CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

BIJLAGE Manifest G40 (versie kamerleden)

Commissie Maatschappij 5 maart 2024, gemeente LelystadBij agendapunt: 24.057 AV GL Bestaanszekerheid1.693 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

GEEN PLEISTERS MEER!

WWW.G40STEDENNETWERK.NL

GEEN PLEISTERS MEER! DIT IS WAT WE WILLEN BEREIKEN n

Wij vinden dat iedere inwoner recht heeft op voldoende inkomen om rond te kunnen komen én mee te kunnen doen. Dit is een grondrecht. Wij zien echter dat steeds meer inwoners hier moeite mee hebben, zich zorgen maken over de stijgende prijzen en het vertrouwen in de overheid verliezen.

n

De G40 steden staan zij aan zij met hun inwoners en bedenken tijdelijke oplossingen om hen te helpen. Samen met het nieuwe kabinet willen we werken aan een stelsel waarin het inkomen hoger en voorspelbaarder is.

DIT IS WAT WIJ ZIEN n

Wij zien dagelijks inwoners aan onze balies die er financieel niet meer uitkomen.

n

Wij zien dat inwoners afhankelijk zijn geworden van de lokale inkomensregelingen, die bedoeld zijn ter aanvulling. Desondanks bereiken we een grote groep inwoners niet.

n

Wij zien een stelsel dat te ingewikkeld is voor onze inwoners: 1. Onbekendheid 2. Veelheid van regelingen 3. Complexe aanvraag 4. Angst voor terugbetaling 5. Onzeker

n

Wij zien een focus van het Rijk op incidentele inkomensondersteuning, die het structurele probleem niet oplost. Dit aanbod zien we als pleisters.

n

Wij zien dat in de uitvoering een grote rol van gemeenten wordt verwacht. De verschillen tussen gemeenten worden steeds groter.

DIT IS WAT WIJ WILLEN n

Wij willen een verhoging van het sociaal minimum. Het Rijk moet de handschoen oppakken voor voldoende en voorspelbaar inkomen.

n

Wij willen een zo eenvoudig mogelijk stelsel, waarin werken loont en toeslagen niet meer nodig zijn.

n

Wij willen ons als G40 steden (weer) gaan richten op de kwetsbare gevallen. Daarvoor hebben wij van het Rijk meer ruimte nodig om maatwerk te kunnen bieden.

n

Wij willen onze inwoners perspectief , persoonlijke aandacht en vertrouwen bieden. Daar hebben we zelf ook financieel perspectief voor nodig. Een structurele aanpak van armoede vraagt ook om structurele middelen.

KOM KIJKEN HOE WE HIER IN DE PRAKTIJK MEE OMGAAN Wij nodigen u van harte uit om in onze steden een dag met mee te lopen. Voor aanmeldingen, meer informatie of een kennismaking met onze bestuurders mailt u naar Jetske Krol (G40 coördinator Public Affairs): jskrol@almere.nl

MANIFEST - G40 THEMAGROEP ARMOEDE & SCHULDEN Bestaanszekerheid is een thema dat hoog op ieders agenda staat. ‘Rond kunnen komen’ vormt de basis voor bestaanszekerheid. Het vormt de eerste stap voor andere bouwstenen van bestaanszekerheid, zoals zinvolle dagbesteding, gezonde leefomgeving, comfortabele woning, geen financiële problemen, toegang tot goed onderwijs en zorg. In dit manifest concentreren wij ons dan ook op inkomenszekerheid.

1. DIT IS HET PROBLEEM Inkomenszekerheid, het vertrouwen op een toereikend en voorspelbaar inkomen voor levensonderhoud, staat voor veel mensen onder druk. Uit het rapport van de commissie sociaal minimum komt naar voren dat een aanzienlijke groep inwoners maandelijks structureel € 200 tot € 500 te kort komt, mede afhankelijk van de samenstelling van het huishouden en de gemeente waarin ze wonen. In onze G40 steden zien we dan ook steeds meer inwoners die er moeite mee hebben om rond te komen, zich zorgen maken over de stijgende prijzen en het vertrouwen in de overheid verliezen. Er is een nieuwe groep inwoners met geldzorgen, die ondanks hun inkomen uit werk het financieel niet (meer) redden door de hoge vaste lasten en de stijgende prijzen. Deze groep is niet goed in beeld, omdat zij meestal geen financiële relatie (een bijstandsuitkering of een schuldregeling) hebben met de gemeente. Daarnaast is er een grote toename van financiële problemen onder jongeren waar we ons zorgen over maken. Het is essentieel dat jongeren een kansrijke start krijgen, juist om te voorkomen dat hun bestaanszekerheid voor de lange termijn onder druk blijft staan.

2. DIT IS WAT GEMEENTEN ZIEN n

n

n

Wij zien dagelijks inwoners aan onze balies die er financieel niet meer uitkomen. Om inwoners aanvullend te ondersteunen bij het rondkomen en kunnen meedoen, bieden gemeenten diverse inkomensregelingen, naast de landelijke toeslagen en regelingen. Hoewel de regelingen zijn bedoeld als extra ondersteuning van de meest kwetsbare inwoners, is er gezien het huidige sociaal minimum een grote groep inwoners afhankelijk van en zijn veel inwoners niet in staat om een financi-ele buffer op te bouwen om onvoorziene kosten te betalen. Wij zien een stelstel dat te ingewikkeld is voor onze inwoners. We zien desondanks dat we een grote groep niet bereiken met onze inkomensregelingen en ons hulpaanbod voor inwoners met betalingsachterstanden. Het is voor inwoners lastig om bekend te zijn met de veelheid van alle lokale en landelijke regelingen. Het is complex om ze vervolgens aan te vragen, als het taboe op geldzorgen hen al niet heeft tegengehouden. Gelijktijdig speelt nu ook mee dat inwoners minder vertrouwen hebben in de overheid en onder andere terughoudend zijn in het aanvragen van regelingen en toeslagen. Bijvoorbeeld doordat ze bang zijn dat ze het ontvangen budget weer terug zullen moeten betalen. Dit geldt zeker niet alleen voor de lokale regelingen, maar voor het landelijke inkomensstelsel in het geheel.

Effectrapportages tonen aan dat werken niet altijd lonend is, vanwege de armoedeval. Bovendien zien we dat een groep inwoners bewust kiest voor de inkomenszekerheid uit een uitkering en toeslagen, in plaats van een onzeker inkomen uit werk dat gepaard gaat met fluc-tuerende toeslagen. We willen voor onze inwoners een stelsel waarin het sociaal minimum voldoende is en toeslagen (op termijn) niet meer nodig zijn. Dit is enkel mogelijk als dit gepaard gaat met een hervorming van het belastingstelsel. Wij zien een focus van het Rijk op incidentele inkomensondersteuning, die het structurele probleem niet oplost. Dit aanbod zien wij als pleisters. Soms wordt er landelijk of lokaal bijgesprongen met weer een nieuw initiatief, omdat het op de korte termijn de enige ruimte is voor ondersteuning die wordt gezien. Denk hierbij aan de energietoeslag en het ontbijt op scholen. Dergelijke initiatieven zijn veelal gericht op het (tijdelijk) verlichten van de consequenties van een tekort aan inkomen. Waarbij gemeenten, als het gezicht en eerste aanspreekpunt voor inwoners, hen het jaar erop moeten teleurstellen, omdat het enkel om incidentele ondersteuning ging. We hebben als gemeenten veel Rijks pleisters geplakt, waar veel geld in is omgegaan. Dit alles komt het vertrouwen in de overheid niet ten goede.

Bovendien, gaat de capaciteit die wordt ingezet voor het uitvoeren en opstarten van ieder initiatief ten koste van iets anders.

n

n

Wij zien dat in de uitvoering een grote rol van gemeenten wordt verwacht. Gemeenten zijn veel tijd kwijt aan het tot uitvoering brengen van alle (nieuwe) taken in het sociaal domein, die gepaard gaan met eigen kaders en specifieke budgetten. Denk hierbij aan het meldpunt voor het herstel van de Toeslagenaffaire, de energietoeslag en RMT’s, maar ook aan de Wet inburgering, de veranderingen in de Faillissementswet (halvering van de aflossingsperiode) en de Participatiewet. Dit maakt het lastig om overkoepelend en integraal te kijken naar hoe we als gemeenten kunnen doen wat inwoners nodig hebben in hun bestaan en daarnaar te handelen. Daar komt bij dat er veel onderdelen van bestaanszekerheid landelijk georganiseerd zijn, waarop je als gemeente beperkte invloed hebt. Wij zien de verschillen tussen de gemeenten groot worden. Gemeenten hebben moeilijke keuzes te maken waar ze op inzetten en wie ze ondersteunen. We zien op dit moment veel verschillen tussen gemeenten, waarbij de financiële ruimte en de samenstelling van de gemeenteraad bepalend zijn voor de inzet op het gebied van armoede en schulden. Hoewel dit staatsrechtelijk goed uit te leggen is, is de realiteit weerbarstiger. Zo moet elke keer als het Rijk iets landelijk wil realiseren, zonder dit wettelijk te verankeren, opnieuw door elke gemeente worden uitgelegd waarom zij iets anders doen dan andere gemeenten.

De mate van inkomensondersteuning zou niet afhankelijk moeten zijn van je woonplaats.

Daarbij maken we ons zorgen over eventuele bezuinigingen op armoede, als niet-zijnde een wettelijke taak. Terwijl we merken dat de huidige middelen ontoereikend zijn en dat er nu al gemeenten zijn die zich genoodzaakt voelen om in hun begroting te anticiperen op de aankomende financiële tekorten.

3. DIT IS WAT ER NODIG IS VAN HET RIJK Het goed kunnen invullen van bestaans- en inkomenszekerheid gaat erom dat we als overheid uitdragen dat het een (grond)recht is en dat inwoners er met opgeheven hoofd een beroep op kunnen doen. Wij roepen het Rijk op om de volgende randvoorwaarden te realiseren: 1. Wij willen een verhoging van het sociaal minimum. Het Rijk moet de handschoen oppakken voor voldoende en voorspelbaar inkomen. 2. Wij willen een zo eenvoudig mogelijk stelsel, waarin werken loont en toeslagen niet meer nodig zijn. 3. Wij willen ons als G40 steden (weer) gaan richten op de kwetsbare gevallen. Daarvoor hebben wij van het Rijk meer ruimte nodig om maatwerk te kunnen bieden. 4. Wij willen onze inwoners perspectief , persoonlijke aandacht en vertrouwen bieden. Daar hebben we zelf ook financieel perspectief voor nodig. Een structurele aanpak van armoede vraagt ook om structurele middelen.

4. DIT IS WAAR GEMEENTEN ZICH VOOR ZULLEN (BLIJVEN) INZETTEN Bovenstaande punten zijn voor onze G40 steden belangrijke randvoorwaarden om de beweging te maken naar een lange termijnvisie voor een integrale aanpak van bestaanszekerheid. Dit gaat om het bij elkaar brengen van de thema’s werk, inkomen, gezondheid en wonen. De menselijke maat bevindt zich tussen alle thema’s in. En daarbij als gemeente het lef te hebben om ruimte te pakken en eigen schotten weg te halen als dat in een bepaalde situatie nodig is. We werken aan het zijn van een betrouwbare overheid. Door beloftes na te komen, zelf ook te werken vanuit vertrouwen, en daarbij zo goed mogelijk aan te sluiten bij de situatie van inwoners. Door (vaker) te praten met de mensen over wie het gaat, nog beter te luisteren naar wat er nodig is, en daarop te acteren. Als het specifiek gaat om inkomenszekerheid blijven we ons als G40 steden inzetten op het verlagen van drempels voor het aanvragen van regelingen, het toekennen op basis van vertrouwen en het dichtbij organiseren van de dienstverlening. Waar mogelijk worden lokale regelingen vereenvoudigd en/of samengevoegd. Communicatie hierover wordt zo goed mogelijk aangesloten op de doelgroep, waarbij rekening gehouden wordt met het taboe op geldzorgen. We willen doen wat werkt en werken samen met kennisinstituten.

WWW.G40STEDENNETWERK.NL

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=53dba328-fcf3-466f-87b6-84554b950f3a