CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen 199. aanvragen Plan van Scholen 2022-2025 - D66.pdf

Raadsvergadering 6 juli 2021, gemeente LelystadBij agendapunt: 199. Aanvragen Plan van Scholen 2022-20251.102 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording technische vragen D66 inzake ‘Aanvragen Plan van Scholen 2022-2025’ Document:

199. Raadsinformatienota

Onderwerp:

Aanvragen opname Plan van Scholen 2022-2025

Portefeuillehouder:

van Noort

Datum:

27 juni 2021

Van:

D66

Op 22 juni 2021 zijn door D66 technische vragen gesteld. Hieronder herhalen wij eerst de vraag en vervolgens geven wij ons antwoord. Vraag 1: Welke gemeente is dan wel vergelijkbaar? Antwoord Het is de taak van de gemeente om, op basis van de ontvangen gegevens bij een aanvraag voor opname van een nieuwe school op het Plan van Scholen, te beoordelen of deze voldoet aan de in de Wet op het primair onderwijs1 (Wpo) opgenomen criteria. De gemeente heeft hierin van de wetgever geen beleidsvrijheid gekregen anders dan een toetsende rol met betrekking tot de ingediende informatie. Het is daarom ook niet aan de gemeente om te onderzoeken welke gemeente met een vrije school wel vergelijkbaar is met Lelystad, het is de aanvrager die hiervoor een keuze maakt. Vraag 2: Op grond waarvan is die vergelijking dan niet goed, welke criteria hanteert Lelystad daarvoor? Hoe zijn die criteria vastgesteld (Welk raadsbesluit) Antwoord Volgens de toelichting bij de door de staatssecretaris van OCW vastgestelde Regeling modelprognose primair onderwijs 2013, zijn verschillende factoren van belang als het gaat om de bepaling van een vergelijkbare gemeente. Dit betreft de ligging van de gemeente, de bevolkingssamenstelling en als het een groeigemeente betreft, de gemeente waaruit de desbetreffende bevolking afkomstig is.

Andere belangrijke elementen die bij de vergelijkbaarheid een rol spelen zijn de leerlingendichtheid, het totale aantal inwoners en de plaats waar de gemeente zich bevindt. Zoals toegelicht in bijlage 1 van de raadsinformatienota betreffende het Plan van Scholen 22-25, wordt op basis van een vergelijkende analyse op deze factoren, erkend dat wat betreft inwoneraantal en bevolkingssamenstelling de gemeente Hoorn vergelijkbaar is met de gemeente Lelystad. Voor wat betreft de regionaliteit en de leerlingdichtheid loopt de vergelijking tussen beide gemeenten evenwel mank.

1 Hiermee wordt bedoeld: Hoofdstuk I, titel IV, Afdeling 2 van de Wet op het primair onderwijs, zoals luidend direct

voorafgaand aan de inwerkingtreding van de wet ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’

Lelystad heeft een groot buitengebied met weinig inwoners. Hierdoor ligt de stad Lelystad relatief afgelegen van andere woonkernen en steden. Het landoppervlak van Hoorn is veel kleiner dan dat van Lelystad. De gemeente Hoorn heeft vrijwel geen buitengebied. In tegenstelling tot Lelystad, heeft ze wel een relatief groot achterland. Hoorn vervult een centrumfunctie in de regio West-Friesland, een regio die gekenmerkt wordt door de aanwezigheid van vele kleinere woonkernen, dorpen en buurtschappen. Daarnaast is er een fors verschil in de leerlingdichtheid tussen Hoorn en Lelystad (zie ook bijlage 1 bij de raadsinformatienota). De leerlingdichtheid is de bepalende factor voor de vaststelling van de stichtingsnormen2 per gemeente door OCW. Daarom is dit kengetal een belangrijke factor in de beoordeling of gemeenten vergelijkbaar zijn. De stichtingsnorm van Lelystad van 200 leerlingen, is de laagst mogelijke stichtingsnorm in Nederland. De stichtingsnorm van Hoorn (317) daarentegen staat in de top 10 van hoogste stichtingsnormen van Nederland. Vraag 3: Waarom heeft de afhandelingstermijn zo lang geduurd april-nu? Welke inspanningen heeft u daarvoor verricht en waarom worden dit nu pas aan de raad aangeboden? Hier dient de belangrijke kanttekening gemaakt te worden dat dit aan de orde is indien sprake is van vergelijkbaarheid met de gemeente Hoorn.

Hoe heeft u dit bepaald? Is dat objectief? Antwoord De toetsing van de aanvragen van SVL en SCPO heeft zo snel als mogelijk na de ontvangst van de opgevraagde aanvullende gegevens, plaatsgevonden. Deze toetsing en het overleg hierover met de aanvragers heeft plaatsgevonden met het oog op het tijdig (d.w.z. voor de in de Wpo1 bepaalde termijn van 1 augustus) kunnen vaststellen door uw raad van het Plan van Scholen in het geval van een positieve beoordeling van één of beide aanvragen. Daarbij is tegelijk – rekening houdend met de complexiteit van de regelgeving – een zorgvuldig beoordelingsproces doorlopen. De haalbaarheid van de door beide aanvragers aangeleverde leerlingenprognoses, is getoetst aan de hand van diverse gemeentelijke bronnen, informatie over woningbouw- en demografische ontwikkelingen en de hieruit voortkomende leerlingenprognoses. Onderdeel van het beoordelingsproces zijn daarnaast diverse gesprekken met de aanvragers geweest in de periode maart - april, waarvan het laatste op 28 april heeft plaatsgevonden. Bij de toetsing van aanvragen voor het Plan van Scholen heeft de gemeente geen beleidsvrijheid. Ze heeft dan ook op basis van objectieve en feitelijke gegevens plaatsgevonden. Een uitgebreide toelichting op de toetsing, is opgenomen in de informatienota en bijbehorende bijlagen die het college op 1 juni jl. naar uw raad heeft doen uitgaan.

In deze nota is tevens onderbouwd op basis van welke criteria is geconcludeerd dat de aanvragen van zowel SVL als SCPO niet in aanmerking komen voor opname op het Plan van scholen. Vraag 4: Wat gebeurt er met de leerlingdichtheid als u uitgaat van de bebouwde woonkern van Hoorn als stad en van Lelystad als stad? Welke cijfers levert dat op? (Lelystad heeft als

2 Stichtingsnorm: het minimaal aantal leerlingen dat binnen vijf jaar na de start op een nieuwe school dient te zijn

ingeschreven om voor Rijksbekostiging in aanmerking te kunnen komen

gemeente een enorm oppervlak dat niet bebouwd is, de lage leerlingdichtheid is zo verklaarbaar. ) Antwoord Deze berekening is niet gemaakt, omdat deze afwijkt van de wijze waarop de leerlingdichtheid wordt berekend zoals in de Wpo1 is bepaald . De leerlingdichtheid van een gemeente is een objectieve norm die bovendien direct is gerelateerd aan de stichtingsnormen die OCW voor de gemeenten Lelystad (200) en Hoorn (317) heeft bepaald. De gemeente mag wettelijk gezien hiervan niet afwijken. Ook hierin is geen ruimte voor beleidsvrijheid voor gemeenten in Nederland. Vraag 5: Wat betekent de versnelling van Warande voor de SCPO plannen? Is dat doorgerekend? Antwoord Het is niet doorgerekend wat de versnelling van de woningbouw in Warande betekent voor de mogelijkheden voor SCPO om in deze wijk een school te stichten. Het is de taak van de gemeente om op basis van de ontvangen gegevens bij een aanvraag voor opname van een nieuwe school op het Plan van Scholen, te beoordelen of deze voldoet aan de in de Wpo1 opgenomen criteria. De gemeentelijke toetsing richt zich primair op de haalbaarheid van de ingediende leerlingenprognose en de juistheid of volledigheid van de daarin gehanteerde uitgangspunten.

De eventuele versnelling van de woningbouw biedt voor aanvragers vanzelfsprekend wel de mogelijkheid om in het kader van de nieuwe wetgeving “Meer ruimte voor nieuwe scholen” (de wetgeving die de huidige planprocedure vervangt) wederom te onderzoeken of het stichten van een nieuwe school tot de mogelijkheden behoort. De aanvragers SVL en SCPO zijn op deze mogelijkheden ook gewezen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=969f61e4-d5dd-4346-a61e-bcd79b241998