bestemming die bedrijven (of andere milieubelastende functies) toelaat en anderzijds als uiterste situering van de gevel van een woning die volgens het bestemmingsplan of via vergunning vrij bouwen mogelijk is. De in de handreiking opgenomen afstanden zijn indicatief en verschillen per gebiedstype waarin de ontwikkeling zal plaatsvinden Een zendmast heeft milieucategorie 1 (SBI-2008: 61.B3) en een richtafstand van 10 meter in een rustige woonwijk. De dichtstbijzijnde woning is op meer dan 100 meter van de beoogde locatie van de zendmast gelegen. Hiermee wordt ruim voldaan aan de richtafstand. Er is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Vanuit bedrijven en milieuzonering is er geen belemmering voor het plan. Elektrisch vermogen – 4Kw In Bijlage I onderdeel C categorie 20.3 van het Bor en blijven inrichtingen met een elektrisch of gezamenlijk vermogen voor de omzetting van elektrische energie kleiner dan 4 kW buiten beschouwing. Vodafone vraagt voor een antenne installatie bij de energieleverancier een offerte aan voor een E-aansluiting van 3 x 35A (bij de automaat wordt die uitgevoerd als 3 x 40A).
Dit vermogen wordt uiteraard bij lange na niet verbruikt door het opstelpunt. Alle Vodafone apparatuur voldoet aan de internationaal gestelde blootstellingslimieten voor elektromagnetische velden. Concrete cijfers vanuit radio simulatie tooling voor deze mastlocatie:
Page 67 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
In dit geval is geen sprake van een Wet milieubeheer-inrichting en hoeft er dus geen melding gedaan te worden in het kader van het Activiteitenbesluit.
Bodem Ter bescherming van de gezondheid en het milieu zijn voor het aspect bodem instructieregels in het Bkl opgenomen. De inhoud van deze regels is via het Aanvullingsbesluit bodem Omgevingswet opgenomen in paragraaf 5.1.4.5 Bkl. Art. 5.4.5.1. van het Bkl bepaalt welke activiteiten zijn toegelaten op een bodemgevoelige locatie. Art. 5.89g bepaalt welke gebouwen als bodemgevoelig worden beschouwd. Art. 5.89 onder a bepaalt dat een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat de bodem raakt, voor zover aannemelijk is dat personen meer dan twee uur per dag aaneengesloten aanwezig zullen zijn, bodemgevoelig is. Volgens art. 5.89h onder a is een bodemgevoelige locatie een locatie waarop een bodemgevoelig gebouw is toegelaten op grond van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een opgevingsplanactiviteit. Volgens art. 5.89g lid 1 onder a is een bodemgevoelig gebouw een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat is toegelaten op grond van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit. De beoogde locatie is een bodemgevoelige locatie. Hoewel de te plaatsen zendmast niet aan de criteria onder 5.89g van het Bkl voldoet, aangezien er in het gebouw niet meer dan twee aaneengesloten uren per dag personen aanwezig zullen zijn m.u.v.
de bouwfase, geldt dit wel voor de overige gebouwen op betreffende locatie De locatie is onverdacht op de aanwezigheid van bodemverontreiniging. De geplande ontwikkelingen betreffen geen gevoelige bestemming. Het uitvoeren van een bodemonderzoek is daarom niet noodzakelijk
Stedenbouwkundig advies De locatie bevindt zich niet in stedelijk of bebouwd gebied. De locatie wordt qua zichtlijnen aan het oog zo veel als mogelijk onttrokken door de bestaande bebossing rondom de locatie. De afstanden tot woningen is erg groot. Minimaal 2,5 kilometer. Advies landschapsdeskundige De planlocatie is gelegen in een gebied met bijzondere landschappelijke waarden. De provincie is bevoegd gezag in NNN. Er is een formeel verzoek ingediend bij gedeputeerde staten van de provincie. Er is al mondeling akkoord van de deskundige ambtenaar van de provincie. Er is tevens een compensatieovereenkomst en inpassingsplan afgestemd. Advies agrarisch deskundige - Niet van toepassing. Advies hoogheemraadschap Niet noodzakelijk. Het plan is niet van invloed op de waterhuishouding. Er wordt ook niet méér dan 500m2 aan verharding toegevoegd.
Page 68 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Economische en financiële haalbaarheid De kosten behorende bij geplande activiteit worden gedragen door Vodafone. Dit geldt voor de bouwkosten en materiaalkosten, als wel bijkomende kosten die voortkomen uit de vergunningsprocedure mits gestoeld op hetgeen daarover in de wetgeving is neergelegd. Verder is Vodafone bereid een nadeelcompensatieovereenkomst afsluiten met de gemeente om zo de economische en financiële haalbaarheid verder te bevorderen. Echter is een overeenkomst geen verplichting. Het sluiten van een overeenkomst tot verhaling van schade is gezien de grote afstanden tot omwonenden (>2,5 kilometer) overbodig. De VNG geeft ook aan dat het sluiten van een overeenkomst op die grond achterwege kan worden gelaten. Er wordt door Vodafone geen schade verwacht (eigen risico analyse). Conclusie De uitgangspunten uit de omgevingsvisie, het omgevingsplan en de nota antennebeleid zijn geen belemmering om op de voorgestelde locatie een zendmast voor mobiele telecommunicatie te realiseren. Algehele conclusie en aanbeveling Naar aanleiding van het positieve advies op de conceptaanvraag en de verschillende beleidsonderdelen zoals hierboven uiteengezet, doen wij u hierbij alsnog de definitieve aanvraag omgevingsvergunning voor de mastlocatie zoals beschreven toekomen.
Om aan de eisen van dekking, kwaliteit en capaciteit te voldoen die door de overheid zijn gesteld, voldoende dekking naar haar klanten te kunnen garanderen maar ook zeker vanuit het veiligheidsaspect (hulpdiensten, calamiteiten etc.) heeft Vodafone behoefte aan een nieuw opstelpunt op de torenvalkweg in Lelystad omdat de huidige locatie niet meer voldoet. Omdat er geen vergunningsvrije oplossing als technisch alternatief voor het antenne opstelpunt in de hoogspanningsmast beschikbaar is, is de enige optie het plaatsen van een vrijstaande telecommunicatiemast in dit gebied. De gekozen locatie voldoet aan de radio technische eisen gesteld door de operators en is ruimtelijk goed inpasbaar. Zowel publiekrechtelijk als privaatrechtelijk zijn er mogelijkheden om de betreffende mast te kunnen realiseren. Immers het zoekgebied is bedoeld om de mobiele capaciteit en dekking van operators op en in de omgeving van de torenvalkweg veilig te stellen. Gelet op de licentieverplichting en de gemiddelde bouwtijd die voor een opstelpunt (solitaire mast) nodig is, is een vergunning (wellicht nog niet onherroepelijk) binnen afzienbare tijd noodzakelijk. We hopen op de medewerking en meedenken daarin vanuit de gemeente. Vodafone vraagt de gemeente om het onderhavige verzoek daarom de volledige aandacht Vodafone Antennelocaties BV Maastricht, 13 mei 2025
Page 69 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL
Page 70 of 70
COMPANY CONFIDENTIAL