Beantwoording technische vragen 156. Communicatieplan JEL (Jeugd Lelystad) - voorheen Jeugd BV i.o. - D66_.docx
Tekst van het document
Technische vragen Onderwerp: Portefeuillehouder Datum: Van:
156. Communicatieplan JEL (Jeugd Lelystad) – voorheen Jeugd BV i.o. M. van Noort 4 juni 2021 Fractie D66, Diane Bergman/Sanne de Wilde/ Joop Meijer/ Danny van der Scheer
Op 4 juni 2021 heeft de fractie D66 technische vragen gesteld. Hieronder herhalen wij eerst de vraag en vervolgens ons antwoord. 156 communicatieplan jeugd 1. Wij mochten vanuit de omroep vernemen dat er een rechtszaak plaats vindt over de tarieven. Wat is de reden dat u dat niet (informeel) in de raad heeft gemeld? Antwoord vraag 1: De raad is reeds eerder op twee momenten geïnformeerd over het kort geding aanbesteding jeugdhulp: middels een mondelinge mededeling in de raadsvergadering van 20 april 2021 en in de raadsessie van 11 mei 2021 die georganiseerd was over de aanbesteding jeugdhulp. 2. Welke consequenties zijn er aan een positieve dan wel negatieve uitspraak verbonden? Antwoord vraag 2: De percelen 3b Jeugd GGZ (Instellingen) en 4c FACT (Flexible Assertive Community Treatment) zijn opgeschort i.v.m. het kort geding. De uitspraak van de rechtbank heeft plaats gevonden op 10 juni 2021. De rechtbank oordeelt, dat als de gemeente de inkoopprocedures wil voortzetten, zij o.a. nader onderzoek moet doen naar de actualiteit van de tarieven. Dit heeft als gevolg, dat startdatum van 1 juli 2021 voor deze 2 percelen niet haalbaar is. De overeenkomsten van de huidige aanbieders op deze 2 percelen worden verlengd. 3.
Waarom staat in dit communicatieplan dat JGT de bedrijfsvoering niet op orde had? Wat is de bedoeling die u met zo’n opmerking heeft? Het college is verantwoordelijk voor een goede check op de bedrijfsvoering. Wanneer was u op de hoogte hiervan en welke acties heeft u vervolgens ondernomen om het in orde te krijgen? En welke om de raad op dit punt specifiek te informeren? Antwoord vraag 3: Het communicatieplan richt zich op de communicatiestrategie en aanpak van JEL. In de inleiding van het communicatieplan is ingegaan op de aanleiding waarom de raad met de Aanpak Sociaal Domein het besluit heeft genomen om de nieuwe toegang en regie jeugdzorg bij een nieuwe gemeentelijke BV te beleggen en daarmee afscheid te nemen van het JGT. Bij de besluitvorming van de Aanpak Sociaal Domein is de raad hier uitgebreid over geïnformeerd. 4. Welke rol heeft de cliëntenraad sociaal domein, wat was hun reactie? Hoe gaat u hen bij de evaluatie van de omslag betrekken? Antwoord vraag 4: In het kader van de cliëntparticipatie sociaal domein vraagt het college de Cliëntenraad Sociaal Domein om advies over het beleid op het gebied van de Participatiewet, Jeugdwet en Wmo. De Cliëntenraad Sociaal Domein heeft advies uitgebracht op de Aanpak Sociaal Domein. We informeren de cliëntenraad over de voortgang van het proces en wisselen vragen en aandachtspunten uit, net zoals we dat doen met andere partners.
In het communicatieplan is de cliëntenraad daarom ook opgenomen als één van de betrokken partijen. 5. Op welke manier is dit proces getoetst bij de gebruikers, ouders en kinderen in de jeugdzorg? Wat waren hun reacties? Welke reacties en vragen zijn er binnengekomen? Antwoord vraag 5: De vorming van JEL als BV voor de toegang en regie is een uitvoering van het besluit van 2 juli 2020 over de Aanpak Sociaal Domein. Zoals bij vraag 4 aangegeven heeft de Cliëntenraad Sociaal Domein een advies uitgebracht op deze Aanpak. Het communicatieplan is niet getoetst bij gebruikers, maar opgesteld om scherp te hebben en houden hoe we nu communiceren en nog zullen communiceren. 6. Het plan richt zich op de omslag, hoe wordt communicatie daarna met alle betrokkenen voortgezet? Hoe wordt er geëvalueerd? Antwoord vraag 6: We nemen aan dat u in uw vraag doelt op de start van JEL per 1 juli 2021 en de communicatie daarna. Cliënten van JEL kunnen via verschillende routes bij JEL komen, de routekaart waarin dit staat is met u gedeeld. De individuele communicatie over trajecten loopt net als nu tussen zorgverlener en cliënt. Communicatie met partners vindt zowel op individuele basis plaats als een aantal keren op (nog af te spreken tijden) in groepsverband, om gezamenlijk te monitoren hoe het loopt.
De contacten met de gecontracteerde zorg over de uitvoering van wat is overeengekomen worden onderhouden door de accounthouders van de gemeente. In de opdracht aan JEL zijn afspraken opgenomen over te leveren informatie om te kunnen monitoren wat er gebeurt bij de toegang en regie. Aan de hand van deze rapportages vinden accountgesprekken plaats tussen gemeente en JEL. 7. Uw plan bevat bij doelen vooral procesdoelen. Welke veranderingen wilt u bij de cliënten en toekomstige cliënten teweegbrengen? Hoe gaat u bepalen of de communicatie geslaagd is? Antwoord vraag 7: De veranderingen die bij cliënten plaatsvinden door gebruik van jeugdhulp of ondersteuning in de basis is niet het doel van het communicatieplan. Het communicatieplan beoogt het informeren van alle betrokkenen bij de veranderingen in organisatie en in werkwijze die nu plaatsvindt bij JEL. Regiovisie Jeugd 8. N.a.v. bobsessie: 50% van de indicaties voor de jeugdhulp waarbij de jongeren niet meer thuis woont is niet goed.
Hoe is het mogelijk dat 50% van de jongeren op een plek terecht komt waar geen passende hulp kan worden geboden? OM hoeveel jongeren gaat het en welk bedrag is gemoeid met de vertraging, verhuizing en her-indicatiestelling? Antwoord vraag 8: De aanleiding tot de vraag betreft de zin op pagina 12 van de consultatieversie van de Regiovisie onze regiovisie, paragraaf 3.4: “Daarnaast blijkt 50% van de jeugdigen in ‘jeugdhulp met verblijf’ eigenlijk een andere hulpvraag te hebben”. Deze zin komt uit de notitie ‘Stip op de horizon’ 2017. Op pagina 4 van deze notitie wordt gesproken over een regionaal traject van actieleren. Dit actieleren is in 2017 uitgevoerd door en met de regionale aanbieders van jeugdhulp met verblijf op basis van 36 dossiers. Hieruit bleek dat de helft van de jeugdigen een behandeling en/of begeleiding kreeg die niet aansloot bij de hulpvraag
waarmee zij in verblijf kwamen. Een belangrijke constatering was dat de hulpvraag van de jeugdige zelf en van het gezin onvoldoende helder in beeld was bij de start van het verblijf. Sindsdien zijn door actieleren en onderzoek nieuwe inzichten ontstaan over effectieve jeugdhulp en is er geïnvesteerd in een bredere analyse van de oorsprong van problemen waar de jeugdige en het gezin tegenaan lopen op de verschillende leefdomeinen (een verklarende analyse). Daardoor is de hulpvraag helderder en lukt het beter om aan te sluiten met passende hulp. Een financiële vertaling kan hiervan niet gemaakt worden op basis van de beschikbare data. Leren en verbeteren is wel mogelijk en dat gebeurt ook. Met de Regiovisie Jeugd Flevoland ‘Samen en dichtbij’ wordt voortgebouwd op de beweging die met ‘Stip op de horizon’ in gang is gezet. Daarmee kan de jeugdhulpregio Flevoland ook invulling geven aan landelijke en maatschappelijke ontwikkelingen en wijzigingen in wet- en regelgeving.