Betoog en onderbouwing luchtscouts programmabegroting.pdf
Tekst van het document
18
In het “ecosysteem” van SNL wordt 3,7 keer zoveel belasting betaald als Scouting aan subsidie ontvangt Jaarlijks toegevoegde waarde (€ miljoen)
In het “ecosysteem” van Scouting NL (Scouting groepen, de
28,3
Vereniging Scouting NL, de leveranciers en hun leveranciers)
wordt gezamenlijk €11 miljoen aan
11,0
belastingen betaald. Dat is 3,7 keer zoveel als Scouting als subsidie van de overheid ontvangt.
5,3
12,0
Belasting Saldo Salarissen Additionele impact door heruitgaven van salarissen is niet meegenomen vanwege dubbeltellingen.
19
Scouting ondersteunt door uitgaven 500 banen in de Nederlandse economie, dat is een multiplier van 12 Werkgelegenheid (in aantal fulltime banen)
Scouting heeft 37 fulltime banen. In totaal worden door
502
2
502
Scouting medewerker er nog eens
de gehele economie rond 500 banen in verschillende
12 werknemers worden
151
sectoren ondersteund.
Dit betekent dat voor elke
ondersteund. 257
De gerelateerde banen zijn
Dit gebeurt voornamelijk bij indirecte leveranciers.
vooral te vinden in de
diensten sector. 312 208
37
37
Landbouw
Indirecte Leveranciers
Industrie
Directe Leveranciers
Diensten
Scouting
Scouting Additionele impact door heruitgaven van salarissen is niet meegenomen vanwege dubbeltellingen.
20
Inhoud
1
Aanpak & Conclusies
2
Sociale Impact
3
Economische Impact
4
Appendix
21
Het onderzoek is gericht op de volgende indicatoren die sociale impact concreet maken Totale Impact Scouting
Economische Impact
Scope
Indicator
Sociale Impact
Gezondheid
Arbeidsmarkt
Criminaliteit
SocioEconomische Kosten & Baten
SocioEconomische Kosten & Baten
SocioEconomische Kosten & Baten
Zorgkosten
Inkomen
Jeugd
Jeugd Vrijwilligers
Kwalitatieve aspecten
Toegevoegde Waarde
Werkgelegenheid
Justitiële kosten
Maatschappij Milieu Individu
Belastingen Saldo Salarissen
Aantal banen
Uitgaven van:
Uitgaven van:
Jeugd
Jeugd Jeugd met een beperking Vrijwilligers Familie Maatschappij
Deelnemers Groepen Landelijke Vereniging
Deelnemers Groepen Landelijke Vereniging
= Kwalitatieve indicator = Kwantitatieve indicator
22
Uitleg Methode: Kansen en het effect van bewegen (1) De effecten van bewegen zijn uitgedrukt in een minimaal en een maximaal effect, wat leidt tot een bandbreedte van de uiteindelijke verlaagde kans
De effecten van bewegen zijn uitgedrukt in kansrekeningen, berekend op basis van de informatie in de literatuur. Startpunt: Gemiddelde Kans
Roken
Roken
in Nederland
Effec t van Beweging Minimum
Verlaagde Kans
Maximum
Autoc htonen Jongens
16%
-27%
-50%
Autoc htonen Meisjes
12%
-36%
Alloc htonen Jongens
16%
-27%
Alloc htonen Meisjes
12%
-6%
Minimum
Maximum
12%
8%
-50%
8%
6%
-50%
12%
8%
-50%
11%
6%
Overgewicht
Overgewicht
in Nederland
Minimum
Maximum
Minimum
Maximum
Autoc htonen Jongens
13%
-10%
-12%
12%
12%
Autoc htonen Meisjes
15%
-10%
-12%
13%
13%
Alloc htonen Jongens
13%
-10%
-12%
12%
12%
Alloc htonen Meisjes
15%
-10%
-12%
13%
13%
Gemiddelde kans in NL: Nationaal Kompas: Gezondheidsdeterminanten, overgewicht jongens en meisjes Minimum: Improvements in Fitness Reduce the Risk of Becoming Overweight across Puberty, 2011, Francisco B. Ortega et al. Maximum: Comparison of overweight and obesity prevalence in school-aged youth from 34 countries and their relationships with physical activity and dietary patterns, 2005, I. Janssen et al. Depressie
Gezondheid
Gemiddelde kans in NL: Factsheet Roken STIVORO 2012 Minimum: Sports Participation and Health Related behaviors among US Youth, Russell R. Pate et al. Maximum: Smoking habits and sporting activity among adolescents in North Italy, Assanelli D et al.
Welzijn
in Nederland
Minimum
Autoc htonen Jongens
3%
Autoc htonen Meisjes
6%
Alloc htonen Jongens
3%
Alloc htonen Meisjes
6%
0%
-8%
Maximum
Minimum
Maximum
-42%
3%
1%
0%
-8%
6%
6%
-8%
-42%
3%
1%
-8%
6%
6%
Gemiddelde kans in NL: GGZ, Depressie bij Kinderen en Tieners, Dr. Cees A.M. de Wit, 'Depressies op jeugdige leeftijd' Minimum: Exercise Psychology Childhood Depressive Symptoms, Physical Activity and Health Related Fitness, Lois Michaud Tomson. Maximum: Childhood depressive symptoms, physical activity and health related fitness, Catherine Rothon et al.
23
Uitleg Methode: Kansen en effect bewegen (2)
Schooluitval
Schooluitval
in Nederland
Effect van Beweging Minimum
Verlaagde Kans
Maximum
Minimum
Maximum
Autochtonen Jongens
3%
0%
-3%
3%
3%
Autochtonen Meisjes
2%
0%
-3%
2%
2%
Allochtonen Jongens
6%
0%
-3%
6%
6%
Allochtonen Meisjes
5%
0%
-3%
5%
5%
Gemiddelde kans in NL: CBS Onderwijs in Cijfers p. 164 Minimum:The impact of participation in sports on educational attainment: new evidence from Germany, 2007, Thomas Cornelißen Maximum: EDBR advies ’The Economics of Sports’ Rotterdam: gezond, sociaal én veilig door sport! en Interview Prof. van Mechelen
Criminaliteit
Criminaliteit
Arbeidsmarkt
Startpunt: Gemiddelde Kans
Crime
in Nederland
Minimum
Maximum
Minimum
Maximum
Autochtonen Jongens
2%
0%
-20%
2%
1%
Autochtonen Meisjes
2%
0%
-20%
2%
1%
Allochtonen Jongens
5%
0%
-20%
5%
4%
Allochtonen Meisjes
5%
0%
-20%
5%
4%
Gemiddelde kans in NL: Risbo Erasmus, Marokkaanse Nederlanders 2011, p.60 Minimum: Interviews Prof. van Mechelen en Prof. Paul Verweel Maximum: Game plan: A strategy for delivering government's sport and physical activity objectives, 2000 UK, Strategy Unit, Cabinet Office
24
Uitleg Methode: Literatuur verwijzingen kosten (1)
Roken
Bespaarde Kosten Gezondheidskosten EUR 781 Bevorderde baten -
Bronnen "Zorgkosten van ongezond gedrag. Zorg voor euro’s - 3", (2006) Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, P.H.M. van Baal et al.
Extra Kosten -
Overgewicht
Bespaarde Kosten
Bronnen
Gezondheidskosten EUR 259 Bevorderde baten -
Extra Kosten
Blessures
"De maatschappelijke waarde van sport", (2011) Het Verwey-Jonker Instituut "Zorgkosten van ongezond gedrag", (2006) Rijkinstituut voor Volksgezondheid en Milieu "Economic burden of physical activity-related injuries in Dutch children aged 10-12", (2011) W. van Mechelen et al.
EUR 188 - EUR 317
Bespaarde Kosten Welzijn/ Depressie
GEZONDHEID
-
Bronnen
Gezondheidskosten EUR 223 Bevorderde baten -
Gevolgen van depressie', (2003) Nederlands Jeugd Instituut
Extra Kosten
-
-
25
Uitleg Methode: Literatuur verwijzingen kosten (2)
Schooluitval
ARBEIDSPARTICIPATIE
Bespaarde Kosten Bijstandsuitkering EUR 2.741 Bevorderde baten Salaris
EUR 5100 EUR 7.381
Criminaliteit
Bespaarde Kosten
Bronnen
Legale Kosten EUR 2.980 Bevorderde baten -
'The Economics of Sports’ Rotterdam: gezond, sociaal én veilig door sport!", (2011) Economic Development Board Rotterdam
Extra Kosten
-
Besparing Loonkosten
Vrijwilligers
CRIMINALITEIT
"Hoe hoog is mijn bijstandsuitkering?", (2013) Rijksoverheid "Werkzame beroepsbevolking; gemiddeld inkomen.",(2012) CBS "Welk bedrag geeft het ministerie van OCW per leerling uit?", (2013) Rijksoverheid
Extra Kosten Schooluitgaven
Vrijwilligers
Bronnen
Uurloon
EUR 15
Bronnen " 'The Economics of Sports' Rotterdam: gezond, sociaal én veilig door sport!", (2011) Economic Development Board Rotterdam
26
Beperkingen van de methodologie • Causaliteit: veel verschillende factoren en complexe verbanden • Ten aanzien van beschikbare wetenschappelijke literatuur: • Komt tot tegenstrijdige conclusies • Vermindering van criminaliteit is een sterk omstreden punt. Daarom moesten wij met een grote range werken. • Google bias
• Kwantificering van impact over lange termijn vereist aannames over leven en levensstijl. Daarom hebben wij ons moeten beperken tot de impact van een jaar.
27
Sociale impact van jeugdactiviteiten wordt beïnvloed door complexe onderlinge verbanden Gezinsinkomen
Invloed van Ouders
Cultuur
Natuurervaring
Jeugdactiviteit
Mentale Gezondheid
Lichamelijke beweging
Sociale vaardigheden
Geslacht
Sociaal kapitaal
Zelfvertrouwen
Stress/ Agressie Fysieke Gezondheid Zorgkosten
School uitval
Criminaliteit Arbeidsmarktparticipatie
= Context
= Jeugdactiviteit = Individuele sociale impact;kwalitatieve indicatoren = Sociale impact kwantitatieve indicatoren
Eetgedrag
Peer Pressure
= Causale verbanden =Collectieve goed 28
Hoewel wij slechts de sociale impact van 1 jaar meten, hebben deelnemers na beëindiging van deelname profijt Maatschappelijke Waarde Scope van de kwantitatieve resultaten is 1 willekeurig jaar tijdens participatie periode
Netto maatschappelijk waarde beni Verwachtte toekomstige maatschappelijk waarde beni Investering beni of deelnemer Directe sociale impact van deelname
0 is de controlegroep
Participatie periode (gem.3 jaar)
Tijd
Terugverdientijd (rest van leven vanaf eind participatie) 29
De directe effecten van de activiteiten van Scouting zijn slechts het ‘topje van de ijsberg’
Directe (0e Ronde) impact (Scouting)
Indirecte (1e Ronde) impact (Directe leveranciers)
Indirecte (2e Ronde) impact (economische impact door de leveranciers van de) leveranciers)
Induced (3e Ronde) impact (economische impact door de consumptie van de werknemers)
Niet opgenomen in de resultaten
Totale economische impact van Scouting
30
De combinatie van Nederlandse data en financiële data van Scouting leidt tot toegevoegde waarde en werkgelegenheid
Input
Financiële Bedrijfsgegevens Scouting groepen en Vereniging Scouting Nederland
Macroeconomische gegevens Nederland
Winst-Verlies rekening Scouting Nederland
Output
Lokale toegevoegde waarde (bv. Belastingen, salarissen, winsten) ondersteund door Scouting
Nederlandse economische input-output tabel voor 57 sectoren (Sociaal Accounting Matrix )
Werkgelegenheidsdata van Nederland voor 10 sectoren
Werkgelegenheid ondersteund door Scouting
31
Sociaal Accounting Matrix combineert de uitgaven van Scouting met de macro-economische structuur van NL
Investeringen
Naar
Export Belastingen Huishoudens inkomen Bedrijfsdienten … … Scouting Nederland … Industrie Landbouw
Van
Landbouw Industrie … Scouting Nederland … … Bedrijfsdiensten
Huishoudens inkomen Belastingen Import
Een rij toont hoe iedere sector/stakeholder geld verdient Overdracht
Consumptie
Inkomsten Non market
Dividend / winsten
Consumptie leidt tot productie leidt tot Overdracht van geld tussen verschillende sectoren, leidend tot Inkomsten voor huishoudens en overheden
En kolom toont hoe iedere sector/stakeholder geld uitgeeft 32
Overzicht interviews met externe deskundigen voor de 3 onderzochte organisaties Interviews •
Universiteit Utrecht
Prof. Dr. P. Verweel
•
Universiteit Amsterdam
Prof. Dr. W. van Mechelen
•
Forum
Sadik Harchaoui
•
Spirit
Abdellah Ahrouch
•
GGD Amsterdam
Paul van der Velpen
•
Menzis Zorgverzekeraar
Marcel Hofstede
•
Vrijwilliger JSF
Ben de Veth
•
Gemeente Den Haag
Kirsten Grandia
•
Wethouder Den Haag
Karsten Klein
•
SCP
Dr. Kim Putters
•
Mozaiek Welzijn Tiel
Bart de Klein
•
Gemeente Rotterdam
Erkan Akkaya
•
Universiteit van Amsterdam
Prof. Dr. A. Lange
•
Wijkagent Rotterdam
Ton Brouw
•
Gemeente Tilburg
Kristel van de Tillaart
33
Gebruiksdoeleinden locatie Kofschip
Inhoud 1. Inleiding ............................................................................................................................................... 3 2. Gebruik ................................................................................................................................................ 4 3. Inrichting.............................................................................................................................................. 5 3.1 Terreinindeling .............................................................................................................................. 5 3.2 Clubgebouw ................................................................................................................................... 6 3.3 Bezoekersintensiteit ...................................................................................................................... 9 4. samenvatting ..................................................................................................................................... 10
2
1. Inleiding Als Scoutingvereniging Luchtscouts Vliegveld Lelystad zijn wij op zoek naar een locatie waar wij ons voor lange termijn kunnen vestigen. Als noodoplossing gebruiken wij nu een voormalig schoolgebouw op de Kofschip 2, te Lelystad. Aangezien dit gebouw binnenkort gesloopt wordt zijn wij zo snel mogelijk op zoek naar een oplossing voor onze huisvesting. Inmiddels is er een reservering voor een stuk grond op het Kofschip. Dit is een geasfalteerd sportterrein, welke door het SGL gebruikt werd. In dit document schetsen wij onze ideeën voor deze locatie met betrekking tot gebruik en inrichting.
Figuur 1 situatie locatie Kofschip
3
2. Gebruik Het hoofdgebruik van onze beoogde locatie valt binnen het van toepassing zijnde bestemmingsplan Lelystad Midden-West. Onder artikel 6 gemengd valt te lezen: “6.1a gebouwen ten behoeve van: 1. maatschappelijke voorzieningen;” Nader omschreven zijn dit onze belangrijkste activiteiten voor eigen gebruik: Sport en spel, zowel binnen als buiten. Activiteiten met het karakter van een workshop, zowel binnen als buiten. Kamperen in tenten op het buitenterrein met eigen leden. (A.P.V. biedt hiervoor een uitzondering voor eigen gebruik)
Figuur 2 Kamperen in eigen tenten
Overnachten binnen met eigen leden. Stoken op de daarvoor aangewezen plek, binnen de kaders van de A.P.V. (gebruik van vuurkorf of voor het bereiden van eten). Wanneer dit binnen de vergunning mogelijk is willen we ook medegebruik bieden aan derden. Dit zijn hoofdzakelijk andere sociale verenigingen en stichtingen. Afhankelijk van de mogelijkheden zijn dit één of meerdere van bovengenoemde functies. Daarnaast kan gedacht worden aan vergaderingen of verjaardagen.
Figuur 3 Impressie stookplaats
Op moment van vestiging verwachten wij met 30 leden gebruik te maken van deze locatie welke ook gelijktijdig aanwezig zijn. Ons streven is om op korte termijn door te groeien naar circa 60 leden.
Figuur 5 Werken aan modelbouwvliegtuigen
4
Figuur 4 Buiten sport en spel
3. Inrichting In onderstaande tekening is globaal een schets gemaakt van de terreinindeling.
Figuur 6 Situatieschets
3.1 Terreinindeling Het gereserveerde terrein is een met asfalt verhard sportterrein gelegen op het Kofschip. Het terrein is omheind door een bestaand hek. Deze willen wij aanpassen, zodat er een ingang voor laden en lossen bijkomt en het loophek verplaatsen we, zodat deze direct tegenover het clubgebouw komt. Het omheinde oppervlakte is circa 2000m2. Afhankelijk van de voorwaarden overwegen wij het beoogde terrein uit te breiden met de bosstrook. Dit heeft als voordeel dat het terrein makkelijker is af te sluiten door gebruik van de hoge omheining van de fietsenstalling en kinderdagopvang (het terrein heeft alleen aan de zijde van het fietspad een hoog hekwerk, de rest is circa één meter hoog). Ook kunnen de kinderen hierdoor veilig en zelfstandig in het bos spelen zonder hiervoor het hek uit te gaan. Het bos laten wij wel in tact zoals het nu is. Het gebouw komt aan de zuidkant tegen de rand van het asfalt. Hierdoor kan bij het aanleggen van kabels en leidingen gebruik worden gemaakt van de open verharding rondom het asfalt, zodat het veld zo min mogelijk beschadigd. In de noordwesthoek willen wij een stookplaats inrichten. Verder willen wij onze aanhangers kunnen stallen. Het is de bedoeling dat deze met de auto op het terrein gereden kunnen worden via de poort voor laden en lossen.
De beoogde parkeerplaats is op openbaar terrein en word nog toegelicht bij bezoekersintensiteit.
5
3.2 Clubgebouw Het bouwwerk wat we als clubgebouw gaan gebruiken zal een constructie van tijdelijke aard zijn. Het clubgebouw wordt neergezet volgens het principe van een zaagloods tussen zeecontainers. Als “fundering” wordt de asfaltverharding gebruikt zonder deze aan te passen. Hierop komen twee rijen van op elkaar gestapelde zeecontainer van 40ft (circa 12,2 meter). Tussen de twee rijen komt een dak met een overspanning van 5 á 6 meter tussen de containers. De voor en achterzijde zal worden dichtgemaakt met beplating en grote deuren (idee van een hangaar). Optioneel willen wij nog een extra container rechtop plaatsen, wanneer het budget dit toelaat. Deze willen wij aan de buitenzijde gebruiken voor borden van sponsoren en binnenin een klimtoren.
Figuur 7 Impressie
6
Hieronder volgen ter indicatie van de afmetingen schetsen van de voorzijde en het bovenaanzicht.
Figuur 8 vooraanzicht
Figuur 9 bovenaanzicht
7
Het grondvlak is 10x24,4=244m2. De vier containers op de bovenlaag zijn 4x12,2x2,4=117m2. Gezamenlijk is dit een brutovloeroppervlak van 244+117=361m2. Aan de middenruimte komt een grote vooringang en een achterdeur. De overige ruimtes, gecreëerd in de zeecontainers, zijn allen toegankelijk via de centrale middenruimte. De bovenste ruimtes ook doormiddel van een vide. Hierdoor is de hoeveelheid verkeersruimte verwaarloosbaar. Ingecalculeerd is circa 14m2 sanitair, 14m2 keuken en 42m2 opslag. Hierdoor blijft over circa 291m2 verblijfsruimte. De maximum bouwhoogte in het gebied is 7 meter. Het hoofdgebouw is 5,4m hoog, dus dit voldoet aan de maximum bouwhoogte. De toren is 12,2m. Zolang geen afbreuk gedaan wordt aan de omgeving mag de maximum bouwhoogte worden verhoogd tot 15m voor max 50% van het gebouw. Hierdoor kan de toren ook worden toegestaan. Afhankelijk van de markt kan nog uitgeweken worden naar andere typen bouwwerken van tijdelijke aard. Zoals geschakelde kantoorunits.
Figuur 10 indeling gebouw
8
3.3 Bezoekersintensiteit Bij vestiging verwachten wij gebruik te maken van het gebouw met 30 leden, welke ook tegelijkertijd aanwezig zijn. Op termijn hopen wij te groeien naar circa 60 leden welke dan ook tegelijk gebruik maken van het gebouw. Op het moment zien wij dat ongeveer 60% van onze leden per fiets naar de vereniging komt. Dit levert bij 30 leden 18 fietsbewegingen en 36 fietsbewegingen bij 60 leden. De leden per auto rijden vaak samen per gezin. Als stelregel 1 auto per 1,5 leden die met de auto komen. Bij 30 leden levert dit 9 auto’s en bij 60 leden 18 auto’s. De beoogde parkeerplaats is op openbaar terrein en telt 16 plekken. Rondom zijn er nog meer plekken beschikbaar. Omdat de meeste verkeersbewegingen alleen voor halen en brengen zijn worden de plekken meestal niet allemaal gelijktijdig bezet. De normale gebruikstijden zijn elke zaterdag van 10:00 t/m 14:00 uur. Een aantal keer per jaar kan dit een weekend zijn. Verder op doordeweekse dagen enkele vrijwilligers voor onderhoudswerkzaamheden. Bij medegebruik kunnen hier nog andere tijden bijkomen. Naar verwachting zijn deze verkeersstromen niet groter dan die van onze eigen vereniging.
9
4. samenvatting Een clubhuis met een constructie van tijdelijke aard op het Kofschip, te Lelystad. Een terrein te gebruiken voor scoutingactiviteiten. Terreingrootte:
2000m2
Grondvlak bouwwerk: 244m2 Brutovloeroppervlak:
361m2
Verblijfsruimte:
291m2
Keuken:
14m2
Sanitair:
14m2
30 personen bij vestiging: Fietsbewegingen:
18
Autobewegingen:
9
60 personen op termijn: Fietsbewegingen:
36
Autobewegingen:
18
Beschikbare parkeerruimte:
36
Aanwezigheid:
zaterdagen van 10 t/m 14 uur
10
Impactonderzoek Scouting
De invloed van Scouting op de persoonlijke ontwikkeling van jongeren
2
Impactonderzoek Scouting
Inhoud
Voorwoord5 1.
Het onderzoek
7
2.
Samenvatting/ conclusie
9
3.
Resultaten
10
Inhoud
3
4
Impactonderzoek Scouting
Voorwoord
Scouting moest het altijd hebben van de verhalen. Van leden die vertellen hoe fijn hun tijd is bij Scouting: het avontuur, het plezier en de vriendschappen. Als volwassen scouts terugkijken zijn velen zich ook bewust van het feit dat Scouting ze veel meer heeft gebracht dan plezier. Het heeft hen ook gevormd. Dat merk ik zelf ook. Binnen Scouting heb ik veel vaardigheden ontwikkeld. Dan heb ik het niet alleen over de vaardigheden om een vuur aan te steken, knopen te leggen en te navigeren op een kompas. Ik heb het ook over sociale vaardigheden: samenwerken, de leiding nemen en open staan voor een andere mening. Door Scouting werd ik maatschappelijk betrokken, ik ben actief in politiek en diverse maatschappelijke organisaties en ik coach jonge bestuurders en leidinggevenden in hun ontwikkeling. Dat je zoveel leert bij Scouting is geen toeval, onder alle spellen en activiteiten die we aanbieden aan onze leden zit een weldoordachte leerlijn. Die kun je later als vrijwilliger uitbouwen door het organiseren van evenementen, landelijk actief te worden of bestuurswerk te doen. Het is onze missie om met de ontwikkeling van jongens en meiden bij te dragen aan een gezonde maatschappij. Ik ben blij dat onderzoek uitwijst dat we slagen in die missie. Niet alleen in Nederland maar met 50 miljoen leden over de hele wereld. Jaap Boot, voorzitter Scouting Nederland
Voorwoord
5
6
Impactonderzoek Scouting
1
Samenvatting / conclusie
Nederlandse jongeren die lid zijn van Scouting zijn lichamelijk actiever dan niet-scouts en gaan bewuster om met de natuur. Ook op andere onderdelen naar aspecten in de sociale ontwikkeling scoren Scouting-leden hoger dan jongeren die geen lid zijn. Scouts zijn behulpzamer, in hogere mate maatschappelijk betrokken, doen vaker vrijwilligerswerk en staan meer open voor andere culturen. Zelf noemen scouts dat ze door hun ervaringen bij Scouting zijn gegroeid in het samenwerken met anderen, over meer leiderschapsvaardigheden beschikken, beter dingen kunnen organiseren, zelfstandiger zijn geworden, socialer en meer zelfvertrouwen hebben gekregen. Dit zijn belangrijke componenten voor een gezonde fysieke en mentale groei naar volwassenheid. Scouting stelt zich ten doel om waarde toe te voegen aan de samenleving door jongeren uit te dagen zich persoonlijk te ontwikkelen en daaraan veel plezier te beleven. Uit dit onderzoek blijkt dat Scouting hierin slaagt als je kijkt naar een aantal lifeskills waarop scouts significant hoger scoren dan leeftijdsgenoten die niet bij Scouting zitten.
1 Samenvatting / conclusie
7
8
Impactonderzoek Scouting
2
Het onderzoek
De World Organization of the Scout Movement (WOSM), een van de twee wereldwijde organisaties van Scouting met 50 miljoen leden over de hele wereld heeft onderzoek gedaan naar de impact van Scouting op de sociale ontwikkeling van scouts. Dit onderzoek vond plaats in vier landen: Nederland, Mexico, Frankrijk en Saudie Arabië. In totaal deden er ruim 4.000 scouts mee en ruim 3.000 niet-scouts. Er is een vergelijking gemaakt tussen scouts en niet-scouts door vragen te stellen over lifeskills, of specifieker gezegd gaat het om vaardigheden, houding en gedrag ten aanzien van verschillende onderwerpen. Voor het gemak benoemen we ze in dit rapport als lifeskills. De uitkomsten van dit onderzoek, gecombineerd met resultaten uit onderzoeken die Scouting Nederland zelf recent liet doen naar de kwaliteit van Scouting, bieden inzicht op de invloed van de ervaringen bij Scouting op de respondenten.
Twee deelonderzoeken in Nederland 1. Onderzoek WOSM in samenwerking met Qrius, gespecialiseerd in onderzoek onder jongeren. Dit onderzoek vond plaats onder 2127 respondenten in Nederland, waaronder 1503 Scoutingleden en 626 niet-Scoutingleden (2019). Dit kwantitatief onderzoek is aangevuld met een kwalitatief onderzoek door middel van een diepte-interview onder een kleine groep van zes scouts. 2. Onderzoek van Scouting Nederland naar de kwaliteit van de programma’s van Scouting onder 1765 jeugdleden, 1236 leiding en praktijkbegeleiders en 1219 ouders (2018 / 2019) In het onderzoek van WOSM zijn de volgende lifeskills onderzocht: • Zelfstandigheid • Lichamelijk actief • Hulpvaardigheid • Maatschappelijke betrokkenheidheid • Verantwoordelijkheid • Bewust en verantwoordelijk voor de natuur • Cultureel • Spiritueel • Religieus Aanvullend zijn uit het kwaliteitsonderzoek van Scouting Nederland enkele uitkomsten meegenomen over de sociale ontwikkeling van Scoutingleden.
2 Het onderzoek
9
3
Resultaten
3.1 Kwantitatief onderzoek WOSM Hoe scoren Scouts ten opzichte van niet-Scouts op diverse onderdelen? Jongeren die lid zijn van Scouting in Nederland scoren op de meeste vaardigheden / eigenschappen hoger dan jongeren die geen lid zijn. Zo zijn jongeren bij Scouting vaker lichamelijk actief (13 % meer dan niet-leden) en bewuster van en zorgzamer voor de natuur (11 % meer dan niet-leden). Op andere onderdelen zie je ook een verschil (tussen de 2 en 4%) tussen scouts en niet-scouts, zo zijn scouts iets zelfstandiger, hulpvaardiger, maatschappelijk betrokken en staan ze meer open voor andere culturen.
10
Impactonderzoek Scouting
Relevante vragen uitgelicht Vragen waarop scouts significant hoger scoren dan niet scouts: Stellingen
Percentage scouts dat het ermee eens is
Percentage niet-scouts dat het ermee eens is
Verschil %
Vrijwilligerswerk is belangrijk
57%
39%
18%
Ik neem elke week deel aan sport of buitenactiviteiten
83%
68%
15%
Ik doe elke dag dingen die goed zijn voor de natuur/ het milieu
42%
28%
14%
Ik ben creatief in het oplossen van problemen
58 %
40%
18%
Ik vind het leuk om met mensen te praten met andere overtuigingen
58%
31%
27%
Ik leer veel dingen van de natuur
63%
41%
22%
Ik vind het belangrijk om een bijdrage te leveren aan de maatschappij
73%
57%
16%
Ik kan besluiten in mijn groep accepteren, ook als ik het er niet mee eens ben
76%
54%
22%
Ik neem elke week deel aan sport activiteiten
83%
68%
15%
Ik leer graag nieuwe dingen
94%
85%
9%
Ik doe elke dag dingen die goed zijn voor het milieu
42%
28%
14%
Ik weet hoe ik activiteiten samen met anderen moet plannen en organiseren
81%
69%
12%
Ik weet wat ik moet doen als iemand gewond is
68%
37%
31%
Ik kan anderen helpen door oplossingen voor hun problemen te bedenken
84%
61%
23%
Ik neem over het algemeen de leiding in activiteiten
40%
23%
17%
“Samenwerken is zo nuttig in veel situaties! Bijvoorbeeld wanneer je een tent moet opzetten, het is samen zoveel gemakkelijker dan alleen.”
“Scouting is open minded en helpt me om ‘out of the box’ te denken. Ik ben meer geneigd dingen uit te proberen in plaats van ‘nee’ te zeggen.”
3 Resultaten
11
Relatie tussen Scoutingactiviteiten en de ontwikkeling van lifeskills In het onderzoek van WOSM wordt ook duidelijk in hoeverre het vaker deelnemen aan bepaalde activiteiten bij Scouting invloed heeft op de ontwikkelthema’s. De gekleurde vlakken geven aan dat de activiteit in de horizontale balk positieve invloed heeft op de ontwikkeling van de vaardigheden / eigenschappen in de linkerkolom. Zo hebben outdooractiviteiten, reflectie op eigen overtuigingen en werken in teams een positieve invloed op lichamelijk actief zijn. Mate van deelname aan activiteiten, van invloed op de ontwikkeling van de jongeren bij Scouting Invloed op (pijl naar beneden)
Kamperen
Internationale activiteiten
Outdoor activiteiten
Vrijwilligerswerk doen
Werken met i nsignes en adges b
Reflectie op overtuigingen, geloof
Contact met mensen met een andere culturele achtergrond
Werken in teams
Leidinggevende taken
Lichamelijk actief Zelfstandigheid Hulpvaardigheid Maatschappelijke betrokkenheid Verantwoordelijkheid Natuurbewust Cultureel Spiritueel Religieus
3.2 Kwalitatief onderzoek WOSM In het kwalitatief onderzoek van WOSM onder zes scouts is doorgevraagd op de impact van Scouting op persoonlijke ontwikkeling en groei. Over het algemeen concludeert WOSM dat de ervaringen bij Scouting een positieve invloed hebben op de persoonlijke groei en ontwikkeling en hun sociale vaardigheden van de ondervraagde scouts. Scouts geven aan dat ontwikkeling vooral tot stand komt door het contact met de leiding van Scouting en hun mede-scouts. Sociaal Zo zijn deze scouts mede door Scouting opgegroeid als verantwoordelijke leden van de maatschappij. Ze voelen zich betrokken bij de wereld om zich heen en voelen zich begaan met de gemeenschap waarin ze leven. Ook bepaalde sociale eigenschappen zijn gestimuleerd zoals behulpzaamheid, begrip, respect en acceptatie van anderen. Sommigen legden uit hoe ze is geleerd om te werken in een team. Persoonlijke groei Respondenten hebben ook positieve invloed van Scouting ervaren op hun persoonlijke groei. Zo zijn ze zelfstandiger in het oplossingen van vraagstukken, ze nemen meer initiatief, gaan uitdagingen aan en zijn zelfbewust. Ook geduld en zelfvertrouwen worden in dit licht genoemd.
12
Impactonderzoek Scouting
Natuur en milieu Tot slot noemen de respondenten dat ze zich door Scouting meer bewust zijn geworden van de natuur en het milieu.
2.2 Kwaliteitsonderzoek van Scouting Nederland In 2018 en 2019 heeft Scouting Nederland een onderzoek gedaan naar de kwaliteit van de programma’s die in de verschillende speltakken worden aangeboden. Hieruit komen ook enkele resultaten die iets zeggen over de ontwikkelthema’s van scouts. Enkel deze resultaten nemen we op in dit rapport. Maatschappelijke betrokkenheid Deelname van scouts aan activiteiten met of voor ‘externen’ buiten Scouting. Bijvoorbeeld in de eigen gemeente of voor een organisatie of school. Naarmate de leeftijd van de speltak hoger wordt, doen de leden naar verhouding (nog) meer activiteiten met of voor ‘externen’ buiten de groep. Deelname aan activiteiten met of voor ‘externen’ buiten de groep? Totaal
Bevers
Welpen
Scouts
Explorers
Roverscouts
62,9%
52,9%
60,2%
68,8%
69,9%
70,9%
Lifeskills: wat leren Scouts als het gaat om hun ontwikkeling? In het kwaliteitsonderzoek van Scouting is aan de leiding gevraagd om terug te kijken naar hun eigen tijd bij Scouting en om in eigen woorden aan te geven wat volgens hen de belangrijkste dingen zijn die zij bij Scouting hebben geleerd voor ‘later’ in hun leven, de lifeskills. Daarbij blijkt het leren samenwerken veruit de meest genoemde lifeskills. Hieronder een overzicht van de top 7: 1. Samenwerken 2. Leiderschap 3. Organiseren 4. Zelfstandigheid 5. Sociale vaardigheden 6. Outdoor skills 7. Creativiteit In de genoemde voorbeelden komt daarbij vaak naar voren dat Scouting-leden meer zelfvertrouwen hebben gekregen door Scouting. Dat ze meer durven, zowel fysieke uitdagingen als spreken in de groep, het voortouw nemen of voor zichzelf opkomen. Ook geven de respondenten aan dat ze ten opzichte van vrienden die niet bij Scouting zitten behulpzamer zijn en bewuster omgaan met de natuur. Verwachtingen ouders Ouders van jeugdleden van Scouting verwachten conform de missie van Scouting dat Scouting bijdraagt aan de ontwikkeling van hun kind. In het kwaliteitsonderzoek is gevraagd naar de redenen waarom hun kind lid is geworden van Scouting. Bij 74,2 % van de ouders blijkt vooral de meerwaarde van Scouting voor de algemene ontwikkeling van hun zoon/dochter de belangrijkste reden te zijn
3 Resultaten
13
geweest. Meer nog dan de leuke activiteiten die Scouting te bieden heeft (zie tabel x, de ouders mochten daarbij meerdere redenen aankruisen). Als je kijkt naar de resultaten van het onderzoek, dan komen de verwachtingen van ouders uit. Redenen waarom bevers, welpen en scouts lid van Scouting zijn geworden. Percentage Omdat ik dacht dat Scouting leuke activiteiten biedt
61,8%
Omdat ik dacht dat mijn zoon/dochter veel kennis en vaardigheden bij Scouting zou kunnen leren
55,0%
Omdat ik dacht dat Scouting goed zou kunnen zijn voor de algemene ontwikkeling
74,2%
Omdat een vriend(in) van mijn zoon/dochter al lid was
12,0%
Omdat een broer/zus van mijn zoon/dochter al lid was
10,5%
Ik had nog andere redenen
22,5%
De mate van zelfstandigheid komt terug in het onderzoek van Scouting Nederland dat explorers (leeftijd 15 – 18) vraagt naar hoe zelfstandig zij hun eigen activiteitenprogramma organiseren, waarbij 42,1 % aangeeft redelijk zelfstandig hun activiteiten te organiseren en 10,1 % zeer zelfstandig. Hoe zelfstandig zijn explorers in het organiseren van het activiteitenprogramma? Percentage
14
Helemaal niet zelfstandig
2,8%
Niet zo zelfstandig
12,4%
Afwisselend
32,6%
Redelijk zelfstandig
42,1%
Zeer zelfstandig
10,1%
Impactonderzoek Scouting
“Ik denk dat ik meer respect heb gekregen voor de natuur. Ik denk er nu anders over dan veel van mijn vrienden.”
“Ik heb geleerd om dingen op te lossen en niet te
focussen op het probleem.”
“Ik heb geaccepteerd dat elke person uniek is en dat
iedereen zijn goede en minder leuke kanten heeft, maar dat dat die person niet beter of slechter maakt.”
“Ik ben veranderd door de manier waarop we hier met elkaar om-
gaan. De sfeer is goed en we mogen fouten maken.”
“Ik ben behulpzamer gewor-
den door Scouting. Vaak sta ik klaar voor anderen en dat zie ik niet altijd bij leeftijdsgenoten die niet op Scouting zitten.”
“Door Scouting ben ik met vrijwilligerswerk
begonnen voor International Award for Young People, en nu is het mijn bijbaan geworden.”
“Scouting mensen zie ik als één grote familie! Anderen die van buitenaf kij-
ken snappen dan bijvoorbeeld niet dat we elkaar random knuffels geven. Voor ons is dat heel normaal.”
“Door Scouting heb ik meer respect gekregen voor mensen die
anders denken of doen.”
”Zonder Scouting had ik geen vrijwilligers werk gehad.
Dan had ik waarschijnlijk gewoon achter mijn computer gezeten en niets bijzonders gedaan in mijn vrije tijd.”
“Het opzoeken van meer uitdagende dingen doen heb
ik op Scouting geleerd. Zonder deze instelling had ik niet op boogschieten gezeten.” “Op school was ik bezig met een groepsopdracht. Mijn groepsgenoten wisten niet precies hoe we dat konden aanpakken. In mijn hoofd had ik snel een planning klaar en een voorstel wie wat zou doen en waren we snel klaar.”
“Samenwerken is in veel
situaties ontzettend handig! Zoals bijvoorbeeld bij het opzetten van een tent of bij pionieren! Dit heb ik wel geleerd bij Scouting.”
“Bij de Scouts moest ik veel meer doen
en moest ik veel zelfstandiger zijn. Op de momenten dat de leiding zegt “Oké, nu sta je er alleen voor met je ploeg, succes!” leer ik het meest.”
“Zelfstandiger; Op Scou-
ting heb ik geleerd dat je sommige dingen ook zelf kan doen. Graag wil ik ook dingen alleen kunnen. Ik vind het bijvoorbeeld een leuke uitdaging om zelf te koken.”
“Ik
was vroeger snel bang voor nieuwe zaken en ook voor nieuwe mensen. Door Scouting ben ik een stuk zelfverzekerder geworden. Ik durf nu mijn mening te zeggen binnen de groep en het voortouw te nemen op bepaalde momenten.”
“Ik heb geleerd om mijn
mening te formuleren en te vertellen. Ik durf nu voor een groep uitleg van een spel te doen.”
“Doordat ik in een groep zit met mensen van een ander geloof, ben ik daar
toch anders naar gaan kijken. Ik probeer nu te begrijpen waarom zij sommige zaken anders doen.”
”Ik ben veel meer bezig met de natuur en het milieu. Ik let nu veel
meer op wat ik doe als we buiten zijn en ik leer ook van de natuur.”
3 Resultaten
15
Uitgave 2019 Scouting Nederland Larikslaan 5 3833 AM Leusden t. 033-4960911 www.scouting.nl Fotografie: Scouting Nederland Vormgeving: De Grafische Keuken Mede mogelijk gemaakt door: ▪ the Messengers of Peace Initiative ▪ the World Scout Foundation ▪ the Eric Frank Trust ▪ Alwaleed Philanthropies Onderzoek: World Organization of the Scout Movement (WOSM)